Relatief leven….

Ach, dacht het jonge stel, laten we eens een kind maken. Dat moet kunnen en past bij de verwachting die mensen van ons hebben. Daarbij was het maakproces uiterst plezierig en soms verdween daardoor het beoogde doel wat buiten beeld als het ging om het genoegen elkaar het leven plezieriger te maken. Maar op enig moment was er dan toch resultaat. Een blozend rond en blond kereltje dat vanaf moment een zijn keel aardig roerde en zijn maag goed vulde met alles wat hem werd aangeboden. Intussen had het stel ook een leuk klein poesje ontdekt bij het dierenasiel. Een kitten van een paar weken oud. Mooi gekleurd en goed gezond. Ook die kwam in huis en hij kreeg de verzorging die het diertje verdiende. Al snel was het gezin gelukkig. Het kind groeide op tot een kruipende peuter, de kitten werd een grote en gecastreerde kater. De jaren vlogen voorbij, het leven gaat nu eenmaal snel. Na de oudste zoon werd het stel gezegend met nog twee kinderen, meisjes dit keer. De kater bekeek die schreeuwerds met enige argwaan en bleef uit de buurt als ze hem al kruipend en later lopend te dicht bij kwamen.

Kinderen zijn leuk, maar niet voor katers die houden van jagen en hun rust op zijn tijd. Toen zoonlief tien jaar oud werd was de kater nog in goede conditie. Hij scharrelde in de woonbuurt rond en stond bekend als een lieverd, maar ook een kat die kleine vogeltjes het leven zuur maakte en af en toe een insluipingspoging deed bij de buren. Bij sommigen daarvan was hij vaste gast. Hij hield er van een dutje te doen, de drukte thuis gaf hem dat recht zo leek hij te denken. Het jonge stel was intussen druk met opvoeden, maar ook keihard werken om het nog zo jonge gezin een goed inkomen te verzorgen. De kater leek voor zichzelf te kunnen zorgen al was hij gaarne bereid zijn bak vol te stoppen met dat wat een kat nu eenmaal achterlaat als dank voor het aangenaam verpozen. De jaren gleden bijna ongemerkt voorbij. De oudste zoon werd al zestien. Stond aan het begin van zijn eigen liefdesleven. Was veel weg, de meiden plaagden hem daarmee.

Zochten uit met wie hij nu weer verkering had. Hij deed het goed op school en zou vermoedelijk door kunnen om te gaan studeren. De kater was intussen ruim middelbaar. Hij werd wat dik, ging minder frequent naar buiten, liep moeizamer de trappen op en af en vond het heerlijk in zijn mandje voor de CV. Op een dag was iedereen druk. Examens vroegen de aandacht, op het werk moest er ook van alles en nog wat worden gedaan en de meiden hadden zo hun eigen besognes. Niemand keek meer om naar de kater. Die leek te slapen, tot ze eens goed keken of hij nog wel ademde. Dat deed hij niet meer. Ingeslapen. Weg van deze wereld. Het gezin verlatend waar hij al die jaren te gast was geweest en wiens dienstbaarheid hem gelukkig had gemaakt tijdens zijn zo snel verlopen leven. 17 jaar oud was hij geworden. Vele tranen werden er geplengd over zijn verscheiden. Hij werd keurig begraven in de tuin van het huis waar de jongelui met hem waren opgegroeid. Hij kreeg een eigen tegen boven zijn grafje. Beschreven met vetvrij krijt. Daarna ging men over tot de orde van de dag. De plicht en zo. Het gezin was nog steeds jong en dynamisch, de ouders hielden nog steeds enorm van elkaar en de passie spatte er soms nog best vanaf. Alleen die kater misten ze. En dus haalden ze op een dag een nieuw exemplaar uit het asiel. Weer een kleintje….Als die net zo oud zou worden als zijn voorganger zouden ze zelf middelbaar zijn als diens leven ook weer eindigde. Ze vonden dat best een confronterende gedachte……

Onderzoek wijst uit; vliegen op de 22e december zeer stressvol!

