Speeltoren…

Speeltoren…

Voor ons als mensen uit de hoofdstedelijke periferie is het Waterland ten noorden van de stad natuurlijk relatief simpel bereikbaar. En het is daar plezierig vertoeven. Met name de kleine stadjes aan de oude Zuiderzee zijn het bezoeken meer dan waard. Daar zie je nog de geschiedenis van ons op handel ingestelde landje vertaald in vaak prachtige historische panden, kerken en havens die qua omvang doen verbazen. Een daarvan is Monnickendam. Tijdens ons bezoek tijdens de laatste dagen van afgelopen meimaand was het er rustig.

En dat is een verademing. Dus bezochten we wat kerken, maar ook het erg aardige Speeltoren Museum. Gevestigd in…de zeer kenmerkende Speeltoren die best boven het stadje uitsteekt. Met zijn heel bijzondere uurwerk dat met name op hele uren bezoekers vermaakt met ronddraaiende figuurtjes en een op een bazuin blazende engel.

Het museum is opgebouwd in lagen. Elke verdieping (in het torengebouw) biedt weer iets anders aan voor de bezoekers. Je kunt er films bekijken over de geschiedenis van het Waterland. Het trammetje dat voorheen vanuit Amsterdam-Noord de verbindingen tussen al die plaatsjes verzorgde, maar ook de drooglegging van de polders in dit gebied. Men heeft aandacht voor de lokale nijverheid en handel, maar ook de scheepsbouw die naar traditie in de haven is terug te vinden.

Ooit had dit stadje een levendige vissershaven met alles wat daarbij hoorde. Je ziet hoe vooral monnikenwerk leidde tot de welvaart die voortkwam uit nijverheid en handel. Wie er lol in heeft moet vooral doorklimmen naar de bovenste etage van de toren. Daar vindt je het klokkenspel, helemaal mechanisch met die eerder genoemde uiterlijkheden van die toren. De afdeling waarin dit allemaal staat opgesteld staat ook vol met andere uurwerken die tikken in dat tempo dat paste bij een samenleving waarin orde en vlijt nog van toepassing waren voor het gewone volk. Men heeft overigens ook aandacht voor de helden van de drooglegging in dit gebied en de gevolgen voor de natuur in deze omgeving die er sterk door werd verrijkt.

Het museum kost relatief gezien een habbekrats, duurste kaartje is 5 euro per persoon, maar met een gezinskaart van 12 euro heb je lol voor veel. Museumkaarthouders hobbelen gratis (..) naar binnen. De uitleg door een vriendelijke dame op de begane grond was uitgebreid en plezierig, er zijn toiletten en een kleine museumshop. Voor hen die trappen zien als obstakel, er is ook een lift in de toren, maar helaas was die stuk op de dag van ons bezoek. Maar alles is maakbaar. Zoals dit museum dat onlangs nog een uitgebreide modernisering doormaakte waardoor het echt een zeer aan te raden museum is. Ben je in Monnickendam, doen! (beelden: eigen archief)

(R)evolutie…

(R)evolutie…

In de vakgebieden waarin ik al die decennia mijn brood met beleg trachtte te verdienen, ik deelde mijn verhalen al eens eerder op dit punt, is de laatste jaren sprake van een ware (r)evolutie. De werkzaamheden zijn in basis natuurlijk nog steeds gelijk aan vroeger, alleen heeft men veel zaken gestroomlijnd en is schaalvergroting op elk terrein een toverwoord. Kijk ik even terug naar mijn bankjaren, indertijd werkte ik samen met tientallen mensen op een afdeling die onderdeel was van een heel pand vol bankwerkers die allemaal de verstrekking van en controle op kredietfaciliteiten bij bedrijven als uitgangspunt hadden.

Die bank had nog overal fysieke kantoren, waar de lokale klanten terecht konden voor die faciliteiten naast het ophalen of storten van cash geld. Tegenwoordig bankieren we digitaal, de kantoren verdwenen en dat hoofdkantoor doet met een laptop wat wij vroeger met al die medewerkers in teamverband deden. Op Schiphol is de wereld ook totaal veranderd. De computer verving de dagen lang rennende en procedures volgende medewerkers in de passage- en vrachtafdelingen.

