Cuba!

Welk gesprek we in de afgelopen 25 jaren die we hier nu wonen met haar begonnen, het eindige steevast met een soort wereldbeschouwing waarbij zij als positief voorbeeld Cuba noemde. Daar was alles goed. Althans als ik mijn lieve buurvrouw G moest geloven. Een keer in haar leven op dat Castro-eiland op bezoek geweest. Zij was onze naaste buur ter rechterzijde. Toen wij hier kwamen wonen als redelijk jong stel was zij al bezig met haar gepensioneerde echtgenoot een iets rustiger leven te leiden. Die echtgenoot was toen net fulltime thuis en deed de hele dag vrijwel niks. Dat stoorde haar, maar gaf haar ook het alibi om er af en toe eens lekker uit te breken. Naar de P.C. Hooft of Beethovenstraat in onze mooie stad. G. was een stevig karakter. Gemengd bloed waarmee ze een zekere felheid opbouwde die zijn weerga niet kende. Ze was een knappe verschijning, daarbij ook slank bij het magere af. Vegetarisch, maar kookte voor anderen de meest heerlijke gerechten. Je zag dan ook vaak mensen langs komen voor een maaltje. En als zij dan de keukendeur openzette rook het bij ons in de tuin zalig. Diepgaande contacten tussen ons bestonden overigens niet eens. Af en toe even, voor een probleempje bij haar in huis. Lekkage onder het huis, kapot gevroren leidingen, iets met de oven. Overal had ze haar mannetjes voor. Zeker toen ze haar man had laten weten dat het huwelijk wat haar betreft voorbij was. Ze wilde gewoon verder leven en niet amechtig achter de denkbeeldige geraniums zitten. Gymnastiek met een vriendin, bezoeken aan de (volwassen) kinderen. Ze ergerde zich als een van de oorspronkelijke bewoners van ons schone straatje aan sommige ‘nieuwkomers’ die hun auto steevast voor haar deur mikten. Te beroerd om even verderop een eigen plekje op te zoeken.

Die nieuwkomers kwamen meestal uit de wat aardiger buurten in Amsterdam-Zuid hier wonen omdat wij nog een huis met tuin te bieden hebben ipv de bekende etage-woning. Ze ergerde zich aan de gemeente die allerlei lasten oplegde waar zij na de scheiding toch best financiele problemen door kreeg. Maar het meest ergerde ze zich aan de Haagse regering. Het maakte niet uit welke, het was allemaal niks. Asociaal, niet bezig met de burgers maar met zichzelf. Gesprekken over mierenoverlast in de tuin konden zomaar uitlopen op een inhoudelijk politiek gesprek van drie kwartier. Toen ze alleen woonde werd ze ook nog wel eens geplaagd door jochies van een jaar of 12-14 die belletje trokken of in haar voortuin klooiden. Omdat zij altijd woest reageerde hadden die bengels daar de meeste lol om. Tot ik als buurman ingreep. Het gaf enige beroering, daarna was dat gepest over. Als het sneeuwde maakte ik meestal ook even haar straatje schoon, ze liet nooit na me daarvoor te bedanken. Kleine moeite. ‘En jij bent ook al zo lief voor je auto, nog liever dan voor je vrouw..’ was een van haar gevleugelde uitspraken als ik mijn Tsjechische vierwieler weer eens poedelde. Vorig jaar ging het ineens mis met haar gezondheid. Ze werd broos, kwetsbaar, kwam vrijwel niet meer buiten. Moest worden behandeld door dokters, specialisten en zo meer. Het hielp niet veel. Haar kinderen kwamen haar verzorgen. Elke dag, trouw! Petje diep af voor de jongelui! Maar afgelopen zondag was het over. In haar eigen bed ingeslapen om niet meer wakker te worden. Het was ‘op’. Rond dit weekend wordt ze begraven. Een van die eerste bewoners van dit hofje, met wie het goed toeven was. Karakteristiek. Met niveau! Haar parkeerplek voor de deur zal door anderen worden ingenomen. En niemand die er meer iets van zal zeggen. Zelfs de politie op Cuba niet. Zij ruste in vrede. Het is haar meer dan gegund!

