Ontregelend….

Al eerder berichtte ik over onze plannen die we dit jaar smeedden, het huis te voorzien van een soort facelift. Wat meer isolatie, moderniseringen en zo meer. Maar wel moesten we gewoon kunnen blijven leven tijdens die gebeurtenissen. Immers even onderweg met de katten bij ons is ook niks, al werd het door de lieve vriendin uit het Zuid-Hollandse meerdere malen aangeboden. Dus door de afgelopen weken heen werd van alles en nog wat gedaan terwijl wij op een eilandje van pakweg 25m2 samenhokten. Een nieuwe elektrische verwarming in de keuken, inductiekookplaat en verwijdering van het gasstel dat ons tien jaar diende. Aanleggen nieuwe elektra was nodig, want zo’n stel stroomverbruikers vraagt professioneel ingrijpen van een ons bekende installateur. Nou toen dat klaar was werd het wachten op de mannen (werken geen vrouwen in die handel..) van de kozijnen en nieuwe HR++-ramen.

Volgens plan zouden die eind oktober verschijnen, maar dat werd plotseling een week of twee eerder. En dat gaf best extra stress. Want dan moet je versneld kamers leegruimen, en de oppervlakte waar je zelf verkeert verkleinen tot hooguit een fractie van de normaal beschikbare woonruimte. Daarbij moesten we steeds zorgen voor een ‘saferoom’ ten behoeve van de poezenkinderen. En die werden daar niet blij van. Dat het tijdens de werkzaamheden regende en kil was maakte het verhaal nog niet zo comfortabel wellicht, dat je eigenlijk nergens meer een redelijke eigen plek vindt werkt als zeer ontregelend. En je zit er een dag of 6/7 bovenop. 2-3 kerels in je huis, die breken, zagen, kloppen, boren, schuimen, kitten, maar vooral ook dwars door je kamers lopen en dat soms ook nog met vieze schoenen, (ze deden hun best om die schoenen steeds te vegen hoor…) maakte dat vrouwlief bijna wanhopig werd en ik vooral berustend.

De katten gilden intussen de hele dag om hun vrijheid. Voor hen waren die geluiden ook wennen. Los van een meetfout waardoor we op een huiskamerraam flink langer moesten wachten verliep alles vanuit de leverancier volgens plan en werkte men bijna alles keurig af. Vier kamers, keuken en gang, want nieuwe voordeur, kregen ze in die periode toch mooi af. Het oogt trotsmakend. Je betaalt er wat voor maar krijgt er ook iets voor terug. Deuren met wel 5 slotverbindingen die aanvoelen als een kluis, ramen met nieuwe horren, vensterbanken, kortom alles volgens plan geleverd en prachtig van kwaliteit.

Daarna moesten wij zelf weer zien ons huis te herpakken. Dat duurde bijna even lang. Ik werd zelfs een beetje klusser. Want moest alle raambedekkers (op)nieuw installeren, ik zorgde voor een nieuwe deurbel die nu op afstand werkt zonder draadjes, vrouwlief maakte alles stof/grijsvrij. En toen we samen daarmee aan de slag waren bleek dat echt alles onder zat, ondanks alle voorzoorgsmaatregelen. Dat breken is geen pretje. Maar goed, we zitten er weer warmpjes bij, de eerste fase is klaar en we kijken uit naar de winter als we kunnen zien hoeveel het allemaal gaat schelen. Het lijkt nu al comfortabeler in huis. En de sleutelbos is maar liefst vijf sleutels lichter dan voorheen. Dat scheelt toch veel. Maar of we de volgende verbouwing weer gaan doen terwijl we zelf trachten in huis te blijven zitten is de vraag. De politieke discussies lopen al. Maar eerst dit even verwerken. Zou er in Zuid-Holland nog een plekje zijn?? (Beelden: Yellowbird okt.2019)

Tandarts!

Weten jullie nog, vaste lezers hier, dat ik ooit gedwongen werd over te stappen naar een nieuwe tandarts die me al snel een offerte deed toekomen voor een gebitsrenovatie die mij totaal overbodig leek? En dat ik daarna overstapte naar de derde tandarts in korte tijd? Nou, dat beviel prima. Net om de hoek hier, een erg aardige man met dito assistente (zijn vrouw). Zijn eerste gebitsanalyses niet meteen gevolgd door offertes, wel wat adviezen over hoe ik mijn gebit nog wat schoner kon houden dan ik al doe. Overigens is dit een euvel van ongeveer elke tandarts heb ik gemerkt want telkens als je denkt het nu volgens de regels te doen, komt er wel weer een standje of adviesje een andere richting op. En heb ik intussen kapitalen aan stokjes, draadjes, stekers, borstels etc aangeschaft. Ik poets drie tot vier keer per dag, en uitgebreid, en nog is het niet voldoende. Je zou er om stoppen met eten en drinken.