Groei van de omzet maakte dat waar ik ooit werkte in het meest zuidelijk gelegen kantoorpand van Schiphol, nu in die omgeving tot ver aan de horizon giga-panden staan en ook de meeste passagiers gewoon thuis op hun laptop boekingen doen en zelf hun tickets printen. Vloog je vroeger voor pakweg (omgerekend) 250 euro p.p. naar Parijs, wie het slim aanpakt kan dat nu voor een paar tientjes. Het avontuur werd een busrit met vleugels. Later in het autovak was de combinatie van verkoop en administratie een hele klus. Alles handmatig. Tot aan het halen van nieuwe auto’s bij importeurs aan toe. Als je een auto had verkocht moest je een stel handelingen verrichten waar je een halve dag mee zoet was, intussen deden de technische collega’s datgene wat die auto tot een rijdbaar exemplaar voor de klant maakte en ook nog eens deed glimmen.

Een kenteken moest je zelf op naam stellen bij het postkantoor, had je meerdere afleveringen (veelal op vrijdagen) stond je met je stapel kentekenbewijzen in een file voor het desbetreffende loket. Immers, in de buurt zaten meer garagebedrijven met dezelfde behoefte. Stress was in al die gevallen het gevolg. Die administratie was een kwestie van fysiek uitgeschreven bonnen en facturen inboeken met de hand in grote boeken, de tellingen vierkant op orde brengen en al die bescheiden keurig opbergen en bewaren. Je had daar alleen al een hele zolder voor nodig.

In het importeurswerk had ik van doen met dat toenmalige dealerwerk in het kwadraat. Met 80 dealers een hele klus om al die lui dezelfde kant op te krijgen en ook nog eens te voldoen aan de wensen van een steeds veeleisender fabrikant. Zie ik nu hoe men alles zelf digitaal kan doen, je hoeft echt niet meer naar het postkantoor voor die kentekens, maar ook de communicatie met dealers is voor importeurs een stuk minder ingewikkeld. Alles gaat met computers nu, in feite beweegt men als doorgeefluik voor de bestellingen van de klant via de dealer naar de fabriek. De computer maakt dan uit wanneer een auto op welke wijze wordt gebouwd en geleverd. Van die 80 dealers van toen is er vrijwel geen een meer actief. Vervangen door giga-bedrijven met soms duizenden auto’s omzet per jaar. Andere tijden. En dan heb ik het nog niet over mijn jaren in de communicatie. De schrijverij in fysieke magazines, bladen, boeken, adviezen en trainingen…..Het is allemaal veranderd. En toen we dat virus over ons heen kregen werd gewoon thuis gewerkt en bleek dat prima te kunnen. Het is allemaal anders geworden. Sneller, maar ook leuker?? Als ik soms zie hoe weinig klantvriendelijk bedrijven soms opereren….ik heb er weinig hoop op dat dit beter wordt….Maar interessant is het allemaal wel…. (B eelden: Archief)

Scheerder…

Scheerder…

In al onze wijsheid en kennis weten we maar relatief weinig over het rond onze planeet aanwezige heelal. We kunnen het als normale lieden met onze menselijke observaties nauwelijks voorstellen hoe vijandig het daar toe gaat en dat wat wij een georganiseerde samenleving noemen in de ruimte geen enkele basis vormt om zich als daar aanwezig rotsblok te gedragen naar onze normen en waarden. De ellende van dat Heelal is dat het miljarden jaren geleden is ontstaan uit een complete chaos. Op elkaar botsende hemellichamen, gasbollen, gesteenten vormend die op zich weer tegen elkaar aan klotsten en af en toe door de kracht der toenmalige dingen de verre ruimte in werden geslingerd.

