
Lijken de jaren dat wij nu samen zijn en als liefdevol team het getrouwde leven en alles wat daarbij hoort aan zijn gegaan en in feite nog kneden tot een voor ons beiden acceptabel geheel. Schouder aan schouder, soms in voor- of tegenspoed. De recente gebeurtenissen maakten weer duidelijk dat je dan echt even op mekaar moet kunnen leunen. Want soms zijn zaken die je meemaakt confronterend, dan weer verdrietig, maar samen sterk. Altijd koek en ei? Tuurlijk niet. Twee mensen, twee meningen, twee karakters en uiteraard invloeden van buiten (denk aan werk) die zorgen dat bepaalde dromen niet uitkomen of dat verwachte inkomens minder vanzelfsprekend worden bereikt. Basis van het geheel; communicatie! Als je bent uitgepraat moet je er mee stoppen is mijn mening. En echt, gesprekken vielen of vallen bij ons zelden dood.

Komt ook door de al dan niet gedeelde interesses maar zeker ook omdat we veel dingen ondernemen, deden, of delen met lieve vrienden en familie. Alweer decennia lang samen, eerst gewoon als collega’s bij de eerste werkgever (de Bank), dan ‘verkering’, verloofd en daarna getrouwd. Zoals dat vroeger ging. Dat trouwen deden we overigens om allerlei redenen vrij vroeg in ons leven en was meteen een gezamenlijke verklaring van onafhankelijkheid. Ons eerste huisje bij de schoonouders (voor mij) op zolder aan de hoofdstedelijke Amstel, hartje centrum van onze stad. Prima, nieuw ingericht, pietepeuterig bescheiden maar wel van ons. Later zouden die behuizingen steeds meer groter groeien maar altijd van ons zijn. Smaken kwamen overeen en dat is nog vaak zo. Hoe dan ook, dit jaar vieren we nog even bescheiden. We naderen een kroonjaar. Dat meld ik later nog wel eens. Voor nu….we gaan even samen genieten…. (Beelden: Prive)









Haar leven lang verlangde ze al. Naar uit de ban los kunnen komen. Naar wilde avonturen, verre plekken, mooie mensen, liefde op het eerste of tweede gezicht. Ze droomde er van om met haar rugzak op de schouders gewoon in een vliegtuig te kunnen stappen en dan ergens heen te reizen waar het avontuur lonkte. Of de wandeltocht naar Rome te volbrengen, desnoods naar een onbewoond eiland om daar dan met een in haar droombeeld zelf geboetseerde minnaar een maandje de beest uit te kunnen hangen. Die dromen achtervolgden haar al sinds haar jeugd. En natuurlijk had ze wel eens geprobeerd om uit de sleur van het ouderlijk huis weg te komen. Dat was maar ten dele gelukt. Jong verloofd met Michel, die jongen die bij de melkboer bijverdiende en volgens haar ouders niet wilde deugen. Maar in feite was hij bijzonder lief voor haar geweest. Maar dat lieve beviel niet, ze wilde avonturen beleven en Michel vond zelfs Duitsland al ver. Daarna zocht ze haar heil in de studie. Haar ouders hadden haar dat dringend opgelegd. Want wie leert heeft een goede toekomst. Met vlag en wimpel was ze geslaagd, maar daarna was haar leven nog steeds niet die richting opgegaan die ze had gewild. Er was wel liefde komen. Van Frank. Een grote vent met krullend haar. Samen hadden ze de stap gewaagd en ze moest toegeven, hij wist hoe hij een vrouw moest geven wat ze zocht. Jaren lang was ze samen met hem door het leven getrokken. Ze kwam in andere landen, maar eenmaal moeder van drie kinderen werd het ook wat beperkt allemaal. En de caravan achter de door hen samen gekochte Opel was ook niet alles. Al snel vervielen ze in sleur en was van de oorspronkelijke passie tussen hen beiden weinig meer over.


