De vreemde Kerstster…

Kerstmis was op komst en over de hele wereld waren vredelievende mensen bezig met het doen van inkopen om dat van oorsprong christelijke feest naar traditie te laten verlopen. In sommige delen van de wereld sneeuwde het aan de vooravond van Kerst, in andere stukken op onze aardbol was het snoeiheet. Waar het ook hoog opliep qua gevoelstemperatuur was bij de NASA en de andere ruimtevaartorganisaties over de hele wereld. Een melding van een kennelijk op ramkoers zijnde UFO die leek op een meteoor of komeet zorgde voor opwinding. Want voor zover men kon berekenen zou dit stuk ruimtevaartuig dat plotseling was opgedoken vanachter Saturnus rond eind december de aarde raken en gezien de omvang van het ding moest dat wel enorme gevolgen hebben. Niemand mocht praten over de rampspoed die de Aarde dreigde te treffen. Na een paar weken kwamen er echter ook berichten van amateurastronomen die met hun eigen apparatuur iets hadden opgemerkt dat niet in ons zonnestelsel voor hoorde te komen. En de sociale media deden hun werk.

Mensen die ook maar enige interesse hadden in de ruimte keken nu dagelijks door allerlei kijkers omhoog. Zagen het vreemde ding met de dag groter worden. Maar de gemiddelde aardbewoner had andere zorgen. Kerstmis kwam er aan…de boodschappen, de familievrienden…. Toen het 24 december was bleek wel dat deze narigheid de Aarde niet meer kon ontgaan. De sirenes begonnen te loeien, mensen moesten onderduiken voor zover dat ging. De chaos brak overal uit. Men nam mee wat kon en begaf zich naar hooggelegen plekken of dook juist onder in bunkers uit de oude oorlogstijden of verschanste zich in metrostations. Maar daar was geen plek voor iedereen, dus braken gevechten uit. Anderen baden tot hun goden, hoopten op genade, dat dit onheil alsnog aan ons voorbij zou gaan. Aardbevingen die het gevolg waren van de aankomst van deze ongenode gast maakten de eerste slachtoffers. Overstromingen zorgden voor veel onheil in gebieden waar men niet tegen vloedgolven beschermd was. Het luchtverkeer was neergelegd, mensen zaten op die vliegvelden soms als ratten in de val. Plunderingen braken uit, moordpartijen. Toen het ding uit de ruimte vlak bij de Aarde was veranderde het van koers.

Draaide zijn rug naar de Aarde toe. Met sterrenkijkers zag men de boodschap die op die rug was geschreven. ‘Dit is de laatste waarschuwing. Als jullie nu niet in vrede met elkaar kunnen samenleven, zonder haat, afgunst, respect voor elkaar…dan kom ik terug en vlieg mij te pletter opdat het ook met jullie mensen is afgelopen’.  Deemoedig bogen daarna de Aardbewoners het hoofd. Vielen elkaar in de armen en waren blij dat deze ellende was afgewend. Het zou een mooie Kerst worden. Een nieuw leven had zich aangediend. Een leven vol hoop. Maar ook een vol genade. Immers…laatste kans. En terwijl men weer tevoorschijn kroop uit de schuilplekken begon het overal te sneeuwen en hoorde men via de grote ontvangers van de Aardstations die alle landen op de ruimte gericht hebben staan ‘I’m dreaming of a white Christmas’ van Bing Crosby voorbij trekken. Twee dagen later was alles weer zoals het ervoor ook al was.

Alleen dan vredelievender…dat wel… (Dit verhaal berust op hoop en wat minder op kennis en ervaringen in het verleden opgedaan…dus biedt ook geen garanties voor de toekomst. Die brokken steen of daarop gelijkende tuigen vliegen gelukkig nu nog voorbij aan ons….)

Indoctrinatie…

 

Had ik het in mijn vorige bijdrage aan het eigen blog nog over bereikbaarheid en de illusies rond onmisbaarheid, dit keer wil ik het eens hebben over geloof. Geloof is iets persoonlijks. De een gelooft in God, Jezus, de ander in Allah, weer iemand anders in het goede van de mens en sommigen in de stand van de Maan of een groene hagedis. Hierover heb ik al eens bericht. Maar hoe je het ook bekijkt, dit blijft een persoonlijke keuze. Al dan niet opgelegd door derden. En die derden hebben veel belang bij indoctrinatie van kinderen. Want hoe kleiner de geest van de ontvanger hoe groter de ontvangst van de boodschap. De grote geloven besteden niet voor niets zoveel tijd aan het overtuigen van hun eigen waarheid in liefde of als het moet, haat of dwang. Mijn eigen opvoeding vond, nog maar een keer aangehaald, plaats in streng katholiek milieu. Niet zo zeer thuis als wel op school. De aanpalende kerk gooide daar nog eens een stevige laag overheen.

