Herdenking in vrijheid..

Morgen, 4 mei, herdenken we! Maar dat wordt wel steeds lastiger nu een hele generatie Nederlanders begint te verdwijnen die alle leed van de oorlog die woedde tussen 1940-45 daadwerkelijk meemaakte. Nu is er gelukkig nog een generatie die na de oorlog werd geboren en die niet meteen dat leed en die ontberingen van een oorlog meemaakte. Maar er wel op werd gewezen door de ouders en grootouders die de ellende van een oorlog of terreur wel moesten ondergaan. Wie een beetje oplette op school of tijdens de vertelde verhalen weet dus dat tijdens die oorlogsjaren hele groepen Nederlanders zijn afgevoerd naar Duitsland en verder. Een groot deel daarvan kwam nooit meer terug. Vernietigd door de Nazi’s. Maar ook in het vroegere Nederlands-Indië hebben mensen enorm geleden door de Japanse terreur. Wie daar in een kamp zat wist ook meteen dat het leven niet alleen maar rechten kende, maar vooral de plicht tot overleven. Wat voor veel mensen een wanhopig makende oefening bleek.

En wat daarna gebeurde was natuurlijk ook niet meteen een positieve bijdrage aan de geschiedschrijving van ons land. Je sprak niet over die ellende. Verwrongen (lees: gekwetste) geesten waren het resultaat. Leed, verdriet, soms totale wanhoop geeft een andere soort leven dan comfort, veiligheid en voldoende eten tot je erbij neervalt. Maar het ergst is toch wel dat je verwanten, familie, vrienden, kinderen of wie ook voor altijd kwijt bent geraakt. Voor sommige families was dat een pijnlijke constatering na een vrijwel totale uitroeiing. Joodse mensen kunnen ons op dat punt nog steeds bijpraten. Ongekend! Maar ook soldaten die krijgsgevangen werden gehouden, dwangarbeiders, communisten, homoseksuelen, enz. enz. mochten vrezen voor hun leven als de Duitsers of Japanners hen te grazen namen. Dat was dus geen rooskleurig beeld. Al die doden, ook die onder de Nederlandse strijdkrachten die een volkomen hopeloze maar ook heldhaftige strijd voerden tegen de invasiemachten van die terreurlanden die indertijd de As vormden. Heel wat jongens sneuvelden in de eerste dagen van de oorlog.

Net als burgers die slachtoffer werden van bombardementen op steden als Rotterdam of Den Helder. Dat zijn de ware slachtoffers. (Nederland kende 181.000 doden in wo2) En die moeten we blijven herdenken. Omdat die Tweede Wereldoorlog ongekend was in zijn heftige moordzucht. Ons landje was dat niet gewend, zeker, want in WO1 deden we niet mee. Waren we neutraal. Maar dat trucje lukte niet in WO2. We werden gewoon overlopen door Duitse en Japanse horden. Tegenwoordig zien we dat veel zaken worden toegevoegd om die herdenking voor jongere generaties al dan niet hier geboren Nederlanders acceptabel te maken. Maar geen daarvan kan zich qua ellende meten met het leed dat ons land in WO2 werd aangedaan. En om daaraan te denken houden we op die 4e mei 2 minuten stilte in acht. Twee minuten! Een evenement dat we nog jaren zullen moeten koesteren. Opdat we snappen wat het is om zoveel mensen te verliezen als we indertijd deden. Ook al zullen er wel weer lieden zijn die ergens een of ander stukje vervalsing van de geschiedenis toepassen om hun eigen frustraties om te zetten in semiwetenschappelijke onderbouwing van de eigen stelling. Maar die horen niet bij wat we op 4 en 5 mei herdenken. Al moet je zelfs die malloten rond de viering op de 5e mei hun mening laten uiten. Opdat ook de vrijheid van anderen die we nu nog koesteren niet verloren zal gaan. En we ook waakzaam blijven ten aanzien van het nieuwe anti-semitisme wat nu weer de kop op steekt, net als homohaat en afkeer van andersdenkenden. Gedenken mag dus best nog wat dieper gaan. Waarbij we onze normen en waarden beschermen als heilig en niet laten verdwijnen omdat door frustraties en slecht onderwijs minderheden menen dat zij de geschiedschrijving kunnen of mogen veranderen. Feiten zijn feiten! Toch iets anders dan een in vrijheid uit te spreken mening. Mits niet geschreeuwd natuurlijk…

