Onlangs was ik met heel lieve vriendjes in gesprek. Het ging over het onderwerp ‘vriendschap’ en wat de inhoud daarvan eigenlijk kon betekenen voor betrokkenen. Vooropgesteld, vriendschap is een keuze. Van beide kanten. En ik ben van de soort mensen die meent dat vriendschap niet beperkt hoeft te blijven tot mensen van dezelfde leeftijd of hetzelfde geslacht. Als mensen leuk zijn, bij je passen, je het warme gevoel geven dat ze er altijd voor je zijn, dat ze onderdeel van jouw leven willen zijn zonder er meteen iets voor terug te verlangen, neig ik al snel naar de stelling dat dit dan ‘echte vriendschap’ is. Van die soort ken ik er in de loop van mijn intussen vele jaren best een aantal. Niet alleen voor het delen van je dieptepunten uiteraard, al lijkt dat meer voor de hand te liggen dan het delen van je evt. hoogtepunten. Maar het gaat uiteraard ook om zoet en zout, om leut en verdriet. Echte vrienden snappen ook dat je weleens wat minder in je vel zit of dat je iets anders wilt doen dan zij in de bol hadden.
Ze claimen jou net zomin als jij dat omgekeerd bij hen doet. Drempelloos van elkaar genieten. Dat maakt het leven leuker, warmer, geeft meer inhoud. Want bedenk je maar eens hoe het leven moet zijn zonder mensen om je heen die je echte vrienden mag noemen. Veel van mijn persoonlijke vrienden zijn mensen die ik via het ‘werk’ als collega leerde kennen. Mensen die je daardoor toch dagelijks meemaakte en die al dan niet op jouw frequentie bleken te zitten. De rest daarvan ben je na vertrek vaak snel vergeten. Verdwenen in het mandje van de geschiedenis, ook al hebben die zelf waarschijnlijk weer een heel andere groep mensen om zich heen die zij weer hun vrienden noemen. Soms bewegen vrienden zich ook in jouw eigen familiekring of omgekeerd. Als de band sterk is blijkt het elastiek soepel…. Maar in al dat geïdealiseer realiseer ik me ook dat er in de loop van de tijd ook mensen door de mand vielen, niet echt de vrienden waren die jij ervan verwachtte.
Mensen die kennelijk gingen voor het eigen gewin, die zochten naar persoonlijk vertier, of eenzijdig keken naar wat jij hen te bieden had. Maar omgekeerd nauwelijks bereid bleken iets terug te geven. Ik zag dat indertijd al bij mijn moeder. Die was van het type ‘verwendevriendendanvindenzemevastleuk’. Dat lukte maar met mate. Het bracht uiteindelijk niets. Bij haar begrafenis stonden alleen familieleden aan haar graf. En een paar echte vrienden van ons. Vanaf het eerste uur. Uit respect, en om ons te ondersteunen. Maar die mijn moeder zelf niet eens had gekend. Kijk, dat is pas echte vriendschap. En die koesteren we. Hoe is dat bij jullie lieve lezers? Ook van die geweldige vriendschappen waar je helemaal blij van wordt? En zijn dat er nu (nog) veel of weinig? Ik ben benieuwd.

Wat is dat toch met de mens dat hij na alle eeuwen van geestelijke en lichamelijke ontwikkeling nog steeds het idee heeft dat het eigen lijf niet bloot gezien mag worden. Met een enkele uitzondering daar gelaten natuurlijk. Laten we wel zijn, naturisten of nudisten zien het als groep niet als een probleem om in hun nakende niksie over het strand, door het bos of eigen tuin te lopen. Het liefst zouden ze dat overal doen maar stuiten dan op het onbegrip van hen die van huis of godsdienst uit hebben moeten leren dat we ons vooral moeten schamen voor het mens zijn en onze daar aan verbonden eigen naaktheid. Voor veel nieuwe Nederlanders is bloot samen douchen na het sporten al een ramp, dat doen ze daarom echt niet. Vanuit hun geloof of cultuur wellicht nog wel te begrijpen, maar wij maakten in de afgelopen 50 jaar binnen onze cultuur toch een vorm van revolutie mee op dit gebied zou ik denken. Niets lijkt minder waar. We schamen ons weer massaal voor ons lichaam en dat heeft geleid tot een zekere vertrutting. Merkbaar op de stranden. Topless is alleen daar nog in waar geen toeschouwers te vinden zijn.
