
Eens in de zoveel tijd bezoeken wij met veel plezier een reguliere weekmarkt. Zeker als die ons meer brengt dan de bekende stallen vol goedkoop gemaakte eenheidskleding of andere meuk waar we niet op zitten te wachten. Nee, we zoeken juist de diversiteit. En omdat die gek genoeg in onze eigen stad onder druk van gemeente maar ook demografische verandering vrijwel niet meer te vinden zijn, zoeken we het elders. Zo is een van de favorieten de markt op vrijdag van en in Hoofddorp. Daar verkopen ze echt alles wat je op een markt verwacht, is er veel diversiteit, en is de prijs/kwaliteit zoals je van een markt verwacht. Natuurlijk staan er ook concurrenten van elkaar. Poeliers, kaasboeren, bakkers, plantenstallen, er is een snoepstal, een fietsenmaker (banden meteen geplakt) maar ook een grote uitstalling voor alles wat met dieren te maken heeft. Het moet gek lopen willen we daar niet vinden wat we zoeken. En wat me dan altijd opvalt is dat bezoekers, kopers, zich door middel van ervaring of reclame wenden tot die verkopers waarvan ze het beste verwachten.

Die ene poelier waar men 6 rijen dik en tien mensen breed op de beurt staat te wachten, of die groenten/fruitstal waar men knokt om een plekje, maar zeker ook de bakkerij uit Bunschoten/Spakenburg die zoveel lekkers te bieden heeft dat men hier met veel geduld wacht tot men geholpen wordt. Bij die ene visstal gaat het zo en bij de bloemist met altijd die leuke aanbiedingen van plantjes. Kortom, het publiek kent zo haar voorkeuren. Bij de concullega’s is het dan aanmerkelijk rustiger. Ik bedenk me dan altijd wat doe je dan verkeerd? Is het je eigen aanpak, zijn de prijzen niet goed, het aanbod te smal of de kwaliteit niet op niveau?? Ooit bezochten we regelmatig de weekmarkten in Zaandam. Ook daar zag je hetzelfde. Er was een visstal waar je op afstand al rook dat hun spullen goed waren, en de rijen voor de stal bevestigden dat. Diens haringen waren vettig, dik, lekker, en voor een goede prijs. Een halve markt verderop stond nog zo’n visstal. Vrijwel altijd weinig tot geen volk voor de balie. In Almere zagen we dat bij de poelier uit het Gooi die wij ook graag frequenteerden. Goede spullen en dat sprak zich rond. Altijd druk. Hebben jullie zelf ook soortgelijke ervaringen of ga je nooit naar de markt?? En zo ja, waar dan?? Wie weet leren wij op die manier een nieuw stel adresjes kennen… Altijd nieuwsgierig…. (beelden: Prive)









Nee, gratis is het niet. Maar dan krijg je wel weer veel terug. Met kinderen is dat nog een factor tien erger. En wie er een paar heeft weet dat het familiebudget van de gemiddelde Nederlander aardig onder druk staat. Als je per kind maar eens rekent dat er 30 euro per maand nodig is voor een beetje kleding, dat er zakgeld moet komen, ze op sportclubs willen, tientallen pogingen doen om een of ander instrument onder de knie te krijgen en later willen studeren, snapt dat je per kind duizenden euro’s per jaar aan extra kosten mag opvoeren als boventallige uitgaven op de familiepot. Hoe mensen met een krappe beurs dat doen is mij een raadsel. Soms zie ik op tv wel eens gevallen voorbij komen van vrouwen die een of meerdere kinderen alleen opvoeden. En dan leven in een bijna armoedige situatie. Kinderopvang niet beschikbaar, terugvallen op familie voor zover aanwezig. Het kan verkeren. Dan heb je het met veel kinderen een stukje eenvoudiger.