Maar dat is wellicht voor de lijn nog wel goed, niet voor je gestel. Hoe dan ook, die nieuwe tandarts was net in mijn systeem opgenomen toen hij me verraste met de mededeling de praktijk te gaan stoppen. Hij wilde met pensioen. Dat was jammer, want dan krijg je opnieuw te maken met een opvolger die wederom van moment een af start. Nou dat klopte. De praktijk werd verkocht aan een starter. Een heel bijzondere. Een dame uit Iran, die samen met een erg fraaie assistente en haar oplettende man de zaak onder een nieuwe naam ging runnen. Een zaak die qua techniek op de laatste stand der dingen werd gebracht, maar verder wel de ambiance van de oudere voorganger in stand hield. De eerste kennismaking was plezierig, het vervolg ook. Zij was lief, snapte mijn specifieke problemen van niet willen liggen met mijn hoofd lager dan mijn voeten en was streng doch rechtvaardig over mijn gebitsonderhoud.

Daarna kwam het opvullen van een aankomend gaatje in een van de ondertanden wat zij (zonder verdoving als altijd gewenst) professioneel en snel klaarde. Ik had er schik in. Zij is van de soort tandartsen die me liever zijn dan beulen en offerte-bedenkers. Hoe professioneel ook. Ik heb mijn ivoor met wat kunststof stukken al die jaren tot nu in de mond gekoesterd en door experts laten onderhouden. Dus grote verbouwingen zie ik als onnodig. Geen gaten, geen rare dingen. Dus laten we die dan ook niet gaan bedenken. Alleen wat nodig is doen we, en voor de rest niks. Al is het verleidelijk om vaker af te spreken met de dame en me te laten onderwerpen aan haar behandelingen. Mits haar man dan uit de buurt blijft natuurlijk. Maar dat mag je allemaal niet meer denken of zeggen tegenwoordig natuurlijk. Een best prijzig. Hoe dan ook….was een prima keuze. Tot nu toe…

Hoe lang ook al weer…?

Dat huwelijk en de relatie er voor van ons dateren al van zo lang geleden dat je bijna op de eeuwkalender moet kijken om terug te rekenen hoe ver we al samen terug gaan in de tijd. En dat is al heel lang. Vandaag weer gevierd. Op bescheiden wijze. Zoals wij in elkaar steken. Niet zo uitbunding, nooit in het middelpunt van de belangstelling. Wij deden samen deze fusie der geesten, wij consumeerden, wij zorgden voor elkaar en het nageslacht. Wij beheren de veestapel (nou ja, drie katten..), werkten hard voor het eigen thuis en lieten geen schulden toe die verontrustten. Samen deelden we lief en leed, soms in warmte en enkele maal in onmin. Twee sterke karakters. Maar wel vol gehouden. En neem van mij aan dat de voorspellingen vanuit zgn. ‘experts’ aan het begin van deze reis niet positief waren. Men wist vrijwel zeker dat het voor ons vanaf de geplande start tot mislukken gedoemd was.

Mijn achtergrond, gebroken huwelijken in de familie meer regel dan uitzondering, bij vrouwlief zo links en rechts ook wat verbroken of lastige relaties als decor. Waar wij elkaar vonden was in de oprechte gedachte dat wij het anders zouden doen. Wij praatten veel met elkaar. Kilometers lang wandelend door onze stad. Met grote dromen voor waar we heen zouden willen, maar vooral ook samen. Het leidde tot een heel vroege breuk met ons beider verledens, tot een wens (ingewilligd door mijn toen nog levende schoonvader met groot inzicht en veel naastenliefde..) samen onafhankelijk in een piepklein onderkomen onze herstart te maken. Wat prima lukte. Hard werken, veel sparen, soms een uitstapje. Maar wel bouwend aan een toekomst die uiteraard nooit helemaal over rozen ging maar wel samen werd gevonden.

