De V van Verzamelen (reprise)

Oh wat heb ik warme herinneringen aan tv-programma’s als ‘Showroom’, ‘Het Pakhuis’ of soortgelijke. Het waarom ligt hem in het feit dat ik als verzamelaar en liefhebber van wat ik steeds weer zie als leuk en (be)waardevol daarbij bevestiging vond van mijn gelijk. Het is leuk om er een serieuze hobby op na te houden en ‘later’ zou ik wel zien wat er dan met al dat spul zou gebeuren. De uitstalling van al dat verzamelde spul nam al snel een paar kamers in beslag en daar gingen we altijd vrij slim mee om. Later werd het vooral een kwestie van stapelen en was tussen de diverse kasten en vitrines doorlopen een tamelijk hachelijke onderneming. Maar ook huiskatten zijn een redelijk slechte toevoeging aan in kasten opgestelde modellen. En het begon ooit zo simpel. Een plank boven mijn (opklap)bed in het ouderlijk huis herbergde de eerste zelf gebouwde vliegtuigmodellen. In een aantal kastjes lagen mijn luchtvaartbladen en boeken.

Toen ik ging trouwen en verhuisde naar ons eigen piepkleine woninkje werd er voor de hobbyspullen ook een ruimte gebouwd, in een gangkast bovenaan de toen vrij steile  trap. Maar al snel woonden we ruimer en kregen de liefhebberijen meer ruimte. En begon de grote expansie. Een jaar of tien geleden, voorafgaand aan de verbouwingen in en aan ons huis die extra ruimte moest bieden, had ik de meeste zaken weer eens in de handen. Het was onvoorstelbaar veel. Alleen al het parkeren en opslaan van al die dozen vol mooie zaken bracht een hele logistieke operatie met zich mee. Toen de boel klaar was en de herinrichting begon van vooralsnog alleen mijn hobbymuseum bleek al snel dat het heel lastig zou zijn om alles weer terug te plaatsen. Het paste niet meer zo goed. Een jaar lang heb ik staan passen en meten. Velen om mij heen zuchtten dat het wellicht handiger was om wat zaken te verkopen, dingen weg te doen of me zelfs te specialiseren.

Klinkt leuk, maar wie eenmaal besmet is met een verzamelaarvirus kan dit dus niet. Als ik al zwakten heb zitten in mijn karakter, dan deze wel. We zijn nu een aantal jaren verder, en warempel, het past nog steeds. Veel van de uitgestalde waren zijn goed te bekijken. Het papieren archief heeft een plekje gekregen en zaken die ik niet kwijt kan keurig netjes opgeslagen. Vol is vol, dat is zeker, en ik heb al eens verhaald dat het hier voor enkele bezoekers claustrofobisch aandoet. Maar de ware liefhebber vindt het hier schitterend. En daar gaat het me om. Liever een huis vol hobbyspullen waaraan wij (vrouwlief heeft zo haar eigen verzamelingen) plezier beleven dan een vol geraniums waarachter we ons zouden moeten vervelen. Hoe kom ik nu (weer) op dit onderwerp?

Wel in Oost-Nederland is ooit door een Provinciaal bestuur ruim een miljoen Euro betaald om een collectie van een ‘alles-verzamelaar’ op leeftijd over te nemen die anders dreigde uit elkaar te vallen. De collectie is zo groot dat de man nauwelijks meer kon leven in zijn woonhuis en schuur. Er is dus nog hoop, ik kan gewoon doorgaan met verzamelen, de Provincie of de Gemeente ziet het wellicht straks allemaal als echt museaal en van lokaal of regionaal belang en is er toch nog hoop voor zoonlief. Die dreigde al dat na mijn onverhoopte verscheiden de hele boel in de ‘container’ zou worden gesmeten. Zou wel zonde zijn van al die potentiele waarde natuurlijk. Hoewel de jongere generatie gemakkelijker met geld smijt dan de oudere….Maar een miljoen Euro? Gelukkig is alles hier wel gecatalogiseerd. Dat had die man in het oosten des lands niet gedaan. Ik maak het mijn opvolger(s) ook veel te gemakkelijk en voor de goede orde, het is lang niet zoveel waard!

