Missing men…

Missing men…

Als er iets is wat we als mensen te weinig doen is dat koesteren wat je hebt in het hier en nu. Slechts diepgelovigen neigen er naar te denken dat als het hier op aarde afgelopen is, er nog een heel lang (eeuwig) leven na ons fysiek verscheiden voor ons ligt. In andere geloven denken ze dat je dan als man 40 maagden aangeboden krijgt. Nou leuk dan, ben je net 85 geworden, is het leven op aarde over, moet je daar ‘boven’ ergens aan de slag om die eeuwigheid leuker te maken. Maar met wat dan?

Hoe dan ook ik ga er maar vanuit dat ons aardse bestaan is wat we nu bezitten en niet zo maar kunnen inruilen voor iets anders. En in dat heden passen de mensen die er toe doen, de dieren waar je van houdt of gehecht aan bent, je vrienden, de al dan niet lieve buren, en je thuisplek die door heel wat mensen is ingericht om het zo leuk mogelijk te hebben. Pas als het evenwicht wordt verstoord en er mensen wegvallen uit die naastenkring, dan wel een van de dieren gaat hemelen raken we van de leg. Los van alle enorme emoties die een rol gaan spelen bij verlies van een naaste is ook iemand die je misschien wat meer op afstand had zitten maar wel goed leerde kennen, best een persoon om door verstoord te raken qua emoties. Geldt ook voor hen die je al jaren kent via deze media waarop we als bloggers, Facebookers of Twitteraars zo actief zijn.

Ik merk dat juist dit jaar een optelsom van mensen die er toe deden of doen, die besloten dat het genoeg was (ik chargeer nu omwille van het verhaal..), mijn humeur en evenwicht toch wat onderuit haalden. Mensen die je of heel goed kende, zakelijk & prive liet behoren tot best gewaardeerden dan wel zo lang al in de sociale contacten dagelijks aan de lijn dat hun verscheiden een lege plek achterlaat. Op zich is dat ook een erkenning van hun belang in het echte leven voor een gemiddelde meninggever die ook maar een mens is van vlees en bloed, ook al denken sommigen soms wel eens van niet. Zelfs ik heb gevoelens en uit die soms maar eens via verhalen als deze. Zo was er die dappere vrouw die op mijn sociale berichten vrijwel altijd als eerste reageerde. Ze was leuk in de omgang, ongelukkig qua gezondheid, maar bleef altijd positief. Eenmaal verdwenen is er toch dat gat. Je wacht op die reactie. En die komt dan niet. Nooit meer!

Of die man met wie ik mijn hondje deelde omdat hij het zusje van de onze had binnengehaald en zijn dochter ons op het spoor zette van onze toen nog jonge puppie uit hetzelfde nestje. De rijafstand was groot maar toch zocht ik hem en zijn familie nog wel eens op. Bijkletsen over van alles. We maakten zijn gevecht mee op zakelijk terrein en ook qua gezondheid zagen we wel dat het niet helemaal goed ging. En dan toch is de dood erg onverbiddelijk. Weg is weg, maar nooit vergeten. Een jonge vent die in bloei van zijn leven werd geknakt door die verrekte rotziekte en waarover ik al eens uitgebreid schreef was voor onze zoon de broer die hij nooit had… Een bijzondere gast, maar ontzettend aardig en zeer geliefd. Als vele tientallen vrienden via diverse bijeenkomsten jouw afscheid herdenken en koesteren wie je was doe je er toe. En zo is het. Geldt ook voor mijn oudere broer die alweer dik 1,5 jaar geleden de strijd op moest geven. Welk een verlies. Met name omdat je vroeger zoveel deelde met elkaar. Goed, slecht, de jeugd, de lastige situaties soms. We liepen de deur bepaald niet plat bij elkaar, maar als dat wel het geval was, dan was het goed. We pasten bij elkaar als ying en yang. Met respect voor elkaars ervaringen en meningen. En als dat dan ineens niet meer beschikbaar is, dan ga je het pas missen. Dus koesteren maar mensen. Zolang het kan. Niet laten verwijderen om niks. Mensen maken zich vaak zo druk om futiliteiten. En niet mailen of appen, maar praten met elkaar. Voor je het weet is het over. En dat is echt niet leeftijd gebonden. Ziekten en kwalen kiezen naar willekeur hun slachtoffers uit. En dan blijkt dat die gezonde periode van voorheen nooit meer terugkomt. Bedenk dat maar eens in tijden dat het je wellicht nu nog goed gaat. Dit is waar het echt om gaat. De rest al snel bijzaak! (Beelden: Yellowbird archief)

Jamaica..

