Uw probleem?

In mijn laatste professionele jaren bij en voor importeur Pon, leerde ik nog sterker dan voorheen het fenomeen ‘klantvriendelijkheid’ kennen en zeker ook waarderen. Het zat in de diverse bedrijven binnen die mij toen bekende branches niet in de genen. De klant centraal stellen en jezelf ondergeschikt maken is niet des ondernemers, om het over verantwoordelijke managers maar niet eens te hebben. Vroeg vaak veel aandacht en overtuigingskracht mijnerzijds. In de jaren daarna deed ik mijn advieswerk vanuit het bureau dat ik daartoe had opgericht en kwam o.a. in contact met de wereld van het midden- en kleinbedrijf. Daar was die klant slechts een geldautomaat zo leek het. ‘Zo zijn de regels en zo wordt het spel gespeeld’. Klant was vaak lastig (..) en stelde de meest onmogelijke eisen. Maakte niet uit of ik nu mensen hoorde met winkels of stallen op de markt. Alsof ik dertig jaar terug ging in de tijd. Sindsdien is er wel iets veranderd. Ook mkb-ers beginnen iets te snappen van klantvriendelijk gedrag, al was het maar door de enorme concurrentie van nieuwe winkel(keten)s die het landschap op dit punt verbeterden.

Maar er blijven altijd diehards volharden in het denken vanuit de eigen normen en waarden. De klant als decor, ‘mijn eigen protocol’ van groter belang. Zo kreeg ik onlangs twee voorbeelden aangereikt vanuit een grote bankinstelling op verschillende plekken in de regio waar die instelling kantoren heeft zitten. Medewerkers die het niet de moeite waard vonden af te wijken van de eigen gedragslijn en het begrip klantvriendelijkheid toe te passen. Voorbeeld 1; vestiging in Midden-Nederland. Normaal zit daar erg aardig personeel. Nu was de bezetting anders. Een van de voor ons nieuwe medewerkers was druk met een man die kennelijk zijn hele financiele hebben en houden met hem wilde doornemen. Aan de open en centrale balie, wat ik toch een beetje vreemd vond. In een afgesloten kantoortje zat nog een bankman, maar die had kennelijk een andere rol want keek vooral voor zich uit. Toen bleek dat wij wel erg lang zouden moeten gaan wachten besloten we intussen even iets anders te gaan doen. Boodschappen bijvoorbeeld. Nadat we een minuut of 20 later terug kwamen was de situatie niet veranderd. Maar de medewerker achter de balie merkte ons wel op. ‘Kan ik u helpen?’ vroeg hij terwijl de klant met al zijn papieren nog steeds tegenover hem zat.

Ook mkb-ers zijn soms niet al te klantvriendelijk…

Wij vertelden wat we kwamen doen. Een simpele vraag die ook een soortgelijk beantwoord kon worden bij pakweg 5% inspanning van zijn kant. Maar nee, ‘hij was nu druk met deze klant en u kunt het ook opzoeken op internet’. Dat hadden we al vergeefs gedaan. Vandaar die vraag. Nou ja, laat maar. Was het nu bij die ene ervaring gebleven waren we niet gaan schrijven. Maar onlangs bij een ander filiaal van dezelfde bank zagen we een duidelijk van een drukke agenda voorziene zakenman driftig proberen geld uit de daartoe bestemde automaat te halen met zijn (kennelijk nieuwe) pasje. Lukte niet. De man liep rood aan en beende met ons mee naar binnen. Wij hadden ook alleen maar een geldopname nodig, maar hoorden wel het gesprek met de pinnige medewerkster van de bank. De man legde zijn falen uit om aan zijn eigen geld te komen. Het antwoord verbijsterde. ‘O.? U maakt van uw probleem het mijne?! Gewoon even wachten ik heb nog twee klanten wachtend voor u’. ‘Mevrouw’ probeerde de zakenman nog, ‘ik moet over een uur in Dordrecht zijn…’. ‘Tja, uw probleem…ik ben even bezig…’.We hapten naar adem. Jeminee, wat een mentaliteit. Dat meedenken zijn ze bij die bank aan het verliezen. En met dit soort medewerk(st)ers heb je geen concurrentie meer nodig…..Wel een goede adviseur op het gebied van klantvriendelijk handelen. Jammer dat ik intussen gestopt ben…maar de handen jeuken…

