80-plus jaar Dakota

21243 MDC DC-3 Nor Fly  65371 FRA 0879Scan10712Het komt maar weinig voor dat je tijdens jouw eigen leven roerende objecten ziet of ervaart die ouder zijn dan jij zelf en die nog steeds intensief worden gekoesterd of gebruikt. Lezers die niets ophebben met techniek moeten nu maar afhaken, want juist hierover gaat het. Vorig jaar werd het 80-jarige bestaan gevierd van een van de meest beroemde vliegtuigtypen ooit, de Dakota. Officieel heette dat vliegtuig ooit de Douglas Commercial number three en werd het gebouwd om de toenmalige luchtvaartbedrijven in de Verenigde Staten te helpen aan een vliegtuig dat passagiers van de ene naar de andere kant van het land zou kunnen transporteren in stoelen die ook als bedden te gebruiken waren. Douglas gaf ze om die reden een naam mee die ons nu minder zegt; Douglas Sleeper Transport (DST). De slimme Amerikaanse fabrikant had met haar DC-2 bewezen dat metalen vliegtuigen veel beter bestand bleken tegen intensief gebruik dan alles wat er tot dan toe rondvloog en was gebouwd van allerlei andere materialen. 0-49789_VC-47_09091968_1280Zo werkte Fokker nog steeds met metalen frames, hout en linnen. De DC-2 maakte de luchtvaart veel volwassener dan ooit voorheen gedacht, maar de DC-3 deed daar meer dan een schepje bovenop.

Al snel waren er flink wat orders binnen van de civiele bedrijven die wel iets zagen in de oersterke en indertijd uiterst moderne DC-3. Maar ook de Amerikaanse defensiestaf zag genoeg potentie in de DC-3 en bestelde een aangepaste versie die als C-47 werd ingelijfd. Daarbij werd de toegangsdeur van rechts achter naar linksachter verplaatst en kregen de machines een sterkere laadvloer en o.a. een grote vrachtdeur die handig was bij het laden en lossen. Na het uitbreken van de tweede wereldoorlog en het betrokken raken van de Amerikanen daarbij werd de C-47, intussen aangeduid door de strijdkrachten als ‘Gooney Bird’, in grote aantallen geleverd. Duizenden van deze vliegtuigen werden tijdens de oorlog ingezet en er gingen ook hele series naar Engeland en Rusland, toen medestrijders tegen de zgn. Asmogendheden. DC-3 KLM 4823303055_c8fba9ecb2_mOpmerkelijk is dat de machine door de Engelsen pas zijn enige echte en bij ons bekende naam kreeg; ‘Dakota’ en die draagt het toestel tot op de dag van vandaag nog steeds. In Rusland werd de machine al snel gekopieerd, uitgerust met Russische Shvetsov radiaalmotoren en aangepast aan de specifieke omstandigheden daar. Die kopie heette Lisunov Li-2 en ook daarvan zijn er nog een stuk of wat bewaard gebleven.

Ook Japan kopieerde de machine op basis van bij oorlogsbuit meegenomen C-47’s en ook de Duitsers hadden de beschikking over Dakota’s, al was het maar door de uit Nederland van de KLM geroofde exemplaren. In totaal werden er meer dan 11.000 Dakota’s gebouwd. Een deel daarvan kwam na de oorlog overal en nergens in gebruik als passagiers- of vrachtvliegtuig en tot op de dag van vandaag zijn er nog commerciële maatschappijen die deze unieke machines naar waarde weten te schatten. Opvolgers voor die DC-3 waren er genoeg, maar steeds bleek de Dakota zelfs die te overleven. Toch beginnen de aantallen vliegende Dakota’s wel snel af te nemen. De toestellen zijn antiek geworden, onderdelen raken op, net als de benzine waarmee de motoren worden gevoerd. DC-3 PH PBA Hybrid c.s.Die wordt door het hoge octaangehalte en de afnemende vraag steeds schaarser. De Nederlandse luchtvaart werd mede groot dankzij de Dakota en het is goed dat er nog een paar exemplaren bewaard zijn gebleven, waarmee soms nog wat wordt gevlogen ook. Wat het vliegen betreft; de Dakota is het enige vliegtuig dat mij persoonlijk ooit luchtvaartziek wist te krijgen, best een eer! Hoe twijfelachtig ook. Voor een deel zijn die Dakota’s ook verantwoordelijk geweest voor mijn liefde voor de luchtvaart. Als kind hoorde en zag ik die kisten overkomen op de plek waar ik woonde en dat beeld zette me aan tot mijn huidige verzamelwoede. En als je dan nagaat dat die machines toen al een jaar of 25 oud waren, wat toch best ‘stok’ is geeft het wel een beeld over hoe belangrijk dit vliegtuig is geweest en nog is voor de wereldluchtvaart. Eind vorig jaar een klein feestje dus, en ik persoonlijk vind dat die Dakota’s dat meer dan verdiend hebben. O wacht even, er komt er net een voorbij. Niet meer in de kleuren van KLM, want dat bedrijf gaf de sponsoring van de museumexemplaren van de DDA juist deze maand op! Eigenlijk een schande, maar goed. (foto’s: Yellowbird collectie)

