Wonen in stilte…

Wonen in stilte…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: p7240356_edited.jpg

De keren dat ik ergens te gast was waar het zo rustig was dat je er b.w.v.s. tegen de stilte kon leunen zijn schaars te noemen. Komt ook omdat ik er niet naar op zoek was of ben. Stilte is een schaars goedje in drukker worden landen en steden om ons heen. Toch zijn die plekken er wel. Gek genoeg ontstaat die rust en stilte ook omdat er weinig tot geen mensen wonen en zelfs dieren die geluid voort brengen er zeldzaam zijn. Het is daar dat veel mensen zich thuis zouden moeten voelen als ze de behoefte hebben aan die rust. Gek genoeg kiezen de meesten van deze types om juist daar te gaan wonen waar stevige dynamiek en achtergrondruis constant aanwezig zijn.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: dam-straatartiest-optreden-p8110228.jpg

Zoals in grote steden als de onze, niet ver van een vliegveld, haven of zelfs snel- of spoorwegen. Altijd met als argument dat juist daar werk te vinden is, goede scholen, en uiteraard goed OV of wegen waardoor je met de auto nog eens ergens heen kunt. Opvallend is ook dat er dan altijd lieden tussen zitten die zodra ze daar zijn neergestreken de behoefte voelen om die omgeving aan te passen. Het moet dan allemaal stiller, schoner, prikkelvrijer.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: sail2005.havendienst.p1010032.jpg

En dat snap ik als geboren en getogen kind van de grootste stad in dit land dan weer niet. Je hebt de voordelen van waar je bent komen wonen, accepteer dan ook de nadelen… En wil je dat niet, verhuis naar die stiltegebieden waar ik het in eerste aanhef over had of waar jouw plaggenhut vroeger heeft gestaan. Ze zijn te vinden in de regio’s Noord, Oost, Zuid en Zuidwest. Niet in de Randstad, niet in het Gooi, al lijkt dat soms zo, of in de Flevolandse steden. Het vraagt dus moed en doorzettingsvermogen om stilte te bereiken zonder je omgeving te willen veranderen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: hpim1848_edited.jpg

Je moet je spullen inpakken, nadat je uiteraard dat hutje op de heide hebt gevonden, je moet een verhuizer bellen, wellicht een aannemer om dat hutje nog even op te knappen, maar dan is de stilte die je wilde daar. Dat houdt ook in, geen winkels in de buurt, geen medische zorg op loopafstand, wellicht geen werk, maar je hoort wel het gras groeien of de wind door de takken van de bomen en verder helemaal niets. Dit verhaal loopt voor op een ander dat ik hierna zal publiceren en waarin die gekte van mensen om hun woonomgeving te veranderen nadat ze er zijn komen wonen voorbij komt. Zelf woonde ik ooit in de ooit zo utopische woonwijk Bijlmermeer. Prachtige ruime flats, veel groen, rust. Tot in 1975 de bevolkingssamenstelling zo drastisch veranderde dat wonen een last werd. Duur, maar ook weinig comfort over. Enorme geluidsoverlast, criminaliteit. Protesteren hielp niet, de Gemeente was en bleef stil, want…. Wij zijn toen verhuisd. Weg gegaan van de bron aller ellende. Het hielp. We woonden jarenlang weer rustig in dat nieuwe land. Het kostte iets maar dan kreeg je ook wat. Ik adviseer al die beroepsklagers over gebrek aan stilte het zelfde. En doe de voorspelling dat ondanks alles wat ons in Den Haag wordt voorgespiegeld, ons land niet rustiger zal worden in de toekomst. Integendeel….Dus….trek je conclusies….(Beelden: archief)

Vestigingsplekken…

Vestigingsplekken…

Aansluitend op mijn vorige verhaal over vakanties en de plekken die ik al dan niet koester wil ik nog even aandacht vragen voor iets wat daar zijdelings mee van doen heeft. Het feit dat de mens vrijwel overal op deze planeet een vestigingsplek weet te vinden. Hoe onherbergzaam ook, hoe zwaar de omstandigheden, de mens vestigt zich daar en maakt iets van zijn/haar bestaan. De meest krankzinnig afgelegen eilanden, grote hoogten, in kou of juist tropische hitte, de mens trotseert alles om maar een eigen plekje te kunnen claimen.