Lesjes in diervervoer…

aerospatiale-caravelle-vin-i-daxi-sam-rome-0573-k25-scan10202Het was mijn passie voor vliegtuigen die mij als jong mens deed besluiten een ‘carrière’ bij een grote bankinstelling op te geven en te gaan voor een baan bij een luchtvrachtkantoor op Schiphol. Het werk daar was wel iets heel anders dan wat ik gewend was geweest op dat grote bankkantoor in hartje centrum Amsterdam. Omdat we maar met twee mensen ons bedrijf (met hoofdkantoor in Rotterdam en een groot kantoor met loodsen in Amsterdam) in de luchtvaart vertegenwoordigden moest je ook echt alles zelf doen. Dus na een dagje vrachtbrieven maken en manifesten plus de benodigde paperassen voor de douane hier of elders, moest je dan de dozen of kisten die mee moesten met de bestemde vluchten zelf voorzien van de benodigde stickers en dat spul dan uitklaren en aanbieden bij ofwel het afhandelkantoor van KLM of Aero Ground Services. Je liep of reed daarbij over het platform van Schiphol en dat was in de zomer leuk, in de winter wat minder. Mijn toenmalige chef deed overigens precies het omgekeerde.

oud-schiphol-in-tje-60-s-211520Hij was altijd meer een importman geweest en deed nu het werk van een declarant. Maar dat kantoor werd door onze inspanningen uit de klei getrokken en al snel groter en groter. Binnen de kortste keren werd er voor dat importgedeelte een man aangetrokken die de declaraties zou doen, en voor het loodswerk kregen we een ‘vrijmaker’ in dienst. Iemand die goed kon omgaan met de douane en de afhandelaars. Voor de export was er intern niet zoveel belangstelling. Niet dat het niet liep hoor. Het was ook op dat deel van het bedrijf gewoon druk. Dat kwam nu volledig op mijn nek terecht. En dat was soms best zweten. Nu hadden we door actief verkopen al snel een breed klantenbestand. Waaronder een bedrijf in Nijverdal dat dieren verhandelde. Van kanaries tot bruine beren. En die eigenaar daar had weinig op met kantooruren. Als hij bedacht dat er iets vandaag naar een klant moest dan meldde hij dat meestal pas tegen de avond. Dáág thuisdiner. Vanuit Nijverdal kwamen de kisten of dozen met dieren dan (hopelijk op tijd) per Spoorexpresse (jaja toen nam de NS nog vracht mee in haar treinen) aan op het Amsterdamse CS, waar ik het spul dan als export-verantwoordelijke op haalde, voorzag van de voor luchtvracht benodigde labels, en transporteerde naar Schiphol, waar het uitklaringsproces kon plaatsvinden en de tijdige aanlevering bij de KLM. Vaak bestemd voor de Swissairvlucht die heel laat in de avond naar Bazel vertrok. Een andere keer moest het mee met de Japan Air Linesmachine naar Tokio.

scan10592Nu had ik wel rijervaring met de bedrijfsauto (een Ford Taunus) maar nog geen rijbewijs. Dus dat vervoer van huis naar CS en tussen CS en Schiphol moest ik dan maar op eigen gelegenheid regelen. In de praktijk hield dat in; op de brommer! Mijn toenmalige chef keek niet zo nauw. Vooral in de winter geen pretje. En hoe ik die diertjes in hun smalle behuizing door de ook toen vaak schrale wind mee wist te nemen is achteraf gezien een veiligheidswonder. Was de missie dan gelukt reed ik op dat zelfde brommertje in de donkerte en koude weer terug naar huis en stapte volkomen verkleumd in bed bij mijn toen nog piepjonge echtgenote die me gelukkig vaak weer wist op te warmen tot meer normaal menselijk niveau. Mijn geklaag over deze wel erg geimproviseerde situatie deed chef Ruud besluiten om niet alleen mijn rijbewijs te laten verzorgen (in 9 lessen behaald via een collega die er als instructeur bij beunde) maar ook een nieuwe VW Bus aan te schaffen die ik daarna mee naar huis kreeg als er weer een dierenzending aan kwam. Het scheelde veel. Al bleef ik er wel op mopperen. Maar ik leerde er echt veel van. Problemen oplossen, hoe groot de uitdaging ook was. Lukte altijd. Nog profijt van. Alleen ga ik daarna niet meer met de Puch naar Schiphol. Toen dat VW Busje mijn vaste vervoer werd, ging die de deur uit. Daar heb ik lang spijt van gehad. Maar ach, je kunt niet alles bewaren. Ben al blij met de herinneringen…

Declareren of improviseren…

33158 - MDC C-47 PH-DAA KLM at old Spl Scan10003Toen ik aan het einde van het jaar 1965 mijn eerste stappen zette op het pad van de beroepsverandering waren dat ook meteen heel heftige. Ik was tot dan gewend aan het beschermde van de bankinstelling waar ik voordien i n hartje Amsterdam had gewerkt en waaraan ik ook voor een deel mijn avondstudies dankte die ik op dat moment nog volop volgde. Maar mijn karakter paste niet bij de discipline van een bank. Daarbij, de luchtvaart trok me. De vliegtuigen en de bijbehorende dynamiek. De eerste baan die op mijn pad kwam was die van expediënt op Schiphol bij een wat je nu zou noemen logistiek bedrijf. In het verleden schreef ik daar al eens wat zinnen over in oudere blogs. Toen ik dan ook aan het prille begin van het daaropvolgende jaar mijn plek innam aan de andere kant van het enige bureau bij het bedrijf waar ik in dienst was gekomen besefte ik me na twee weken of zo dat dit soort bedrijven bestond uit twee werelden. Die van de import en de export. De exportmensen waren vrije denkers, creatief zoals ik zelf was en nog ben, en met talent voor de juiste contacten.