Schouder aan schouder, soms wel meer dan dat. Diepe dalen overstekend met een zelf gebouwde brug, hoge bergen nemend of die niet bestonden. Het huwelijk als houvast. ‘Kon niks worden, zo jong’ was de gedachte van anderen, maar wij dachten dan ‘ach’. Samen sterk en wat de een niet wist daar had de ander wel een antwoord. Mijn discipline was leren en werken. In het zweet des aanschijns. Vrouwlief deed de extra zaken als haar eigen werk, en de huishoudelijke taken die ik vermoedelijk nooit zou leren. Had zij een klusser gewild, was ze beter aan mij voorbij gelopen. Maar ik zorgde voor de gesprekken, overleg, diepgang bij zaken die er toe deden. Samen naar luchtvaartshows, auto-tentoonstellingen, zelfs de kleine jongen die er intussen was meenemend op die trips. Intussen zijn we weer zoveel jaar verder. We vieren het dus bescheiden. Zoals we dat meestal doen en deden. Morgen is er weer een dag. Gaat de toekomst gewoon weer verder. Nog steeds samen, in warmte gekoesterd. Maar vandaag even een hapje en drankje. Dank u voor de belangstelling. Vanaf morgen is dit theater weer als vanouds geopend….

Schuiven….

Als alles volgens plan gaat krijgen we aan het einde van deze maand een ploeg professionals in huis die de bestaande ramen en deuren zullen verwijderen en vervangen door milieuvriendelijk en isolerende kunststof met HR++ glas. Rib uit het lijf zo’n operatie, maar goed daar krijgen we dan best iets voor terug. Als de leveranciers hun werk goed doen betalen wij de rekening. Maar voordien moet er veel gebeuren. Wij zijn lieden met een geschiedenis. Een bibliotheek zou zich niet schamen voor onze verzameling boeken op velerlei terreinen en verder zijn we goed voor hobby’s en huisdieren. Dus dat moet allemaal van de kant. Minstens een meter volgens opgave van de installateurs. En dat dagen lang. Men begint aan de achterkant, de tuinkant bij ons, dus wat daar in die kamers staat (en de keuken) moet opgeschoven naar de kern van het huis. Maar wel op zodanige wijze dat we nog wel kunnen leven in dat huis van ons. Andere zaken moeten afgedekt. Logeerbed naar zolder, stel je voor dat er een gast komt slapen moet die ook ergens heen. We moeten een schema maken voor de drie katten. Razend nieuwsgierig en ook zeer geinteresseerd in het verboden buitengebied. Daar moet dus in huis een safe-room voor gevonden worden waar in- en uitlopende werklieden ze niet uit kunnen laten ontsnappen. Kortom, het wordt spannend in de komende weken.

Mocht je af en toe merken dat we even minder actief zijn op dit blog of de sociale media, het is niet anders, maar heeft geen andere reden dan deze. Zo’n 10 jaar geleden hadden we een soortgelijke situatie. De grote verbouwing van keuken en tweede etage zorgde voor het nodige geimproviseer. We maakten een kleine tijdelijke keuken in de huiskamer zodat we nog wel iets konden eten. De reguliere keuken bestond niet meer, helemaal kaal gesloopt door de aannemer. Dat gold ook voor de meterkast en de gang. Was best confronterend. Op de tweede etage werd de boel een paar maanden later helemaal gesloopt en aangepast aan de gewenste nieuwe situatie.

Mijn toenmalige werkkamer werd opslagruimte en ik kon toen mijn bureaustoel niet meer draaien of achteruit schuiven. Het boren en zagen, vreselijke geluiden, die me noopten om een voor straalvliegtuiggeluiden afschermende set oordoppen te dragen. Arme huisdieren van toen. Ook voor hen was het vast stressvol. Maar het werd wel mooi allemaal en daar genieten we nu nog van. En zo moet het dus ook gaan na de verbouwing van over een paar weken. Opdat we er weer netjes bij zitten en wat minder stookkosten maar vooral onderhoud bereiken. Want al dat best kostbare geschilder door de jaren heen moet dan wel echt over zijn. Daar doen we het voor. Voorlopig….Want er zijn nog meer plannen……Ik houd jullie wel op de hoogte van al dat onzaligs……En ik hoop dat jullie helpen met duimen….:)