Lijfstraffen…

We doen daar niet meer aan in ons land, maar ooit kenden we hier een tamelijk wrede manier van afrekenen met misdadigers of politieke tegenstanders. Week je af van het gemiddelde volgens Schout en Schepenen die de wet namens de kerkelijke of aardse bestuurders uitvoerden, was de kans groot dat je werd gemarteld tot de dood er op volgde. Men was niet zo vies van het hanteren van middelen die jouw wil te ontkennen na een tijdje ontnam. Denk maar eens aan botten kraken, ledematen vast spijkeren, geselen, verkrachten, verhongeren en zo meer. De verdachten bekenden vaak al snel wat ze niet hadden gedaan, want veel onschuldigen vielen onder het lot dat ze door aanwijzen als schuldig werden betiteld.

Dat kon je ook overkomen als je net het verkeerde geloof beleed of jouw politieke instelling het andere kamp niet beviel. Het maakte ook niet uit of je als uitvoerder van die straffen nu gelovig was of niet. Wellicht wel juist niet. Martelen en vermoorden van tegenstanders was nu eenmaal normaal. Onze wetten (en normen) zijn door de loop van de eeuwen heen gelukkig aangepast. We noemen dat fatsoenlijke evolutie van het recht. Nog steeds komen mensen onschuldig in  de cel, verraad speelt nog steeds een belangrijke rol bij het vinden van zgn. verdachten, maar de uitvoering van lijfstraffen blijft uit. Al zou je bij sommige van die verdachten een andere aanpak best kunnen bepleiten. Moordenaars van kinderen, serie-verkrachters, mensen die omdat ze menen boven de wet te leven anderen het leven mogen benemen, drugsdealers, vrouwenhandelaren en zo meer.

Er is echt een categorie misdaadplegers die wat meer zou mogen meekrijgen van onze woede over bepaald gedrag dan alleen maar een paar jaar cel of een maandje of wat dienstverlening. Dat voelt nog steeds niet goed. Daarbij komen bepaalde mensen soms weg met straffen die zo laag zijn dat ze de nabestaanden van slachtoffers niet echt recht doen. Of komt men in een zodanig regime terecht dat men na enkele maanden al weer met verlof is, op het eerste de beste vliegtuig stapt richting evt. tweede thuisland en verdwijnt. De wereld is veranderd, het justitieel recht kennelijk daar niet op ingesteld. Schuldig of niet schuldig, het wordt nu beter uitgezocht. Men vertrouwt (..) op een bekentenis, en de dader krijgt zodanige hulp van advokaten dat evt. vrijspraak er nog in zit ook. Was indertijd toch anders. Was je schuldig bevonden kon men je brandmerken, een oor afsnijden, je ledematen breken en zo meer.

Voor kleine vergrijpen bestond ook nog het schandblok. Stond je als veelpleger toch mooi voor Joker ten aanzien van de omgeving. Zou heel wat van die moderne zelfbenoemde helden die menen dat wat van ons is ook van hen moet zijn, prima passen. Maar ja, liberaal/sociale samenleving. De daders meer bescherming dan de slachtoffers en zo….Maar soms, heel soms, zou ik willen dat we even strenger waren in ons justitieel optreden. Moet kunnen zou ik denken. Mits de rechters een beetje van signatuur zouden worden veranderd. Maar dat is een ander en al eerder verteld maar zeker bekend verhaal.

Zieleroerselen…

Het was toen ik het verhaal schreef over die man die zijn geest kon verplaatsen en uiteindelijk op de foute plek terecht kwam, dat ik eigenlijk wat dieper na ging denken over de scheiding van lichaam en geest. De ziel die eeuwig doorleeft, het lichaam dat tot stof zal vergaan. Het vroegere katholieke geloof heeft ook bij mij haar sporen nagelaten. Gelovigen neigen er zonder twijfel toe uit te mogen gaan van die scheiding. Je verwisselt het aardse voor het hemelse en als je niet braaf was, de hel. Zo wordt het je als gelovig opgevoed kind allemaal bijgebracht en er bestaan hele handleiding in de vorm van de Bijbel en zo meer, hoe dat proces zal verlopen. Omdat wij mensen maar niet kunnen uitgaan van die definitieve dood. Nee, de mens leeft eeuwig door. Over hoe dat dan zal gebeuren maken we ons hooguit illusies, maar de wetenschap is er nog nooit in geslaagd te bewijzen dat er iets onstoffelijks bestaat als een ziel.