Lastige eter…

Zoals u heeft kunnen lezen in mijn blogverhaal van 8 maart jl. moest ik afgelopen weken een dag of wat voor mijzelf zorgen. Vrouwlief was op reis en dat vraagt de nodige inventiviteit mijnerzijds. Maar een ding is zeker, ik at niks wat ik zelf niet kan pruimen. Het waarom ligt besloten in het antwoord op de vraag of ik een lastige eter ben. Ja! Ik lust bepaald niet alles. En gruw van experimenten op dat punt. Dus geen liflafjes zonder gevoel dat het de maag enigermate vult. Ik heb bepaalde groenten sinds mijn onafhankelijkheidsverklaring een jaar of 50 terug, op de verbanlijst staan. Die komen er niet meer in. Oorzaak en gevolg! Thuis werd vroeger van alles en nog wat op tafel gezet wat ik niet lustte. We moesten dat dan alsnog opeten. Onder dwang desnoods. Soms met enorme hoeveelheden appelmoes om de smaak te compenseren.

Spruitjes, Savoije kool, tuinbonen, raapstelen, ik vond het allemaal vreselijk. Bloemkool was er ook zo een. Als we op vrijdag geen vlees aten, het katholieke geloof speelde toen nog een rol in huize Meninggever, kookte mijn moeder vaak gestoofde aal. Dat was op zich nog lekker ook. Maar die bijgeleverde wortelen kon ik maar moeilijk waarderen. En zo ging dat door. Eenmaal gewend geraakt aan de kookkunsten van mijn schoonmoeder ontdekte ik heel andere groenten en gerechten. Smakelijk en voedzaam. Later kwamen de gerechten uit andere landen. Indisch, Chinees, Italiaans, Grieks, Spaans, Italiaans, Tsjechisch zelfs, het was allemaal lekker.

Maar die groenten uit de jeugd kwamen en komen er niet meer in. Dat houdt in dat wij hier soms met twee pannen werken en apart gekookte gerechten. Vrouwlief is wel van de Hollandse pot. Veel meer dan ik. Maar veelal lukt het prima om samen een gerecht te nuttigen dat wij beiden lekker vinden. Maar die lucht van spruiten is voor mij nog steeds een brug te ver en reden om alle ramen tegen elkaar open te zetten. Hoe dan ook, wie mij uitnodigt om lekker te komen eten krijgt meestal vooraf op wat ik wel en niet blief. Beter eerlijk dan confrontatie achteraf. Dus geen broccoli s.v.p. en al die andere soort dingen. Er is nog zoveel wat ik wel lust. Maak het me niet zo moeilijk dus. Of nodig me dan maar niet uit. Maar ik merkte dat dit bij de lieve vrienden en familie er niet in zat. Ik was meer dan welkom en de pot werd aangepast. Leidde tot gezelligheid en smakelijk eten. Echt smakelijk. Zoals ik het graag wil. Aanmatigend ook, maar dat is me zelf goed bekend….(Beelden: Internet)

Als een echte leeuw…

Maar liefst dertien pausen droegen ook mijn naam en dus zal er wel een link te vinden zijn naar de katholieke kerk bij het verkrijgen van die naam na mijn geboorte. Best logisch als ik naar mijn achtergrond kijk, al zie ik ook wel dat ik deze naam vooral toch te danken heb aan vernoeming naar mijn biologische vader die hem ook al droeg. Zo ging dat indertijd, vernoeming was een soort eer voor degene wiens naam werd gebruikt voor de nakomeling. En dus bepaalt die naam ook vaak de periode waarin je bent geboren. Ik denk dat mijn naam maar weinig meer voor komt in de moderne lijst van namen voor jongens anno 2017. Nee, ik ben echt een kind van mijn tijd. Maakt me niet minder trots hoor. Die naam heeft een uitleg die er zijn mag. ‘Leeuw’ de meer normale vertaling, maar er is ook een verwijzing naar ‘sterk door genade’. Of dat laatste nu echt een karaktereigenschap is die ik bezit is zeer de vraag.