Klinkt vreemd, maar toch is het zo. Grote gezinnen krijgen als voordeel dat kleding kan worden doorgegeven. Er komt meer ‘Kinderbijslag binnen’, kortom het budget verruimt. Daarbij zijn die grote gezinnen veelal wat gezelliger, leren kinderen dat ze moeten delen en niet voorbestemd zijn als Koning of Koningin Selfie door het leven te gaan en dat de Aarde om de zon draait en de zon niet alleen voor hen individueel schijnt. Is ook wat waard. In arme landen zijn die kinderen een soort verzorgingsgarantie voor later. De opvoeding die ze krijgen is er op gericht om de oude dag van de ouders plezieriger te laten verlopen. De jongere generatie zoekt dan naar middelen om het beter te krijgen en de familie te onderhouden. De migratiestromen laten veel van die bewegingen zien. Geld dat de jongelui verdienen gaat veelal richting thuisland en familie. Dat ligt bij ons toch anders. Ouderen zijn vaak last, worden zelden overeind gehouden door de kinderen maar meer door het sociale systeem. Of je er nu veel hebt of niet. En dat maakt dan weer dat die oudere generaties gezien worden als kostenpost. Het kan verkeren. Maar intussen moet je toch best nadenken over al die aspecten voor je er aan begint. Want gratis is het allemaal niet. En ik kan het weten. Heb zowel het een als het ander toegevoegd aan ons gezin….. En toch…bezint eer gij begint…Het maken is leuk, het krijgen iets minder, het onderhouden een hele klus…(Beelden: Internet/archief)
Ik ben op het gebied van alcoholische drankjes een beetje een saaie broeder. Pas laat ontdekte ik de geneugten er van, en zo was mijn eerste glas bier dat ik tot me nam er een van de beste soort. Namelijk, in 1978, in het toenmalige Tsjecho-Slowakije bij de Urquell-brouwerij afkomstig uit de stad Pilzen. Dat bier smaakte weliswaar bitter, maar ik kon het wel waarderen. Wijn ging min of meer langs dezelfde soort weg. Tot ergens in mijn volwassen jaren liet ik het drinken er van achterwege. Nu kan ik van een goed glas wijn zeker genieten. Maar echt een kenner? Nee! En daardoor zal ik zelf niet zo vlug een fles open trekken om mijzelf te bedienen of verwennen. Nee, als het wordt gevraagd en we in goed gezelschap verkeren doe ik mee, en blijk ik nog steeds aan mijn eerste glas te zitten als de rest van het gezelschap de bodem van de fles allang heeft drooggemaakt. Als ik al iets drink, dan toch vooral drankjes met een ‘zoetje’.
Martini Bianco on the rocks bijvoorbeeld, of het heerlijke Liqor43. Dat kan ik nog wel waarderen. Maar zelden zodanig veel dat ik er aangeschoten zou raken. Dat werd ik overigens heus wel eens hoor. Met name de Tsjechen hebben een drankenaanbod waarbij de alcohol rijkelijk is verwerkt in de smaak. Paar glaasjes en hup, je voelt je wazig. Nog wel eens meegemaakt. Thuis komt dat zelden voor. En heel eerlijk, als ik geen alcohol zou drinken om welke reden ook, zou me dat niet deren. Neemt niet weg dat ik dus dat glaasje wijn bij en met de lieve vrienden of familie zeker niet weiger hoor. Soms smaakt het spul prima, elke slok weer. Maar moet je daartoe een halve liter wegwerken? Neuh! Ik denk toch dat ik een soort tic heb overgehouden aan de jeugdjaren toen drankzucht best vaak kon worden gezien in de gezinnen om me heen. En mijn leasepa spuwde er ook niet in. Waarbij hij ongeveer alles dronk, behalve wijn. En ik mijn oma vaak zag genieten van een advocaatje met slagroom. Ze werd er een stuk spraakzamer door.