Wat wel bijzonder blijft, mensen zijn in staat na te denken, te communiceren, we ontwerpen van alles, we maken muziek, reizen in de Ruimte. Er zijn geen diersoorten bekend waar die evolutie ook plaats heeft gevonden. Dat denkvermogen maakt ook dat we over de zin van ons bestaan zelfstandig kunnen nadenken. Al weet ik niet zeker of mieren dat wellicht ook doen, maar kunnen wij dat denkproces helemaal niet opvangen. Mensen zijn dus vreemde wezens. Vanaf de eerste momenten dat wij rechtop zijn gaan lopen en ons vestigden in holen en later plaggenhutten denken we ook bewust na. Over alles. Het geloof vindt zijn oorsprong in die oerbewoners die elke boom, vulkaan, zon of planeet aanzagen voor ‘goden’ die boven hen werden geplaatst. Over de hele wereld was het eigenlijk nergens anders.

Of je nu naar het klassieke China kijkt, de Zuid-Amerikaanse Indianen bestudeert of het houdt bij de ons meer bekende volken in het Midden-Oosten, aanbeden werd er. En dat moet toch ergens vandaan komen. Dat duidt op een sterk zelfbewustzijn en een gevoel dat dit er niet voor niets is. Dieren vreten elkaar op in de natuur na de dood. Wij begraven. Voortgekomen uit de gedachte dat we ooit zullen opstaan uit diezelfde dood als de ‘Verlosser’ voorbijkomt en ons weer verenigt met ons oude stoffelijke lichaam. Wellicht dat gecremeerden dan ook weer uit hun eigen stof ontstaan, maar dat is mogelijk een brug te ver. Spirituele en niet meteen gelovige mensen, denken dat we na de dood als ziel weer worden geplant in het lichaam van een nieuw leven. Kan een kat zijn, een ezel of een ander mens. Voor sommigen is dat een wens, anderen zien dat toch als angstdroom. Een violist die terug moet komen in het lijf van een slang krijgt het heel erg lastig. Maar er zijn vast mannen die wel eens vrouw willen zijn en omgekeerd. En die elkaar dan in dat nieuwe leven weer tegen het lijf lopen en datgene doen wat ze in hun eerdere leven ook deden, maar dan van de andere kant benaderen. Wie weet hoe leuk dat is. Mits je natuurlijk terug mag komen in een land als het onze waar we nog in vrijheid leven. Je zult maar worden onderdrukt en je eigen karakter hebben meegenomen uit dat Hollandse boerenkoollandje. Krijg je toch problemen. Kortom, veel om over na te denken. Overigens was ik nog niet van plan die splitsing van lichaam en geest nu al door te voeren hoor. Maar er over nadenken kan geen kwaad toch? Hoe denk jij als lezer over deze kwestie. Laat eens weten of ik me alleen de kop zit te breken over dit onderwerp….

Beschermengel…

Volgens een ooit geraadpleegde (ex)collega van het toenmalige werk waar ik van wist dat hij ‘speciale gaven’ bezat, was mijn beschermengel een wat oudere Chinese man die mij weerhield van al te bruuske stappen in het leven en me net beetpakte als het weer eens dreigde fout te gaan. De betreffende collega ‘zag’ die man achter me staan. En eerlijk gezegd gaf me dat wel een prettig gevoel. Immers je wilt graag beschermd worden. Als kind door je ouders, in een relatie door je partner(s), en als je later het tijdelijke voor het eeuwige verwisselt hoop je dat al die beschermers op je staan te wachten. Al dan niet uitgerust met vleugels en een warme glimlach. Het oude katholieke denken is toch niet helemaal verloren gegaan bij me. Want in die godsdienst is er altijd wel ergens een of andere engel of heilige te vinden die iets voor de gelovigen doet. Overigens komt dit dan weer voort uit veel andere geloven waar men voor ieder doel wel een of andere god bedacht die je kon helpen op het gebied van de strijd, liefde of zelfs de oogst.

Toch ben ik wel overtuigd dat ik af en toe een engeltje op de schouder heb gehad. Ik beschreef al eerder dat ik onlangs van de trap kegelde. Pijnlijk, alles bont en blauw, maar zonder al te veel ernstige gevolgschade. Ik ben trouwens als kind zijnde al een paar maal aan de dood ontsnapt. Avontuurlijk kind als ik was liep ik nog wel eens in een sloot of wat tegelijk. Figuurlijk, maar zeker ook letterlijk. Drijfzand was twee keer in mijn jonge leven een ernstige bedreiging voor mijn voortbestaan en gelukkig werd ik er in beide gevallen op het laatste moment uitgehaald. De omgeslagen kano in het Almeerse Weerwater en de zwemtocht voor het leven die daarop volgde is bij mijn omgeving sinds de jaren tachtig waarin dat speelde, een bekend en huiveringwekkend verhaal. De dood in de ogen kijkend kwam ik toch net op tijd aan de kant nadat ik echt dacht dat het nu dan zo maar over was. Ik heb op mijn toenmalige fietsen en brommers dingen meegemaakt die achteraf gezien best heftig waren en hadden kunnen leiden tot veel ernstiger schade dan dat van het jeugdig trotse maar ook gedeukte imago.

