De IJ van IJzersterk…

Hoezeer wij denken dat we als mens in staat zijn zaken ijzersterk te maken en voor de eeuwigheid te bewaren, in de praktijk blijkt alles relatief. Zeker ijzer is niet zo sterk als we denken dat het is. Ingebakken problemen zijn roest en vermoeidheid van het materiaal met soms breuk tot gevolg. Dus in die zin is dat materiaal niet zo sterk als wij graag willen geloven. Zelfs onze auto’s gaan gemiddeld een jaar of tien, twaalf mee. In uitzonderlijke gevallen langer. Maar dan heb je wel een bijzonder exemplaar nodig dat zelden aan de elementen wordt blootgesteld en na gebruik opgeborgen in een ruimte waar de omstandigheden optimaal zijn. Veel musea bieden die omstandigheden, maar de gemiddelde gebruiker heeft daar geen ruimte of geld voor. IJzersterk is dus relatief als begrip. En in mijn vroegere vakgebieden was het vaak even relatief simpel om dat te ervaren.

Zeker in de periode tussen 1950-2000 waren bijvoorbeeld auto’s bepaald niet zo sterk als hun imago het deed voor komen. Laten we wel zijn, er zijn of waren merken met een ‘ijzersterk’ imago maar roesten deden ook die als de beste. En soms had je een exemplaar in handen dat een slechte naam had op dit gebied maar in de praktijk buitengewoon sterk bleek en taai genoeg om het langer vol te houden dan het vooraf bepaalde gemiddelde. Wel kon je zien dat bijvoorbeeld de anti-roestvoorzieningen van Britse, Franse en Italiaanse auto’s minder was dan het gemiddelde, bij de Duitsers was het juist weer een stuk beter geregeld. En toen Audi ging werken met aluminium en ‘vol verzinkt’ materiaal bleken die wagens nog eens een hele slag sterker en langer mee te kunnen. Voor veel Aziaten was dit een enorme leerschool. De eerste Japanse auto’s op de markt, (denk aan merken als Hino, Isuzu, Honda of Datsun) roestten bovengemiddeld snel weg, dat overkwam ook de eerste Koreaanse auto’s van het merk Hyundai.

Ongetectyleerd op schepen vervoeren maakte deze vaak flinterdun gebouwde auto’s extra kwetsbaar. Maar die lui leerden snel bij. Ook bij die merken of hun opvolgers die nog wel bestaan, zien we roestpreventie een grote vlucht nemen. Maar ook in andere takken van dienst kom je een inbreuk op het begrip ijzersterk tegen. Treinen, trams, schepen, vliegtuigen, alles lijdt onder vormen van roest of slijtage en het is maar net hoe degelijk men die aparaten in elkaar stak of ze ook langer meegaan dan vooraf bedacht. Maar met mijn ervaringen uit de autobranche heb ik zo mijn voor- en afkeuren. Overigens is ook beton bepaald niet zo sterk als het vaak lijkt. Denk maar eens aan het schandaal dat nu is ontstaan na het instorten van een parkeerdek in Eindhoven en wat men daarna ontdekte aan constructiefouten bij gebouwen die op dezelfde leest geschoeid waren.

Ook betonrot is een bekend genomeen, bij wat oudere gebouwen breken soms hele balcons af doordat het metaal van de bewapening roest en het beton in feite verkrummelt. Dat zelfde fenomeen zie je ook bij veel oude bunkers of forten. Na een paar decennia zijn ze best toe aan renovatie. Vocht en zuurstof maken korte metten met onze metafoor rond ‘ijzersterk’. Gelukkig zijn er tegenwoordig alternatieven. Kunststoffen, keihard, of harsen die nooit zullen roesten, en ook nog in 3D te printen. Zodat we binnenkort de eerste huizen krijgen die uit een enorme printer zijn ontstaan. Gemaakt voor de eeuwigheid. Tot we weer ontdekken dat ook dat weer bepaalde nadelen of zwakten kent. Alles is relatief….oude zegswijze, maar in feite is dat wel zo. Of ken jij, lieve of gewaardeerde lezer(es) voorbeelden van zaken die echt alle tijden kunnen doorstaan?? Wel door de mens gemaakt uiteraard, anders is het niet eerlijk….

