Verhuizen

Onlangs maakte ik weer een verhuisproces mee bij een naaste en diens lief. Ondanks alles wat vooraf gepland werd bleek toch hoe stressvol zo’n verhuizing eigenlijk is. Dingen gaan altijd net even anders, je bent een tijdlang je spullen maar vooral je ritme kwijt en ook huisdieren raken er aardig door van de leg. Mijn eigen eerste verhuizing was indertijd nogal simpel. Ik kon zaken per brommer vervoeren naar het huis van mijn aanstaande. Mijn broer haalde verder de zaken op die er toe deden en we vervoerden dat met een bakfiets. Binnen deze stad een nu nog veel gebruikt vervoermiddel al wordt de term dan tegenwoordig vaak toegeschreven aan van die children-movers op twee wielen. Omdat ik indertijd naar het hartje van het centrum verhuisde kwamen we onderweg nogal wat bruggen over grachten tegen en dat was best een uitdaging. Maar het lukte. De volgende verhuizing was van ons eerste eigen woonadres naar een nieuwe flat in de toen net gebouwde wijk de Bijlmermeer. Met wat geleende voertuigen van onze werkgevers kwam dat allemaal in relatief korte tijd voor elkaar.

Twee huizen tegelijk leeg halen en de boel overbrengen. Het was zwaar maar uiteindelijk goed te doen. Liften waren een luxe tenslotte. De volgende verhuizing speelde zich af van onze eerste flat naar een veel grotere in hetzelfde gebouw. Veel lopen en sjouwen, maar doordat het in dat gebouw bleef was het ook goed te doen. Dat werd heel anders toen we die zelfde flat zeven jaar later verlieten en ook de stad achter ons min of meer naar de achtergrond werd verdrongen. Dat werd een verhuizing met hindernissen en ook een die weken vroeg. Naar het nieuwe land, een splinternieuw huis, groter en met een garage voor de deur. Dat scheelde veel bij het tijdelijk opslaan van spullen. Ik kreeg een week of twee een VW-busje als mijn bedrijfsvoertuig mee en kon zo elke dag een keer of twee op en neer. De grote meubels gingen in een nog wat grotere bus en zo vertrokken we uit die buurt waar we toch een jaar of twaalf hadden doorgebracht. Wat je hier ook meteen terugleest is dat een mens door de loop van de jaren steeds meer zaken om zich heen verzamelt. Wij zeker!

Lezers als we zijn, liefhebbers van echt verzamelen, houders van huisdieren. Dan loopt het snel op. En natuurlijk gezinsuitbreiding waar ook het nodige voor moest worden geregeld. Twaalf jaar bleven we in die polder wonen. In een ruime jas, het huis groot, dus onze woonstek werd goed benut. Toen ik indertijd i.v.m. werk weg ging daar en terug verhuisde naar het oude land, de hoofdstad weer in beeld kreeg, was de verhuizing een hele toer. Twee grote en twee kleine verhuiswagens kwamen er aan te pas, en ik reed elke dag weer op weg naar het werk met een stationwagen vol zaken die buiten de echte verhuizing om naar het nieuwe woonadres moesten. We wonen hier intussen alweer een jaar of 23. En als ik dan bedenk dat we weer eens moeten verhuizen krijg ik op voorhand koortsige stress. Want dan is het ook een zaak van weg mikken, verkopen, afvoeren van spullen die nu nog belangrijk zijn voor de dagelijkse genoegens in dit huis dat zo mijn thuis is geworden. Bij het ouder worden daalt vaak het aantal vierkante meters woongenot. Ik krijg er op voorhand al de kriebels bij. Nou, voorlopig dus maar niet. We zingen het nog even uit. Oude bomen moet je niet verplanten. Een beter excuus heb ik vooralsnog niet. Hoe zit het met mijn lezers?? Verhuisfreaks of zijn jullie honkvast? Laat eens weten als je wilt… Dank bij voorbaat…

De N van Naaktheid

De N van Naaktheid – Onlangs was er in Londen  net als in onze stad een ‘Naked Bike ride’ voor een of ander doel. Vaak georganiseerd vanuit de milieuvriendelijke gedachte dat het naakte bestaan wordt bedreigd door alles wat riekt naar moderniteit. Zal vast iets in zitten, maar om nu naakt door een stad heen te rijden op een fiets waarvan je weet dat het zadel bepaalde delen zal voorzien van blaren en littekens die nooit meer weggaan lijkt mij helemaal niks. Nu was 85% van de deelnemers van mijn leeftijd en man, de rest bewoog zich in de hoek van de dames en jongeren. Naaktheid is echt iets geworden voor de ouderen. Ook nudistencampings merken dat aan hun ledenbestand (..). Jongeren zijn preutser dan ooit geworden. Het strand is het bewijs. Niks topless meer, geen strings als bedekking. Nee, bikini’s van enige degelijkheid zijn de norm en de zwembroeken van de mannen zijn tegenwoordig tot op de knie uitgezakt.