Maar ik laat het me uiteraard graag aanleunen. De wijsheid die ik hiervoor oreerde komt uit een boek over voornamen dat ik onlangs in nieuwstaat vond bij een kringloopwinkel voor een prikkie. Redelijk recent uitgegeven, en met uitleg over ongeveer elke voornaam die je maar denken kunt. Mooie inspiratiebron voor hen die geen benul hebben hoe ze hun kind over een paar maanden gaan (be)noemen en er ook nog iets origineels aan toe willen voegen. Dat was in mijn tijd wel anders. Nog los van al die Latijnse namen die je eigen roepnaam iets chiques moesten geven, maar die vooral door het aangehangen geloof van de ouders werden ingegeven. En voor elke gelegenheid kwam er wel iets bij. Een katholieke vormnaam of zoiets. Door de jaren heen zijn we op het gebied van namen vrijer geworden. En zoeken het in de bijzondere thema’s. Jan, Piet, Klaas, Henk, Joop, het is allemaal voor het verleden gereserveerd. Modern en aansprekend moet het zijn en dat houdt in dat je over een jaar of veertig wellicht een naam draagt waarvan niemand snapt waarom je die ooit kreeg.

De vernoeming naar voetbal- of andere sterren is er zo een. Los van Johan Cruyff zijn er maar weinig sporters die na een halve eeuw nog door het leven gaan als halve afgoden. In mijn specifieke situatie zie je ook dat de godsdienst geen echte invloed meer heeft en dus dat die typische naam geverij die daarbij hoorde niet meer wordt toegepast. Dat doet men dan in andere stromingen toch wat anders. Bedenk maar eens dat er heel wat Mohammeds worden geboren, als verwijzing naar de profeet van dat relatief nieuwe geloof. In de Christelijke kerken is men gek op de naam Jezus maar is vernoeming toch een beetje heiligschennis. Nee, dan is Johannes (naar De Doper) beter. Maar dat leidt dan weer in de praktijk tot Jan of Joop en omdat die namen zo ouderwets aan doen zoeken we het meer in moderner equivalenten. Of je daar dan net zo trots op zult zijn als ik ben op mijn naam is de vraag. Een echte Leeuw kan dat, ook al ben je dan qua sterrenbeeld gewoon een Steenbok….

Boekdromen…

Ik merk dat ik bij het schrijven van het (derde)boek te maken krijg met herinneringen die kennelijk toch soms een randje van mijn gevoelens beroeren en me dan daarna in de slaap overvallen. Emoties die ik had weggestopt komen terug, gevoelens van boosheid, frustratie vertroebelen dan de rechte lijnen die mij overdag zo bevallen. De slaap als smaakmaker voor het leven, de droom als uiting van fantasie, gekoppeld aan werkelijkheid. Het is en blijft een vreemde verschijning. En dat verschijnen doet zich soms bijna letterlijk voor. Als mensen een rol spelen waarvan ik weet dat ze al een tijdje hemelen. Kortom een mix die kan zorgen voor hijgerig wakker worden. Niet omdat het allemaal zo ‘spannend’ is,  maar wel inspannend. Soms ben ik de dromen zo vergeten, op andere momenten blijven ze een paar uur na wakker worden in de bol zitten en zoek ik de diepere betekenis van wat ik al rennend en vliegend meemaakte.

Nu ben ik altijd wel letterlijk een aardig verhalende dromer geweest, maar dan wist ik wel waardoor e.e.a. werd opgewerkt. Algemeenheden, angsten, zaken die me raakten in de huidige of zeer recente geschiedenis. Vertaald naar een verhaal waar ik zelf een rol in speelde. Maar als die dromen de echte geschiedenis gaan vertellen, waarbij mijn carrièremoves een rol spelen, wordt het toch wel vervelend. Ik sloot sommige van die tijdperken af door iets compleet anders te gaan doen en de vorige fase te vergeten of mee te nemen als aardige leerschool. Wat ze meestal ook waren. Ook als ik zelf een paar negatieve beslissingen nam in zo’n tijdperk, dan nog leer je er als mens van. Als het goed is en je in staat bent over je eigen feilen heen te kijken. Dat laatste is niet iedereen gegund heb ik wel ontdekt en juist die mensen kom ik dan altijd weer tegen als ik met die dromen bezig ben. Malloten, nikskunners, allesweters, jaloerse lieden, misgunners, wraakzuchtigen, roddelaars, kortom het bekende rijtje types die je in het echte leven zo dwars kunnen zitten als jouw weg van zwart naar wit loopt of van helder naar eerlijk.

