Lekker eten, matige service…

Lekker eten, matige service…

Deze oudere meninggever heeft door de jaren heen diverse soorten eten tot zich genomen. Van Nederlands (logisch) tot Thais, van Indisch tot Tsjechisch. Maar een Indiaas restaurant wist ik altijd wel wat te mijden. Het waarom zat hem toch vooral in de angst dat dit eten wel erg scherp zou zijn voor mijn wat pepergevoelige maag en ingewanden. Dus het was enige tijd terug mijn ‘ontmaagding’ toen ik met de Soester Vriendjes mee ging naar het restaurant Ganesha aan de Amsterdamse Geldersche Kade.

Een aardig ingericht restaurant met zo op het oog een goed gevulde spijskaart waarop de prijzen nog wel meevielen. We zochten en vonden een plekje en bestelden het een en ander. Dat was echt lekker en hoewel kruidig, niet te scherp. Bier en wijn stroomden rijkelijk, hoewel dat laatste door mij wel erg letterlijk werd genomen toen ik bij het zelf opdienen van voedsel uit de vele schalen op tafel (erg krap) mijn glas omstootte en zo mij zelf en de buurman (gelukkig uit ons gezelschap) besmeurde. Meteen viel toen op hoe de bediening hier faalde. Men ondernam niets. Een van de medewerkers wilde nog wel een servetje aanreiken, maar verder bleef het stil. Dat laatste gold zeker niet voor de Indiase muziek. De bron daarvan stond op standje 10 en domineerde toch de sfeer wat. Het toilet bleek akelig te ruiken, al oogde het wel allemaal redelijk schoon. Rioollucht? Het kan in dat centrum van Amsterdam, maar lekker is anders. Opgeteld….je eet hier oprecht heel lekker, het is niet te duur, maar de bediening is echt niet goed genoeg (er lopen genoeg van die lui rond, en ook de taalbarriere is een heftig dingetje). Uitleg over de maaltijden is bij juist dit soort restaurants altijd leuk, maar ontbrak hier volledig. Hetzelfde restaurant kent een zusje in Hilversum en daar was alles beter verzorgd, aldus onze vriendjes, we nemen dat maar mee in het oordeel.. Meer dan een 7-tje komt er niet uit. En dan ben ik nog mild…..(Beelden: Prive)

Heb ik wel iets mee – Oldsmobile…

Heb ik wel iets mee – Oldsmobile…

Het Amerikaanse automerk Oldsmobile bestaat intussen niet meer, maar ik had er een tijdje wel iets bijzonders mee. Immers, ooit waren drie achtereenvolgende wagens van dat merk mijn persoonlijke vervoer. Ingeruild, ingekocht, maar goed voor een periode van zeer plezierig en comfortabel zoeven over de Nederlandse wegen. Want Oldsmobile was een merk van echte Yanktanks. Bakbeesten van auto’s met een historie die al startte in 1891 toen oprichter Ransom E. Olds een driewieler bouwde die door stoom werd aangedreven. Later bouwde hij ook wagens met vier wielen en benzinemotoren.

Zelfs elektrische wagens schuwde hij niet. Maar echt geld verdienen met zijn vervoermiddelen deed hij niet. En zo kwam het bedrijf in 1908 in handen van het grote General Motors waar het onderdeel werd van de portfolio waarin Oldsmobile boven Chevrolet werd gesitueerd. Olds zelf vertrok bij zijn bedrijf en richtte later het truckmerk REO (naar zijn initialen) op waarmee hij flink furore kon maken. Oldsmobile bracht na de oorlog haar series 70 sedans op de markt, en was daarmee de eerste binnen General Motors die weer personenwagens produceerde. De 1946 modellen waren niet veel meer dan vooroorlogse types met een nieuwe grille, maar het maakte de toenmalige kopers weinig uit.

Tussen 1946-50 was er keuze uit een zescilinder of een achtpitter. Vermogens tot 111 pk. Oldsmobiles als de auto voor de geslaagde zakenman of dokter. Nieuw was de 98 die in 1948 uit werd gebracht en als toevoeging de naam Futuramic meekreeg. Oppervlakkig leek hij wel wat op een Chevrolet, maar bij Oldsmobile was nu ook al een V8 te koop die toch moderner was dan alles wat bij de goedkopere zustermerken te vinden was. Deze wagens bleken goed te verkopen en zouden tot en met 1951 in productie blijven. Door de jaren heen volgden heel wat aansprekende Oldsmobiles zoals de 88, de Super 88, waarvan de versie uit 1958 wel heel erg aansprekend was. Er hing een heel gewicht aan chroom aan deze wagens en je viel er wel mee op.

