Terug naar het JHM in Amsterdam…

Met onze Soester vriendjes maakten we onlangs ook even (flink wat) tijd voor een bezoek aan het hier al eerder beschreven Jooods Historisch Museum in Amsterdam. Dat vindt je tegenover het Waterlooplein en de Mozes en Aaronkerk. In het hart van wat ooit de echte oude Jodenbuurt van Amsterdam was. Voor vrouwlief en mij was het intussen al de derde keer dat we dit museum bezochten. Het blijft echter een zeer integere expositie waar men (ver)verleden en heden met elkaar vermengd. Naast de uitgebreide basiscollectie is er ook altijd iets bijzonders te zien. Dit keer een uitstalling van een reeks schilderijen en prenten van een (kennelijk) beroemde Poolse schilderes en een erg aardig overzicht over 100 jaar muziek. Dat daarbij Joodse artiesten een belangrijke rol speelden was en is logisch.

Tenslotte is dat de sfeer waarin het museum zich uit. Links en rechts heeft men de expositieruimte aangepast, de presentatie verbeterd, met erg handige en soms indrukwekkende kreten uitvergroot aan de wanden. Van de wijze waarop de Joodse medemensen al in de 19e eeuw nadachten over integratie en het wegnemen van weerstanden, valt veel te leren in onze zo turbulente en door sommige minderheden gedomineerde 21e eeuw. Omdat we nu zien dat dominantie van geloof alleen maar zorgt voor een tegenbeweging die weer leidt tot een loopgravenoorlog die zijn weerga niet kent. Dat werd in de 19e eeuw al gezien door Joodse wijsgeren. Niet slim, vermijdt de confrontatie en houdt je geloof gewoon voor thuis.

Het blijft ook mooi om te zien hoe wij eigenlijk nauwelijks door schijnen te hebben hoeveel die geloven ook op elkaar lijken en dat in basis veel van wat we zien als christelijk in feite niet veel anders is dan een opgesmukt deel van de joodse oer-religie. Confronterend voor de een, zeer interessant voor de ander. Ik behoor tot de laatste categorie. Naast het JHM is er met datzelfde toegangskaarten nog een viertal andere lokaties te bezoeken. Vijf-voor-de-prijs-van-een dus. Je kunt ook naar de overkant van de drukke Weesperstraat om daar de oude en grote Portugese synagoge te bezoeken. Meer dan de moeite waard. Maar ook de Hollandsche Schouwburg valt te bezoeken.

Een gebouw met een diep-trieste geschiedenis omdat daar tijdens de Tweede W.O. veel Joodse mensen werden opgevangen en per tram afgevoerd naar de diverse treinstations voor vervoer naar het Oosten. Maar ook het Nationaal Holocaust Museum en het Joods Cultureel Kwartier staan op de lijst van gebouwen waar je naar binnen kunt. Voor veel mensen zal het te veel zijn om in een keer te doen. Gelukkig is dat kaartje een maand geldig. Wij hadden de pech dat we uiteindelijk net een paar minuten in de Synagoge konden rondkijken. Toen was het donker en sloot men de boel. Maar indruk maakte het opnieuw. Dit museale pareltje in hartje Amsterdam moet eenieder toch eens bezoeken als je de kans hebt. Zeer de moeite waard. En….goed beveiligd. Voor het geval je het idee hebt dat je daar over de schouder zou moeten kijken tijdens je bezoek….