Het katholieke geloof als enig juiste en door Jezus zelf doorgegeven aan zijn Apostelen. Ik geloofde er heilig in (..) dat dit de waarheid was. Protestanten waren de ‘afvalligen’ en de rest ‘barbaarse heidenen’ die niet in de hemel zouden komen. Natuurlijk deden of doen de protestanten hetzelfde. Eigen scholing, hun op de Bijbel baserende stroming via eigen onderwijs opgedrongen aan kinderen die thuis ook het e.e.a. stevig meekrijgen. Moslim-scholen en Joodse opleidingen doen dit net zo. Want dat geloof is volgens de uitdragers echt van groter belang dan wat je hier op Aarde aan nuttige dingen zou kunnen gebruiken. Op mijn rapport van vroeger stond godsdienstles hoog aangeschreven, net als kerkbezoek. Scoorde je daar dan een laag cijfer mee mocht je de vervolgopleidingen wel vergeten. Je weet dus bijna zeker dat dit ook geldt op dat bijzondere onderwijs van tegenwoordig. Arme kinderen. Toen ik een jaar of 12/13 was startten de twijfels. Mijn oudere broer aanstichter van die verandering in denken of doen. Maar alles overdenkend ook zelf maar besloten dat veel van die geloofsleer onzin moest zijn en niet te geloven.

Dat realisme is me altijd bijgebleven. Met daaronder een laagje van wat me toen werd bijgebracht. Niet alles slecht overigens want de Tien Geboden zouden een ieder elke dag prima passen en ik tracht er zelf naar te leven. Ergens gloeit er een puntje van dat oude geloof toch nog steeds. Gevolg van de indoctrinatie. Het interesseert me nog steeds. Het hoe en waarom van dat geloven door mensen. Waarom willen wij dat een opperwezen ons stuurt? Nou, dat dus. En dat alles ook omdat je er geweldige gesprekken over kunt voeren. Vol respect. Ook met anders denkenden. Mits in dezelfde God gelovend. Anders wordt het heel lastig. Net zoals je als realist nooit in discussie moet gaan met groene communisten of anti-democraten. Komt ellende van. Want allebei geindoctrineerd door een bovenlaag die wil dat we allemaal worden bekeerd tot dat nieuwe geloof, dat van het klimaat. Wie kan rekenen weet dat het een bijna barbaars heidens geloof betreft. Maar leg dat maar eens uit. Mij lukt het maar zelden…..

Opvoeding!

Als we het nu toch hebben over normen en waarden (..) komt me opnieuw naar boven hoe wij vroeger als kinderen in een wereld leefden waarin je van alle kanten werd bijgebracht wat wel of niet door de beugel kon. Deden je ouders te weinig aan dat bijbrengen van de toen geldende regels waren er de zeer strenge en fysiek aardig uitdelende leerkrachten op school. Een van die zaken die je vanaf moment een mee kreeg was dat je natuurlijk niet knokte met anderen. Als woorden tekort schoten werd er overigens ook door ons kinderen best wel eens uitgedeeld. Ik zag dit in de dagelijke praktijk vaak voorbij komen. Volwassenen namen daarbij eerder het initiatief dan jeugdigen. Als ik naar de dag van nu kijk zie ik een totaal andere wereld. Een wereld waarin mensen uit gaan en zich op voorhand bewapenen. Letterlijk!

Met messen, pistolen en als het gaat om verdediging ook boksbeugels of pepperspray. Het wachten is op incidenten. Men drinkt, snuift, blowt, en neemt lachgas tot zich, soms zelfs in een bijna dodelijke combinatie. En raakt opgefokt. Niet in de laatste plaats omdat het zo begeerde respect kennelijk moet worden afgedwongen. Veelal in gezelschap en gericht tegen een enkeling, want dat knokt toch beter. Lafheid ingebakken in het groepsgedrag. En dus lees je over steek- en schietincidenten! Niet een enkele keer, maar bijna dagelijks. En niet alleen in Amsterdam of Rotterdam, zelfs in f……g Delfzijl! Een plaats waar je tot wat jaren terug na 9 uur in de avond niemand meer buiten zag lopen. Nu steken we mekaar er neer. Om dat eeuwige gelijk. Gelijk van mensen die nauwelijks droge oren hebben en een ontwikkeling die na het IQ-cijfer 80 vaak is blijven steken. Anders valt het niet te verklaren. Ik heb ook een mes in de zak. Van de Zwitserse soort.

