Zoek maar eens op; het Wartburg-college. Een puur Hollands reformatorisch bolwerkje in een omgeving waar het bijbelse geloof nog deel uitmaakt van de dagelijkse gang er dingen. Reformatorisch in de ware zin des woords. Lange rokken, ongeschoren vrouwenbenen en zeker geen lange broeken voor de meiden-leerlingen. Maar ook gewenst keurige aankleding voor de jongens en een onbesproken gedrag voor de leerkrachten. Onbesproken als in, de ware zin van het daar als basis dienende geloofstrominkje onderschrijven en niet afwijken van de (niet zo heel goed gedocumenteerde)schoolregels. Of zelfs maar de indruk wekken dat te willen doen. Op zich niks mis mee, maar net als bij sommige politieke stromingen (denk aan D66) zijn principes aardig voor de buhne, ze zeggen weinig over hoe mensen zich binnen die doctrine dan gedragen. Barmhartig? Nee! Inlevend? Nee! Christelijk? Nee! Men liegt en bedriegt als het zo uitkomt en zoekt naar wegen om mensen die wellicht 1% van de koers afdwalen tot de orde te roepen of zelfs te ontslaan.
De stroming zelf moet in stand gehouden worden en die ‘ene’ uitleg van de bijbelse woorden zoals men die daar beleeft telt als de enig ware. Nu ben ik zelf ooit streng katholiek opgevoed. En in die opvoeding zat ook de afwending van hen die zouden of waren gaan dwalen, afvalligen van de enige Heilige Moederkerk. Je speelde niet met protestantse (..) kinderen en heidenen waren helemaal uit den boze. Dit om de interpretatie van de enig juiste woord in perspectief te plaatsen….. Die naam Wartburg komt overigens voort uit het oosten van Duitsland. Voor autoliefhebbers zoals ik is het meer een verwijzing naar een reeks typische Oostblokmodellen met een pruttelende tweetaktmotor die hun naam ook al dankten aan dat kasteel met die naam. Maar die zelfde naam van dat bewuste kasteel kende nog een historisch diepere betekenis en vermoedelijk dankt deze school in het Dordtse zijn naam en faam daar aan. Ooit was er de ketter Maarten Luther. Die was het gedoe in de toenmalige katholieke kerk zat en spijkerde wat stellingen aan een kerk in het Duitse Wittenberg. Hij werd er voor vervolgd door de Roomse inquisitie. Immers, afwijkingen van de leer van de kerk van Petrus, hoe corrupt ook, werden niet op prijs gesteld. Ik druk me daarbij nog mild uit.
Luther moest vluchten en kon uiteindelijk terecht op het kasteel van een hem goed gezinde vorst. Op de Wartburg. Hij verschool zich daar voor zijn verantwoording en ging wat andere zaken doen. Kortom, die naam Wartburg moet alleen daarom al beschermend werken, verwijzend, verwarmend bijna. Nou, niet als je er werkt(e) en van die ene procent van de leer afweek. Dan blijkt dat de nakomelingen van Luther in naam veel lijken op de oude inquisitie en echt elk middel gebruiken om jou te excommuniceren. En dan blijkt ook dat ze de mazen in de wet weten te vinden om je te dumpen. Ik ben dan zelf al snel in staat tot rituele moorden, maar ja, dat mag niet volgens de tien geboden. Maar kruizigen mag wel toch? Laten we wel zijn, dat deden de Farizeeers met Jezus, trouwens, samen met de Romeinen. De Wartburgers deden dat onlangs met iemand die mij na aan het hart ligt. Samen met hun buitengewoon enge jurist. Afgescheept met een financiaeel schijntje, en daar dan ook nog ruim anderhalf jaar over steggelen. Je zou ze ophangen aan hun………
Maar goed. We blijven een soort van fatsoenlijk. Denk bij Wartburg dus maar liever aan die Oostduitse limousines. Die waren stuk voor stuk van een betere kwaliteit dan het schoolbestuur bij dit college. Wil heel wat zeggen. En je kreeg er nog garantie bij ook. Ook dat is in deze bijbelse kringen onbekend. Kortom, eigenlijk gewoon afvalligen, en als het er op aankomt!? Gewoon heidense methoden! Niks christelijks aan te ontdekken! Jezus zou zich diep schamen voor zulke volgelingen. Gelukkig heb ik de echte gelovige christen in het lijdend voorwerp gedurende al die maanden van onzekerheid zonder moeite kunnen ontdekken. En die werkt (gelukkig) niet meer op het Wartburg. Dat is een ballentent! (Mijn mening slaat in dit geval uiteraard op de leiding, de directie, de mensen die daar vroeger de leiding hadden en allen die nu de handen in schijnheilige onschuld wassen….)

Wiens schuld is het dat het verkeer in de grote stad vaak zo chaotisch verloopt? Ligt dat slechts aan de verkeersdeelnemers? Natuurlijk, er mankeert veel aan de kennis van regels bij vooral jongere weggebruikers. Zo zijn eenrichtingsstraten niet voor iedereen duidelijk. Is met de scooter over een trottoir rijden meer schering dan inslag. Parkeren op diezelfde stoep ‘moet kunnen’ en met te hoge snelheden een straat injagen is ook al meer normaal dan uitzonderlijk geworden. Maar de overheid kan er ook wat van. Men laat het hier veel voorkomende langdurig afsluiten van straten over een laag geschoolde ambtenaren die zonder enig inzicht van de gevolgen toestemming geven tot het opbreken van een weg, gracht of die straat waardoor bedrijven niet te bereiken zijn en het verkeer hopeloos vastloopt. Daarnaast is laden en lossen of verhuizen iets dat met wat heethoofdige karakters in de file er achter kan leiden tot stress maar ook onwettig geachte alternatieve omwegen.