De wetten van de zwaartekracht zorgden voor een soort plaksel, waardoor o.a. onze zon een reeks planeten aan zich kon binden die keurig hun rondjes draaiend de boel aan onze kant van dat Heelal in evenwicht houden. Maar het gaat soms erg mis. Verbijsterend zijn de beelden van botsingen met hemellichamen die we als mensen die ze observeren slechts nummers meegeven. Zogenaamde ‘scheerders’ die ergens uit de oerruimte opdoemen en een koers aanhouden die voor ons of buurplaneten wel eens akelige gevolgen kunnen hebben. Kleine brokjes van dat puin vallen nog wel eens door de dampkring heen en ploffen dat veelal in onherbergzaam gebied op Aarde, maar de grotere jongens hebben ons veelal (op een haar na) gemist. Een van de grotere brokken wordt nog steeds gezien als oorzaak van het uitsterven van de dinosauriers die tot voor een paar miljoen jaren geleden de dienst uitmaakten op onze Aarde.

Opgravingen en conclusies maken wel duidelijk dat binnen korte tijd na de crash van die grijzige komeet (laten we het lelijke brok puin zo noemen) het licht door de opgeworpen stofwolken en aardbevingen letterlijk was uit gegaan. De vegetatie verdween, de dino’s hadden geen leefomgeving meer en stierven. Muggen en kakkerlakken overleefden. In de meer recente geschiedenis zijn heel wat van die ruimtebrokken langs onze planeet heen gevlogen. Vaak op korte afstand, in dat kader vinden wetenschappers tienduizenden kilometers al een ‘close call’. Wat te doen als zo’n ding wel op ramkoers naar de Aarde is? Ergens uit een verscholen hoek van dat onmetelijke Heelal? Raketten er op afschieten? Het kan, maar krijg je dan niet dat zo’n ding verpulvert en alsnog in duizenden brokken en ook nog eens radioactief besmet op Aarde neer komt? Wat te doen als hij de Maan raakt? Als die zusterplaneet ook maar een paar graden uit de koers gaat is het voor ons ook ineens een heel ander leven op Aarde. We nemen alles op onze planeet als vanzelfsprekend, onze orde houdt de chaos buiten. Maar lukt dat echt bij zulke grote potentiele bedreigingen? In 2024 komt er weer zo’n ding langs las ik. Een grote dit keer. Hij ligt op ramkoers, maar kan ons ook op korte afstand missen. Laten we maar hopen op het laatste. Want als we denken dat de wereld nu een rommeltje is, dat kon na een inslag van die grootte wel eens heel anders zijn. Koesteren maar zou ik denken….. (beelden: archief)

De tand des tijds…

De tand des tijds…

In mijn interessegebieden zitten wat Social-Media-groepen die af en toe fraaie oude plaatjes posten waarop bijvoorbeeld auto’s uit de jaren 60/70 of zo met daarbij allerlei aantrekkelijke dames. Al dan niet in de toen gebruikelijke vrouwelijke dracht. De vertrutters van deze wereld hadden toen nog geen grote invloed en over het idee dat de dames wellicht achter de schermen door fotografen of zo werden betast (ik overdrijf nu even schromelijk) dacht niemand na. We spraken nog gewoon Nederlands, Frans of Spaans en het Engelse #Metoo gedoe was onbekend. Hoe dan ook, tijdens een van die sessies merkte iemand van die groepen op dat het toch wat is, die dames waren intussen ook klassiekers (..) geworden net als die auto’s. Ik vond het wel een confronterend idee.

Net zo als wanneer ik door die oude dia’s heen ga en zie dat indertijd bezochte artiesten intussen oud zijn of al zijn hemelen, familieleden of vrienden het pad naar boven allang hebben gevonden en eventuele slanke en soepele lijven en leden wel enkele kilo’s geleden zijn. Zelfs mensen die altijd jonger waren dan ik ben of was, zijn intussen op leeftijd gekomen. Overgang, grootouderschap of zelfs pensioen wordt nu ook door hen bereikt. Het gaat zo snel allemaal. Bij een van de op zo’n beeld aantrekkelijke dames ging ik eens zitten berekenen hou oud die nu moet zijn als ze nog in ons land der levenden rondloopt op haar toen zo slanke benen. Nou, ware zij toen pakweg 20, is ze nu 72.

