
Jonge mensen hebben over het algemeen de wens dat ze later ook gezond en waar het kan welvarend oud mogen worden. Maar als diezelfde mensen eenmaal ouder zijn ontdekken ze dat dit soms gepaard gaat met gebreken die de kwaliteit van leven maar ook een confronterend uiterlijk met zich dragen. Kijk zelf maar eens naar foto’s van toen je 10 jaar oud was, 20, 30, 40 of nog verder. En vergelijk die dan met die van nu als je net als ik bedhoort tot de oudere jongeren. Jouw eigen spiegelbeeld. Confronterend. Ook al ben je in de eigen bol nog 16 of 26, wie ouder wordt ontdekt dat het fysiek tekenen van aftakeling begint te vertonen. En dat is best even slikken. Gaat dat lijf dan ook nog eens rammelen, problemen vertonen, al dan niet i c m geestelijke storingen en je weet of merkt dat oud worden leuk lijkt, het zo zijn vaak niet. Zelf merk ik overigens weinig van die twijfels of zo. Ik dartel nog steeds door het leven ook al weet ik dat ik een paar maanden terug toch rond dat leven en die bereikte leeftijd even dringend moest gaan relativeren.

De medische wegenwacht was nodig om dat fysiek nog fitte lijf op de been te houden. En dat was best even slikken. Zelfs ik, als stoere meninggever, bleek niet vrij van vervelende gebreken. Overigens ben je die fysieke ellende, eenmaal efficient verholpen, snel vergeten, maar in de bol speelt zich toch een soort musical af vol fraaie of minder leuke teksten, alleen zijn die dit keer niet gezongen. Ik heb bij schoonmama dit jaar gezien hoe dat oud worden gepaard ging met verlies van geestelijk bewustzijn en de nodige fysieke ellende. Ooit qua uiterlijk en gedrag een soort filmster en een mens vol levens- en reislust. Op hoge leeftijd een van anderen afhankelijk oudje dat dit bij jeugdig leven nooit zo zou hebben gewild. Mijn eigen moeder leefde ooit zelf als een krekel en vond een nieuwe jurk en schoenen passend bij haar toen nog onstuimige levensstijl. Dansen, reizen, er uit en genieten. Moest je voor werken, maar dat leven deed je maar een keer dus nut en noodzaak.

Toen zij na overlijden van haar partner, alleen kwam te staan en ze door haar vroegere keuzes redelijk eenzaam door het leven moest, op het laatst achter een rollator, was van die genoegens nastrevende dame uit vroeger jaren niet veel meer over. Bekende mannen en vrouwen, belangrijk in hun actieve leven, daarna vrijwel vergeten, maar soms heel lelijk oud geworden en nog erger, op een wijze die je niemand toe wenst. Ik heb er intussen heel wat voorbij zien komen. Anderen sterven in het harnas. Veel te jong, de levensstijl soms oorzaak, in andere gevallen gewoon pure pech. Jammer maar helaas. En zo zijn al die wensen rond dat oud willen worden voorzien van een dubbele bodem. Je wordt weliswaar met wat geluk gewoon zo maar oud, maar het blijft confronterend. En dus…blijf ik een oudere jongere. En heb alle spiegels in het huis afgedekt. Moet ook wel leuk blijven…. (Beelden: Archief)




















Op enig moment liep chef Ruud Breems aan tegen een Franse klant die een erg aardige handel wilde opzetten. En na enig onderhandelen namen wij die handschoen op. We zouden op Maastricht (Beek)Airport lading vergaren die van overal en nergens kwam en die dan omladen voor verzending aan boord van charterkisten richting het Nigeriaanse Lagos en Kano. In dat land waren allerlei instanties in staking gegaan en er lagen soms wel 150 schepen voor de kust vol lading die niet kon worden gelost. Om deze stakingen te omzeilen zette men een luchtbrug op, en wij kregen daarbij een centrale rol. In eerste instantie ging het erom om op dat Limburgse vliegveld een keer per week zowel lading van vrachtwagens als ingevlogen met Canadair CL-44ST transportkisten uit Hong Kong in de juiste richting te krijgen, om te laten laden op grote pallets die dan met een door de opdrachtgever gehuurde DC-8-62F van Satair naar Nigeria zou worden gevlogen. Die lading kwam soms net op tijd aan op Beek, had je soms daarbij pech dat de fysieke beladers op dat veld op zijn Limburgs zaten te eten, werd het voor ons billenknijpen.