Hoewel ik zelf meer van de realistische kijk op die dingen ben, waardeer ik wel de moed van die lieden die echt vanaf de grond een eigen huis opbouwen of zelfs een dorp. Om mee te kunnen met de rest van de wereld zie je daarna vaak dat men zorgt voor verbindingen die tenminste hulp in nood garanderen. Dat kan per vliegtuig, soms per boot, en in andere gevallen al lopend langs afgronden of over bruggen van touw en wat gekapte takken. Vaak ondergaat men de natuur die best wreed kan zijn en zet door, tegen beter weten in. Want er is iets te vinden wat elders niet voor komt of dergelijke argumentatie.

Reportages over dit onderwerp zijn op TV of het www regelmatig te vinden. En telkens zit ik er met een mengeling van verbazing en soms verbijstering naar te kijken. Plekken waar eens in de maand een boot langskomt voor levensmiddelen, post of bezoek van de dokter, of bergen waar mensen wachten op het (kleine) vliegtuigje dat wekelijks landt op een van de modderige paden die een dorpsgemeenschap zelf hebben aangelegd om die verbinding te kunnen onderhouden. Jungles waar kampongs of soortgelijke samenlevingsvormen te vinden zijn die je slechts per Jeep of ezel kunt bereiken. Levenslijnen met de rest van de wereld. Zelf ben ik toch van het comfort, de sociale netwerken, de familie en vrienden om je heen. Zou ik me thuis voelen in een dorp ergens op 1 uur rijden van onze stad?? Wel eens over nagedacht maar steeds weer vastgelopen in dat zelfde gevoel van onzekerheid. Hoe zit dat met jullie beste meelezers? Wel eens nagedacht om op een kale bergtop te gaan wonen? Of op een eiland zonder iets? In de jungle van Centraal-Afrika? Idealiseer je dat of juist niet? Bij ‘Ik vertrek’ of ‘het roer om’ op TV meteen het gevoel dat jij dat ook wilt? Zo ja…laat maar weten waarheen de reis gaat dan….Ben benieuwd…. (beelden: Archief/internet)

Overdenking op zondag…

Overdenking op zondag…

Ik weet niet hoe oud de gemiddelde lezer(es) is maar zij die van voor de doorbraken in de jaren 70 stammen kennen nog wel de zondagen uit vroeger tijden die voor eenieder verliepen zoals in zwaar gereformeerde kring anno 2022. Zondag was voor velen de dag dat men eindelijk vrij was. Veel gezinnen kenden werkweken die ook de zaterdag nog in zich hadden. Maar voor velen was ook kerkgang op die rustdag des Heren nog wel voorgeschreven. Ook in katholieke kring ging men nog trouw naar de diensten in de veelal fraai ingerichte kerken. En daarna volgde dan een gezamenlijk ontbijt dan wel een wat uitgebreider lunch. En dan was het niet zoals nu vaak lekker buiten spelen, tv kijken, laptoppen of wat ook, nee je mocht wat lezen op de bank, binnen spelen, als kind, en de ouders die dat wilden hielden elkaars hand vast na een nacht die wellicht dat had gebracht wat de pastoor of dominee zagen als de enige juist vorm van consumeren van het door de hogere macht aan man en vrouw gegeven huwelijkse verbinding. In enigermate verlichte gezinnen mocht daarna de radio aan.