Jamaica..

En voor de goede orde, ik pleit zeker niet voor het opsluiten van een volk achter muren of binnenshuis. Dat past meer bij de liefhebbers van DDR-achtige dictaturen of zo. Nee, het gaat mij ook dit jaar weer eens over die wonderlijke behoefte om vakantie te vieren op zeer ver van ons landje gelegen plekken. Omdat men anders het gevoel heeft ‘niet echt op vakantie te zijn geweest’. Tuurlijk, men trok in meerderheid naar het zuiden van Europa, waar het zo mogelijk nog warmer was dan bij ons in deze prachtige zomer, maar vaak ook veel verder. Nu Covid ons wat heeft verlaten kon er weer gereisd worden en dus was het op de vaderlandse (en Europese) luchthavens extra druk.

Sommigen vlogen naar favoriete bestemmingen in Spanje of Portugal, anderen verkozen IJsland of Azie. Bij een van onze buurtgenoten gingen de kinderen met vader mee (1 op de 3 gezinnen kent een scheidingsverleden, dit gezin ook..) naar Jamaica. Want daar was het zo leuk voor ze… Het zal best hoor, maar dan ken ik er nog wel een paar. En moet meteen terugdenken aan hoe het in onze jeugd was. Zoals al eerder beschreven (22-7jl) waren de meeste mensen in ons land zeer hard werkende loonslaven of zelfstandigen die door zich in het zweet of de olie te wentelen een inkomen moesten verwerven. Vakantie was veelal net een week lang, later net in de tijd twee misschien. En daarvoor moest je dan geld reserveren.

Bij ons in de toenmalige hoofdstedelijke straat waren bij sommige arbeidersgezinnen het Zgn. ‘Fransche Kamp’ bij Bussum populair, maar ook Bakkum werd door de veelal puur Amsterdamse bevolking met liefde bezocht. Tentje mee, of als je meer geld had, een huisje in de kuststreek waar je dan in frisse lucht maar wel in nog primitievere omstandigheden dan thuis, moest zien hoe je je door de dagen heen ontspande. Veel van mijn straatvrienden van toen genoten er van. Ik niet. Mijn moeder was er ook niet van. Zij hield van luxe en rust. En die vond ze in Limburg. Valkenburg de favoriete bestemming. En dan niet in een tent maar in een hotel of tenminste een onderkomen bij mensen die redelijk comfortabele kamers verhuurden. Van daaruit trokken we dan met de auto, ja mensen die hadden wij al heel lang, naar Belgie en als climax het Drielandenpunt bij Vaals.

Keek je zo naar Aken, toch een spannend gebied. Want leasepa had wat meegemaakt met die ‘moffen’ zoals hij ze noemde en weigerde categorisch een stap over de Duitse grens te zetten. Terug thuis werd er best tegenop gekeken. Helemaal naar Limburg…Later in het leven hoorde ik dat jeugdvrienden naar verre oorden als Italia of Oostenrijk reisden. Hun ouders hadden intussen ook een VW of Opel gekocht en durfden die reizen wel aan. Wij gingen toen nog steeds naar Valkenburg. En daar werd best meewarig naar gekeken. Zo gaat het nu ook met die verre reizigers. Nu ik zelf veel van de wereld zag vind ik mensen die naar Frankrijk gaan min of meer hetzelfde als zij die vroeger naar Valkenburg reden. Nee, dan Jamaica…..dat is pas wat. Maar ik laat het wel met plezier aan me voorbij gaan. Geen zin meer in. Maar het zal er vast heel leuk zijn. Al was het maar om die muziek…. En intussen ben ik natuurlijk nieuwsgierig naar waar jullie, beste lezers, naartoe gingen in de jeugd en wat je nu trekt als bestemming?? Gooi het er maar uit hoor… (Beelden: Prive-archief)