De vroegere Speedo’s zijn voorbehouden aan gewichtsheffers en zangers van twijfelachtig allooi. Het waarom van de afzwering van de naaktheid zit deels in de nieuwe samenleving. Vrouwen willen geen ‘prooi’ zijn van allerlei types die menen dat zij in het Paradijs zijn gedropt en elke vrouw als Eva mag worden gezien of beetgepakt. Waarbij zij zelf de rol van onuitgenodigde Adam willen spelen. Gewend als ze zijn aan van top tot teen ingepakte vrouwelijke wezens, is naaktheid voor hen een teken van duivelse invloeden, maar wel een die lekker smaakt. Wat je ook ziet is dat de jongere generatie überhaupt minder heeft met naaktheid, al leeft men wel met sociale media waar dit fenomeen met dragline-scheppen wordt aangeboden. Kennelijk is dat interessanter dan het echte werk. Nu is naaktheid heerlijk. Als je dat doet op plekken waar het kan of past. Onlangs las ik dat nu ook in de sauna 45% van de mensen daar kleding aanhoudt onder druk van de omstandigheden. Ook kleedkamers van sportclubs kennen het fenomeen.

De douche wordt niet meer gebruikt zoals ooit bedoeld, maar daar zijn geklede zichzelf wassers heel normaal geworden. De norm is dus vertrutting, en als je ook maar een beetje progressief bent in je denken moet dat toch een gruwel zijn. Natuurlijk, alles gaat op en neer in de geschiedenis. Vroegere Romeinen gingen naast elkaar op een plank zitten ontlasten. En bespraken in die omstandigheden de dingen van de dag. Ik moet er niet aan denken, maar het geeft wel aan dat wij onder druk van de omstandigheden van preuts naar naakt gingen en nu weer in de omgekeerde richting aan het bewegen zijn. We verhullen niet alleen in de politieke arena bepaalde zaken met de mantel der liefde. Dat doen we ook in ons eigen lijf en leven. En daardoor wordt de maatschappij zoals we hem wellicht niet willen ervaren. Wie dat wel wil moet alles eens laten vallen. Naaktheid is geweldig denk ik, maar niet op de fiets. Wie daar anders over denkt mag het me uiteraard hier of elders even melden.

Etniciteit als taboe…

wp_20150618_018Voor een echte grootstedeling is alles wat ”van buiten komt’ al snel aardig ‘provinciaals’. Voor sommigen bestaat zelfs de uitdrukking ‘boeren’ als het daarover gaat. Buitengewoon onaardig natuurlijk. Maar bij mijn vele rondreizen door het vaderland werd me wel duidelijk dat tegen ‘het westen’ vanuit de provincie ook aardig werd gescholden en bleek men daar net zo al dan niet bewust bevooroordeeld. Wij ‘wisten alles beter’ (voor de provincie maakte het niet uit waar je vandaag kwam, de Randstad was ‘een’), waren ”arrogant, eigenwijs en snapten niets van hoe het in de provincie (welke ook) ging’. In het zakendoen leerden wij dat je met noorderlingen erg aardige afspraken kon maken die zelden werden geschonden, en met zuiderlingen even zelden tot een sluitende overeenkomst kon komen. Veel van deze ervaringen zaten ook in de hoek van de vooroordelen. Op etniciteit vanuit het provinciaalse of grootstedelijke denken ingedeeld. Is dit beledigend? Nee, niet echt, maar vleiend is anders. In sommige voetbalkringen worden deze beweringen nog eens extra uitvergroot. Alle AJAX-fans zijn voor tegenstanders ‘Joden’ en dat is niet alleen feitelijk onjuist, maar ook nog eens akelig voor de mensen die wel die afkomst kennen.