Gezien het aanbod van de toenmalige gemachtigden op die zondagen schakelden sommige huisvaders over naar de al dan niet krakende zender van Radio Luxemburg. In andere gezinnen zong men mee met kerkmissen die inclusief preek en gezang werden uitgezonden door de toenmalige zuilen op de radio. Televisie was er eigenlijk nog niet bij. En als er al sprake van was zond men op die zondagen ook diezelfde soort kerkdiensten uit. De zondag was voor de gelovigen en zij die er heidens over dachten sloten zich veelal aan bij die tradities. Daarbij hadden veel gezinnen geen vervoermiddel beschikbaar. Dus mocht je wellicht (met name in stedelijk gebied) nog wel wandelen in je beste pak of jurk. Door erg rustige straten. Later kon je spelende kinderen zien en toen men het eigen vervoer had ontdekt, trokken sommige gezinnen er op uit. Even naar de hei of het bos, om iets anders te kunnen doen dan tijdens die lange werkdagen doordeweeks. Het avondeten werd gezamenlijk genuttigd. Een soort dwangcombinatie. En blij zijn met wat er op tafel kwam, immers….de oorlog en die ellendige hongerwinter….. Spruiten dus, en als je geluk had sperciebonen, een stukje vlees en wie geluk had ook nog een toetje in de vorm van een beetje pudding. Na de jaren zestig ging het snel. De kerk verdween meer en meer op de achtergrond, de auto zorgde voor massaverplaatsingen op zondag en men ging steeds verder weg voor het ontspannende genoegen van er uit zijn. Tegenwoordig zijn we vrij, liberaal, zien geen grenzen meer, alle winkels open op zondag, eten genoeg en wat je maar wilt en geen kind dat in het huisgezin zonder mobiel telefoontje op de bank zit mooi te wezen en stil te zijn. Allemaal veranderd. Gelukkig maar. Genoeg van de spruitjeslucht. De hekel die ik als meninggever aan die groentensoort heb komt ergens vandaan natuurlijk….(Beelden: Archief)

Heemparken…

Heemparken…

Onze actieradius is door allerlei omstandigheden even wat klein soms, en dan zoek je het vermaak niet in verre landen maar juist in de nabijheid van je eigen woonstek. En dan hebben wij hier het geluk dat vele van de leuke plekken in de directe omgeving relatief onbekend zijn maar voor natuurliefhebbers een waar eldorado. Een van die stekken vinden we in buurgemeente Amstelveen.

Naast het veel bekendere Amsterdamse Bos ligt daar het prachtig verzorgde Heemparkengebied dat feitelijk bestaat uit drie los van elkaar (maar wel dicht in elkaars buurt) gelegen parken met een paar extra’s. Het prachtige Dr.Jac.P.Thijssepark heb ik al eens beschreven na een wandeling die wij er samen deden met onze Soester vrienden. Nu deden we onlangs de volledige route die o.a. het park De Braak omvatte en het Koos Landwehrpark. Ik kan je echt melden dat dit een vrijwel onontdekt gebied is. Je loopt soms aan de achterkant van de grote villa’s langs die het toch wat (met dank aan de luchtvaart) rijkere Amstelveen zo kenmerken. Maar je loopt ook in grote rust en tussen de meest prachtige bomen, struiken, bloemen of vijvers.

Goed aangegeven waar je nu weer op moet letten. Soms zijn de paadjes erg smal, af en toe een beetje modderig, maar o jee, wat maakt het uit als je kunt genieten. De totale wandelroute is 3 kilometer lang, wil je alle drie de parken echt door lopen moet je ook af en toe even de Amsterdamseweg in Amstelveen oversteken, want ze liggen echt goed verscholen. Je mag er niet fietsen, auto’s zijn helemaal uitgebannen, een puur wandelgebied voor de liefhebber.

De drie parken hebben ieder wel hun eigen karakter en sfeer. Maar samen is het een gebied waardoor je beseft dat alle mekkeraars over gebrek aan groen en natuur in hun omgeving altijd ongelijk hebben als ze kennelijk niet eens beseffen dat in hun eigen achtertuin de meest prachtige natuur te vinden valt. En in die natuur vindt je dan weer bijzondere vogels, vissen en zo meer. Wie er enig verstand van heeft kan de vogels duiden tijdens het fluiten. Ik ben daar niet zo goed in, ben al blij als ik een blinde vink van een houtduif kan onderscheiden. Genieten van die omgeving dus. En dat alles op een steenworp afstand van de woonstede. Ik ga niemand aanraden het massaal te bezoeken, maar als je bij toeval eens in de buurt bent, gewoon doen. De ingang van het Thijssepark vindt je aan de Prins Bernhardlaan waar je nog vrij kunt parkeren als je bezoeker bent. En door de stilte van die laan ga je vanzelf fluisterend praten. Precies wat past bij dit parkgebied. (Beelden: eigen foto’s)

Stil concert…

Stil concert…

Stel je eens voor; het Concertgebouworkest geeft een voorstelling met volle zalen. De dirigent slaat af en…..stilte…. Men beweegt de armen en hoofden, het lijkt er op dat men vol vuur speelt, maar je hoort niks. Buiten zie je de tram voorbij rijden….compleet stil. Wat mis je dan? Simpel…emotie! Wij mensen hebben oren die communiceren met onze ogen en samen onze herseninhoud waardoor we weten dat bij de optiek het geluid deel uitmaakt van het genoegen.

