Hoorn – historisch genoegen!

Ik neem de lezer op mijn blog weer eens mee op trip. Naar Hoorn. Leuke stad, om meerdere redenen voorzien van grote historische banden met Amsterdam, VOC, koopvaart en zo meer. Een stad waar een prachtig historisch centrum wordt gekoppeld aan de nodige havens waar bruine, witte en nieuwgeldvloten naast elkaar aangemeerd worden. Een stad ook met heel wat fraaie kerken waarvan een deel niet meer als zodanig wordt benut. Ook hier sloeg de ontkerkelijking toe. De stad kent een paar musea. Zoals het Noord-Hollandse, maar zeker ook het Museum van de Twintigste Eeuw dat elke keer dat we er komen weer meer te bieden lijkt te hebben. Feest van herkenning. Ook voor de Soester vriendjes met wie we deze keer het Hoornse bezochten. Op een vrij kille junidag, waarop je zag dat veel van die boten worden bemand door Mooiweer vaarders. Want ze bleven voor de wal.

De echte schippers voeren uit, hezen de zeilen en gingen er met gezwinde spoed voor de wind vandoor. Hoorn heeft ook de nodige leuke winkels te bieden. De ooit wat oubollige V&D hier is net als elders verdwenen en het pand maakte niet de indruk dat men nu al nieuwe huurders had gevonden of dat Hudson Bay ook hier gaat proberen om ons te overtuigen van hun gelijk op onze markt te penetreren. Nee, de oude V & D is in verval. Wonderlijk genoeg helemaal niet passend bij Hoornse panden uit de oudheid. Want zelfs 16e -eeuwse pandjes staan hier, zij het scheef, nog aardig overeind. Dat Hoorn is in de jaren zestig en daarna toevluchtsoord geworden voor veel Amsterdammers die in hun stad geen redelijk huis in een veilige buurt vonden en derhalve maar uitweken naar wat toen de ‘kop van Noord-Holland’ was. Het deed de nieuwe woonstad bepaald geen kwaad. Overigens begreep ik later dat het V&D pand wordt gesloopt en plaats gaat maken voor nieuwbouw. Prima plan!

De economie floreert in Hoorn en dat zie je ook in de uitgestrekte wijken aan de rand en het stevige van grote winkels voorziene industrieterrein. Van autodealers tot meubelzaken, het is hier allemaal. Je hoeft dus niet speciaal naar Amsterdam om te kunnen winkelen. Daarbij is Hoorn goed bereikbaar, een behoorlijk lokaal wegennet sluit aan op het landelijke, er is een goed functionerend spoortraject, waarvan wij deze keer gebruik maakten, en voor de liefhebbers is er hier heel wat te fietsen. Kortom een erg aardige combinatie. Een leuke stad die o.a. trots is op dat elders zo vaak door nieuwe Nederlanders verguisde verleden. Jan Ptzn Coen wordt hier nog geëerd en dat hoort ook zo.

Ik bekijk dingen op dit punt toch met een blik in dat verleden zoals wij dat kennen. Dat er wel eens iets fout zal zijn gegaan, zeker! Maar was dat omgekeerd niet zo?! Daarbij, we kunnen nog wel even een discussie voeren over hoe de dingen door de tijd heen zijn veranderd qua denken bij sommigen. Maar in Hoorn heeft men daar minder last van. Misschien wel bewust!

Van de horeca maakten we gebruik toen de zon de temperaturen opstuwde en we ontdekten dat betaalbaarheid en kwaliteit hier ook nog eens redelijk samengaan. Hoorn is een erg aardige stad. Ik raad het echt aan om er eens een kijkje te nemen. Vergeet dan niet om je camera mee te nemen en bedenk ook maar dat een paar eeuwen terug de VOC-schepen hier voor anker lagen om hun lading over te hevelen op kleine boten die dan verder voeren naar Amsterdam. Een deel van de lading bleef in Hoorn. En diende dan weer als ruilhandel voor andere zaken die men hier deed. En dat is goed terug te zien aan de grandeur van sommige huizen en straten. Wij genoten weer! Hoop dat anderen dit ook kunnen doen in die aardige stad aan het IJsselmeer.