Immers, niemand reed zo goed op die tweewielers als ik. Maar de vele crashes die ik meemaakte gaven toch te denken. Gek genoeg heb ik dat met vierwielers zelden of nooit meegemaakt. Al stond ik nog een keer achterstevoren op de snelweg toen een van de remmen van mijn toenmalige Oldsmobile aan een kant vastsloeg en de auto 180 graden deed draaien. We vlogen tussen het omringende drukke verkeer door en eindigden naast de vangrail zonder ook maar een enkel schrammetje. Die oude Chinees had het er maar druk mee. En als je dat lijstje zo ziet verdient hij dus ook een compliment. En een oprecht bedankje. En moge hij nog maar niet met pensioen gaan voorlopig…

Echte mannen huilen niet…

Mannen horen niet te huilen. Althans niet in onze westerse cultuur. Toch? Er zijn culturen waarin huilen wordt gezien als oprecht teken van respect voor het lijden van sommige profeten of vanuit een ware aanbidding van de lokale leider(s). Bij ons is huilen toch wat meer een vrouwending dan dat mannen er meteen mee te koop lopen. Verdriet of een diep geval van affectie verberg je onder een dikke laag emotioneel beton. Mannen zijn pas echte kerels als ze niet huilen. Ook niet op momenten van wanhoop of pijn. Voor je het weet ben je een ‘watje’ of een ‘mietje’. Maar biologisch ligt dat toch allemaal een stuk anders. Uit Duits wetenschappelijk onderzoek bleek dat de gemiddelde vrouw jaarlijks tussen de 30 en 64 keer huilt. De gemiddelde man echter ook nog steeds tussen 6 en 17 keer. En die cijfers horen bij uitslagen die komen van volwassen mensen. Kinderen laten in soortgelijk onderzoek zien dat er op dit punt vrijwel geen verschil is tussen jongens en meisjes. Tot ze kennelijk door de pubertijd gaan en hormonen hun opvoedende maar ook geesten en emoties scheidende werk doen. Huilen is dus een uiting van emoties en die kunnen enorm verschillen.

Woede, pijn, onmacht, oprechte liefde, aanbidding, bedenk er een emotie bij en het kan allemaal leiden tot gesnotter of geween. Bij overlijden van een dierbare is ook dat gesnotter in onze streken vaak wat ingehouden. In andere culturen vallen mannen en vrouwen wenend over de kist van de overledene en laten hun tranen de vrije loop. Vrouwen weeklagen dan en roepen elke bekende god aan om over de ziel van de dode te waken. Wij, Nederlanders, nemen afscheid, luisteren naar de toespraken, breken wellicht pas als het moment van achterlaten daar is, maar gaan daarna weer gewoon en in stilzwijgen door met de dagelijkse gang der dingen. Op dat punt is de maatschappij best hard geworden. Ook het verlies van een huisdier kan enorme effecten hebben op de traanbuis en wat daar achter zit. Maakte ik zelf onlangs ook weer mee. Het verlies van de kleine en veel te jonge huisgenoot die zo ziek werd en uit mededogen moest inslapen maakte me wanhopig en woest. Het einde is dan definitief en nooit zul je meer mogen genieten van wat zo’n kleine rakker je aan plezier en liefde gaf.

Dieren zijn onbaatzuchtig. En dat vertaalde zich in heel wat tranen. Schaamte kende ik op dat moment niet hoor. Zou niet weten waarvoor. Het onverwachte, het onrechtvaardige, het hulpeloze, en dan dat komende gemis, het hield me emotioneel heel even intensief bezig. Om me heen waren er wat vrouwen, en die hielden het ook niet droog. Dan valt het minder op. Maar ik werd er vast niet (meer)gezien als de horkenman die ik als imago in het verleden al dan niet verdiend opbouwde. Nee, dit was een moment van zwakte. Gekoesterd hoor. Ik kan me soortgelijke momenten uit het verleden ook nog goed herinneren. Enkele malen voorgekomen. En daarna opgeborgen in het kistje met emoties waarin je dit soort zaken als echte vent opslaat. Want stoere mannen huilen niet. Voor het geval ik de uitzondering ben op die regel heb ik altijd een schone zakdoek bij me. Je weet maar nooit…