Groene dromen en nachtmerries…

Met name linkse en groene fracties in onze samenleving laten niet af om alles wat modern is en neigt naar wat zij zien als uitstoot te veroordelen en het liefst in de ban te doen. Denk maar eens aan de auto, het vliegtuig, schepen, onze Cv-ketels, open haarden, scooters, vrachtwagens etc. Men denkt in die kringen vaak in termen als windmolens, duurzaamheid, milieu, belasting etc. Zonder daarbij enig inzicht te hebben in feiten en cijfers. Nou ja, men produceert vaak eigen cijfers. Men luistert naar de mening van mensen die menen dat ze ergens last van hebben, men zoekt trouble-spots op en gaat er dan vanuit dat dit voor de hele wereld zo geldt. Ik heb er al vaker op gewezen, met belastingmaatregelen verduurzaam je onze samenleving niet. Je kunt wel denken dat elektrische auto’s de oplossing zijn van het uitstootprobleem, maar dan moet je ook zorgen dat straks 8 miljoen van die dingen zonder dat ze aan het stroomnet hangen als nu bestaat, het milieu niet vervuilen. Wat ze natuurlijk wel doen.

Windmolens (het land staat er intussen vol mee) doen maar voor net 10% mee aan de opwekking van groene stroom. Leuk bedacht, maar in de praktijk een onhaalbare situatie. Daarbij die dingen rijden op accu’s waarvan de grondstofproductie op zijn minst van twijfelachtig allooi is. Om het over de verwerking van afgedankte exemplaren maar niet te hebben. En dan benoem ik nog niet eens de praktische invulling van de dagelijkse ritten. Want veel verder dan 250km kom je niet op een acculading, hoe enthousiast sommige gebruikers en verkopers ook zijn. Elektrische auto’s zijn nog geen oplossing van de problemen. Voor zover die al bestaan. In de realiteit van alle dag blijkt dat de uitstoot van CO2 en NOX jaar na jaar sterk is afgenomen. De grootste vervuilers zijn niet te vinden in het vervoer, maar bij de agrarische sector, de industrie en onze huishoudens. Open haarden zijn idd een bron van vervuiling, hoe gezellig ook. Net als de BBQ in de zomer.

Maar dat willen ‘we’ liever niet zien kennelijk. We wijzen naar sectoren waar we van denken dat ze enorm vervuilen. Zoals de luchtvaart. Want die grote toestellen, dat moet wel enorm veel uitstoten. Dat klopt als je er bij de start recht achter staat uiteraard. Maar in de totale uitstoot voor ons land gaat het om peanuts. Een vliegtuig vliegt namelijk, en dus is dat spul wat ze uitstoten ook snel op andere hoogten verwaaid of het land uit. En dat grensoverschrijdende geldt ook voor veel van die andere meetwaarden. Het waait ons land gewoon binnen. Of we dat nu leuk vinden of niet. Zelfs als we 100% op schone energie zouden kunnen omschakelen hier, de landbouw beteugelen, de industrie uitbannen, vliegtuigen vervangen door zeilschepen en de trekschuit het werk van de autobussen weer laten doen, komt er nog steeds uitstoot voor. Het groene ideaal is in de praktijk dus volkomen onbereikbaar. Echt, dat komt nooit meer goed. Ook niet via milieubelastingen. Die trouwens in de praktijk zelden worden gebruikt voor verbetering van dat milieu. Net zoals de autobelastingen niet worden gebruikt voor verbetering van het wegennet. Nee, die gelden gaan naar het openbaar vervoer, de trein, windmolens etc. Symboolpolitiek dus. Laten we vooral verduurzamen waar het nodig of handig is. Maar stop nu eens met die flauwekul en bezorg ons Nederlanders niet constant een schuldgevoel. Dat is onterecht en volstrekt onnodig. Of geef het goede voorbeeld. Kom te paard naar je werk, gekleed in linnen of berenvel, zonder make-up, en ga wonen in een hutje op de heide. Zonder verwarming uiteraard. Pas dan ben je oprecht en eerlijk. Nu niet!

 

De V van Verzamelen (reprise)

Oh wat heb ik warme herinneringen aan tv-programma’s als ‘Showroom’, ‘Het Pakhuis’ of soortgelijke. Het waarom ligt hem in het feit dat ik als verzamelaar en liefhebber van wat ik steeds weer zie als leuk en (be)waardevol daarbij bevestiging vond van mijn gelijk. Het is leuk om er een serieuze hobby op na te houden en ‘later’ zou ik wel zien wat er dan met al dat spul zou gebeuren. De uitstalling van al dat verzamelde spul nam al snel een paar kamers in beslag en daar gingen we altijd vrij slim mee om. Later werd het vooral een kwestie van stapelen en was tussen de diverse kasten en vitrines doorlopen een tamelijk hachelijke onderneming. Maar ook huiskatten zijn een redelijk slechte toevoeging aan in kasten opgestelde modellen. En het begon ooit zo simpel. Een plank boven mijn (opklap)bed in het ouderlijk huis herbergde de eerste zelf gebouwde vliegtuigmodellen. In een aantal kastjes lagen mijn luchtvaartbladen en boeken.