Deed je ook met een 6 liter grote V8 die je in alle rust en luxe anno 1958 naar de 170km/u opstuwde. Latere Oldsmobiles kregen uiteraard vleugels, hydramatic-automaten, rem- en stuurbekrachtiging en zelfs een goed werkende klok in het dashboard. In de jaren zestig waren het de Cutlass-modellen die klanten moesten trekken. Open of dicht, sedan of stationcar en met alsmaar groeiende V8-blokken. 7 liter inhoud was nu al normaal geworden (1965) maar het kon allemaal nog groter.

Want in 1966 kwam Oldsmobile met een sensationele auto op de proppen. De Toronado. 5,4 meter lang, een loeikrachtige 7,5 liter grote V8 voorin die je naar 200km/u bracht, maar vooral opviel door zijn voorwielaandrijving. Voor Amerikanen bepaald even wennen. De wagen was goed voor een verbruik waar je ook even aan moest wennen, 1 op 3 was redelijk normaal, maar dan kreeg je ook wat. Nu best gezochte klassiekers. Bleef 5 jaar in productie en er zijn ook in NL nog best de nodige van geleverd. Gek genoeg werd zijn opvolger weer gewoon een Amerikaan als zoveel anderen.

OK, je kreeg nu schijfremmen geleverd, maar opvallen deed hij niet meer. Toch waren de verkopen in de VS nog steeds goed. Gold ook voor de mateloos succesvolle Cutlass die in 1973 een nieuwe carrosserie kreeg. En op basis daarvan werkte men de serie uit. Met name de stationcar-versies waren mateloos populair. In de jaren tachtig kreeg deze reeks ook een V8 dieselmotor in het vooronder. Ouderwetse motoren, maar ik weet dus uit ervaring dat een verbruik van 1:10 voor een dergelijke grote en zware auto best goed was. Zeker omdat de Diesel toen per liter iets van 30 Eurocent kostte in ons landje..

Een onderdeel van de strategie bij GM om ook met compacte wagens de wereld te veroveren was de X-serie. Chevrolet, Buick en Oldsmobile moeten die wagens vermarkten. Bij Oldsmobile deed men dat met de Omega-reeks. Naar onze begrippen nog steeds grote wagens, typisch Amerikaans, maar uitgerust met een relatief bescheiden 4-cilindermotor of tegen meerprijs een zespitter. Het succes duurde maar kort, de Amerikanen zijn niet zo van de kleine wagens en hoewel deze serie niet echt klein was, het manco van een 8-cilinder deed zich gelden.

De serie verdween in stilte. Toch leed ook Oldsmobile onder het best volle portfolie van General Motors. De wereld was veranderd, en badge-selling zoals GM dat deed (net als Chysler overigens) bleek langzaam aan verliesgevend. Men offerde merken op, Oldsmobile werd daarvan begin deze eeuw het eerste slachtoffer. Blijft jammer. Maar ik koester natuurlijk de herinneringen aan de ritten met die wagens van toen. En ook de vele reparaties. Want o wee wat zaten die Amerikanen van toen soms matig in elkaar…..(beelden: Archief)

Kunstgekte…

Kunstgekte…

Kunst is altijd iets persoonlijks. De een houdt van klassieke werken uit de Gouden Eeuw, de ander vindt het gekladder van Appel de ultieme vorm van schilderen. Ik ben meer van de verstilde scenes van Hopper of de mensen die dat later fotografisch nog eens kopieerden. De fantasie vrij de loop latend. Het is kunst…en kunst kent geen grenzen. Er zijn genoeg liefhebbers voor graffiti waarbij vooral openbaar domein moet worden beklad met kreten of kleuren die niemand snapt behalve de (in mijn ogen)half criminele incrowd waartoe de makers horen. Vanuit dit denken moet je kijken naar wat in de Hermitage, inmiddels niet meer verbonden met de Russische moeder in Petersburg, medio maart te zien was onder de titel ‘Museum van de geest’.

Alle wanden vol gekladderd met verf of viltstift, wat video-art, een paar wonderlijke installaties en muziek en lichtflitsen die de geest van een oude meninggever aardig onder druk zetten. Al snel was ik door de diverse ruimten heengesneld en zocht naar adem happend de uitgang. Niks voor mij. Maar er lopen ook mensen rond die het prachtig vinden en met bewondering al dat gekledder bekijken. Ik was blij dat ik er uit was. Een van de aardige dames die de expositie kennelijk hadden helpen inrichten ving me buiten op. ‘En, wat vond u er van?’ vroeg ze enthousiast…..