Een organisatie die zich bezig houdt met de belangen van passagiers in de luchtvaart (AirHelp) heeft eens uitgezocht op welke dagen je al dan niet zou moeten vliegen wil je niet volkomen gek van de stress richting je beoogde bestemming kunnen komen. Wie geen of minder stress wil ervaren moet vrijdag de 22e december a.s. maar vergeten. Op die dag worden naar verwachting de meeste vluchten vertraagd of geannuleerd. AirHelp raadt passagiers zelfs af om op die dag te reizen. Men baseert zich daarbij op ervaringen uit vorige jaren. Laten we wel zijn, bijna 50.000 mensen werden vorige kerstperiodes slachtoffer van gedoe op de luchthavens of door maatschappijen die geacht werden ons te vervoeren. Geanuleerde of vertraagde vluchten (meer dan 3 uur!) waren in die periode van het jaar aan de orde van de dag. Zij die vliegen op woensdagen of op zondag maken de minste kans op vertraging. Dan gaat alles naar schema en kom je op tijd aan. Maar ja, je zult maar net je tripje zo hebben gepland dat je op die bewuste vrijdag moet vliegen. Bereidt je dan maar voor. In de afgelopen jaren waren de meeste verstoringen van het vliegverkeer te vinden richting Lissabon, Londen Heathrow, Londen Gatwick (twee jaar op rij), Dublin, Manchester, Londen City, Geneve en Parijs Charles de Gaulle.

Wil je nog een beetje slim zijn op dit punt, boek dan een vroege of latere vlucht. Midden op de dag blijken de meeste vluchten vertraagd of geannuleerd te worden. Vaak heeft dit van doen met beschikbaarheid van een vliegtuig. Die vroege kisten gaan nl. naar een bepaalde plek toe en ontkomen wellicht daar ter plekke niet aan grote drukte of slecht weer. Ze lopen dan vertraging op of komen zelfs vast te staan. Komen dus niet op tijd of helemaal niet terug op onze Nederlandse luchthavens en je hebt een probleem met de volgende vlucht die voor dat vliegtuig is ingepland. Veel maatschappijen hebben ergens nog wel een reservetoestel staan, maar als het bijvoorbeeld slecht weer is in een deel van Europa, raken ook die snel op. Resultaat is ontwrichting van het vliegverkeer. Ik maakte zelf in het verleden vaak mee dat een vlucht uitviel. Zoals die dag dat ik voor een zakelijke meeting naar Berlijn moest en al heel vroeg op Schiphol was ingecheckt.

Bij de gate aangekomen op het nog stille Schiphol bleek de vlucht eerst flink vertraagd. Vervelend, maar ja, dan maar even een bakkie doen. Daarna verviel hij helemaal. Het was slecht weer in Berlijn en KLM besloot niet te gaan. Ik moest mijn aanwezigheid bij die meeting cancellen. Later bleek dat Berlijn leed onder een sneeuw- en ijsstorm. Had ik wel kunnen vliegen zou ik gegarandeerd vast zijn blijven zitten daar. Kortom, geluk bij een ongeluk. Ook op Geneve Airport heb ik veel met vertragingen te maken gehad. Maakte niet uit of je vloog met KLM, Swissair of EasyJet. Altijd vertragingen op de terugweg. Door laat aankomen van het vliegtuig vanuit Amsterdam. Heel vervelend, want op Geneve draaien ze rond 8 uur de lichten uit en doen de winkels dicht. Zit je dan in een steeds leger wordende vertrekhal achter de douane… Kortom, ik zou de tips serieus nemen van die eerder genoemde organisatie. En mocht je dan alsnog stevig in de vertraging terecht komen of zelfs een annulering meemaken, kan die club je wellicht helpen met een schadeclaim. Wordt het wellicht toch nog een leuke Kerst.

Die eerste 50 jaar….

