Democratie

Democratie

Weet u nog dat wij een paar maanden terug in meerderheid stemden voor een nieuwe samenstelling voor de Tweede Kamer??

En dat we daar als volk de boel aardig deden opschudden? Nieuwe partijen namen de plek in van oudere. We kregen haatdragers als BIJ1 in de Kamer, maar ook weerstandspartijen als BBB en JA21. Nederland stemde links weg. De meeste linkse stromingen zakten vele zetels terug en sommigen werden min of meer afgerekend op hun extremistische agenda. De VVD de grootste partij, D66 de tweede stroming, de PVV de derde. Opgeteld kan Nederland over rechts worden geregeerd met een aardige meerderheid. Zo zou de democratie moeten werken. Maar niet in Nederland. Rutte, de man die aardig onder druk kwam te staan door zijn matige geheugen in moeilijke omstandigheden, heeft een voorkeur voor links. Kennelijk ziet hij weinig in rechts, zijn optreden door de jaren heen daardoor mede ook verantwoordelijk voor het ontstaan van partijen als PVV, FVD en JA21.

Immers veelal mensen die het niet meer vinden bij de VVD die onder Bolkensteijn nog aardig rechts was van mening en opstelling. Rutte dus, wil samen met de toch wel opvallend populistische en arrogante Kaag. Een vrouw met wel erg eenzijdige voorkeuren in het Midden-Oosten of een milieu-agenda waar Groenlinks nog een puntje aan kan zuigen. Maar voor Rutte lijkt slechts de macht te tellen voor het huwelijk met een abjecte stroming als D66. Maar wie moet je dan toevoegen? Het CDA lijkt intern aardig verdeeld. De PvdA is afgerekend door de kiezer, blijft een marginale stroming en eigenlijk willen de kiezers dat helemaal niet. Die PvdA wil alleen samen met GL om zo een links beleid mogelijk te maken. Maar dat GroenLinks werd op haar beurt totaal afgefakkeld bij die genoemde verkiezingen. Ondanks dat denken ze daar in het politbureau van de partij dat Nederland niet zonder hun dedain kan of hun verlangen naar anarchistisch extremisme. Maar dat bleek bepaald niet het geval. Nederlandse kiezers willen geen anarchisten aan de macht.

De democratie zou moeten zegevieren. Maar….zo werkt het kennelijk niet. Je krijgt niet wat je verdient. De minderheid regeert hier, en zo klooien we nu al weken door. Op het moment dat ik dit schrijf zitten partijen opnieuw aan tafel bij informateur Hamer. Die er alles aan doet om dat linkse ongekozen blok te laten slagen. Zou dit lukken moeten we als volk Rutte daar op afrekenen. Immers die zette de deur open voor de linkse dictatuur. En wie wil weten wat dat inhoudt moet maar eens komen kijken in mijn stad. Waar vrijheden van burgers worden ingeperkt, mits je niet illegaal of immigrant bent, waar heffingen gewoon uit de hoge hoed worden getoverd en waar men plannen om bossen te kappen en te verbranden in een zgn. biomassacentrale gewoon doordrukt. Ondanks weerstand uit de plaatselijke bevolking. Maling aan de kiezer, gewoon de dictatuur doorvoeren. Het schijnt te kunnen in dit land en het stemt niet vrolijk. Een zichzelf benoemde linkse elite regeert straks over de meerderheid van de kiezers die echt iets anders wilden. Het verschil met andere landen is groot. Ik maak me zorgen…..u ook?

