Declareren of improviseren…

33158 - MDC C-47 PH-DAA KLM at old Spl Scan10003Toen ik aan het einde van het jaar 1965 mijn eerste stappen zette op het pad van de beroepsverandering waren dat ook meteen heel heftige. Ik was tot dan gewend aan het beschermde van de bankinstelling waar ik voordien i n hartje Amsterdam had gewerkt en waaraan ik ook voor een deel mijn avondstudies dankte die ik op dat moment nog volop volgde. Maar mijn karakter paste niet bij de discipline van een bank. Daarbij, de luchtvaart trok me. De vliegtuigen en de bijbehorende dynamiek. De eerste baan die op mijn pad kwam was die van expediënt op Schiphol bij een wat je nu zou noemen logistiek bedrijf. In het verleden schreef ik daar al eens wat zinnen over in oudere blogs. Toen ik dan ook aan het prille begin van het daaropvolgende jaar mijn plek innam aan de andere kant van het enige bureau bij het bedrijf waar ik in dienst was gekomen besefte ik me na twee weken of zo dat dit soort bedrijven bestond uit twee werelden. Die van de import en de export. De exportmensen waren vrije denkers, creatief zoals ik zelf was en nog ben, en met talent voor de juiste contacten.

Schiphol - oud beeld..Scan10213Immers die exportlading moest vervoerd worden met luchtvaartmaatschappijen op de juiste momenten, met in acht neming van alle geldende regels, maar ook voor een interessant tarief. Ondanks het nodige papierwerk voelde ik me in die voor mij nieuwe rol buitengewoon goed. Maar er was een schaduwkant (..) aan het beroep, bij al die papieren voor de luchtvaartmaatschappijen behoorden ook douaneverklaringen. Wat voerden we uit, welke statistieknummers voor het CBS omschreven de goederen het beste, was het een Nederlands product of iets van doorvoer uit andere landen etc. Voor die uitvoerpapieren had je speciale wetboeken nodig, met alleen maar nummers en beschrijvingen van goederen. Voor mij lang Chinees, maar mijn toenmalige chef was er helemaal in thuis. Die was declarant van huis uit en dat was een apart beroep. Die lieden voerden voor hun klanten juist spullen in en gaven ze aan bij de douane op zodanige wijze dat de douane of inspectie Invoerrechten en Accijnzen geen aanleiding zag om het spul te visiteren of zelfs te blokkeren.

Kort. networking employees-togetherWant o wee als je iets verkeerds aangaf en zo mogelijk de staat benadeelde. Invoerrechten waren toen nog van toepassing, net als omzetbelasting. Pas na een rondgang langs alle loketten van de douane kreeg je voldoende stempels om het spul uit de KLM-loodsen te halen en in je bestel- of vrachtauto te laden voor vervoer richting klant. In- of uitklaren heette dat. De gemiddelde declarant was veel meer van de cijfers, van de kennis van het wetboek, met fantasie hadden ze vaak niet veel en dat merkte je ook op de kantoren waar die twee takken van sport bij elkaar zaten. Heel wat discussies meegemaakt. Export was snelle handel, de douane een obstakel waar je het liefst omheen zeilde, import meer van de rust, het nadenken, en zorgen dat de Nederlandse klant zijn spullen weliswaar op tijd kreeg, maar ook dat de relatie met de overheden niet op de proef werd gesteld. Ik vraag me nu, een halve eeuw later, wel af hoe die beroepen nu worden uitgeoefend. Immers, computers, internet, grenzeloos Europa en TTip op komst. Andere omstandigheden en vast ook andere regels. Ik leerde er in die periode toen creatief omgaan met de mogelijkheden. Een geweldige leerschool. Waar je snel moest inspelen op een probleem, soms hands-on moest bijspringen om een vlucht niet te vertragen. Maar van dat wetboek rond die I&OB heb ik nooit veel opgestoken. Vast een karaktertrekje, ook al veroorzaakt door die beroepskeuze van zoveel jaren geleden. Zou er trouwens nog net zoveel worden gestempeld door die douanemensen als indertijd? Ben nog benieuwd ook…..(Beelden: LPAC Collectie)

Goochelaars met slechts een enkel kunstje..

Ilyushin IL-18 Tarom - h073Ik las onlangs weer eens een rapportage die door een universiteit in het Engelse land was opgesteld. De aanleiding was het idee dat we met zijn allen bepaalde doelstellingen moeten halen op het gebied van CO2 uitstoten en zo. Vanuit de onderzoeken van die universiteit mag je opmaken dat de luchtvaart, een nog steeds wassende tak van vervoer, niet voldoende bijdraagt aan het terugdringen van CO2. Kennelijk hebben de investeringen in steeds schonere en zuiniger vliegtuigen die de afgelopen tien jaar zijn gedaan door industrie en maatschappijen, niet voldoende resultaat. Ook alternatieve brandstoffen blijken weinig soelaas te bieden. De universiteit maakt de klassieke fout door in haar conclusies weer eens op een GroenLinks stokpaardje te gaan zitten en aan te dringen op het ‘ontmoedigen van het gebruik van het vliegtuig als vervoermiddel’. En dat doet men dan niet via vliegverboden of zo hoor, nee die vliegtuigen vliegen gewoon door. Je moet het regelen door de passagiers meer te laten betalen voor hun tickets. We zullen ze leren!

374951_278321748884875_100001211550032_858315_524879677_nDoor de ticketprijzen met 1,5% per jaar te laten stijgen, zal de groei van het aantal passagiers met 4,8% jaarlijks afnemen. Zo is de theorie van de milieuvriendelijke bollebozen. Oftewel, als je straattegels in je eigen achtertuin optelt, en deelt door het aantal wolken wat voorbij drijft, krijg je vanzelf het resultaat dat Tante Annie meer friet zal bakken voor haar achterkleinkinderen. De luchtvaart draagt voor een heel klein deel bij aan de CO2 uitstoot in de wereld, ook al vliegen er nog zo veel vliegtuigen. Ik gaf al eens cijfers daarover en daaruit bleek dat de grootste vervuilers in de trein stappen. Niet omdat die dingen nog op kolen zouden rijden, al wordt hier in ons land de stroom opgewekt met vrij vuile centrales, maar omdat je eerlijk en oprecht naar die CO2 uitstootcijfers moet kijken.

537872353_78cb437361_mEn wat blijkt dan, de grootste vervuilers op dit gebied zijn boeren met hun vee, gevolgd door burgers thuis. Daarna volgt het zware industriële complex, het wegverkeer en ergens met een zeer klein percentage, de luchtvaart. Maar voor milieufreaks is elk vliegtuig dat ze zien (en vooral horen) vliegen er een te veel. Die verlangen terug naar een wereld waarin het altijd stil en schoon is. En door hun verkeerde opleiding die vaak politiek is geïnspireerd, neigen ze er toe te denken dat je alles met taksen moet ‘sturen’. Je vraagt je af hoe het moet als dit soort studenten straks bestuurder wordt in een nieuwe maatschappij. Ik zou me er als zeilbootbouwer maar op voorbereiden. Want die lui stappen straks echt niet in een vliegtuig. Of gaan die  varen naar hun vele milieucongressen. Nee toch?