Dagtripje; Dordrecht!

We hadden weer eens een paar kaartjes gekocht voor een dagtripje, de lente leek in zicht en de behoefte om weer eens iets aardigs te ondernemen verdrong de weerstand om weg te gaan. Dus togen we na enig overleg naar Dordrecht. Een stad die we al een paar maal eerder bezochten, maar nu eens uitgebreid wilden verkennen. De trein die ons bracht reed via een stuk of wat tussenstops (het was een Intercity, maar leek wel een Sprinter…) binnen 1,5 uur naar de Dordtse eilanden. Waar het gezellig druk bleek te zijn. Mooi weer, maar flink frisse wind. De ligging aan het vele water zorgde voor kilte. Nam niet weg dat we al snel een leuk ogend koffietentje vonden. Maar het bleef bij ogen. Zelden zo’n chaos in de bediening meegemaakt (en vooral ook gehoord).

En de prijs/kwaliteitsverhouding was daarbij compleet zoek. Ach, kniesoor. Lopen maar weer, rondkijken, de prachtige oude panden bekijken, de grachtjes, en de verrekte aardige winkeltjes waarvan veel gevuld met ‘antiek’ of spullen die daarop lijken. Dordrecht barst trouwens ook van de horeca. En anders dan die eerste indruk was het daar in tweede termijn prima toeven. Waar dat ook zo was, het Museum van Dordrecht, waar men een reeks aardige collecties onder dak heeft en waar je daardoor best een paar uur kunt doorbrengen. Het was er gezellig druk. Prachtige tuin trouwens en een goed gevuld restaurant. Aanrader als je daar een keer bent. Wij liepen verder.

Wilden wat zien van de havens. Want die heeft Dordrecht. De ligging aan het water maakt dat de stad niet alleen kwetsbaar is voor storm en hoge waterstanden, maar ook dat je daar schepen en boten ziet in alle soorten en maten. Het befaamde stoomfestival geeft die haven extra aantrekkingskracht. En van die oude schepen liggen er een stel in de fraaie havenkommen waar omheen de nodige oude panden de sfeer geven van eeuwen terug. Kwekkkerdekwek met inwoners is ook simpel.

En voor de liefhebbers zijn er bij die haven ook nog wat aardige kringloperige winkels te vinden. Wij vonden er niks van onze gading, maar dat kwam ook doordat we ons zelf wat discipline oplegden voor we vertrokken. Met een anker lopen slepen voor in de tuin is onhandig als je nog terug moet in zo’n gele rups. Wat we uiteindelijk na flink wat gewandel in de loop van de middag deden. We wilden voor de spits zou beginnen thuis zijn.

Daarbij hebben die kortingkaartjes ook wat beperkingen t.a.v. reistijden. Voor vieren en anders wachten tot na half 7. En dat werd ons te laat. Maar laten we wel zijn, dat Dordrecht is een aardige plek om te vertoeven. Het mist maar weinig van de aantrekkelijkheden die andere steden zoveel mensen doen trekken. Deze parel lijkt nog niet ontdekt. Ook al ligt het nog zo dicht bij Rotterdam. Voor de sfeer is dat maar goed ook denk ik. We komen er zeker nog eens terug!