Ik gaf haar mijn eerlijke mening. Niks voor mij, teveel impulsen, en als het aan mij had gelegen had ik de boel daarbinnen afgebroken…. ‘Nou, nou meneer, zo erg was het toch niet, kinderen vinden het prachtig….’. Het zal vast wel, maar aan mij is het niet besteed was mijn intussen stevig neergezette mening. Kunst moet ergens over gaan, herkenbaarheid in zich hebben, maar kledderen om het kledderen heeft op mij geen positieve vat. ‘Gaat u ook nog naar de Amsterdamse expositie?’ vroeg de dame lief. ‘Ja zeker, daar verheug ik me op…’, ‘ik zou dat meteen bezoeken meneer, komt u vast van bij, en dan komt u ook tot rust….’. Ze had gelijk….. Maar daarover een andere keer meer…(Beelden: Prive)

Recente boeken…

Recente boeken…

Wie mij de afgelopen pakweg 16-17 jaar heeft gevolgd op Altijdeenmening of dit blog Altijdmijnmening zal vast wel weten dat ik een stevige maar ook ouderwetse boekenlezer ben. Waarmee wordt bedoeld dat ik gedrukte boeken prefereer en niet die digitale dingen op ipad of andere apparatuur. Daarbij zijn veel van die boeken die mijn voorkeur hebben niet digitaal te vinden. Zo kocht ik onlangs bij een kringloopwinkel een boekje uit november 1945 over de luchtoorlog in mei 1940. En de schrijver nam geen blad voor de mond waar het ging om de slechte uitrusting en strategie die het gevolg waren van het linkse denken in de jaren dertig, zodat de Duitsers ons land ondanks heldhaftige weerstand van de LuVa in vijf dagen onder de voet liepen.

Echt een lekker boekje. Ook fijn is de jaarlijkse encyclopedie van Auto Motor & Sport uit Duitsland waar elk merk op aarde in is vermeld, jaarlijks met de nieuwe modellen voor het komende jaar (2022) uitgebreid behandeld. Voor net geen 15 euro een jaarlijkse traktatie voor iemand als ik. Een boek over de laatste Russische verkeersvliegtuigen uit de periode na 1990 is natuurlijk helemaal niet te versmaden. Van jongs af aan altijd interesse in gehad dus dit boek uit 2021 kwam me als geroepen. Dan was er nog dat ook in Duitsland gekochte boek over het verkeer en de auto’s uit de DDR wat weer wat andere aspecten belicht over het verkeer van toen en de auto’s op de wegen van die communistische heilstaat, dan ik in eerdere uitgaven tot me kon nemen.

Voor de afwisseling natuurlijk ook een boek over dat fenomeen Rijk de Gooijer. Komiek, acteur, recalcitrant maar ook een Amsterdammer uit liefde. Dikke pil die ik nu tussen de bedrijven door ook lees. Net als dat geweldige boek over de Pijp, de ook hier al beschreven woonwijk in Amsterdam-Zuid waaraan ik toch wat mixed feelings kan ontlenen. En die nog steeds een beetje voelt als ‘thuis’, hoe raar dat ook moge klinken. Zeker voor mijzelf. En vaak lees ik al dat spul dwars door elkaar. Afwisselend, opdat de geest scherp blijft. Want ook drie talen door mekaar. En weer wat extra feiten, ontleend aan ieder op zich lekkere boekwerken. En dat is nog maar een deel van alles wat ik zoal leeswaardig verorber. Hoe is dat voor jullie medebloggers? Ook van die specifieke of algemene lezers, dan wel van de digitale soort? Laat eens weten wat bij jullie zoal op nachtkastje dan wel boekentafel ligt? Bij voorbaat dank….. (Beelden: Prive)