Met van die handige ‘tools’ die in de praktijk handig bleken of blijken om schroeven vast te zetten, hardnekkige verpakking van sommige printer-vullingen open te breken of dat soort dingen. Het idee om er iemand mee overhoop te steken komt echt niet in me op. Wellicht het gevolg van die opvoeding in het verleden en de kennis van de Tien Geboden. ‘Gij zult niet doden’ en zo meer. Van nature niet passief, niet naief vredelievend, liever een discussie dan een gevecht. Maar ik begin het gevoel te krijgen uitzondering te zijn. En dat je overal in onze maatschappij lieden tegen het lijf kunt lopen die direct een blaffer pakken als je in hun armzalige maar respect vragende leefomgeving terecht komt (kan die vierkante meter zijn waarin zij verkeren op straat) of direct toeslaan als ze in gezelschap zijn. Het ontgaat me volledig wat dit toch voor mentaliteit is. Maar ja, zal wel weer te nationalistisch, blank, Nederlands zijn of domweg te oud. Want al die verwijten krijg je al snel als je niet gelooft in de vreugdevolle samenleving met mensen die de cultuur van de straat bejubelen of cultiveren en integratie verafschuwen. Ik zou soms wel eens willen dat die strenge opvoeders van toen weer eens terug kwamen en orde op zaken zouden stellen. Want een weekje zonder moord en doodslag lijkt mij persoonlijk een verademing. Jullie ook??

Tante….

Ze was altijd al een buitenbeentje geweest. Had daardoor weinig vriendinnen opgedaan tijdens haar schooltijd. En ook later was haar vriendenkring klein gebleven. Ze sloot nooit helemaal aan bij de anderen. Die gingen uit en met jongens zitten of liggen klooien, het had haar nooit geboeid. Daarbij hadden de bezorgde ouders haar gewaarschuwd….jongens zijn slecht en maken je zwanger. Ze durfde het niet aan. Had ook geen idee gehad wat te doen met zo’n vaak wat schreeuwerig puistenkoppie. Nee, ze was meer van de plantjes en dieren. En besloot om geen vlees of vis te eten toen ze nog heel jong was. Het gaf haar een slank figuur en ze had geen schuldgevoelens naar medewezens. Volgens haar moeder was ze best knap van uiterlijk, zelf zag ze dit niet zo. En als het al zo was, wat moest je er mee. Ook de dominee waarschuwde voor ‘seks voor het huwelijk’, dus gaf ze nooit kussen weg en mochten jongens met hun grijpgrage handen niet in haar buurt komen. Tuurlijk voelde ze wel eens opwindingsmomenten, maar die verdrong ze het liefst. Dat was zij niet, zo zat ze niet in mekaar. Toen ze de huwbare leeftijd bereikte was ze in de dierenkliniek in de buurt gaan werken. Ze bleek een puike kracht. Lief voor de dieren, afstandelijk naar haar klanten toe. Maar men zag wel dat dit een vrouw was met een missie. Haar zussen trouwden. Die kregen kinderen en leken gelukkig. Zij deed niet mee in het verhaal. Het boeide haar niet. Alle verhalen over hoe het toeging in het huwelijksbed, haar zussen vertelden wel eens iets, deden haar bijna walgen. Het idee alleen al. Ze had door haar studies dierkunde en de praktijk wel door hoe alles functioneerde bij bloemetjes en bijtjes, maar erg aantrekkelijk was het daardoor niet voor haar. En zo verliepen de jaren. Ze was de ‘strenge tante’ voor haar neefjes en nichtjes. Ze voldeed niet aan de norm voor haar buurtbewoners van huisje-boompje-beestje, had geen man, geen vrouw, slechts een leuke wat te dikke kat. Als ze al behoefte had aan afleiding las ze wat, deed aan breien of haken, ging op vakantie naar oorden waar je cultuur vond en geen blote lijven op het strand. Ze vond het leven fijn zoals het ging. En na alle werkende jaren werd ze ouder en wijzer. Niet vrolijker. Haar leven was saai geweest. Maar wel ordelijk en overzichtelijk. Het lichamelijke was haar voorbij gegaan. De grote liefde niet gearriveerd. En de Heer haar herder. En zo stierf ze. 78 jaar oud. Met een verwrongen glimlach op haar gezicht. Haar spullen werden verkocht, haar spaarrekening verdeeld onder de familie. De intussen erg oude kat ging naar het asiel. Tante had nooit echt geleefd. En zij verdween in vergetelheid. Precies zoals ze dat zelf graag had gehad. Slechts de nog wat oudere dominee kon zich haar herinneren. Een waar kind van God. Jezus zou trots op haar zijn en haar vast naast zijn troon opvangen…..Maar hoe heette ze nou ook al weer??? (Beeld: Yellowbird archief/Roermond)

Bescherming..