De Fundatie

wp_20161115_008Vrouwlief wilde er graag een keer heen. Het Zwolse Museum De Fundatie. Aan de buitenkant van het centrum gelegen, niet ver van het station daar. Direct herkenbaar aan de ‘tulband’ die dient als bovenste deel van een verder prachtig en stijlvol gebouw. Regionaal museum voor kunst en cultuur. Vol kamers en zalen en in die tulband bij mooi weer een aardig uitzicht over de oude provinciehoofdstad Zwolle. Onlangs waren we daar dus, de trein bracht ons er in een uurtje reistijd. Het was heel erg nat buiten, het zicht beperkt tot pakweg 100 meter en dat niet zozeer door mist maar door een constant vallende motregen. Zwolle glom, niet van trots. Wel van de nattigheid. Het museum bood uiteindelijk warm onderdak. Er liep een expositie rond het ‘Zie de mens – 100 jaar, 100 gezichten’ thema. Op zich interessant, maar uiteindelijk niet zo aan ons besteed. Het was mij zeker te somber allemaal en wat ik zag van beroemde kunstenaarsnamen deed me huiveren bij het idee dat daar door liefhebbers en musea grof geld was betaald.

wp_20161115_022Ik zou het niet in de kamer willen hebben staan of hangen. Het was er ondanks dat aardig druk. Leek wel of half (bejaard) Zwolle was uitgelopen voor deze expositie. Even de bordjes lezen bij de verschillende objecten bleek vrijwel onmogelijk. Nou ja, het zorgde wat ons betreft voor een snelle rondgang. We beklommen de vele trappen in het museum om boven in die tulband nog even te zien wat daar zoal was uitgestald. Het was vrij modern allemaal en zeker qua onderwerpen onherkenbaar. Leuk voor de liefhebber, maar wederom niet voor mij of vrouwlief. Omdat ook het uitzicht op de stad door de regen werd verpest, namen we al snel het besluit om het museum maar te verlaten. We hebben het nu tenminste gezien. We weten waar het ligt en wat je in die tulband kunt bekijken. Niet echt onze smaak. Gelukkig was het centrum vlakbij en vermaakten we ons nog even in de schitterende boekhandel Wanders en bij de bekende banketbakker van Orsouw aan de Grote Markt. Daarna namen we de trein en reden terug naar het westen. Waar het nog net zo nat en grauw was als in Zwolle. Geen weer om in te lijsten. Maar ja, herfst!

De Smartphone….

Nokia mobiels 001Hij oogde niet echt oud. Jaar of 40/45. Vlot type, T-shirt, zo’n hangende jeansbroek zonder riem waardoor zijn merkboxerband zicht- en leesbaar was. Kale kop, net als ik. Hij stonk naar drank. Niet dat me dat nu meteen zorgen baarde, maar om half elf in de ochtend is mij persoonlijk wel erg vroeg. Hij stapte hijgend na mij de lift in van het gebouw waar ik voor familiebezoek te gast was. Moest een paar etages lager zijn. Zodra de lift zich in beweging zette begon hij tegen me te praten terwijl hij zijn smartphone uit zijn broekzaak opviste. ‘Tis toch wat he’, zei hij met tamelijk luide stem, licht hijgend nog steeds, ‘vroeger had je helemaal geen benul van het bestaan van die dingen, je had het ook niet nodig. Maar nu, je ken nie zonder he.’. En om het bewijs te leveren van nut en noodzaak ging het ding af en drukte hij op drie of vier knoppen om een gesprek aan te nemen. Lukte niet. Misprijzend keek hij naar het op zich slimme ding. Toen naar mij. ‘Nou dat wordt terugbellen……’zuchtte hij. De alcoholwalm kwam me tegemoet. Intussen had hij zijn etage bereikt en stapte uit. Wenste me een geweldige dag verder en liep naar de toegangsdeur van de hal waar ook de lift zijn tussenstop had gevonden.