Ze maakten kennelijk veel indruk. Althans voldoende om me dwars te zitten in de slaap. Terwijl de mensen waar je echt iets aan had, waar je veel van leerde, die aardig liefdevol en vriendelijk waren en soms zelfs dat niet eens, geen hoofdrol krijgen aangeboden in dat snurkende verhaal dat alleen in de eigen geest wordt verfilmd. Nee, dat boek maakte meer los dan me soms lief is. Als dat nu net zo gaat met de inhoud is het goed. En voor wie daar interesse in heeft, ja, de laatste ronde correcties nadert zijn einde. Het moet dit jaar gaan lukken om het in druk richting lezers te krijgen. Wellicht dat die dan met mij mee kunnen dromen over een wereld die bijna niet meer bestaat maar zoveel invloed had op mijn persoonlijke ontwikkeling. Toch iets waard….al is het maar een reeks bijzondere dromen.  En jullie beste lezers? Hoe zit het met jullie dromen???

Lesjes in diervervoer…

aerospatiale-caravelle-vin-i-daxi-sam-rome-0573-k25-scan10202Het was mijn passie voor vliegtuigen die mij als jong mens deed besluiten een ‘carrière’ bij een grote bankinstelling op te geven en te gaan voor een baan bij een luchtvrachtkantoor op Schiphol. Het werk daar was wel iets heel anders dan wat ik gewend was geweest op dat grote bankkantoor in hartje centrum Amsterdam. Omdat we maar met twee mensen ons bedrijf (met hoofdkantoor in Rotterdam en een groot kantoor met loodsen in Amsterdam) in de luchtvaart vertegenwoordigden moest je ook echt alles zelf doen. Dus na een dagje vrachtbrieven maken en manifesten plus de benodigde paperassen voor de douane hier of elders, moest je dan de dozen of kisten die mee moesten met de bestemde vluchten zelf voorzien van de benodigde stickers en dat spul dan uitklaren en aanbieden bij ofwel het afhandelkantoor van KLM of Aero Ground Services. Je liep of reed daarbij over het platform van Schiphol en dat was in de zomer leuk, in de winter wat minder. Mijn toenmalige chef deed overigens precies het omgekeerde.

oud-schiphol-in-tje-60-s-211520Hij was altijd meer een importman geweest en deed nu het werk van een declarant. Maar dat kantoor werd door onze inspanningen uit de klei getrokken en al snel groter en groter. Binnen de kortste keren werd er voor dat importgedeelte een man aangetrokken die de declaraties zou doen, en voor het loodswerk kregen we een ‘vrijmaker’ in dienst. Iemand die goed kon omgaan met de douane en de afhandelaars. Voor de export was er intern niet zoveel belangstelling. Niet dat het niet liep hoor. Het was ook op dat deel van het bedrijf gewoon druk. Dat kwam nu volledig op mijn nek terecht. En dat was soms best zweten. Nu hadden we door actief verkopen al snel een breed klantenbestand. Waaronder een bedrijf in Nijverdal dat dieren verhandelde. Van kanaries tot bruine beren. En die eigenaar daar had weinig op met kantooruren. Als hij bedacht dat er iets vandaag naar een klant moest dan meldde hij dat meestal pas tegen de avond. Dáág thuisdiner. Vanuit Nijverdal kwamen de kisten of dozen met dieren dan (hopelijk op tijd) per Spoorexpresse (jaja toen nam de NS nog vracht mee in haar treinen) aan op het Amsterdamse CS, waar ik het spul dan als export-verantwoordelijke op haalde, voorzag van de voor luchtvracht benodigde labels, en transporteerde naar Schiphol, waar het uitklaringsproces kon plaatsvinden en de tijdige aanlevering bij de KLM. Vaak bestemd voor de Swissairvlucht die heel laat in de avond naar Bazel vertrok. Een andere keer moest het mee met de Japan Air Linesmachine naar Tokio.