Toen ik ging trouwen en verhuisde naar ons eigen piepkleine woninkje werd er voor de hobbyspullen ook een ruimte gebouwd, in een gangkast bovenaan de toen vrij steile  trap. Maar al snel woonden we ruimer en kregen de liefhebberijen meer ruimte. En begon de grote expansie. Een jaar of tien geleden, voorafgaand aan de verbouwingen in en aan ons huis die extra ruimte moest bieden, had ik de meeste zaken weer eens in de handen. Het was onvoorstelbaar veel. Alleen al het parkeren en opslaan van al die dozen vol mooie zaken bracht een hele logistieke operatie met zich mee. Toen de boel klaar was en de herinrichting begon van vooralsnog alleen mijn hobbymuseum bleek al snel dat het heel lastig zou zijn om alles weer terug te plaatsen. Het paste niet meer zo goed. Een jaar lang heb ik staan passen en meten. Velen om mij heen zuchtten dat het wellicht handiger was om wat zaken te verkopen, dingen weg te doen of me zelfs te specialiseren.

Klinkt leuk, maar wie eenmaal besmet is met een verzamelaarvirus kan dit dus niet. Als ik al zwakten heb zitten in mijn karakter, dan deze wel. We zijn nu een aantal jaren verder, en warempel, het past nog steeds. Veel van de uitgestalde waren zijn goed te bekijken. Het papieren archief heeft een plekje gekregen en zaken die ik niet kwijt kan keurig netjes opgeslagen. Vol is vol, dat is zeker, en ik heb al eens verhaald dat het hier voor enkele bezoekers claustrofobisch aandoet. Maar de ware liefhebber vindt het hier schitterend. En daar gaat het me om. Liever een huis vol hobbyspullen waaraan wij (vrouwlief heeft zo haar eigen verzamelingen) plezier beleven dan een vol geraniums waarachter we ons zouden moeten vervelen. Hoe kom ik nu (weer) op dit onderwerp?

Wel in Oost-Nederland is ooit door een Provinciaal bestuur ruim een miljoen Euro betaald om een collectie van een ‘alles-verzamelaar’ op leeftijd over te nemen die anders dreigde uit elkaar te vallen. De collectie is zo groot dat de man nauwelijks meer kon leven in zijn woonhuis en schuur. Er is dus nog hoop, ik kan gewoon doorgaan met verzamelen, de Provincie of de Gemeente ziet het wellicht straks allemaal als echt museaal en van lokaal of regionaal belang en is er toch nog hoop voor zoonlief. Die dreigde al dat na mijn onverhoopte verscheiden de hele boel in de ‘container’ zou worden gesmeten. Zou wel zonde zijn van al die potentiele waarde natuurlijk. Hoewel de jongere generatie gemakkelijker met geld smijt dan de oudere….Maar een miljoen Euro? Gelukkig is alles hier wel gecatalogiseerd. Dat had die man in het oosten des lands niet gedaan. Ik maak het mijn opvolger(s) ook veel te gemakkelijk en voor de goede orde, het is lang niet zoveel waard!

Zomerse spottersgeneugten…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onlangs trakteerde ik mijzelf weer eens op een paar dagjes met genoegens die van doen hebben met de vliegende vrienden die de verschillende Nederlandse vliegvelden frequenteren. Ik was weer even hobbyist, in het jargon, spotter! En dat beviel goed mensen! Bij mooi weer en druk verkeer is het voor mij een soort genot om me in die sferen te bewegen. Veel te lang niet gedaan. ‘Moeten we meer doen’ het voornemen. Al laat de soms drukke agenda dat toch minder toe dan ik wel eens zou willen. Daarbij zijn de plekken waar je nog echt lekker kunt spotten beperkt geworden. De veiligheid en het terrorisme maken dat luchthavens hun gebieden afschermen voor al te opdringerige lieden met camera’s en notitieboekjes. Je moet van goeden huize komen om dwars door parkeerverboden en andere beperkingen heen te dringen om zo je hobby te kunnen beoefenen.