In de loop van de decennia die ik nu op deze aardkloot rondloop en werk is me wel duidelijk geworden dat bij koesteren van waar je om geeft ook beschermen en vasthouden hoort. Niet vanzelfsprekend dat zulks ook in alle gevallen lukt. En als iets dan van je wordt los gerukt doet het pijn. Een leven lang neem je eigenlijk afscheid. Van je grootouders, daarna de ouders, de rest van de familie in die generatie en als je pech hebt heel wat mensen van wie je het op zeker moment niet verwachtte. Plotseling, op leeftijden die helemaal niet mogen linken aan het inwisselen van het stoffelijke voor het eeuwige. Het is me heel wat keertjes overkomen. Dan heb je ook nog de evt. huisdieren. Veelal halen ze de 15/16 jaar als mooie leeftijd, dus maak je er als liefhebber in je leven een stel van mee. Afscheid steeds pijnlijk. Soms heel lang doorwerkend in je gestel. Zodra je een pup, kitten of kuiken in je huisgezin opneemt, staat het einde al vrijwel vast. Jong in moeten laten slapen past daar niet bij. En toch overkomt het je af en toe! De gebeurtenissen uit november 2017 en december van afgelopen jaar zitten nog vers in de ziel. Als open wond met een dun vliesje er over heen.

Net als bij ons, mensen, zelf. De gemiddelde mens leeft pakweg 75/85 jaar, de honderdjarigen nu nog een uitzondering. En dan nog graag in goede gezondheid ook. Want als dat gaat piepen en kraken is de kwaliteit van ouder leven ook meteen een stuk minder leuk. Ik ben op veel punten wellicht door ervaring en pijn wijzer geworden, toch een kluns als het om dit soort emoties gaat. Wil alles en iedereen om me heen vasthouden. Zeker als ze er toe doen! Liefde, trouw, respect, aandacht, gedeelde emoties. Maar je krijgt er geen garantie bij. Zeker niet op papier. Nooit. Wel dat je naast mooie momenten, vooral ook pijnlijke zult meemaken. Pak je eigen leven maar als voorbeeld en ik denk dat ik er van iedere lezer zo tientallen kan krijgen. Wie dat hier met me wil delen, moet het vooral doen. Geluk, ik beschreef dat gevoel al eerder, is niet te koop. Gezondheid ook niet.

Dus koesteren als je er mee bent uitgerust. Als ik in een nostalgische of dipperige bui, veroorzaakt door alweer een recent geleden verlies, in het fotoalbum speur naar een mooie foto van het gekoesterde onderwerp, krijg ik bijna een kramp door de emoties. Mensen die je allang niet meer bij je hebt, dieren die ook alweer zo kort of lang geleden een andere dimensie opzochten. En waar mijn bijna trotse gevoel van kunnen beschermen toch uiteindelijk niet bleek te werken. Is dus een illusie. Zouden mensen daarom gaan of blijven geloven? In de hoop dat een hogere macht wel in staat is om die bescherming te bieden? Dat wordt dan confronterend vrees ik. Hoe dan ook, ik tracht na zo’n gebeurtenis mijn evenwicht weer even terug te vinden en ook mijn rol als beschermer weer serieus op te kunnen vatten. Opdat anderen datzelfde voor mij willen doen. Dan leven we allemaal nog lang en gelukkig. En voor hen die er niet meer zijn, hoop ik oprecht dat de grote beschermer hen ergens mooi of liefdevol heeft opgevangen. En samen met onze dierenschare in de bijbehorende hemel op ons neerkijkt…Opdat het goed blijft…en we worden beschermd door hun grote of kleine maar soms ook zo nodige ingrepen. (Beelden: Internet)