Oma vertelt…

‘Maar oma’ riep de kleindochter van 17 vol verbazing naar haar nog altijd goed in het vel zittende grootmoeder die net een slokje nam van haar glaasje sherry, ‘droeg jij vroeger ook minirokken?’. ‘Tuurlijk kind, waren andere tijden, toen kon dat nog, sterker nog, als je er bij wilde horen deed je dat..’. ‘Woow’ en kleindochter bladerde verder in het foto-album dat ze in de boekenkast van haar oma had gevonden. Even verder vond ze vakantiebeelden uit een mooi zonnig oord….En wat ze daar zag deed haar blozen. Oma lag topless op een of ander strand. Naast een man die ze niet herkende als haar opa. ‘Maar oma, lagen jullie met je borsten bloot zomaar op het strand? En wie is die vent??’ ‘Ja kind, dat was heel normaal. In mijn jeugd was naaktheid nog gewoon en we keken ook wel eens rond naar andere partners, je moest toch weten welk vlees je letterlijk in de kuip kon krijgen…’. Kleindochter bestudeerde de beelden nog eens goed, hele andere tijden dan tegenwoordig. Ze moest er niet aan denken dat ze haar jeugdige boezem moest blootgeven aan de zon. Was volgens experts slecht voor je huid, niemand uit haar vriendinnenkring durfde dat in het openbaar en zo maar met een jongen neerploffen op een strand en doen wat in haar oma’s tijd kennelijk wel kon was haar volkomen vreemd. Nee, zo had haar moeder haar niet opgevoed. En ook op school was dat bijna taboe. Blote buiken waren al verboden, de rokken mochten niet te kort en wie zich zomaar in liet met jongens (of omgekeerd meiden) was een rokkenjager of drellebel. Nee, ze kon zich niet voorstellen dat het ooit anders zou gaan. Zo was het goed, en ook geen kans dat je met je hele hebben en houden op internetfora zou verschijnen. In haar hart was ze best wel jaloers op haar oma die in alle vrijheid kon doen en laten wat ze wilde. Nu zo’n nette dame, maar kennelijk met een wild verleden. ‘Ja kind’ zei oma nadat ze nog een slokje van haar drankje had genomen, ‘je oma heeft echt genoten van het leven. En als ik de kans kreeg deed ik dat nu nog. Voordat ik je grootvader ontmoette had ik al een heel leven achter me. Had genoten en alles gedaan wat God indertijd verbood. Maar wat was dat leuk allemaal…Ik hoop oprecht dat jij daar ooit ook achter komt….Proost’. Een twinkeling in haar ogen was even zichtbaar, kleindochter ontging het niet. En met een warm gevoel omhelsde ze haar oma. Wat een schat van een vrouw eigenlijk. En kennelijk met een verborgen verleden. Ze zou volgende keer nog eens doorvragen. Maar nu moest ze weer naar huis. Anders werden haar ouders ongerust…..

Karakter en genen…

Karakter en genen…

Als ik naar sommige mensen en hun gedrag kijk ben ik altijd benieuwd waar hun manier van leven of doen en laten vandaan komen. Immers, we zijn op onze eigen wijze uniek natuurlijk, maar bezitten ook de nodige genen in ons gestel die we overnamen van (voor)ouders. Daarbij is het gedrag van die generaties boven de onze vaak bepalend voor onze eigen manier van levensinvulling. Eerder al beschreef ik de ‘logische keuze’ van kinderen om in de voetsporen van hun ouders te treden waar het gaat om beroepskeuzen, vakantiebestemmingen of invulling van het eigen gezinsleven. Het kan ook leiden tot een totaal andere keuze om vooral niet op die ouders te hoeven lijken.

Omdat je bepaalde eigenschappen van die ouwelui niet ziet zitten, of omdat ergens in jouw geest een afkeer van gewoonten zorgt voor een standvastig plan zelf niet hetzelfde gedrag te vertonen. Ik heb dat met roken gehad. Afkomstig uit een echt rokersgezin (na WO2 was dat voor veel mensen normaal geaccepteerd gedrag..) waar ook de alcohol nog wel eens rijkelijk vloeide (succes moest gevierd..) had ik zelf nul behoefte aan beide verdovende middelen. Maar kreeg ik wel weer met de paplepel de liefde voor alles wat reed en vloog mee en werd me ook uitgelegd dat je nooit voldoende cultuur en geschiedenis tot je kon nemen. Waren zowel mijn pa als stiefpa beide echte automensen, ik koos toch in eerste instantie voor de luchtvaart, om er daarna via een vrij logische nieuwe keuze alsnog in terecht te komen.

