
Terwijl ik dus als ingehuurd hoofdredacteur op twee verschillende bladtitels bij die uitgever in Amsterdam een paar dagen per week kantoor hield, veel onderweg was in de diverse regio’s, en de redactie plus aanvullende operationele mensen aanstuurde en schipperde tussen opdrachtgevers en bijvoorbeeld die salesmensen, deed ik ook vanuit mijn thuiskantoor of ter plekke nog mijn eigen zaken tussendoor. Ik begeleidde autodealers met hun campagnes of verbetering van hun communicatie. Ik liep met de beide DRY-partners een aantal prospect-contacten af om zo wat extra lucratieve reclame-opdrachten binnen te halen. En schreef dus die verschillende blogs. En die vielen qua inhoud op want op enig moment werd ik als eerder vermeld benaderd door een nieuwe uitgever (voor mij dan..hij zelf was al door de wol geverfd..) die met name boeken uitbracht in de luchtvaartwereld.

Hij had o.a. een boek gemaakt over KLM en was nu bezig met de planning van een boek over het vijftigjarige bestaan van Martinair. ‘Of ik daar een beetje zin in had’. Tuurlijk had ik dat. Moest ik wel even inplannen tussen de andere dingen, want er zou veel interview werk aan te pas komen. We gingen aan de slag. Hij onderhield contacten met zijn verkoopmensen en de directie van Martinair waarmee het lastig onderhandelen bleek. Ik deed de inhoud van het boek. Ging me goed af, immers ik had ervaring bij en met die luchtvaartmaatschappij en mijn fotoarchief bleek een aardig bron om inspiratie uit te halen plus de illustraties die soms nodig waren om de geschiedenis van dat fraaie bedrijf te duiden. Het werd een hectische maar zeker ook interessante tijd.

De meeste sponsoren kregen ook de ruimte om hun relatie met de luchtvaartmaatschappij te duiden via een pagina tekst en sommige interviews daartoe (in het hele land) herinner ik me nog goed en als erg interessant. Door die trips die ik (betaald) maakte voor die verhalen kon ik ook vrij eenvoudig mijn eigen landelijke klantenbestand opzoeken zonder te veel extra moeite en dat bleek soms zeer nuttig. Een vliegende vogel….etc. Toen het boek af was, werd ik best trots op het eindproduct. Jammer dat het management van de luchtvaartmaatschappij zelf meer dan terughoudend was om het te promoten. Dat had veel gescheeld in omzet voor de uitgever. Die ging echter onverdroten verder met een nieuw project, duurzaamheid in de breedste zin van het woord. Of ik ook daarvoor redactioneel mijn werk wilde doen. Tuurlijk…. Na een paar interviews was het nieuwe verhaal echter over en uit. De uitgever ging vrij plotseling failliet en ik bleef zitten met wat onbetaalde facturen. Het was de opmaat naar nog veel meer ellende op dit gebied. Maar dat wist ik toen nog niet. Wel wist ik dat er een nieuw project op me wachtte tussen alle losse opdrachten door. Een boek schrijven over het importbedrijf Pon, samen met mijn toenmalige en inmiddels gepensioneerde ex-chef daar, Jaap van Rij. Die had de contacten, wilde dat ik een deel van de inhoud zou maken, en we controleerden over en weer de geschreven teksten op schrijf/stijlfouten. Schrijver Maarten ’t Hart werd de eerste criticaster die de conceptteksten bekeek en toen die enthousiast was over wat we produceerden werden we zelf ook blij. Weer een boek op stapel. En de uitgave daarvan deden we zelf, net als de promotie. Jaap van Rij was dat al gewend want die had onder eigen naam al diverse boekwerkjes uitgebracht. De enige wanklank, medewerkers van Pon wilden ook dit keer niet meewerken. Dat viel opnieuw aardig tegen…. Terwijl het qua inhoud wellicht het beste boek over dit koopmanshuis is geworden ooit geschreven. (beelden: Yellowbird archief)



