Drive…

Het vervolgverhaal over leven met en werken voor dat merk met de Vliegende Pijl is vorige week zondag afgesloten. 63 weken lang hield ik u op de hoogte van hoe dat merk mijn leven mede kleurde. Een leven dat soms door toevalligheden in een bepaalde richting werd gestuurd. Maar wel op basis van een drive die zich al vroeg in het jeugdige leven van de meninggever ontwikkelde. Ingegeven door genen wellicht, zowel mijn vader als moeder waren zeer werkzame types met een verlangen naar een zekere mate van comfort, maar ook door opvoeding en opleiding. Ingegeven ook door wat de vroegere katholieke onderwijzers met je deden. ‘Domme mensen komen nergens, wie leert komt verder’. Ook al kwam je niet uit een rijke familie of iets adelijks, dan nog was er het e.e.a. te bereiken. Mits je keihard werkte en vlijtig leerde. Deed ik.

Daarbij kent mijn geest vanaf de prilste jeugd een soort vissersnetwerking. Ik gooi die netten uit en trek kennis binnen als een school haringen die verwerkt moet worden. Altijd gehad. Brede interesse. En dan ook nog een door de jaren heen gevormd talent tot praten en schrijven. Nooit ingetogen, nooit wars van woorden of meningen. Deze weblog heet niet voor niets al 13 jaar lang zoals hij heet. En een mening is geen balletje wat je opgooit om het door anderen te laten lek steken. Niks daarvan! Dus met prietpraat een onderbouwde stelling afbreken is niet mijn ding. In de loop van de jaren wel geleerd. Was ook altijd op zoek naar de hogere functies. Al wist ik ook wel dat de absolute top nooit haalbaar zou zijn. Voorbehouden aan de elite, de rijken of de adel. Maar ook niet het indertijd gestelde doel. Expertise, specialismen op bepaalde terreinen en zeker zorgen dat je uit kon dragen wat je in die netten had opgehaald. Dat was de drive en dat is het nog. Altijd leuk voor anderen?

Vast niet! Maar wel altijd respect gehad voor een andere mening dan de mijne als men zich hield aan de algemene of door mij zelf opgestelde fatsoensregels. Wie persoonlijk wordt wist en weet ik te vinden. Een aardje naar mijn moeder wist ik al snel, die kon ook 20 jaar onthouden wat iemand haar had geflikt. ‘Zou mij niet overkomen’, maar kan er niet aan voorbij dat je er altijd iets van mee krijgt. Die drive en die honger naar kennis houdt me nu nog steeds aardig op de been. Daarom kijken we rond, bezoeken oorden in binnen- of buitenland, kijken de ogen uit in musea, lezen ons de ogen moe in boeken vol aardige zaken en bespreken met goede vrienden geloofszaken of filosofische kwesties dan wel de soms zo stuitende (links-)politieke moraal. Er is altijd wel iets waar je mee bezig kunt zijn. En als je dat dan weer wilt uiten doe je dat uiteraard op de plek waar het hoort. Hier, op je eigen meningblog! En wie er anders over denkt mag het ook even zeggen……Tuurlijk! Mits………

De tien geboden van een vriendschap!

Al eerder beschreef ik de spelregels die voor sommigen om ons heen kennelijk voor gekoesterde vriendschappen zouden moeten kunnen gelden. Gewoon hoe je met mekaar omgaat, door dik en dun, vanuit een vergevingsgezinde gedachte niet voldoende. Anders is het geen vriendschap? Regels die je vastlegt of van de een naar de ander oplegt zijn wat mij betreft geen optie. Dat maakt de eenzijdigheid te groot, de vriendschap niet meer grenzenloos. Want dat is toch mijn voorwaarde. ‘Gij zult er dik en dun voor elkaar zijn’. Of woorden van die strekking. Toch maakten wij in het recente verleden nog wel eens mee dat iemand uit onze omgeving zich geroepen zag als Mozes op de berg eigen geboden op te stellen rond hoe die vriendschap tussen ons zou moeten verlopen. De spelregels van het geheel. Eenzijdig, uiteraard. En als je dan om iemand geeft, zelfs van zo iemand houdt, is het best lastig om daar nu net op de juiste wijze mee om te gaan. ‘Gij zult mij voeden op onverwachte tijden zonder dat ik daar iets tegenover stel!’ ‘Gij zult geen verwachtingen hebben ten aanzien van mijn antwoorden op uw communicatie. Ik ben druk en jullie niet!’ ‘Gij zult excuses maken voor alle fouten die u al dan niet bewust maakt ten opzichte van uw vriend(in)’. ‘Gij zult geen verwachtingen hebben ten aanzien van wat u van mij mag verwachten’.