Kijk, en dan komen we ergens. Zelfs in de fraaiste landschappen horen we de natuur, de dieren, het geklater van water of wat ook. Voor natuurfreaks de ultieme wereld. Maar ze zijn daar ook naartoe gereisd. Als ze lopen dreunen hun stappen onder de grond door naar de schuilplekken van diverse diersoorten die dat dan weer als bedreigend ervaren. Voor echte stadsmensen van geboorte hoort geluid bij de observaties van toen en nu. Muziek in de oren.

Heerlijk om een echte sportwagen te horen brullen, de trams knarsend en piepend voorbij te horen komen en mensen onderweg met elkaar te horen kakelen. Het stadsrumoer is onderdeel van de charme van het geheel. Een stille stad was even tijdens COVID-lockdowns te beleven, inwoners vonden het een paar dagen leuk, maar daarna werden ze vaak toch onrustig van die stilte. Als je naar een of andere sportwedstrijd gaat is het zelden stil. Publiek, spelers onderling (teamsport). Slechts bij schaken, dammen of biljarten is men stil vanwege de concentratie. Maar verder? Joelen geblazen. Hoort er bij. De lol van concerten buiten of evenementen als de Zwarte Cross of Lowlands baseren op de optelsom der dingen.

Elk zintuig geprikkeld. En doodmoe thuis komen. Hoort er allemaal bij. Zelf wil ik nog wel eens een half uurtje kijken naar YouTube-filmpjes van recente rallies of een mooie propellerkist die zijn motoren start en daarna grommend het luchtruim kiest. Het geluid is dan bepalend. Zet dat af en de lol van het kijken is voor mij als liefhebber meteen 50% minder groot. Nee, ik ben niet van de zwijgzaamheid. Geluid is voor mij ook muziek, geen overlast. Ik snap best dat er mensen zijn die dat anders zien. Waar elke decibel geluid wel wordt ervaren als overlast. Zit vaak ook in de genen. Je opvoeding en de omgevingsfactoren. Ik ben niet onpartijdig op dat punt. Maar blijf hier maar even genieten van al die auditieve genoegens. Wat ben jij voor een type? Meer van de stilte of neem je de omgeving voor wat hij waard is? De lezerskring een beetje inschattend liggen de meningen vast sterk uit elkaar. Ben benieuwd wie zwijgzaam door het leven gaat en nul decibels geluid projecteert. Dat zijn toch de bijzondere uitzonderingen…..Hoe geacht ook…..Maar ga dan ook morgen niet naar buiten. Het wordt vast druk overal… (Beelden: archief)

Posbank…

Posbank…

Wie meent dan Nederland alleen maar vlak land kent, weidegrond of stedelijke bouw met alles wat daarbij hoort, raad ik aan om eens 100km oostelijker van Amsterdam op zoek te gaan naar de Posbank. Te bereiken via Rozendaal (nee, niet dat Roosendaal in West-Brabant maar het tamelijk welvarende plaatsje naast Arnhem..) of Rheden. Een werkelijk prachtig gebied waar je heerlijk kunt fietsen en wandelen. De haarspeldbochten bergop of af zijn soms adembenemend, maar eenmaal op de top krijg je een vergezicht te zien dat je de adem doet benemen. Zeer fraai. Met name zo aan het einde van augustus met de heide in bloei (dit jaar echt op zijn fraaist met dank aan een wat koele zomer..) is het er een eldorado.

Een omgeving die mij overigens aardig bekend is uit de jeugd. Want wij kwamen hier toen regelmatig met dank aan de vrienden van onze ouders, Ome Karel en Tante Cor. De eerste met een grote behoefte aan de Veluwe op zijn vrije zondag ritjes, en Tante Cor omdat ze uit haar eerste huwelijk een dochter had overgehouden die nog in Arnhem woonde. Ons gezin reed dan mee die kant op. Vaak in een van de toenmalige ‘handelauto’s’ van mijn leasepa, die het soms best lastig hadden met al die hellingen daar. Gold ook voor de Traction Avant van Ome Karel. Met volle last was het best een ritje om boven te komen. Voor moderne auto’s is het allemaal een fluitje van een cent. Zie ik ook bij de fietsers die zich naar boven spoeden met hun e-bikes. De oudere generatie waant zich Joop Zoetemelk met al die ondersteuning… Hoe dan ook, genieten daar op die Posbank.