Ziel

Een bijkomend nadeel van dat ouder worden is wel dat je soms, de ene keer wat meer dan de andere, begint na te denken over het ‘einde’. Want hoe jong, sterk, vitaal, rijk, geliefd, slim, of wellicht voorzien van miljoenen volgers op sociale media je ook bent….dat einde komt. Veelal beseffen we ergens wel dat dit zo is. Maar vrijwel altijd gaat dat over ‘anderen’. Die worden immers ziek, die zijn oud, die krijgen een ongeluk, worden slachtoffer van een of andere vreselijke terreuraanval of wat ook. Maar ‘wij’ hebben daar geen last van gelukkig. Ons lijf en geest blijven altijd bestaan. Zou je denken? Helaas…sterfelijkheid zit in ons allen gebakken. Deze planeet maakt een einde aan al het leven om ruimte kunnen bieden aan een nieuw bestaan voor anderen. Hoofdrolspelers van toen uit politiek of cultuur, of gewoon uit je eigen familie, ze zijn er niet meer. Verdwenen. Opgelost in de tijd. De een in het volle besef dat het einde definitief is, de ander blij of angstig dat na dit dagelijkse bestaan er zoiets is als een naar de hemel (of ander oord) reizende ziel die ter verantwoording wordt geroepen voor wat we hier allemaal voor goeds of kwaads hebben gedaan.

De weg naar ‘boven’ geasfalteerd voor de goeden van geest, de weg omlaag modderig en vol stenen en andere obstakels voor hen die meer bezig waren met hun selfies dan die ander. Om het over moordenaars maar niet eens te hebben. Wie echt gelooft weet dat een van de Tien Geboden duidelijk maakt dat Ge niet zult doden. Dat wordt branden voor die ziel. Nu is dat zielenleven best een dingetje. Want de ziel is ook ons besef dat we bestaan, dat we zijn wie we zijn en dat we ons hebben kunnen ontwikkelen door scholing of ervaring. Dat doen wij mensen uitgebreider dan de gemiddelde goudvis, maar we hebben die vast onvoldoende bestudeerd om te weten dat er wellicht onder die blupbluppers ook zielenroerselen worden uitgewisseld. Als dit zo is, zouden die vissen dan ook vrezen voor het Hiernamaals als ze weer eens door het toilet worden gespoeld of opgepeuzeld door de huiskat die ook geen last heeft van zijn geweten? Wat is dat toch met die ziel? Waarom is dat zelfbesef ooit tot ons gekomen? Is dat nu een typische uitvinding van gelovigen? Om de macht te behouden en ons te tuchtigen voor zondige gedachten?? Een alles ziende god die al die zielen onder controle heeft? Want je mag in feite niet genieten volgens die tuchtige leer!

Dat lichaam kregen we toch maar te leen om ons zo te kunnen laten functioneren op een unieke planeet tussen allerlei andere bewoners van deze planeet die met minder besef zijn uitgerust? Het is en blijft een raadsel. En die intussen overgegane geesten zijn (een enkele uitzondering daar gelaten) nooit terug gekomen om tekst en uitleg te geven over hun nieuwe bestaan. Volgens Boeddhisten wordt die ziel opgepakt en zo maar ergens in nieuw leven geplant. Menselijk of dierlijk. Om zoveel mogelijk ervaringen op te doen in ons geestelijk bestaan. Je moet er toch niet aan denken dat je dan als goudvis terug komt met de wetenschap van ons mensen over die toiletten of die verrekte katten. Nee, dat blijft raadselachtig allemaal. En ik hoop voor ons allen dat we nog niet te snel toe zijn aan de ontdekking van de Hemel. Dat liet en laat ik maar aan bevlogen schrijvers als Mulisch. Hoe zou het daarmee gaan trouwens?? (Beelden: Yellowbird/Internet)

Kerkelijke minderheid…roept het hardst….

Eind vorig jaar meldde het CBS dat Nederlanders nu in meerderheid niet religieus zijn. Dat is opmerkelijk want je zou toch het idee kunnen krijgen dat het tegenovergestelde het geval is. Van al die godsdienstige uitingen en in het openbare leven respect claimers of homo’s afwijzenden blijft maar weinig over als je de statistieken er op na slaat. Van de minderheid die een of ander geloof aanhangt (49%) is 25% Rooms katholiek. Hervormden en protestanten zitten op een niveau van 13% en de islam is maar door 6% vertegenwoordigd. Opmerkelijk als je bedenkt dat we het idee zouden kunnen krijgen dat die laatste groep 50% van de bevolking uitmaakt. Er is ook nog een kleine minderheid die een andere stroming achterna loopt. Verwaarloosbaar in aantallen. Dat die islam trouwens nauwelijks aanhangers kent in autochtone kring zal niet verbazen. En dat bij de Katholieken en protestanten vooral wat ouderen hun heil in de kerken zoeken ook niet. De actieve kerkgang is daarbij best een dingetje.