Want die kist die naar Nigeria ging moest er ‘s-avonds voor 11uur uit uit zijn omdat dan het regionale vliegveld van Maastricht sloot. Geluidshinder en zo! De eerste charters deed ik samen met Ruud Breems qua afhandeling zelf. Zo leerden we deze tak van sport goed kennen en ook waar het fout kon gaan. En dat was niet voor niets. Want die kisten uit Hong Kong waren machines met grote turboprops, maar de piloten droegen kennelijk geen horloges. Op tijd vliegen deden ze zelden. En voor een paar honderd kilo extra lading vlogen ze onderweg nog wel eens een uurtje om. Toch lukte het veelal om alles geregeld te krijgen en de klant tevreden. Die was dat inderdaad zodanig dat we al snel twee keer per week deze oefening mochten doen. Baas Breems trok zich meer en meer terug en liet de chartering aan mij over. Ik nam er graag mijn collega en vriend Victor voor mee, dat was een mannetjesputter en omdat we met mijn toenmalige Skoda’s op en neer reden was het financieel nog verdienstelijk ook.
Victor kende al snel de bemanningsleden van de Britse charterkisten uit Hong Kong en soms namen we die lui even mee uit eten. Met de boys die in hun DC-8 op en neer vlogen naar Nigeria was het contact warmer geweest met Ruud Breems. Om hem moverende redenen ging die met die lui naar de lokale kroeg en dronk zich dan een stuk in de kraag. Nigeria stond ‘droog’ en dat was voor die mensen best reden om de kelen goed te smeren als ze hier waren. Was het wel eens spannend? Jazeker. Als die DC-8 tot zijn nek volgeladen was en richting Kano of Lagos vertrok was ik blij als ik hem op enig moment los zag komen van de baan (loopt op Maastricht een beetje af zodat je het einde niet kon zien). Dan pakten wij de spullen in en vertrokken weer richting Amsterdam. Volgende dag was weer gewoon hard werken op kantoor Schiphol. Op enig moment stonden alle vrachtpallets klaar voor de bekende DC-8, toen men om welke reden ook ineens en zonder aankondiging een Boeing 707 vrachtkist stuurde. Die zorgde voor veel stress. Want dan moest je de pallets ombouwen naar de rompvorm voor dat andere type vliegtuig. De beladers stonden met hun armen omhoog, want dat ging niet lukken in zo’n kort tijdsbestek…. Victor en ik stroopten de mouwen op, klommen op die pallets en begonnen ijverig dozen en kisten te verschuiven. Het bleek een goed voorbeeld, en dat werd gevolgd. Resultaat, de Boeing vertrok nipt op tijd en wij mochten naar huis. Het leven van een Exportmanager ging bepaald niet over rozen…Overigens hoorden we later dat veel lading op het vliegveld van die Nigeriaanse steden werd gelost in de open lucht en door de corruptie van de douane daar vaak niet eens ingeklaard. Ook werd veel van de inhoud geroofd. O.a. horloges waren daarbij gewild. Het restant schoof men met bulldozers opzij voor nieuwe lading. Maar dat wisten wij toen we ons zo druk maakten om schema’s niet… (Foto’s: Yellowbird archief)
Zorg regelen lijkt zo simpel. Mensen die het nodig hebben krijgen het en de mensen die ervoor door hebben geleerd en ook nog eens betaald krijgen voor dat werk, verstrekken het. Maar niet in ons land. Van een welvaartsstaat dreigen wij af te glijden naar een plek onder aan de ranglijst van landen die al dan niet goed omgaan met mensen die zorg behoeven. En voor de goede orde, dat zijn lang niet altijd ouderen. Je zult gehandicapt zijn, een soort kwaal hebben die door niemand wordt gezien, maar door jou zelf wel gevoeld of dingen van dien aard. Was voorheen allemaal eenvoudig in vakjes te duwen en op te lossen. Maar dat is wel voorbij. Participeren moet we en dat houdt in dat we allemaal de ouders in de tuin moeten opvangen waar we onze schuren ombouwen tot luxe lofts waar die mensen dan nog een tijdje onder onze hoede blijven. Afvoeren naar een bejaardentehuis is er niet meer bij. Die worden of werden gesloopt en wat overbleef viel ineens onder de veranderdwang van managers met het gevoel dat ze een hotel moesten runnen voor rijkere mensen zonder mening of stem.