wp_20160202_003-2Maar niemand die zich daar meestal echt druk om maakt. Waarom dan die gevoeligheid als het in ons land gaat om het benoemen van problemen of gevaren die dreigen vanuit de hoek van inwoners met een migratieachtergrond (..) die zijn oorsprong had of heeft in Turkije en Marokko. Waarom ligt dat zo gevoelig? Waarom mag je de opgedane ervaringen met lieden uit die groepen niet benoemen? Waarom mag je niet vinden dat mensen die onze vrije mening en media de mond willen snoeren hier niets te zoeken hebben. En dat alleen omwille van bijvoorbeeld de boodschap van een geloofsgestoorde dictator die zijn grijpgrage fikken onze kant uitsteekt.  Zoals een Fries die naar  de hoofdstad komt om zich daar te vestigen, zich maar beter kan aanpassen aan dat specifieke Amsterdamse of Utrechtse gedrag en bijbehorende humor, geldt dat ook voor die migranten. Toch? Of zie ik nu iets over het hoofd. Als je de politiek correcte elite mag geloven is iedereen hier welkom, of men nu een bijdrage levert aan de samenleving of niet. En hoeft men kennelijk helemaal niet te integreren, de taal niet te leren, geen notie te nemen van onze gebruiken en is zelfs de (Grond)wet voor hen niet geschreven.

ontspanning-6De niet aangepakte problemen met jongeren met een migratieafkomst lijken daar ook op te duiden. Sommige buurten compleet overgenomen door deze lieden die bij het minste of geringste fysiek en vooral verbaal geweld niet schuwen. Wat zit daar toch achter? En waarom is men zo bang voor de reactie van een grote meerderheid van het Nederlandse volk tijdens de komende verkiezingen?? Is populisme een groter gevaar dan wegkijken en bedreigingen niet benoemen? Realisme ontbreekt bij de elite en dat komt altijd een keer aan de orde als de getergde burgers zich wenden tot hen die met een paar zinnen hele massa’s weten aan te spreken. En wie dat niet wil moet vooral komen met daadkracht en de boel eens gaan schoon bezemen. Een herhaling van de jaren dertig is helemaal niet ondenkbaar. Wie dat wel weet heeft niet goed opgelet. Het kan twee kanten opvallen als we niet uitkijken. De foute en de foute. Een tussenweg lijkt door de huidige politieke partijen niet voorzien van nieuw asfalt. En dan krijg je bijna onafwendbaar ongelukken. Die uitsluitend komen op het conto van hen die maar niet hebben willen zien wat er nu werkelijk mis ging in de maatschappij. Alleen horen we dat straks niet in hun diverse campagnes. Het zal wel weer gaan over de economie en de zorg of zo. Zij die opletten luisteren daar niet meer naar. Die weten wel beter….toch? Het realisme verdient een kans! Laten we stoppen met dromen! Voor we in een nachtmerrie eindigen…

De Fundatie

wp_20161115_008Vrouwlief wilde er graag een keer heen. Het Zwolse Museum De Fundatie. Aan de buitenkant van het centrum gelegen, niet ver van het station daar. Direct herkenbaar aan de ‘tulband’ die dient als bovenste deel van een verder prachtig en stijlvol gebouw. Regionaal museum voor kunst en cultuur. Vol kamers en zalen en in die tulband bij mooi weer een aardig uitzicht over de oude provinciehoofdstad Zwolle. Onlangs waren we daar dus, de trein bracht ons er in een uurtje reistijd. Het was heel erg nat buiten, het zicht beperkt tot pakweg 100 meter en dat niet zozeer door mist maar door een constant vallende motregen. Zwolle glom, niet van trots. Wel van de nattigheid. Het museum bood uiteindelijk warm onderdak. Er liep een expositie rond het ‘Zie de mens – 100 jaar, 100 gezichten’ thema. Op zich interessant, maar uiteindelijk niet zo aan ons besteed. Het was mij zeker te somber allemaal en wat ik zag van beroemde kunstenaarsnamen deed me huiveren bij het idee dat daar door liefhebbers en musea grof geld was betaald.