Verlangen…

Vanaf het prilste begin van zijn actieve herinneringen geloofde hij in zijn eigen succes later. Hij zou rijk worden, een prachtige vrouw vinden en trouwen, briljante kinderen voortbrengen, een bedrijf opbouwen waarmee die kinderen later weer een goed bestaan was gegarandeerd en zo meer. Maar ja, hij woonde in dat dorp, ver van de grote stad. Zijn kansen beperkt, ouders niet rijk of zelfs bemiddeld, al vroeg moeten werken. Het meisje waarmee hij voor het eerst verkering had raakte na die eerste keer in het schuurtje van buurman Bart meteen zwanger en er moest dus getrouwd worden en hij daardoor gedwongen heel hard te werken om zijn kleine gezinnetje aan het eten te houden. Zijn vrouw na de bevalling van hun dochter meteen uitgeteld en jarenlang niet geschikt om te werken. De liefde verdween door de schoorsteen. Een collega op het werk nam voor haar de honneurs waar. Hij genoot kortstondig, tot ook die zwanger raakte en hij best in de problemen kwam. Scheiding, verhuizen, twee kinderen, hard werken, geen kansen op een goede opleiding meer. Vanaf zijn jeugd werd alles voorbestemd door omstandigheden waaraan hij zelf had bijgedragen natuurlijk. Gelukkiger werd hij er niet van, meer berustend. Zijn collega werd wel een goede moeder, lieve echtgenote, werkte ook hard mee en hielp zo om enige welstand te bereiken. Maar hij bleef toch over het algemeen ‘gewoon tevreden’. Van zijn dromen kwam niets uit, hij berustte er maar in. Thuis werd hij vertroeteld, de kinderen (hij kreeg er nog drie met zijn tweede vrouw) waren lief en zaten niet in de weg. Hij kon naar de kroeg, het voetballen, ze bezochten met Kerstmis de kerk, de familie keek tevreden toe. Ergens rond zijn 50e kwam het besef dat het wellicht te laat was om nog van het leven te genieten. Hij kocht zich een motor en ging toeren. Zijn vrouw bleef thuis. Zag niks in dat stomme ding. Maar vond het leuk voor hem. In die bocht van de weg langs het water ging het mis. Hij reed rechtdoor. Bewust of per ongeluk? Hoe dan ook, hij verdween. Met motor en al. Een olievlek was alles wat over bleef van de man en zijn dromen. Zijn weduwe rouwde even, zijn kinderen vertelden nog verhalen over hem. Maar na 1 jaar hertrouwde zijn weduwe met de lokale dominee. Hij was vergeten. Net als al zijn dromen….

Klooster..

Klooster..

Toen ik opgroeide tot puber was het intreden in kloosterorden nog een fenomeen dat in katholieke kring als redelijk normaal werd gezien.

Velen werden geroepen, weinigen uitverkoren. Jonge mannen en vrouwen die bewust kozen voor een leven met God. De ene orde nog strenger in de leer dan de andere. Maar veelal Urbi et Orbi als uitgangspunt en dus vaak centra van nijverheid voor de omgeving. Immers, ook nonnen en priesters of monniken bleven gewoon mensen en aten of dronken dat wat de normale mensen ook deden, mits ze dat al niet zelf hadden gebakken of gebrouwen. Sommige van deze orden waren echter zodanig streng van opzet dat men geen contact zocht met de meer normale wereld buiten. Alles speelde zich af binnen de muren van deze vaak erg massale instituten.

Toen de burgers buiten zich soms wel eens afvroegen wat er zoal binnen die ommuurde vestingen van het geloof afspeelde kwamen ook de meest fantastische verhalen naar buiten. Drankgelagen, orgieen, duivelsaanbiddingen. Men maakte er soms wat van en heel wat verhalen, boeken of films over het onderwerp namen met die waarheid wel een erg vrije loop. Men projecteerde de wens op de fantasie, en liet de fantasie zo werkelijkheid worden. Al was het maar omdat men het idee had dat mensen die bewust kozen voor het celibaat nooit zo konden leven omdat het fysiek dat niet zou toestaan. Seksloos door het leven, het was een gruwel voor hen die door de pastoors, kapelaans of andere geestelijken zelf werden opgeroepen om de ‘daad’ toch vooral veel te beoefenen opdat er nieuwe kinderen, derhalve aanwas voor de heilige kerk van Rome van zou komen. Nonnen waren veelal te vinden in het onderwijs, de zorgsector, kraamhulpen en zo meer. En ze deden dat met verve. Zeker toen de katholieke kerk in de jaren zestig onder druk van de sociaal/culturele revolutie moest inbinden, bleven veel kloosterlingen nog steeds actief in die sectoren. En men deed dat prima. Maar dat celibaat…. Het bleek pas achteraf dat met name mannelijke kloosterlingen of afgeleiden die zich bezighielden met verspreiding van de Leer zich schuldig maakten aan het misbruiken van jongens en meisjes die aan hun geestelijke zorg werden toevertrouwd. Alsof je Dracula een kudde maagden aanleverde en aan hem vroeg daar geen bloed te zuigen.