Mai mai toch een mooie leeftijd om tenminste moeder dan wel oma te zijn. De glans van de jeugd verdwenen, de ondeugd uit het lijf verbannen, van korte rok naar lange lappen, van blond naar grijs, van staand naar hangend. De oude Meninggever voelde zich meteen een stuk plezieriger. Het ouder worden is dus niet alleen voor hem van toepassing, we lijden er allemaal aan. Zelfs de toen zo mooie dames. Van filmster tot fotomodel. Sommigen daarvan doen er alles aan om zich via kunst/vliegwerk jonger te laten lijken. Ze doen aan sport, yoga of wat ook om het functioneren nog wat soepeltjes te laten verlopen. Net als die oldtimers. De nieuwe wagens van toen, goed onderhouden, altijd binnen gestaan en met weinig kilometertjes op de klok. En vaak kunnen die dames dat allemaal niet beweren. Geen wonder dat ze dan niet meer zo fraai ogen als toen…… Zijn net mannen….. En meteen een waarschuwing dat ons allen dit bij goede gezondheid zal overkomen. (Beelden: Eigen archief)

Verhuisde verhuizer…

Verhuisde verhuizer…

De al eerder beschreven geschiedenis van mijn woonbuurt in het toen als ‘Oud-Zuid’ aangeduide stukje van Amsterdam tussen Ceintuurbaan en Amstelkade omvatte ook die van de nodige bedrijven die daar hun domicilie kenden. Het barstte er van de middenstanders, voor zuivel, brood, vlees, groenten, sigaretten of een fietsenmaker hoefde je nauwelijks de deur uit. In onze straat alleen al barstte het van die lui.

Maar er zaten in die jaren ook de nodige grote bedrijven. Die uiteraard ook aan veel van de toen daar woonachtigen werk boden. Een daarvan het toen al grote verhuisbedrijf van Van Deutekom. Het stamde al uit de 19e eeuw en was op enig moment neergestreken in onze straat niet ver van de Amsteldijk. Wagens van het bedrijf reden meestal in de ochtend onze woonomgeving uit om er voor de avond weer terug te keren. Klussen geklaard. Heel andere trucks dan wij kenden van de meer bij ons in de buurt van ons huis gevestigde garage met transportbedrijf van Ouke Baas dat heel andere ritten klaarde.

Soms stond de straat vol met die wagens omdat er werd getankt en je door de (ook toen al) geparkeerde personenwagens dan niet verder kon. Vandaar dat ik die bedrijfsnaam aardig in me op kon nemen. In de jaren zestig verhuisde Deudekom naar Duivendrecht. Een nieuw bedrijventerrein, meer ruimte, en veel betere ontsluiting van de wegen richting de opdrachtgevers. Daar bouwde men de boel aardig uit. Meer in de breedte, nu ook bedrijfsverhuizingen, tentoonstellingen, beurzen, opslag van waardevolle spullen voor derden, en projectverhuizingen.

Men doet dat in binnen- en buitenland. Uiteraard behaalde men alle certificaten nodig om dit werk te kunnen doen, zoals ISO9001 en is er voor milieubewuste klanten ook een CO2 Bewust certificaat niveau 3 behaald. Voor stadsvervoer zet men nu veelal elektrische bestelwagens in. Zegt iets over het kwaliteitsgevoel bij deze oude verhuisfirma aan wie ik onlangs ineens moest denken toen ik in Duivendrecht langs hun vestiging reed. Toch een verbintenis mee, ook al zullen zij zich daar mij zeker niet herinneren. Maar ik zie nog steeds die toen met hout betimmerde vrachtwagens voor me, al dan niet met oplegger en het geroffel van die machtige dieselmotoren van wagens die nu allang zijn uitgestorven of in een museum beland. Uitgestorven zijn ook allang al die middenstanders en andere ondernemers in die vroegere woonstraat. Niks meer van over. Allemaal geschiedenis. Die met steeds minder mensen kan worden gedeeld…. Blijft jammer. (Beelden: Deudekom website)

Amsterdam Museum…tijdelijke lokatie..