wp_20161115_022Ik zou het niet in de kamer willen hebben staan of hangen. Het was er ondanks dat aardig druk. Leek wel of half (bejaard) Zwolle was uitgelopen voor deze expositie. Even de bordjes lezen bij de verschillende objecten bleek vrijwel onmogelijk. Nou ja, het zorgde wat ons betreft voor een snelle rondgang. We beklommen de vele trappen in het museum om boven in die tulband nog even te zien wat daar zoal was uitgestald. Het was vrij modern allemaal en zeker qua onderwerpen onherkenbaar. Leuk voor de liefhebber, maar wederom niet voor mij of vrouwlief. Omdat ook het uitzicht op de stad door de regen werd verpest, namen we al snel het besluit om het museum maar te verlaten. We hebben het nu tenminste gezien. We weten waar het ligt en wat je in die tulband kunt bekijken. Niet echt onze smaak. Gelukkig was het centrum vlakbij en vermaakten we ons nog even in de schitterende boekhandel Wanders en bij de bekende banketbakker van Orsouw aan de Grote Markt. Daarna namen we de trein en reden terug naar het westen. Waar het nog net zo nat en grauw was als in Zwolle. Geen weer om in te lijsten. Maar ja, herfst!

Utrecht

wp_20160921_012Utrecht, een stad waar ik alleen al door de politieke kleur van de bestuurders geen goed gevoel bij had. Het afsluiten van de binnenstad voor het autoverkeer is daar tot norm verheven. De autobezitter als onbewezen hoofdverdachte voor alle milieuvervuiling die over die stad heen wordt gestort. Maar dit terzijde. Ik kom er vaker met de trein doorheen dan dat ik er echt neer strijk, maar dat deden we op de eerste herfstdag samen met vriendjes toch een keer. En…dat viel me niet tegen. Zeker niet zelfs. Het vernieuwde Centraal Station van Utrecht mag gezien worden en dwars door de verbouwingen van Hoog-Catharijne heen zie je wel dan men ook daar de oubolligheid die er jarenlang een hoofdrol speelde wil vervangen door grootschalige moderniteit. Het is hoopgevend. Al zijn de gebouwen in dit gebied me over het algemeen net iets te hoog. Zeker in vergelijking met de toch lieflijke oude binnenstad met zijn leuke grachtjes en de geweldige horeca.

wp_20160921_011Utrecht heeft voldoende winkels om het leuk te maken om in dat centrum rond te hobbelen. En terrasjes voldoende om even bij te komen als het zo uitkomt. De studenten die deze stad maken tot de vrolijke die hij is, zorgen soms wel voor levensgevaarlijke situaties als wandel- en fietsverkeer elkaars pad kruizen. Want net als in onze eigen hoofdstad zijn regels er voor een ander, niet voor hen die het betreft. Opvallend in Utrecht, de bussen van het lokale OV-bedrijf zien er nieuw en glanzend uit. Daar kunnen andere ov-bedrijven in het land nog een voorbeeld aan nemen. De Domkerk, toch maar eens bezocht nu we er waren, is fantastisch. Als je ergens wilt zien wat de idiote beeldenstorm van een paar eeuwen geleden heeft veroorzaakt, dan hier. Kaalslag en ellende, door de barbaren die hun godsdienst gekke woede ooit koelden op de beelden van de katholieke kathedraal die hier stond.

wp_20160921_036Nog wat later in de geschiedenis woei een stuk kerk gewoon om tijdens een zeer zware storm en kwam de Domtoren los te staan van de rest van het gebouw. Indrukwekkend. We aten langs de Oude Gracht, op een leuk terrasje waar het eten betaalbaar en heel lekker was. Bootjes op het water en mensen op de terrassen maakten het extra gezellig. Ik was verbaasd. Het blijkt wel uit mijn verslagje. Utrecht is bij mooi weer een leuke bestemming. En je kunt hier goed parkeren op een P&R parkeerplaats. Met aansluitend busvervoer naar het centrum. Scheelt je geld en stress. Het is dat deze stad zulke mallotige bestuurders heeft, maar anders was het plaatje ideaal. NU bijna! En het wordt gezien de bouwactiviteiten nog beter ook! Leuk stad! Gezellige inwoners.