sts104-315-013Ik vervolgde mijn reis, hangend aan de liftkabels, naar een paar etages hoger. Dacht na over wat hij zei. Ik ben, ik schat het netjes in, twintig jaar ouder dan de betrokken vent, weet ook nog dat we geen smartphones hadden of diens voorgangers. Maar ik weet ook dat ik mijn eerste mobieltje een jaar of twintig geleden toevoegde aan de spullen die behoorden bij werkstatus en gemak. Je kon met die eerste dingen vooral bellen. Handig onderweg, al waren de batterijen dan vrij snel leeg. Maar ik was ook veel in het buitenland en dan was die telefoon ook mijn levenslijntje naar de thuisbasis. Later kon je sms-sen, dat was een prachtige toegevoegde waarde. Met een handsfree-set was er met die toestellen ook in de auto te bellen. Het comfort en gebruiksgemak werd er steeds groter door. Om over te gaan in die smartphone-generatie waardoor ik nu een toestel heb waarmee ik betere foto’s maak dan met veel van mijn compacte digitale camera’s, mijn socials bedien, een agenda bijhoudt, kijk hoe het weer onderweg zal zijn, het laatste nieuws kan bijhouden zodat de kranten overbodig werden en ook nog kan mailen en whatsappen.

INMAG2-NOKIA-n95-Main-Flash_nlHet ding helpt me via satellieten bij het reisroutes kiezen, zoekt of boekt de dichtstbijzijnde restaurants als dat nodig is of de benodigde parkeergarages. Kortom, Smart is echt Smart en ik geniet daarvan. Met dank aan zoonlief die me aan die machinerie wist te helpen. Kostte wat moeite maar eenmaal over stag ben ik een adept. Ik kan me niet eens meer voorstellen hoe het is zonder…… De Smartphone verving veel wat vroeger allemaal apart moest worden bijgehouden. Kortom, geweldige dingen. En oh ja…..je zou er ook mee kunnen bellen natuurlijk. Mits je weet waar de knop zit om aan te nemen. En daar ga ik net als die liftreiziger onlangs ook vaak de mist mee in. ‘Kan altijd terugbellen’ is dan ook mijn conclusie. Maar of dat nu zo ‘smart’ is…?

Naar de oosterburen….

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Kleve 

Onlangs waren we weer eens bij de oosterburen. Voor ons een klein feestje. Niet alleen omdat we er heel wat boodschappen kunnen doen, of de auto een keer lekker goedkoop vol mikken met daar heel wat centen minder kostende brandstof. Het is ook de sfeer. Veel van de plaatsen die voor ons binnen pakweg 1,5 uur rijden te bereiken zijn bieden een heel plezierige sfeer en de mensen zijn er enorm relaxed. Daarbij zijn er nog boekenwinkels die zaken verkopen die je hier niet (meer) tegenkomt en is het eten er zalig. Onze overheid wil nog wel eens beweren dat bepaalde zaken in Duitsland echt niet goedkoper zijn dan bij ons in Nederland. Wij weten na al die decennia van Duitse tripjes beter. De benzine is er bijvoorbeeld 15 cent per liter voordeliger. (en daar zit de MRB al voor een deel in verpakt voor de Duitse automobilist..).

ff naar Kleve geweest, waar het 20 graden warm was en zonnig...

Kleve

Geldt ook voor wijnen, brood, haarverf, boeken, en zo meer. Als je dan de auto eens per zoveel weken helemaal vol mikt met al die zaken zoals ik hier noemde (en meer, want ik ga ook voor de liefhebberijen graag die kant op..), heb je best een aardig voordeel behaald. Dat die ritten geld kosten ben ik me bewust. Maar laten we wel zijn, rijden en reizen doen we toch wel, en Duitsland is een favoriete bestemming voor ons. Een glaasje op een terras aan de enorm brede en hard stromende Rijn is iets bijzonders. Ik snap wel dat men daarover hele area’s kan zingen. De uitzichten zijn er soms adembenemend, je moet ff de juiste plekjes opzoeken.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Bocholt

Je moet bij de planning wel rekening houden met files onderweg uiteraard. Zeker aan de Nederlandse kant van de grens wil het nog wel eens her en der vastlopen. En als we terug komen is het net of we ergens bij Arnhem in een soort trechter rijden. Je snelheid gaat er vanaf dat moment vanzelf wel uit. Neemt niet weg dat we die 1,5 uur vaak wel halen. Kortom, als ik teveel dooor draaf wilt u mij wel vergeten…toch?? Het is er gewoon leuk en ik vind het zelf lekker….