Vaak gelooft men wel (sterk) in iets hogers, maar heeft men niks meer met de aardse regelgeving of verplichtingen. Met name de jeugd laat het hier afweten. Men wil andere dingen doen en die kerkelijke verplichtingen houden dat tegen. Bij moslims en protestanten is die kerkgang overigens ook onder jongeren nog best wel op niveau. Sociale druk, vaak vanuit het eigen gezin, zorgen hier veelal voor. Katholieken laten hun kerken meestal links liggen. En dat komt niet in de laatste plaats door alle schandalen die men in die kring toch maar moeizaam heeft willen toegeven of oplossen. Verzwijgen van de zonden der voorgangers onder deze groep is best een lastige als je zelf als gelovige allerlei regels krijgt opgelegd. Toch is ook bij de andere gelovigen een afname te zien van dat kerkbezoek. Een op de zeven gaat echt nog regelmatig en dan zijn dat meestal de wat ouderen die trouw zijn aan hun kerk. Nu is dat niet zo gek, want wellicht komt dan ook de angst voor het hiernamaals om de hoek kijken. Je weet maar nooit. Je leeft naar eigen idee een soort van zondig leven en op het laatst toch maar in berouw de regels volgen in de hoop op??

Ik weet het niet. Wel dat we ons in dit land toch eens moeten realiseren wat de meerderheid van ons volk eigenlijk is. Niet kerkelijk, niet gelovig en niet lid van een of ander genootschap. Waarom dan die angst voor de dominantie van een stroming die hier nog steeds een kleine minderheid uitmaakt? Zou die meerderheid gewoon niet eens moeten gaan eisen dat onkerkelijk de norm moet zijn en dat gelovigen een toontje lager moeten gaan zingen? Al dan niet met kerkmuziek op de achtergrond? Maakt het land vast een stuk leuker en de omgang met anderen plezieriger. Onkerkelijken van Nederland verenigt u! Er is werk te verrichten. Het kan nu nog! Bekeert u tot het niet godsdienstig zijn voor het te laat is!! (Beelden: Yellowbird archief)

St.Pieterskerk Turnhout

Wie mij kent weet dat ik nog altijd iets heb met kerken. Soort culturele musea die voor velen een directe lijn met de hoger geplaatste in de hemel voorstellen of een bron van rust. Voor mij toch vooral plekken om me te verwonderen over de mate van aanbidding die hele volksstammen schonken aan die God-in-den-Hoge. Bij de oer-gelovigen, zij die Rome aanhingen als enig ware stroming, was soberheid vaak niet de meest voorkomende eigenschap. Het moest allemaal opgesmukt en aangekleed en op goud noch zilver werd er gespaard. Men brandschilderde de ramen, maakte spreek/biechtstoelen die de gelovigen duidelijk in een vooropgesteld nadelige positie brachten en zette bankjes neer die zo oncomfortabel waren dat je god letterlijk dankte als je gewoon op mocht staan en naar huis kon. Al die dingen komen samen in de kerkgebouwen die nu nog overeind staan.

In katholiek gebied zijn dat er heel wat meer dan in het toch wat ontkerkelijke noorden van de oude Nederlanden. Laten we wel zijn, dat Belgie was ooit niet meer dan een onderdeel van het door de Oranjes geleide Nederland. Maar geloof en afkeer van de ketters uit het noorden zorgden voor scheuring. De Belgen zijn dus overwegend katholiek gebleven en dat is hen te prijzen. Hun kerken laten ook zien dat men extra aankleding niet schuwde en zelfs kitsch durfde toe te voegen aan dat wat bij de Roomsen al vaak overdadig werkte. De St.Pieterskerk in Turnhout (Antwerpen) staat op het grote plein in het centrum waar ook de meeste horeca van de stad te vinden is.

Het is een fraaie kerk, aangekleed zoals ik beschreef en in de diverse zijbeuken kom je al dan niet open gestelde altaren tegen die voor een deel god de vader, zijn zoon of de heilige moeder Maria vereren. Het spreekgestoelte van de priesters die hier de heilige katholieke mis leiden en daar prediken, is echt een wangedrocht. Het ding is een 19e eeuwse kopie van een soortgelijk object in een van de Antwerpse kerken, maar dat maakt het nog niet mooi. Leuningen als takken van een eik, in chocoladebruin uitgevoerd. Het is mij te erg. Neemt niet weg dat ik de strekking wel snapte. Ook de biechtstoelen zijn zo! Wat was dat toch een mooi fenomeen bij de katholieken, dat biechten.