Tel daarbij op dat de politie vele taken kent, maar toezicht op het verkeer behoort daar kennelijk niet meer bij. Je moet wel met een watervliegtuig op de Amstel landen wil er een agent iets ondernemen. Men rijdt vrolijk langs kruispunten waar mensen massaal door rood rijden vanaf de andere kant en een unieke Amsterdammer die als voetganger of fietser wacht voor een rood stoplicht is ook geen reden voor optreden. Nee, de politie is druk met van alles, maar ik weet niet echt waarmee. Nou ja, in geval van nood blijken we voldoende blauw op straat te hebben om de boel op te lossen, maar dat geldt niet voor het verkeer. Sinds de specialisten van de verkeerspolitie er niet meer lijken te zijn, wordt het overgelaten aan de vaak jonge surveillant om af en toe te oefenen op jonge dames die met hun fiets toch daar fietsen waar het niet mag, al dan niet zonder achterlicht op de door hun fraaie achterwerk bezeten fietsen.
Toen ik aan het einde van het jaar 1965 mijn eerste stappen zette op het pad van de beroepsverandering waren dat ook meteen heel heftige. Ik was tot dan gewend aan het beschermde van de bankinstelling waar ik voordien i n hartje Amsterdam had gewerkt en waaraan ik ook voor een deel mijn avondstudies dankte die ik op dat moment nog volop volgde. Maar mijn karakter paste niet bij de discipline van een bank. Daarbij, de luchtvaart trok me. De vliegtuigen en de bijbehorende dynamiek. De eerste baan die op mijn pad kwam was die van expediënt op Schiphol bij een wat je nu zou noemen logistiek bedrijf. In het verleden schreef ik daar al eens wat zinnen over in oudere blogs. Toen ik dan ook aan het prille begin van het daaropvolgende jaar mijn plek innam aan de andere kant van het enige bureau bij het bedrijf waar ik in dienst was gekomen besefte ik me na twee weken of zo dat dit soort bedrijven bestond uit twee werelden. Die van de import en de export. De exportmensen waren vrije denkers, creatief zoals ik zelf was en nog ben, en met talent voor de juiste contacten.
Immers die exportlading moest vervoerd worden met luchtvaartmaatschappijen op de juiste momenten, met in acht neming van alle geldende regels, maar ook voor een interessant tarief. Ondanks het nodige papierwerk voelde ik me in die voor mij nieuwe rol buitengewoon goed. Maar er was een schaduwkant (..) aan het beroep, bij al die papieren voor de luchtvaartmaatschappijen behoorden ook douaneverklaringen. Wat voerden we uit, welke statistieknummers voor het CBS omschreven de goederen het beste, was het een Nederlands product of iets van doorvoer uit andere landen etc. Voor die uitvoerpapieren had je speciale wetboeken nodig, met alleen maar nummers en beschrijvingen van goederen. Voor mij lang Chinees, maar mijn toenmalige chef was er helemaal in thuis. Die was declarant van huis uit en dat was een apart beroep. Die lieden voerden voor hun klanten juist spullen in en gaven ze aan bij de douane op zodanige wijze dat de douane of inspectie Invoerrechten en Accijnzen geen aanleiding zag om het spul te visiteren of zelfs te blokkeren.
Want o wee als je iets verkeerds aangaf en zo mogelijk de staat benadeelde. Invoerrechten waren toen nog van toepassing, net als omzetbelasting. Pas na een rondgang langs alle loketten van de douane kreeg je voldoende stempels om het spul uit de KLM-loodsen te halen en in je bestel- of vrachtauto te laden voor vervoer richting klant. In- of uitklaren heette dat. De gemiddelde declarant was veel meer van de cijfers, van de kennis van het wetboek, met fantasie hadden ze vaak niet veel en dat merkte je ook op de kantoren waar die twee takken van sport bij elkaar zaten. Heel wat discussies meegemaakt. Export was snelle handel, de douane een obstakel waar je het liefst omheen zeilde, import meer van de rust, het nadenken, en zorgen dat de Nederlandse klant zijn spullen weliswaar op tijd kreeg, maar ook dat de relatie met de overheden niet op de proef werd gesteld. Ik vraag me nu, een halve eeuw later, wel af hoe die beroepen nu worden uitgeoefend. Immers, computers, internet, grenzeloos Europa en TTip op komst. Andere omstandigheden en vast ook andere regels. Ik leerde er in die periode toen creatief omgaan met de mogelijkheden. Een geweldige leerschool. Waar je snel moest inspelen op een probleem, soms hands-on moest bijspringen om een vlucht niet te vertragen. Maar van dat wetboek rond die I&OB heb ik nooit veel opgestoken. Vast een karaktertrekje, ook al veroorzaakt door die beroepskeuze van zoveel jaren geleden. Zou er trouwens nog net zoveel worden gestempeld door die douanemensen als indertijd? Ben nog benieuwd ook…..(Beelden: LPAC Collectie)



