Schiphol - oud beeld..Scan10213Immers die exportlading moest vervoerd worden met luchtvaartmaatschappijen op de juiste momenten, met in acht neming van alle geldende regels, maar ook voor een interessant tarief. Ondanks het nodige papierwerk voelde ik me in die voor mij nieuwe rol buitengewoon goed. Maar er was een schaduwkant (..) aan het beroep, bij al die papieren voor de luchtvaartmaatschappijen behoorden ook douaneverklaringen. Wat voerden we uit, welke statistieknummers voor het CBS omschreven de goederen het beste, was het een Nederlands product of iets van doorvoer uit andere landen etc. Voor die uitvoerpapieren had je speciale wetboeken nodig, met alleen maar nummers en beschrijvingen van goederen. Voor mij lang Chinees, maar mijn toenmalige chef was er helemaal in thuis. Die was declarant van huis uit en dat was een apart beroep. Die lieden voerden voor hun klanten juist spullen in en gaven ze aan bij de douane op zodanige wijze dat de douane of inspectie Invoerrechten en Accijnzen geen aanleiding zag om het spul te visiteren of zelfs te blokkeren.

Kort. networking employees-togetherWant o wee als je iets verkeerds aangaf en zo mogelijk de staat benadeelde. Invoerrechten waren toen nog van toepassing, net als omzetbelasting. Pas na een rondgang langs alle loketten van de douane kreeg je voldoende stempels om het spul uit de KLM-loodsen te halen en in je bestel- of vrachtauto te laden voor vervoer richting klant. In- of uitklaren heette dat. De gemiddelde declarant was veel meer van de cijfers, van de kennis van het wetboek, met fantasie hadden ze vaak niet veel en dat merkte je ook op de kantoren waar die twee takken van sport bij elkaar zaten. Heel wat discussies meegemaakt. Export was snelle handel, de douane een obstakel waar je het liefst omheen zeilde, import meer van de rust, het nadenken, en zorgen dat de Nederlandse klant zijn spullen weliswaar op tijd kreeg, maar ook dat de relatie met de overheden niet op de proef werd gesteld. Ik vraag me nu, een halve eeuw later, wel af hoe die beroepen nu worden uitgeoefend. Immers, computers, internet, grenzeloos Europa en TTip op komst. Andere omstandigheden en vast ook andere regels. Ik leerde er in die periode toen creatief omgaan met de mogelijkheden. Een geweldige leerschool. Waar je snel moest inspelen op een probleem, soms hands-on moest bijspringen om een vlucht niet te vertragen. Maar van dat wetboek rond die I&OB heb ik nooit veel opgestoken. Vast een karaktertrekje, ook al veroorzaakt door die beroepskeuze van zoveel jaren geleden. Zou er trouwens nog net zoveel worden gestempeld door die douanemensen als indertijd? Ben nog benieuwd ook…..(Beelden: LPAC Collectie)

Hundie

ALD - Hyujdai Pony GLS RAI - RAI 1981 Scan10257In die jaren waaraan ik nu even refereer verging het ons bedrijf wat minder goed. We waren dealer van het Tsjechische automerk met die lange traditie, maar de pers fakkelde zowat elke dag alles af wat die Tsjechen zoal produceerden. Dat was wellicht voor een deel nog te verklaren, maar ik kwam er later achter dat er achter de schermen ook wat rekeningen werden vereffend met vertegenwoordigers bij de importeur door de mannen die zichzelf zagen als ‘goden’ in dat vakgebied. Als dealer moest je wat dus we zochten naar expansie via andere kanalen. En op dat moment kwamen we in contact met een automerk dat we nu wellicht kennen, ik had er zelf nog nooit van gehoord toen de eerste vertegenwoordigers van wat later de importeur zou worden, voor ons bedrijf stopten. Men vertelde enthousiast over Hyundai. Een nieuw Koreaans merk waar wij zeker dealer van zouden kunnen worden als we de moed hadden te geloven in een toekomst die ons zeker zou voeren naar winst en succes.