Goed gesprek op een bankje…

WP_001362Het bankje waar wij even wilden zitten in de zon, was gevestigd tegen de muur van het museum dat wij zojuist hadden bezocht. We zouden er met ons groepje van vier mensen met wat inschikken van billen of heupen net aan kunnen zitten, als dit bankje niet was ingenomen door een dame die haar bezittingen om zich heen had uitgestald. Nadat de vrouwen uit ons gezelschap naast haar neerploften trok zij wat van haar spullen naar zich toe en begon te praten over het weer. Nu was het lekker zonnig, uit de wind was het heerlijk. Zij zat met haar gezicht omhoog een volkomen donkere zonnebril bedekte haar ogen. Toen ze zag dat wij mannen moesten blijven staan zette ze haar tassen op de grond en schoof nog een stukje verder opzij. Ze trok haar lederen jack nog wat strakker om zich heen en maakte duidelijk dat ik best naast haar ‘mocht’ zitten. Dat deed ik. En dat was wellicht niet zo’n slimme zet. Ze keek me met haar donkere bril aan en zag kennelijk een soort biechtvader in mij. Nu ben ik veel, maar voor dat ambt van vergevingsgezinde priester ben ik minder in de wieg gelegd. Neemt niet weg dat ze op zachte maar goed hoorbare toon haar verhaal afdraaide. Ze woonde in Amsterdam-Oost, tussen de junks, de buitenlanders en ander schorem, dat haar het leven zuur maakte. Ze was overspannen, had tot vijf weken geleden nog gedronken als een ketter, was gestopt met roken, dus ook met haar stickies. Ze leefde nu gezond, maar het werd haar niet gegund om een leuk leven te leiden. Ze wilde graag verhuizen maar kreeg geen kans. De Gemeente werkte niet mee, en haar sociaal werkster had haar vanuit een onbewoonbaar verklaarde benedenetage weg gehaald en in die gribus gebracht waar ze nu nog woonde. Waar die junks haar belaagden, haar adres gebruikten om pakjes etc. naar toe te laten komen en haar dan te laten betalen, waar ze niks tegen kon doen, en de politie niet eens aangifte voor wilde opnemen. Haar verhaal rolde over me heen als een sneltrein die niet te stoppen leek. Mijn gezelschap naast me at intussen een boterham en dronk wat, ik durfde dat niet. Het verhaal van de vrouw deed me iets, aan de andere kant weet ik als Mokumer dat van dit soort verhalen elke dag tientallen keren worden verteld. Gemiste kansen, verkeerde beslissingen, verloren in de drank en geen steun waar hulp dringend nodig is. De vrouw vroeg mij op enig moment waar ik zelf woonde. Ik hield het wat op de vlakte. Gaf een indicatie. ‘O, daar zou ik ook graag willen wonen, in alle rust…’. Ik snapte dat. Maar het begon me nu toch wat te kriebelen. Verhalen zijn leuk, medelijden ook, maar het moest niet in de buurt komen. Met wat diplomatieke drukmiddelen richting mijn eigen gezelschap kon ik hen bewegen in de benen te komen. Ik nam afscheid van de dame met haar problemen. Zij bedankte me voor het ‘fijne gesprek’. Zwaaide nog eens, en zette toen haar tassen weer op de plek waar ik had gezeten. Haar hoofd richtte ze weer op de zon. Haar dag was toch weer een stukje fijner dan daarvoor en ik had weer een stukje Amsterdams klein leed mogen aanhoren. Later, op een mooi terras op het Rembrandtplein hoorde ik heel andere verhalen. Over ‘versieren’ en hoe snel een Porsche wel niet reed. Zo heeft ieder zijn eigen sores…..

Bewijs geleverd……

Ma in Studebaker Mail0009Tijdens mijn voorbereidingen op het nog uit te brengen boek over mijn leven met en voor het automerk met ‘de Vliegende pijl’ in het logo zocht ik heel wat oude albums af naar plaatjes die mijn jeugdjaren en de stempels die deze zetten op mijn latere keuzes voor dat merk met die pijl konden onderbouwen. Zo was er ooit lang geleden een Studebaker in gebruik bij mijn leasepa. Een witte met rode bekleding, die ik me nog goed kon herinneren. Maar in de foto-albums die in de familie bestaan was het bewijs voor dat Amerkaanse rijgenot niet terug te vinden. En het was toch echt geen fantasie, maar werkelijkheid. Die kwam deels doordat broerlief en ik vaak anekdotes ophaalden uit de tijd dat onze moeder met bontjas en mooiste jurk aan op vrijdagavond in de (voor zijn tijd) enorme slee stapte om zich in stijl te laten vervoeren naar het hier toen nog bekende etablissement Slotania in het Amsterdamse Slotermeer. Daar wil je nu niet meer gezien worden, gevaarlijke hoek van de stad, maar toen echt creme-de-la-creme voor een hapje en drankje. Mijn ondernemende oom Frits woonde daar om de hoek in een chique flat en die schoof dan met zijn gezin aan om de week uit te luiden en een vorkje bij te steken.