En zo ging het soms maar door. Wat je daar nu mee moet was en is mij een raadsel. Het werd mij te veel, vrouwlief is dan opvallend genoeg vergevingsgezinder. Want vriendschap…..Tja. Ik kan je als lezers verzekeren dat wij uitermate loyaal zijn aan onze vriendjes. Waar ze ook vandaan komen, wat ze ook verder bedenken of doen, vrijwel nooit leidde het tot grote problemen. Ben je het altijd met elkaar eens? Nee! Is de smaak immer gelijk? Nee! Maar je legt elkaar geen omgangsregels op is mijn idee. Dat kan wellicht in een bedrijf waar je voor iedereen geldende spelregels opstelt, maar vriendschap is toch een beetje net als met familie, je neemt het zoals het gaat, want dat is toch de kern van dat samen beleven van het al zo korte samenleven. Horen geen tien geboden bij. Die mocht de eventuele Schepper opstellen, opdat we mekaar niet naar het leven staan. Of het leuker maken voor ons en de omgeving waarin we verkeren. Maar als tweederangs burger beschouwd worden hoort daar niet echt bij.

En dus houden we de boot even af. Is dat leuk? Nee! Het is pijnlijk zelfs. Omdat je ook koestert wat was. Zoals ik ook deed bij ook andere relaties met mensen die in je leven voorbij komen of kwamen. Maar ik ben zelf van KISS, oftewel Keep It Stupid Simple! Maak het niet te gecompliceerd, onderga, koester, beleef samen. Waarom wordt het dan alsnog gecompliceerd als pseudo-Mozes ergens van een Nederlandse heuvel afdaalt om zijn/haar apostelen te instrueren. Het is meteen haar-in-nek-doen-opstaand voor me! Kont tegen de krib, contakten losmaken, rust zoeken. Jammer maar helaas! Zelf ook wel eens zoiets meegemaakt?? Of is onze kijk op dit fenomeen toch te kritisch??

Ov-kaart vernieuwen – fluitje van flink veel geld…

Net als veel mensen bezit ik ook een OV-chipkaart. De vervanger voor de door sommigen geliefde en door anderen verguisde strippenkaarten. Met die Ov-Kaart betaal je in het OV door middel van in- en uitchecken (afrekening voor- of achteraf) en gemak dient de mens. Eenmaal aan gewend loop je zo langs alle barrières die de aan die kaarten gekoppelde vervoersbedrijven voor je opwerpen voordat je überhaupt gebruik mag maken van hun diensten. Kaart op naam, met foto. Maar ook met een bepaalde geldigheidsduur. Het waarom daarvan is me niet geheel duidelijk, maar laten we zeggen dat men om misbruik te voorkomen wil dat je die kaarten eens in de zoveel tijd vernieuwt. Je krijg er vooraf keurig een mail over en dan moet je zien dat je als klant zonder kleerscheuren door het aangewezen computerprogramma heen geworsteld raakt. Want als altijd bij de (semi)overheden, het aantal voetangels en klemmen is digitaal flink breed voor je opgesteld. De website vinden waar je die kaart moet vernieuwen wordt nog wel netjes aangeduid.

Maar eenmaal in die website begint de ellende. Want welke gebruikersnaam en welke wachtwoord stelde je ook alweer x-aantal jaren geleden in? Ik wist het niet meer. Dus moet je je opnieuw aanmelden. Lukte overigens prima. Daarna begon de volgende ellende. Ik had voor de vernieuwing van mijn kaart een koppelcode nodig! Een wat? Tja, geen idee, maar die had ik dus ook niet (meer). Opnieuw aangevraagd. Na twee dagen per brief in huis. Keurig. Weer inloggen, dwars door het menu heen. Om daar dan op enig moment mijn bankgegevens te vermelden. Immers, die OV-kaart werkt met een automatisch opladend saldo, maar wel ten laste van onze bankrekening. Nou ja, dat ging ook nog relatief probleemloos. Net als de nieuwe foto voor op het pasje. Toch even een foto uitgezocht waarop ik niet te veel lach. Zo’n lol geeft het nu ook niet in die bussen en metro’s of trams. Daarna bleek dat er nog een handeling te verrichten viel. Betalen voor die nieuwe kaart. Wat?? Ja, administratiekosten omdat ik zelf die kaart had aangevraagd. E.7,50!! En dat moest meteen overgeboekt worden. Nou… simpel dacht ik nog, haal je toch van die opgegeven incassorekening af?