Oude woonbuurt…

Oude woonbuurt…

Mijn geheugen blijkt zeer selectief te werken heb ik intussen wel door. Ik weet uit mijn vroege jeugd nog precies welke auto’s waar stonden in de straat, welke winkels daar om ons heen te vinden waren, hoor bijna de vliegtuiggeluiden uit die periode. Maar namen van jongelui waarmee ik omging zijn voor 80% uit mijn herinnering verdwenen. Geldt ook voor veel onderwijzers of volwassenen die toen nog een rol van enige betekenis vervulden. Wat is dat toch? Geen idee. Ik was en ben meer van de observaties rond dingen uit de geschiedenis, het heden of de toekomst, herinner me veel muziek, kan me de plekken nog goed voostellen waar ik was toen ik een bepaald nummer hoorde of zo. Maar wie speelde dat ook al weer?

Het is soms best frustrerend. Intussen ben ik op Facebook lid geworden van een groep (die groepen zijn echt een aanwinst vind ik) die mensen bij elkaar brengt uit die vroegere woonbuurt. Niet dat ik nu meteen alleen maar positieve herinneringen had of heb aan die vroegere omgeving, maar nostalgie is zelfs mij niet vreemd. En dan komen er gebeurtenissen, namen en mensen voorbij die me ineens iets zeggen. ‘O ja, dat bakkertje, en die verre straatbewoners op nummer…..’. Het helpt mee om dat geheugen weer een beetje te resetten. Is het iets van het ouder worden bij mij? Nee! Zeker niet. Ik heb het altijd gehad. Selectief opslaan.

Relevante mensen en feiten in de ijzeren pot, anderen in de prullenbak. Scheelt veel onthouden. Zal ook komen doordat ik met name mensen altijd heb verdeeld in ‘vrienden voor het leven’ of vage kennissen die als schepen in de nacht passeren. En bij sommigen was dat ook echt zo. Die verdwenen toen ik verhuisde of van baan veranderde. Je verbaast je er soms over hoe snel dat gaat en hoe relatief die toen zo gekoesterde ‘vriendschappen’ waren of zijn. De echten blijven over en terecht. In dit blog heb ik over de bedrijven uit mijn verleden nog wel eens georeerd. Over sommige opvallende mensen ook. Die zitten dan toch op de harde hersenschijf en anderen daarvan verdwenen. Hoe dat werkt? Geen idee. Maar dat het me veel onthouden scheelt is zeker. En intussen geniet ik er van als ik weer een ‘weetje’ uit vroeger jaren zo uit de bol kan neerpennen of digitaal neerzetten. Zoals het een schrijver van lichtvoetige verhalen betaamt. Wie de spreekwoordelijke ijzeren pot bezit waarin iedereen uit zijn/haar verleden bij naam en toenaam blijft opgeslagen mag zich bij deze melden. Ik ben benieuwd wie van jullie lezers net zo selectief in elkaar zit als ik….. (Beelden: archief)

Milko – in memoriam

Het leven is soms bijzonder onvoorspelbaar en zeker unfair. Zo voelt het als iemand overlijdt die veel en veel te jong is. En ook nog eens na een lijdensweg van dik een jaar. Zo iemand was Milko. 46 werd hij slechts. Een knokker, hield het vol tot het bittere eind, maar de strijd was zwaar, de tegenstander veel te sterk. Alle medische hulp werd hem verstrekt, maar uiteindelijk won die vreselijke ziekte het van zijn krachtige verzet. Een taaie struik, geknakt in de bloei van zijn leven. Net een nieuwe liefde gevonden, lekker levend op zijn eigen typerende wijze. Maling aan de gevestigde orde, doen wat je hart je ingeeft en desnoods met minder toe dan toegeven aan de vermaledijde burgerlijkheid. Breed georiënteerd, revolutionair, muzikaal, humorvol, alles relativerend. En dat was hij als kind al. Toen wij hem leerden kennen was hij net 6 jaar oud. Een leuk knulletje met een handleiding. Altijd goed voor kleine kinderrampjes waaruit later door ouders en vrienden heel wat verhalen zijn terug te halen. Samen met o.a. onze zoonlief boezemvrienden en de straten en pleinen (zeker meer…) van de nieuwe polderstad onveilig makend. Op een manier die we nu als uiterst beschaafd zouden omschrijven. De revolutionair in hem zat er later aan te komen. Zeker in zijn latere muziek-optredens. Zijn verhalen, teksten, rappen op eigen frasen, niet bang voor het publiek, gewoon leuk en netjes dwars liggen. Passend bij de leeftijd. Vanuit New York verslag doen naar zijn familie toen 9/11 daar plaatsvond. Maar niet in paniek rakend. Relativeren….zo knap. Zoals hij dat ook tot het allerlaatst deed. Nog even op het allerlaatst een tekstje doornemen met vrienden, niets verlangen, niets vragen, zoveel mogelijk zelf blijven doen. Een kanjer. Maar geknakt…uitgewoond, de strijd verloren. Het wordt zeker voor zijn familie, liefde, nabestaanden zoeken naar een nieuwe plek om ook dit verdriet een plek te geven. Zonder te vergeten. Daarvoor was hij veel te bijzonder. Milko….we gaan hem missen. Maar ook bewonderen om wie en wat hij was bij leven. Zoals het hoort. Deze week nemen we afscheid. De verwerking zal lang duren….