Opgeruimd richting Mercurius

Mercurius WP_20150607_001Vrouwlief nam onlangs het voortouw waar het ging om opruimen van overbodige boeken en andere zaken. In de loop van de decennia bouwden wij een best enorme bibliotheek op en een deel van die leeswaar is na controle echt qua inhoud te oud of te suffig om nog eens in te kijken. Dat ruimt lekker op, want inmiddels gingen al een doos of 15-16 naar de Kringlopers in de buurt. Maar er blijft nog genoeg over waar we een bestemming voor moeten zoeken. Onlangs, de koffie met de taart op tafel, moest ik van haar een serie boekjes bekijken die ofwel ‘bleven’ dan wel ‘gingen’. In een daarvan vond ik een krantenknipsel uit 1970, zelf uitgeknipt indertijd en mij een blik gevend in mijn toenmalige interesses. Het stukje (Parool) legt uit dat de NASA een ruimtereis plande met een stevig stukje techniek dat in het najaar van 1973 zou worden gelanceerd naar de planeet Mercurius. Het intrigeerde me, want ik had geen idee of dat ding überhaupt wel is opgestegen en of we die pokdalige planeet ook hebben bereikt. Dat vraagt om nakijken. En dat doe je niet meer in boeken, maar op internet.

Mercury_in_color_-_Prockter07-edit1De indertijd nog als MVM-73 aangeduide missie is inderdaad gelanceerd. Maar toen heette het ding intussen Mariner 10 en was het apparaat al twee keer zo zwaar als ooit gepland. En moest hij onderweg ook nog een paar andere taken uitvoeren. De Mariner moest via een ingewikkeld parcours ook Venus aan doen en onderweg gelijk even wat kometen bestuderen. Uiteindelijk is hij langs Mercurius gescheerd, de kleinste planeet van ons zonnestelsel en we kennen hem als collega-planeet al een paar eeuwen. Om er te gaan buurten is de planeet niet zo geschikt. Zijn positie t.o.v. de zon maakt hem niet echt leefbaar. Zo komen daar de grootste temperatuurfluctuaties voor uit het hele zonnestelsel. Is het er donker moet je rekening houden met 173 graden vorst, komt de zon op verschroei je er vrijwel meteen met 427 graden boven nul. Daar helpt geen enkele zonnebrandcrème meer tegen.

Mercurius uiPIA19420-Mercury-NorthHem-Topography-MLA-Messenger-20150416Mercurius is bijzonder grillig gevormd, en zou volgens experts, die zich o.a. baseren op de metingen zoals verricht door de Mariner, een kern hebben die nog eens drie keer groter is dan die van onze eigen Aarde. Onherbergzaam dus, en niet echt aantrekkelijk. Maar door alle informatie te bestuderen leren we meer over het heelal. Overigens lanceerde NASA in 2004 de Messenger, en die satelliet draaide maar liefst 4000 keer rond de planeer Mercurius. Mariner 10 was toen al een tijdje verdwenen. Opgeruimd in de grote kringloop van de ruimte. Wie weet komt die over duizenden jaren nog eens terug, om te zien dat onze thuisplaneet er heel anders uitziet dan toen hij vertrok voor zijn lange reis….

Dilemma

01-Persbericht-Prijzen-nieuwe-SKODA-Fabia-en-First-Edition-oktober-2014Al een jaar of twee schrijf ik nu aan mijn verhaal over het leven met de Vliegende Pijl. Dat is voor enkelen wellicht bekend, andere fronzen nu de wenkbrauwen en denken ‘waar heeft die meninggever het over?’. Dat laatste snap ik goed hoor. Het gaat om mijn leven met het merk dat dit logo al sinds haar bestaan in haar kern heeft staan en via haar producten uitdraagt. Vele jaren van mijn werkende leven, maar ook daarvoor en na stonden op een of andere manier in relatie tot het Tsjechische automerk Skoda. Een fabriek die sinds 1905 auto’s bouwt maar al in de 19e eeuw faam en naam opbouwde doordat men staal, wapens, locomotieven en zo meer construeerde. Ik ben wellicht de enige figuur in Nederland die van een met Skoda’s opgevoed kind, opgroeide naar een Skoda-rijder, dealer, importeur, adviseur en daarna weer berijder van het merk. En dit over een tijdsspanne van pakweg een dikke halve eeuw.