No way! Weer opnieuw! Het lukte. Maar ik was intussen wel een tijdje verder. Ik zou een mail krijgen ter bevestiging. Op een mailadres wat niet meer in gebruik is en ik bij de verlenging van de kaart had gewijzigd. Nou ja, we nemen maar aan dat die kaart er wel komt. Enig vertrouwen moet je organisaties soms wel gunnen…toch? Maar kan iemand die lui ook uitleggen dat deze handelingen zeker 50% efficiënter kunnen worden opgelost? Of is dat niet de bedoeling?! Dan snap ik wel dat men geen concurrentie op het spoor wil. Want een ding is heel vervelend van ook dit systeem, prijsverhogingen kan men ongezien doorvoeren. Pas bij uitchecken ontdek je dan dat op een bepaald traject de prijs weer met 10 cent of zo is gestegen. Deed je vroeger toch een stripje minder om dat te compenseren. Lukt niet meer in het digitale tijdperk. Maar goed. We kunnen er weer mee reizen. Met dank aan het geduld van uw meninggever. Niet aan de logica van de OV Chipkaart-organisatie. Zeker niet! (Beelden: Yellowbird archief)

Leven met de vliegende pijl – hoofdstuk 54 – Relatie met de autojournalistiek..

Onbekend maakt onbemind. Oud spreekwoord met een grote kern van waarheid. Gold zeker voor de relatie die Skoda indertijd had met de auto-journalisten in ons land. Volgens veel van die lui was alles wat van achter het toenmalige IJzeren Gordijn (>1989)vandaan kwam maar ’niks’ en van een eventuele rijke geschiedenis wilde men ook al niks weten. Ik merkte dat indertijd zelf al aan den lijve toen ik als Skoda-rijder nog eens in conflict kwam met de redactie van AutoVisie die de nieuwe Skoda’s van 1977 tijdens een rijtest tot de bodem afbrandde. Naar later bleek mede omdat de importeur van toen, Englebert, niet in het blad bij die test wilde adverteren, maar dit terzijde. Met de modellen waarvan de motor achterin gemonteerd zat was vrijwel niks positiefs te bereiken bij het toenmalige ego-gerichte journaille.

Er werd vaak graag wat lacherig over gedaan, men schreef veelal maar wat en dacht dat het allemaal geen kwaad kon. Bij de Favorit vond men die auto op zich nog wel redelijk, maar de prijs weer niet, vervolgens was de Felicia ‘eigenlijk een verkapte Favorit’ (wat hij zeker niet was..). Altijd wist men het beter dan de echte professionals die met het merk werkten zoals ik. Dat heeft soms heel bijzondere gesprekken opgeleverd. Ik was niet zo van het gelijk erkennen van lieden die wellicht nog wel aardig konden schrijven over auto’s maar met Skoda of haar geschiedenis weinig op hadden. En zich ook niet echt verdiepten in de rijke geschiedenis van het merk of haar land van herkomst.

Elke Opel of Alfa werd bijvoorbeeld al snel de hemel ingeprezen, een Skoda moest wel heel erg goed zijn wilde men er positief over berichten. De uitzonderingen daar gelaten. Later las ik in een boekwerkje van journalist Ted Sluymer hoe die zaken achter de schermen gingen of gaan. Welke dingen meespelen en waar je op moet letten bij de omgang met auto-journalisten. Het was wel even slikken toen ik dat las. Natuurlijk lazen journalisten zelf liever niet wat Ted Sluymer schreef, maar hij had vast geen o n gelijk! Wij hadden er wel degelijk mee te maken bij Skoda, elke keer weer.

Maar met de komst van die andere modellen na de toevoeging van Skoda aan de VW-Groep pasten ook de journalisten zich aan. Men werd minder kritisch. Gek genoeg was dat in andere landen soms ook zo, maar er waren ook voorbeelden te vinden waar men veel positiever berichtte over ons merk. Het zat in dat typisch Nederlandse ’beter weten’ en het gebrek aan binding met Nederland als merk. Hoe dan ook je moest er mee leren leven. Toen de wereld van Skoda en Pon veranderd was, zag je dus die houding van de heren (vrijwel geen dame te vinden in dat wereldje op een enkele na) zich aanpassen bij de realiteit van de dag. Men wilde ineens graag mee naar de fabriek om te zien hoe die wagens werden gebouwd.