Morgen vieren vrouwlief en ik dat we samen officieel 50 jaar een stel vormen. Als we daar de jaren bij op tellen dat we mekaar kennen is die periode in ons leven nog langer. Ongekend bijna in de moderne tijd waarin mensen vaak pas later een echte band smeden die via gemeentehuis, ringen en feest wordt bevestigd. Tegenwoordig nemen jonge mensen vaak veel langer de tijd om elkaar te doorgronden dan wij deden. Daarbij oefenen ze meestal vooraf met wat verschillende dates om zo te zien wat ze van hun gedroomde partner al dan niet mogen verwachten. Wij moesten dat allemaal in de praktijk van alle dag ervaren. Maar als ik terugkijk denk ik dat wij op dat punt voor onze jeugdige leeftijd bijna ‘ouwelijk’ waren in ons denken en doen. Verantwoordelijk ook. We moesten alles zelf uitvogelen. De tijd dat je een heel pakket goede adviezen mee kreeg voor een huwelijk was nog niet aangebroken, maar gelukkig hadden we zelf al het nodige aan beginnerservaring opgedaan. Het eerste huis was in feite niet veel groter dan een van onze huidige slaapkamers. Maar wat waren we trots! Een eigen onafhankelijk leven! Samen werken en bouwen aan wat voor ons lag. Diverse hobbels moesten we nemen. Niet alles is nu eenmaal altijd rozengeur en maneschijn.

Zoals dat binnen huwelijken nu eenmaal gaat. Wie meent dat altijd alles over die bekende rozen moet hobbelen snapt het niet helemaal. Elastiek rekt vaak aardig mee, soms knapt het. Dat van ons hield het zelfs onder spanning aardig vol. Kameraadschap en liefde hield ons samen. Dat tweede gevoel zit meestal diep. Zorgt ook voor respect. Kameraadschap is dat je dingen ‘samen’ doet, ook al zijn ze dan verschillend van karakter of inrichting. Wat wij samen vooral altijd goed hebben gekund is praten. Over van alles en niks. Kwekkerdekwek. Dat zat voor dat het officiële karakter van onze band werd gesmeed al goed. Hele wandelingen maakten we als jeugdige a.s. partners en praatten of filosofeerden dan flink wat af.

Er was in die periode ook al veel te bepraten. De jeugdjaren waren niet bepaald rimpelloos in beider levens en dat gaf veel stof tot…. Vandaar ook het besluit om vroeg te kiezen voor die onafhankelijkheid. Wat indertijd weer leidde tot extra complicaties. Families die uit elkaar zijn gerukt door vroegere breuken maakten toestemming vragen voor dat huwelijk (zo ging dat indertijd) ingewikkeld en dat leidde dan weer tot nieuwe verwikkelingen. Vandaar dat ik zo blij was dat onze trouwdag achter de rug was en we het toegangsluik van ons huisje met de partijspoorten op de vierde etage van een oud herenhuis aan de Amsterdamse Amstel met een klap dicht gooiden. Afgesloten dat oude leven, op naar het nieuwe. Vijftig jaar volgehouden! Knap toch? We vieren het in bescheidenheid. Passend bij onze manier van leven. Maar het gaat niet zomaar voorbij uiteraard. Vandaar ook dit blogje. Om duidelijk te maken dat we bezig zijn er nog eens 50 jaar achteraan te gooien. U wish! Maar mocht u me missen op die 4e, want dat is de officiële trouwdatum, dan weet u waarom! En intussen feliciteer ik vrouwlief uiteraard met de bijzondere trouwdag en die partner die haar leven zo gelukkig maakte…….

 

Reizen zonder geld…

En terwijl het in het vorige blogje nog ging over Fokker en haar rol in de wereldluchtvaart, dit keer wil ik het hebben over een min of meer verwant onderwerp; reizen. Want uit een recent onderzoek van de ING-Bank onder 8000 Nederlanders bleek dat tijdens de afgelopen vakantie mensen die een vakantie boekten in eerste instantie in meerderheid eerst keken naar een bestemming, daartoe besloten onderweg te gaan en pas later keken of ze wel een toereikend budget hadden voor die trips. Pas veel later keek men ook hoe lang men eigenlijk weg wilde blijven. Dat houdt in dat veel mensen min of meer ‘als een kip zonder kop’ een reis boekten. ‘Maakt niet uit wat het kost, ik wil op vakantie en graag ver weg’. Kan niet schelen wat de prijs is voor dat tripje, gaan met die banaan.