2228592991_c1f97f4206_mDe Studebaker was een best grote auto naast de toch ook best imposante Opel Kapitan van Oom Frits. Maar waarom werd die Studebaker indertijd niet op de gevoelige plaat gezet? Ik bleef zitten met raadsels. Wel plaatjes van vele Skoda’s, IFA, Hansa, DKW etc., maar geen Studebaker. Was het wellicht omdat mijn moeder liever een Pontiac had gehad voor de deur? Of omdat de vette Yank er na enige tijd motorisch de brui aan gaf en aan een stevige motorrevisie moest. Feit is dat ik me die ritjes met dit luxe auto zelf ook nog goed kon herinneren. Al was het maar omdat mijn straatvrienden met bewondering keken naar die wekelijkse uitjes waarbij ik in mijn beste kleding mee mocht op de achterbank. Geen groter genoegen dan vol gas de straat uitrijden.

Studebaker Starliner wit 279548713_a7457fd55b_mWellicht was dat later de reden voor die motorschade? Onlangs zat ik op visite bij broerlief en we scharrelden door een blikken trommel vol oude plaatjes die nog kwamen uit de nalatenschap van ons beider moeder. Die is al een tijdje geleden gaan hemelen, maar die foto’s waren nooit echt boven water gekomen. Nu dus wel, en tussen alle bekende en onbekende mensen zagen we ineens dat ene bewijs voor het bestaan van die Studebaker uit onze jeugd. Ons moeder centraal in beeld. Met een guitige blik, achter het stuur van de enorme auto, terwijl ze zelf helemaal niet kon rijden. Maar wel ook in een bosomgeving, ergens in Nederland. Favoriet uitje van mijn moeder die gek was op de natuur. En zo werd een oude herinnering bevestigd en kwam een stukje historie terug uit een periode waar we als ‘kinderen’ best met een dubbel gevoel aan terugdenken. Maar dat is niet de schuld van die schitterende Studebaker. Meer van de toenmalige inzittenden…

Jeugdige indrukken en geloof…

St.Willibrorduskerk buiten-de-vesteIndrukken uit het verleden kunnen veel stempels zetten op het latere volwassen leven van mensen (wellicht ook bij dieren..). Wat we in onze jeugd meemaken, horen of zien nemen we mee in onze vergaarbak aan herinneringen waarmee we later onze smaak, voorkeuren of beslissingen inkleuren. Mijn eigen jeugd speelde zich af in een wonderlijke mengeling van auto’s en vliegtuigen, een buurt vol winkels en een groep vrienden die allemaal zowat vanuit hetzelfde startpunt richting toekomst gingen. Ik schreef al eens eerder een verhaaltje over de keuzes die toen al werden gemaakt op basis van afkomst of inkomen ouders. Dit keer gaat het meer om de keuzes die je maakt met in het achterhoofd wat je zoal zag en hoorde thuis. Zo was ik een katholiek kind. In de jaren dat dit geloof nog zwaar drukte op de parochie om de grootste kerk van Amsterdam heen. De invloed van het geloof op sociaal gedrag, op onderwijs en hoe je in het leven stond was groot. De sociale druk om de kerk te bezoeken ook.