Amsterdam Museum…tijdelijke lokatie..

Over het aardige Amsterdam Museum heb ik in het achter ons liggende blogtijdperk wel een paar maal eerder iets geschreven. Normaal te vinden tussen Nieuwezijds-Voorburgwal en Kalverstraat is het nu tijdelijk met een deel van de collectie neergestreken in een vleugel van dat fraaie gebouw van de Hermitage aan de Amstel.

Het eigen museumonderkomen wordt momenteel verbouwd en men is blij dan via deze oplossing toch nog iets te kunnen laten zien over het rijke verleden van de stad. Met de Museum-Jaarkaart mag je ‘gratis’ naar binnen en het is een aanrader. Ruim opgezet, van oud tot modern, wanden vol objecten die met de stad van doen hadden of hebben. In het midden van de zaal ruimtelijk opgezette ‘kamers’ met daarin speciale aandacht voor bepaalde aspecten uit de geschiedenis zoals de ruimhartige integratie van andere culturen, maar ook de revoluties die in de jaren zestig de stad op haar kop zetten en meteen de samenleving deden veranderen.

Amsterdam als progressieve stad, als bolwerk voor linkse lieden, krakers, drammers en meelopers. Seks als industrie en levensstijl, alles komt voorbij in deze erg goed ingerichte expositie. Een deel waarvan moet nog worden aangevuld met aan te leveren stukken. Juist op deze plek zo goed passend bij de bruisende stad er omheen. Ik genoot er van. Zeker na die wonderlijke expositie met kunst van de geest (zie 0104 jl) was dit een verademing. Ik nam er de tijd voor, zette wat dingen op de foto en genoot…. Wat een prachtige stad was en is het toch.

Ook al bloedt zij dan soms, en trachten provincialen haar te veranderen in een kopie van hun geboortedorp, over het algemeen nam of neemt de echt Amsterdamse bevolking na enige tijd het heft zelf in handen en kreeg of krijgt de stad weer een nieuw elan. Alleen daarom al zou je alle groenlinkse types die maar morrelen aan de leefbaarheid en schoonheid van onze stad, verplicht naar deze expositie moeten sturen. Valt veel te leren over die geschiedenis. Zonder welke niemand iets in de toekomst heeft te zoeken. Voor hen die gewoon nieuwsgierig zijn naar die geschiedenis, aanrader!! (Beelden: Prive)

Minderheden….en de claimcultuur..

Minderheden….en de claimcultuur..

Wie mij al die jaren al volgt en leest weet dat ik het met bepaalde minderheden niet zo op heb. Dat zit toch vooral in de sfeer van constant claimgedrag, gezeur om gelijk, geld willen ontvangen, wegpoetsen van negatief gedrag in die groepen en zo meer. Omgekeerd zie ik juist weer dat mensen uit andere minderheden erg halsstarrig zijn in hun afkeer van weer andere groepen die niet meteen behoren tot de mainstream in dit land.

Zo zie je dat veel nieuwkomers een bloedhekel hebben aan homo’s en joden en dat ook niet onder stoelen of banken steken. En daar waar het uit de hand loopt zijn het met name linkse wethouders te vinden die dan rapporten daarover in de onderste lade van hun Stalinistische bureau’s verstoppen. De claimcultuur is er ook zo een. ‘Mij is onrecht aangedaan, en ik wens daar nu excuses voor en daarna compensatie’. Deze groepen vindt je veel bij hen die uit de tropen deze kant op kwamen en hier een mooi bestaan op bouwden om daarna te ontdekken dat het bestaan vooral door werken moest worden bereikt. En dat bevalt kennelijk minder. Zo tipte ik al eens de vermeende slachtoffers van de slavernij aan die vele generaties na de echte slachtoffers van dat gedrag door een bepaalde elite, een linkse gektesekte kennelijk gebruiken om hun ‘pijn’ om te zetten in klinkende munt.