ALD22 - Hyundai Pony TLS RAI 0281 - Scan10256We reden even proef in het eerste exemplaar van het technisch kunnen dat de Koreanen in Nederland importeerden, de Pony sedan. Een auto waar de gemiddelde Europese (lees Nederlandse) man maar moeizaam in paste. Maar hij was opgebouwd uit onderdelen van Mitsubishi en Ford en de vormgeving was van Italiaanse snit. Het bordeel paarse interieur nam je dan maar op de koop toe. We zagen er wel iets in en gingen in zee met de nieuwe importeur. Die waren zelf gezeteld in een piepklein kantoor achter een caravanhandel in Leidschendam, maar de sfeer was er goed en de service vriendelijk. Al snel stonden de Koreaantjes in onze showroom en reden we rond in een demonstratiewagen. Wat lastiger was, voor de meeste Nederlanders was die naam onbekend, maar ook onuitsprekelijk.

ALI10 - Hyundai Pony TLS GN83BP Spl 0781 Scan10262Wij zelf maakten er Hie Joen Dai van, maar onze collega-dealer in Amsterdam-Centrum noemde zijn  merk Joen Dai en de Koreanen spraken het uit als Oendee of zo. Gelukkig heette dat eerste model dat ze jaren zouden voeren gewoon Pony en dat was voor veel mensen wel uit te spreken. Tot die ene keer dat er een plat Amsterdams sprekende potentiele koper binnen stapte en mij op luide toon vertelde dat hij wel eens wilde proefrijden in een ‘Hundie Ponnie’. Kijk, toen wisten we dat er nog veel werk te verrichten viel. Het succes en zeker de winst werd ons uiteindelijk niet gegund met en door Hyundai. De match was er niet meer toen het merk naar een nieuwe importeur overging en die daarop zulke eisen stelde dat wij daaraan gewoon niet konden maar vooral ook niet wilden voldoen. Intussen waren we wel veel wijzer geworden. En ik leerde zelf in die jaren dat als je klanten iets wilt verkopen de naam van het merk tenminste herkenbaar en uitspreekbaar moet zijn en de communicatie op dit punt overduidelijk. Maar als pioniers waren we daar toen nog lang niet zo mee bezig.

Onbezorgd gezond…

WP_20151210_001 (2)Natuurlijk, ook ik ben jong geweest en kan me dus nog goed herinneren hoe ik toen omging met een simpel gegeven als gezondheid. We waren gezond al hadden we als kinderen in onze familie best last van de ziektes die de leeftijd zo typeerden. Ze kwamen allemaal voorbij. Al was het maar omdat ik met een oudere broer zowat alles van hem erfde als hij net klaar was met uitzieken. Maar echt ellendige zaken kwamen niet voorbij. En indertijd werd er bij ons thuis gerookt als een ketter, ging de drank nog weleens rond en was dit gedrag wat bij veel van mijn toenmalige vrienden thuis te bespeuren viel. Je leed ook kou soms. Immers een CV was niet voorbehouden voor veel kinderen in de jaren vijftig. Een kolenkachel was al best comfortabel, maar in onze slaapkamer stonden bij vorst de ‘bloemen’ op de ramen. Toch groeide je vrijwel zorgeloos op. Ik moest twee keer worden geopereerd aan een ingegroeide teennagel. Niet fijn, maar na een paar dagen kon het verband er af en liep ik weer als een kievit. In mijn pubertijd viel ik nog wel eens op mijn snavel door onbesuisd brommer rijden.

Leo in de blauwe Citigo IMG-20150904-WA0001Schaaf- en brandwonden waren mijn deel, maar altijd knapte ik er aardig snel van op. Reden om nog harder te rijden, nog minder te letten op de rest van het verkeer. In mijn werk dacht ik ook niet echt na over risico’s, er werd gesjouwd en getild en op enig moment werden zelfs auto’s beetgepakt en opzij geduwd als dat zo uitkwam. Ergens zat daar wel een keerpunt in dat onbeschadigde fysieke imago. Want op een dag bleef ik tijdens dat tillen krom gebogen staan. Er was iets verrekt in de rug. En de pijn was wel zo heftig dat ik best een paar dagen was uitgeteld. Later velde deze kwaal me nog meerdere malen. ´Je wordt ouder pappa´…..jaja. Naarmate ik langer mijn levensjaren kon tellen kwamen er best wel wat kwaaltjes bij. Links, rechts, boven en onder. Het ene wat vervelender dan het andere. Maar toch. En om mij heen zag ik de voorheen jongelieden en meiden die ik al zo lang kende hetzelfde lot ondergaan.