130 jaar auto

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

1e Daimler automobiel

Het zal de meesten van jullie wellicht een worst zijn, maar volgend jaar bestaat de auto zoals we die tot op de dag van vandaag kennen, 130 jaar. Best een leeftijd! En ook al hebben door alle jaren heen heel wat lieden om welke reden ook getracht om die auto van onze straten weg te krijgen, het individuele vervoer heeft zo’n enorme vlucht genomen dat we nog wel even te maken zullen hebben met het fenomeen. Die auto heeft de samenleving stevig veranderd. Mensen kregen er een stukje vrijheid door, ontdekten dat de wereld groter is dan hun eigen straat of erf en zo kwam ook de migratie van hele volksstammen op gang. De wereld werd deels met dank aan de auto ontgonnen. Ik ben, net als veel mensen van mijn en latere generaties, opgegroeid met de auto. Er was altijd wel een auto beschikbaar in mijn jeugd, ‘leenpa deed er in’ dus we reden elk weekend wel ergens heen. Fraaie merken als Chevrolet, Ford, IFA, Skoda, Hansa of Volkswagen passeerden daarbij de revue. De beste vrienden van mijn ouders reden in een Citroen Traction Avant, en ook daarmee werd half Nederland afgereden.

DKW 1000S Coupe 1959Later, toen de gezinnen letterlijk en figuurlijk uitgroeiden reden we achter elkaar aan, twee auto’s vol genietende stadsmensen. Neem van mij aan dat rijden in de jaren vijftig en zestig nog niet zoiets comfortabels was als nu het geval is. Een dagtripje naar de Veluwe was echt een avontuur en als we vakantie vierden in het fraaie Limburgse landschap rond Valkenburg, waren we een dag onderweg om er te komen. De gemiddelde gezinsauto uit die tijd haalde met pijn en moeite 100km/u en de wegen waren bepaald niet van het snelwegtype. Je passeerde onderweg ongeveer elke stad of dorp, maar leerde daardoor ook aardig hoe het land in elkaar stak. Mijn ouders waren gek op avonturen als ze eenmaal buiten de stad verkeerden en dus wilden we nog wel eens illegaal de grens over rijden. Bij Verviers of Eupen. Het mocht niet, niemand had een paspoort, maar toch. Toen pa dat zelfde kunstje eens uithaalde bij de Belgische grens achter Breda werden we op de terugweg naar Nederland in onze DKW Meisterklasse aangehouden. Geen papieren, niets.

Jangled Nerves GmbH, Stuttgart

Skoda Museum…..

Dat was dus een illegale grensoverschrijding, indertijd een aardig vergrijp. Daar kletste pa zich niet zomaar uit. Hoe dan ook, altijd waren er auto’s. Maar in onze hoofdstedelijke woonbuurt was het bezit van een auto nog pure luxe. Brommers en scooters waren al heel wat, een vierwieler alleen iets om van te dromen. En dus werd er heel wat afgehuurd voor in het weekend. Bij ons aan de overkant zat een groot autoverhuurbedrijf met regionale bekendheid. Ik leerde al snel het verschil tussen een Opel van 1955 en een van een jaar later. Dat ging allemaal vanzelf. Zeker omdat de zoon van de eigenaar mijn grote vriend indertijd was. En we zien elkaar nog steeds, ouder, wijzer en nog steeds met een soort van passie voor de auto. Later ben ik er zelfs in gaan werken, van dealer tot importeur, van adviseur tot journalist.

WP_20140906_001En dan te bedenken dat dit allemaal niet had plaatsgevonden als Meneer Daimler op een dag er niet in was geslaagd om een levensgevaarlijk gedrocht te bedenken met een eencilinder benzinemotor die efficiënter moest zijn dan een paard met koets. Nu alweer 130 jaar geleden. En oh ja, nog even een aardig extra weetje, ruim 100 jaar geleden reden de eerste elektrische auto’s al. Ook toen al om dezelfde redenen als nu. Maar ook met hetzelfde probleem. De accu’s waren niet in staat langere ritten mogelijk te maken. Dat is in een eeuw tijd dus helemaal niets veranderd. De rest van de wereld om ons heen wel!

