
Omdat ik wel merkte dat hetgeen mij qua kennis en expertise goed lag in die jaren na 9/11 ineens minder werd gevraagd moest ik wel snel schakelen. En dat deed ik. De schrijverij werd een belangrijke factor voor het nieuwe inkomen. De omzet moest behaald. Want laten we wel zijn dat zzp bestaan kent ook zo haar bijzondere risico’s. Zo was ik net twee weken bezig met o.a. het inrichten van mijn nieuwe thuiskantoor toen een net opgehangen (metalen) luxaflex-balk voor een raam tijdens het ophalen van de lamelen omlaag viel. Vol op mijn gezicht. Resultaat twee stevige plekken in mijn gezicht maar ook twee voortanden doormidden. Lekker handig als je geacht wordt voor de ‘klas’ te staan met alle toenmalige professionele verhalen. Gelukkig bleek de mij indertijd behandelde tandarts in staat om de schade snel en voor lange duur te herstellen. Je zag er nadien weinig tot niets meer van. Gelukkig maar want er moest gewoon gewerkt worden. Toen na 9/11 (zie Zelfstandigheid 1) veel potentiele handel wegviel moest ik dus ook meteen extra schakelen.

Dat deed ik. Schreef o.a. voor een militair blad (o.a. ook reportages over een neergeschoten bommenwerper bij Warmond waarvan een deel van de bemanning de oorlog overleefde en hier werd ontvangen met alle egards..) en later voor een nieuwe bedrijvengids. Daar maakte ik interviews voor en die werden dan als hapklare brokken door de uitgever geplaatst in een handige gids voor andere ondernemers. Helaas betaalden ze achteraf me niet wat we hadden afgesproken en dat zou niet de laatste keer zijn dat ik moest ontdekken dat zakendoen de nodige risico’s in zich droeg. Via een van mijn oude contacten kreeg ik intussen het verzoek om eens te komen praten over nog meer redactioneel werk. De uitgever die het betrof bracht al wat langer die militaire titel uit en had zich weten te verrijken qua aanbod met een titel uit de stal van een uitgever die vanwege belastingschulden een deel van diens portfolio moest afstoten. Het blad, een grote naam in de wereld van de telecommunicatie, had weliswaar een zeker organisatiegraad, maar een nieuwe hoofdredacteur was nodig om de boel opnieuw aan te sturen plus een operationele staf die het blad kon produceren.

Ik nam die opdracht aan, al was mijn kennis van die specifieke branche op dat moment mager. Daarnaast werkte de zelfde uitgever aan een titel die binnen de wereld van MKB Nederland regionale zaken vanuit het bestuur moest uitdragen aangevuld met algemeen nieuws uit land of regio. De titel overal gelijk, de uitgave per regio verschillend. Een beste klus, maar zeer welkom in die best wat magere periode van na 9/11. Bij dat telecomblad zat een professioneel salesteam op de verkoop van advertenties, bij het MKB-blad werd daar een nieuwe partner voor gezocht. Het zou diverse malen wringen. Redactie en verkoop…nooit een gelukkige combi. Daarbij was de uitgever van mening dat een goed te lezen blad belangrijker was dan een titel vol betaalde content al bracht dit dan in potentie geld in de kas. Ik schipperde tussen die twee belangen heen en weer, had ook nog van doen met opdrachtgevers die soms wel erg bijzondere eisen stelden, maar had het met al die uitdagingen en de bijbehorende stress verder toch nog prima naar de zin. Midden in die ontwikkelingen ontdekte ik de wereld van het digitale bloggen en zette dus ook nog wat blogs op waar ik extra (betaalde)verhalen kwijt kon en dat leidde weer tot een nieuw contact met een mij verder onbekende uitgever die vooral boeken maakte binnen de luchtvaartsector. Daarover later nog wat meer… (Beelden: Yellowbird archief)


























Als je echt op zoek gaat (of moet) naar een spoedkliniek voor dieren kom je zonder het te willen letterlijk en figuurlijk in een wat andere wereld terecht. Een wereld waarin je maar weinig van die voorzieningen zult vinden. Wij mogen blij zijn dat in onze omgeving een tweetal van deze klinieken te vinden is. Een daarvan benutten we net aan het begin van de corona-ellende voor een probleem met onze grote en trotse maar nog zo jonge kater Presley. Doorgestuurd door de dierenarts die er geen heil in zag zelf echt onderzoek te doen. Het kostte ons uiteindelijk 700 Euro om het diertje te kunnen laten behandelen, maar de uitkomst was dat men eigenlijk niet wist wat er loos was. Dier knapte op, we namen ons verlies en gingen verder met ons leven. Gelukkig deed Presley dat ook. Een andere kliniek zit in Amsterdam-Sloterdijk. Zat vroeger aan de Weesperzijde in onze stad en heeft een aantal ‘experts’ in huis op diverse terreinen.