Studebaker Starliner wit 279548713_a7457fd55b_mToen ik daar al op jeugdige leeftijd van los kwam, eigenlijk met dank aan mijn oudere broer, raakte ik nooit helemaal kwijt dat kerken best mooie gebouwen zijn als ze bijvoorbeeld door bouwmeester Cuypers werden opgezet. Het dogma van de kerk dat alles wat niet katholiek was als ‘afvallig’ of ‘heidens’ moest worden gezien bleef me altijd (zij het verwaterd door eigen ervaringen)bij. Ook al doe ik dan zelf niets meer aan beleving van dat geloof, dan nog. De vakjes in de bol werken nog steeds na. Geldt ook voor de automerken waarmee ik opgroeide. Sommige daarvan kleurden mijn leven, anderen vond ik altijd suf en onbetrouwbaar. Nooit bezeten en zelden bereden. Een Amerikaanse Studebaker als ‘Company Hack’ voor mijn in auto’s handelende stiefvader zorgde voor een grote voorkeur voor dit soort sleeën, tot ik er als volwassen ventje zelf een stuk of drie had bereden.

LKC-SPL-dateunkLeuk, maar onbetaalbaar! Vooroordelen speelden een grote rol, rijk bekommerde zich niet om arm, en armoede of nog erger, domheid maakte kansloos. Leren, leren en nog eens leren. Het werd er in gestampt. En dat is me altijd blijven achtervolgen. Niets aan het toeval overlaten, uitzoeken en opslaan. Dat er door overvliegende vliegtuigen in die jaren indrukken werden gestempeld in mijn ziel vol voorkeuren zal niet verrassen. Het was alsof iemand me leidde om vliegtuigen als hobby te gaan zien, als beroep, als passie. Maar daarvoor moet je dan geloven in….. en dat is nog steeds een grote twijfel. Meer nog dan die vogel waar ik tegenaan kijk in de spiegel. Daar twijfel ik veel minder aan. Zouden meer mensen moeten doen….

Krekels en mieren…

OLYMPUS DIGITAL CAMERAHet verschil tussen mensen is soms best leuk om te bestuderen. De een is spaarzaam, koopt niets overbodigs, maar wat men koopt is dan bedoeld om een leven lang mee te gaan. Ketens als Action, Kruidvat of Blokker worden door hen gezien als een gruwel. De ander is veel meer van door het leven heen dartelen en genieten van de momenten van geluk die de aankoop van zelfs maar iets onbenulligs kunnen opleveren. Laat ik nu eens vaststellen voor het gemak dat beiden vooral moeten doen wat ze willen, er zit nergens een veroordeling in van welk gedrag ook. Maar wat je wel vaak ziet is dat die eerste groep er financieel vaak wat beter uitspringt dan de tweede. De mensen met de mooie en dure huizen, de fraai onderhouden tuinen en de auto’s van grote bekende merken zijn meer hun deel dan je bij die tweede groep vaak aantreft. Daar zijn de huizen kleiner, gezelliger, rommeliger ook vaak en meestal kom je er een grote liefde voor huisdieren tegen. Ook die kunnen zorgen voor daggeluk. Het is maar net wat je kiest. Ik weet nog goed dat dit fenomeen ook al zichtbaar was in mijn jeugd. Onze straat was een mengeling van mensen die het ‘goed konden doen’, middenstanders en arbeiders.

Voor de sfeer..... Allemaal op zoek naar het grote(re)geluk. Juist in die jaren dat Nederland veranderde zag je ook de scheuring ontstaan in de bevolking van die straat. Zij die spaarzaam waren verhuisden, veelal naar de betere buurten. Het nieuwe Buitenveldert, naar een van de tuinsteden in het westen van Amsterdam en soms zelfs naar plaatsen buiten de hoofdstad. De middenstanders sloten vaak de poorten van hun nerinkje en gingen rustig leven van wat ze aan spaargeld hadden vergaard. Soms een baantje als portier of nachtwaker ergens, maar nooit zo hard werken als die arbeiders die sappelden voor elke cent die ze konden verdienen. Die waren min of meer gedwongen in die buurt(en) te blijven wonen. Maar richtten hun huizen wel in met alles wat het moderne leven te bieden had. Televisie, radio, tapijtjes op tafel, een beetje aardige keuken met douche en huisdieren…. Op 40-60m2 samenleven was nooit een groot genoegen met een heel gezin, maar met dieren er bij al helemaal niet. Soms kom je nog wel eens wat van die lieden tegen.