Leo Foto (3)En dat maakt mijn plezier in de achterliggende jaren toch een stuk minder groot. Ooit, in een grijs en ver weg gelegen verleden, begon ik met deze liefhebberij door op de fiets vanuit mijn woonhuis of school naar het toenmalige Schiphol te fietsen en daar dan over de heg te kijken naar die startende en landende vliegtuigen. Dat werd later weer wat anders. Zomer en winter, warm of koud, altijd een paar uurtjes per week zitten op een van de toenmalige terrassen met een bakkie warme chocolademelk en dan maar kijken naar al die vertrekkende en aankomende vliegtuigen. De meeste daarvan nog voorzien van zuigermotoren en propellers. De eerste jets maakten het de oren in die tijd best wel eens lastig. Want die kisten van toen waren nog niet van de milieuvriendelijke soort. Met de brommer later ook wel eens naar de andere vliegvelden die vanuit Amsterdam binnen redelijke tijd bereikbaar waren. Hilversum, Soesterberg, Rotterdam-Zestienhoven. Zag je weer eens iets anders dan het standaardwerk. Wist ik veel in die tijd.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Later voegde ik heel wat trips naar het buitenland toe aan mijn zoekprogramma. Begon te fotograferen, later dia’s te maken, zelfs te filmen. Het is materiaal waar men later wellicht nog eens met belangstelling naar zal willen kijken. Sinds begin deze eeuw werd het minder allemaal. Te druk, te weinig zin, te veel beperkingen. Hooguit twee, drie keer in het jaar nog maar. Met de auto. De nodige catering aan boord, mijn apparatuur, de luchtvaartradio aan, en dan maar genieten. Maar in de zomer toch wat meer dan in de wintertijd. De ontberingen zijn me vreemd geworden. Watjesgedrag…. Als ik terug reken beoefen ik deze hobby nu iets van een 54-55 jaar. Best lang eigenlijk. En na de recente plezierige ervaringen wil ik er nog niet aan  om er mee te stoppen. Het intrigeert me nog steeds, het interesseert me ook, motiveert me, en ik haal er inspiratie uit. Kortom het is net zoals anderen zullen voelen bij bezoeken aan voetbalwedstrijden of musea. Die laatste categorie doe ik er uiteraard ook even bij. En als er dan een uitspringt die ook aandacht heeft voor de luchtvaart kan mijn dag niet meer stuk. Binnenkort weer naar het Amsterdam-Museum, i.v.m. expositie ‘100 jaar Schiphol’. Waarvan ik qua geschiedenis meer dan de helft zelf heb meegemaakt. Een echte oude kn..uh spotter…..

 

 

Inconsequent geklaag

Schiphol - oud beeld..Scan10213Terwijl ook ik aandacht gaf aan het eeuwfeest voor onze nationale luchthaven wil ik een aspect van een luchthaven als deze van enorme omvang toch niet onvermeld laten; geluid en de eventuele overlast die deze bezorgt aan hen die er niet ver vandaan wonen. Daarbij is het van groot belang te bedenken wat lawaai eigenlijk is en waarom sommigen mensen er wel en anderen geen last van hebben. Kijk, ik zelf vind het geluid van vliegtuigen geen enkel probleem. Logisch, ik koos immers zelf voor een woonomgeving die niet zo gek ver van die luchthaven af ligt. Altijd al in stedelijk gebied gewoond, en dat was dus nooit echt stil. In mijn buurt worden veel huizen verkocht aan nieuwe bewoners. De oudere trekken weg, gaan in appartementen wonen elders in de stad of wellicht daarbuiten. De nieuwe bewoners doen er alles aan om hun net verworven onderkomens te voorzien van voldoende isolatie.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En wie dat niet doet kijkt weleens boos naar boven. Als er weer een vliegtuig of politie-heli voorbijkomt. ‘Al dat lawaai…’. Dat is opmerkelijk want wie in deze omgeving verkiest te wonen heeft altijd wel lawaai om zich heen. En moet dan niet gaan klagen. Je ziet hetzelfde bij mensen die ervoor kozen vlakbij de uitvalswegen van een stad te gaan wonen of niet te ver af van doorgaande snelwegen. Die klagen als ze thuis zitten over dat verkeerslawaai, maar maken wel gebruik van diezelfde wegen om er hun zakelijke of sociale leven mee op gang te houden. Geldt ook voor spoorwegen, of zelfs voor het wonen aan een kanaal of rivier waar schepen voorbijkomen. Wel eens langs gezeten? Als het een beetje druk is hoor je heel wat gestamp van motoren of geklots van de (boeg)golven. Klagen zit veel mensen in het bloed en Nederlanders klagen al over het weer dat het een lieve lust is.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daarbij snap ik niet dat overheden en ontwikkelaars in het verleden wel in staat zijn gesteld om bebouwing toe te staan in de omgeving van lawaai of andere overlast producerende bedrijven of infrastructuur om daarna via allerlei procedures weer bezig te gaan om die overlast te beteugelen. Bouw er dan niet zou ik denken. Overigens zijn er natuurlijk ook woonbuurten waar diezelfde overheid snelwegen, treinenbanen of wat ook vlakbij aanlegde waardoor een voorheen stille buurt ineens barst van het lawaai of de stank. Dat je dan protesteert snap ik eerder dan in die eerdergenoemde situatie. Dat er dan ook nog wat vage en soms leugenachtige actiegroepen of zelfs politieke partijen streven naar een wereld zonder lawaai, het liefst een zonder tastbare economie, maakt het probleem niet kleiner. Ooit hadden wij hier buren die stemden op GroenLinks. Opvallend waren de posters bij hen aan de ramen, tegen Schiphol en de lawaaiproductie, maar beiden maakten zowel zakelijk als privé wereldreizen naar mooie oorden of plekken waar arbeid weinig hoefde te kosten. En dat meerdere malen per jaar. Kijk, tegen zoveel inconsequentie kon zelfs ik niet op. Maar vrienden werden we nooit. Al was het maar omdat ze er ook nog twee auto’s op nahielden van de aardig vervuilende soort. Kortom, van die steen en vrij zijn van zonden speelt dan ook een rol. Zelf wel last van overlast? Zin om daar iets over te schrijven in dit verband? Kom maar op!