In de tijd dat we altijd en overal bereikbaar willen zijn, althans zo lijkt het, is nauwelijks voorstelbaar dat we ooit een periode kenden waarin mensen thuis GEEN telefoon bezaten. Slechts zij met een belangrijke (..) functie hadden zo’n verbinding met de buitenwacht in huis. En zij die er geen hadden, maakten vaak gebruik van de PTT-lijn die bij omringende winkeliers voorzien van een open oog voor klantvriendelijkheid tegen betaling beschikbaar stond voor derden. Voor een dubbeltje of een kwartje kon je dan de dringende zaken afwikkelen. Bij ons thuis was dit ook heel normaal. De een paar huizen verderop gelegen winkel van de ‘sigarenboer’ ‘Ome Jaap’ was ons contactpunt en de afspraak was zodanig dat mijn leasepa zelfs op zijn visitekaartjes, nodig voor zijn handel en wandel, het telefoonnummer van die winkelier mocht vermelden.
En hoe vreemd ook, dat functioneerde prima. Later, het ging goed in de handel, kwam er een eigen telefoonlijn thuis en mijn moeder was daar vooral zeer verguld mee. Niet dat er nu zoveel mensen waren om mee te bellen, maar toch. Die telefoon en bijbehorende lijn behield ze tot haar eigen dood in ere. Lease-Pa was al veel eerder gaan hemelen, de telefoon zweeg toen al vaker dan hij werd gebruikt, maar hij moest blijven uiteraard. Voor…’je weet maar nooit’. In mijn eigen verdere leven bleef de telefoon gewoon altijd aanwezig. Waar ik verder ook woonde of werkte, altijd speelde de telefoon een belangrijke rol. Een enkele lijn, meerdere, en in het eerder beschreven dealerbedrijf waar ik actief was zelfs via vijf verschillende lijnen, noodzakelijk door de diverse bedrijfsonderdelen. Telefoon, telex, fax, internetmodem, het werd door de jaren heen een steeds breder gamma aan verbindingen en dat het functioneerde mag soms een wonder heten. Zeker die laatste dingen waren kwetsbaar en maakten ook nog een rotherrie bij het inbellen. Intussen is de vaste lijn er nog wel, hangt aan een pakket van de kabelaar, maar het meeste gebel en ander gecommuniceer vindt plaats via de smartphone. Overal bereikbaar. En de sigarenwinkels intussen zowat uitgestorven. De wereld verandert in rap tempo. We appen, mailen, bellen nog maar zelden. Maar zijn wel altijd bereikbaar. Het waarom ontgaat soms. Alsof we onmisbaar zijn. Nou dat is een illusie natuurlijk. Dat kunnen al die gehemelden ons haarfijn uitleggen. Gemist door hun geliefden wellicht, maar hun relaties zijn ze snel vergeten. Tot er een lijntje naar boven komt….of naar beneden. Het is maar waar je in gelooft…
Dat huwelijk en de relatie er voor van ons dateren al van zo lang geleden dat je bijna op de eeuwkalender moet kijken om terug te rekenen hoe ver we al samen terug gaan in de tijd. En dat is al heel lang. Vandaag weer gevierd. Op bescheiden wijze. Zoals wij in elkaar steken. Niet zo uitbunding, nooit in het middelpunt van de belangstelling. Wij deden samen deze fusie der geesten, wij consumeerden, wij zorgden voor elkaar en het nageslacht. Wij beheren de veestapel (nou ja, drie katten..), werkten hard voor het eigen thuis en lieten geen schulden toe die verontrustten. Samen deelden we lief en leed, soms in warmte en enkele maal in onmin. Twee sterke karakters. Maar wel vol gehouden. En neem van mij aan dat de voorspellingen vanuit zgn. ‘experts’ aan het begin van deze reis niet positief waren. Men wist vrijwel zeker dat het voor ons vanaf de geplande start tot mislukken gedoemd was.
Mijn achtergrond, gebroken huwelijken in de familie meer regel dan uitzondering, bij vrouwlief zo links en rechts ook wat verbroken of lastige relaties als decor. Waar wij elkaar vonden was in de oprechte gedachte dat wij het anders zouden doen. Wij praatten veel met elkaar. Kilometers lang wandelend door onze stad. Met grote dromen voor waar we heen zouden willen, maar vooral ook samen. Het leidde tot een heel vroege breuk met ons beider verledens, tot een wens (ingewilligd door mijn toen nog levende schoonvader met groot inzicht en veel naastenliefde..) samen onafhankelijk in een piepklein onderkomen onze herstart te maken. Wat prima lukte. Hard werken, veel sparen, soms een uitstapje. Maar wel bouwend aan een toekomst die uiteraard nooit helemaal over rozen ging maar wel samen werd gevonden.
Schouder aan schouder, soms wel meer dan dat. Diepe dalen overstekend met een zelf gebouwde brug, hoge bergen nemend of die niet bestonden. Het huwelijk als houvast. ‘Kon niks worden, zo jong’ was de gedachte van anderen, maar wij dachten dan ‘ach’. Samen sterk en wat de een niet wist daar had de ander wel een antwoord. Mijn discipline was leren en werken. In het zweet des aanschijns. Vrouwlief deed de extra zaken als haar eigen werk, en de huishoudelijke taken die ik vermoedelijk nooit zou leren. Had zij een klusser gewild, was ze beter aan mij voorbij gelopen. Maar ik zorgde voor de gesprekken, overleg, diepgang bij zaken die er toe deden. Samen naar luchtvaartshows, auto-tentoonstellingen, zelfs de kleine jongen die er intussen was meenemend op die trips. Intussen zijn we weer zoveel jaar verder. We vieren het dus bescheiden. Zoals we dat meestal doen en deden. Morgen is er weer een dag. Gaat de toekomst gewoon weer verder. Nog steeds samen, in warmte gekoesterd. Maar vandaag even een hapje en drankje. Dank u voor de belangstelling. Vanaf morgen is dit theater weer als vanouds geopend….