ANE46 - Skoda Tudior 1949 - Voorschoten 030792 - Scan10120 In die jaren maakte ik heel wat met dit merk mee. De tijden van het communisme waren spannend, soms bijna beschamend, daarna kwam de opleving met het grote geld van Volkswagen, nu zien we de enorme groei van het merk met deze lange tradities. Er was en is veel onkunde over het merk. De meeste mensen die er iets over menen te weten kennen de geschiedenis of de gebouwde modellen eigenlijk helemaal niet. Ze oreren wat over het ‘Oostblok, tweetakt, plastic, pruttelen’ maar doen daarmee zwaar onrecht aan wat er bij Skoda allemaal plaatsvond en vindt. Het is uit die streken een van de merken met een volkomen eigen productontwikkeling door de decennia heen, waar de Russen., Polen, Joegoslaven, en Roemenen slechts licentiemodellen van oudere westerse auto’s wisten te vermarkten. Hoe dan ook, dat leven met dat merk maakt me productief als het over verhalen gaat. Ik kan er dagen mee vullen.

WP_002810 Dat is soms niet zo leuk voor de ontvanger die er niks mee heeft. Dus besloot ik een tijdje terug om er eens een boek over te schrijven. Dat is nu bijna af. Maar ik heb wel geleerd dat boeken schrijven een is, die dingen verkopen een tweede. Daarbij hoef je niet per definitie te rekenen op hoge aantallen verkochte exemplaren als bepaalde lieden de inhoud niet welgevallig is. En dat maakt dat ik ben gaan twijfelen. Wellicht handiger om het geheel in stukken en brokken, inclusief leuke foto’s digitaal te delen? Gewoon via dit of mijn autoblogs? Dan kan iedereen die het leuk vindt om te zien hoe zo’n malloot als ik tot deze passie is gekomen daar meelezen en kost het zelfs helemaal niks. Of toch gaan voor het ego van de auteur en alsnog een boekje laten produceren? Dilemma, lastig, nadenken, overwegen en aan jullie vragen. Hoe kijken jullie hier naar? Ik beloof je dat het in beide gevallen heel goed leesbaar zal zijn en veel vertelt over een automerk dat zich echt voor helemaal niets zou hoeven schamen. Net zo min als ik. Nou, kom maar op met jullie commentaren……

Duitse voorkeuren

OLYMPUS DIGITAL CAMERANiet dat ik nu meteen een Germanofiel ben hoor, maar als je mijn buitenlandse tripjes op jaarbasis eens bekijkt zie je toch dat ik wel een regelmatige voorkeur vertoon om even die kant op te gaan. Elk jaar weer. Dat is ooit ontstaan door een bezoekje aan familie van vrouwlief en nadien was ik ‘om’. Het is een andere wereld daar, ik vind zelf de mensen er best aardig en wie meent dat Duitsers geen humor hebben kent ze domweg niet. Daarbij heb ik nog eens gewerkt voor een bedrijf met het hoofdkantoor in Duisburg en later bij een automerk dat als moeder de grootste Duitse autobouwer heeft. Kortom, de links met de oosterburen waren voor de hand liggend. Maar daarnaast ben ik ook een winkelaar. Niet zozeer van de frutsels of fratsels, maar voor de liefhebberijen iets opzoeken is een sport. En in Duitsland lukt(e) me dat buitengewoon goed. Of het nu ging om de vliegende vrienden, de auto’s of de bibliotheek. Altijd vond ik wel iets van de gading en dat al sinds de tweede helft van de jaren zestig.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAHet onzalige plan van de Duitse regering om tol te heffen op het gebruik van de autosnelwegen, daar snap ik dus niets van. Voor veel mensen in de grensstreek is Duitsland uberhaupt al een eldorado. Al was het maar om de veel lagere brandstofprijzen. Je tankt er echt al snel voor een 12-15 cent lagere literprijs. Niet verkeerd. Nederlanders uit de randdelen van ons land zijn er dus veel te vinden. Je kunt er nog parkeren in het centrum en de prijzen zijn er vaak lager. Daarbij zijn de etenswaren er gemiddeld goedkoper, de schnitzels dikker, malser en groter, en zijn de kerstmarkten er op sommige plekken buitengewoon sfeervol en gezellig. Ik heb veel van Duitsland gezien. Ik mag me verheugen op het feit dat ik ook de DDR nog meemaakte. Een andere wereld, maar wel heel Duits. Door de steeds drukker wordende wegen zijn onze ‘dagtripjes’ tegenwoordig wat korter dan voorheen. Ritjes van 2,5 uur heen en dan nog eens zo lang terug op een enkele dag is iets te veel van het goede geworden. Je moet ook nog lopen daar…… Nee, we houden het nu op de grensstreek en kennen onze bestemmingen binnen de beperkingen aardig. Dat geeft nog steeds wat we er zoeken, zonder dat we meteen een grote stad aantreffen met alle hectiek en drukte op de weg van dien. Kortom, Duitsland is voor ons een leuke uitvluchtmogelijkheid.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAIk geef wel toe dat ik hetzelfde zou willen voelen bij de Belgen of de Britten. Maar die laatsten hebben zich omringd met water en dat is toch een flinke barriere. Al ben ik ook gek op de Engelsen of Schotten. Bij de Belgen is de chaos altijd compleet en moet je van goede huize komen om ergens binnen de geplande tijd aan te kunnen komen. Toch bezochten we in de achter ons liggende jaren ook heel wat steden daar.Zelfs dit jaar waren we er nog even. Alles overziend hebben we in 2014 weer heel wat kilometertjes afgelegd. Volgend jaar opnieuw? Eens zien hoe het gaat. Zin heb ik er altijd in. Maar we wachten maar even tot de Schlussverkauf begint…