De angst regeert of wat je zoal negeert…

V-Plan trein NSDe dreiging die uitgaat van aanslagen zoals uitgevoerd door krankzinnige geesteszieken met een geloofsfanatisme  beginnen hun effecten te krijgen op de gevoelens onder hen die meer dan een keertje reizen. Uit een recent onderzoek onder zakenreizigers bleek dat veel mensen die internationaal voor werk of anderszins onderweg zijn, zich niet echt senang voelen als ze gebruik moeten maken van de trein of het vliegtuig. Immers, ondanks alle veiligheidsmaatregelen blijken er toch mazen in het net te zitten, of zoeken die mafkezen die hun statement willen maken andere wegen om zoveel mogelijk slachtoffers te kunnen maken. De onschuld is intussen wel verloren, wij zijn ook in Nederland wel iets gewend intussen. Al was het maar omdat veel van de lieden die wellicht later aan de slag gaan als jihadist of zoiets doms, vooraf een carrière doorliepen als crimineel. En in die laatste wereld kijkt men ook niet op een kogel meer of minder wanneer iemand die vertegenwoordigers uit de stromingen die zich daartoe geroepen voelen, een daad stelde die niet welgevallig (b)lijkt.

Engel des wrakesKortom, elke week moord en doodslag en dat begint zich te wreken. Mensen kijken om zich heen als ze ergens gaan zitten op een terras, ze zijn zich bewust dat een alleenstaande tas weleens meer kan bevatten dan een laptop of luiers. In de metro onderzoeken we de medepassagiers en als die te veel zit(ten) te vogelen met hun smartphone of rugzak krijgen we toch zweterige oksels. Voor regelmatige reizigers die zaken moeten doen in het buitenland is het helemaal lastig als je niet precies weet wat er zich in de wereld afspeelt en of de plek waar jij toevallig bent niet ook nog eens in de vuurlinie komt te liggen. Voor terroristen of anarchisten is een vreedzame samenleving een gruwel en ‘onschuldigen’ zijn niet per definitie vrij van de kans op een aanslag. Immers, zolang wij hen op de tenen staan, bepaalde normen en waarden willen opleggen of zelfs maar de zweem van democratie willen uitventen is er reden genoeg om ‘terug te slaan’. Naïviteit onder ons burgers is niet verstandig, maar ik denk dat we nu ook niet meteen in paniek moeten raken.

Twittercbdec2fDat is namelijk precies wat die lui willen. Onze samenleving ontwrichten en als dit dan gelukt is, bieden zij graag hun alternatief. En dat is tien keer erger dan wat wij hier nu al meemaken volgens sommigen. Wetteloosheid, dictatuur, indoctrinatie, het is allemaal een angstdroom in vergelijking met onze democratische leefvorm. Omdat in die democratie andersdenkenden nog steeds hun verhaal kunnen vertellen, al moeten ze soms rekenen op veel kritiek. Maar opgesloten wordt je niet, zelfs niet als je haat predikt onder het mom van een of andere religie. Dat is het grote goed van de democratie zoals we die kennen. En dat moeten we koesteren. Net zoals het plezier van het reizen. Want wie echt helemaal geen risico’s wil doet er goed aan de voordeur te barricaderen en op de bank te blijven zitten. Maar of dat nu zo’n fijn alternatief is??