Gaat nooit over realiteit, altijd over vermeend lijden. Zo was ook de situatie in Nederlands-Indie van na 1945 er een die wederom bepaalde mensen deed besluiten tot een claim richting de Nederlandse overheid. Maling aan de tijdgeest van toen….de slachtoffers, de wreedheden die van beide kanten kwamen….Nee, als het om geld gaat…. Ik snap die excuusmentaliteit dan ook niet zo. Want die is wel erg selectief. Excuses en compensatie zie je maar weinig richting de eigen bevolking. Groningen, Zeeland (de watersnoodramp van 1953 was een direct gevolg van bewust achterstallig onderhoud aan de toenmalige dijken…) Limburg, de toeslagenouders, de gepensioneerden en zo meer. Allemaal minderheden, maar mooi geen excuses en geen compensatie. Op het moment dat ik dit stukje schrijf is nog niet duidelijk hoe feilbaar die overheid opereerde tijdens de COVID-periode.

En dan ook nog even over die slavernij en armoede uit het verleden. Slavernij kwam hier al dik 2000 jaar geleden voor. Met name de Romeinen sleepten heel wat goedkope arbeidskrachten mee uit de lage landen. Dat deden ook de oude Egyptenaren in hun invloedssfeer, de volken in het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Men was ook niet vies van het vol zetten van harems met meiden die men elders roofde. Slavinnen voor het leven, geen ander doel dienend dan de lusten bevredigen van de toenmalige vaak islamitische machthebbers. Hoeveel claims zijn daarvoor eigenlijk ingediend? Armoede was daarnaast voor de grote meerderheid van ons volk door de eeuwen heen de norm.

De welvaart die uit handel in goederen, specerijen of mensen in die eeuwen werd verdiend bereikte vrijwel nooit de 90% van de bevolking die woonde in krotten, plaggenhutten en met een levensstandaard die vergelijkbaar was met de gemiddelde inwoner van een dorp in donker Afrika. En toch zouden wij ons collectief schuldig moeten voelen voor wat er ooit heeft plaatsgevonden onder regie van de VOC of aanverwante organisaties. Stel ik dan toch even die Romeinen tegenover. En de Franken, de Fransen, Spanjolen, Duitsers en wat dies meer zij en hier te lande huis hielden. Nooit hoor ik daar iets over….nooit! Wellicht omdat de minderheden hier de meerderheid overschreeuwen? Hoe dan ook, wie zijn geschiedenis niet kent heeft in de toekomst niets te zoeken. Ik raad ons volk aan eens wat minder in de excuusmodus te duiken en wat meer in de claimcultuur het gelijk te zoeken. Wellicht dat ook die mensen die ooit in armoede opgroeiden dan nu in welvaart verder kunnen…..Maken we van die meerderheid een heel grote minderheid. Dat wordt wennen in Den Haag….Links schiet nu al in een kramp bij het idee…….want mijn plan is vast niet ‘Politiek correct’ zoals die lui dat altijd claimen na te streven….(Beelden: Eigen archief/internet)

Dia’s

Dia’s

Jaja lieve kijkbuiskindertjes en bloglezers, ooit had opa Meninggever geen digitale camera of smartphone om daarmee zijn plaatjes te schieten. Nee, dat ging allemaal met een camera waarin een filmpje zat. Naar gelang het type of de keuze van materiaal had je dan 24 of 36 opnamen beschikbaar en schoot je dus altijd selectief de onderwerpen die je van te voren had bedacht. Lukraak foto’s maken was er niet bij. De eerste camera’s waren een soort plastic doosjes met een lensje voorop, een cassette propte je in dat ding en met wat plastic of metalen schuifjes maakte je een foto, of zoals in mijn geval dia, en transporteerde dan de film naar het volgende potentiele plaatje. Film vol? Naar de fotozaak of centrale en hopen op goed resultaat.