De B van Bouwen

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

In mijn woon- en leefomgeving betaal je voor een stukje grond om op te bouwen een dermate hoog bedrag dat het bijna onmogelijk is woningen neer te zetten die voor Jan Modaal nog betaalbaar zijn. De appartementen waarop met name de ‘grijze golf’ in dit land, maar ook de jonge garde die niet meteen in een huis met tuin wil terecht komen, node wachten, worden peperduur en zijn slechts weggelegd voor de grootverdieners. Het resultaat is dat er een transitie plaatsvindt tussen onze mooie stad en de directe omgeving. Steden als Hoofddorp, Amstelveen, Purmerend en uiteraard Almere doen goede zaken met het verzorgen van woongenot voor die groepen die door het bijna schandelijk woonbeleid in de hoofdstad al decennia lang de stad worden uitgejaagd. Waarmee de tweedeling in die stad tussen arm en rijk extra wordt aangewakkerd. Hoe verder je van de stad afreist, hoe lager de prijzen voor de huizen. Dan moet je uiteraard niet echt in die omgeving blijven hangen want ook de regio profiteert (..) mee van de schaarste aan betaalbare woningen aan de ene kant en de enorme vraag aan de andere.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Een appartementje in een souterrain ergens in een niet meer dan normale woonwijk ging onlangs voor E. 385.000,00 over de plank. Was helemaal 25m2 groot. Gekte van de bovenste plank. Huren in de wijk ‘De Pijp’ overschrijden vaak de 1000 Euro per maand en dan heb je echt niet veel meer dan een aardig huisje met gematigd wooncomfort. Kortom er is een soort gekte gaande. Niet in de laatste plaats doordat er gewoon niet voldoende gebouwd is en men ook niet heeft gekeken naar de doelgroepen. Men koos voor het grote geld, het rendement en plempte op die manier op elke open vierkante meter grond huizenblokken neer. Het hele havenfront van Amsterdam is op die manier verdwenen. Het uitzicht van de vroegere stadsgrens voor het IJ is verdwenen. Achter een enorme muur van appartementencomplexen die duur tot peperduur aan de man/vrouw zijn gebracht. De oude wijken bleven over voor de mensen die slechts met huursubsidie of steun van de Bijstand iets van een dak boven het hoofd konden krijgen. En de sociale onveiligheid in die buurten op de koop toe moesten nemen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ook al is er dan heel veel gedaan aan stadsvernieuwing en zo meer. Ere wie ere toekomt. Maar ik blijf bij de stelling dat wat we vroeger sociale woningbouw noemden nu peperduur is geworden dan wel niet beschikbaar is. Oorzaken liggen voor de hand, zeker in een stad als de onze die wordt overlopen door mensen die hier hun toekomst willen vinden. En gek genoeg blijken die aan boven- en onderkant van de markt even dol te zijn op onze stad. Miljoenen kostende appartementen verschijnen aan de Dam, langs de haven, maar ook op de Zuidas. En de middenklasse, zij die eigenlijk gek zijn op het leven in Amsterdam (maar hetzelfde geldt vaak ook voor de andere grote steden..) wijken uit naar elders. En zo verliest die stad haar eigen karakter, zijn taal, zijn humor. Als ik dan lees dat in Amsterdam een groot deel van de kiezers stemt op de PvdA, GroenLinks of D66 denk ik echt dat we hier iets gemist hebben. Want juist die partijen hebben hun eigen achterban op dit beschreven gebied compleet in de steek gelaten. Maar dat zal veel van de import-Mokummers een zorg zijn. Die kijken niet verder dan hun geldbundel dik is.

Edam….

WP_20160813_018De eerder verhaalde opvolging van Tommie door een nieuwe navigator voor in de auto maakte dat we op de dag van aanschaf van die nieuwe wegwijzer in zakformaat onderweg waren van Hoorn naar onze eigen hoofdstedelijk omgeving, maar dan wel via de IJsselmeerdijk en de weggetjes die daarlangs leiden. Een aan te raden route voor als je wilt onthaasten of houdt van schapen tellen. Af en toe even stoppen en op de dijk naar het water en de boten kijken. Vanuit Warder, een van de gehuchtjes daar, kan je bij goed zicht Amsterdam zien liggen. Een tussenstop voor een broodje en wat thee maakten we in Edam. Nu ligt dat b.w.v.s.. op fietsafstand van Amsterdam, ik ben er in mijn bewuste leven nooit echt geweest. Wel in de buurgemeenten Monnickendam of Volendam. Maar Edam kende ik alleen van de kaas die men daar maakt met een wereldwijd bekende klank.