Oase

Bosplan - trimbaan fotoserie 150907 div. 007Aan de zuidkant van de grote stad waar ik woon, werk en leef, bevindt zich een paar enorm uitgebreide groene zones die bij mensen van buiten onze stad nauwelijks bekend zijn. Zoals het Amsterdamse Bos dat in basis werd opgezet om niet alleen bleekneusjes uit de grote stad van de jaren twintig/dertig in de vorige eeuw van wat frisse lucht te voorzien, maar ook om de massale werkloosheid die toen heerste te helpen onderdrukken. Ergens in 1932 werd het project in fase 1 afgerond, daarna kwamen er nog wat stukken bij en zelfs na de oorlog legde men een nieuw deel aan ten zuidwesten van de toenmalige verbindingsweg tussen Amstelveen en Schiphol. Het Amsterdamse Bos is intussen verworden tot een flink groot woud vol spontane of aangestuurde natuur. Er zijn vennen en grote waterplassen te vinden, strandjes, wandelpaden en fietswegen, je kunt er via de zgn. Bosbaanweg met de auto in en wij zijn er dan ook al vele jaren lang regelmatig te vinden. Heerlijk wandelen bij het geluid van de vogels, het ritselen van de bladeren en het geblaf van de altijd in dubbele zin van het begrip uitgelaten honden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onze eigen Purdy was er ooit ook zo verzot op. Rennen en scharrelen, en als het even kon zwemmen in een van de poeltjes. Zij gilde het dan uit van plezier en zwom als een vis. Lijkt alweer zo lang geleden allemaal. Ik heb er persoonlijk nog wel wat meer herinneringen liggen. Maar die zijn meer voor een andere keer. Het Amsterdamse Bos werd bij de Amsterdammer bekend als het Bosplan. Naar het gemeentelijke plan dat tot dit bos zou leiden. En wat was dat plan eigenlijk goed. In de omgeving van toen lagen indertijd wat landerijen,  de nodige moerasachtige gebieden en verder wat ‘rommelgrond’. Men bouwde eind jaren twintig in het midden van het gebied een aanzienlijke heuvel van afval, wat goedkoop bouwmateriaal was, en stortte daarover heen aarde en plantte er bomen en struiken op. Het terrein werd zo wat glooiend en golvend. Het bos ruikt vooral in de zomer heerlijk. Zoals een bos hoort te ruiken. Heerlijk voor iedereen die zoekt naar wat rust.

WP_20160125_003En wie houdt van dynamiek, kom dan bij stevige westenwind eens langs, dan landen de vliegtuigen op de zgn. Buitenveldertbaan en dan lijkt het wel of ze midden in het bos de landing willen inzetten. Ik kijk er als liefhebber altijd met veel plezier naar. Stukje verderop, aan de rand van de chique wijk Buitenveldert en begrenst door de Amstel ligt nog een prachtig gebied. Ik beschreef het al eens eerder. Het Amstelpark. Ooit onderdeel van de opzet voor de begin jaren zeventig gehouden Floriade-expositie. Die tentoonstelling verdween, het park bleef. Prachtig, rustig en interessant. Voor hen die er oog voor hebben. Beide groengebieden zijn voor ons simpel te bereiken. Met de auto, fiets of als het moet lopend. Je kunt er heerlijk vertoeven en waant je zeker niet in de grote stad. En wellicht maakt dat Amsterdam wel extra zo’n aantrekkelijke stad om in te wonen. Of voor toeristen om te bezoeken. Niet allemaal komen ze voor de Wallen, musea of Coffeeshops. Als ik de talen hoor die hier in die bos- en parkgebieden worden gesproken heeft het nieuws over al dat groen ook mensen van elders bereikt. En dat is goed. In de winter is het allemaal weer voor de Amsterdammers. En voor hen is het natuurlijk ooit bedoeld geweest. Als Oase in de drukke omgeving van een enorme stad. De hoofdstad!

Half Amsterdam door op 1 enkel kaartje…

ANE49 - Blauw tram 454 - met aanhanger Amstelveen - 050792 - Scan10122Hoewel ik uit een gezin stam waar de auto vrijwel altijd centraal stond, al was het maar omdat mijn leasevader daarin handelde op zijn manier, was het gebruik van tram, trein en pont ons niet onbekend. Met ons bedoel ik dan mijn moeder, broer en ik. Met de ‘Blauwe’ tram naar Zandvoort, of in het ‘Bootje van Bergman’ naar de overkant van het IJ en dan op de NZH-tram naar Volendam Marken en zo meer. In de stad zelf maakten we vaak gebruik van de trams van het GVB. Prima verbindingen, wij hadden twee tramlijnen echt om de hoek van ons woonadres beschikbaar, en betaalbaar. Als puber maakte ik er veel gebruik van. Ik zat in Amsterdam-West op de middelbare school, gevolg van de katholieke opvoeding, en daar kon je het beste maar met de tram naartoe reizen. Wat ik keurig deed. Met de toenmalige lijn 3 naar de Rozengracht, daar over op Lijn 13. Die bracht je dan tot de toenmalige grenzen van de stad. Daar zat mijn school, op een toen nog open liggende zandvlakte.

