Muziek!

Onlangs waren we weer eens actief met onze CD-collectie. Er moest geschoven worden, verhuisd, heringericht. En als je dan toch bezig bent zet je een reeks van die schijfjes weer eens op om te luisteren dan wel of bewaren van sommigen wel zin heeft. Het leidt tot afvullen van dozen voor de Kringloopwinkel en een bescheiden vorm van ontspullen. Maar sommige muziek is magisch en als je die dan hoort wordt je soms meegezogen in de emoties die bij bepaalde nummers horen. Wij mensen met onze emoties zijn daarvoor nu eenmaal gevoelig. Het overkwam me dan ook tijdens dat luisteren dat ik bedacht dat wij mensen toch wel heel bijzonder zijn waar het muziek betreft. Zo lang we bestaan maken we al geluid, al dan niet vals of recht in de noot, we slaan het ritme met stokken of fluiten op bamboe, en tegenwoordig zijn we heel geraffineerd waar het onze muzikale uitingen betreft. De techniek helpt ons, maar veel van de gezongen teksten moeten wel door de mens zelf worden voortgebracht.

Nu weet ik wel dat dieren ook geluid maken. En dat gefluit van vogels of gekwaak van kikkers voor sommigen ook als muziek in de oren klinkt. Maar neem van mij aan dat de eerste de beste hond weliswaar aardig kan huilen of blaffen, maar zelden een liedje ten gehore kan brengen waarbij hij/zij/het ook nog teksten uit. Dat is toch ons mensen voorbehouden. En dat maakt dan weer dat je nadenkt over dat fenomeen mens dat meer dan alleen het klimaat naar zijn hand kan zetten. Volgens de linkse doemdenkers dan. We zijn inventief, sommige evolueren naar grote intelligentie, we kunnen ons mechanisch voortbewegen, we bouwen huizen, varen op zee en maken dus die muziek. Elektronisch, vokaal, instrumentaal. Van klassiek (toen al de popmusici van hun tijd) tot hypermodern. Van volksmuziek tot stampiestampie. Maar het blijft een fenomeen.

En kennelijk zijn we er allemaal gevoelig voor want concerten zijn vaak uitverkocht, sommige nummers miljoenen keren gestreamed. Vroeger verkocht een artiest platen, later CD’s, maar dat werd dan weer gedaan door mensen die getroffen werden door de toon van de muziek of de teksten die werden gebracht. Dat is dus best iets om over  na te denken. De mens als cultuurdrager. Uniek op dit punt. Al zal er vast ergens een uit platte klei gemaakte allien bestaan die ook houdt van muziek. Ondenkbaar momenteel, maar toch… Wie net als ik houdt van SF-films of series weet dat wij mensen alliens al snel dat gekoesterde genoegen toekennen. Anders van toon vaak, maar sterk gelijkend op onze eigen smaak. Of je nu drie hoeven op je hoofd hebt staan of blonde krullen, muziek hoort er bij. Mijn persoonlijke smaak op dit punt is breed. Als alles waar ik voor ga. Van klassiek tot modern, van soft tot hardrock. Maar er zijn onder de lezers vast lieden met een meer specifieke smaak. Van Hazes tot Mozart, alles mag en kan! Vertellen maar….en ook of je herkent wat ik hier oreerde. Je mag het ook gewoon kletskoek noemen hoor. En dan meteen aangeven welk dier op deze aarde ook mechanische muziek maakt die in de Top2000 komt te staan komende december. Ben benieuwd!

Rotterdamse crooner…

Rotterdam bracht een stel grootheden voort in de muziekwereld, waarvan Anita Meijer en Lee Towers wel de meest aansprekende zijn. Lee Towers had het geluk dat hij enorm werd gepromoot door wijlen Willem Duys. De zingende kraandrijver en zo meer. Imago is vaak iets anders dan realiteit. Maar Rotterdam kende nog een paar grootheden op muzikaal gebied. Een daarvan is de inmiddels al weer zes jaar geleden overleden Wim Koopmans. Een zanger die je het beste zou kunnen omschrijven als een echte crooner. Een man die de grote Amerikaanse zangers van toen als voorbeeld nam en daar en echt eigen tintje aan toevoegde. Opvallend doordat hij zijn repertoire zong met een duidelijk slissende S. Man uit een bekend gezin, want volle neef van Corrie van Gorp en achterneef van Rudi Koopmans. Daar deelde hij niet alleen zijn artistieke talent mee, maar zeker ook zijn passie voor boksen. Deed hij 25 jaar lang. Man uit een muzikaal gezin ook. Leerde het vak niet alleen van zijn vader, maar ook bij de oer-Amsterdammer, Willy Alberti. Koopmans zag zijn inspiratie vooral in grote namen als Tony Bennett en Frank Sinatra en kon zich qua timbre aardig meten met die lui. En toch…In ons land veel minder bekend dan die zingende kraandrijver. Verschil in aanpak, en daardoor minder erkend. Waarbij hij toch niet bepaald met de verkeerde mensen omging.