Tien jaar geschiedenis

337511318_4a7e803d81_mOnlangs nam een DJ bij Radio 2 afscheid. Had er tien jaar gezeten en was daar gaan behoren bij het wel vertrouwde interieur. Tijdens zijn laatste uitzending verwees hij naar wat er zoal in de wereld veranderd was in die tien jaar dat hij zijn programma had gepresenteerd. De opkomst van de sociale media, de politieke verhoudingen, de wereld om ons heen. Het was een schier eindeloze opsomming van zaken waar je nu eigenlijk van aanneemt dat ze bestaan alsof het nooit anders was. Maar dat is niet zo. Laat ik wel zijn, een jaar of tien geleden zaten wij digitaal net op wat internetfora en kwekten daar virtueel met mensen die we helemaal niet kenden maar met wie het wel goed toeven was. We kregen daarna het betere blogwerk. Maar tegenwoordig is dat eigenlijk bijna achterhaald of ouderwets. Je dient te Vloggen of te YouTuben om er bij te horen. Maar ja, om elk toiletbezoek of het kopen van een sinaasappelnetje bij de lokale super visueel met iedereen te delen gaat mij echt te ver. Toch is dat wel hoe de ontwikkelingen gaan. Hyves kwam op, daarna Facebook, Linkedin en we gingen Twitteren.

Nokia mobiels 001Wie nu nog belt met anderen is een uitzondering, we Whatsappen. Handig en nog te voorzien van foto’s als bijlagen ook. Allemaal handige zaken die we tien jaar geleden helemaal niet kenden. Wat het te weeg heeft gebracht? Nou, dat het nieuws ons als een sneltrein voorbij vliegt, ook het lokale, en soms als een moker raakt. Plaatjes van serieuze zaken worden miljoenen keren gedeeld, een nieuwsfeit ergens ter wereld is binnen seconden online en door iedereen te volgen. De conservatieve media lopen daar ver op achter. De papieren krant brengt het nieuws van gisteren. We filmen ook alles. Was met de mobiele telefoons van tien jaar geleden nog een aardige gimmick, foto’s maken. Maar nu? Met een goede smartphone heb je geen digitale camera meer nodig. De omweg van foto’s schieten en dan uploaden in een computer is te groot geworden. Meteen op de sociale media, dat is pas modern leven. En zo gaat het met veel zaken. We kopen online, niet eens bijzondere zaken. Zelfs de buurtsuper komt met pakketten voorbij die je online hebt besteld.

Skinny jeansEten uit de muur is veranderd in eten van het net. En vaak nog lekker en betaalbaar ook. Tien jaar geleden was de politieke situatie compleet anders in de wereld. Bush nog president, oorlogen in het Midden-Oosten aan de gang die nu nog hun weerslag kennen. Rusland speelde nog niet echt een grote rol, maar Poetin zat al wel in het Kremlin. Nederland had Balkenende die zich niets aantrok van de wens van het Nederlandse volk om geen Europese Grondwet in te voeren. Het referendum was hem niet welgevallig. Tien jaar later komt er weer een referendum. Opnieuw over Europa. Begeleid door de voorlieden van een partij die altijd voor het referendum waren. Maar ook voor Europa. En dus niet onpartijdig. Je ziet al aankomen dat de uitslag van het referendum wordt afgelegd in de bak ‘ongewenste stukken’. En dan blijkt dat er bepaalde zaken niet zijn veranderd in die tien jaar. Een daarvan is de betrouwbaarheid van de politiek. Die is gewoon nog steeds precies gelijk. En dat is geen fijne constatering.