Stille communicatie…

Stille communicatie…

Juist vandaag sta ik even stil bij hen die niet meer bij ons zijn. Geliefden, vrienden, familie. Mensen waar je bij leven veel om gaf, soms minder zag dan je wellicht zou willen of hebben gewild, maar omstandigheden maakten dat soms lastig. Bij leven nemen we de dingen zoals ze komen. We gaan er vanuit dat mensen het eeuwige leven in zich hebben en nemen de dag van morgen als vanzelfsprekend. Toch is dat niet zo, en dat is best confronterend. Kijk eens door (niet eens zo) oude fotoalbums of bestanden en je schrikt soms bijna van het aantal lieden die je nu moet missen. Soms is dat missen iets als kiespijn, maar in de meeste gevallen toch echt op de rand van het verdrietige af. ‘Had ik maar..’ denk je dan soms. Waarom nemen we het leven als iets vanzelfsprekends?

Je hebt maar een pandemie nodig of een oorlog zoals die woedt in de Oekraine om te beseffen dat alleen al door handelen van anderen of virussen ons leven zo maar kan eindigen. Bezoek een ziekenhuis en zie wat daar allemaal plaatsvindt en welke invloed het heeft op de mensen die er komen met soms een laatste vleugje hoop op een redelijk verder leven. Tuurlijk moeten we daar niet elke dag bij stilstaan, anders worden we wel heel depressief wellicht. Maar misschien wel wat meer aandacht voor elkaar nu het nog kan in dit aardse bestaan. In de afgelopen jaren moesten wij afscheid nemen van heel wat van vroeger bekenden, vrienden en familieleden. Allemaal gekoesterd, maar soms ook wel wat verwaarloosd. Tuurlijk, je eigen drukke leven, prioriteiten, grote afstanden tot elkaar, letterlijk en ook figuurlijk. Maar nu kan het niet meer. Blijft de (h)erkenning van hoezeer iemand ooit van groot belang voor jou was. De negatieven daarbij het liefst uitgesloten van die herdenking. Een ding is wel zo, zolang we aan die gehemelde mensen blijven denken zijn ze nog een beetje bij ons. Pas als dat niet meer plaatsvindt zijn ze vergeten. Afgeschreven, anoniem. En dat lijkt me helemaal niks….Zelfs voor onze oude huisdieren van voorheen, voelen we hier nog een gevoelig plekje…en koesteren de beelden……Hoe gaat jullie, beste lezers, om met die herinneringen en als je wilt deel maar hier hoe…..Dank daarvoor…..

Chauffeursziekte…

Chauffeursziekte…

Een van de toenmalige goede vrienden van mijn ouders was de in onze straat zeer goed bekend staande ‘Ome Karel’. Hij woonde tegenover ons in een benedenhuis dat hij huurde van zijn werkgever, het bekende verhuur- en transportbedrijf Ouke Baas. Die firma was in de jaren vijftig groot geworden doordat men naast de verhuur van luxe wagens ook trucks in dienst had voor allerlei transportopdrachten, deels o.a. grondverzet dat door de enorm uitdijende nieuwbouwwijken van de stad zorgden voor ‘altijd werk’. Ome Karel was chauffeur op een Scania Vabis truck en had al een lange staat van dienst in dat soort diensten. Noest, groot, sterk, de trucks altijd stevig in de knuisten.