scan10592Nu had ik wel rijervaring met de bedrijfsauto (een Ford Taunus) maar nog geen rijbewijs. Dus dat vervoer van huis naar CS en tussen CS en Schiphol moest ik dan maar op eigen gelegenheid regelen. In de praktijk hield dat in; op de brommer! Mijn toenmalige chef keek niet zo nauw. Vooral in de winter geen pretje. En hoe ik die diertjes in hun smalle behuizing door de ook toen vaak schrale wind mee wist te nemen is achteraf gezien een veiligheidswonder. Was de missie dan gelukt reed ik op dat zelfde brommertje in de donkerte en koude weer terug naar huis en stapte volkomen verkleumd in bed bij mijn toen nog piepjonge echtgenote die me gelukkig vaak weer wist op te warmen tot meer normaal menselijk niveau. Mijn geklaag over deze wel erg geimproviseerde situatie deed chef Ruud besluiten om niet alleen mijn rijbewijs te laten verzorgen (in 9 lessen behaald via een collega die er als instructeur bij beunde) maar ook een nieuwe VW Bus aan te schaffen die ik daarna mee naar huis kreeg als er weer een dierenzending aan kwam. Het scheelde veel. Al bleef ik er wel op mopperen. Maar ik leerde er echt veel van. Problemen oplossen, hoe groot de uitdaging ook was. Lukte altijd. Nog profijt van. Alleen ga ik daarna niet meer met de Puch naar Schiphol. Toen dat VW Busje mijn vaste vervoer werd, ging die de deur uit. Daar heb ik lang spijt van gehad. Maar ach, je kunt niet alles bewaren. Ben al blij met de herinneringen…

Sneeuw

img_0640Valt het jullie ook op dat zodra er zicht is op een beetje afwijkend weer ergens een ‘weeralarm’ met kleuren wordt afgegeven? 2 cm sneeuw is goed voor  code geel, oranje of rood. Dreigend onweer of storm zorgen voor dito aanduidingen. Alsof we ineens zijn veranderd in watjes die niet meer weten hoe om te gaan met dat soort bijzonder weer. Nu was het deze eerste maand van het nieuwe jaar 2017  wel zo dat bijna 500 ongelukken en aanrijdingen plaatsvonden toen we voor het eerst in lange tijd weer eens een dagje sneeuw en ijzel in ons land meemaakten. Men gleed van de weg, schaarde, draaide om de as of schoot in een sloot. Vaak veroorzaakt door datgene wat ons Nederlanders veelal parten speelt; zelfoverschatting en gladde of verkeerde banden. Wij fietsen ook bij ijzel gewoon door. Niet verstandig.

img_0637Misschien is het wel zo dat die waarschuwingen zijn gericht aan hen die maling hebben aan elke vorm van voorzichtigheid. De Selfie in de sneeuw belangrijker dan opletten op de weg. Het kan allemaal. Maar ik heb zelf in mijn leven heel wat echt zwaar weer meegemaakt en reed ook altijd door. Zoals die keer in de jaren tachtig dat Nederland echt compleet vast liep en de files enorme vertragingen veroorzaakten. Ik werkte in die tijd in Amsterdam en zat qua verantwoordelijkheid op een dealerbedrijf voor mijn favoriete merk. We woonden in die periode in Almere en moesten die avond als altijd terug naar huis. De sneeuw lag echt heel dik op straat en er werd minder geveegd of gepekeld dan nu.

img_0638Mijn toenmalige bedrijfsvoertuig was een Skoda Rapid Coupe, een heel fijne wagen, motor achterin. Volgens de fabrikant (en mijn verkoophandleiding) een groot voordeel omdat de motor op de aangedreven wielen stond. Klopt zeker, want de sportief ogende Skoda ging als de brandweer dwars door al die sneeuw heen waar anderen met doorslaande wielen moeizaam vooruit glibberden. In de polder werd het een stuk lastiger. Daar was de berg sneeuw nauwelijks ingereden, de polder was toen nog niet zo in trek als nu het geval is. We waren laat en ik stuurde de intussen door een intense sneeuwval zelf ook wit geworden auto die daardoor langzaam aan een soort rijdende sneeuwpop was veranderd, richting ons huis.  Een straat voor de afslag naar onze buurt stond daar toen de enige postbus uit de omgeving en wij hadden een hele stapel enveloppen met inhoud bij ons die echt weg moest. Dus ik draaide gewoontegetrouw de straat in waar die bussen stonden en…..liep muurvast. Er lag iets van een meter sneeuw en de Skoda kon niet meer voor- of achteruit. We knokten ons door de portieren naar buiten. Deden eerst de post in de bus, die net nog maar net boven de opgewaaide sneeuw uitstak en begonnen met graven. Na een kwartiertje noeste arbeid was het gedaan en waren we weer vrij. Dat waren nog eens sneeuwbuien. Eenmaal thuis lag er een meter sneeuw tegen de garage- en huisdeur. Weer graven. Kortom….Code rood? Watjes…..! (Beelden: Internet)