Dit gedrag staat zover af van mijn eigen idee over vakantie, dat ik het opmerkelijk genoeg vond om er even een verhaaltje over te dichten. Immers, ik geef toch even meer aandacht aan het besteedbare budget dan aan wat ik eigenlijk zou willen. Nooit schulden maken voor grote uitgaven zit er nogal in gebeiteld bij me, en dat zorgt nog steeds voor grote terughoudendheid als het even niet uitkomt. Liever sparen en genieten dan lenen en lange tijd moeten bloeden voor iets wat je al snel vergeten bent. OK, lijkt ouderwets, maar zo zijn wij opgevoed. Met als voorbeeld ouders die vaak de eindjes bij elkaar moesten leggen om uiteindelijk van vakanties te kunnen genieten. Bij ons thuis ging dat zeker zo. Al waren het dan geen verre bestemmingen, dan nog. Een week volpension in Limburg was het ultieme dat de soms zo hardwerkende ouders voor mekaar konden brengen. Maar dan moest het geld er wel zijn. Want als we gingen dan bezuinigde men niet. Hapjes, drankjes, uitstapjes, het moest allemaal gedaan worden. En die tripjes zitten nog aardig in de bol.

Geldt ook voor de plekken waar ik zelf in de loop der jaren heen ging. Altijd comfortabel, beetje shoppen, cultuur, reizen per vliegtuig of een snelle trein, soms met de auto. Maar nooit op de bonnefooi of op basis van geleend kapitaal. Het past me niet, ik zou er kriebelig van worden. En als ik dit onderzoek dan lees weet ik zeker dat ik van een andere generatie begin te worden. We lenen weer wat af tegenwoordig en alles moet kunnen. Van de grootste auto (als die niet van de zaak is), tot het meest luxe huis, de nieuwste smartphone en/of computer, en natuurlijk een paar keer per jaar op vakantie. Logisch, want ‘we werken er hard voor’. Alsof ik dat ook niet deed. Maar goed, andere discussie. Ben wel benieuwd hoe jullie hier nu naar kijken. En o ja, die reisduur…..ik denk aan mijn drie vierpotige huisgenoten en vind direct twee dagen weg al lang. Dat mag je die beesten niet aan doen toch???

Ethisch nageslacht..

Stel nu eens dat we als mens vooraf zouden weten dat ons eventueel nageslacht zou worden geboren met aangeboren defecten op fysiek of psychisch gebied. Zouden we dan nog zo enthousiast zijn om onze kinderen daarmee op te schepen als ik nog wel eens zie? Hopen we wellicht op een voortschrijdend wetenschappelijk inzicht om zo de ergste ellende in de toekomst weg te nemen? Best een lastige vraag niet? Toch moeten sommige stellen zich die vraag stellen als ze weten dat in hun familielijnen van vaders of moeders kant een erfelijke aandoening wordt meegegeven als ongewild cadeau. Nu is dat relatief simpel te ontdekken door wat onderzoek vooraf. Als blijkt dat in jouw familie bijvoorbeeld jongens worden geboren met een blauwe Smurfachtige huid dan valt daar wel iets mee te doen. Anders ligt het als het gaat om aandoeningen die verborgen blijven tot op een zekere leeftijd. En die daarna het leven van een mens aardig kunnen verzieken. Waarmee je ook in de medische molens terecht komt die aardig prijzig zijn met dank aan het semi-liberale beleid van de afgelopen regeringen.

Maar bij fysieke erfenissen is er nog wel een medisch touw aan vast te knopen. Hoe ligt dit echter bij geestelijke problemen?! Denk maar eens aan depressiviteit. Veelal aanwijsbaar in een familie aanwezig. Geef je dit bewust door? Of doe je dat toch maar niet. Heel lastige vragen die raken aan alles waar wij mensen voor kunnen komen te staan. Vroeger, toen ik zelf nog jong was, dacht ik hier overigens ook niet echt over na. Je vond een liefde voor het leven en bedacht je dat met elkaar drie (of meer)kinderen wilde. Allemaal voorzien van de een of andere leuke afspiegeling van wie wij zelf waren. Ik zag blonde haren voor ogen, liefst met een wat andere structuur dan mijn eigen melkboerenhondenhaardos, en ook blauwe ogen. Stevig gebouwd, lang, en min of meer Hollands glorie. Niet eens nagedacht over wat wij in de genen verpakten bij die verwekking van dat zo gewenste nageslacht. We waren immers gezond en ook geestelijk redelijk op orde. Toch??