Duits lezen

OLYMPUS DIGITAL CAMERAIk geef meteen toe dat ik de Duitse taal vast niet zo goed beheers als de Duitsers zelf, maar het lezen van bladen en boeken uit dat land gaat me al jaren goed af. Zo goed zelfs dat ik er niet voor schroom elke boekhandel die ik tegenkom daar binnen te stappen op zoek naar aanvullingen op de informatie die ik nodig meen te hebben voor het juist interpreteren van zaken die met luchtvaart, automobilia of geschiedenis van doen hebben. En neem van mij aan dat het nog een echt genoegen is om winkels als Thalia of de Mayerische Buchhandlung binnen te stappen. Omdat men nog een echt breed aanbod kent en je wel erg weinig interesse moet hebben wil je er niet met ‘iets’ leuks naar buiten komen. Mits je de taal een beetje machtig bent natuurlijk. Want de Duitsers lezen veel, maar wel voornamelijk in hun eigen taal. Waar wij Nederlanders nog wel eens de moeite doen om andere talen tot ons te nemen, de Duitser laat dit liever achterwege. kiks mis mee, maar het is maar dat je het weet.

WP_20141005_034Ik vind hun geschiedschrijving ook prachtig. Kocht veel boeken over bijvoorbeeld het leven en wonen in de voormalige DDR. De boeken over de hobbygebieden die mij aanspreken waren vaak talrijk, een zekere fascinatie is de Duitser niet te ontzeggen waar het de eigen landsgeschiedenis betreft. Daarbij kennen ze een reeks van grote schrijvers, en komen er in tegenstelling tot ons land, heel wat boeken uit per jaar. Bij de Mayerische Buchhandlung verpakken ze al dat nieuws in een geweldige catalogus. Al ruim tien jaar doen ze dit en dat is al een boekwerk op zich. (en ja, ze hebben ook een digitale versie, een eigen webwinkel en Facebookaccount). De meest recente versie is 204 pagina’s dik. Ik kreeg hem onlangs in handen toen ik weer eens een prachtig boek over de geschiedenis van de luchtvaart kocht bij hun filiaal in Moenchen-Gladbach. De dames aan de kassa vermeldden nog even dat zij ook in dat boek stonden afgebeeld, trots wezen ze nog even hun portretjes aan die voorin waren neergezet.

WP_20141017_001Tussen vele collega’s uit de vestigingen van het bedrijf in het gebied waar de Mayerische opereert. Een fijne winkel, maar dat is Thalia ook en zo zijn er nog wel een aantal te vinden in de Duitse steden. Overal iets bijzonders en het lukt mij zelden om zonder aanwinst op leesgebied huiswaarts te keren. En dan thuis die inhoud verslinden. Het helpt me de Duitse taal steeds beter te begrijpen. Ook al moet ik dan af en toe toch nog het Duitse woordenboek er bij pakken voor uitleg. Maar neemt niet weg dat ik er veel aan heb en me nu al verheug op een volgende strooptocht die kant op. Want bij de Ako, Bruna of Scheltema’s van deze wereld slaag ik zelden of nooit. al lukt is het vaak een Duits of Engels boek. Het kan verkeren….