Gewoon even de zonden laten wegwissen door de priesters die afgezonderd tegenover je zaten en ‘hup’ met wat berouw en gebeden kon je weer verder, die biechtstoelen  zijn hier dus ook pompeus van vorm en doen bijna een glimlach op de lippen verschijnen. Maar alles bij elkaar is dit een fraaie kerk, gemaakt en gebruikt in de beste Roomse tradities. En gratis toegankelijk. Een fenomeen dat we bij de grotere kerken bij ons in Nederland nog wel eens zien verdwijnen. Verdienmodellen en zo meer… Mocht je in de buurt zijn, Turnhout ligt een kilometer of 45 van Eindhoven en is goed bereikbaar. Ga er eens heen en dan ook deze kerk binnen. En verbaas je. Net als ik deed. (Beelden: Yellowbird Photo)

Voorwoord…..bij een vervolgverhaal…

Leven met de vliegende pijl – Hoe een passie kan leiden tot een ‘waar geloof’….

Voorwoord

Dit verhaal had net zo gemakkelijk kunnen gaan over even legendarische automerken als bijvoorbeeld Studebaker, Borgward, Toyota, Ford of Opel. Immers met al die automerken en meer ben ik in mijn jeugd min of meer vertrouwd geraakt. Maar de ingrediënten voor deze geschiedenis kwamen op een andere manier tot mij en vermengden zich tot een bijna haat-liefde verhouding met het Tsjechische merk Skoda die tot op de dag van vandaag voortduurt. Al is de evt. haat in die verhouding intussen wel lang geleden verdwenen en bleef mijn liefde al heel wat decennia bestaan. Vanaf mijn prilste jeugdjaren was er altijd wel iets actueel in mijn leven wat met dat Tsjechische merk te maken had. Simpelweg omdat mijn stiefvader in mijn jeugd ineens de vleugels kreeg om die wagens van toen te gaan verhandelen. Van de 1100 tot de 440, van de Octavia tot de 1000MB, ze kwamen allemaal door de jeugdjaren heen voorbij. Niet dat er geen andere merken voor de deur stonden hoor. Kieskeurig was hij namelijk niet, als het maar geld op bracht. En zo stonden er ook nog wel eens DKW’s voor de deur, Opels, Austin’s, Hansa’s, Studebaker, Chevrolet en dat soort merken. Zelfs een IFA was ooit ons deel, een Oost-Duitse DKW waarmee we nog eens een zeer avontuurlijke trip maakten naar Zuid-Limburg om mijn met zijn brommer daar gestrande oudere broer op te halen.

Skoda was echter bij ons thuis op enig moment het dominante automerk geworden en altijd stond er dan wel een dergelijke wagen ter beschikking van ‘Pa’ of de familie voor de dagelijkse ritten of jaarlijkse vakantietrips. Ze bleken daarbij ruim genoeg voor ons gezin, en ook behoorlijk betrouwbaar voor die periode. En ze waren ook niet bepaald lelijk in vergelijking met wat de rest van de concurrerende merken zoal op de markt bracht in die jaren. En de Tsjechische wagens bleken ook nog eens simpel te onderhouden of te repareren. Daarbij goed betaalbaar. Een aardige voorwaarde tot succes. Toen dus aan het begin van de jaren zeventig de keuze moest worden gemaakt voor mijn eerste eigen nieuwe auto was het allemaal niet zo ingewikkeld. Ik kocht zelf ook een Skoda. Een fonkelnagelnieuwe S100 van het bouwjaar 1971 die ik een paar weken eerder bestelde bij de toen nog actieve dealer Brouwer in Amsterdam-Oud-Zuid. Het leidde tot een langdurige relatie met een merk waarover hele boekwerken te schrijven zouden zijn. Die dikke catalogi zijn intussen ook al door andere auteurs (soms met een beetje hulp van mijn kant)gemaakt, ik zal er af en toe even wat relevante informatie uit lenen. Voor de rest vertel ik hier mijn verhaal, mijn observaties, mijn beslissingen. Dat is altijd onderhevig aan een persoonlijke visie, al dan niet ingekleurd door de eigen herinnering of historische feiten. Ik hoop oprecht dat de lezer zich zal vermaken bij het lezen van dit verhaal over een merkliefhebber die de ontwikkeling meemaakte van Skodarijder naar landelijke verkoopleider en nu weer gewoon merkrijder is geworden. Maar daar zat dan wel ruim 40 jaar tussen. Wordt vervolgd! (afbeeldingen afkomstig uit mijn persoonlijk archief. Alle teksten van de auteur, waar nodig wordt bronvermelding toegepast). Deel 1 over de jeugd volgt op 1-7 a.s.) 