Nog steeds chique, maar ook dicht...Zoals ik onlangs deed. Ik liep door de hoofdstraat van wat ooit mijn leefomgeving was geweest (ik verhuisde toen ik 18 was naar een andere buurt) en zag een vent lopen die vroeger altijd al wat ouder was geweest dan ik. Beetje meer de generatie van mijn oudere broer. Vroeger het playboytype, haartjes in kuif, mooi pak. Reed op flashy brommers, versierde de meiden. Ik volgde anno nu zijn spoor. Keek waar hij heen liep en zag dat hij nog steeds in die oude straat woonde. Dat pak droeg hij nog, het haar nog bijna in gelijke snit. Nooit verhuisd, nooit de behoefte gehad. Spaarzaam geleefd of alles er doorheen gejaagd? Een uitzondering, dat wel. Maar wat ben ik blij dat ik ooit die stappen zette om de wereld toch eens van een andere kant te bekijken. Kostte wat, maar dan heb je ook wat. Nu nog eens zien dat we die villa bereiken met een Ferrari voor de deur….Zouden ze die bij de Action ook verkopen?

Kerstbomenjacht

WP_20150104_003Ik moest er ineens aan denken toen ik onlangs aan het begin van deze nieuwe maand langs een ondergrondse vuilcontainer in onze buurt liep en daar een vijftal kerstbomen zag liggen. Afgedankt, weggedaan, opgebruikt. Los van het feit dat die groene afvalhoop daar niet hoorde te liggen, de vrachtwagens die deze containers legen zijn niet ingericht voor het weghalen van dit soort groen afval, bedacht ik me dat de wereld van de jeugd wel erg is veranderd sinds ik zelf daar niet meer toe behoor. Immers, in onze jeugd was een afgedankte kerstboom ‘buit’. In onze straten woedde namelijk in de dagen tussen Kerst en Oud en Nieuw een ware slachtpartij over die oude bomen. Die werden in de meeste straten bij het wisselen van de jaren op een stapel gemikt en in de brand gestoken. En wie de meeste bomen had, maakte het fraaiste vuur. Dan kwamen mensen uit de hele straat bij elkaar en wensten elkaar een gelukkig nieuwjaar. De volgende ochtend om 8 uur smeulde dat vuur nog. Die jachtpartijen deden we in georganiseerde vorm. Net als een militaire operatie. Bewapend met stokken en ander wapentuig dat paste bij de leeftijd. En we waren wel zo vrij om in belendende straten ook te zien of we wat door concurrerende groepen verzamelde en soms bewaakte bomen konden roven. De kerstbomenjacht was er een ‘op leven en dood’ en daarbij vielen nog wel eens slachtoffers.

WP_005744Meer dan een bloedneus of blauw oog hielden de strijders er overigens niet aan over, maar toch…. Soms hadden wij het spannend. Dan kwamen er ook bij ons groepen uit andere buurten langs en wilden de door ons verzamelde bomen net zo weghalen als wij bij de ‘buurstraten’ deden. Gelukkig was onze groep in aantal redelijk groot, maar ik herinner me nog een jaar waarin ineens lui uit Amsterdam-Oost onze woonbuurt doortrokken. Getalsmatig waren ze flink groter dan wij en ook de leeftijd van de jonge mannen die daarin meeliepen overtrof die bij ons gemiddeld ook flink. Gelukkig waren de automonteurs van de in onze straat gelegen garage graag bereid om een handje te helpen en werd de situatie met veel gedreig over en weer afgesloten. Het vuur op oudejaarsavond was er des te leuker door. Dat zelfde garagebedrijf verzorgde ook vaak wat extra’s voor op het vuur. Oude houten pallets, maar ook lege vaten en soms zelfs accu’s gingen op het enorme vuur dat op een pleintje in onze straat traditioneel werd aangestoken. Geen wonder dat die vlammen pas doofden als wij al lang en breed in bed lagen.