Naast Alberti waren daar toch maar mooi Rita Reys en Pim Jacobs. Later ook Pia Beck en zelfs Willem Duys. Die gaf wel wat aandacht aan Koopmans, maar nooit met 100% inzet zoals bij Lee Towers. Ooit werd zijn song L.O.V.E. gezien als de beste uitvoering van de wereld. Hij trad op tijdens het North Sea Jazz Festival, in het nieuwe Luxor, de Doelen en zelfs Ahoy (acht dagen aan een). Grote erkenning kwam van Andre Hazes die vond dat Koopmans echt een heel grote was in zijn genre en te weinig erkenning kreeg. Wat ook zo was. Ergens aan het begin van deze eeuw werd Koopmans eigenaar van zijn eigen jazzclub in Rotterdam; Bird! En ook nog een winkel op jazzgebied, welke hij samen met zijn vrouw Gina runde. Helaas haalde zijn gezondheid hem in. Een herseninfarct maakte een einde aan zijn carriere. Nieuwe platenplannen moesten in de ijskast, want zingen was er niet meer bij. Op 7 maart 2012 overleed hij. 71 jaar oud slechts. En ik denk dat veel mensen zijn naam niets (meer) zegt. Zoals het veel artiesten gaat tegenwoordig. Groot geworden door klein te blijven. En anno 2018 is juist groot doen al ben je nog zo klein meer in de mode. Vandaar dat ik als Amsterdammer even een stukje Rotterdamse geschiedenis voor u als lezer naar boven haalde. https://www.muziekweb.nl/Link/HDX8079/The-best-of-Wim-Koopmans-American-songbook

Muzieksmaak vertelt het verhaal over ouder worden…

Kort. musiciens (2)Ik word ouder. Merk het aan veel zaken die van doen hebben met smaak. Zo was ik vroeger helemaal into de toenmalige Rock en Roll, pop of zelfs Dancemuziek. Maar tegenwoordig krijg ik de kriebels van de manier waarop sommige ‘sterren’ zingen. Riedeltjes, toonladders, schreeuwen. Een echte ballade zingen ondenkbaar. Bij wat de tv-formats zijn voor talentenjachten geldt dat wie het hardste schreeuwt kans maakt op een titel van ‘Ster van het jaar’. Als ik luister naar alle would-be sterren hoor ik slechts valse noten, gebrek aan inzicht in ritmes en een buitengewoon slechte kennis van de taal waarin men graag zingt; het Engels. Natuurlijk, het is de leeftijd, maar toch…. Radiozenders die niet in staat zijn om normale en goede muziek uit te zenden. Het kan verkeren. Onlangs betrapte ik me erop dat ik lekker naar een goede jazzplaat zat te luisteren. Geweldige muziek, Duke Ellington en zulke lieden. Muziek van voor mijn geboorte zelfs of uit de jeugd. Prachtig! Waarom kreeg ik daar nu een warm gevoel bij? Ik had er voorheen niks mee. Klassiek kan me ook bekoren, maar dat is geen nieuws, dat was er al vanaf de lagere school. Kwestie van opvoeding en opleiding. Toch weet ik ook nog dat ik als jong mens soms de kriebels kreeg van juist die muziek die thuis werd gedraaid. Mijn ouders vonden opera’s en operettes mooi. Elke zondag stonden die platen op. IK vond het vreselijk. Maar de tik van de mallemolen is toch uitgedeeld. Ik vind het nu leuk. Mooi soms, ontroerend. Jemig, ik word echt oud…kennelijk…