Maar dat kan ook mijn kinderlijke toenmalige verbeelding zijn. Volgens mensen die me echt kenden maakte het voor de gezelligheid niet uit dat ik indertijd en niets dronk. Kletsen doe ik ook wel zonder dat spul. En toen ook al. En o ja, hoe zit dat dan met dat bier? Wel, heel simpel, ik drink dat eigenlijk alleen als het buiten 30 graden of meer is, lekker in een koud gemaakt glas, op een terras. Lekkerste bier kwam ook nu weer uit Tsjechie, waar ik vaak verkeerde voor het werk en bier domweg hun standaard aanbod was bij welke onderhandeling ook. Qua smaak gevolgd door het vaak ook lekker straffe Duitse bier. Kan ik bij warm weer ook zeer van genieten. Maar om er nu trillende handen van te krijgen? Nee! Wij draaien vaak de zomervoorraad door als het koud wordt omdat de houdbaarheidsdatum regelmatig wordt overschreden. Dus ook als bierdrinker ben ik mislukt. Saai he? Nou ja, dat is dan maar zo. Maar omdat ik vrij nuchter blijf ben ik wel in staat om dit soort stukjes te tikken. Ben wel benieuwd hoe mijn lezers/lezeressen omgaan met een drankje en welke dan voor hen het meest aantrekkelijk is. Ik dank bij voorbaat voor de antwoorden en zeg uiteraard: ‘Proost’ op jullie aller gezondheid..(Beelden: Internet/Yellowbird)
Zoals elk jaar reisden we ook dit keer weer met onze Soester vrienden richting een van de Duitse steden om daar van de altijd aardige Kerstmarkten te genieten. De aankleding van die steden is ook altijd warmer en leuker dan waar ook in Nederland en de combinatie met de altijd goed gevulde winkels maakt die trips het onthouden waard. Dit jaar viel de keuze op Keulen. Prachtig gelegen aan de Rijn, gezellig, en met diverse kerstmarkten die verspreid over deze stad te vinden zijn. Ons hotel lag wat buiten het centrum aan de andere kant van de Rijn, dus waren we aangewezen op het Openbaar Vervoer. En dat functioneert in Keulen toch wat anders dan in andere steden die we bezochten. Het was vrijwel ondoenlijk om een kaartje voor vier personen uit de automaten te halen die in de voertuigen te vinden zijn.
Het menu bleek onbegrijpelijk. Maar met wat hulp (..) van een controleur van dat OV lukte het ons om een kaartje te kopen. Daarna moesten we dat kaartje op vier plekken afstempelen. Onze oude strippenkaart in het kwadraat. Na zes halten waren we dan in het centrum, stonden op de Neumarkt en waren meteen in het kerstgewoel. Want op de Neumarkt staat een van die genoemde kerstmarkten. En meteen ook een leuke. Het centrum van Keulen bruist er omheen. Alle bekende grote winkels zijn er te vinden, er zijn diverse overdekte promenades, en er is de Dom. Wie in Keulen is moet daar even gaan kijken.
De grootste kerk van Duitsland en eenmaal binnen zie je pas hoe groot dat gebouw is. Alles is daar gratis te bezoeken, maar de bijbehorende schatkamer kost geld. Geen geld kost het om je heen kijken. Devotie komt in alle vormen, kleuren en maten zagen we, zeker in de buurt van het befaamde Maria-altaar, waar een zee van kaarsjes brandt. Wij deelden mee in die lichtopbrengst, want er zijn altijd mensen die het lastig hebben (gehad) en dan mag een extra prevelementje wel even. Naast de Dom ook weer een kerstmarkt. En zo bezochten we er meer. De sfeer is er top, de stalletjes gevuld met allerlei kunstzinnigheden en niet met braderiemeuk zoals we dat hier zo vaak zien. Keulen is een leuke stad. Druk ook. Heel anders dan we wel eens meemaakten in andere steden rond deze tijd. Er hangt een zekere chique zonder de protserigheid die Düsseldorf ons een paar keer bood. Leuke bestemming. Bedenk wel waar je wat wilt eten overigens, want de horeca is er bepaald niet voordelig. Een glas (goede) rode wijn voor bijna 10 euro schenkt men zo maar voor je in als je niet oplet. En dan dat OV….Maar verder?? Aanrader die stad aan de Rijn.