De wereld van Disney

WP_20141010_019Als je ongeveer van mijn leeftijd op jonger bent is de kans groot dat je ooit te maken hebt gekregen met een creatie van Walt Disney. Een man die al heel vroeg de potentie zag van getekende figuurtjes, en daarmee een imperium opbouwde dat wereldwijd voor miljarden aan omzetten is gaan zorgen. Disney is een grootheid en hij heeft ook het concept van de Disneyparken bedacht. In Amerika een fenomeen. Ergens in de jaren tachtig bezochten wij het park in Florida en dat maakte ook op mij grote indruk. Ik schrijf bewust ‘ook’ want ik ben een beetje een cynicus op het gebied van sprookjes. Daarbij heb ik een enorme afkeer van filmverhalen bijvoorbeeld die niet goed eindigen. Dat overkwam Bambi….diens moeder werd doodgeschoten naar ik mij herinner en die kwetsbare Bambi was zo alleen op de wereld dat ik er wel iets in herkende.

WP_20141010_031Ik heb me indertijd de ogen uit de kop gehuild als klein kind. Sindsdien kwam het niet meer helemaal goed met de relatie tussen Disney en mij. Nou jou, ironisch bedoeld. Ik was een fan van Donald Duck, zijn neefjes, oom Dagobert en de sukkelige Goofy. Ook hond Pluto kon er mee door. Met de toch wat oudere en net even te slimme Mickey Mouse had ik niet veel. Latere Disney/figuren zijn soms aan mij voorbij gegaan. Er zijn hele series waar ik niks mee heb. Toch is het meer dan indrukwekkend als je ziet wat het concern wat Disney toch heeft neergezet, allemaal heeft voortgebracht. En om daar nu een beetje een beeld van te krijgen loopt er nu in het Hoorns Museum van de Twintigste Eeuw een expositie. Vol merchandising, posters, films, archiefbeelden etc. WP_20141010_024 Leuk voor jezelf, maar zeker ook voor kinderen. Die juist vaak met de nieuwe producties veel op hebben. Denk aan ´Cars´ of ´Planes´. Zou ik nu jong zijn geweest zou ik daarop alleen al gevallen zijn vanwege de onderwerpen. Disney zelf heeft de grootste groei van zijn bedrijf niet meer meegemaakt. Hij overleed op hoge leeftijd. Liet veel van het tekenwerk toen al decennia lang over aan anderen. Bestuurde zijn bedrijf en genoot van de resultaten. Net als bezoekers kunnen doen als ze even naar Hoorn afreizen. De moeite waard mensen.

 

Even aandacht voor een vergeten journalist…

BvdK3‘Zou hij nog leven’ bedacht ik me onlangs. En dan bedoelde ik Bart van der Klaauw. Luchtvaartjournalist, redacteur en auteur van talloze boeken over het onderwerp luchtvaart. Toen ik nog een jong ventje was en mijn teksten dichtte voor de bladen en andere media waarvoor ik mijn passie op papier mocht zetten, leek hij een vaste waarde in de luchtvaartwereld. Maar ook een oude man in mijn ogen. Heel anders dan de veel te jong overleden concullega Hugo Hooftman. Van der Klaauw had een aardige staat van dienst. Hij werkte voor de KLM, Lockheed, en werd ooit hoofdredacteur voor het toen nog bestaande tijdschrift Avia van de KNVvL. Hij schreef meer dan vijftig boeken vol, waaronder de bekende reeks ‘Luchtvaart….’

BvdK2 En dan een jaartal voor het jaar waarover het boekje ging. Toen ik mijn eigen vraagstelling eens met wat antwoorden wilde aanvullen bleek dat de man al in 2005 was overleden. 85 jaar oud. Dat gaf toch wat schrik. Had ik niet gedacht. Best een icoon. Niet goed opgelet dus. Schande Meninggever!! En zo blijkt maar weer eens dat een grote naam ook weer geen garantie is voor eeuwige roem. Al menen we zelf dat wij daar als mens absoluut recht op hebben, je bent al snel vergeten. Of je moet Rembrandt heten of Willem van Oranje. Bart v.d. Klaauw was een plezierige bescheiden man. En zo schreef hij ook. Nooit op zoek naar de controverse zoals Hooftman dat deed. Meer een kabbelende schrijver dan een revolutionair. Maar wel een die wist waar het over ging. En dat is ook veel waard…