De ziekenzorg kent ook zo haar wonderlijke kanten. Zo maakte ik in de woonomgeving van mijn nog altijd best kwieke en zelfstandig levende schoonmama mee dat in de buurt het bejaardencentrum werd gesloten. Gesloopt, omwille van de moderne tijd. Maar dat centrum gaf de toenmalige huisartsenpost een aardige klantenkring. En die zat een flatgebouw verderop bij mijn schoonmama vandaan. Handig en altijd bereid tot een goed gesprek als dat even nodig bleek. Na de sloop van het bejaardencentrum sloot ook de HAP zijn deuren. Kwam nu te zitten in een nieuwbouwwijk op een kwartiertje lopen van de oude. Maar dan wel een kwartiertje voor mensen met een kwieke tred. Zoals ik die heb. Voor een oudere dame met een rollator als ondersteuning best een heel stuk lopen.
Komt ze daar dan aan is er geen lift. Niet erg als je bij de apotheek moet zijn die ook in dat nieuwe gebouw is opgenomen. Wel als je naar de huisarts moet. Die zit op de eerste etage. Geen lift, wel een steile trap. En een soort traplift die even steil omhoog of omlaag beweegt als je op de juiste knoppen drukt. Levensgevaarlijk ding. Eng ook. Maar niet over nagedacht. Nog veel erger is het feit dat de assistentes volgens protocol werken. Dus niet in staat of van plan zijn om je bij een eerste bezoek te helpen met de uitslag zodat je meteen door kunt naar de dokter. No Way! Dan moet je terugkomen. In de middag. Twee keer op en neer voor dat ene gesprek. En men wijkt er niet van af. Een ander voorbeeld. Vrouwlief moet bloed laten prikken in een ziekenhuis. Daar moet ze heen vanwege een specialist die elke keer dat ze daar heen gaat behoefte heeft aan haar bloedwaarden of zo. Zonder afspraak naar binnen. Niet druk, sterker nog, op een Japanse klant met zijn vrouw na zit er niemand in de wachtkamer. Maar om een of andere reden zijn de witjassen druk met van alles, echter niet met het afwerken van hun echte klus. Bloed aftappen en in een buisje stoppen met een labeltje waarop relevante informatie. Ik keek ernaar en kreeg direct kromme tenen. Had ik tijd genoeg voor want we zaten er al snel 20/25 minuten te wachten op niets…
Geen wonder dat die zorg peperduur is en matig wordt ingevuld. Vergeet maar snel dat je cliënt bent. Je bent patiënt. Betaalt elk jaar meer voor die zorg maar krijgt relatief gezien steeds minder service. Vreemd dat dit bij veel dierenartsen nog beter is geregeld. En ik spreek hen er niet op aan die uiteraard de patiënt(en)centraal stellen en bijna onderbetaald hun werk moeten doen. Tuurlijk zie ik de nuance, maar de voorbeelden zijn net even te wrang om niet te vermelden. Participeren is leuk. Maar niet altijd. Wel eens voor iemand mantelzorg gedaan? Bedacht hoeveel tijd en inspanning dat vraagt?! Ach, het zijn maar kleine voorbeeldjes. Nu maar hopen dat dit kabinet daar oog voor heeft of krijgt. Maar ik ben bang dat dit niet meer goed komt. Ik laat alvast maar een schuurtje ombouwen in de achtertuin. Wie weet wie ik er nog een plezier mee doe…wellicht me zelf??
Hoezeer wij denken dat we als mens in staat zijn zaken ijzersterk te maken en voor de eeuwigheid te bewaren, in de praktijk blijkt alles relatief. Zeker ijzer is niet zo sterk als we denken dat het is. Ingebakken problemen zijn roest en vermoeidheid van het materiaal met soms breuk tot gevolg. Dus in die zin is dat materiaal niet zo sterk als wij graag willen geloven. Zelfs onze auto’s gaan gemiddeld een jaar of tien, twaalf mee. In uitzonderlijke gevallen langer. Maar dan heb je wel een bijzonder exemplaar nodig dat zelden aan de elementen wordt blootgesteld en na gebruik opgeborgen in een ruimte waar de omstandigheden optimaal zijn. Veel musea bieden die omstandigheden, maar de gemiddelde gebruiker heeft daar geen ruimte of geld voor. IJzersterk is dus relatief als begrip. En in mijn vroegere vakgebieden was het vaak even relatief simpel om dat te ervaren.