Ritjes met de Scania met zijn eigen en onze familie staan me nog goed bij. Alles achter op de laadbak met kussens en onder het ladingzeil. Het kon allemaal nog in die jaren. Ik beschreef het al eens in mijn epos over ‘Leven met de Vliegende Pijl’ van 1-7-2018. Ome Karel had een vroeger leven, waarover niet veel werd gesproken i.v.m. met zijn nieuwe liefde, maar uit dat vroegere huwelijk had hij twee volwassen zonen, die beiden in de voetsporen van pa waren terecht gekomen en op vrachtwagens hun brood verdienden. Een echte chauffeur dus die Ome Karel en we zijn heel wat delen van het land met hem doorgetrokken. Later in luxe wagens, wij vaak in een Skoda, hij in een Citroen Traction Avant die hij bijna nieuw kocht en die nog jaren mee zou gaan.

De trucks bleven zijn broodwinning, maar rijden toch ook zijn passie. Tot hij op enig moment een vreemd fysiek verschijnsel ging vertonen. Hij begon te trillen tijdens het rijden. Dat was vreemd en voor hem en zijn vrouw beangstigend. Daarna ontstonden ook vreemde gedachten. Hij neigde er naar op bruggen en viaducten de reling op te zoeken. Corrigeerde dat dan wel, maar het was toch geen goede indicatie. Doktoren constateerden op enig moment dat hij leed aan een typische beroepskwaal, ‘chauffeursziekte’, waardoor vanuit de ruggengraat spierspasmen worden doorgegeven aan handen en benen en je zo de controle verliest over wat die ledematen allemaal zouden moeten doen. Het zou niet beter worden volgens de analyses. Het betekende einde carriere voor de man, en uiteindelijk werd hij min of meer een wrak. Het fijne wist en weet ik er niet meer van hoor, wel dat hij in dat benedenhuisje naast de garage zijn einde vond, maar dat was al na mijn vertrek uit die buurt. Geen van de betrokkenen leven meer, ik kan het niet meer navragen of opzoeken. Geen familieleden op de sociale media, maar wellicht moet ik het nog eens wat dieper uitspitten. Hoe dan ook zag ik toen ik er op Google naar zocht dat die Chauffeursziekte nog steeds kan ontstaan en vooral hen treft die vele jaren achter mekaar achter het stuur van een truck of taxi verkeren. Beetje bijzonder, maar ook voor altijd aan mijn persoonlijke geschiedenis verbonden. Want die stoere Ome Karel die helemaal geen oom was maar zich wel zo gedroeg, was ooit een baken van rust in mijn vaak zo turbulent verlopende jeugd en dit einde gunde ik hem zeker niet. (Beelden: Archief)

Confrontatie

Confrontatie

Toen mijn broer Rob onlangs overleed (ik schreef er in februari een verhaal over) kwam het uiteraard ook tot een afscheidsplechtigheid en uitvaart.

Dan kom je mensen tegen die je in tijden niet hebt gezien en je zelf in de herinnering hebt zitten als jong en nog vol plannen en levenslust. Bij die gelegenheid bleken die lui ineens allemaal aardig volwassen te zijn geworden. En confrontatie met je eigen evolutie van jong mens tot oudere heer op weg naar de laatste muur. Althans zo voelde dat even. Immers, kinderen in de herinnering moeten gewoon jong kunnen blijven maar groeien net zo door in hun leven als jij in dat van jezelf. Ooit was ik de jonge god op de brommer die met wapperende haren allerlei avonturen tegemoet ging. Ik maakte carriere, werkte hard, studeerde daarnaast en bouwde ook nog eens een gezin op. Van puber tot jong volwassene en zo meer. Mensen waar je vroeger in die jeugd soms intens mee omging, raakte je voor een deel onderweg kwijt.