In 1971 toen ik echt ging fotograferen deed ik dat op aanraden van een in die dagen goede vriend, op dia. Dan kon je later leuke voorstellingen houden in kleur en op een groot scherm geprojecteerd. Door de jaren heen maakte ik zo dik 15.000 beelden. Die heetten officieel dia-positief. Toen ik overstapte op digitale camera’s van de eerste soort, bleef de SLR van goede snit en met een scala aan lenzen voortaan in de bijbehorende aluminium koffer. In feite begon ik opnieuw met fotograferen. De latere smartphones verbreedden het aanbod van mogelijkheden.

Een nieuwe digitale SLR die ik ooit kocht inclusief nieuwe lenzen was toch vooral voor de luchtvaart bedoeld. Hoe dan ook, keurig gesorteerd in mijn op zolder staande archief bevinden zich al die dia’s. Toch zonde. Dus maar eens digitaliseren. Ik begon daar jaren her met verve mee en kwam tot ongeveer halverwege. Toen schakelde Windows van Win7 naar 10 en deed de scanner het niet meer. Dat was wel een tegenvaller. Maar ach, er zijn erger dingen. Maar het bleef jeuken. Onlangs kocht ik mij van o.a. de verkregen verjaardagsgelden een nieuwe scanner. Deze werkt op andere wijze en biedt me de kans om nog wat beelden uit die bakken vol platen en plaatjes tot eind jaren negentig te redden voor het nageslacht of gewoon mijzelf. Het vraagt tijd en discipline. Ik hoop oprecht dat die mij zijn gegeven. Want de eerste resultaten zijn bemoedigend…. Ik hoop af en toe ook hier wat te kunnen laten zien….Wens me maar sterkte… (Beelden: Archief)

Rooie Rogers…

Rooie Rogers…

In mijn vroege jeugd waren de cowboyfilms en dito helden niet te tellen. In die jaren waren die cowboys toch de helden van een nieuw tijdperk en net zoals de geallieerden volgens de toen aangeboden cinematrografische beelden die vreselijke Moffen en Jappen hadden aangepakt en verslagen, maakten de grote en kleine filmverhalen van toen duidelijk hoe je afrekende met tegenstanders van het ‘barbaarse’ type. Indianen moesten er dus altijd aan geloven en de helden reden met hun paarden aan het einde van de film richting de prachtige zonsondergangen die het Wilde Westen kenmerkten al dan niet in gezelschap van een bloedmooie cowgirl die ze soms uit de klauwen van die koppensnellende indianen hadden gered. Een van die helden was de man met de bijzondere naam ‘Rooie Rogers’.

Dat was natuurlijk de vertaling die wij er als actieve straatcowboys met onze klapperpistolen en vilten cowboyhoeden aan gaven. Wist je veel. In het echt was dit een held van het volk. Op elke uitingsvorm van gedrukte publicaties kwam hij voor. Van plakplaatjes bij de kauwgum tot uitvouwposters in bladen die speciaal over filmproducties gingen. Films die niet zoals nu werden gedraaid op een of andere streamingsdienst, nee je moest er voor naar de bioscoop. Toen ik dat een keer deed werd mijn beeld van Roy Rogers, zoals hij in het echt van die films heette, aardig geweld aan gedaan. Want in plaats van indianen te bestrijden met zijn colts deed hij dat al zingend met zijn gitaar. Mijn hemel welk een deceptie.