De drang te groot om de consequenties te overzien. Dat kwam later. Bleek overigens geen katholiek privilege, in vrijwel elke geloofsstroming of sekte is het juist d a t wat als groot nadeel naar voren kwam. Hoe de nonnen dat deden laat zich raden. Zal vast ook wel eens tot uitspattingen zijn gekomen. Of is dat nu die fantasie van de gemiddelde man en burger?? Hoe dan ook, kloosters komen maar moeilijk aan nieuwe aanwas. Men wil wel in de Heer geloven, maar een leven zonder heer of dame lijkt voor veel jonge mensen van nu toch een brug te ver. De heer in zich voelen ervaart men liever anders. En zo komen de nodige kloosters leeg te staan. Worden omgebouwd tot van alles en nog wat. De tuinen verkocht, oude ambachten die normaal daar werden beoefend verdwijnen. Blijft natuurlijk jammer. De nieuwe gelovigen vooral bezig met internetdiensten of thuissessies om zo het contact met de Heer overeind te houden. Niks mis mee. En ook geen verkwisting van menselijk vernuft of dna. Want het blijft zonde als jonge mensen kiezen voor zo’n celibatair leven. Hoewel ik best voorbeelden zie van lieden die daar best eens een jaartje of tien gedwongen tot rust zouden mogen komen. Maar dat is een andere discussie. Zelf ook wel eens gedacht aan hoe het moet zijn om te leven in zo’n gelovige gemeenschap? Hoe Bid en Werk voor jou zou uitpakken?? Zou je het aankunnen?? Ik zeker niet. Maar ja, hetero en zelf een mannetje….. (Beelden: Internet/archief)

Trends in autoland…

Trends in autoland…

Laat je niet gek maken door allerlei berichten over wat wij momenteel aan auto’s kopen in dit land.

Zeker niet waar het de door links zo bejubelde elektrische tractie betreft. De schreeuwerige persberichten over monsterverkopen daarvan zijn schromelijk overdreven. In totaal stellen die verkopen niet zo veel voor. Daarbij moet je dan ook even kijken naar wie in die auto’s (gaan) rijden. In ruim 50% van het totaal van alle autoverkopen betreft het dan wagens in de leasing. Modellen van 50 mille of meer zijn niet voor de gemiddelde ingezetene van dit land bestemd met een normaal inkomen. Nee, het zijn wagens van het bedrijf, de baas, of wat ook, waar bijtelling op de IKB flink lager is gemaakt dan bij vergelijkbare benzine/dieselwagens, wegenbelasting niet betaald hoeft te worden en onderhoud voor de ‘baas’ is. Die maken het gebrek aan actieradius en het moeten afstuderen op menustructuren in beeldschermen (de meeste EV’s vragen bovengemiddelde kennis van ICT om zoiets als de ruitenwissers te bedienen) ongewenst voor particulier gebruik.

En die particulier heeft geen voordelen van de overheid te verwachten. Nee, die moet het doen met veelal kleinere auto-modellen die vooral betaalbaar zijn en relatief zuinig omspringen met brandstof. En die autokopers van vroeger en nu hebben zo hun voorkeuren. Ooit was een auto niet veel meer dan een koets op hoge wielen waar men een motor in had gehangen om het aloude paard te vervangen. Latere wagens kregen zitplekken voor 2 tot 4 mensen, bagage hing je er in koffers of netten los aan. Zelfs kort voor WO2 (en ook daarna) verkocht men nog auto’s waarbij bagage geen plek vond in de constructie. Pas in de jaren vijftig werden auto’s ontwikkeld die naast een sectie met de motor, de cabine voor de inzittenden, ook een extra ruimte meekregen waarin je wat koffers kon opbergen.

De sedan was geboren. Een auto die heel lang trend zette in autoland. Hoe groter de auto, des te meer inhoud die ruimte bood uiteraard. Amerikaanse auto’s indertijd best populair. Ikea bestond nog niet, dus doorklapbare achterbanken had je ook niet. Mercedes, Opel, Chevrolet, Austin, Renault, dat waren wat van de merken waar we als automobilisten voor gingen. En die hadden allemaal een of meer modellen met een aardige kofferbak in het gamma. De latere dwerg- of compactmodellen kregen een minuscule kofferruimte voorin (motor achter) of ergens achter de bankjes opdat je toch nog wat op vakantie kon dan wel boodschappen kon halen in het dorp verderop. Auto’s waren best duur, voor veel mensen onhaalbaar, dus men deed het met wat er te koop was.