1 jaar na Yde

WP_001113Op de 25e juni vorig jaar verruilde onze grote vriend Yde het tijdelijke voor het eeuwige. Zijn overlijden kwam als een grote schok. En anders dan je wel eens meer hebt bij dit soort gebeurtenissen, ebden de schokgolven niet zo maar weg. Nee, hij bleef intussen een jaar lang onderdeel van het dagelijkse leven. Gesprekken, anekdotes, data. Hij bleef in onze gedachten. Dat is toch wel typerend voor iemand met een grote wijsheid en interesse. Iemand die oprecht bezig kon zijn met de wereld om ons heen en daar een mening over vormde die weliswaar stellig, nooit in beton gegoten was. Het afscheid van Yde maakte ook duidelijk dat zelfs de grootste en stevigst gewortelde eik kan worden geveld door zoiets akeligs en afschuwelijks als de ziekte waaraan hij leed. Een strijd die door allerlei complicaties niet te winnen bleek. Afscheid nemen was niet echt mogelijk, hij vertrok zonder enig overleg. Niks voor hem. Altijd plande hij zijn reizen goed, dacht na, nam veel bagage mee, en liet weinig aan het toeval over. Zijn laatste reis was minder gepland en dat zorgde ook voor die beschadigingen bij allen die hem wat beter kenden, de familie uiteraard op de eerste plek. Onlangs was er een feestje in die familie. Goed georganiseerd, geweldige gastvrijheid, leuke sfeer. Maar wat misten we hem. Altijd goed voor een verhaal, voor een grap, voor een overweging over de ‘Fransen’ die de wereld al heel snel beter zouden kunnen maken ‘als…’. Zijn stoel staat  nog steeds in huis. Ik heb er sindsdien nooit meer in gezeten. Past niet bij het eerbetoon. Een jaar geleden alweer. En nog steeds doet het pijn. Is dan het bewijs niet echt geleverd dat de man behoorde tot de intieme vriendenkring waarvan een gemiddeld mens er vaak maar zo weinig heeft? We nemen een glaasje op zijn herinnering. En houden zijn herinnering in ere! Salut!

Bewijs geleverd……

Ma in Studebaker Mail0009Tijdens mijn voorbereidingen op het nog uit te brengen boek over mijn leven met en voor het automerk met ‘de Vliegende pijl’ in het logo zocht ik heel wat oude albums af naar plaatjes die mijn jeugdjaren en de stempels die deze zetten op mijn latere keuzes voor dat merk met die pijl konden onderbouwen. Zo was er ooit lang geleden een Studebaker in gebruik bij mijn leasepa. Een witte met rode bekleding, die ik me nog goed kon herinneren. Maar in de foto-albums die in de familie bestaan was het bewijs voor dat Amerkaanse rijgenot niet terug te vinden. En het was toch echt geen fantasie, maar werkelijkheid. Die kwam deels doordat broerlief en ik vaak anekdotes ophaalden uit de tijd dat onze moeder met bontjas en mooiste jurk aan op vrijdagavond in de (voor zijn tijd) enorme slee stapte om zich in stijl te laten vervoeren naar het hier toen nog bekende etablissement Slotania in het Amsterdamse Slotermeer. Daar wil je nu niet meer gezien worden, gevaarlijke hoek van de stad, maar toen echt creme-de-la-creme voor een hapje en drankje. Mijn ondernemende oom Frits woonde daar om de hoek in een chique flat en die schoof dan met zijn gezin aan om de week uit te luiden en een vorkje bij te steken.

2228592991_c1f97f4206_mDe Studebaker was een best grote auto naast de toch ook best imposante Opel Kapitan van Oom Frits. Maar waarom werd die Studebaker indertijd niet op de gevoelige plaat gezet? Ik bleef zitten met raadsels. Wel plaatjes van vele Skoda’s, IFA, Hansa, DKW etc., maar geen Studebaker. Was het wellicht omdat mijn moeder liever een Pontiac had gehad voor de deur? Of omdat de vette Yank er na enige tijd motorisch de brui aan gaf en aan een stevige motorrevisie moest. Feit is dat ik me die ritjes met dit luxe auto zelf ook nog goed kon herinneren. Al was het maar omdat mijn straatvrienden met bewondering keken naar die wekelijkse uitjes waarbij ik in mijn beste kleding mee mocht op de achterbank. Geen groter genoegen dan vol gas de straat uitrijden.

Studebaker Starliner wit 279548713_a7457fd55b_mWellicht was dat later de reden voor die motorschade? Onlangs zat ik op visite bij broerlief en we scharrelden door een blikken trommel vol oude plaatjes die nog kwamen uit de nalatenschap van ons beider moeder. Die is al een tijdje geleden gaan hemelen, maar die foto’s waren nooit echt boven water gekomen. Nu dus wel, en tussen alle bekende en onbekende mensen zagen we ineens dat ene bewijs voor het bestaan van die Studebaker uit onze jeugd. Ons moeder centraal in beeld. Met een guitige blik, achter het stuur van de enorme auto, terwijl ze zelf helemaal niet kon rijden. Maar wel ook in een bosomgeving, ergens in Nederland. Favoriet uitje van mijn moeder die gek was op de natuur. En zo werd een oude herinnering bevestigd en kwam een stukje historie terug uit een periode waar we als ‘kinderen’ best met een dubbel gevoel aan terugdenken. Maar dat is niet de schuld van die schitterende Studebaker. Meer van de toenmalige inzittenden…