Daarnaast hadden zowel mijn broer als ik een relatief grote verhaalkundigheid en zakelijk inzicht wat weer leidde tot dat wat wij beiden deden of nog doen. Bij anderen zie ik dat de creativiteit van moeder zich vertaalt in dochters, dat het sociale wat in sommige families diep in de genen lijkt te zitten, ook in de kinderen en zelfs kleinkinderen is terug te vinden. Of als de ouders van de tattoo’s zijn, de kinderen dat ook overnemen, dan wel precies andersom kiezen om dat nu net niet te doen. Net als geloof, doorgegeven via de generaties of de nodige scholing. Van sommige mensen snap ik niet hoe ze zijn geworden zoals ze blijken of bleken te zijn. Heb heel wat ellendelingen meegemaakt. Wat moeten dat voor ouders zijn geweest vraag je je dan af. Want als je zelf vals bent of overdreven jaloers, wat ging er dan mis in je genen?

Of als er erger stoornissen optreden die je dagelijkse handelen beinvloeden? Denk aan mensen die het verkeerde pad op gaan. Pedofielen, verkrachters, overvallers, plunderaars of linkse revolutionairen. In dat laatste geval is het vaak toch een kwestie van opvoeding in een kneiterlinks milieu. Met waanvoorstellingen over de ‘ideale wereld’ of zoiets. Dan wel zoals je ziet in door totalitaire of godsdienstgekke regimes bestuurde landen waar kinderen al vanaf de prille jeugd krijgen ingeprent wat de ‘enige juiste weg is’. Wat daar van komt merken we dagelijks. En met een uitgeklede zorgsector valt op spoedig herstel niet te rekenen. Leren leven met de waanzin…..Geen fijn idee. Maar ach, in ons aller genen zit ook een oerdemocratisch genenstekje dat iedereen de kans geeft om zich te ontwikkelen. Dat onderscheidt ons ook van die dictaturen. Gelukkig maar…. (beelden: eigen archief)

Minderheden….en de claimcultuur..

Minderheden….en de claimcultuur..

Wie mij al die jaren al volgt en leest weet dat ik het met bepaalde minderheden niet zo op heb. Dat zit toch vooral in de sfeer van constant claimgedrag, gezeur om gelijk, geld willen ontvangen, wegpoetsen van negatief gedrag in die groepen en zo meer. Omgekeerd zie ik juist weer dat mensen uit andere minderheden erg halsstarrig zijn in hun afkeer van weer andere groepen die niet meteen behoren tot de mainstream in dit land.

Zo zie je dat veel nieuwkomers een bloedhekel hebben aan homo’s en joden en dat ook niet onder stoelen of banken steken. En daar waar het uit de hand loopt zijn het met name linkse wethouders te vinden die dan rapporten daarover in de onderste lade van hun Stalinistische bureau’s verstoppen. De claimcultuur is er ook zo een. ‘Mij is onrecht aangedaan, en ik wens daar nu excuses voor en daarna compensatie’. Deze groepen vindt je veel bij hen die uit de tropen deze kant op kwamen en hier een mooi bestaan op bouwden om daarna te ontdekken dat het bestaan vooral door werken moest worden bereikt. En dat bevalt kennelijk minder. Zo tipte ik al eens de vermeende slachtoffers van de slavernij aan die vele generaties na de echte slachtoffers van dat gedrag door een bepaalde elite, een linkse gektesekte kennelijk gebruiken om hun ‘pijn’ om te zetten in klinkende munt.

Gaat nooit over realiteit, altijd over vermeend lijden. Zo was ook de situatie in Nederlands-Indie van na 1945 er een die wederom bepaalde mensen deed besluiten tot een claim richting de Nederlandse overheid. Maling aan de tijdgeest van toen….de slachtoffers, de wreedheden die van beide kanten kwamen….Nee, als het om geld gaat…. Ik snap die excuusmentaliteit dan ook niet zo. Want die is wel erg selectief. Excuses en compensatie zie je maar weinig richting de eigen bevolking. Groningen, Zeeland (de watersnoodramp van 1953 was een direct gevolg van bewust achterstallig onderhoud aan de toenmalige dijken…) Limburg, de toeslagenouders, de gepensioneerden en zo meer. Allemaal minderheden, maar mooi geen excuses en geen compensatie. Op het moment dat ik dit stukje schrijf is nog niet duidelijk hoe feilbaar die overheid opereerde tijdens de COVID-periode.

En dan ook nog even over die slavernij en armoede uit het verleden. Slavernij kwam hier al dik 2000 jaar geleden voor. Met name de Romeinen sleepten heel wat goedkope arbeidskrachten mee uit de lage landen. Dat deden ook de oude Egyptenaren in hun invloedssfeer, de volken in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Men was ook niet vies van het vol zetten van harems met meiden die men elders roofde. Slavinnen voor het leven, geen ander doel dienend dan de lusten bevredigen van de toenmalige vaak islamitische machthebbers. Hoeveel claims zijn daarvoor eigenlijk ingediend? Armoede was daarnaast voor de grote meerderheid van ons volk door de eeuwen heen de norm.