Hobbyist

Aankopen Bocholt 131107Wie geen enkele hobby heeft of interesse in zaken om zich heen kan zich meestal nauwelijks of niets voorstellen bij malloten zoals ik die in vrijwel alles geïnteresseerd zijn en overal en nergens speuren naar aanvullende onderdelen of leesvoer voor de diverse collecties. Tuurlijk, het ware handiger geweest als ik me had gespecialiseerd, maar dat heb ik niet gedaan dus dan loopt het optisch wel eens wat uit de hand. Wat is dat toch met die verzamelaars. Als ik er een spreek met een soortgelijke passie is vaak een van de eerste opmerkingen dat hij/zij zo graag een eigen museum zou willen aanleggen voor de collecties van puntenslijpers tot motorjachten. Nu is een museum iets meer dan het neerzetten van wat spullen. Je moet ook uitleg geven over wat er staat, de achtergronden kennen van al die producten en af en toe wisselingen doorvoeren in de uitgestalde zaken. Ik dacht altijd dat ik een relatief grote verzamelaar was tot ik een paar jaar terug nog maar op tv een onderwerp zag over mensen die de inhoud van gelukseieren van Ferrero verzamelden. Meer dan 12.000 items in huis uitgestald. Die reizen heel Europa door om een bepaalde serie figuurtjes bijeen te krijgen en zijn zielsgelukkig als ze weer een boodschappenkar vol met trays van die eieren hebben gescoord.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Die ‘vindopwinding’ herken ik wel. Kortdurend maar altijd weer opnieuw aanwezig. Je loopt ergens en ontdekt een bepaald model, een boek of een foto en die ‘moet’ dan mee. Het overkomt mij bijna wekelijks. En ik kan mij van veel van die aanwinsten nog goed herinneren in welke situatie ik me bevond toen ik die zaken tegenkwam. Zoals die keer in 1992 dat ik in Tsjechië in een klein stadje een wat smoezelige rommelwinkel binnenstapte waar ze tot mijn verbazing een hele verzameling fraaie blikken voertuigen verkochten. Van een stoomwals tot een serie Tatra trucks. Het kostte een luttel bedrag  en ik kocht er een hele stapel van. Het bleek een gouden greep want de kwaliteit was prachtig en het spul is nu ook in Tsjechië zeer gevraagd en duur geworden. Indertijd wilde niemand het hebben, nou ja die toerist met een verzameltik….

Het is pas echt leuk als het model een vraagstelling opwerpt. Bijvoorbeeld wie was de fabrikant van het origineel? Of wie produceerde het bewuste model? Bij een aantal modellen vind ik relatief eenvoudig het antwoord uit mijn behoorlijk goed gevulde kasten met gerelateerde boeken, een andere keer via het Internet. Maar er blijven altijd vragen open. Zo heb ik nooit iets zinnigs kunnen vinden over een auto die mij meteen vanaf het moment dat ik het model aanschafte voor zoonlief in diens kinderjaren.

HPIM1506_editedHet gaat om een duidelijke sportwagen van het fraaie merk Osi, aangeduid als Bisiluro uit 1974. De schaal is 1:43, de modelfabrikant Polistil en de vormgeving futuristisch, zelfs nu nog. De auto zou volgens het model zeer geprononceerde dubbele rompen hebben gehad met een centraal geplaatst inzittendendeel. Het model voelt zeer zwaar en degelijk aan en werd na een speelperiode een aantal jaren na de aanschaf in mijn collectie opgenomen. Sindsdien doe ik speurwerk. Niet elke dag, maar toch. Het laat me niet los. Het automerk Osi heb ik kunnen vinden, meer een ontwerpbedrijf dan een serieuze autofabrikant, maar die Bisiluro? Niks van kunnen vinden. Intrigerend! En dan is er het kiepautootje van Meiler, de brandweerauto van Solido (bleek uiteindelijk een Spaanse Simcatruck), en de vliegende auto van Corgi Toys (komt uit een James Bond serie). Allemaal aanwinsten met een verhaal. En dan ben ik nog niet eens bezig over mijn luchtvaartcollectie. Kortom, elke dag is een nieuwe voor deze verzamelaar, het intrigeert, het zorgt voor veel plezier en afleiding en ik ben nog niet toe aan het afstoten van al die zaken. Wel aan het afstoffen, want na een half jaar in de nieuwe kasten en vitrines ligt er toch al weer een behoorlijk laag grijs over sommige deelcollecties…..dat is dan wel weer een nadeel!(2008/1/05)

En jij, medelog(st)ger, ook een passie? Of heb je er helemaal niks mee…….Laat me eens weten als je wilt. IK ben er oprecht benieuwd naar……    