En zo redeneren vast de meeste mensen en die doen geen onderzoek en laten het verder voor wat het is. En zo kan het voor komen dat je soms ziet dat afwijkingen door de generaties heen worden doorgegeven en het niet eenvoudiger maakt om goed en fijn te leven. Zo graag willen wij voor eeuwig leven dat we dit onze kinderen ook gunnen. Maar moet je die ook eventuele kwalen gunnen? Ellende? Narigheid? Ethische kwesties die ook de diverse godsdiensten aardig bezig weten te houden. Ik wijs niet met een vinger hoor. Of claim het ethisch gelijk. Ik pleit alleen voor het nemen van verantwoording op dit punt. Als je weet dat……weeg dan goed af wat de kwaliteit van leven is voor dat wurm dat je op de wereld zet. Zonder aanmatigend over te willen komen. Het geluk van die kleintjes voor ogen houdend. Want dat is primair toch het doel van ons mens zijn. Gelukkig worden. Vooral ook op Aarde, veel alternatieven zijn er niet.

 

De R – van Rooms-Katholiek

Kritische lezers en mede-bloggers zullen vaststellen dat ik een letter uit het alfabet heb overgeslagen. De Q! Daarmee kan ik niks, of het moest een opsomming zijn van woorden die nog net met een Q beginnen in ons taalgebied. Het leek me te veel van het goede, dus dan maar de R tweemaal benut. Allereerst in combinatie met een fenomeen uit mijn vroegste jeugd, het toen nog alomtegenwoordige Rooms-Katholicisme. Kijken we nu toch met zorg naar leeglopende kerken met een kruis op het dak om ze te zien vervangen door gebouwen met andere symbolen. Dat rijke Roomse leven is al een halve eeuw bezig met een ongecontroleerde terugtocht. De oorzaken lijken logisch. De gemiddelde Nederlandse burger is niet zo gelovig meer. En een kerk die ongeveer alles verbiedt wat voor een beetje mens leuk of nuttig is wordt nu niet meer serieus genomen. Na de jaren zestig van de vorige eeuw kwam de verlichting en moesten kloosterlingen en zo meer inbinden qua macht en invloed. Meneer Pastoor behoorde ineens niet meer tot de notabelen van een buurt of dorp en je moet wel in een echt katholieke omgeving leven wil je nog een processie over straat zien gaan.

Katholieken houden van symbolen. Beelden, opschriften, kaarsjes branden voor een heilige of Maria, als moeder van God. Kijk in een willekeurige katholieke kerk en je snapt wat ik bedoel. De sfeer is daar veel warmer dan in welke protestantschristelijke kerk ook. Puur de aankleding. Maar dat moet dan wel je smaak zijn uiteraard. In het buitenland zagen we bij kerkbezoekjes veel kitsch tussen alle kunst op dit gebied. Maar de aanbidding was er niet minder om. Wat ook misging was natuurlijk de onnatuurlijke wetgeving voor priesters en nonnen ten aanzien van hun eigen seksualiteit. Toetreden als professional tot de katholieke kerk hield in dat je het celibaat moest volgen. En dat hield in seksloosheid. Zelfs de zelfwerkzaamheid werd verboden. Allemaal zonde! Dat dit niet kon werken bewezen veel geestelijken die de handjes niet thuis konden houden en al hun gevoelens voor de andere sekse, maar erger nog, de eigen sekse op kinderleeftijd, niet wilden of konden verbergen. Het onder de pet houden van deze misbruikschandalen was de doodklap voor de acceptatie van autoriteit van of binnen de kerk.