We vlogen dan met groepen journalisten naar Praag. Gevlogen werd indertijd met KLM of CSA, Economy-Class, want voor meer was op dat moment in de tijd geen budget. Soms werd voor een speciale gelegenheid een toestel gehuurd, zoals het eerder aangehaalde Pon-vliegtuig. Ik ben er voor de verkiezing van de Auto van het Jaar waaraan de Fabia zou meedoen nog wel eens voor naar Praag gevlogen met een journalistieke delegatie van vijf man. Het was een utopie te denken dat de Fabia ook maar een minieme kans maakte op winnen van die titel, maar je deed je best. Andere merken deden meer, veel meer soms. Dat smeerde het mechaniek van de stemming vrees ik. Ook daarover berichtte Ted Sluymer indertijd! Wordt vervolgd! (Beelden: Yellowbird archief/Skoda)-Toegevoegd…1e druk boekjeTedSluymer.,..

Dinky’s en buitenspelen..

Kom er nu maar eens om. Kinderen die consequent buiten spelen. Ondenkbaar zo lijkt het wel eens. Was in mijn jonge jaren wel anders. Wij leefden min of meer op straat. Logisch want je zat een deel van de week opgesloten in een strenge katholieke school of een stringent regime thuis. Orde moest er zijn en ledigheid was het kenmerk van de duivel. Maar buiten was alles vrij en los en kon de fantasie haar werk doen. Zo waren wij als jongens van die Amsterdamse straat veel bezig met gezamenlijke spelletjes. Of het nu oorlogje, naspelen van de Olympische spelen, schieten met pijltjes of slagbal met rondjes betrof. Altijd buiten. Zowel na school tot het eten klaar stond, als daarna. TV speelde nog nauwelijks een rol. Wat we om ons heen zagen was voldoende inspiratiebron. Ik had het ‘geluk’ dat in die straat een aantal grote autobedrijven te vinden was. Kon toen nog in dat deel van de stad, waar het ook nog wemelde van de mkb-ers. Die lui reden met trucks en bestelauto’s door onze straat heen en weer en dat gaf een aparte impuls aan een spel waar we als 11-13-jarigen best gek op waren.

Het op de stoeptegels krijten van hele wegen en steden en daar dan met je miniatuurauto’s overheen rijden. Dinky Toys was in die jaren een bekende fabrikant van dat spul en als je geluk had kreeg je er wel eens een voor de verjaardag. En dan combineerden we samen die vloten voertuigen tot een nabootsing van het toen actuele verkeer. Ik weet nog goed dat ik bij elke Dinky-Toys truck die ik dan eens per jaar als cadeau ontving altijd weer te horen kreeg dat ik er niet mee naar buiten mocht. Logisch, want zo’n model kostte een rib uit het familielijf. Op mijn achtste een Brits busmodel van de BOAC. waarmee ik dan alsnog hele routes reed op straat. Op mijn 11e kreeg ik de zo lang begeerde Dinky Transporter met Bedford trekker. Daarmee kon je dan vier (Britse)personenwagens vervoeren. Zo’n Bedford kostte indertijd 11 gulden. Dus moest ik heel voorzichtig mee doen en ook lang als het even mocht…

Ook een grote Leyland Octopustruck met aanhanger werd zo mijn deel. Nou…ze deden al snel dienst op de straatstenen en liepen daardoor uiteraard links en rechts toch wat lakschade op. Jammer, maar helaas. Je speelde er zo voorzichtig mogelijk mee, maar die Leyland moest ook zand en stenen vervoeren…. Niet bevorderlijk, al bleef de basis-constructie gewoon onaangetast. Toen ik wat later in mijn leven overstapte naar de wereld van de luchtvaart en me vooral interesseerde voor alles wat vliegen kon kwamen de Dinky’s in een doos te staan en bleven daar tot er in de familie een opvolger gevonden was die er mee kon spelen.