De mobiele telefoons zijn daarbij mede een soort van culturele ramp gebleken. Voor je het weet staat je hele blote hebben en houden op het internet. Geen reclame zo mooi voor een pestcampagne of chantage als dat. Ouderen schamen zich op hun beurt weer voor wat er zoal hangt of de omvang van hun buiken of borsten. We kunnen onze status kennelijk alleen ontlenen aan de wijze van kleden. Terwijl we allemaal naakt worden geboren. Of er moeten boerkabevallingen bestaan…wat ik niet geloof. Vroeger werden in dat kader overigens ook bij de christelijke stromingen bevallingen gedaan verstopt onder lakens. En doktoren dienden toch vooral snel te vergeten hoe het naakte onderlichaam van de bevallende moeder er uit zag. Vreemde moraal toch. Als je terugkijkt in de geschiedenis zie je dat we niet altijd zo preuts zijn geweest. Naaktheid kwam vroeger zelfs in sommige culturen met een strenge geloofsgrondslag voor.
Beeltenissen van bijbelse verhalen lieten ook vaak een (half)naakte Christus zien en engelen die met hun blote reinheid en zonder behaarde bedekking in het rond fladderden. Tot we ineens vanuit kleinburgerlijkheid beseften dat alles wat bloot was kon leiden tot seksuele handelingen. Ontucht, erotiek, overspel, onanie, masturbatie, bedenk een zonde en die stond wel in het Handboek van de bijbelse of burgerlijke erotische Soldaat. Weg ermee! Alles onder lagen kleding en liefst de lakens met de handen er bovenop. Zelfs in mijn jeugd hielden pastoor en kapelaans de wind er op dit punt aardig onder. Anders dan je wel eens hoort over die Roomsen was tucht en orde op dit punt wel aan de rechtschapen geestelijken over te laten. Misbruik kwam er in mijn geval niet voor en naaktheid werd er zeker niet op prijs gesteld. Vreemd dat je dat toch wat met je mee draagt. Bij de refo’s en huidige moslims zie je hetzelfde. Spastische reacties. Bedekken in plaats van onthullen en wijzen naar hen die er maling aan hebben als zijnde zondig of hoerig. In die zin is er weinig verbeterd in die afgelopen tien jaren. Terug naar de 19e eeuw. Een naakte enkel was toen al heel wat.
De boezem bleef bedekt, het mannelijk geslacht zeker niet getoond. Alles onder de lakens en hele lagen kleding. Met alle gevolgen van dien. De frustraties en seksuele afwijkingen stammen vaak dan ook uit die tijd. De katjes knijpen in het donker eveneens. Wie elke dag toegang heeft tot alles wat bloot is zal minder in de verleiding komen dat hij/zij waar alles wordt afgedekt en onbesproken blijft. Kortom, ik pleit voor het afwerpen van het dagelijks kleed. Te beginnen bij de dames uiteraard. Als die nu voor gaan in de strijd, zullen wij mannen vast snel volgen. Al vrees ik dan wel voor de kleding-industrie….Die heeft het al zo lastig. Zou het wellicht daardoor komen? De tabakslobby blijkt ook lastig te verslaan. Zal bij de kledinglobby wel niet anders gaan. Jammer, maar helaas……
Het is opmerkelijk hoe snel alles lijkt te wennen in een mensenleven. En dan bedoel ik vooral dat waar je wellicht vooraf weleens tegen aan hikt, in de praktijk van alle dag, ineens helemaal niet meer als vervelend of akelig hoeft te worden gezien. Een verhuizing, wisseling in de vriendenkring, andere meubels, een nieuwe auto, bedenk het maar en wij normale mensen moeten gewoon even wennen. Maar eenmaal door die eerste fase heen weten we na korte tijd nauwelijks meer hoe het ‘daarvoor’ ook al weer was of schrijven die herinneringen bij in het grote boek met levenservaring en lessen. Ik keek onlangs eens terug naar de afgelopen tien jaar. En dan met name naar de wisseling in onze dierenstal die deze periode heeft plaatsgevonden. Tien jaar geleden nog maar hadden wij drie poezen in huis (nou ja, twee poezen en een kater) die toen nog aardig in de bloei van hun leven waren.