De welvaart die uit handel in goederen, specerijen of mensen in die eeuwen werd verdiend bereikte vrijwel nooit de 90% van de bevolking die woonde in krotten, plaggenhutten en met een levensstandaard die vergelijkbaar was met de gemiddelde inwoner van een dorp in donker Afrika. En toch zouden wij ons collectief schuldig moeten voelen voor wat er ooit heeft plaatsgevonden onder regie van de VOC of aanverwante organisaties. Stel ik dan toch even die Romeinen tegenover. En de Franken, de Fransen, Spanjolen, Duitsers en wat dies meer zij en hier te lande huis hielden. Nooit hoor ik daar iets over….nooit! Wellicht omdat de minderheden hier de meerderheid overschreeuwen? Hoe dan ook, wie zijn geschiedenis niet kent heeft in de toekomst niets te zoeken. Ik raad ons volk aan eens wat minder in de excuusmodus te duiken en wat meer in de claimcultuur het gelijk te zoeken. Wellicht dat ook die mensen die ooit in armoede opgroeiden dan nu in welvaart verder kunnen…..Maken we van die meerderheid een heel grote minderheid. Dat wordt wennen in Den Haag….Links schiet nu al in een kramp bij het idee…….want mijn plan is vast niet ‘Politiek correct’ zoals die lui dat altijd claimen na te streven….(Beelden: Eigen archief/internet)

Imago en wat waar is…

Imago en wat waar is…

Een intermezzo in mijn lijstje van al dan niet verdwenen of nog actieve automerken. En dat omdat we door de linkse lobby gedwongen zitten in een transitie van normale auto’s naar die waarvan de aandrijving wordt verzorgd door elektromotoren die op hun beurt hun kracht ontlenen aan accu’s die zijn gevuld met grondstoffen die even oud zo niet ouder zijn dan olie en gas. Maar dit terzijde.

Door al die elektrificatie (overigens vooral voor de elitaire automobilist of leaserijders van de baas..) komen steeds meer samenwerkingsverbanden tot stand waardoor het voor de autokopers/gebruikers nauwelijks meer duidelijk is waar zijn of haar auto vandaan komt. En door die afkomstplek ook nog eens afwijkt van een in vroeger jaren zorgvuldig opgebouwd imago. Imago is natuurlijk wat 1) de fabrikant aan waarden benut om haar producten te bouwen 2) ervaringen uit het gebruikersvolk, zoal opleveren.

Een zorgvuldig opgebouwd imago kan volkomen in duigen vallen als blijkt dat elektromotoren eigenlijk helemaal niet specifiek zijn voor jouw gekozen merk of model. Betaal je dus een bonusprijs voor iets wat de buurman ook heeft maar dan voor minder geld. Voorheen was het simpel, Britse wagens zopen olie, Franse en Italiaanse roestten al in de folder, uit het Oosten van Europa kwam niks goeds, Amerikanen waren benzineslurpers en Duitse wagens waren per definitie degelijk. Was dat waar? Uit mijn hier geplaatste 14-daagse opsommingen van merken door de jaren heen blijkt echt van niet. Ook Duitsers maakten soms matige wagens en bij de Britten waren soms ook erg sterke en droge motoren te vinden.

Die Oost-Europeanen behoorden ooit tot hetzelfde Rijk als Porsche of Mercedes en waren best in staat iets moois te bouwen, maar een vreselijk systeem als het communisme onderdrukte elke vrije keuze of creativiteit. Italianen en Fransen leerden ook door de jaren heen dat anti-roestbehandelingen nuttiger waren als ze al in de fabriek werden aangebracht. Snelle leerlingen uit Japan maakten duidelijk dat je met goede en betaalbare wagens snel een hele markt of continent kunt veroveren. En nog slimmer, ze lieten die wagens gewoon maken in bijvoorbeeld Europa of China om zo lastige invoerrechten te vermijden.