Leerschool…

WP_000781Het leven is een leerschool. En anders dan je wellicht zou vermoeden als je zelf een jaar of veertien/vijftien bent, raak je als het goed is nooit uitgeleerd. De mens doet constant ervaringen op, loopt met zijn/haar bol tegen lampen, deuren of laag gehangen balken, stoot twaalf keer zijn teen aan dezelfde steen (of een die er veel op lijkt) en ontdekt dat de dingen toch net weer even anders in elkaar steken dan ze in eerste instantie leken te doen. Zo vergaat het mij net als ieder ander met een leeftijd van boven de puberale. Ik refereerde al eens eerder aan mijn ‘enorme kennis’ op het gebied van auto’s en vliegtuigen voor ik uberhaupt een stap beroepsmatig in beide werelden had gezet. Toen ik dat eenmaal had gedaan, bleken de imago’s en vooroordelen t.o.v. bepaalde zaken toch anders in elkaar te steken dan ik dacht. En is het idee dat je ‘alles weet’ een pure illusie. Je kunt proberen alle kennis op te doen, je te specialiseren en dan als expert door het leven te kunnen gaan, soms is verbreding ook net zo handig.

OLYMPUS DIGITAL CAMERANiet dat je nu meteen hoeft te weten dat een regenworm in het oerwoud van Nieuw-Guinea wordt aangeduid als de Archivaris graveengaticus of zo. Maar als je in je expertise gaten hebt zitten is dat wel lastig. Mij ergert dat meteen. Zo had ik onlangs een wonderlijke ervaring tijdens de AutoRAI die momenteel loopt. Ik mag er altijd wat eerder doorheen trekken, de Persdag is voor dat doen zeer geschikt. De Amstelhal van het complex stond vol klassieke modellen en die mogen zich ook bij mij in grote belangstelling verheugen. Immers, elke nieuwe auto die vandaag wordt aangeprezen, staat over tien jaar in die nostalgische hal of museum. Tussen al die fraaie bolides uit verloren dagen, een onooglijk karretje. Stoffig, klein, opvallend vorm gegeven. Nog nooit gezien! Dat intrigeert. Het bleek een elektrische auto van de Franse vliegtuigbouwer Brequet uit de oorlog te zijn.

Breguet_Electric_Car_02Dat deed zeer, kwam even binnen. Want a) ik wist niet dat Brequet ook auto’s had gebouwd, b) ik wist niet dat er een elektrische auto uit de Tweede W.O. in ons land te zien is bij het Louwman Automuseum in Den Haag. Dat komt aan, dat scheurt door de ziel, dat beschadigt mijn zelfvertrouwen.. Nou ja, niet overdrijven, een beetje. Juist vandaag beschrijf ik het ding op mijn autoblog. Wie het leuk vindt moet daar maar even gaan lezen. Maar neem van mij aan dat ik bij de voorbereiding van het verhaal enige tijd bezig ben geweest om alles uit te zoeken over dat apparaat. Tot groot genoegen. Kost wat tijd, maar dan heb je wat. En wat de tijd betreft; medebloggers die menen dat ik hen wat ben vergeten, hebben gelijk. Veel weg, vaak op reis, gedoe, het zorgt niet voor grote reactietrouw. Maar ik blijf jullie gewoon volgen hoor en kom waar mogelijk weer ff inhalen. Of er moet iets tussen komen. Een researchprojectje of zo….

Dilemma

01-Persbericht-Prijzen-nieuwe-SKODA-Fabia-en-First-Edition-oktober-2014Al een jaar of twee schrijf ik nu aan mijn verhaal over het leven met de Vliegende Pijl. Dat is voor enkelen wellicht bekend, andere fronzen nu de wenkbrauwen en denken ‘waar heeft die meninggever het over?’. Dat laatste snap ik goed hoor. Het gaat om mijn leven met het merk dat dit logo al sinds haar bestaan in haar kern heeft staan en via haar producten uitdraagt. Vele jaren van mijn werkende leven, maar ook daarvoor en na stonden op een of andere manier in relatie tot het Tsjechische automerk Skoda. Een fabriek die sinds 1905 auto’s bouwt maar al in de 19e eeuw faam en naam opbouwde doordat men staal, wapens, locomotieven en zo meer construeerde. Ik ben wellicht de enige figuur in Nederland die van een met Skoda’s opgevoed kind, opgroeide naar een Skoda-rijder, dealer, importeur, adviseur en daarna weer berijder van het merk. En dit over een tijdsspanne van pakweg een dikke halve eeuw.