WP_20160813_024Dat Edam is best een aardig plaatsje. Onderdeel van de Gemeente Edam-Volendam kent het in totaal 28.500 inwoners. De naam van het stadje is afgeleid van het feit dat men indertijd gelegen was aan de rivier de IJe of E. En dat leidde dan weer tot Edam. Dat riviertje mondde ooit uit in de Zuiderzee, maar werd later omwille van de veiligheid (bij slecht weer en hoogwater wilde de boel nog weleens blank komen te staan) afgesloten. De haven van de stad was daarmee een zinloze onderneming geworden, men richtte zich dus uit nood op andere vormen van nering bedrijven. Kaashandel was daarvan een heel belangrijke en dat deed men met verve toen de (zee)havens dicht moesten.

WP_20160813_028Toch is goed te zien als je in het buitengewoon fraaie historische hart van de stad loopt dat men hier goed geld verdiende in de jaren van die handel. De huizen zijn buitengewoon rijk, de trapgevels doen denken aan Amsterdam en ook de grachtjes helpen bij dat beeld. Er staat een heel fraaie kerk, de St.Niklaas, die een toren heeft die je elders in het land niet ze snel zult aantreffen. Die toren noemt men een speeltoren en stamt uit de 15e eeuw. Voor wie zoekt naar vermaak, dat is er genoeg. Een museum, de nodige horeca, rondvaarten, markten, en voor wie een leuke foto wil maken in de vorm van een selfie op locatie moet daarvoor echt even op de brug bij de Dam gaan kijken vlak bij het stadhuis. Wonderlijke stenen constructie, maar bij glad wegdek niet aan te raden met glad schoeisel. Edam was een prima tussenstop. Wij genoten er even van de gastvrijheid en de omgeving. Net als een bundeltje toeristen die er vermoedelijk per fiets verdwaald waren geraakt maar er nu blij verrast rondliepen. Met iets lekkers in de hand vaak. Helaas geen brokken kaas. Die nam men vermoedelijk mee naar huis.

Pampus…

Pampus 1280px-Pampus-aanzichtOnlangs zag ik een documentaire over de VOC-schepen en Amsterdam. Was best aardig om te zien hoe die enorme schepen (van toen), na een lange reis naar verre en exotische oorden aan de oostkant van de Amsterdamse haven in die tijd bij laag water niet over de daar aanwezige zandbanken heen konden komen. Die ondiepten waren ontstaan in het zuidwestelijk gebied van de Zuiderzee. Daardoor was het met die schuiten vaak niet mogelijk om bij de veelal ook nog heersende zuidwestenwinden die hindernissen voor de haven van Amsterdam, te nemen en binnen te zeilen. Er bleef niet veel meer over dan bij Pampus voor anker te gaan. Voor Pampus liggen stond gelijk aan geen kant meer op kunnen en dus waren de bemanningen van die schepen na hun lange reizen min of meer gedwongen stil te zitten of te hangen. Voor Pampus liggen kreeg zo een eigen plekje in de Nederlandse taal. Mijn pa gebruikte nog een andere uitdrukking; als we, kind dat we waren, nieuwsgierig vroegen wat hij of wij zouden gaan doen, antwoordde hij steevast: ‘Naar Pampus pap eten’. Oftewel, een niets zeggend antwoord dat gelijk stond aan ‘gaat je niks aan’. Pampus was dus in de Amsterdamse taal vervat, maar wat was het eigenlijk?