Lijn 4 938Later ontdekte ik dat je ook met de tramlijn 4 naar het CS kon reizen en daar over op diezelfde 13. Dan kon je tenminste zitten. Immers, die lijn 13 begon daar. Vooral in de winter van groot belang. Veel van die trams waren nog van het heel ouderwetse type. Twee-assers met een losse aanhanger. Later ook nog wel drieassers met hun gesloten balkons. Ik reed zo vaak in die trams mee dat ik ook precies doorhad hoe je met dat ene gestempelde kaartje de halve stad door kon. Was dat belangrijk? Wel als je ook interesse had in de trams, de types en de nummering van die dingen. Had ik net zoveel interesse in als in de vliegtuigen die mijn latere interessesfeer zouden beheersen en de auto’s die ons leven thuis soms zo interessant maakten. Ik wist op enig moment precies welke trams werden ingezet op lijn 4. En op die ook door mij gefrequenteerde lijn 13 reden soms afwijkende tramtypen.

L10 - Dubbelgelede '706' Marnixstraat geel - 0175 Scan10230Omdat je op  de Rozengracht heel bijzondere rails had liggen die zorgden dat vooral die oudere trams aardig heen en weer slingerden hadden die de voorkeur boven die logge drieassers uit die periode of de schitterende gelede trams die de GVB vanaf eind jaren vijftig toevoegde aan haar gamma. De tijden van de oude ‘blauwen’ waren geteld. Ik maakte nog net die overgang mee. Voordeel van die blauwe trams was trouwens dat ze open balkons hadden waar je met een sprintje zo op kon springen. Had je dan geluk stond de conducteur net aan de voorkant van die wagens en kon je een paar haltes gratis mee. Hij stempelde je kaartje met een rittijdstip. Hoe verder je kwam, hoe later die tijd en hoe verder je kon rondreizen in Amsterdam. Wat ik soms graag deed. Gewoon overstappen van de ene op de andere lijn en dan zien welke trams men nu weer op lijn 16 of 24 gebruikte. Maar die oude puntige tweeassers bleven mijn favoriete tramwagentype.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En dat zijn ze nu nog. Al weet ik uiteraard dat er weinig van die oorspronkelijk trams bewaard zijn gebleven. Ze hobbelen in de zomermaanden nog op een museumlijntje langs het Amsterdamse Bos. Maar dat is toch iets anders al heb ik uiteraard als oudere jongere nog wel eens in die trammetjes daar gezeten. Voor een vaste prijs! Want van voordeel was en is geen sprake meer. En van voordelig overstappen van de ene op de nadere lijn ook niet. Trams zijn zakelijke en wat onpersooonlijke vervoersdingen geworden. En dat kaartje werd een OV-Chipkaart. Niks aan. Maar wel zo comfortabel. (Foto’s: Yellowbird/internet)