willibrorduskerk-amsterdam-4-sloopToen ik zelf niet meer in die straat of buurt woonde ging die kerstbomenjacht nog lang door. Al was het door de geparkeerde auto’s lastiger geworden om dat vuur zo te maken als vroeger gebruikelijk was. Een jaar is er zelfs een VW verbrand naar ik hoorde. En tegenwoordig is de traditie in die oude buurt die zo vernieuwd werd en voorzien van heel andere bewoners, volkomen verdwenen. En worden kerstbomen bij het grofvuil gelegd, bij de vuilcontainer en kijkt er niemand mee naar om. Zou het met Zwarte Piet op termijn ook zo gaan? Als die dan maar niet op de brandstapel eindigt…

Buurt-BBQ

WP_005956Het was al weer zeven jaar geleden dat we hieraan ook al eens deelnamen. En sindsdien is er het nodige veranderd in de samenstelling van onze directe woonomgeving. Buurtjes verhuisden, nieuwe mensen kwamen, ouderen maakten plaats voor jongeren. Onze buurt is een soort van enclave in een wat wonderlijke omgeving zoals dat in de grote stad gebruikelijk lijkt te zijn. Waar wij wonen is het veelal een combinatie van ‘oerbewoners’ die deze wijk nog hebben zien bouwen en mensen die er door de aantrekkelijke woonomgeving naartoe verhuisden. Vaak komt men dan uit de chiquere straten van Amsterdam-Zuid, vanaf een etagewoning daar omdat het bij ons nu eenmaal een wijk is met huizen die nog een voor Amsterdamse begrippen grote tuin voor en achter bezitten. Dat trekt vooral mensen met een nog steeds aardige baan en een drang naar uitbreiding van het gezin.

WP_005957Anderen trokken juist weer door naar nog chiquere plekken of zochten vanwege de komende vergrijzing nu alvast een plekje in een verzorgingshuis of mooi appartement. Wat zeven jaar geleden nog mee deed aan de Buurt-BBQ  is dus deels verdwenen en al die nieuwelingen wilden zich wel eens aan elkaar en ons voorstellen. Op die zaterdag in augustus dat overdag de hemelse sluizen nog regelmatig open hadden gestaan bleek dat de uitgekozen namiddag en avond straalblauw verliepen. Kil, maar met een terrasheater op standje tien lukte het prima om onder de opgebouwde partytenten toch een zomerse sfeer op te roepen. Het lekkere eten, de wijn, de vriendelijke atmosfeer, het was een leuk uitje zo vlak om de hoek en we spraken met oude en nieuwe buren. Mooie gelegenheid. Je hoort de verhalen van anderen eens aan en doet zelf ook nog wat duiten in het buurtzakje.

WP_005955Niet overal groeien de bomen in de hemel, heel raar, men kent vaak dezelfde problemen, angsten en dromen als wij. Alleen verschilt het soms wel per leeftijdsgroep. De jongeren zijn vooral bezig met hun kinderen, het gezin, de auto, carriere of de vakanties. Je schrikt soms als je hoort waar mensen allemaal naartoe zijn geweest. Ver, ver weg. Anderen zijn al blij dat ze dit jaar voor het eerst sinds vier jaar weer eens ergens heen kunnen. Maar dat zijn dan wel vaak ouderen. Wij zelf wonen hier nu twintig jaar naar volle tevredenheid. Langer woonde ik zelf nog nergens zo lang, zelfs niet bij mijn ouders vroeger thuis. Dan moet het buurtje wel iets te bieden hebben toch? En nu weet ik weer iets over die buren en buurtbewoners en als het een beetje mee zit onthoud ik hun namen ook weer eens….ook handig. Maar daarover schrijf ik graag in een volgend blogje nog het een en ander….