De watersnood van een 15-jarige

Voor veel mensen is 1953 ver voor hun tijd, of ze zijn het jaar bijna vergeten. Maar in Zeeland wordt het verhaal van dat rampjaar doorgegeven via de anekdotes die van generatie op generatie overeind blijven of uitvergroot. Onlangs was ik voor het jaarlijkse uitje in die natte en vooral vlakke provincie voor het eerst in het plaatsje Stavenisse. Oorspronkelijk een eiland tot die enorme springvloed Tholen en St.Philipsland te pakken nam. Het geisoleerde Stavenisse liep compleet onder. Waar elders in die hoek mensen natte voeten kregen stond men in Stavenisse relatief snel tot de nek in het koude water en werd een deel van het plaatsje compleet van de aardbodem geveegd. En dat ging zo snel dat heel wat mensen het leven verloren. 8,8% van de bevolking. En heel wat koeien, schapen en ander vee. Ook erg was dat zij die dat nog konden voor zover mogelijk in pyjama of nachthemd vluchtten naar hogere punten die indertijd slechts te vinden waren in de kerktoren of het stadhuis.

Daar huisden op enig moment tijdens die ramp tientallen mensen in de kou maar wel beschermd tegen het wassende water. Hulp kwam niet of veel te laat, Stavenisse werd 8 dagen lang min of meer vergeten. Om dit verhaal levend te houden bestaat er in het oude gemeentehuis een soort mini-museum dat men aanduidt als het Watersnoodhuis Stavenisse. Voor een luttel bedrag krijg je daar een gids mee die je via allerlei simpele hulpmiddelen en een hoop enthousiasme uitlegt wat daar in Stavenisse plaats heeft gevonden. Het lieflijke plaatsje van nu was toen een en al ellende. Maar de gids maakte het verhaal mooi, zakelijk en to-the-point. Hij showde de lage en hoge plekken, maakte beeldend hoe op de kamer waar het grootste deel van de expositie te zien is wel 80 mensen op elkaar gedrukt stonden te kijken naar hoe hun huizen of boerderijen compleet werden weggevaagd door het woedende water.

Geen dijk leek bestand tegen deze oerkrachten. Als je wilt kun je in een filmzaal beelden bekijken over de ramp die dit plaatsje tekende. Zodanig dat we er nu nog over kunnen horen of lezen. Door middel van een gids die er alles aan deed om duidelijk te maken hoe zijn opa en oma, maar ook zijn vader en moeder moeten hebben geleden onder alles wat hier plaatsvond. Want bij de uitgang gevraagd naar zijn leeftijd, vertelde hij dat hij net 15 was geworden. Kijk, als dat niet het bewijs is dat men het hier aan mekaar doorgeeft, dan niks. Men moet nog even kijken naar de Nederlandse taal, want de D en T zijn nog niet helemaal goed gebruikt op sommige plekken. Maar ja, kniesoor die daar op let. Het verhaal werd heel goed verteld. Complimenten op zijn plek voor de jeugdige gids! Mocht je in de buurt zijn, ga zeker even langs daar.

Dwalende geest….

Soms lees je weleens een boek wat je qua inhoud raakt. Iets mee geeft, of gewoon doet nadenken. Een zo’n boek was het onlangs uitgelezen verhaal ‘De Nachtmoeder’. Carel Donck de auteur, een man die de nodige scenario’s schreef voor Tv-series en films. Los van het verhaal wat ik verder niet zal verklappen is het onderwerp wat hij aansnijdt wel intrigerend. Het gaat over iemand die tracht na haar dood invloed te houden op het leven van de achtergeblevenen. En die kans ook krijgt. Ik moest daar wel even over nadenken. Zou het kunnen, wil ik dat als hert zo ver is gekomen dan ook? Dat hangt natuurlijk af van wat ik zoal zou zien vanaf de wolk waarop ik dan zal verkeren. Vraag is ook of je eenmaal opgenomen in dat wolkenrijk nog enige interesse zou hebben in Aardse zaken. Best iets om eens over na te denken. Wij mensen denken individueel. We zijn op ons zelf ingesteld, domweg omdat we ons niet of nauwelijks in anderen kunnen verplaatsen.