Zeker weten?

213129 - Boeing B17G F-BEEA Rtm 0980 Scan10090Zeker weten is wel iets dat mijn manier van spreken of schrijven in zich heeft. Niet in de laatste plaats omdat ik er werk van maak om over bepaalde onderwerpen ‘mee te kunnen praten’ met specialisten. Maar ook omdat ik vaak vanuit herinnering of ervaring kan putten ten aanzien van bepaalde onderwerpen. Dat mijn mening ook wordt gevormd door een (voor)oordeel zal ik niet ontkennen. Niets menselijks is mij vreemd en in die zin weet ik zeker dat ik veel lijk op hen die mij altijd weer trachten te wijzen op mijn ongelijk. Toch is het met die herinneringen soms best wonderlijk gesteld. Zo wist ik onlangs zeker dat een bepaalde evenement in mijn persoonlijke geschiedenis zich ‘zus en zo’ had voorgedaan. Tot ik met mijn (oudere) broer sprak en me duidelijk werd dat het toch iets anders was gegaan. Dat was toch een kleine schok, want wat had ik mijzelf dan ingeprent al die jaren? Is dat overigens afwijkend gedraag? Nee hoor. Komt in de beste kringen voor, dus ook bij meninggevers zoals ik.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Belangrijke lieden…zeker weten! 

 

Persoonlijke observaties kunnen door de loop van de tijd verkleurd raken of gewijzigd door latere invloeden die zich mengen met zaken die uit andere bronnen stammen. Je hebt ook mensen die leiden aan een soort Baron von Munchhausen-complex. Die vertellen al zo lang verhalen dat het net is of die echt hebben plaatsgevonden. Niet echt liegen, maar eerder een fraaie vorm van fantaseren. Ook die kom je regelmatiger tegen dan je wellicht zou denken. Hoewel ik wel graag een verhaal wat in de randjes bijkleur, al was het maar om de leesbaarheid te vergroten, als het gaat om feiten doe ik dat zelden. Toch blijkt dat mensen die bijvoorbeeld een groot incident meemaken of slachtoffer zijn van misdadig gedrag van anderen, de feiten en omvang snel naar eigen inzicht bijstellen. De kleur kleding van daders of diens ogen, zijn taalgebruik, selectief ingekleurd. Dat is een probleem voor de opsporingsautoriteiten.  Zeker als meerdere getuigen verklaren wat of wie ze hebben gezien. Als daders een blauwe broek droegen zijn er altijd mensen die zich grijs, groen of zelfs zwart herinneren.

Cobb 3Feiten die zeker worden geweten, maar in de praktijk toch net iets anders waren of zijn. Wie denkt daar geen last van te hebben mist wat menselijke genen. Wij allemaal kleuren zaken mooier in dan ze waren. Zeker over het verleden. Soms vergeet men de negatieve kantjes van dat wonen met veel kinderen in een klein huis, armoede, een drinkende ouder of buren die het leven tot een hel maakten. We vinden de vroegere wereld mooier, veiliger, simpeler. Maar vergeten dat we toen heel anders naar diezelfde wereld (konden)kijken. Kortom, zeker weten is lang niet altijd gebaseerd op waarheidsgetrouwheid. Als we dat nu eens met zijn allen bedenken komen we een stuk verder. In vrijwel elke tak van sport. Ook in de politiek. Want wat daar allemaal zeker wordt geweten……..