Rapportcijfers

Berlijn 1989Zakenreizigers zijn veelal efficiënte lieden. Die gaan niet op reis omdat het zo leuk is, maar omdat ze bepaalde doelstellingen moeten behalen voor het bedrijf of de organisatie waar ze actief zijn. Ik maakte in mijn vroegere carrière veel van die trips en ik weet nog hoe moe ik soms was van al dat gevlieg en heen en weer rijden naar de plekken waar die meetings werden gehouden die van belang waren voor het voortbestaan van de bedrijven waar ik voor werkte. Reizen is vermoeiend, verblijven in hotels niet altijd een even groot genoegen. Daarbij trekt het onderhandelen over bepaalde zaken veel energie uit je lijf. Zeker als dat moet in een voor jou vreemde taal en als de tegenpartij taai blijkt. Toch heb ik nog heel wat goede herinneringen aan een aantal van die trips hoor. Je zag ook veel onderweg en leerde het nodige over andere culturen. Daarbij werd eten en drinken in die landen weliswaar verstrekt maar best niet altijd geapprecieerd. Onze smaak is anders dan die in andere delen van de wereld. Hoe dan ook, zakenreizigers zijn doelgericht. Kijken anders naar een reis dan de gemiddelde toerist.

Londen vanaf de Tower Bridge 100888 AMT24 Scan10268Hoe vroeger je ergens aankomt hoe langer de dag duurt. Dagrandverbindingen dus van belang. Dat geldt voor de luchtvaartmaatschappijen die je benut als de spoorbedrijven die je vervoeren naar plekken die met de auto niet te handig zijn vanwege lastig parkeren etc. Uit onderzoek komt nu naar voren hoe die reizigers tegen bepaalde aspecten aankijken van hun beroepsmatige trips. Daaruit blijkt dat driekwart van alle zakenreizigers tevreden is over de behaalde doelen bij hun reizen en tochten. Kijk, dat maakt vrolijk. De Nederlandse handelsgeest is voor de moderne managers en andere onderhandelaars nog steeds belangrijk. Men vond tijdens die trips ook de hotels naar tevredenheid. De moderne hotels zijn dan ook in veel landen van een behoorlijk niveau. Met wat geluk uitgerust met gratis wifi(bijna 80% van de zakenreizigers wil dit aantreffen in een hotel) etc. zodat je alles wat je moet vastleggen ook kunt doorseinen naar de thuisbasis.

prag18Het rapportcijfer wordt al snel een stuk lager als het over de vervoersvormen gaat. Reizen per vliegtuig komt er nog net met een cijfer 6,1 vanaf. De enorme lange incheck, massaliteit op sommige luchthavens en gebrekkige informatie rond vertrek- en aankomst spelen een rol. Taxi’s zijn een bron van ergernis. Internationaal krijgen taxi’s een rapportcijfer 5,4.. Dat is best laag en geeft voor die branche te denken. Maar ook het vervoer per spoor is geen grote bron voor tevredenheid. Ook niet meer dan 5,4 als rapportcijfer. De reiziger voelt zich niet thuis in rommelige treinen die vertraagd opereren vanaf constant verbouwde stations. Dat de beveiligers op luchthavens het er met 5.0 wel heel slecht vanaf brengen heeft veel te maken met de onpersoonlijke botte wijze van optreden van deze leiden. Of zouden die zakenmensen, gewend aan efficiency deze lieden meer zien als ‘sta-in’-de-wegs’ tijdens hun tocht richting bestemming? Ik kan me daar alles bij voorstellen. Maar men mag zich toch wel eens beter trachten in te stellen op wie nu eigenlijk klant is en wie het salaris van al die medewerkers eigenlijk betaalt. Want daar lijkt het bij veel branches toch wel aan te mankeren. Met uitzondering van die hoteliers dus. Die snappen het meestal wel. Want cijfers liegen niet. (Bron: Zakenreis 476)

 

Het genot van echte boeken

WP_20150626_002Al eerder hield ik een vurig pleidooi voor het lezen van boeken. Gewone boeken, gemaakt van papier, voorzien van een kaft en niet afhankelijk van een al dan niet werkende batterij of wifiverbinding. Ik ben er mee opgegroeid. Wat ik ook ten nadele van opvoeding of opleiding kan aanvoeren, het lezen van boeken werd me in beide situaties gepropageerd en ik heb er heel wat plezierige momenten aan mogen en kunnen ontlenen. Dat de wereld is veranderd geloof ik wel. Maar het papieren boek moet wat mij betreft gewoon blijven. Heerlijk dat bladeren, die lucht van drukinkt, van plaatjes kijken bij meer documentair ingerichte naslagwerken. Nog steeds koop ik boeken bij. Voor als ik weer eens tijd heb….. Soms weet ik bijna zeker dat ik vermoedelijk niet zal toekomen aan het echt lezen er van, maar dan nog kan ik me niet beheersen als ik weer iets tegenkom wat de moeite van dat lezen waard zou kunnen zijn. En ik lees best veel en in hoog tempo.