Zou dat anders zijn als geest en lichaam van elkaar gescheiden raken? Komen we terecht in een grote poel van verwante zielen die samen een grote graal vol gedachten vormen? Of blijft die geest zichzelf tot hij rijp wordt geacht ergens anders weer in een lichaam gestopt te worden dat opnieuw tot leven komt? Reïncarnatie en recycling pur-sang. Maar is dat ook iets wat je mag verwachten? Het bewustzijn is zo des levens, het denken van ons mensen ook. Dieren zijn veel instinctmatiger dan wij. Beesten schrijven geen boeken, bedrijven geen politiek, zoeken de grote ruimte niet op, voorspellen het weer niet en ontwikkelen geen technologie. Veel dieren moeten elke dag zien dat ze overleven. Meer zit er niet in. Wij mensen hebben op dat punt een luxe bestaan. Maar hoe komt dat. Waarom ontwikkelden we zaken als geloof?

Toch ergens dat verhevene aanhangen wat we nog steeds niet begrijpen. Het begrip dood en wat er dan met onze geest en denkvermogen gebeurt. De een ziet het als een definitief einde, de ander als een tussenstap op weg naar iets hogers. Dat laatst zorgt trouwens wel voor files in het hiernamaals want er komen wat zielen los van hun lichamen als je dat wilt aannemen. Elke dag weer. En in welke vorm verkeert die ziel dan. Is dat die ziel van een 86-jarige die na een lang en rijk leven ineens niet meer verder leefde, of wordt de teller teruggezet naar een naïeve leeftijd van voor het ‘zeker weten’? Vragen, vragen. Maar het blijft intrigerend om na te denken over hoe je de boel zou kunnen beïnvloeden als je daar de kans toe kreeg. Het boek deed me op dat punt huiveren. Niet vanwege de spanning hoor. Maar omdat ik mezelf al zag draaien aan allerlei radertjes die ik nu als normaal levend en wel denkend mens niet kan bereiken….. Hoe denk jij daarover medeblogger en lezer?

 

Duitsers en Russen

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Twee volken, twee geschiedenissen, twee verschillende uitkomsten! Duitsland en Rusland. Verbonden in hun geschiedenis die soms wel erg met elkaar verweven lijkt. In beide landen waren ooit zeer afstandelijke en hoog verheven vorstenhuizen verantwoordelijk voor het ”welzijn” van de bevolking, beide landen streefden sterk naar invloed in de regio en daarbuiten, men vocht graag een oorlogje of wat uit en toen de vorsten verdwenen waren en vervangen door dictatoren van ongekende wreedheid bleek dat men het met de rechten van andere mensen wederom niet zo nauw nam. Dan druk ik me netjes uit. Dood, marteling, verbanning. Het was in beide landen mogelijk. Hitler en Stalin, twee aan elkaar gewaagde heersers waren ‘goed’ voor tientallen miljoenen doden. Duitsland verloor de Tweede Wereldoorlog, Rusland (of beter gezegd de Sovjet-Unie) won. Maar tegen welke prijs? Alleen in het Rusland van 1938-1945 vielen 28 miljoen gesneuvelden te betreuren. Het land werd op de been gehouden door hulp van de Amerikanen. Stalin rekende na de oorlog af met alles wat in zijn ogen ‘tegen zijn regime’ was geweest. De vreselijke zuiveringen werden planmatig uitgevoerd.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

In Duitsland bleven in het westen mensen aanwezig bij overheid en bedrijfsleven die in de oorlog wellicht niet echt een zuivere rol hadden gespeeld. In het oosten van het land ging het er heel anders aan toen. Naar Stalinistisch model werd daar de DDR opgericht en daar moesten ze van oude nazi’s niets hebben. West-Duitsland kwam al snel weer op de been, het ging sneller dan je mocht verwachten van een land dat de oorlog verloor, een stuk beter dan in het oosten. De DDR werd door de Russen leeggehaald. Men begon met niets, en werkte verder met weinig. Voor de ooit zo trotse Oost-Duitse adel en industrielen was dat flink slikken. De Sovjet-Unie intussen bouwde langzaam aan ook weer op tot het weer een wereldmacht werd. Eentje met raketten, met een enorme defensie, met schitterende steden, maar een verder verarmd en deels verloederd platteland. En een alles overheersend politiek systeem. De veranderingen van de jaren tachtig zorgden er voor dat beide landen weer het middelpunt werden van de wereldpolitiek. De twee Duitslanden verenigden zich weer tot een enkel land in 1989, met dank aan de Sovjet-Unie dat door toenmalig President Reagan was gedwongen tot zulke enorme uitgaven op het gebied van defensie en innovatie dat het land domweg failliet ging. Opheffing en opsplitsing waren het gevolg.