1 jaar na Yde

WP_001113Op de 25e juni vorig jaar verruilde onze grote vriend Yde het tijdelijke voor het eeuwige. Zijn overlijden kwam als een grote schok. En anders dan je wel eens meer hebt bij dit soort gebeurtenissen, ebden de schokgolven niet zo maar weg. Nee, hij bleef intussen een jaar lang onderdeel van het dagelijkse leven. Gesprekken, anekdotes, data. Hij bleef in onze gedachten. Dat is toch wel typerend voor iemand met een grote wijsheid en interesse. Iemand die oprecht bezig kon zijn met de wereld om ons heen en daar een mening over vormde die weliswaar stellig, nooit in beton gegoten was. Het afscheid van Yde maakte ook duidelijk dat zelfs de grootste en stevigst gewortelde eik kan worden geveld door zoiets akeligs en afschuwelijks als de ziekte waaraan hij leed. Een strijd die door allerlei complicaties niet te winnen bleek. Afscheid nemen was niet echt mogelijk, hij vertrok zonder enig overleg. Niks voor hem. Altijd plande hij zijn reizen goed, dacht na, nam veel bagage mee, en liet weinig aan het toeval over. Zijn laatste reis was minder gepland en dat zorgde ook voor die beschadigingen bij allen die hem wat beter kenden, de familie uiteraard op de eerste plek. Onlangs was er een feestje in die familie. Goed georganiseerd, geweldige gastvrijheid, leuke sfeer. Maar wat misten we hem. Altijd goed voor een verhaal, voor een grap, voor een overweging over de ‘Fransen’ die de wereld al heel snel beter zouden kunnen maken ‘als…’. Zijn stoel staat  nog steeds in huis. Ik heb er sindsdien nooit meer in gezeten. Past niet bij het eerbetoon. Een jaar geleden alweer. En nog steeds doet het pijn. Is dan het bewijs niet echt geleverd dat de man behoorde tot de intieme vriendenkring waarvan een gemiddeld mens er vaak maar zo weinig heeft? We nemen een glaasje op zijn herinnering. En houden zijn herinnering in ere! Salut!

Bewijs geleverd……

Ma in Studebaker Mail0009Tijdens mijn voorbereidingen op het nog uit te brengen boek over mijn leven met en voor het automerk met ‘de Vliegende pijl’ in het logo zocht ik heel wat oude albums af naar plaatjes die mijn jeugdjaren en de stempels die deze zetten op mijn latere keuzes voor dat merk met die pijl konden onderbouwen. Zo was er ooit lang geleden een Studebaker in gebruik bij mijn leasepa. Een witte met rode bekleding, die ik me nog goed kon herinneren. Maar in de foto-albums die in de familie bestaan was het bewijs voor dat Amerkaanse rijgenot niet terug te vinden. En het was toch echt geen fantasie, maar werkelijkheid. Die kwam deels doordat broerlief en ik vaak anekdotes ophaalden uit de tijd dat onze moeder met bontjas en mooiste jurk aan op vrijdagavond in de (voor zijn tijd) enorme slee stapte om zich in stijl te laten vervoeren naar het hier toen nog bekende etablissement Slotania in het Amsterdamse Slotermeer. Daar wil je nu niet meer gezien worden, gevaarlijke hoek van de stad, maar toen echt creme-de-la-creme voor een hapje en drankje. Mijn ondernemende oom Frits woonde daar om de hoek in een chique flat en die schoof dan met zijn gezin aan om de week uit te luiden en een vorkje bij te steken.

2228592991_c1f97f4206_mDe Studebaker was een best grote auto naast de toch ook best imposante Opel Kapitan van Oom Frits. Maar waarom werd die Studebaker indertijd niet op de gevoelige plaat gezet? Ik bleef zitten met raadsels. Wel plaatjes van vele Skoda’s, IFA, Hansa, DKW etc., maar geen Studebaker. Was het wellicht omdat mijn moeder liever een Pontiac had gehad voor de deur? Of omdat de vette Yank er na enige tijd motorisch de brui aan gaf en aan een stevige motorrevisie moest. Feit is dat ik me die ritjes met dit luxe auto zelf ook nog goed kon herinneren. Al was het maar omdat mijn straatvrienden met bewondering keken naar die wekelijkse uitjes waarbij ik in mijn beste kleding mee mocht op de achterbank. Geen groter genoegen dan vol gas de straat uitrijden.