Pampus eiland lokatiekaartje...Pas op school leerde ik van een eilandje dat aan de oostkant van de stad, tussen Amsterdam en Muiden net boven het water uitstak van het intussen IJsselmeer, niet ver van de Oranjesluizen. Het forteiland Pampus werd (slim) vanaf eind 19e eeuw gebouwd op het zgn. Muiderzand, onderheid met  4000 palen van 11 meter lang. Het fort bedoeld als onderdeel van de zgn. Ring rond Amsterdam, ook Fort Amsterdam genoemd. Men dacht in die tijd nog dat je met dit soort fortificaties de vijand buiten de deur kon houden. De kanonnen die men monteerde zouden Amsterdam afdoende kunnen beschermen. Toen het eiland en fort eenmaal klaar waren, bleek die hele ring van forten rond de hoofdstad overbodig geworden. De vijand was intussen gemotoriseerd en een paar jaar later vloog hij gewoon over die forten heen. Wat bleef was een uniek verdedigingssysteem dat in de jaren twintig nog werd voorzien van luchtafweergeschut. Maar in 1933, toch slechts een paar jaar voor de Tweede W.O. sloot men de boel, trok de soldaten terug en liet het fort het fort.

Pampus situatiekaartjeTijdens de hongerwinter staken veel mensen over het ijs richting het oude fort en namen alles wat brandbaar was mee naar huis. Het verval sloeg toe. Na de oorlog heeft de Mijnopruimingsdienst er nog wat explosieven tot ontploffing gebracht, maar verder bleef het een eenzaam plekje in dit grote watergebied tussen Amsterdam en het (tegenwoordige) Flevoland. Intussen woont er een enkel paar mensen dat het hele jaar door gasten ontvangt, rondleidingen geeft en het fort plus eiland wat onderhouden. Er varen in de zomermaanden wat pontjes op en neer tussen Amsterdam en Pampus en de watersporttoerist weet het haventje ook wel te waarderen als plek in de luwte bij zwaar weer. Intussen is er ook een baken voor de luchtvaart geplaatst waarop overvliegende toestellen kunnen navigeren op hun routes naar of van hun bestemming. Een stipje in het IJsselmeer dus. Nu onderdeel van de Gemeente Muiden. En in de winter buitengewoon stil. Dan kan je dus echt voor het gelijknamige eiland gaan liggen als je wilt en zelfs wat pap eten. Maar voor de gezelligheid hoef je het niet te doen. (Foto’s: Internet)

De goede oude Wester…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onlangs kwam het even ter sprake; iemand snapte niet zo goed waarom ik altijd zo liefdevol sprak of schreef over de Westertoren in onze stad, als symbool voor mijn affectie voor mijn geboorteplek. Ik had er immers altijd ver vandaan gewoond. Feitelijk een onjuiste bewering, maar dat heb ik hem direct vergeven. Als je elkaar niet in de ogen kijkt en elkaars echte levensverhaal niet kent is het lastig inschatten hoe mensen in elkaar steken. Maar neem van mij maar aan dat ik die stad toen ik er niet echt middenin woonde, altijd in grote regelmaat heb opgezocht. Zoals we er nu nog steeds elke week een keer dwars doorheen lopen. Gewoon omdat een grote stad met al zijn veel gekleurde wijken, meer heeft te bieden dan alleen maar de Dam of de coffieshops waar de toeristen voor komen.

Westertoren Foto's Tru Juli-aug.2007 035Ik merk ook dat naarmate mijn leeftijd zorgt voor steeds meer kaarsjes op de al dan niet in huis gehaald of zelf gebakken taart rond mijn jaardagen, ik die stad meer koester. Die grachten, de oude panden, de straatjes met hun winkeltjes, de vele eethuizen. Mijmerend staar ik wel eens over het IJ waar vroeger de oude zeeschepen voorbij kwamen en het een levendige toestand was. Ik mis nog wel eens die oude gierende blauwe trams, de oer-Amsterdamse gezelligheid. Een koffiehuisje waar je naar binnen kon voor echte koffie met een Moezelientje of Kano. Ik mis het platte Amsterdams. Wat je tegenwoordig hoort is vaak een mengeling van alle landaarden die deze stad lijken te hebben geannexeerd. De ware Amsterdammer trok zich steeds meer terug. Verspreidde zich richting Noord-Holland, Flevoland of Haarlemmermeer.