Goed gesprek op een bankje…

WP_001362Het bankje waar wij even wilden zitten in de zon, was gevestigd tegen de muur van het museum dat wij zojuist hadden bezocht. We zouden er met ons groepje van vier mensen met wat inschikken van billen of heupen net aan kunnen zitten, als dit bankje niet was ingenomen door een dame die haar bezittingen om zich heen had uitgestald. Nadat de vrouwen uit ons gezelschap naast haar neerploften trok zij wat van haar spullen naar zich toe en begon te praten over het weer. Nu was het lekker zonnig, uit de wind was het heerlijk. Zij zat met haar gezicht omhoog een volkomen donkere zonnebril bedekte haar ogen. Toen ze zag dat wij mannen moesten blijven staan zette ze haar tassen op de grond en schoof nog een stukje verder opzij. Ze trok haar lederen jack nog wat strakker om zich heen en maakte duidelijk dat ik best naast haar ‘mocht’ zitten. Dat deed ik. En dat was wellicht niet zo’n slimme zet. Ze keek me met haar donkere bril aan en zag kennelijk een soort biechtvader in mij. Nu ben ik veel, maar voor dat ambt van vergevingsgezinde priester ben ik minder in de wieg gelegd. Neemt niet weg dat ze op zachte maar goed hoorbare toon haar verhaal afdraaide. Ze woonde in Amsterdam-Oost, tussen de junks, de buitenlanders en ander schorem, dat haar het leven zuur maakte. Ze was overspannen, had tot vijf weken geleden nog gedronken als een ketter, was gestopt met roken, dus ook met haar stickies. Ze leefde nu gezond, maar het werd haar niet gegund om een leuk leven te leiden. Ze wilde graag verhuizen maar kreeg geen kans. De Gemeente werkte niet mee, en haar sociaal werkster had haar vanuit een onbewoonbaar verklaarde benedenetage weg gehaald en in die gribus gebracht waar ze nu nog woonde. Waar die junks haar belaagden, haar adres gebruikten om pakjes etc. naar toe te laten komen en haar dan te laten betalen, waar ze niks tegen kon doen, en de politie niet eens aangifte voor wilde opnemen. Haar verhaal rolde over me heen als een sneltrein die niet te stoppen leek. Mijn gezelschap naast me at intussen een boterham en dronk wat, ik durfde dat niet. Het verhaal van de vrouw deed me iets, aan de andere kant weet ik als Mokumer dat van dit soort verhalen elke dag tientallen keren worden verteld. Gemiste kansen, verkeerde beslissingen, verloren in de drank en geen steun waar hulp dringend nodig is. De vrouw vroeg mij op enig moment waar ik zelf woonde. Ik hield het wat op de vlakte. Gaf een indicatie. ‘O, daar zou ik ook graag willen wonen, in alle rust…’. Ik snapte dat. Maar het begon me nu toch wat te kriebelen. Verhalen zijn leuk, medelijden ook, maar het moest niet in de buurt komen. Met wat diplomatieke drukmiddelen richting mijn eigen gezelschap kon ik hen bewegen in de benen te komen. Ik nam afscheid van de dame met haar problemen. Zij bedankte me voor het ‘fijne gesprek’. Zwaaide nog eens, en zette toen haar tassen weer op de plek waar ik had gezeten. Haar hoofd richtte ze weer op de zon. Haar dag was toch weer een stukje fijner dan daarvoor en ik had weer een stukje Amsterdams klein leed mogen aanhoren. Later, op een mooi terras op het Rembrandtplein hoorde ik heel andere verhalen. Over ‘versieren’ en hoe snel een Porsche wel niet reed. Zo heeft ieder zijn eigen sores…..

VW

03-T1-geslotenbestelHoe vreemd dat ook moge klinken, ik ben in mijn  vroege leven niet bepaald opgevoed met Volkswagen als favoriet automerk. Niet dat ik die karretjes van vroeger niet kende hoor. Er reden er voldoende van rond om je een beeld te geven van hoe dat spul er uit zag. Maar mijn leenpa, toch een expert in het beroep van autotechnisch handelaar, zag niets in wagens met de motor achterin. Die waren maar onveilig en je stuurde je helemaal gek als er wind stond. Nu was dit bij veel auto’s met de motor voorin ook zo, maar die VW’s hadden voor hem nog een extra nadeel, ze kwamen uit Duitsland en dat lag in de jaren na de oorlog gevoelig. Leenpa had in de oorlog geleden. Het was echt vaag wat hij had meegemaakt met die Duitse bezetter, maar fraai was het niet geweest zo begreep ik wel. Dus hoefde er geen Duitse toerist aan hem de weg te vragen in Amsterdam, hij deed net of de man of vrouw niet bestond. De tik van de oorlog had velen bereikt. Hem ook. Toch was er een moment dat hij zijn zelf gekozen afkeur van dat Duitse succesmerk overboord zette. Dat was op het moment dat hij voor een klant een ‘bussie’ moest regelen waarin die man met zijn hele gezin kon verkeren als dat zo uit kwam.