Boek Donkervoort...Sommige van die werken doe ik na het lezen wel weer weg. Alles vasthouden voor nog later is weinig zinvol. Alleen die hobby-gerelateerde boeken blijven vaak plakken. Omdat ik nog wel eens iets wil nakijken. Gevolg is wel dat ik omringd ben met kasten vol van dat papieren spul. Best een logistiek probleem. Vrouwlief is ook al zo’n lezeres, al is zij meer van de fictie dan non-fictie zoals ik. Mannen lezen die laatste soort boeken het liefst begreep ik, zal het gebrek aan fantasie zijn dat ons Marsbewoners zo typeert. Vrouwen dromen graag over prinsen of doctoren die vallen voor de charmes van dat simpele kantoormeisje dat haar ridder vooral op een wit paard zoekt maar niet in het ziekenhuis. Of ze zijn bezig met het uitvogelen waarom ridder Hildebrand van Rododendron werd vermoord door zijn pages.

WP_20150623_011Nee, voor mij is een biografie van een echt interessant persoon leuker. Pas nog een aardig boek gevonden over Frits Koolhoven, de tweede vliegtuigbouwer van Nederland, die voor de oorlog met Fokker concurreerde op de luchtvaartmarkt. En niet onverdienstelijk ook nog. Gaat me weer een hoop plezier verschaffen. Weet ik zeker. Kortom, ik ben een lezer, een verzamelaar, een boekengek. En kom me nu niet aan met allerlei argumenten waarom een digitale lezer zoveel leuker zou zijn. Dat is prediken voor de heidenen. Ik zie er (nog) niks in. Eerst maar eens die stapels wegwerken….

Bloggen en stoppen….

1107 F-102 resizedNee, geen angst, mijn Meningblog gaat gewoon door hoor, ook al zijn er heel wat mensen die me een vroegtijdige monddood nog steeds toewensen. Schrijven zit me in het bloed, dus dat gaat door. Maar diezelfde passie voor het geschreven woord maakte ook dat ik in het verleden nogal wat specialistische blogs heb opgezet die maar een onderwerp kenden. Zoals mijn verhalen over de luchtvaart. Lang vol gehouden, maar vanaf  begin dit jaar toch maar mee gestopt. Kostte me zoveel tijd dat ik er niet toe kwam om er iets zinnigs op te zetten. Binnenkort trek ik de stekker daar uit het verhaal en verdwijnt alles richting digitale prullenbak.

9864 - LiazDatzelfde geldt voor mijn Verzamelgek50-blogje dat ik al sinds een jaar of 5,5 dagelijks vulde. Met alles wat met mijn passie voor verzamelen van doen had of heeft. Het werd redelijk bekeken, ook al waren er maar weinig lezers die een commentaartje achterlieten. Sinds medio vorig jaar bemoei ik me ook met een groep verzamelaars (2850) op Facebook die bezig zijn met het showen en handelen van/met automodellen en nog een wat bescheidener groep die zich op de luchtvaartmodellen stortte. Daardoor was een nieuwe uitlaatklep voorhanden om dagelijks kond te doen van wat er zoal leeft in die werelden op schaal. En dus zette ik afgelopen weekend mijn eigen verzamelblog op ‘hold’. Even aankijken nog of het op Facebook goed blijft gaan, de digitale reddingsboot voor de wal, en dan de definitieve overstap. Scheelt me toch tijd.

87KFJKoWant dagelijks iets schrijven over…..is best spannend soms. Ik heb hier niet voor niets de tweedaagse intervals ingesteld. Facebook maakt dat veel reacties ook daar worden gegeven, waardoor het bloggen zelfs soms lijkt op een eenzaam bestaan. Controversiele onderwerpen maken dat er soms ellenlange reeksen reacties komen, en op dat digitale spoor kan dat simpel, zonder inloggen of wat. En ik kom er ook veel ‘oude’ bloggers tegen. Allemaal verenigd in dat Smoelenboek dat veel meer is dan slechts dat. Hoe dan ook, twee van de vijf blogs die ik zoal vul zijn nu gesneuveld. Blijft er wat meer ruimte over voor de rest. Het is maar dat u het weet. En voor hen die dat jammer vinden, zoek me op via Facebook of Twitter en je bent zo weer op de hoogte…….