Kremlin 1Het CIS (de unie van samenwerkende staten) werd de opvolger. Anno 2016 zien we weer een sterk Duitsland, dat in feit de EU bestuurt, zorgt voor de enorme vluchtelingenstromen vanuit de arme en geplaagde gebieden in Afrika en Midden-Oosten. We zien een Russische Beer die langzaam aan haar verloren gebieden weer inneemt. Goedschiks of kwaadschiks. Een leider aan het roer die de Russen weer zelfvertrouwen schenkt en de defensiemacht opnieuw brengt tot Sovjet-niveau’s. Poetin wordt een soort moderne Tsaar genoemd, Merkel de ‘Leider van Europa’. En de landen die tussen deze twee grootmachten in zitten kijken er naar en weten niet wat ze nu precies moeten. Kiezen of kabelen. Het lijkt er op dat die keuze nog wel eens een lastige kon worden. Feit blijft dat deze landen net als de VS een belangrijke rol spelen in de moderne geschiedenis en vermoedelijk ook de nabije toekomst. In hoop of vrees. En wij in ons kleine landje zullen daar mee moeten leren leven. Of we nu willen of niet.

10 jaar dieren-evolutie

fotoos Truus camera tot en met 110107 016 (2)Het is opmerkelijk hoe snel alles lijkt te wennen in een mensenleven. En dan bedoel ik vooral dat waar je wellicht vooraf weleens tegen aan hikt, in de praktijk van alle dag, ineens helemaal niet meer als vervelend of akelig hoeft te worden gezien. Een verhuizing, wisseling in de vriendenkring, andere meubels, een nieuwe auto, bedenk het maar en wij normale mensen moeten gewoon even wennen. Maar eenmaal door die eerste fase heen weten we na korte tijd nauwelijks meer hoe het ‘daarvoor’ ook al weer was of schrijven die herinneringen bij in het grote boek met levenservaring en lessen. Ik keek onlangs eens terug naar de afgelopen tien jaar. En dan met name naar de wisseling in onze dierenstal die deze periode heeft plaatsgevonden. Tien jaar geleden nog maar hadden wij drie poezen in huis (nou ja, twee poezen en een kater) die toen nog aardig in de bloei van hun leven waren.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En we hadden Purdy, onze stoere boeren Fox. Door die dieren had ons leven een bepaalde dynamiek, een ritme dat mede werd bepaald door de verzorging van die dieren. Wilden we ergens heen voor een paar dagen moest er altijd het nodige georganiseerd, en last minute besluiten voor een tripje was er niet bij. In de loop van de daarop volgende jaren veranderde dit beeld snel. De oudste poes werd nog in 2006 ziek, en moesten we daardoor helaas redelijk onverwacht laten inslapen. Vier jaar later was onze hond aan de beurt en in de jaren die volgden ook de andere twee poezen. Resp. 16, 16,5, 15 en 15,5 jaar oud geworden. Mooi gemiddelde. Begin vorig jaar kwam Pixel in ons huisgezin.

WP_20150711_009Een nog bescheiden zwarte kitten met een fluwelen huid die ons volledig inpakte. Maar intussen zo aan ons hangt dat een dagje weg wederom zorgt voor veel verdriet. Want als we dan wegrijden zit hij steevast voor het raam en kijkt ons na met een blik van ‘’waarom…….???’. Dat breekt je hart bijna. Dus eind vorig jaar maar een tweede minipoes gehaald. Uit het asiel, met een heel verhaal, ik heb het hier al verteld. De poes bleek uiteindelijk, bij controle door de aangewezen dierenarts, ook een katertje en die noemden we dan maar Punkie. Groeien doet die kleine vooral door veel te eten. Schransen als een bootwerker, maar nog steeds zo slank als een den. Slungelig, maar ook al zo’n lieverd die graag op schoot ligt of anders in zijn klimpaal voor het raam. Zo kan hij dan de vogels in de tuin bespieden die hier altijd komen bunkeren.