Een paar decennia later deden de Koreanen hetzelfde. Een deel van hun producten komt uit Tsjechie of Slowakije dan wel Polen. Net zoals je ziet bij merken als Fiat of Ford. En hoe Duits is een Opel als je ziet dat dit merk onderdeel is geworden van PSA (Oftewel Peugeot/Citroen) en men onderhuids gewoon Franse motoren en platforms benut!? Imago leggen wij ons zelf op. We willen bij een club horen. We ‘kunnen het ons veroorloven’ of ‘zijn slimmer dan de rest’, dan wel ‘we hebben gewoon meer ruimte dan de buren’. Met al die elektrische wagens zal dat snel verdwijnen. De auto’s die nu dat systeem hanteren om vooruit te komen rijden veelal niet veel verder dan 350-400km op een acculading. Dat is ruim de helft van auto’s met meer normale aandrijfbronnen. Daar valt de buurman of vrouw niet meer van ondersteboven. De slimmerds denken dat je in een goedkope Dacia met accu’s echt een goede keuze doet.

Tot blijkt dat die wagen bij de strenge EuroNCAP-botsproeven NUL sterren scoort, waar andere wagens en merken gewoon 5 sterren binnen slepen. De prijs is laag, de kwaliteit dus ook. Gemaakt in India en China, in Europa met een Roemeens sausje overgoten maar puur onveilig. Ga die keuze maar eens verdedigen dan. En met de actieradius van 150km in kouder weer maak je ook geen indruk. Nou ja, wel als de buurman een verstokte GroenLinks stemmer is wellicht. Maar die hebben veelal helemaal geen verstand van zaken waar het auto’s betreft…. (Beelden: eigen archief Yellowbird)

Mixed Feelings in Soest..

Mixed Feelings in Soest..

Toen de lockdowns voorbij waren en we van het best linkse kabinet weer wat mochten genieten van de al dan niet lokale horeca ondernamen we ook weer wat langere verkenningstochten door het land. Op een daarvan kwamen we terecht in Soest. Een grote gemeente met een bepaalde band voor ons persoonlijk, al was het maar omdat daar een stel vrienden woont waar we gek op zijn. Maar ook omdat de vroegere doorgaande weg van Amersfoort naar Amsterdam daar dwars doorheen liep en we dan in mijn jeugdige jaren op de terugweg daar altijd stopten bij een bepaalde lunchroom voor frietjes of een ijsje.

Dat tentje zit er overigens nog maar heeft intussen heel wat nieuwe eigenaren gehad. Die weg van vroeger is totaal veranderd. Soest wilde van het doorgaande verkeer af en heeft overal omleidingen, eenrichtingsverkeer en wandelgebieden aangelegd. En aan een daarvan (v.Weedestraat) zit het erg aardig uitziende JustJeff. Een zaak op een hoek met uitzicht op het wandel/fiets/en autoverkeer wat daar nu stapvoets beweegt. Tijdens ons bezoek was de 1,5 meterregel nog van toepassing.

Net als de QR-toegangscode. Die werd vlot opgenomen. Jeff zelf heette ons welkom. Hij is vlot van de tongriem gesneden en laat goed merken wat hem al dan niet bevalt aan zijn klanten. Zij die ongevraagd binnen komen en gewoon ergens willen gaan zitten waren niet welkom. Wij wel. Gelukkig. Jeff biedt een heel gamma aan menukaarten. Wij pakten er zelf een, want de bediening was niet meteen te vlot, maar dat vond Jeff wat bijzonder. Steeds was er het gevoel dat hij niet goed in zijn hum was of zo. Hoe dan ook we kozen o.a. chocoladecake met abrikozenjam als zoetje bij de drankjes. Nou daar was weinig mis mee. De koffie was heet, mooi opgemaakt met een of ander tekentje in het melkschuim.

De thee naar keuze was niet in een zakje maar uit een blikje waarmee je zelf de drank naar gewenste kleur en sterkte kon trekken via een theezeefje. Bloedheet ook, en dat maakt het drinkgenoegen meteen groot. De taart was prima, de opmaak van dat stukje op het bordje heel apart. Eigenlijk is dat de hele ervaring bij dit mini-restaurant. De toiletten behoefden wat aandacht, wel genderneutraal. De meiden die er rondliepen waren jong en aardig. Jeff zelf werd dat bij het afrekenen uiteindelijk ook. Ineens bleek hij toch te kunnen lachen. Wellicht omdat wij weer ruimte maakten aan de tafel die hij alsnog kon wegzetten voor een warme lunch of zo? Al met al een ervaring om te beschrijven. Rapportcijfer: 8.0. Deels door de goede prijs/kwaliteitverhouding. Best goed, maar kan beter….(beelden: Facebook en eigen)

Geschiedenis herhaalt zich…of..?

Geschiedenis herhaalt zich…of..?