De jeugdvrienden uit de straat, een enkele uitgezonderd, verdwenen uit je leven en ik moet soms diep in de kuil van het geheugen graven om nog namen van die lui boven geestelijke aarde te krijgen. Van school weet ik vrijwel niks meer, het euvel heb ik al eens uitgelegd hier, ik ben dus geen type voor reunies of zo. Van het eerste werk hield ik een vriend over voor het leven. Lief en leed gedeeld vanaf jong. Maar hij is wat ouder dan ik en ook bij hem begint dat zichtbaar te worden. In onze vroegere familie was er soort vertoonstrijd tussen de twee zussen waarvan mijn moeder er een was. Elk jaar kijken wie de meeste cadeautjes had gegeven aan de kinderen met Sinterklaas of op verjaardagen.

De tante had vier kinderen en dat waren dus mijn neven en nichten. Omgerekend naar nu moeten ook die intussen al flink op leeftijd zijn. De boven ons liggende generaties zijn er niet meer. Maar ik heb die lui uit de generatie onder hen jaren niet meer gezien of gesproken. Zal dus best zo zijn dat daar allerlei zaken zijn gepasseerd die mij niet bereikten. Is dat spijtig? Niet meteen. De liefde moet van twee kanten komen en kennelijk zat die afgunst er vanuit de ouders ingestoken ook in bij de jongere generatie. Jeugd is prachtig, en je moet er van genieten. Ouder worden is ook leuk, vooral als je dat gezond van lijf en leden mag beleven. De geest nog voldoende jeugdig om zich als zodanig te uiten, maar de confrontatie met de spiegel wordt elke keer heftiger. En als de spiegel het al niet doet, dan toch wel die ontmoetingen met naasten die je een tijdje niet hebt gezien. Het leert extra te relativeren, te koesteren en wellicht ook te corrigeren. Bekeert u voor het te laat is! Maar wat is dan het ware geloof. Ik blijf maar vasthouden aan dat ene, geloof in mijzelf en zij waar ik van houd en die mij die liefde ook terug gaven en geven. Daarop valt een aardig leven te bouwen. En vast te houden…. En? Kijken jullie hier anders naar? Altijd iedereen vast kunnen houden uit de jeugd??? Of toch ook een paar losse eindjes zonder invulling?? Laat maar komen die verhalen…..(Beelden: Persoonlijke ego-archief)

Gelijk….

Gelijk….

Mij zit het in de genen! Ik geef het toe. Gelijk is gelijk, zwart is zwart en wit wit! Maar tussen gelijk hebben en dat krijgen zit veelal een wereld. Dat merk je altijd en overal. Zo zijn er grote staatslieden die menen dat hun gelijk het enige is en dat van anderen niet telt. Zo zagen we de vorige Amerikaanse president Trump vasthouden aan zijn eigen beeld van gelijk rond de verkiezingen die hem tot winnaar deden uitroepen precies hetzelfde doen als zijn voormalige tegenstander Hillary Clinton die ook niet kon geloven dat deze man, Donald Trump, haar had verslagen. Haar gelijk was vooral moreel meende ze, maar dat telt niet in een numerieke strijd. Gek genoeg speelt gelijk een grotere rol dan de letterlijke betekenis van het woord in heel wat soms hoog oplopende discussies en ruzies. Vrijwel nooit hebben twee tegenovergestelden allebei gelijk. Kan vrijwel niet. Het compromis moet dan oplossing bieden. Beetje toegeven dat jouw gelijk wellicht net zo min hard is als dat van een ander.

Maar dat is voor veel mensen en stromingen lastig. Immers, zij weten altijd ‘zeker’ dat ze gelijk hebben. Terwijl de andere kant met feiten kan staven dat dit niet zo is. Waar komt dat gelijk dan vandaan? Nou veelal uit interpretatie. De Bijbel valt op verschillende wijzen uit te leggen en dat geeft veel afsplitsingen van het enige ware geloof een eigen gelijk. Zelfde zie je in het Jodendom en de islam. Fanatieke volgers opleverend en ruzies en oorlogen tot gevolg. Socialisten hebben dit net zo. Gelijke rechten voor alles en iedereen, maar net meer rechten voor de bestuurders van land, provincie of stad. Is dat geclaimd gelijk? Bedacht? Voor hen die het er niet mee eens zijn een onverteerbaar soort gedrag van die andere kant. Gelijk zijn als tussen rassen onderling. Gewoon normaal gedrag, je houden aan de wet, zelfde taal, zelfde normen en waarden. Maar als je dat niet wilt en maling hebt aan die normale gedachtegang. Heb je dan gelijk of niet?