ANE46 - Skoda Tudior 1949 - Voorschoten 030792 - Scan10120 In die jaren maakte ik heel wat met dit merk mee. De tijden van het communisme waren spannend, soms bijna beschamend, daarna kwam de opleving met het grote geld van Volkswagen, nu zien we de enorme groei van het merk met deze lange tradities. Er was en is veel onkunde over het merk. De meeste mensen die er iets over menen te weten kennen de geschiedenis of de gebouwde modellen eigenlijk helemaal niet. Ze oreren wat over het ‘Oostblok, tweetakt, plastic, pruttelen’ maar doen daarmee zwaar onrecht aan wat er bij Skoda allemaal plaatsvond en vindt. Het is uit die streken een van de merken met een volkomen eigen productontwikkeling door de decennia heen, waar de Russen., Polen, Joegoslaven, en Roemenen slechts licentiemodellen van oudere westerse auto’s wisten te vermarkten. Hoe dan ook, dat leven met dat merk maakt me productief als het over verhalen gaat. Ik kan er dagen mee vullen.

WP_002810 Dat is soms niet zo leuk voor de ontvanger die er niks mee heeft. Dus besloot ik een tijdje terug om er eens een boek over te schrijven. Dat is nu bijna af. Maar ik heb wel geleerd dat boeken schrijven een is, die dingen verkopen een tweede. Daarbij hoef je niet per definitie te rekenen op hoge aantallen verkochte exemplaren als bepaalde lieden de inhoud niet welgevallig is. En dat maakt dat ik ben gaan twijfelen. Wellicht handiger om het geheel in stukken en brokken, inclusief leuke foto’s digitaal te delen? Gewoon via dit of mijn autoblogs? Dan kan iedereen die het leuk vindt om te zien hoe zo’n malloot als ik tot deze passie is gekomen daar meelezen en kost het zelfs helemaal niks. Of toch gaan voor het ego van de auteur en alsnog een boekje laten produceren? Dilemma, lastig, nadenken, overwegen en aan jullie vragen. Hoe kijken jullie hier naar? Ik beloof je dat het in beide gevallen heel goed leesbaar zal zijn en veel vertelt over een automerk dat zich echt voor helemaal niets zou hoeven schamen. Net zo min als ik. Nou, kom maar op met jullie commentaren……

Aanrader van jewelste; Nationaal Militair Museum!

WP_20150219_001Nederland kent een grote geschiedenis waar het onze krijgsmachten betreft door de eeuwen heen. En die geschiedenis werd op een paar verschillende plekken, zeer terecht, uitgestald en aan het publiek getoond. Opdat wij niet vergeten en ook ons niet nog eens laten ondersneeuwen door hen die menen dat als de vijand komt je maar het best de handen omhoog kunt doen en met een witte vlag wapperen. Hoe dan ook, twee grote museale organisaties werden onlangs samengevoegd. Het Legermuseum in Delft en het Militaire Luchtvaart Museum in Soesterberg/Kamp van Zeist. De Koning opende het nieuwe onderkomen voor deze nieuwe expositie op de vroegere vliegbasis Soesterberg eind vorig jaar en onlangs vond ik zelf de tijd rijp om ook eens te kijken wat daar zoal te zien was. Nou, dat viel niet tegen. Dan druk ik me nog bescheiden uit. Een prachtig gebouw, een park vol (ook voor kinderen)aantrekkelijkheden, platforms met nog wat grotere buiten geparkeerde vliegtuigen, een koffiecorner en een (goed geoutilleerd) restaurant.

WP_20150219_031De expositie is omvangrijk, mooi uitgestald, maar grijpt je niet naar de keel zoals ik door het enorme aanbod daar ondervond in Overloon vorig jaar. De ruimte in het gebouw is groot, men heeft ook heel wijs gekozen om de nodige vliegtuigen aan het plafond te hangen en als je de juiste route volgt (of vindt) is er een zekere logica in de ontwikkeling van de eerste Brik van Farman tot de laatste F16 van de Koninklijke Luchtmacht. Ook voor de legerexposities geldt dit. Je moet je route even zoeken en dan volgen. Van de eerste pijl en boog tot de laatste lichtgewicht geweren. Er zijn veel zaken die voor kinderen fantastisch zijn. Simulators, maar ook een aantal dingen die je kunt uittesten op een maliënkolder of harnas. Je krijgt films te zien over verleden en heden, de verbinding met het Koninklijk Huis, kortom, het is best een paar uur werk om alles eens goed te bekijken.