Er zijn fraaie campings te vinden, uitspanningen (wel even de verhalen/opmerkingen van gebruikers lezen..), bospercelen vol echt wild (van herten tot wilde zwijnen)… Die laatsten moet je niet tegenkomen op je wandelingen natuurlijk, maar in de praktijk lopen ze ook liever voor jou om dan omgekeerd. Wat ik vooral fraai vind en vond daar, die enorme uitzichten over de omgeving. Met mooi weer zoals wij dat afgelopen maand augustus meemaakten tijdens ons meest recente bezoek aan die Posbank, is de Rijn op afstand te zien, is de heide roze van kleur oneindig groot en zorgen de bossen voor een mooie groene afwisseling. Schapen op de hellingen zijn witte bewegende puntjes op afstand, en zonder al die dagjesmensen zou het er uiterst stil zijn. Dat is het overigens wel in de bossen van de Posbank, daar hoor je zowat elke tak kraken, en is het stedelijk gebied ook figuurlijk ver weg.

Ik zou bezoekers overigens afraden hier in het duister of bij ook maar een beetje slechter weer de barre tochten op en neer te gaan doen. Daarvoor mankeert de verlichting, is de wegmarkering toch te matig tot slecht, de bochten te scherp of onoverzichtelijk en staan de bomen soms wel erg dicht bij de rijwegen. Daarbij blijken de (goede) fietspaden voor een beetje wielrenner geen uitdaging, maar die wegen voor de auto’s en motoren wel en rijdt men daarop vaak onverlicht rond. Maar ja, elk voordeel heb ze nadeel zoals een Amsterdamse wijsgeer ooit oreerde…. In alle andere omstandigheden is die Posbank eigenlijk een totaal pakket van genoegens voor wie van natuur en stilte houdt. Wij zijn blij dat we er weer eens waren. Ome Karel en Tante Cor zijn vanaf ‘boven’ vast trots op me….(Beelden: eigen gemaakt)

Stilte…

Geboren en in de grote stad Amsterdam maakt dat ik het begrip stilte niet met de paplepel kreeg ingegeven. In de wijk waar ik woonde in die jeugdjaren was het een en al economische bedrijvigheid. Er zaten winkeliers die werden bevoorraad, maar ook zelf leveringen uitvoerden met hun toenmalige vervoermiddelen. Er zat een groot garagebedrijf in die straat met transportdivisie er achter en die lui verhuurden ook nog auto’s. Een stuk verderop zat een verhuisbedrijf met grote trucks. Daarbij was een doorlopende straat die verbonden was met de snelweg A2 (toen net nieuw) de hoofdader van de wijk, en reden daar ook nog eens een paar tramlijnen doorheen. Over ons hoofd kwamen de vliegtuigen die van/naar het toenmalige Schiphol vlogen en je snapt dat stilte iets was wat we slechts ontdekten tijdens tripjes naar de Veluwe of zo.

In de grote basiliek die centraal in onze wijk gelegen was kon je tijdens het gebed nog wel eens genieten van de cocon waarin een gelovig mens zich daar bevond. Het geluid van buiten drong niet door tot binnen de gewelven van deze mastodont. Alleen daardoor al geloofde je als kind dan in de bescherming God’s. Hoe dan ook, zoals ik al beschreef in de diverse verhalen over mijn werkende leven, drukte was normaal, stilte schaars. Ik heb er nooit last van gehad. Integendeel, ik kan nog steeds niet echt goed tegen stilte. Isolement is niks voor mij. Alleen daarom al niet geschikt voor een kloosterbestaan, laat ik de liefde voor het vrouwelijk schoon maar even daar waar het hoort…. Trouwens, stille vrouwen ben ik zelden tegengekomen. Maar dat is vast een persoonlijke observatie. Nederland is een klein land en stilte een groot goed.