De ene auto duidelijk groter dan de andere, de voorkeur van o.a. Nederlanders voor een merk als Opel daardoor verklaard. Wegligging speelde minder dan die enorme kofferbak. Veel Opels op weg naar een vakantiebestemming reden dan ook met hun ‘kont’ over de grond. Niet zo gek als je zag wat we allemaal meesleepten. De eerste hatchback-modellen kwamen uit Italie en Engeland. Wagens zonder die typerende kofferbak, maar wel met een handige achterklep die veelal hoog kon worden weggeslagen, net als de bankjes. Resultaat, binnen de kortste keren raakte de traditionele sedan uit, en kwamen die hatchback’s in de mode. Al was het maar voor de prijs. Veelal compacte wagens waarvan de Golf-Klasse wel een van de meest bekende is. De jaren zeventig/tachtig zagen de de overgang, nu is een traditionele sedan echt een uitzondering en is dat iets meer voor de topmerken als BMW of Mercedes om ze nog te maken. Over andere trends kom ik later nog wel eens te schrijven. Maar deze heeft de lezer toch alweer cadeau gehad van me… (Beelden: Archief)

Inmiddels verdwenen; Lancia!

Inmiddels verdwenen; Lancia!

Voor liefhebbers van Italiaanse wat exclusievere auto’s is het best een gemis dat het merk niet meer wordt geleverd in onze streken.

Lancia, opgericht in 1906 en altijd goed geweest voor sportieve auto’s vol technische innovaties. Niet iets voor de massa, wel voor hen die eens iets anders wilden. Toen het merk onderdeel werd van de Fiat-groep verwaterde dat exclusieve beeld wat en zeker in de nadagen van het merk viel er veel aan te merken op de modellenpolitiek en marketing.. Maar laten we eens kijken naar wat die Italianen allemaal bouwden door de jaren heen. Bedenk maar dat Lancia voor de oorlog al wagens bouwde met zelfdragende carrosserie (de meeste auto’s uit die tijd voorzien van een oud en zwaar los chassis waarop de body werd vastgezet) V4-motoren, bovenliggende nokkenassen en schijfremmen.

Technisch begaafd dus. Net voor de oorlog bracht men de lichtvoetige Aprillia uit, een auto met een kenmerkend uiterlijk, ronde rug als een na-oorlogse VW Kever, gedeelde achterruitjes en een wonderlijke constructie voor de achterste deuren die op de ‘foute’ wijze openden. Met een V4 blokje voorin dat 1,5 liter groot was en 48pk’s leverde haalde deze compacte Lancia 130km/uur. De wagen werd goed verkocht en vond liefhebbers die een Alfa Romeo te duur vonden en een Fiat beneden de waardigheid. De Aprillia bleef tot in 1949 in productie. Latere modellen waren de Ardea, de Aurelia en de daarvan afgeleide GT. Een auto die vanaf 1951 heel wat sportieve chauffeurs aansprak om zijn prestaties. Een V6 blok zorgde voor topsnelheden in de buurt van de 180km/u en dat was best snel in die periode. Een echte slee was de Flaminia uit 1957, waarbij je in staat was zes personen in een grote mate van luxe en comfort te vervoeren met zeer behoorlijke snelheden. De als een sedan gebouwde grote wagen had zelfs een wisser op de achterruit wat indertijd (en nu nog) best bijzonder was voor een auto in deze klasse.

Intussen bouwde Lancia ook nog trucks, zoals de Esadelta. Vanaf 1960 ging Lancia over op modellen met voorwielaandrijving, de Flavia daarvan een exponent. Wat hoekig gebouwd, dubbele uitstekende koplampen, een aluminium boxermotor voorin en een top van 160km/u. Opnieuw een staaltje Italiaans vernuft dat een bescheiden doelgroep zou aanspreken. Ook de Fulvia was er zo een. Sedans en sportcoupe’s met die naam in de jaren 60/70 te vinden in de showrooms van de dealers. Maar voor het circuit geschikt was met name de Stratos die in 1972 op de wielen werd gezet. Een soort bommetje op wielen dat veel concurrenten tijdens rallies het snot uit de ogen deed komen.