HPIM1253aOf soms zelfs wegvallen. Dan waren ze geveld door een ziekte waar niet tegen te vechten viel. Dat blijft best heftig en onbegrijpelijk. De onkwetsbaarheid maakte plaats voor realiteitszin en relativeringsvermogen. Gezondheid is niet vanzelfsprekend. Onlangs maakten we het weer mee bij de liefste vrienden denkbaar. Euforie over de geboorte van een kind die omsloeg in diep verdriet toen bleek dat gezondheid niet zomaar komt of mag worden gezien als iets dat erbij hoort. Soms moet je er heel erg hard voor knokken. Zeer verdrietig makend. En ook weer even goed om over na te denken als je weer eens denkt dat jou nooit iets zal overkomen. Want dat denken vrijwel alle mensen op deze aarde, zeker als ze net als ik op jonge leeftijd maar weinig hebben meegemaakt. Zij die vanaf de jeugd moesten knokken weten precies wat de prijs is die je betaalt als je niet zo gezond bent vanaf de start of kansarm als het leven cadeautjes uitdeelt. Ik wilde het toch maar eens gezegd hebben……Hoe kijk jij aan tegen dit onderwerp? Gezegend geweest of altijd moeten knokken??

Jeugdig bankier

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Mijn eerste baan was er een die je nu zou kunnen beschrijven als vooral een goede leerschool, harde les, tevens toevoeging aan mijn jeugdige ontwikkeling. En die eerste echte baan startte al toen ik zelf nog erg jong was. Ik was slechts 14 jaar oud toen ik op mijn toenmalige school werd geronseld door een (wat je nu noemt) H.R-Manager van een bank die dringend nieuwe mensen nodig had. Die bank, de erfvoorganger van de huidige ING, expandeerde toen al in rap tempo en men wilde in eigen kweek mensen naar een carrière in de financiële wereld begeleiden. Zo werd afgemaakt dat als je daar kwam werken (5,5 dag per week) je ook gericht middelbaar onderwijs moest volgen in de avonduren. Dat leek me wel iets. Net als een reeks van klasgenoten die dezelfde stappen maakten. En zo schoof ik in september 1962 aan in een tweetal rondvaartboten aan de kade van de Amsterdamse Keizersgracht voor mijn zgn. introductieweek. Helemaal 14 jaar oud! Een broekie, maar in mijn nette pak en gepoetste schoenen optisch en qua praatjes een hele bink. Op de fiets heen en weer en bij heel slecht weer in de tram die een prima alternatief vormde. Na die week werd er dan gekeken welke afdeling voor ‘jou’ het meest geschikt was.

Amsterdam - Van Woustraat met tram 4 552Ik kreeg de afdeling Kredieten toegewezen en kwam daar terecht als ‘jongste bediende’. Dat was behoorlijk hard werken. Administratief licht werk, afgewisseld met sjouwen van dossiers. Ook bijhouden van een index kaartsysteem. De computers van nu kwamen pas een paar jaar later in zwang. En waren toen net zo groot als die hele afdeling waar ik indertijd acteerde.  Ik deed mijn werk samen met een stuk of zes recruten afkomstig van soortgelijke scholen als ik doorlopen had,  die werden ingewerkt door lieden die al een jaartje langer op die baantjes hadden gezeten. Na een jaar werken schoof je dan zelf een stukje omhoog in de hiërarchie. In dat eerste jaar stelde je niet zo veel voor. Het was buffelen voor je geld en dat geld viel niet zo mee als je achteraf kijkt wat je dat eerste jaar in het loonzakje kreeg. Fl. 87,50 bruto! (omgerekend naar nu E. 40,00) Daar hield je dan iets van zeven tientjes aan over. Per maand! En daarvoor moest je echt nog pezen! Niks respect, niks aanzien, gewoon jongste bediende! Ik leerde er veel. Na een jaar buffelen schoof ik dus ook een plekje op. Andere administratieve handelingen, nieuwe taken, minder druk op de ketel. Ik begon me daar dan ook echt senang te voelen. Er verschenen ook nieuwe ‘’dames’ op de afdeling die me interesseerden. Want ook bij de (strikt gescheiden) vrouwenafdeling ging die opvolging zoals bij de jonge mannen. Elk jaar nieuwe aanvoer. Er vielen overigens ook mensen af die het niet vol hielden. Het was ook best zwaar.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ook al omdat je drie avonden in de week naar school moest en daarnaast huiswerk diende te maken. Een paar jaar later was ik zodanig ver dat ik mijn eerste diploma’s kon bijschrijven in mijn schoolregister en dat ik niet meer hoefde te lopen voor de heren directeuren die bij die bank lagere echelons deden sidderen. Na behalen van die diploma’s liep ik naar mijn eigen idee ‘vast’. Ik kon niet meer zo goed aarden. Had het gevoel ‘elders’ meer te kunnen verdienen en ook qua ontwikkeling bereiken, nam dus ontslag. De rest is geschiedenis. Maar wat ik er aan overhield is een gevoel voor orde en administratie dat me vaak heeft geholpen bij heel andere taken in het leven. De scholing hielp me om soms onlosbaar lijkende problemen te snappen en me taalkundig ook wat bij te spijkeren (ik leerde op dat punt nog wat door in aansluiting op…). De bank zelf bleef een plekje behouden in het hart Ik vond er mijn vrouw voor het leven, mijn oudste vriend (nog steeds), kortom het was niet voor niets en elke stap in een leven is nuttig en soms noodzakelijk. Alleen, als ik nu wel eens naar 14-jarigen kijk denk ik wel vaak dat het nog kinderen zijn. Echte kinderen. Een periode die mij toch in dat opzicht is voorbij gegaan. Meer dan een halve eeuw geleden was je als 14-jarig jochie gewoon werkvee met een missie. Het heeft me mede gevormd tot de mens die ik nu nog ben…….Zo. Dan weten jullie dat maar….(Foto’s Leo/Stadsarchief)