Onze vriendjes hadden de reservering gedaan zodat we na onze hoofdstedelijke museale tocht en de altijd leuke wandelingen door de binnenstad van Mokum, hongerig en wel zeker zouden kunnen aanschuiven. En dat voor een betaalbare prijs. Hun keuze was op basis van een eerdere goede ervaring Humphreys aan de Amsterdamse Spuistraat. Waar je voor nog geen drie tientjes p.p. een drie-gangen-keuzemenu krijgt dat echt genoemd mag worden. Dat geldt ook voor de drukte en de bediening. Humphreys heeft kennelijk een goede naam, het restaurant zat tijdens ons bezoek in de vroege avonduren tot de nok toe vol. Dat zijn, neem van mij maar aan, heel veel tafeltjes, en dito aantallen gasten. Een gekakel van jewelste is het gevolg en je moet soms even inschikken om anderen ook stoelschuif- en zitruimte te geven. Maar wij zaten op een prima plek en werden bediend door een jonge dame die drie avonden in de week hier werkte en verder studeerde aan de Frank Sanders-musicalacademie. En die we daarna meteen in de harten sloten waardoor de sfeer werd er alleen nog maar beter door werd. De gerechten zijn zonder meer lekker en verzorgd te noemen. Voldoende keuze ook per gang. En de extra frietjes die wij bestelden werden zonder probleem gratis verstrekt. Zo zie je het graag in een restaurant. De wijn van het huis was van de zachte soort. Paste overal bij, een allemansvriend. Maar dat is precies wat wij zochten. Net als die grote karaf water die op tafel kwam. Over alles is nagedacht. De toiletruimte was onder in de kelder. Lastig voor ouderen die slecht ter been zijn, maar verder keurig verzorgd. Alles bij elkaar opgeteld verdient Humphreys voor de prijs/kwaliteitsverhouding en die geweldige bediening wat mij betreft een dikke 9! Zij hebben ook vestigingen in Arnhem, Breda, Den Haag, Eindhoven, Enschede, Groningen, Leeuwarden, Nijmegen, Rotterdam (2x), Uden, Utrecht en Zwolle. Aanbevelenswaardige keten!
We reden er jarenlang aan voorbij; Kranenburg, een wat ingeslapen dorpje tussen Nijmegen en Kleve. Maar naar ik onlangs vernam, zeer in trek bij Nederlanders die daar hun Duitse inkopen doen. Naar ik begreep is het plaatsje jaren geleden vrijwel in een soort spreekwoordelijke coma geweest maar zorgden investeringen in winkels aan de buitenkant van dit woonstekje voor nieuwe impulsen die het plaatsje weer terug brachten in het leven dat het vroeger ook heeft gekend. Wij rijden het liefst door naar Kleve. En omdat we dat tegenwoordig doen via de A12 en Duitse Autobahn, komen we Kranenburg niet meer tegen. Dat zit hem ook in de ellende van de provinciale weg tussen Arnhem en Nijmegen waar je op het laatste stuk consequent in druk verkeer niet sneller kunt dan 50km/u. Fnuikend als je behoort tot het doorgaande verkeer. Maar vrouwlief had bedacht dat we deze keer eens via Kranenburg terug naar Nederland zouden rijden. Was niet eens zo veel om en ik moet zeggen, het is wel een mooi gebied. Het plaatsje zelf stelt niets voor. De benzine is er 4 cent per liter duurder dan aan de noordwestelijke kant van Kleve, dus daarvoor hoef je het ook niet te doen. 