Met een V6 van 2.4 liter was 230km/u ineens haalbaar en speciaal getunede versies gingen daar dik over heen. Een auto die ook in ons land kopers wist te vinden was de Beta-serie. Hij oogde sportief en was dit ook en daarnaast best betaalbaar. Maar roest was intussen ook wel een dingetje geworden bij Lancia en daaraan leden de Beta’s extreem heftig. Een geweldige imagobouwer was de Delta Integrale, die in rallies de Stratos verving, maar ook heel wat sportieve rijders op de weg aan zich wist te binden. Getekend door Giugiaro had de auto motoren waarmee je gewoon boven de 200km/u kon toeren.

De Integrale met vierwielaandrijving en dus een wegligging als een HSL-trein. Een auto voor de zakenmarkt was later de Prisma die zijn techniek deelde met de Fiat Regatta. Een sedan zonder opsmuk, maar met die luxe die verwant was aan het merk Lancia. Een merk dat daarna steeds meer grijs begon te worden. Mee moest op de platforms van Fiat’s en ook telkens de onderscheidende waarden van het merk miste. Een jaar of tien geleden was er nog een schitterende en opvallende Delta, die met name in ons land bij leaserijders de handen op elkaar kreeg.

Net als veel dames vielen voor de kleine Ypsilon die in vele kleuren leverbaar was maar eigenlijk niet veel meer dan een Fiat met andere koets. En toen Fiat/Chrysler besloot om o.a. de Chrysler 300 en Voyager als Lancia te gaan verkopen hier was het einde in zicht. Het merkgevoel verdwenen, de dealers in mineur en de aantallen verkochte auto’s nauwelijks meer in honderdtallen uit te drukken. Lancia verdween. In Italie nog te koop, maar elders niet meer. Het einde van een tijdperk. (Foto’s: Internet/archief)

Oefening baart soms kunst…

Oefening baart soms kunst…

Waren we tijdens de eerste dagen van juni weer eens in Weesp, nu met een parkeerplek die netjes was betaald, genoten we van het zonnetje en zagen wel wat in een post-corona-terrasje aan het water.

Nu treft het dat men in Weesp de nodige terrassen beschikbaar heeft, bediend door mensen uit achter liggende horecazaken. Een daarvan, Aaltje, werd onze keuze. Terras op het trottoir tegen het water aan, een drukke verbindingsweg naar het centrum van het Vechtstadje doorsnijdt binnen en buiten bij deze gelegenheid. We streken neer op een plekje waar je een tafeltje met twee stoelen vond op enige afstand van de buren. Zonder problemen overigens, ruimte zat ook al waren er voldoende gasten. De bediening was een langbenige jongedame die uiterst vriendelijk onze eerste bestelling opnam. Een cappucino en thee van de Breakfastsoort. Na een minuut of tien kwam de bestelling onze kant op. Was ze die vergeten? Onderweg de bestelling niet goed onthouden?? In ieder geval bleek de koffie bijna koud, de thee groen, maar had niets met ontbijt van doen. Jammer…dat kan beter.

Onze lunchbestelling betrof een tweetal broodgerechten. Niet meteen goedkoop maar oogde wel aanlokkelijk. Smaakte uiteindelijk ook best lekker, al had ik zelf het gebruikte landbrood iets fijner gesneden, zeker als je er een mes bij levert dat nog even wat moest worden aangescherpt. De melding over de koude koffie werd intussen tot twee maal toe ter kennisgeving aangenomen. Men vond het ‘jammer’ en zo meer, maar enig corrigeeractie werd niet ondernomen. Dat is niet best. Klantonvriendelijk ook. De toiletten waren netjes, liggen diep achter in de zaak zelf, over mondkapjes deed men niet moeilijk, daar ging het allemaal erg gemoedelijk toe. Maar die kwestie van die koffie speelde ons toch wat op. Om het over de verkeerde thee maar niet te hebben. Zouden ze dat hebben verrekend? Nee! En dus vinden wij in ons oordeel dat een rapportcijfer van 7- op zijn plek is. Men moet nog wat oefenen. Het mag allemaal wat correcter, sneller, maar zeker klantvriendelijker. Dan komen we graag nog eens langs. Mits men onze adviezen ter harte nam of neemt… (beelden: prive-archief)

Doctrines

Doctrines

Ooit was het leven redelijk simpel.