Ooit, lang geleden al weer, was het vervoer beperkt toegankelijk voor normale burgers en arbeiders. De meeste boeren bedienden zich van karren met een os, hond of paard er voor. De hoger geplaatsten reden in koetsen en werden alleen daardoor via logische ontwikkelingen de eerste gebruikers van een gemotoriseerd vervoermiddel. Maar voor de mensen daar tussenin was er het openbaar vervoer voor zover aanwezig. Een fiets was luxe, een motorfiets later iets voor hen die echt iets te verdienen hadden. We vergeten het wel eens wat snel, maar pas na de Tweede Wereldoorlog kwam de individuele verplaatsing van normale mensen echt op gang.

De brommer (rijwiel met hulpmotor) werd een must, de scooter (al dan niet met zijspan) en pas veel later de particuliere auto. Van piepklein en tweedehands tot groot en luxe maar wel nieuw voor de welgestelden. Linkse partijen van toen drongen aan op het recht op vrijheid van verplaatsing voor iedereen, niet alleen voor de welgestelden. En zo kwam in de jaren zestig pas echt die motorisering op gang. Arbeiders aller landen verenigt en verplaatst u!

Steden werden daartoe soms aangepast, doorgaande straten wat breder gemaakt, buitenwijken verbonden met grote wegen richting de plekken waar werd gewerkt. In Nederland groeide het forenzenverkeer. Al was het maar omdat de stadsbestuurders van toen geen oog hadden voor de bestaande woningnood en het niet zo erg vonden als hun inwoners elders hun woonheil zochten.

Dat falende beleid zorgde ook dat het broodnodige Openbaar Vervoer maar moeizaam op poten werd gezet naar al die buitensteden en wijken. Fouten die men nog decennia lang zou blijven maken. En intussen groeide het wagenpark. De arbeider- en middenklasse maakte dankbaar gebruik van de mogelijkheden. Men kon nu op vakantie met de auto, op en neer naar school en kantoor, en genoot met volle teugen van de vrijheid. Maar voor de overheid was al dat verkeer overigens naast een zorg ook een zegen. Immers, men kon overal belastingen voor heffen. De gemiddelde autoprijzen in ons land 25% hoger dan bij de buren, de literprijs voor brandstoffen zelfs 45%. Wegenbouw kwam daarentegen maar moeizaam op gang.

Toen dus het volk massaal koos voor individueel vervoer gingen met name linkse partijen zelf ineens voor spoorbanen en tramverbindingen, al dan niet ondergronds. Spanden symbolisch de paarden achter de wagens. De enorme kosten van dat denken verhaalde men gewoon op de burgers die er niet om vroegen. Bekende linkse reflex. En nu zwaait men met het klimaatargument. Mensen moeten niet in de file staan, maar thuis werken. Ze mogen geen benzine, gas of diesel meer tanken maar moeten over op accu en oplaadstations. Het individuele autobezit moet worden ontmoedigd, de arbeiders en burgers van morgen moeten maar auto’s gaan delen of met zijn allen in het openbaar vervoer. Leuk…..je zult maar in een dorp wonen waar men het OV nooit aansloot op de bewoonde wereld. Of waar de metro en spoor van niets naar niets rijden en peperduur zijn geworden bij gebrek aan concurrentie.

Het Mobiliteitsfonds, opgebracht door de autorijdende burger, misbruikt voor subsidies aan het Spoor en de vermaledijde windmolenparken. En maar claimen dat het vervoer onze planeet stuk maakt. Bewezen niet waar, maar links is nog zelden aangelopen tegen mensen die ze echt eens betrapt op dat constante gelieg. De auto is vrijheid, met een echt exemplaar kom je nog eens ergens en voor masochisten is er natuurlijk de elektrische variant. De NS wenst geen concurrentie, de linkse stromingen willen nationaliseren. Waar dat toe leidde hebben we gezien in het vroegere oosten van ons continent. Auto’s voor de kameraden zonder concurrentie, levertijden van 10 jaar of meer, een kwaliteit die soms best twijfelachtig was en geen ritjes naar landen die je wel eens zou willen bezoeken.

Toch blijft dit het ideaalbeeld voor de linkse gardisten. Wie daar niet aan wil meedoen stemt dus anders. Het gaat om ons aller vrijheid. En die kan zomaar worden afgenomen. O je dacht van niet?? Binnen twee jaar Covid19 hebben we gezien hoe snel dat kan gaan. Laat het een les zijn….Stem dus dezer dagen een partij die uw vrijheid niet af wil pakken. Uw stad of dorp wordt daar vast beter van…Net als u zelf…(Beelden: Archief)