Zijn er gebieden waar je die stilte kunt vinden. Zeker en vast. Op sommige eilanden van Zuid-Holland tot Zeeland, in de Betuwe of de hoogveengebieden van Drenthe of Groningen. Zo stil dat je er echt tegen kunt leunen. Waar een slaande kerkklok op 35km afstand te horen valt. Waar de rollende container van de buren op 200 meter afstand klinkt als een harmonieorkest. Maar dan zonder ritme of dirigent. Overal waar mensen wonen is lawaai te bespeuren. Toch zijn ook in mijn grote stad, Amsterdam, hele wijken waar je gewoon in stilte kunt leven. Die zijn er echt.

Maar wij zijn een lawaaiige soort met zijn allen en of je nu van kerncentrales of windmolens houdt, lawaai maken we allemaal. Wel eens naast of onder zo’n wanstaltig windmolengedrocht van de moderne energieopwekking gestaan? Het is een ellende. Maar ja, ook selectief natuurlijk. Mijn geluidsbelasting uit de jeugd maakte ook dat ik er goed tegen kan en niet meteen in de shock schiet als er een vliegtuig voorbij komt of een auto met een race-uitlaat.

Ik kan je dan wellicht zonder op of om te kijken nog vertellen wat er vliegt of rijdt ook. Stilte is een groot goed voor de een, een frustratie voor de ander. De enige echte plek waar ik stilte zocht of zoek is mijn bed. Daar wil ik geen overlast van anderen horen. Zeker niet van buren die menen dat half 1 in de nacht een aardige tijd is om de schuur op te gaan ruimen of om 11 uur ‘s-avonds nog even een gat gaan boren om een schroef in te draaien die moet dienen om de kettingen mee vast te zetten voor het liefdesspel (ik overdrijf..). Ik maakte dat in onze vorige woning nog wel eens mee. Lawaaiige buren! Dat vond ik persoonlijk erger dan het geluid van verkeer of vliegtuigen. Selectief natuurlijk. Net zo selectief als sommigen geluid benaderen dat zij niet willen maar domweg behoort tot een ‘fact-of-life’. Lawaai is een kwestie van perspectief. Kom je uit een stil dorp hier wonen is deze omgeving lawaaiig. Omgekeerd is het voor anderen weer oorverdovend stil in zo’n dorp. Bij elkaar komen zal zelden lukken. En dus doen we soms het zwijgen er maar weer toe….. (Beelden: Internet/Yellowbird archief)

Kamperen…

Nu geen middel onbeproefd lijkt om ons met zijn allen in eigen land vakantie te laten vieren en we bepaalde buitenlanden niet meer mogen of kunnen bezoeken, lijkt het er op dat veel mensen de tent weer in ere doen herstellen en daarmee op stap gaan. Je kwakt zo’n ding zo achterin je auto of op het dak, dan wel in de overhaast aangeschafte aanhanger, en hup…op weg naar Texel of Vaals. Ter plaatse lekker uitpakken, je tentje opzetten (uuuuuren werk) en dan maar hopen dat het niet gaat regenen of dat je net die ene plek uitzocht waar ook een op grasniveau gebouwde wereldstad te vinden is vol bosmieren of steekmuggen. Dan ga je koken op een gasstelletje, of je neemt je Action-bbq en doet je best om dat aan het branden te krijgen. Elke keer dat je moet toiletteren loop je langs tientallen andere tentbewoners naar het vaak centraal gelegen sanitaire gebouwtje waar het natuurlijk altijd stinkt en plakt. Ook het eventuele douchen mag je daar doen. De uitzonderingen daargelaten is dat het beeld wat ik zelf kreeg van campings of wat daar voor doorgaat.

En ik heb het niet van een vreemde. Ooit, in mijn vroege jeugd, besloten mijn ouders dat een kampeervakantie wellicht een leuk (en betaalbaar) idee was met de kinderen samen. Nou, die kinderen waren klein, maar zagen er weinig in. Toch werd met een geleende tent het plan doorgezet en stonden we na een paar uur (door)rijden in het Limburgse Berg & Terblijt in een boomgaard tussen andere tenten te genieten van de kwetterende vogels en het lekkere weer. Ik ruik nog het spiritusstelletje waarop werd gekookt en de vriendelijke glimlach van mijn moeder die vond dat het eigenlijk wel meeviel met dat gevreesde gebrek aan comfort. We hadden nog niet geslapen natuurlijk. En dat kwam er ook niet van want midden in de nacht brak een onweer los dat het midden hield tussen een wolkbreuk en het einde der tijden. Omdat mijn leasepa ook niet meteen een kampeerder was had hij geen gleuven gegraven rond de tent, dus stond binnen de kortste keren het water op het grondzeil.