WP_20150219_020Jammer is wel dat men bij de inrichting heeft gekozen voor veel grijs en kaal beton. Dat oogt wonderlijk en soms wat saai, maar op de trappen is dat materiaal i.c.m. de kleur zelfs een beetje link. Er moet kennelijk ook nog wat illustratiewerk verzet worden, want bij sommige vliegtuigen staan geen bordjes, terwijl dit bij andere wel goed is geregeld. Ook een echt goede route-aanduiding zou handig zijn. En dat geldt zeker ook voor de af- en aanvoerroutes buiten want daar moet je echt wel een beetje de weg kennen of je TomTom juist instellen. Parkeren is er gratis, maar het parkeerterrein ligt wel wat ver weg voor hen die slechter ter been zijn. Wel goed is dat die parkeerplekken ook nog eens bewaakt worden door vrijwilligers. Die zelfde categorie kom je binnen ook tegen. Keurig in pak gestoken en met vaak een goed verhaal. Er zijn rondleidingen mogelijk. Toiletten en liften genoeg, er is een (vrij dure)shop en je kunt je jas en/of rugzak keurig opbergen in (gratis) kluisjes.

WP_20150219_046Fotograferen mag, maar flitsen niet. Dat laatste snap ik niet helemaal, want bij een zonnige dag valt er zoveel licht binnen dat die slechter is voor de lak of schilderijen dan een flitslampje van een smartphone of fototoestel. Hoe dan ook; een aanrader van jewelste dit museum. Meer dan de moeite waard. Voor Museum-Jaarkaarthouders is de toegang ‘gratis’, voor volwassenen is de toegang een tientje. Maar dat is echt geen geld voor het gebodene. Op enige afstand zag ik nog wat  ‘opknappertjes’ staan. En op de begane grond van het museum is nog ruimte over voor wat extra ‘exponaten’. Kortom, dit museum komt bij mij op het lijstje van regelmatig te bezoeken gebouwen. Leuke ervaring!

Vertel eens opa?!

537872343_605968587f_mIk herinner mij nog goed dat ik als jong mens me altijd trachtte voor te stellen hoe het moest zijn voor hen die indertijd al ouder waren dan mijn huidige leeftijd aangeeft te zijn en dat die mensen niet alleen de Tweede Wereldoorlog hadden meegemaakt, maar daarvoor ook nog eens de komst van het vliegtuig, de opkomst van de auto, de introductie van de telefoon en voor wie de eerste moderne elektronica uit die jaren waarover ik spreek, bepaald de nodige geheimen kende. Ze hadden de grote zeppelins nog gezien en dat vonden wij als jeugdigen vaak allemaal buitengewoon spannend al moest ‘opa’ niet al te lang blijven doorpraten over die dingen, want de moderne tijd was snel en er was nog zoveel meer waarover je het kon hebben dan alleen die oude geschiedenis. Laten we wel zijn, de kleurentelevisie kwam er voor ons aan, straalvliegtuigen namen het over van oude propellerkisten en op het spoor was stoom vervangen door elektrische treinen. We leefden in een tijd waarin de vele medewerkers van de kantoren waar ook ik werkte, vervangen werden door de meest wonderlijke apparaten die we indertijd nog ‘Hollerit-machines’ noemden maar die in feite niet veel meer waren dan kamer grote computers.

GVB - Lijn 13 Westermarkt 1955 Later zagen we de eerste spelcomputers komen, we gingen per raket de ruimte in en vlogen zelfs naar de Maan. Reizen deed je nog per groot schip. Een auto bleek voor  vrijwel iedereen bereikbaar, een huis ook, al moest je dan vaak wel verhuizen naar een of andere gemeente die wat verder van de bekende grote steden vandaan lagen. Je fotografeerde met een camera waarin je met een beetje geluk 36 opnamen kon maken en waar datzelfde geluk je overviel als de ontwikkelcentrale die opnamen niet wist te verpesten. Nederland kende weliswaar gastarbeiders, maar die kwamen, werkten hard en vertrokken weer. En we gingen deels nog naar de diverse kerken, die in hun eigen omroepen op de radio en tv zenders duidelijk gescheiden van elkaar weg zochten voor hun  boodschappen. De faxmachine kwam, wat een uitvinding, de elektrische schrijfmachine. (Ja jongen, dat was een soort computer maar dan met hamerende toetsen die het werk deden wat je nu met een laptop en printer kunt) De telex werd overbodig, net als de telegraaf.