WP_20160223_008Pixel is nu de jongvolwassene en leert de kleine trucjes. Samen hebben ze lol. Soms wat minder. Dan is Pixel het gedoe zat en spring te kleine in zijn nek om hem met wat stevige beten bij te brengen dat respect ook hoort bij het ouder zijn. Maar wat een plezier hebben we aan die twee, beste lezers…..De overige veranderingen die we sinds 2006 over ons heen kregen zal ik u in het kader van het verhaal nog maar even onthouden. Maar neem van mij aan dat het er veel waren. Tien jaren is niet niks. Het is een hele periode en soms kom je dan heftige zaken tegen, in andere gevallen ook emotionele. Een mens wordt nu eenmaal als alles goed gaat ouder, maar ook wat wijzer. En in die wijsheid vervangen we nu de nodige meubels en ruimen wat overbodige zaken op. En nu geef ik mijn aandacht even aan de poezen. Er wordt uitgebreid gesnord naast me….

Onbezorgd gezond…

WP_20151210_001 (2)Natuurlijk, ook ik ben jong geweest en kan me dus nog goed herinneren hoe ik toen omging met een simpel gegeven als gezondheid. We waren gezond al hadden we als kinderen in onze familie best last van de ziektes die de leeftijd zo typeerden. Ze kwamen allemaal voorbij. Al was het maar omdat ik met een oudere broer zowat alles van hem erfde als hij net klaar was met uitzieken. Maar echt ellendige zaken kwamen niet voorbij. En indertijd werd er bij ons thuis gerookt als een ketter, ging de drank nog weleens rond en was dit gedrag wat bij veel van mijn toenmalige vrienden thuis te bespeuren viel. Je leed ook kou soms. Immers een CV was niet voorbehouden voor veel kinderen in de jaren vijftig. Een kolenkachel was al best comfortabel, maar in onze slaapkamer stonden bij vorst de ‘bloemen’ op de ramen. Toch groeide je vrijwel zorgeloos op. Ik moest twee keer worden geopereerd aan een ingegroeide teennagel. Niet fijn, maar na een paar dagen kon het verband er af en liep ik weer als een kievit. In mijn pubertijd viel ik nog wel eens op mijn snavel door onbesuisd brommer rijden.

Leo in de blauwe Citigo IMG-20150904-WA0001Schaaf- en brandwonden waren mijn deel, maar altijd knapte ik er aardig snel van op. Reden om nog harder te rijden, nog minder te letten op de rest van het verkeer. In mijn werk dacht ik ook niet echt na over risico’s, er werd gesjouwd en getild en op enig moment werden zelfs auto’s beetgepakt en opzij geduwd als dat zo uitkwam. Ergens zat daar wel een keerpunt in dat onbeschadigde fysieke imago. Want op een dag bleef ik tijdens dat tillen krom gebogen staan. Er was iets verrekt in de rug. En de pijn was wel zo heftig dat ik best een paar dagen was uitgeteld. Later velde deze kwaal me nog meerdere malen. ´Je wordt ouder pappa´…..jaja. Naarmate ik langer mijn levensjaren kon tellen kwamen er best wel wat kwaaltjes bij. Links, rechts, boven en onder. Het ene wat vervelender dan het andere. Maar toch. En om mij heen zag ik de voorheen jongelieden en meiden die ik al zo lang kende hetzelfde lot ondergaan.

HPIM1253aOf soms zelfs wegvallen. Dan waren ze geveld door een ziekte waar niet tegen te vechten viel. Dat blijft best heftig en onbegrijpelijk. De onkwetsbaarheid maakte plaats voor realiteitszin en relativeringsvermogen. Gezondheid is niet vanzelfsprekend. Onlangs maakten we het weer mee bij de liefste vrienden denkbaar. Euforie over de geboorte van een kind die omsloeg in diep verdriet toen bleek dat gezondheid niet zomaar komt of mag worden gezien als iets dat erbij hoort. Soms moet je er heel erg hard voor knokken. Zeer verdrietig makend. En ook weer even goed om over na te denken als je weer eens denkt dat jou nooit iets zal overkomen. Want dat denken vrijwel alle mensen op deze aarde, zeker als ze net als ik op jonge leeftijd maar weinig hebben meegemaakt. Zij die vanaf de jeugd moesten knokken weten precies wat de prijs is die je betaalt als je niet zo gezond bent vanaf de start of kansarm als het leven cadeautjes uitdeelt. Ik wilde het toch maar eens gezegd hebben……Hoe kijk jij aan tegen dit onderwerp? Gezegend geweest of altijd moeten knokken??