Veel pauzen, kardinalen en bisschoppen, voor zover zelf zuiver op de graat, bewaarden het stilzwijgen en draaiden daarmee de godsdienst bijna de nek om. Althans in onze streken. Elders in de wereld groeit dit geloof ongekend. Het is maar net waar je woont en hoe goed opgeleid je bent. Want intensief geloven heeft volgens mij ook iets van doen met een zekere volgse naïviteit en vooral hoop op een betere toekomst ‘ooit’. Wat minder met goed nadenken en kritisch zijn t.a.v. alles wat wordt verteld. Al zijn die verhalen dan soms prachtig hoor. Ik kan me er best een paar herinneren uit die eerste periode. Maar goed, ook al werkte de indoctrinatie indertijd zo goed dat ik het katholicisme beschouw als het enige juiste geloof aan christelijke kant (..), ik ben toch ook blij dat ik er min of meer los van ben gekomen toen ik 14 was en mijn toekomst verder elders zocht. Al blijven die kerken mooi en wil ik altijd even kijken als we er weer eentje tegenkomen. Noem het maar een afwijking…En daarvoor is weinig remedie te bedenken. Al heeft dat begrip dan zelf weer een R aan het begin. Welk geloof hangen of hingen jullie aan en ben je dan ook nog echt belijdend daarin?? Ben benieuwd naar de reacties…

De komst van Prins Percy

We keken er al enige tijd met grote belangstelling en even groot ongeduld naar uit. De komst van onze derde kat(er) die op 5 mei jl. werd geboren. Een soort van raskatje. Een Ragdoll! Niet dat we daar nu per se van zijn, onze nog jonge al in huis verkerende vierpotige huisgenoten waren meer van de normale kattensoort, maar we wilden gewoon iets anders toevoegen. Naast twee zwarte nu eens iets grijs of blonds. Via een lieve vriendin die ons hier over tipte kwamen we terecht bij een dame die met haar gezin een huis bewoonde waar wij ooit drie nummers verder op in de straat onze Almeerse jaren sleten. Het nestje was juist ingericht, de kittens nog een soort blinde molletjes op zoek naar de melk die moederpoes nogal gemakkelijk verstrekte. Twee echt blonde kittens en twee iets donkerder van kleur. Om praktische redenen wilden we een katertje. Dat werd dus afwachten. Want voor je het geslacht kunt bepalen bij een kitten ben je wel een paar weken verder. En bij de vrij harige soort waar wij nu voor gingen is dat extra lastig.

Overigens is onze poes nummer 2, Punkie, als ‘vrouwtje’ bij ons binnengekomen met de daarbij behorende naam en garantie. Maar het asiel waar we deze lieverd vandaan haalden had niet goed gekeken en bij de eerste controle van de d.a. die we hiervoor in de arm namen bleek het toch echt een katertje te zijn. Nou ja zeg….. Maar eenmaal in huis verandert het geslacht niets al is de ingreep ter castratie een heel andere dan die waarbij een vrouwtje moet worden gesteriliseerd. Hoe dan ook, pas onlangs werd duidelijk dat het nestje van 4 kittens een enkel mannetje had voortgebracht, die werd voor ons. En deze kleine schavuit haalden we in de derde week van juli op. Goed op gewicht, zindelijk, lekker gezond, brutaal als de beul en schitterend van kleur en haardracht. Prins Percy. Een naam die klinkt als een klok, een paar dagen lang uitgedacht, omdat wij nu eenmaal sinds de jaren 70 de principes huldigen dat onze huisgenoten een naam moeten krijgen die met een P begint.

Ach, laat ons, het is gewoon een leuke traditie. En deze bijna koninklijke gast kreeg de toevoeging Prins omdat ik dat extra leuk vind. Hoe dan ook, ‘gewoon volk’ mag hem Percy noemen. Een prinsje van de soort die ons direct om de harige vinger wond. De hele rit naar zijn nieuwe huis niet mekkeren of miauwen maar gewoon lekker slapen. Thuis ging dat wel over. Hij blijkt een kwekkerd. Overal waar hij loopt laat hij zich horen. Als hij iets van ons wil, miauwen! De bak opzoeken of zijn huisgenoten, idem dito. Het gewenningsproces met die twee hier al enige tijd verkerende jongvolwassenen had wat voeten in de aarde. Geblaas over en weer was niet van de lucht. Maar na twee dagen begonnen de verhoudingen te ontdooien. Percy werd steeds beter geaccepteerd. Met name zijn grote ‘voorbeeld’ Pixel begon hem echt leuk te vinden en liep al snel te dollen. Dat kwam en komt dus wel goed in poezenland. Nu is hij nog klein en genieten we van het typerende kittengedrag. Gaat snel zat. Zijn pa was na een jaar al een kilo of zeven en uitgegroeid tot een heel stevige kater. Ook dat zal wennen worden voor de andere twee. Pixel is een meer dan stevige en gespierde kater, die redt het wel, maar onze Punkie is een soort van zielige kneus. En groeit niet meer. Dus die krijgt het wellicht lastig in de toekomst. Maar ja, die wil ook niet echt een liefdesrelatie met de nieuwkomer. Is wellicht een voorbode…