Vanuit jouw visie vast, maar is het ook daadwerkelijk zo?? Gelukkig is in het verkeer alles geregeld….toch? Rechts heeft voorrang en voor rood stoplicht stop je om de anderen voor te laten! Simpel, maar in de praktijk heeft iedereen een soort ‘gelijk’ ontwikkeld en tellen die regels toch vooral voor anderen en niet voor hen die maling hebben aan die Wegenverkeerswet. Kortom, de samenleving is net als een intermenselijke relatie. Nooit is de claim van het gelijk 100% onderbouwd met feiten of ervaringen. Of toch wel? Ik zelf ondervind vooral dat op het gebied van geschiedschrijving veel verandert. Ik heb er wel eens eerder wat over geschreven. Zelfs die feiten vallen te veranderen ten gunste van hen die graag gelijk willen hebben. Het verbaast me….nog steeds. Maar het verandert mijn denken niet. Want ik heb altijd gelijk. Ook op dit punt. En wie dat betwist moet het maar even melden…. (Beelden: archief/internet)

Relatief

Relatief

Alles is relatief in het leven. Zeker als je kijkt hoe snel de tijd langs ons heen vliegt.

Voor je het weet zijn maanden, jaren, decennia of eeuwen voorbij. Niet dat we dat dan meemaken, die eeuwen bedoel ik, maar het weten is toch handig als je oprecht denkt dat wat hier en nu actueel is dat morgen ook zal zijn. Hoeveel van de mensen die je om je heen had bij de geboorte zijn er nu nog? Woon je nog steeds in hetzelfde huis? Dezelfde straat of stad? Wellicht ben je wel geemi- of immigreerd? Zo gaat het ook met andere vaste waarden.

Bij de in mijn leven best een belangrijke rol spelende schoon-grootvader, wiens eigen bestaan zeer lang mocht worden in goede gezondheid, kregen we soms verhalen te horen over de eerste Zeppelins, vliegtuigen, de overgang van stoom naar elektriciteit bij het railvervoer. Hij vertelde soms over hoe het leven voor de Tweede W.O. was, over geloof dat ons toen stuurde, een andere moraal, maar ook over hoe zijn leven als toenmalige mkb-er toch anders was in de oude tijd. En als ik zelf een beetje terugkijk naar vroeger tijden zie ik ook wel heel veel veranderingen. Ik noem het evolutie, ook al ben ik lang niet gelukkig met alles wat zoal voorbij is gekomen.

Laten we wel zijn, Nederland was een provinciaal landje in mijn jeugd, ook al vochten we nog voor onze overzeese gebiedsdelen tegen een overmacht. We groeiden op in de tijd van de atoombom, de Sovjet-dreiging, invasies in Hongarije en Tsjecho-Slowakije. We zagen eerst Frankrijk, later de VS verwikkeld zijn of raken in Vietnamoorlogen. We zagen de ontmanteling van godsdiensten en aanhangende zuilen. Respect veranderde in ‘wiebenjijdanweldatikUtegenjemoetzeggen’ gedrag. We zagen de revolutie over ons land heen golven, de krakers, Provo, Kabouters. Wat bleef was de structurele woningnood. Ook de even structurele armoede in sommige gezinnen.

We maakten de ondergang mee van het staatszorgsysteem en de liberalisering (..) van zowel de taximarkt als die zelfde zorgsector. Werd dat alles goedkoper zoals aangegeven? Nee. In tegendeel zelfs. De selfiecultuur kwam op, in de afgelopen jaren de zelf opgelegde vertrutting gevolgd door een cultuur van schaamte en excuses voor een vermeend koloniaal verleden een paar eeuwen terug. We zagen de auto terrein winnen, de vrijheid van gezinnen garanderend. Mensen vlogen over de hele wereld op zoek naar ontspanning en cultuur. We zagen de EEG ontwikkelen tot de bureaucratische EU. We zagen een president vermoord worden in de VS en een politicus in ons eigen land.