WP_20150511_046Wilde een echt huis met tuin en een min of meer witte school voor zijn kinderen. Het haalde soms de kern uit een bepaalde buurt, maar legt ook vingers op zere plekken. De echte Amsterdammer is niet gespeend van humor, en dan ook nog van de wat ironische soort. Soms met een vleugje joods verleden. En dat is nodig als je ziet wie deze stad zoal menen te moeten veranderen. Een paar decennia falend stadsbestuur, megalomane stadsdeelbestuurders, provinciale amateurs die op politieke stromen een functie krijgen in de grootste stad van ons land en dat het liefste zien veranderen in een groot toeristisch dorp. Het liet allemaal haar sporen na. Kijk naar het chaotische verkeer, de anarchie van krakers, fietsers en scooters, het gebrek aan overzicht. En toch, mensen, ik blijf het een lekkere stad vinden. Kom ik dan nooit ergens anders? Natuurlijk wel. Veel en vaak. En daar zitten ook plekken tussen die ik best leuk vind. Maar daar hangt dan uiteindelijk toch niet die sfeer die Amsterdam zo leuk maakt. Want veelkleurigheid kent ook haar pluspunten.

Amsterdamse beelden 030807 004Ik ben de laatste die dat niet wil erkennen. Voorbeelden zat van ontwikkelingen die bijdragen aan het fijne karakter van die stad. Wonen deed ik er lang, tot we besloten om na een Bijlmer-avontuur de grote tocht oostwaarts te maken en in Almere neer te strijken. Met een wijk vol andere Amsterdammers. Begin jaren tachtig. Eindelijk geen verloedering meer en ook geen criminaliteit. Ruim tien jaar later verhuisden we weer terug. Naar de zuidkant van de stad, waar het nog goed toeven was en is. En we het stadshart op loopafstand hebben liggen. Zo fijn, zo warm, en zo bekend. Kortom, ik ben een Amsterdammer in hart en nieren. En ik zal dat nooit onder stoelen of banken steken….

Spakenburgse dagen 2014…

OLYMPUS DIGITAL CAMERASoms kan een mens niet cultureel genoeg bezig zijn, zeker niet als het zomerse weer uitnodigt om naar overal om te kijken waar iets te doen is in binnen- en buitenland en dat ook nog eens te berijden is zonder dat je meteen moet overnachten. Een van die evenementen was het op vier woensdagen in de zomerperiode georganiseerde zgn. Spakenburgse Dagen zomerfeest. Tijdens de alweer 44ste editie daarvan waren er verschillende optredens te zien van volksdansgroepen en bleek er ook een klederdrachtshow onderdeel te zijn van het pakket. Maar dat was niet helemaal ons ‘pakkie aan’.

Wij gingen meer voor de markten met ruim 400 stallen, verder was er een zgn. kinderkleedjesmarkt, oude ambachten, een grote warenmarkt, optredens en muziek. De schilderachtige Oude Haven van Spakenburg ligt vol met botters. Met die schuiten kon je dan tegen een niet eens al te groot bedrag lekker gaan rondvaren buiten de haven van dit schilderachtige vissersplaatsje. Speciaal voor de kinderen was er een Kinderplein. OLYMPUS DIGITAL CAMERAAardig is dat zo ongeveer de halve bevolking betrokken was bij dit evenement. Zeker zij die in het centrum wonen stelden ook hun garage en schuur open om daar dan een soort vrijmarktverkoop te houden. Voor weinig veel vinden naar je gading. Slimme aanpak en het maakt dat dit Spakenburgse evenement heel veel mensen lekker breed kan helpen aan een leuke en gezellige dag. Men had zelfs gedacht aan voldoende toiletten, de horeca zette een tandje bij en het weer hielp bij ons bezoek ook nog een handje mee.