Drijfnat werden we. En wij kinderen mopperen. Gelukkig mochten wij in de auto slapen, wat we graag deden. Die was tenminste droog en veilig. Mijn ouders hielden het nog even hozend en gravend vol. Maar ‘gek genoeg’ werd de volgende dag, het was opnieuw prachtig zomerweer geworden en de tent weer snel gedroogd, besloten dat de kampeeroefening voorbij was en checkten we in bij een fraai maar best prijzig hotel in Valkenburg. Nu werd de glimlach van ma toch een stuk groter en mijn leasepa vond alles best als hij maar niet weer in die tent hoefde. Sindsdien was kamperen geen enkele optie meer. Altijd in hotels of logementen waar je comfort kreeg en lekkere ontbijten. Er werd een jaar lang voor gespaard, maar dan had je ook wat. En ik nam die gewoonte over. Meer dan mijn oudere broer die altijd iets is blijven houden met dat avontuurlijke van kamperen. Met de tent of caravan, hij smult er van. Ik niet, voor mij is het een gruwelijk idee als er geen bunkerachtige betonlaag zit tussen mij en de buitenlucht tijdens een verblijf in een ander dan mijn eigen bed. Nu ben ik op dat punt een lastige slaper, maar veel hotels bieden me voldoende comfortabele bedden en rust dat het alsnog na een tijdje lukt. Kortom, zoals ik al aangaf in mijn blogverhaal over tripjes (19-6-20), ik ga voor de steden en de hotels. Kort maar krachtig, en vol comfort. Het mag iets kosten, maar dan denk ik er ook vaak met meer plezier aan terug dan rond dat kamperen. Niks voor mij. Wie er wel van houdt moet het maar zeggen. Ik lees met plezier…of afschuw….Net hoe de pet staat….(Beelden: Internet/Archief)

Eenzaam

1912 - jurkenOmdat ik een type mens ben dat al snel wat kakelt voel ik me zelden eenzaam. Maar komt ook omdat ik al vele jaren iemand aan de zijde heb met wie het praten tot Eredivisie-niveau is verheven. Zou ik dat niet hebben getroffen, was het leven wellicht anders verlopen. Ik kan me niet vinden in zwijgzaamheid, snap ook nooit dat je zo door het leven kunt gaan, maar goed, we zijn niet allemaal hetzelfde natuurlijk. Nu is eenzaamheid niet alleen voorbehouden aan het hebben van een al dan niet spreekzame of luistergrage partner. Kan ook zitten in jezelf. Ondanks een drukke omgeving en mensen die je wel zien zitten, toch een gevoel van eenzaamheid bezitten. Zo is het leven na de dood van een geliefde wellicht niet meteen eenzaam omdat je kinderen of vrienden hebt die er alles aan doen om je niet te laten vereenzamen, eenmaal thuis in bed is er niemand die tegen je aankruipt. Eenzaamheid is vaak ook een kwestie van gezien worden, van erkend zijn, van geliefd blijven. Wat je vaak ziet is dat mensen die een heftig verlies moeten verwerken in het begin nog wel de nodige aandacht krijgen, maar dat dit verlies of verdriet niet te lang moet duren.

12Terwijl de verwerking van verlies bij de een veel langer duurt dan bij de ander en je iemand die lang aan je zijde verkeerde niet in een paar maanden bent vergeten. Integendeel zou ik denken. Bij verjaardagen van iemand die er niet meer is, blijft de herinnering, de lege stoel, de gemiste verhalen, de liefde wellicht. Lastig voor de achterblijvers. Als die er nog zijn. Naarmate je ouder wordt streep je steeds vaker namen door op de verjaardagkalender. Mensen vallen weg. Grootouders, ouders, broers, zussen, als je echt pech hebt kinderen. Dan moet je maar zien dat je doorgaat. Tot je in je uppie overblijft en in een of ander verzorgingshuis je laatste dagen slijt.In de hoop dat de asociale bestuurders van dit land jouw laatste woon- en leefplek niet wegbezuinigen. Want eenmaal oud en zorg behoeftig ben je min of meer een kostenpost geworden.