De ezel en zijn overwegingen…

Scan10298Niets is zo lastig als de hand in eigen boezem steken. Nou ja, voor sommigen onder ons dan. Maar dit terzijde. Ik bedoelde het ook niet letterlijk, maar figuurlijk. En dat dan weer in relatie tot beslissingen die je als mens neemt op basis van een combinatie van emoties en ratio. Zoals je bijvoorbeeld doet bij het plannen van je carrière. Dat doen veel mensen veelal zonder enig echt inzicht in hun eigen capaciteiten of kennis. Een diploma zegt weinig over wat je echt kunt, en in dat kader blijkt dat het vaak handiger is veel mensen op sleutelposities te kennen dan heel veel te kunnen. Laten we wel zijn, de bancaire en politieke wereld vertellen het verhaal. Velen zijn geroepen, weinigen echt uitverkoren. En dus stralen mensen vaak als ze nog maar net op weg zijn richting een grootse carrière of zakelijk succes. Ambities genoeg, maar voor velen is wat ze in de bol hebben gewoon te hoog gegrepen. Ik zelf weet hoe dat is, welke obstakels je tegen kunt komen en welke karaktereigenschappen nodig zijn om te slagen in je streven.

Scan10592En als je er daar een paar van mist, dan eindigt het verhaal al snel in de grindbak. Vloog je uit de bocht en blijf je zitten met een kater. Overkomt iedereen die met grote verwachtingen en een hoop lef begint aan een klus die zwaar is en niet blijkt af te maken. Intussen kijk je dan om je heen naar de lieden die wel slagen (of dat lijken te doen) in dat wat jij ook wilde maar niet voor elkaar bokste. Het kan verkeren. Eerder schreef ik al eens over mijn gelijk en dat je soms moet toegeven dat het niet helemaal was zoals jij het je herinnert. Nou, dat geldt dus ook voor die carrière. Soms gaat het niet zoals je wilt, en spelen capaciteiten een mindere rol dan of je je wilt confirmeren aan de regels van het bedrijf/organisatiespel.

213205 - Lockheed C5A USAF Spl 1080 - met Hyundai Pony Scan10103En wie mij intussen een beetje kent weet dat ik voor het politieke spelletjesspelen niet zo geschikt was of ben. Niks grijstinten, gewoon zwart/wit. Opdracht uitvoeren, doel heiligt de middelen, niet zeuren maar breien. Helaas blijkt dat in veel van die bedrijven de cultuur anders is. Het doel is weliswaar heilig maar je moet je er heen praten, onderhandelen, smeren, klooien en zo meer. Ligt me niet en heeft me nooit gelegen. Al schrijvende aan de laatste woorden en hoofdstukken van mijn nieuwe boek ontdek ik steeds meer waar ik zelf fouten maakte, inschatting, overzicht, collegiaal. Te veel ‘bezeten’ van het doel, te weinig aandacht voor mensen die liever procedures volgen dan dat ze een stap te veel zetten. En als ik dan dat verhaal nog eens opnieuw lees en tot me door laat dringen ontdek ik ook dat ik veel had van sommige ezels. Alleen stootte ik me dan wel aan diezelfde stenen. Maar ja, die werden dan ook rijkelijk op mijn pad neergelegd. Wordt een leuk boek, al zeg ik het zelf….

Zeker weten?