Wokken in Uden

Als we dan met zijn viertjes een paar dagen onderweg zijn is het vrijwel altijd zeker dat we op zoek gaan naar een goed en betaalbaar wok restaurant. Omdat je daar voor niet al te veel geld vaak erg goed eet en een paar uur onder de pannen bent in grote gezelligheid. In het Brabantse Uden vonden we onlangs zo’n gelegenheid die er zijn mocht. Het Japans-Oosters/Buffetrestaurant Paradijs in die plaats, gelegen aan de Prior van Milstraat 18 mocht ons tot haar gasten rekenen en dat was een waar genoegen. We werden meer dan welkom geheten en konden bij de receptie kiezen uit Chinees wokken, Japans eten, a la Carte-gerechten of zelfs Nederlands. Voor al die soorten van genoegens waren afdelingen in het restaurant beschikbaar. Onze wok tafel was keurig en fraai gedekt en de dame die ons bediende was meer dan vriendelijk en aardig. Het buffet waar je zelf je eigen maaltijden samenstelde was overdadig en veelzijdig gevuld met van allerlei lekkers.

Van kleine voorgerechtjes tot meer dan smakelijke toetjes. Het wokken werd gedaan door vriendelijke koks die al glimlachend een show opvoerden om zo jouw gerechten tot iets lekkers om te toveren. Ik weet echt niet meer wat we allemaal naar binnen werkten, wel dat het veel was en zeer lekker. Het restaurant was goed gevuld, om ons heen werden wat partijtjes gevierd door jongelui maar nergens leidde dat tot overlast of gebrek aan bedienend personeel. Dat bleef voorkomend, efficiënt en behulpzaam. Toen we dan uiteindelijk min of meer naar buiten rolden en blij waren dat we nog 2,5 km naar ons hotel terug mochten (moesten) lopen, waren we p.p. net twee tientjes verder en dat is geen geld voor zoveel lekker eten en drinken. Een aanrader van jewelste als je in de buurt bent daar. Rapportcijfer: 8,5

 

Geslachtbepalend gedrag..

Als partners kinderen plannen is het wellicht een van der meest belangrijke zaken bij een komende zwangerschap of men een wens heeft voor een jongen of meisje. Vroeger liet men Gods water over diens akkers lopen en accepteerde wat de voorzienigheid voor de a.s. ouders in petto had. Maar tegenwoordig willen wij het gelukkige gezin maakbaar houden en dus kijken we na twee weken zwangerschap via een pretscan al of er een jongen of meisje aan staat te komen. Het ligt aan de persoonlijke verwachtingen (..) of het ene of het andere geslacht gewenst is. Pret-echo’s en zo meer vertellen veel over de richting die het nog zo jonge vruchtje op gaat qua groei. Dat ene kleine aanhangsel maakt al veel uit.

Toch wordt er ook door wetenschappers gekeken naar oorzaken en gevolg bij het krijgen van jongens of meisjes. Het blijkt voor een belangrijk deel de moeder te zijn die oorzaak en gevolg met elkaar kan verbinden. Uit onderzoek van een paar jaar terug bleek dat moeders met veel stress veel vaker meisjes krijgen dan jongens. Hebben die moeders mannenberoepen krijgen ze juist vaak zoons. Is moeder niet van het uiterlijk moederlijke type met stevige heupen, maar neigt ze meer naar smalle exemplaren en kleine billen is de kans groot dat ze jongens zal baren. Moeders die in een oorlogssituatie terechtkomen krijgen heel vaak meisjes, maar hebben ze een leven vol vrede en intussen een hoge opleiding gevolgd is de kans op jongens veel groter.