Het lot van de Wederdopers…

Het is en blijft opmerkelijk dat we zo naïef blijven omgaan met mensen die een of ander geloof verkondigen en daarbij ook nog eens menen dat wij allemaal moeten luisteren naar de regels die zij als zgn. ‘ware gelovigen’ over ons uitstorten. Terwijl in de geschiedenis van ons land de nodige voorbeelden te vinden zijn waaruit blijkt dat zij die deze claim nastreven veelal het onderspit delfden. Want wat is dan het ware geloof, en waarom zou dit nodig moeten zijn om een goed en naar die regels levend burger te zijn? Geloof is veeal niet veel meer dan een vorm van indoctrinatie. Als kinderen worden volgestopt met (wan)informatie nemen ze op enig moment aan wat er wordt verteld en zien dat als hun geloof. Voorbeelden te over uit doctrines die zich richten op godheid of dictatoriaal mens. Wie dat heeft meegemaakt weet hoe lastig het ook is om die basisinformatie na enige tijd door twijfel of kennis kwijt te raken. Qua geloof staat het christendom nog steeds fier overeind na pakweg 2000 jaar. Al zijn er intussen dan tientallen afgeleiden van het ooit door Petrus namens Jezus Christus opgezette basisgeloof dat zijn herkomst heeft in Rome.

Ergens in de 16e eeuw maakte de vermeende corruptie van de Kerk dat afvalligen zich verenigden en hun eigen vorm van christelijk denken op poten zetten. Luther, Calvijn, Hus, en ook nog wat andere lieden geloofden dat alleen hun vorm van geloven zou kunnen leiden tot een plekje in de hemel als die op enig moment (en dat was volgens hen nabij) openging. Boetedoening, aannemen van het Bijbelse qua inhoud en leven naar die normen was ineens een hot topic. Men zag de Roomsen als corrupt en vals en die zouden het hemelse rijk van Christus nooit bereiken. Een afgeleide vorm werd bij ons de stroming van de ‘Wederdopers’ genoemd. Lieden die hier op aarde al wilden bereiken dat het Laatste Oordeel slechts de goede van de kwaden kon scheiden als zij het recht in eigen hand namen. Aardse bezittingen waren niet aan hen besteed en zelfs kleding zagen ze als overbodig. Het voorbeeld van Adam en Eva sprak bijzonder aan. En zo liepen de eerste Wederdopers naakt door de straten van Amsterdam om hun boodschap te verkondigen en de bestuurders van de stad aan te vallen.

Die toen nog niet zo aan dat naakte gewende bestuurders maakten er korte metten mee. Deze bloot lopende en en de revolutie predikende lieden werden opgepakt en direct ter dood veroordeeld. Daarna opgehangen aan een groot rad om zo tentoon te stellen dat men zich diende te houden aan de goddelijke en aardse wetten van dat moment. De beweging van de Wederdopers ging echter door en steeds meer mensen ontdeden zich van hun kleding en liepen al schreeuwend en protesterend door de Amsterdamse straten. Het liep niet goed met ze af. Zonder uitzondering werden ze opgepakt en op de meest vreselijke manier gemarteld en daarna vermoord. ‘Ketters’ waren het en daar hield men niet van. De parallel met de huidige tijden dringt zich al snel op. Want die claim op dat eeuwige gelijk loopt ook nu al snel uit de hand als we niet opletten. Het blijft de vraag of van al die claims ook maar iets te bewijzen valt. En of die God die ons zou hebben geschapen en nu bestuurt wel blij wordt van al die claimende lieden die hier op aarde vooral bezig zijn met hun eigen belang. Het lot van de Wederdopers (overigens zo genoemd omdat ze zich op volwassen leeftijd opnieuw lieten dopen, wat indertijd ten strengste verboden was) geeft aan dat al dat geloof zelden iets goeds heeft gebracht. Het bloed stroomde ooit door de straten van Amsterdam. Een stad waar nu weer een soortgelijk geloof opgeld doet. En waar ook weer wordt geclaimd. Dat eeuwige gelijk… Jammer dat het geen nudisten zijn die lui van GroenLinks, anders zou het nog een verrijking zijn ook…Nu rest ons slechts pek en veren…en hopen dat verstandige mensen deze lieden de stad uitjagen…(Beelden: Hist.NB)