213129 - Boeing B17G F-BEEA Rtm 0980 Scan10090Zeker weten is wel iets dat mijn manier van spreken of schrijven in zich heeft. Niet in de laatste plaats omdat ik er werk van maak om over bepaalde onderwerpen ‘mee te kunnen praten’ met specialisten. Maar ook omdat ik vaak vanuit herinnering of ervaring kan putten ten aanzien van bepaalde onderwerpen. Dat mijn mening ook wordt gevormd door een (voor)oordeel zal ik niet ontkennen. Niets menselijks is mij vreemd en in die zin weet ik zeker dat ik veel lijk op hen die mij altijd weer trachten te wijzen op mijn ongelijk. Toch is het met die herinneringen soms best wonderlijk gesteld. Zo wist ik onlangs zeker dat een bepaalde evenement in mijn persoonlijke geschiedenis zich ‘zus en zo’ had voorgedaan. Tot ik met mijn (oudere) broer sprak en me duidelijk werd dat het toch iets anders was gegaan. Dat was toch een kleine schok, want wat had ik mijzelf dan ingeprent al die jaren? Is dat overigens afwijkend gedraag? Nee hoor. Komt in de beste kringen voor, dus ook bij meninggevers zoals ik.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Belangrijke lieden…zeker weten! 

 

Persoonlijke observaties kunnen door de loop van de tijd verkleurd raken of gewijzigd door latere invloeden die zich mengen met zaken die uit andere bronnen stammen. Je hebt ook mensen die leiden aan een soort Baron von Munchhausen-complex. Die vertellen al zo lang verhalen dat het net is of die echt hebben plaatsgevonden. Niet echt liegen, maar eerder een fraaie vorm van fantaseren. Ook die kom je regelmatiger tegen dan je wellicht zou denken. Hoewel ik wel graag een verhaal wat in de randjes bijkleur, al was het maar om de leesbaarheid te vergroten, als het gaat om feiten doe ik dat zelden. Toch blijkt dat mensen die bijvoorbeeld een groot incident meemaken of slachtoffer zijn van misdadig gedrag van anderen, de feiten en omvang snel naar eigen inzicht bijstellen. De kleur kleding van daders of diens ogen, zijn taalgebruik, selectief ingekleurd. Dat is een probleem voor de opsporingsautoriteiten.  Zeker als meerdere getuigen verklaren wat of wie ze hebben gezien. Als daders een blauwe broek droegen zijn er altijd mensen die zich grijs, groen of zelfs zwart herinneren.

Cobb 3Feiten die zeker worden geweten, maar in de praktijk toch net iets anders waren of zijn. Wie denkt daar geen last van te hebben mist wat menselijke genen. Wij allemaal kleuren zaken mooier in dan ze waren. Zeker over het verleden. Soms vergeet men de negatieve kantjes van dat wonen met veel kinderen in een klein huis, armoede, een drinkende ouder of buren die het leven tot een hel maakten. We vinden de vroegere wereld mooier, veiliger, simpeler. Maar vergeten dat we toen heel anders naar diezelfde wereld (konden)kijken. Kortom, zeker weten is lang niet altijd gebaseerd op waarheidsgetrouwheid. Als we dat nu eens met zijn allen bedenken komen we een stuk verder. In vrijwel elke tak van sport. Ook in de politiek. Want wat daar allemaal zeker wordt geweten……..

Gulzige gidsen…

WP_005605Jaha….ik weet het wel! Het is een uitdrukking die ik nogal eens gebruik als ik weer eens wordt gewezen op het feit dat ik over een bepaald onderwerp de nodige kennis sta door te geven. Ik had onderwijzer moeten worden, wordt me nog wel eens verteld. Ik geeft toe dat ik over bepaalde zaken overenthousiast kan oreren. Zeker als ze me interesseren. Dus als er iemand is die kan beoordelen of iemand (te)veel bijdraagt aan het kennisniveau of de acceptatie bij anderen, ben ik het. Een gids of wat daar voor doorgaat moet veelal goed op de hoogte zijn van de onderwerpen waarover hij/zij praat, maar nooit all te veel uitdragen bij een meer algemeen publiek. Overdaad schaadt en dan gaan de oren dicht, sluiten de luiken en nemen mensen het niet meer op. Onlangs overkwam het ons. De eerder beschreven Museumboerderij kende een paar vrijwilligers die als gids dienst deden. Een daarvan was ‘Henk’. Ik noem hem maar zo, om het geheel een gezicht te geven. Aardige man, die zich voorstelde aan het gezelschap dat de rondgang door de museale boerderij zou gaan maken.

WP_20150715_010Dat lukte allemaal prima, maar wellicht omdat er ook kinderen in het gezelschap zaten, kreeg ik de indruk dat hij tot in het kleinste detail elk werktuig, elke kaars, elke vierkante centimeter van die boerderij wilde verklaren. Soms was dat leuk, maar als je gaat uitleggen wat een kinderwagen was (is) of hoe je bepaalde zaken moet ‘wekken’ in potten, dat wordt het wat te veel van het goede. Hij was dolenthousiast, dat wel hoor, maar hij spuide zoveel informatie dat zelfs ik me afsloot en even buiten ging staan. Daar kwam net een tweede gids aanlopen, en die bleek van een heel andere soort. Vertelde zaken kort en bondig, ter aanvulling op Henk, en bleek een verademing omdat hij ook ruimte gaf aan vragenstellers of opmerkingen van het gezelschap. Niets ten nadele van de man die zo enthousiast was over het leven op de boerderij, maar soms moet je echt de turbo even uitschakelen. Tijdens ons bezoek aan de St. Hubertuskrk in Helmond liepen we ook aan tegen een paar doldrieste gidsen.