Als de moeder 30plus is en alsnog aan kinderen begint zal ze sneller een meisje krijgen en hoe vreemd het ook klinkt, als diezelfde moeder gewoon elke dag rustig en goed ontbijt krijgt ze jongens als nageslacht. De wetenschap is er nog niet uit hoe dat precies werkt, maar statistieken liegen niet. Kortom, als je nog in die leeftijd zit dat je keuzes moet maken, zorg dan dat je een gedrag vertoont dat past bij de geslachtskeuze die je zou willen uitvoeren. En roken en drinken hoort niet bij a.s. moeders uiteraard. Het door mij teruggevonden onderzoek vermeldde niets over de kwaliteit van het mannelijk zaad, het gedrag van die mannen etc. Kennelijk maakt dat minder uit dan die zaken die ik hiervoor opnoemde. Ben benieuwd naar jullie ervaringen als vaders of moeders. En of je een koppeling kunt maken tussen theorie en praktijk…

De I van Informatie

Wellicht denkt de gemiddelde lezer nu aan de wereld waarin wij leven. Waarin informatie bijna probleemloos en ongevraagd tot ons komt. Al dan niet gestuurd door (semi)commerciele marktpartijen die ons overladen met zaken waar we meestal niets mee kunnen. Maar is dat informatie die ik bedoel? Nee, ik zoek het meer daar waar we om informatie gillen maar die niet krijgen. Of waar door de afzender een eigen ‘twist’ aan is gegeven. Zoiets zou je als censuur kunnen omschrijven. Of manipulatie. Informatie hoort in veel gevallen zuiver te zijn. Zwart of wit en niet een beetje grijs omdat dit voor de buhne beter uit komt. En heus ik weet als adviseur in het veld van marketing en PR echt wel hoe de hazen lopen, daar zit het hem niet in. Maar wellicht wil ik juist daarom wel dat informatie klopt. Door de jaren heen heb ik me heel wat zitten verbazen of ergeren aan ofwel het gebrek aan informatie aan de ene kant, of de totaal verwrongen afgifte ervan aan de andere.

Die informatie is toch normaal gesproken gewoon feitelijk. Het is mooi weer, of niet. Maar er zijn mensen die van een simpel feit als mooi weer een heel gedoe weten te maken. ‘Ja maar het kan in een uiterst puntje van Noord-Nederland mogelijk nog gaan regenen, dus is het niet overal mooi weer’. Een beetje dat denken…. Dat bespeurde ik laatst ook bij een wetsvoorstel van demissionair staatssecretaris Sander Dekker. Die heeft de NPO opgedragen om positiever te berichten over allochtonen in onze samenleving. Een beetje DENK/Artikel1-denken in het kwadraat. Het negatieve nieuws is er wel, maar we noemen het niet meer, dan is het net of onze samenleving bestaat uit mensen die het hier prima naar de zin hebben en geen enkele kans schuwen om zich aan te passen aan wat hier gebruikelijk is. Op de dag dat dit nieuws naar buiten kwam stonden de media net bol van een mishandeling door allochtone jongeren van twee homoheren die het waagden in hun eigen stad hand in hand te lopen. Met een betonschaar werden die slachtoffers bewerkt. Moet je dat nieuws dan maar niet meer brengen? Liepen die homo’s in de weg van mensen die hun stageplaatsen niet gegarandeerd zagen?

Informatie is ook onderdeel van ons onderwijssysteem. 1 en 1 is twee en niet drie omdat dit wellicht beter is gezien de samenstelling van de klas. Groningen ligt toch ook niet op Texel of zo? Maar ook binnen bedrijven zie je dat vaak informatie wordt achtergehouden om een ander zo in verlegenheid te brengen. Informatie is cruciaal. Wie denkt dat dit niet zo is moet toch eens kijken naar de inspanningen die worden verricht om alles over ons te weten te komen. Of wat landen en doctrines doen om overal en nergens informatie vandaan te halen. Dat houdt dus echt niet op bij jouw of mijn huisdeur. En vandaar dat het ook van belang is om al die informatie op juiste wijze te interpreteren. Hoe vermoeiend dat soms ook is. Zelfs in een of andere uithoek van de wereld is tegenwoordig internet en dringen de signalen van radio en tv gewoon door. Kortom informatiestilte is geen optie. Laten we dan maar zorgen dat die informatie zuiver is. En niet gekleurd.