Toch bleef de man een fenomeen. Geboren in 1911 als Leonard Franklin Slye in Cincinnati speelde hij samen met zijn echtgenote, Dale Evans, in vrijwel elke film die men rond het duo uitbracht. En dat waren er tientallen. Zoveel dat hij voor het Amerikaanse publiek een all-American-hero werd en allerlei ereprijzen kreeg voor hij in 1998, intussen 87 jaar oud, overleed. De meeste van zijn films zijn afkomstig uit de periode 1935-1959, dus toen ik die films zag was hij eigenlijk al een oudgediende en teerde vooral op oude roem. Roem die hij zelf graag tot het einde overeind hield. Een beetje zoals John Wayne later deed. Was het een goede zanger? Nou ja in het wilde westen van de VS vast wel. Nu oogt het allemaal erg oubollig en je mist die slachtpartijen van indianen natuurlijk… Maar een fenomeen dient aandacht te krijgen, en deze broeder was voor mij als kind toch een belangrijke ster. Zingend of niet. (Beelden: Internet/Getty)

Vergeten warenhuis…

Vergeten warenhuis…

Voor geboren en getogen Amsterdammers van mijn generatie was dit warenhuis aan de Reguliersbreestraat ooit een begrip. De Galeries Modernes! Ergens in de 19e eeuw op poten gezet door een Franse zakenman die zijn eerste filiaal opende in Rotterdam en wiens broer in Amsterdam een eigen filiaal opzette waarvoor hij diverse panden aan genoemde straat opkocht. Even voor WO2 besloot deze ondernemer om al die oude pandjes te slopen en een nieuwbouwpand neer te zetten met de nodige in die tijd tenminste als zodanig bedoelde moderne architectuur en fraaie inrichting. Dat pand stond pal naast dat nog steeds zo fraaie Tuschinski theater en kon qua stijl nauwelijks meer daarvan afwijken.

De Galeries was een concurrent voor V en D of Bijenkorf en verkocht van alles en nog wat. Qua prijzen hing het wat tussen al die bekende ketens in. Maar men kende ook iets bijzonders. Anders dan die concurrenten waren de verschillende filialen van het bedrijf, mede door de verschillende eigenaren, ook qua aanbod en beprijzing onderscheidend. Zo kon het zijn dat wat in Groningen gold als ‘niveau’ in Amsterdam toch meer op de prijs werd ingezet. Ook verkocht men levensmiddelen wat de concurrentie toen nog niet deed. Naast de hoofdstad en Rotterdam vond je vestigingen in Utrecht, Groningen, Den Haag, Arnhem en Leiden om er maar een stel te noemen. Al die vestigingen hadden dus ook veelal verschillende eigenaren, het waren meer franchise-filialen dan vestigingen van een enkel consistent optredend bedrijf. Toch was het voor de gemiddelde Amsterdammer van toen een leuke plek om te winkelen en je moest je best doen om er zonder iets aan te schaffen uit te lopen.

Wat je bij V & D tot jaren later vanwege het wonderlijke aanbod veel beter lukte. Maar de rommelige structuur bij de G.M. zorgde ook voor onheil. Financiele verliezen waren op enig moment zo groot dat men wel moest onderhandelen met overnamepartners. KBB werd er daarvan een omdat die een deel van het aandelenkapitaal van Galeries Modernes wist te verwerven via eerdere Belgische investeerders die er graag vanaf wilden. De directie van G.M. was blij want wilde niet in handen vallen van Duitse of Amerikaanse investeerders, maar het resultaat was uiteindelijk hetzelfde. Al snel sloot men de ene na de andere vestiging. En in 1984 ging de laatste vestiging van de Galeries dicht. In 1970 was dat al in Amsterdam gebeurd en werd het ooit zo moderne gebouw totaal omgebouwd tot Hema-vestiging.

Intussen is het pand in gebruik door diverse winkels waarvan de samenstelling nogal eens verschilt. Zo zat er ooit een Kruidvatwinkel in, maar ook die is weer verdwenen. Hema zette in op haar filialen aan de Kalverstraat en Nieuwendijk en verliet het Galeries-pand jaren geleden alweer. Een icoon in de stad is gewoon verdwenen. En na mijn generatie of die net na mij zal de naam ook wel in de vergetelheid raken. En dat is best jammer. Maar ja, wie zal er over 30 jaar nog weten wat V&D was of Hudsons Bay?? Ik vrees dat het daarmee net zo zal gaan verlopen….Alles is relatief, de handel ook! (Beelden: Wikipedia/internet)