Liefst niet buiten uiteraard want….. Twee generaties na mij vermaakten zich alsnog met de Britse voertuigen op schaal. Ergens in de jaren tachtig kwamen ze terug bij mij. En werden gerenoveerd. Mooi gemaaklt en toonbaar. Gek genoeg met nog steeds de originele bandjes. Dat was een wonder maar ook een teken voor hoe sterk die miniatuurwagens van toen werden gemaakt. Al weer decennia lang staan ze te pronken in mijn bescheiden maar qua vloot wel wat gegroeide miniatuurmuseum. Met al die herinneringen van vroeger gekoppeld aan die fameuze naam Dinky Toys. Kom daar nu nog maar eens om. Het bedrijf zelf ging overigens eind jaren zeventig financieel onder water toen jongelui uit die generatie liever achter een spelcomputer zaten dan speelden met miniatuuur-auto’s. Was een teken aan de wand. Niet veel veranderd….Ik wel! (foto’s: Yellowbird collectie)

Leven met de Vliegende Pijl – Hoofdstuk 53 – Pon als verhuurder van boot en vliegtuig..

Pon Holdings kende een stuk of wat heel bijzondere dochters. Soms waren dat bedrijven die een activiteit ontplooiden waarvan je als normale medewerker niet wist dat die bestonden. Zo was er het Pon-schip. Een groot platbodemtype dat in verschillende Nederlandse havens zijn thuisbasis kende en beschikbaar was voor eigenaar Mijndert Pon, maar ook voor het top management van het bedrijf. Nu was het niet zo dat die lieden zoveel tijd over hadden dat ze elke dag met die boot rondjes voeren over het IJsselmeer, integendeel, en dus had men bedacht dat alle andere Pon-bedrijven die boot ‘mochten’ huren. Verplicht overigens, en liefst zelfs twee keer per jaar. Uiteraard tegen betaling vanuit het eigen budget. De bemanning bestond uit een schipper en een steward(ess). Die laatste zorgde er voor dat de inwendige mens van de huurders goed werd voorzien van eten en drinken. Met een vaak schier onuitputtelijk lijkende voorraad lekkers. De eerste hield over het algemeen het roer recht en voer over Friese Meren of als je dat wilde over het IJsselmeer naar plekken als Enkhuizen of Hoorn. Wie daar meer over wil lezen moet mijn samen met Jaap van Rij geschreven boekje over het Ponbedrijf maar eens bestellen….

Ook wij huurden die schuit, met de fraaie naam ’Koopmans Welvaren’ dus voor relationele doeleinden. Soms ging het management-team inclusief dames lekker varen om zo wat beter met elkaar te leren omgaan. In andere gevallen namen we dealers mee (voordeel…ze konden er niet vanaf als we met ze wilden praten over de toekomst of een nieuw te bestellen model…) of mensen van de fabriek. In alle gevallen bleek dat schip prima te werken. Gek genoeg werd hij in de toch wat zuiniger tijden onder Jaap van Rij meer ingezet dan door de meer geld verkwistende Cees Hoekstra. Die had niet zo veel met dat schip denk ik. Als illustratie gebruik ik een beeld van de Engelstalige cover voor het boek zoals door Jaap van Rij en mij in 2013 uitgebracht waarbij we dat Pon-schip op ‘volle zee’ afbeeldden.
Een ander fenomeen was het Pon Vliegtuig. Ik wist tot 1997 niet eens dat er zoiets bestond als een eigen Pon-vliegtuig, maar dat was dus wel het geval. Een professioneel ding ook. Beechcraft Super King Air met alles er op en aan en als het toestel ergens heen ging wat op enige afstand gelegen was, voorzien van twee vliegers. Je kon er met een man of zeven in, een toilet was er niet, maar je hield het meestal wel een uurtje vol. Ook in dat vliegtuig was catering geen enkel probleem en het was allemaal bijzonder comfortabel omdat het toestel vanaf Vliegveld Lelystad opereerde wat heel veel vertragingen voorkwam. Omdat wij zo vaak naar Praag moesten reizen indertijd nam Cees Hoekstra het besluit dat als we met meerdere mensen gingen we dan maar in het schema van dit Pon-vliegtuig moesten reizen. Dat bleek een onverwacht wijs besluit. Het vliegtuig deed er qua vliegtijd een kwartier langer over dan een CSA of KLM-jet, maar je had een veel kortere inchecktijd en werd met een speciaal busje op het vliegveld van Praag vervoerd van of naar het toestel. We maakten er dus regelmatig gebruik van. Ook met journalisten vloog ik nog wel eens op en neer met dat toestel. De PH-VMP (Van Mijndert Pon) was de registratie. Maar ik geloof dat hij na het jaar 2000 is verkocht. Hadden wij er tot dan toch maar mooi gebruik van kunnen maken. Wordt vervolgd! (Beelden: Yellowbird archief/Pon/Internet)