De kerk en de koning (mocht ook een keizer zijn) bepaalden hoe burgers zich dienden te gedragen en men was als onderdaan al blij als er brood op de plank kwam of een huis dat niet bestond uit plaggen en turfblokken. Later kwamen er andere waarden. De indoctrinatie door diezelfde kerken, koningen of keizers maakte het leven voor veel burgers onzeker. Rijken leefden in welvaart, hadden altijd te eten en als ze dat niet hadden haalden ze dat wel ergens vandaan. Armen kwamen in opstand en zo braken de revoluties uit die eerst in Frankrijk en later ook Rusland leidden tot wat we op enig moment het communisme noemden. En dat communisme sloeg, eenmaal ontwikkeld tot doctrine, keihard om zich heen.

Men elimineerde eerst de adel en rijken, daarna kerkvoorgangers, gestudeerden, alles en iedereen met een andere dan de revolutionaire mening. In onze westerse streken kregen die stromingen zeker ook voet aan de grond. De arbeider wilde leven als zijn baas en zocht de weg van de minste weerstand. Wat ik niet krijg haal ik zelf wel. Een contra-revolutie ontstond in veel landen als antwoord daarop. Ultra-conservatieven die graag hun landen of instituties overeind wilden houden namen het heft in handen. Spanje, Portugal, Duitsland, Italie, Japan. Overal hetzelfde beeld. Nationalisme als antwoord op communisme.

De wereld in onevenwicht. Oorlogen en conflicten het gevolg. Opvallend was wel dat beide systemen naast voordelen voor de bevolking ook enorme nadelen kenden. Zoals zo vaak bij dit soort doctrines. Na WO2, het werd duidelijk dat het ultra-nationalisme enorme gevolgen had gehad voor veel mensen die er onder leden, bleek dat het communisme zich gedroeg als een olievlek. Men bracht steeds meer landen onder de ijzeren knoet van het Stalinisme of Maoisme. Miljoenen mensen werden opgepakt, vermoord, verplaatst, en vooral onderdrukt. De Revolutie uitgevent tot ver in Azie, Zuid-Amerika en natuurlijk Oost-Europa. Het systeem liep vast op planmatig falen. Ook in een arbeidersparadijs komt er altijd een bepaalde kliek boven drijven die het beter heeft dan de bevolking. Leiders die faalden op economisch niveau, mensenrechten aan hun laars lapten en de bevolking vooral dom hielden. Na 1989 was het afgelopen met dat communisme.

Het was uitgehold, met holle frasen vul je geen magen. Daarna ontstond het islamitisch reveille, en recentelijk het klimaat/woke-denken. Wederom met veel bedreigende elementen voor hen die zoeken naar een gewoon normaal leven met een huisje, een auto en de mogelijkheid vakantie te vieren op plekken waar het leuk is. Dat orthodoxe geloof wil vooral erkenning en meer rechten dan plichten, benut soms terreur om dat te bereiken. Die tweede doctrine zoekt het in doemdenken, namaakonderzoeken en consequente heffingen voor burgers. Men wil, zo lijkt het althans, het huidige volk het liefst vervangen door hen die een betere toekomst zoeken in een ‘schoon’ land waarin het geld aan de bomen groeit. Zoals ook groenlinksers zelf menen dat deze vorm van fruitteelt het meeste oplevert. Geld waar je niets voor hoeft te doen, uitdelen aan hen die het niet verdienen.

Chaos is het gevolg. En elk volk heeft een hekel aan chaos. Juist dat is wereldwijd reden voor al die volksverhuizingen. En eenmaal hier is men direct zelf onderdeel van die chaos. Kortom, nieuwe doctrines vervingen de oude. En zorgen er dan indirect voor dat wat zich ook voor WO2 afspeelde, de terugval op nationalisme, weer opgeld zal doen. Veroorzaakt door een wonderlijke reflex bij geloof en linkse doctrine, dat de Middeleeuwen toch een geweldig voorbeeld zijn voor ons allen om onze leefwijze bij aan te passen. Zou men de geschiedenis een beetje beter kennen zou men weten dat juist toen die wereld bepaald niet ideaal was. Het streven is dus gevaarlijk. En moet domweg worden gestopt. Maar dat is mijn mening. Gegeven nu het nog mag en kan. (beelden: archief/internet)

Geliefde..