Door de samenstelling van de bevolking in deze omgeving zie je naast klederdrachten ook veel uitingen van de breed gedragen godvruchtigheid hier. Kleding en uitstraling van veel mensen laten daarover geen twijfel bestaan, maar dat zegt niets over gastvrijheid en klantvriendelijkheid. Daarbij waren de aangetrokken stalhouders over het algemeen vrolijk en waren de prijzen lager dat we intussen op heel wat braderieën gewend zijn geraakt. Spakenburg stal ons hart. Het ons al langer bekende adresje, een viswinkel vlakbij de havenkom, zorgde voorde inwendige mens. In stijl, dat spreekt.OLYMPUS DIGITAL CAMERA En vanaf een terrasje kijken naar andere mensen is een geweldig tijdverdrijf, zeker bij dit soort zomers evenementen. Een aanrader van jewelste waarvoor je t.a.v. de 45e editie wel een jaartje moet wachten. Let wel op, het trekt ieder jaar heel veel mensen uit de regio, men komt ook met bootladingen tegelijk uit Zeewolde overvaren en de files zijn dus als je later komt, lang, heel lang.  Maar…toch de moeite waard. Leuk evenement.

Geluidsgenot

Maserati Quattroporte - schoonheidEerder al schreef ik hier over mijn rammelgevoeligheid.  Maar ik denk zelf dat ik vooral een beetje geluidgevoelig ben. Ik kan namelijk ook enorm genieten van het geluid dat auto’s of vliegtuigen maken. Ik hoor een tram op afstand knerpen door de bocht en vind zelfs een levendige haven prachtig door het geluid dat er vaak in een combinatie van indrukken tot me komt. Schepen, water, meeuwen, geklots en getoeter. Mijn gekte (..) op dit punt gaat zo ver dat ik vrij simpel de diverse vliegtuigen of auto’s van elkaar kon (of soms nog kan) onderscheiden. Zelfs binnen een bepaald type of model hoor ik nuanceverschillen. Een Caravelle VI was een oorverdovend krijsend toestel, vooral op de grond, een (meer gebruikte) IV had een lagere en meer draagbare toon. Het gedreun van zuigermotoren, het doet me iets. Geldt ook voor een gorgelende Amerikaanse V8 automotor.

SAIL2005.P1010025Toen ik zelf nog met dergelijke auto’s reed vond ik het starten van zo’n enorme motor een genoegen. En liet ik de auto even draaien voor ik ging rijden. Dat geluid is echt prachtig. Net als een Harley Davidson motorfiets. Kan me zeer bekoren, ook al ben ik dan geen lid van een motorclub of zo. Als je een motor koopt, dan een Harley, want geluid en trilling van dat blok zijn opwindend mooi. Onlangs werden we in de inmiddels bekende tunnel bij Utrecht (A2) ingehaald door een Maserati Quattroporte Sport GT. Voor wie niet weet wat dat is, het lijkt op een zakelijke sedan, maar is in feite een in een Boss-kostuum verpakte supersportwagen. Een V8 van 4,7 liter brengt daar 440PK naar de wielen en doet dit met een waanzinnig mooi geluid. In die tunnel kon de eigenaar van de Italiaanse volbloed het kennelijk niet laten om even vol gas te geven en de enorme brul van de motor te laten galmen door die tunnel. Het was ook mij een meer dan groot genoegen.