Een nog bescheiden zwarte kitten met een fluwelen huid die ons volledig inpakte. Maar intussen zo aan ons hangt dat een dagje weg wederom zorgt voor veel verdriet. Want als we dan wegrijden zit hij steevast voor het raam en kijkt ons na met een blik van ‘’waarom…….???’. Dat breekt je hart bijna. Dus eind vorig jaar maar een tweede minipoes gehaald. Uit het asiel, met een heel verhaal, ik heb het hier al verteld. De poes bleek uiteindelijk, bij controle door de aangewezen dierenarts, ook een katertje en die noemden we dan maar Punkie. Groeien doet die kleine vooral door veel te eten. Schransen als een bootwerker, maar nog steeds zo slank als een den. Slungelig, maar ook al zo’n lieverd die graag op schoot ligt of anders in zijn klimpaal voor het raam. Zo kan hij dan de vogels in de tuin bespieden die hier altijd komen bunkeren.
Pixel is nu de jongvolwassene en leert de kleine trucjes. Samen hebben ze lol. Soms wat minder. Dan is Pixel het gedoe zat en spring te kleine in zijn nek om hem met wat stevige beten bij te brengen dat respect ook hoort bij het ouder zijn. Maar wat een plezier hebben we aan die twee, beste lezers…..De overige veranderingen die we sinds 2006 over ons heen kregen zal ik u in het kader van het verhaal nog maar even onthouden. Maar neem van mij aan dat het er veel waren. Tien jaren is niet niks. Het is een hele periode en soms kom je dan heftige zaken tegen, in andere gevallen ook emotionele. Een mens wordt nu eenmaal als alles goed gaat ouder, maar ook wat wijzer. En in die wijsheid vervangen we nu de nodige meubels en ruimen wat overbodige zaken op. En nu geef ik mijn aandacht even aan de poezen. Er wordt uitgebreid gesnord naast me….
Hoe zou het leven er uit zien als je echt en compleet verstoken zou zijn van gevoelens voor anderen. Er bestaan echt mensen die zulk gedrag vertonen. Die alleen maar staccato rechtuit kunnen denken en doen en nooit bezig zijn met wat een ander beweegt. Die daarin ook geen enkele interesse hebben. Ik stel me dan vaak voor hoe die een relatie moeten krijgen en als dit dan alsnog lukt, ook nog wat onderhouden. Stel je eens een leven voor zonder die toch belangrijke emotie van de liefde. Je wordt verliefd, houdt van die ander, wilt die omarmen, vasthouden, verwennen. Als dat gevoel er niet is, verdwijnt toch veel waardevols uit je leven. Ook al zijn er genoeg studies die aantonen dat de liefde een tijdrovend verhaal is waar we als zakelijke mensen best zonder zouden kunnen. Nu is het niet zo dat je zonder interesse in de ander zou kunnen functioneren. Ook niet zakelijk. Een van mijn oude chefs leerde me het trucje om altijd te trachten je in te leven in de ander. Was dat een voetbalgek, vraag dan naar de laatste wedstrijd van die en die club waar hij vast verstand van had.
Hield hij van vissen, praat er over en neem af en toe eens een speciale dobber mee. Het werkte prima en ik wist en weet nog steeds veel over de levens van andere mensen, domweg omdat het me interesseert. Des te opvallender de lieden die dat soort gevoelens helemaal niet kennen en slechts kijken naar de eigen navel. Overigens zonder daaraan de conclusie te verbinden dat die navel wellicht leidt naar een gebied waar je beter naar kunt kijken. Neemt niet weg dat we allemaal wel eens tegen iemand aan zijn gelopen die jouw leven niet zag als interessant genoeg, jouw interesses ziet als er niet toe doend en jouw pijn(tjes) niet (h)erkent. Zijn lastige mensen om mee om te gaan. Je moet wel heel erg sterk in de schoenen staan om voor zo iemand zelf wel gevoelens te ontwikkelen.
Vriendschap en andere relaties gedijen bij tweezijdigheid. En voor de goede orde, of je al dan niet een actief leven leeft gebaseerd op seks en lust zegt niets over de inhoud van een relatie. Immers die gedijt bij dat samen beleven van de rest van je leven. Een beetje seks duurt van enkele minuten tot een paar uur. Dat andere vult de rest van je leven in. Overigens ben ik zelf niet zo van de overdreven aandacht voor de ander hoor…..het moet ook weer niet overdreven worden. Genoeg is genoeg…..maar het moet wel enigermate oprecht overkomen natuurlijk….
