Voor sommige oudere werklozen rest nog slechts een plekje op straat...Zonder naasten of goede vrienden overgeleverd aan de haaien die rondzwemmen in de neoliberale of aprincipiele verzorgingsvijver van dit ooit zo sociale land. En dat maakt pas echt eenzaam. Zullen we in het kader van de participatiemaatschappij afspreken nu eens werk te maken van alle plannen om het de eenzamen onder ons eens wat leuker te maken? Hen op te zoeken die daaraan grote behoefte hebben. Of open te staan voor de behoeften van diegenen die we weliswaar goed menen te kennen, maar door onze eigen drukte of behoefte aan aandacht soms een beetje verwaarlozen? Namens hen allemaal hartelijk dank…..

Over leugens en verkeerde conclusies…

EHAM in de sneeuw. foto van dia CJvR Scan10765Overdrijven is een vakgebied apart en als je aandacht wilt voor jouw ‘zaak’ of passie moet je vooral de meest wonderlijke of uit het verband gerukte conclusies voortkomend uit een ‘onderzoek’ in de media brengen. Onlangs wond ik me weer eens op over zo’n conclusie. Breed gebracht in de vaak erg weinig kritische media en als waarheid opgevoerd. Die conclusie luidde dat als de wind uit het zuidwesten waait (hoe kom je er op) de fijnstofbelasting in Amsterdam groeit door de invloed van de startende en landende vliegtuigen op Schiphol. Milieu Defensie had deze conclusies gehaald uit een of ander TNO-onderzoek, maar het was allemaal weinig gefundeerd. Natuurlijk stortte ik me er op, omdat het allemaal uiteraard de grootst mogelijke kolder is. Het waarom kom ik zo op. Maar de reactie die ik kreeg vanuit de kring van de milieugroepen was dat men al jaren bezwaar had tegen de vliegerij als zodanig en dat we allemaal in de trein dienen te stappen op de korte tot middellange afstanden. En dan voer je een onderzoek op waarin jouw gelijk naar jouw mening wordt bewezen.

KLM aircraft at EHAMKijk, koren op mijn molen! Want dan verdraai je dus conclusies om zo tot je gelijk te komen? Weten we meteen hoe die lui werken bij die actiegroepen. De luchtvaart is relatief gezien een van de kleinste milieuvervuilers op de planeet. Ook al zullen die vliegtuigen veel mensen irriteren door hun lawaai of de ingenomen openbare ruimte voor hun vliegvelden, dan nog is het bepaald niet de grote vervuiler die MD ons wil doen geloven. Dat zijn wij zelf, als mensen en consumenten, dat zijn koeien, industriële complexen, noem maar op, maar niet de luchtvaart. Daarbij komt dat wij maar niet willen leren dat als je stil en schoon wilt wonen, je niet met al je nieuwbouwplannen steeds dichter bij zo’n luchthaven moet gaan zitten. Dat nu deden de meeste steden nu juist wel. Net zoals ze gaan bouwen langs een snelweg om daarna te mekkeren over lawaai en uitstoot.

SPL Airport somewhere in the 70's...Wie rust wil moet gewoon in de Noordoostpolder of Oost-Groningen gaan wonen, daar is alles pais en vree al is er verder  behalve een aardbevinkje af en toe, helemaal niets te beleven. Vliegtuigen zijn in de afgelopen pakweg 30 jaar tientallen procenten schoner, zuiniger en stiller geworden. De industrie past zich steeds meer aan, maar verzorgt ook tienduizenden banen, vervoert miljoenen passagiers en maakt dat voor clubs als MD subsidies te halen zijn waarmee ze hun rapporten kunnen schrijven en uitdelen die werken als een rode lap op een stier. Een hond die in de hand van de baas bijt is vermoedelijk vals. Net zo vals als de uitkomsten van dit soort rapporten. En dus moeten we in deze tijd maar doen wat het meest handig is met deze rapportages en conclusies. In de open haard er mee en ons dan maar schamen over de uitstoot die dan weer onze schoorstenen verlaten zal.