AND06 - Amsterdam - Kloveniersburgwal 250891 Scan10053Post werd nog bezorgd door de PTT, maar dan ook elke dag en die mannen zagen er ook nog keurig uit. Je had kaartjes nodig voor de tram en met een beetje geluk stapte je binnen 3 kwartier over van de ene lijn op de andere zonder bij te hoeven betalen bij de conducteurs. Wie wilde werken vond altijd een baan en je afkomst maakte vaak welke opleiding je kon volgen. Voetballers waren nog niet over het paard getild en kregen niks betaald. Net zoals Ard en Keessie….. Deze overwegingen maak ik nu ook wel eens. Probeer je kleinkinderen nu maar eens te interesseren voor zoiets als de zaken die ik hiervoor noemde. Men ziet het als zoiets wat wij vroeger de Middeleeuwen noemden. Goh…stoomtreinen, het zal wat. En dat vindt men ook van de zaken die hiervoor zijn beschreven. En zo zucht opa en gaat zijn eigen weg. Mijmert over die oude treinen, schepen, vliegtuigen en vindt die moderne tijd best snel gaan. Want opa is een dagje ouder. En had nooit gedacht dat hij dat ooit zou constateren. Opa wil graag jong blijven, maar is dat vooral in zijn hoofd…..

Sprookjes….

Amazing look, a bug has landed!Een van de ergste gebeurtenissen uit mijn jeugd was het bekijken van de film over Bambi. Ik weet nog goed dat mijn moeder ons meenam naar deze film die toen nog in een van de buurtbioscopen uit die tijd werd vertoond. Bambi was een tekenfilm van Walt Disney en beschrijft het leven van een klein hertje. Ergens in dat verhaal gaat er van alles mis in het bestaan van dat arme diertje. Zijn moeder komt om en ik heb daar in mijn kleuterjaren hartverscheurend om zitten huilen. Tot verbazing van mijn moeder zaliger, die dat maar kinderachtig vond. Zelf huilde ze overigens dikke tranen bij de dood van President Kennedy en dat snapte ik dan weer niet, maar dit terzijde. Die sprookjes zitten dus slim in elkaar. Ze zijn een afspiegeling van fantasie en werkelijkheid en bedoeld om mensen een bepaald gevoel mee te geven. Vooral kinderen zijn er gek op en daarom zijn ook de sprookjes die in een geloof of vanuit traditie worden neergelegd vaak voor veel mensen ‘heilig’. Denk maar eens aan Sinterklaas. De associatie die kinderen hebben is toch iets mysterieus als ze denken aan de oude baas die vanuit Spanje met een (veel te kleine) stoomboot deze kant op komt om al zijn vergaarde kapitalen uit te delen aan lieve kinderen.SinterBram

In feite is hij de ultieme Sinte Maarten (St.Martinus) die om deze reden alleen al in Duitsland wordt bejubeld en daar snoepgoed en cadeautjes uitdeelt op de dag dat bij ons kinderen langs de deuren komen bedelen om dat spul. Die Klaasfiguur is best wat triest. Komt eigenlijk uit Turkije, blijkt zijn kapitaal vergaard te hebben in Spanje en vaart vandaar over de hoge golven naar onze streken. Vergezeld van een paar knechten die tegenwoordig als assistent logistiek manager door het leven moeten gaan om mensen die nooit hebben geloofd in sprookjes tevreden te houden. Na de Sint is het volgende sprookje alweer aan de beurt. Gaan we Kerst vieren. Op christelijke of frisdrank-gebonden wijze. We geloven het sprookje van dat kindje dat in een koude stal werd geboren en daarna de wereld van de zondeval zou gaan redden. Of we geloven weer in die Amerikaanse broer van Sinterklaas die met een door rendieren getrokken slee door de lucht vliegt en ook alweer zijn pakjes door de schoorsteen mikt.

kong9575f6qj4Je zult een huis met alleen stadsverwarming of cv bezitten. Maar goed, het sprookje is goed voor wat warmte, opgewekt bij elkaar, door elkaar. Warmte die past bij de seizoenswende die al bij de Germanen werd gevierd. Omschakeling van donker naar licht. Wij doen dat meestal door overal lampjes neer te zetten of hangen en het ons gemakkelijk te maken. En als we echt in sprookjes geloven constant mee te zingen met al die liedjes die passen bij het seizoen. Tot ook dat niet meer mag van groepen die niet geloven in sprookjes als ze deze niet zelf hebben bedacht. Sprookjes die zijn bedoeld om bij hen het licht aan te krijgen en bij ons uit. Kijk daar vooral voor uit en geniet van de sprookjes die zich nu bij ons afspelen. Opdat u niet net als ik indertijd als klein kind in tranen achterblijft…