Altijd was zij op zoek geweest naar de ware liefde. Naar die ene die haar dat gevoel kon geven waarnaar zij zo verlangde. Die haar zou opvullen en haar hart sneller kon laten kloppen. Vanaf haar vroegste jeugd had zij er naar gezocht. Haar vader was er eerst geweest, maar ja, dat was haar vader. Vriendjes van school. Ach het mocht wat. Puisterige pubers die wel allerlei zaken van haar verlangden, maar waar zij niets in zag. Nee, het moest mooier, warmer en dieper. Op enig moment had ze het gevoel dat een gloed haar overweldigde, dat de liefde voor die ene bezit van haar genomen had. Dat gezicht van die man, die overgave, die uitstraling, ze was gevallen als een blok en hem gevolgd als een schoothondje. Ze had zich overgegeven aan zijn regels, zijn ritme, zijn wereld. Deed het werk dat hij van haar vroeg, leefde samen met hen die ook die liefde voelden en voelde zich uiterst plezierig. Een ding hield haar wel eens wakker, ze wilde zo graag weten hoe andere vrouwen dat toch deden. Van haar zussen die intussen getrouwd waren en kinderen kregen, hoorde ze wel eens iets over hoe dat allemaal ging. Ze bloosde dan wat en kon slechts dromen van haar geliefde. Ze wilde best een kind van hem, al had ze slechts een vaag idee hoe het dan daarna zou moeten gaan. Met hard werken bleef ze in staat dat verlangen in te dammen. Van uitstel kwam afstel. De tijd ging voort. Haar liefde bleef, het verlangen zakte wat weg. De plicht riep, elke dag weer. In het gebed vond ze haar vreugde. Morgen weer vroeg op….het leven van een non gaat niet altijd over rozen……

Zangkunst…

Zangkunst…

Er zijn velen geroepen…weinigen uitverkoren.

Dat is zeker zo in het wereldje van zelfbenoemde sterren die digitaal of analoog tot ons komen om hun al dan niet grote talent voor de edele zangkunst met den volke te delen. De een slaagt dus beter dan de ander om te laten horen welk een talent leidt tot klanken die ons allen dan wel een deel van ons te bekoren. Zelf ben ik wel van de muziek. De hele dag staat de radio aan, en als er iets voorbij komt wat me niet bevalt, zoals die zaterdag waarop de VARA me weer bombardeert met urenlange propaganda voor linkse leugens, zet ik een CD-tje op. En zing naar gelang de muziek of uitvoerenden vaak lekker mee. Niet dat ik nu meteen een vorstelijke dan wel goddelijk stemgeluid ten gehore breng dan, maar voor mijzelf en de katten om me heen is het best acceptabel. Ik zing niet naast de noten, de ramen trillen niet en er ontstaat ook geen kortsluiting. Zingen is dus gewoon prettig en je voelt je er vrolijk door. Opvallend is wel dat sommige artiesten vooral riedelen.

Van hoog naar laag, ze bewegen als een cirkelzaag door de muziek heen en maken velen blij, mij toch wat minder. Ik geniet meer van hen die gewoon de toonsoort houden, waar het kan ingehouden zingen en waar het mag stevig uithalen. Vandaar dat ik veel heb met een band als Queen, met die geweldige Freddy Mercury, Glennis Grace een grote vind in ons land, maar Trijntje Oosterhuis verfoei om dat eeuwige geschreeuw. Mensen die prachtig klassiek vertolken, geholpen door een prachtige en gecontroleerde stemtechniek komen bij mij vaak meer binnen dan de moderne schreeuwers die menen dat hoe hoger ze gillen hoe beter de fans reageren. Dus op mijn lijstje geen lieden die alleen dat op hun agenda hebben staan. Als ik zie welke artiesten (..) of potentiele zangers of zangeressen worden uitgekozen tijdens de vele talentenshows die we op dit punt kennen, weet ik dat schreeuwen gelijk staat met goed zingen. Nou in mijn beleving niet. De artiesten die me echt raken zingen juist niet zo hoog. Als ik dat geluid wil horen zet ik wel een CD-tje op met straaljagergeluiden. Dan haal ik ook de 120dB bij vol volume, en weet ik ook nog welke melodie wordt gedraaid. Mocht ik iemand tekort hebben gedaan of beledigd, sorry daarvoor. Maar ik moest het even kwijt…. En zing mee met Bianca Castafiori met haar tekst ‘Ik lach bij het zien van jouw schoonheid in de spiegel…’. (beelden: archief)

