Hond of kat??

Hond of kat??

En nu ik het in een vorig blog toch al over dieren had, dan maar even doorvragen. Ben je van huis uit een honden- of kattenmens?

Het schijnt veel over je karakter te zeggen als je kiest voor het een of het ander. Mensen die vallen op een hond hebben iets dominants in zich, willen de baas spelen en een dier zoals een hond is blijkt dan een gewillig slachtoffer. De meeste honden zijn onderdanig (ja, er zijn altijd uitzonderingen), houden van de roedelvorming in huis, zien jou als de baas van die roedel en volgen je op de voet. Een beetje hond kan je ook beschermen en er zijn heel wat hulphonden in dienst die allerlei trucjes kregen aangeleerd die niet meteen behoren tot hun natuurlijke gedrag. Een hond is er in diverse soorten en maten, net als katten, En om het daar eens over te hebben, katten is weinig aan te leren. Zij leren ons juist bepaald gedrag aan. Personeel als we zijn dienen mensen op bepaalde tijden eten of drinken te verstrekken, moeten we deuren en ramen voor ze openen opdat zij zich daar doorheen kunnen verplaatsen.

Er dienen ook lekkere plekjes in huis te worden opgeofferd als slaapplek en krabpalen zijn niet interessant genoeg als er ook banken, stoelen en andere krabbare meubels te vinden zijn. Een kat (poes) is de baas, jij mag bedienen. Grote verschillen dus. Ik zelf kom uit een gezin waarin we vroeger vrijwel altijd beide dieren in huis hadden. Honden en katten, die laatsten werden door de huissituatie aan het begin van ons huwelijk vanzelf ook ons gezelschap. Een hond had toen helemaal niet gepast. Daarbij, als je geen huis met tuin of een groene omgeving bezit mag je het een hond niet aandoen te moeten wonen in een huis zonder buitenlucht of een straat die alleen bestaat uit stenen. Katten zijn prima binnen te houden, en eenmaal gewend is de kattenbak voor hen voldoende, mits je maar wel regelmatig met ze speelt. Het raseigen gedrag moeten wel worden gestimuleerd natuurlijk. Sinds de jeugd dus altijd katten om me heen gehad.

Alle soorten, maten, formaten en kleuren. Nu nog steeds en we genieten van het gezelschap. Deden we ook toen we in een opwelling anno 1993 onze boerenfox Purdy ophaalden uit Limburg en daar 16,5 jaar van mochten genieten. Wat een schat van een hond was dat en sterk als een beer. Lief en aanhankelijk, maar een ellende om in de auto mee te nemen. Was niks voor hem (was eigenlijke een ‘haar’ maar we noemden hem zo omdat het gedrag zo anders was..). Toen Purdy er niet meer was bleven de katten. En die losten elkaar om wat voor reden ook af. Ouderdom, ziekte, wie aan een huisdier begint moet naast de voordelen ook de nadelen willen zien. En daartoe behoort ook het verdriet van afscheid. En dat is niet fijn. Zeker niet als je die beesten niet ziet als decor in huis maar als een soort ‘kinderen’. Zij die honden kiezen hebben veelal minder met katten en omgekeerd. Twee werelden. Maar er zijn er ook die beiden in huis halen en die samenleving zien als het meest prettig. Tot welke soort behoor jij??? Laat eens weten als je zin hebt……En mocht je een voorkeur hebben voor totaal andere huisdieren, paarden, ezels, vogels, vissen, olifanten of wat ook, gewoon benoemen hoor! (Beelden: Archief)

Veelvraat…

Sinds januari, ik heb u als lezer indertijd meegenomen in onze wereld van kattenliefde en verdrijven van toenmalig heftig verdriet, hebben wij twee jonge gasten in huis. Broer en zus, Main Coon katten van de leuke en (gelukkig meestal)gezonde soort. In de tussenliggende maanden groeiden die twee in rap tempo op. De socialisering werd deels door onze iets oudere (2 jaar) Ragdollkater Prins Percy gedaan, de rest probeerden wij als butler en dienstmeisje die twee bij te brengen. Met een kattenervaring die toch al een dikke halve eeuw teruggaat weet je dan wel wat je in de poezenkuip aantreft zou ik denken. Maar in dit geval pakt(e) dat toch iets anders uit. Het groeiproces van deze twee gaat zo rap dat ze als 8 maanden oude kittens op enig moment 4 resp. 5 kilo wogen. Het hoort bij het ras en dat verschil in gewicht zit ook in geslachtsonderscheid. Vrouwtjes bij deze kattensoort lichter dan de mannetjes. Maar er is nog iets wat ons toch wat parten speelt.

Het mannetje, door ons Presley genaamd, eet als een bootwerker en heeft kennelijk nooit genoeg. Want wat je ook op de mensentafel zet, als hij de kans heeft steelt hij het onder je handen vandaan. Worst, kaas, groenten, aardappels, maar ook verpakkingen, servetten, het moet allemaal meegesleurd. Alsof we een wilde boskat in huis hebben. En hij is nergens bang voor. Nou ja voor echte bedreiging, maar dat willen we nou ook niet steeds doen. Kortom, we zijn er constant mee bezig. De keuken moet dicht blijven, de kamer als we aan het eten zijn, altijd is er wel een reden om bang te zijn voor de acties van deze panterachtige rover. Opvallend genoeg werkt hij soms samen met zijn zus. Die is ook erg ingesteld op eten, maar heeft nog een extra slimmigheidje aangeleerd. Vanaf moment 1 dat ze hier binnen stapten weet die kleine alles open te maken. Van kasten tot ritsluitingen op tassen, ze rommelt even en hup. En wat open is wordt dan door broerlief grommend doorzocht op etenswaar. Je zou bijna denken bij het lezen van e.e.a. dat wij die dieren slecht verzorgen, maar de waarheid is juist dat we er altijd extra goed voor zorgen.

En we ons daarbij aan de maatbekers houden, het juiste voedsel kopen (grotere brokken voor deze katten opdat ze goed leren kauwen..). Afstemming met de dierenarts leerde ons het advies om als dit gedrag zich voor doet de kat af te leiden met een speeltje. Geprobeerd….werkte echt niet. Eten gaat voor alles. Op de fora en Facebook-groepen die deze katten tot onderwerp hebben lees je wel dat ze vaak zijn geobsedeerd door alles wat eetbaat is, maar zo erg dat je er voor dwars door roeien en ruiten gaat komen we dan weer niet tegen. We overwegen nog wat we moeten op het moment dat ik dit schrijf. Het moet afgeleerd worden zoals het diertje het ook zichzelf heeft aangeleerd. Gek genoeg is alles rustig en vooral aanhalig lief als het eten buiten beeld is. Dan is die grote lummel een van de liefste en meest aanhalige katten denkbaar. Nooit vechterig, maar juist knuffelig. Tot hij het idee heeft dat er iets te halen valt. Opmerkelijk. En wij kennen het, ik herhaal mezelf daarin, niet van eerdere katten die we als personeel dienden. Hebben we dan toch een roofridder in huis gehaald? We gaan het nog even aankijken en dan Doctor Phil maar eens benaderen. Zou dat helpen??? Wie het weet mag het zeggen (of schrijven)….(foto’s: Prive-archief)