06-T1-busAl snel had hij zo’n ding te pakken. Had een paar jaar moeten werken hij de lokale autoverhuurder in onze straat die indertijd al behoorde tot een van de grootste van onze stad. Maar leenpa kon daar redelijk mee door de deur, al was het wel zo dat we ook vaak mot hadden over de parkeerplaatsen voor de deur. Zowel het bedrijf als mijn ‘Pa’ wilden daar auto’s uitstallen en dat leidde nog wel eens tot conflicten. Hoe dan ook, dat busje was er en kostte niet de wereld. Maar ‘pa’ wilde toch wel graag even een weekendje kijken of hij het ding met iets van garantie op de kwaliteit zou kunnen verkopen aan de beoogde klant. En dus ging de bus een weekendritje mee. En wij ook. Raar gevoel zo voor in die Sambabus. Geen neus en het stuur plat tegen de ruit. Het leek in niets op wat wij tot dan hadden gereden en hoogte en lengte was best wennen. Ook voor ‘pa’.

P1010747Die was niet zo van de verkeersregels en had ook een (ik druk me netjes uit) opvliegend karakter. Toen we dus na een leuk dagje uit met het busje vastliepen in de altijd optredende file die stad-in ontstond bij de Middenweg in Amsterdam-Oost, zat hij zich danig op te winden. Wij moesten een paar honderd meter verderop linksaf en de stroom rechtdoor ging hem veel te langzaam naar de zin. Dus bedacht hij dat het handiger was om met het geleende busje over de tramrails door te rijden richting het stoplicht linksaf naar onze woonbuurt. Hij trok aan het stuur, gaf flink gas en trok op. De Opel die voor ons in de file voort sukkelde stopte plotseling en dat zorgde voor een fiks ongewild contact. Het busje liep rechtsvoor een behoorlijke deuk op, de Opel had schade aan de bumper. Het werd allemaal geregeld, Pa was daar goed in, schade was voor hem immers een jaarlijks terugkerende situatie. Vaak een gevolg van een ‘eigen schuldje’. Maar hoe hij het regelde met dat garagebedrijf van wie hij de auto leende is me niet duidelijk. Ik was er te klein voor. Wel weet ik dat er daarna helemaal nooit meer een VW voorbij kwam. Hij had er zijn buik meer dan van vol. Hij had eens moeten weten dat ik later een rol zou gaan spelen bij de importeur van dat spul. Hij zou zich vermoedelijk omdraaien in zijn graf. Als hij dat uit zichzelf al niet had gedaan. Al die graven, en niemand die bewoog. Niks voor hem…..

Uitjes

HKR2Nee, dit keer geen blog over uitjes als voedsel, maar over het begrip in de zin van reisjes…Anders dan veel andere mensen die wij al dan niet goed kennen, vieren wij geen lange vakanties. Al was het maar omdat onze zwarte huisgenoot ons maar heel lastig kan missen. Dus maken wij korte tripjes. Een dagje hier een nachtje daar. Het brengt ons op nooit eerder onderzochte plekken, en soms ook weert op bekende. Voorwaarde is wel dat we een hotel hebben met bad en enig ander comfort. Het ontbijt moet ook uitgebreid en smakelijk zijn. Kwestie van uitzoeken vooraf. Dus maakten we dit jaar een paar van die tripjes en bezochten daarbij vooral het zuidoosten. Toch een leukere hoek van ons land dan het noorden of het oosten. De Brabanders en Limburgers zijn plezierige mensen in de omgang en het leven is er nog goed.

WP_006013Op ruim 1 uur rijden van de grote steden in het westen van ons land voel je je vaak al als echt op vakantie. Dit jaar een paar maal Overloon bezocht, maar ook nieuwe plekken als Helmond, Asten, Best en zo meer. Natuurlijk Roermond, en even over de grens bij de oosterburen. Aken, Heinsberg, Kleve en nog wat adresjes. Al was het maar voor het eten en de winkels daar. Gewoon relaxed boekenwinkels bezoeken, van de papieren soort die men daar nog met veel verve verkoopt. Voor ons dus geen lange vluchten of dito ritten. Dat ligt een beetje achter ons, gewoon 1,5 -2 uur en dan moet het klaar zijn. Het geeft ons het gevoel twee weken weg te zijn als we dat meer twee dagen echt waren. Langer is geen optie omdat onze Pixel dan vermoedelijk naar een dierenpsycholoog zou moeten. Bij thuiskomst krijgen we een ontvangst die er niet om liegt. Als er een kat is die ‘op ons mensen’ is, dan onze Pixel. Maar daarvoor hebben we een oplossing bedacht, en dat houdt ons even wat meer thuis dan we normaal dit jaar tot nu toe hebben gedaan. Tijdelijk, maar toch. Daarover later meer…..