32523 - MDC DC-3 PH-MAA MAC Scan10007Ik kan me voorstellen dat je dan met een brede glimlach in je leasebak zit. Logisch! Bij vliegshows was ik altijd in voor een traktatie als er weer eens wat oude oorlogskisten voorbij kwamen. Dikke Rolls Royce Merlins, zware Pratt & Whitney’s, knerpende Wright’s of van die roffelende Bristol Herculessen. De gillende Rolls Royce Dart turboprops of de doffe suis van een Electra die zijn Allisons op volle toeren gebruikt om op te stijgen. Heb je er oog voor krijg je een bredere ijk op het begrip schoonheid. Trouwens, ook bij mensen gaat die combi op. Mooie mensen moeten naar mijn mening ook een dito geluid voortbrengen. Een fraaie vrouw past bij een stem die je doet smelten. Praat ze plat en veel te luid, of gebruikt ze mannelijke krachttermen knap ik af. Zo is het ook met al die roerende zaken die mij zo ontroeren. De combi, dat is het hem en daar kan ik met de ogen dicht van genieten.

De grote leegten in ons achterland

WP_005544Het is bij stom toeval dat wij onlangs weer eens opnieuw ontdekten hoe leeg Nederland op sommige plekken eigenlijk is. Wie beweert dat ons land ‘vol’ is bedoelt vast iets anders dan: ‘er wonen overal te veel mensen’. Neem van mij aan dat je plekken tegenkomt in ons landje waar je als inwoner echt denkt in Canada te verkeren of zo. Als ik naar mijn relaties rijd in de Zwolse regio doe ik dat vanuit de hoofdstad bij voorkeur via de IJsselmeerpolders. Daar groeien de windmolens tegenwoordig redelijk spontaan en de horizon is er met dank aan ons milieuvriendelijke denken aardig door verpest. Maar voorbij Lelystad verandert het landschap ook qua bebouwing. Mijn route loopt steevast dwars door de Noordoostpolder richting Vollenhove en Zwartsluis. Water, landerijen zo ver als het oog reikt en heel weinig menselijke beschaving is dan mijn deel. Onlangs, ik moest er weer eens heen, bleek mijn voorkeursroute afgesloten en moest ik omrijden via Giethoorn. Kom je langs de Beulaker Wijde en Belter Wijde. Enorme plassen water met vooral groene bomen en struiken er langs. Heel rustig, heel stil, maar vooral bijster leeg.

????????????????????????????????????????Later op die dag maakten wij van de gelegenheid gebruik om het plaatsje Zwartsluis nog even op de agenda te zetten. Een soort kruispunt van waterwegen met naar het noorden de vaargelegenheid richting Meppel en Assen (of noordelijker) en naar het zuiden het Zwarte Water en dito genoemd meer. Dat laatste vroeger als onderdeel van de Zuiderzee en die hield nog wel eens huis in deze omgeving. Men gelooft hier ferm in de Heer en diens daden of beslissingen en hield wellicht daardoor extra goed vol. In weer en wind, of de kerk intussen nu afbrandde of niet. Mooi plaatsje dus waar men oud en nieuw met elkaar verenigt al lijkt het er op dat nieuw langzaam aan van oud wint. Mooie sluizen, een aardig aantal gezellige terrassen (niet al te prijzig) en wat winkels maken het tot een leuk plaatsje waar je best eens tijd voor mag vrijmaken. In de omgeving vindt je Meppel, met een gezellig centrum, maar  dat heb ik in mijn Meningblog al eens eerder benoemd.

WP_005540

Zwartsluis – haven

Mocht je willen weten hoe leeg Nederland is, kom dan eens naar deze kant van het land en kijk je ogen uit. Of je nu met de auto, motor of boot komt, zelfs op de fiets is het hier prachtig, je weet niet wat je ziet. Het westen is druk, daar in deze omgeving is het vrijwel leeg en rustig. Geeft soms ook wel eens het gevoel dat we met betere spreiding van mensen soms een hoop zouden kunnen bereiken. Maar dat vraagt weer inzicht van onze volksvertegenwoordigers in  Den Haag. En  ik twijfel echt wel eens of die wel weten hoe mooi ons land nog steeds is en ook zou moeten blijven.