Weesper moppen…

Weesper moppen…

Een lekkernij, vast, maar in overdrachtelijke zin toch even iets anders.

Als het niet zo wrang zou zijn. Weesp is een buurgemeente van Amsterdam, ligt op pakweg 12 km van het centrum van de hoofdstad achter het Amsterdam-Rijnkanaal en heeft sinds een paar jaar besloten onderdeel te willen worden van de socialistische buurgemeente. Dat op zich is nog wel te snappen, net aan de overkant van het kanaal ligt o.a. Driemond en dat is al onderdeel van Amsterdam, dus de aansluiting is gevoelsmatig zo gemaakt. Nu moet ik wel even toelichten dat Weesp voor ons een bestemming is waar we al jarenlang met graagte vertoeven.

Het stadje is een beetje Amsterdam in het klein, ligt aan de Vecht, heeft via kanalen een directe verbinding met de grote buurman, maar er wonen ook de nodige oud-Amsterdammers die wel de sfeer niet de nadelen van de hoofdstad willen meemaken in hun leefomgeving. Wij komen er al meer dan 40 jaar met graagte en genieten van de kleinere winkels, de sfeer langs het water en evenementen als de Sluis- en Bruggenfeesten. Helaas is ook Weesp tegenwoordig zo duur qua woningaanbod dat een evt. verhuizing onmogelijk lijkt. Maar daar komt nu toch een groot nadeel bij, men nam de parkeergekte van de hoofdstad over en doet dat zonder enige aankondiging of duidelijke bebording. Van het ene op ander moment voerde men dat betaalde parkeren in en ging net als in Amsterdam het geval is over tot een meer dan strikte handhaving. De automobilisten die parkeerden waar het alleen nog maar betaald mocht hadden domme pech. Een dikke boete het gevolg. En ja hoor, het overkwam ons ook. Gewoon de auto neergezet aan de rand van het centrum waar we al die jaren al parkeerden en waar wij de meters niet hadden opgemerkt omdat die ergens verscholen aan het einde van de straat waren geplaatst.

Gewoon niet mee bezig. Weet je ook veel als buitenstaander. Nou dat kostte geld, want toen we een week later weer hier kwamen en de auto wilden neerzetten werden we door omstanders gewezen op dat betaald parkeren. En dat deden we dan maar, verrast, maar toch. Weesp trok te veel om dan maar over te slaan. Maar die week eerder was het bingo. Of we maar even ruim 6 tientjes naheffing (uurtarief E.1,20 en ik had volgens de beschrijving E.1,50 hebben moeten betalen..) wilde overboeken. Tuurlijk niet. Bezwaar maken en met reden. Uit de lokaal verschijnende krant bleek dat vele boetes waren kwijtgescholden omdat sommige mensen diverse bekeuringen hadden gekregen, net als wij onwetend van dit typisch Amsterdamse onheil dat ook Weesp heeft bereikt. Of we gelijk krijgen van de gemeente is de vraag, op moment van dit blogverhaal is de uitslag nog niet duidelijk. Onwetendheid als excuus?? Zal vast niet kunnen. Amsterdam is autovijandig geworden door de linkse doctrine die daar nu het stadhuis heeft ingenomen. Weesp zal die ellende wel overnemen. Als dat zo is zal het inhouden dat we het stadje aan de Vecht minder zo niet helemaal nooit meer zullen aandoen. Ondanks de aantrekkelijkheden. Maar dit beleid is niet klantvriendelijk en zonder echt veel uitleg te snel ingevoerd. Een mop kan ik het niet noemen. En door die boete kunnen we het gelijknamige snoepgoed ook niet meer betalen (..). Het kan verkeren…