We zagen de terreur uit moslimhoek en soortgelijke daden vanuit mensen met een anti-vreemdelingenmentaliteit. We maakten de RAF mee in Duitsland, maar ook de onafhankelijkheidsgolf in de Afrikaanse en Aziatische landen. Kortom….met deze kleine bloemlezing maakte ik nog eens duidelijk dat als ‘Opa’ gaat vertellen er voor mensen van een andere generatie toch veel te leren valt. Net zoals het mij is overkomen met de genoemde Opa in dat verleden. En dan is de cirkel rond. Zonder verleden geen toekomst in het heden. Over vijftig jaar maakt men vast ook weer een balans op en vertellen de twintigers van nu dezelfde soort verhalen. Wijzer geworden, rijker, en ook in staat om te relativeren. En dat is al winst op zich….(Beelden: Yellowbird archief.)

Jarig…

Jarig…

Morgen is het weer zover. Verjaardag! Intussen toch een avontuur. Naarmate de leeftijd stijgt is elke verjaardag die je zonder al te veel gekreun en gekraak bereikt er een.

De onkwetsbaarheid is natuurlijk voorbij, het virus vanuit China maakte ook mij duidelijk dat als je eenmaal de zes kruisjes voorbij bent je ineens behoort tot de risicogroepen. Niet dat ik er nu echt elke dag mee bezig ben…maar toch. De meeste kerstfeesten zijn intussen wel gevierd, maar ja, wellicht worden we 100plus en dan mag ik nog wat liedjes zingen onder de intussen alweer afgetuigde boom. Maar die verjaardag had wel altijd wat. Zeker als kind. Want ik werd geboren aan het begin van die eerste maand na de decemberse feestdagen en die waren ook toen al vaak best duur geweest.

Je was al blij als er uberhaupt een feestje gevierd kon worden en er een cadeautje uit rolde. Nou, dat lukte op een of andere wijze altijd wel. Niet in luxe opgegroeid, integendeel zelfs, was wat ik op de verjaardag kreeg gelukkig nooit ‘praktisch’ zoals bij Sinterklaas, maar echt iets wat ik graag wilde hebben. De inkomensgrilligheid (leasepa had ook wel eens pech bij de verkoop van zijn handel) zorgde voor avontuurlijke verwachtingen. Veelal vroeg ik dan een Dinky Toy model waarvan ik zeker wist dat mijn vriendjes (90% in dezelfde omstandigheden opgegroeid) die nu net niet hadden. Dat maakte dan wel dat als je dan zo’n model kreeg je er (tot nu toe) zuinig op was. Immers, kostte veel geld en moest gewaardeerd.

Later werd de verjaardag meer een feestje. De omstandigheden en samenstelling van gezin en vriendenkring maakten dat mogelijk. Soms zat de hele kamer vol met bezoek en deed men zeer zijn of haar best om mij met lieve of mooie dingen te plezieren. Jarig zijn toch een feestje en ook een prima gelegenheid om de hele bups weer eens bij mekaar te halen. Later werd het aantal mensen dat er bij aanwezig was toch steeds minder. Sommige schepen voeren voorbij in de nacht, mensen verdwenen compleet uit beeld, gingen hemelen, of kwamen niet meer omdat de afstanden te groot waren geworden. In het huidige leeftijdsgebied zijn de feesten verdwenen en meer omgevormd naar gezellige samenzijns waarbij weer eens lekker wordt gelachen of gehuild om hen die niet meer bij ons zijn.

Leeftijd maakt kennelijk emotioneel, al ben ik daar dan zelf niet zo van. Je koestert wat is en hoeft geen gouden bergen meer te ontvangen om te weten dat mensen van je houden. Als ze dat al doen merk je dat vanzelf. Zelfs de oude Hork weet hoe dat werkt. Toch mooi geleerd door de jaren heen… Morgen dus…en anders dan in vroeger tijden, lig ik er niet meer wakker van. Een dag lang voel ik mij geconfronteerd door weer een nieuw getal op de leeftijdsladder die zo lang is geworden, daarna gaan we weer gewoon verder met wat zorgt voor bereiken volgende mijlpalen, leven! En vieren we gespreid de verjaardag. Heb ik dankzij Corona toch nog een paar extra feestjes te vieren. Een week lang zelfs…U wilt me wel vergeven hoop ik…(Beelden:Internet)