Zeker in de periode tussen 1950-2000 waren bijvoorbeeld auto’s bepaald niet zo sterk als hun imago het deed voor komen. Laten we wel zijn, er zijn of waren merken met een ‘ijzersterk’ imago maar roesten deden ook die als de beste. En soms had je een exemplaar in handen dat een slechte naam had op dit gebied maar in de praktijk buitengewoon sterk bleek en taai genoeg om het langer vol te houden dan het vooraf bepaalde gemiddelde. Wel kon je zien dat bijvoorbeeld de anti-roestvoorzieningen van Britse, Franse en Italiaanse auto’s minder was dan het gemiddelde, bij de Duitsers was het juist weer een stuk beter geregeld. En toen Audi ging werken met aluminium en ‘vol verzinkt’ materiaal bleken die wagens nog eens een hele slag sterker en langer mee te kunnen. Voor veel Aziaten was dit een enorme leerschool. De eerste Japanse auto’s op de markt, (denk aan merken als Hino, Isuzu, Honda of Datsun) roestten bovengemiddeld snel weg, dat overkwam ook de eerste Koreaanse auto’s van het merk Hyundai.
Ongetectyleerd op schepen vervoeren maakte deze vaak flinterdun gebouwde auto’s extra kwetsbaar. Maar die lui leerden snel bij. Ook bij die merken of hun opvolgers die nog wel bestaan, zien we roestpreventie een grote vlucht nemen. Maar ook in andere takken van dienst kom je een inbreuk op het begrip ijzersterk tegen. Treinen, trams, schepen, vliegtuigen, alles lijdt onder vormen van roest of slijtage en het is maar net hoe degelijk men die aparaten in elkaar stak of ze ook langer meegaan dan vooraf bedacht. Maar met mijn ervaringen uit de autobranche heb ik zo mijn voor- en afkeuren. Overigens is ook beton bepaald niet zo sterk als het vaak lijkt. Denk maar eens aan het schandaal dat nu is ontstaan na het instorten van een parkeerdek in Eindhoven en wat men daarna ontdekte aan constructiefouten bij gebouwen die op dezelfde leest geschoeid waren.
Ook betonrot is een bekend genomeen, bij wat oudere gebouwen breken soms hele balcons af doordat het metaal van de bewapening roest en het beton in feite verkrummelt. Dat zelfde fenomeen zie je ook bij veel oude bunkers of forten. Na een paar decennia zijn ze best toe aan renovatie. Vocht en zuurstof maken korte metten met onze metafoor rond ‘ijzersterk’. Gelukkig zijn er tegenwoordig alternatieven. Kunststoffen, keihard, of harsen die nooit zullen roesten, en ook nog in 3D te printen. Zodat we binnenkort de eerste huizen krijgen die uit een enorme printer zijn ontstaan. Gemaakt voor de eeuwigheid. Tot we weer ontdekken dat ook dat weer bepaalde nadelen of zwakten kent. Alles is relatief….oude zegswijze, maar in feite is dat wel zo. Of ken jij, lieve of gewaardeerde lezer(es) voorbeelden van zaken die echt alle tijden kunnen doorstaan?? Wel door de mens gemaakt uiteraard, anders is het niet eerlijk….
Het ging de afgelopen weken en dagen eigenlijk nergens anders meer over. Het leven van ons allen hing af van de keuzes die we zouden maken in het stemhokje. Een stem voor de een zorgde voor beroering onder bepaalde groepen, maar een stem voor de ander maakte ons landvoorhand failliet. De ene partij wist nog beter op ons gemoed te werken dan de andere. De uitslagen kwamen aardig laat tot ons. Voor de meeste normaal werkende burgers en kiezers, TE laat. Zij wachtten wel af tot de ochtend na de stemming hoe het allemaal was verlopen. Om dan te constateren dat er eigenlijk niet van die heel grote verrassingen zaten in de verkiezingen. De trends zaten al in de peilingen, de Nederlander kiest het liefst voor rust en orde, maar nu ook weer niet al te extreem. Het moet wel leuk blijven. We zijn niet zo racistisch als sommige would-be-politici ons willen doen geloven. En over sommige geloven kunnen we kort zijn. Prima achter de voordeur, maar niet in het openbaar s.v.p. en al helemaal niet binnen de politiek! Ook al blijkt nu dat zij die niet willen integreren toch een eigen stroming aan de zetels hielpen. Het was niet voor niets dat sommige traditionele partijen plotseling hun eigen geloof weg moffelden en zich ook afzetten tegen dat nieuwe dat zo graag dominant zou willen zijn.