WP_20141003_078Binnen de kortste keren kregen we zoveel informatie aangeboden dat we even een andere kant opliepen. Het was een waterval aan feiten en katholieke geloofsmeningen. Met een tandje minder had het nog teveel geweest. Maar goed, je gaat niet ongeinformeerd weg natuurlijk. Ook iets waard. Een dagje later liepen we in het Oorlogs- en verzetmuseum van Overloon. Mijn derde keer in korte tijd. En nu was ik zelf een soort van gids. Betrapte me op een groot enthousiasme, maar zweeg toch toen ik ontdekte dat ik mijn polderzus stond uit te leggen hoe een radiaalmotor in een truck of vliegtuig werkt en wat er gebeurde als je die dingen opstartte. Ik ben net zo, moet dus oppassen met oreren. Nou ja, dat schreef ik al…..Dus mocht u willen dat ik het wat rustiger aan doe, laat maar weten hoor….. Eens in de week is misschien ook een aardig schema en dan kan ik wellicht nog wat meer in details treden….:)

Leerschool…

WP_000781Het leven is een leerschool. En anders dan je wellicht zou vermoeden als je zelf een jaar of veertien/vijftien bent, raak je als het goed is nooit uitgeleerd. De mens doet constant ervaringen op, loopt met zijn/haar bol tegen lampen, deuren of laag gehangen balken, stoot twaalf keer zijn teen aan dezelfde steen (of een die er veel op lijkt) en ontdekt dat de dingen toch net weer even anders in elkaar steken dan ze in eerste instantie leken te doen. Zo vergaat het mij net als ieder ander met een leeftijd van boven de puberale. Ik refereerde al eens eerder aan mijn ‘enorme kennis’ op het gebied van auto’s en vliegtuigen voor ik uberhaupt een stap beroepsmatig in beide werelden had gezet. Toen ik dat eenmaal had gedaan, bleken de imago’s en vooroordelen t.o.v. bepaalde zaken toch anders in elkaar te steken dan ik dacht. En is het idee dat je ‘alles weet’ een pure illusie. Je kunt proberen alle kennis op te doen, je te specialiseren en dan als expert door het leven te kunnen gaan, soms is verbreding ook net zo handig.

OLYMPUS DIGITAL CAMERANiet dat je nu meteen hoeft te weten dat een regenworm in het oerwoud van Nieuw-Guinea wordt aangeduid als de Archivaris graveengaticus of zo. Maar als je in je expertise gaten hebt zitten is dat wel lastig. Mij ergert dat meteen. Zo had ik onlangs een wonderlijke ervaring tijdens de AutoRAI die momenteel loopt. Ik mag er altijd wat eerder doorheen trekken, de Persdag is voor dat doen zeer geschikt. De Amstelhal van het complex stond vol klassieke modellen en die mogen zich ook bij mij in grote belangstelling verheugen. Immers, elke nieuwe auto die vandaag wordt aangeprezen, staat over tien jaar in die nostalgische hal of museum. Tussen al die fraaie bolides uit verloren dagen, een onooglijk karretje. Stoffig, klein, opvallend vorm gegeven. Nog nooit gezien! Dat intrigeert. Het bleek een elektrische auto van de Franse vliegtuigbouwer Brequet uit de oorlog te zijn.

Breguet_Electric_Car_02Dat deed zeer, kwam even binnen. Want a) ik wist niet dat Brequet ook auto’s had gebouwd, b) ik wist niet dat er een elektrische auto uit de Tweede W.O. in ons land te zien is bij het Louwman Automuseum in Den Haag. Dat komt aan, dat scheurt door de ziel, dat beschadigt mijn zelfvertrouwen.. Nou ja, niet overdrijven, een beetje. Juist vandaag beschrijf ik het ding op mijn autoblog. Wie het leuk vindt moet daar maar even gaan lezen. Maar neem van mij aan dat ik bij de voorbereiding van het verhaal enige tijd bezig ben geweest om alles uit te zoeken over dat apparaat. Tot groot genoegen. Kost wat tijd, maar dan heb je wat. En wat de tijd betreft; medebloggers die menen dat ik hen wat ben vergeten, hebben gelijk. Veel weg, vaak op reis, gedoe, het zorgt niet voor grote reactietrouw. Maar ik blijf jullie gewoon volgen hoor en kom waar mogelijk weer ff inhalen. Of er moet iets tussen komen. Een researchprojectje of zo….