Studebaker Starliner wit 279548713_a7457fd55b_mWellicht was dat later de reden voor die motorschade? Onlangs zat ik op visite bij broerlief en we scharrelden door een blikken trommel vol oude plaatjes die nog kwamen uit de nalatenschap van ons beider moeder. Die is al een tijdje geleden gaan hemelen, maar die foto’s waren nooit echt boven water gekomen. Nu dus wel, en tussen alle bekende en onbekende mensen zagen we ineens dat ene bewijs voor het bestaan van die Studebaker uit onze jeugd. Ons moeder centraal in beeld. Met een guitige blik, achter het stuur van de enorme auto, terwijl ze zelf helemaal niet kon rijden. Maar wel ook in een bosomgeving, ergens in Nederland. Favoriet uitje van mijn moeder die gek was op de natuur. En zo werd een oude herinnering bevestigd en kwam een stukje historie terug uit een periode waar we als ‘kinderen’ best met een dubbel gevoel aan terugdenken. Maar dat is niet de schuld van die schitterende Studebaker. Meer van de toenmalige inzittenden…

Het einde van het rekbare leven…

Famous legendsEen van de dingen waar wij mensen maar niet goed mee om weten te gaan is de dood. Nu is de ellende ook dat van alle mensen die ons voor gingen over de drempel van het tijdelijke naar het eeuwige, niemand is terug gekomen om even uit te leggen wat die dood nu precies voor ons allen in petto heeft. En dus gissen we er op los, koesteren ons in een of ander geloof dat het na de fysieke dood nog een tijdje door zal gaan ten bate van onze ziel of vrezen we dat einde omdat we dan niet meer onder dierbaren kunnen verkeren. Feit is dat heel veel mensen bezig zijn om die dood ver van ons te houden. We willen weliswaar allemaal oud worden, liefst in goede conditie en hopen dan op het 100-jarigenschap of nog wat verder, maar het moet wel leuk blijven. Mensen rekken lijf en geest zo ver mogelijk op en door de moderne wetenschap zijn we ook in staat om wat vroeger leidde tot het einde, nu via allerlei kunstgrepen uit te stellen. We bestrijden kwalen, geven onze genen wat extra kunstmest en andere stimulansen mee om langer door te gaan en weten nu al dat de volgende generaties moeiteloos naar de 100 jaar zullen gaan, mogelijk zelfs 120 jaar verder kunnen.

mulisch-portretBedenk daarbij maar eens dat aan het begin van de 20e eeuw die gemiddelde leeftijd eerder bij 60-65 lag dan bij de huidige 78/80. Kortom, het leven is rekbaar, de dood komt uiteindelijk zelfs voor de oudste bewoners van deze aardkloot als een onafwendbare beslissing op ons af. Dan doen we ons best om dat voor hen die het treft zo goed en rustig mogelijk te laten verlopen en herdenken daarna  hen die ons ontvallen. We trachten herinneringen vast te houden en ook via tastbare zaken te zorgen dat de overledenen recht wordt gedaan. Over tien jaar is die herinnering al aardig vervaagd vrees ik. Meestal gaat dit zo en na een paar decennia ben je als mens ook op dat punt verdwenen. Opgegaan in het stof van de vele miljarden mensen die ons voor gingen in die weg naar het einde.

paul_henry_spaakSchilders, schrijvers en componisten maken nog wel eens kans herinnerd te worden, mits talentvol, en een enkele dictator ook nog wel. Maar de gemiddelde mens? Vrees van niet, ook al doen sommige nabestaanden van min of meer bekende mensen nog zo hun best om die nagedachtenis in leven te houden.  Onlangs zag ik een programma over oude toneelspelers. Grote namen uit het verleden bleken bij hen nog te leven, maar bij een jonger publiek, de huidige 30-40-jarige waren die namen compleet onbekend. Opgegaan in het verleden, verdwenen in het grote niets. Net als geldt voor normale mensen. Wellicht dat er over 100 jaar weer eens over wordt nagedacht. Maar de kans daarop is klein. Je moet dus bij leven aan je eigen imago werken en dan genieten van alle loftuitingen die je passen. Want eenmaal over en uit is men je zo vergeten….