Beschermengel…

Volgens een ooit geraadpleegde (ex)collega van het toenmalige werk waar ik van wist dat hij ‘speciale gaven’ bezat, was mijn beschermengel een wat oudere Chinese man die mij weerhield van al te bruuske stappen in het leven en me net beetpakte als het weer eens dreigde fout te gaan. De betreffende collega ‘zag’ die man achter me staan. En eerlijk gezegd gaf me dat wel een prettig gevoel. Immers je wilt graag beschermd worden. Als kind door je ouders, in een relatie door je partner(s), en als je later het tijdelijke voor het eeuwige verwisselt hoop je dat al die beschermers op je staan te wachten. Al dan niet uitgerust met vleugels en een warme glimlach. Het oude katholieke denken is toch niet helemaal verloren gegaan bij me. Want in die godsdienst is er altijd wel ergens een of andere engel of heilige te vinden die iets voor de gelovigen doet. Overigens komt dit dan weer voort uit veel andere geloven waar men voor ieder doel wel een of andere god bedacht die je kon helpen op het gebied van de strijd, liefde of zelfs de oogst.

Toch ben ik wel overtuigd dat ik af en toe een engeltje op de schouder heb gehad. Ik beschreef al eerder dat ik onlangs van de trap kegelde. Pijnlijk, alles bont en blauw, maar zonder al te veel ernstige gevolgschade. Ik ben trouwens als kind zijnde al een paar maal aan de dood ontsnapt. Avontuurlijk kind als ik was liep ik nog wel eens in een sloot of wat tegelijk. Figuurlijk, maar zeker ook letterlijk. Drijfzand was twee keer in mijn jonge leven een ernstige bedreiging voor mijn voortbestaan en gelukkig werd ik er in beide gevallen op het laatste moment uitgehaald. De omgeslagen kano in het Almeerse Weerwater en de zwemtocht voor het leven die daarop volgde is bij mijn omgeving sinds de jaren tachtig waarin dat speelde, een bekend en huiveringwekkend verhaal. De dood in de ogen kijkend kwam ik toch net op tijd aan de kant nadat ik echt dacht dat het nu dan zo maar over was. Ik heb op mijn toenmalige fietsen en brommers dingen meegemaakt die achteraf gezien best heftig waren en hadden kunnen leiden tot veel ernstiger schade dan dat van het jeugdig trotse maar ook gedeukte imago.

Immers, niemand reed zo goed op die tweewielers als ik. Maar de vele crashes die ik meemaakte gaven toch te denken. Gek genoeg heb ik dat met vierwielers zelden of nooit meegemaakt. Al stond ik nog een keer achterstevoren op de snelweg toen een van de remmen van mijn toenmalige Oldsmobile aan een kant vastsloeg en de auto 180 graden deed draaien. We vlogen tussen het omringende drukke verkeer door en eindigden naast de vangrail zonder ook maar een enkel schrammetje. Die oude Chinees had het er maar druk mee. En als je dat lijstje zo ziet verdient hij dus ook een compliment. En een oprecht bedankje. En moge hij nog maar niet met pensioen gaan voorlopig…

Tuinen van Appeltern

Wie mij een beetje volgt door de loop der tijd weet dat ik met tuinen en groen niet zo heel veel heb. Nou ja, wel om in te zitten en te genieten, maar niet om er ddw iets aan te doen om al dat groen te verzorgen. Eens per jaar scheer ik de heg, ik trek wat onkruid uit de grond als vrouwlief me het verschil uitlegt tussen wat moet blijven en gaan, maar daar houdt het wel op. Zowel voor als achter het huis zit ik graag in de open ruimte waar wij over beschikken, maar dan vooral om te lezen of iets te drinken. En tegelijkertijd kijken naar de overvliegende metalen vogels. Het was dus een grote verrassing toen ik tegen de lieve vriendjes die me uitnodigden om mee te gaan naar De Tuinen van Appeltern, gelegen in het land van Maas en Waal, bevestigend antwoordde. Ach, je moet iets doen voor het onderhoud van die vriendschappen….

Maar ik kom op mijn evt. scepsis van vooraf graag terug. Die Tuinen zijn prachtig en de bestemming meer dan de moeite waard. Ook als je zoals ik niets hebt met groene vingers of zo. Los van al dat groen of de gekleurde variantie van de begroeiing in de vorm van fraaie bloemen, zijn er ruim 200 tuinpartijen met huisjes, kunst, steenformaties, watervallen etc. Je loopt je een kriek, maar je weet soms echt niet waar je kijken moet. Volgens verklaring van het bedrijf zelf is het Europa’s mooiste en grootste tuinexpositie en ik geloof dat direct. Men heeft ook aan de kinderen gedacht, er is een soort speeltuintje, open velden met ‘wilde vogels’, een zelf te bedienen pontveer, je kunt er op twee locaties lekker eten en drinken en er is een shop voor hen die kruiden willen gaan telen of bijvoorbeeld boeken over tuinieren mee naar huis willen nemen.

Overal wordt informatie verstrekt, er bestaat een mogelijkheid om bij de kassa draagbare apparatuur mee te nemen die je bij elke uitstalling informatie geven over de planten en gebruikte materialen. Dat inspreken gebeurde op fluisterniveau, je veroorzaakt er geen last mee bij de medebezoekers. Een handige plattegrond helpt je de weg te vinden in dit doolhof vol fraais, en je moet een beetje aardig ter been zijn om alles te kunnen bekijken. Dat je nog wat zitplekken kunt vinden, zelfs koffieautomaten en water-tappunten is allemaal een pre.

Ook toiletten voldoende, niemand hoeft de route met gekruiste knietjes af te lopen. Ik was ervan onder de indruk. En dat wil iets zeggen. Geen liefhebber en toch….. Ben je gek op groen, bloemen en tuinen is dit een must. Je weet dan niet wat je ziet en het geeft je vast veel inspiratie. Entree is officieel E. 13,50 voor volwassenen, met drie Euro korting als je boven de 65 jaar oud bent. Maar er zijn ook allerlei kortingkaarten of acties te vinden als je even je best doet. Parkeren, wel op enige afstand van de ingang, kost je 3 euro per auto. Maar echt, je krijgt er iets voor terug en de echte liefhebbers zijn hier een hele dag zoet. Wij niet, wij reisden door. Maar dat hadden we dan ook van tevoren zo afgesproken. Vanuit Amsterdam was het 1u15minuten rijden om in Appeltern te komen. Goed te doen voor een leuk dagje uit.

Lekker maar duur; Ron’s Gastrobar!

wp_20161121_001We waren zeer benieuwd hoe het eten er zou zijn en zeker ook de vaak door andere bezoekers geroemde ambiance. Ron Gastrobar in Ouderkerk a.d. Amstel is een van de vestigingen van deze door meesterkok en prima ondernemer Ron Blauw opgezette keten. Befaamd om de goede keuken, in dit geval een Indonesische. Meester Ron Blauw zelf was tijdens ons bezoek aan deze vestiging niet te vinden in het restaurant. Het wordt gedreven door een team van zijn gespecialiseerde chefs. Deze zaak is te vinden aan de Amstelveense en zuidelijke kant van Ouderkerk, vlak bij het vermaarde Groot Paardenburg en Loetje. De entree doet niet vermoeden dat hier een redelijk ruim restaurant achter ligt. Dat is in een soort T-vorm opgezet, waarbij de bovenste streep van de T aan de achterkant te vinden is. Mooi ingericht dat restaurant, weinig mis mee. Dat geldt ook voor de menukaart, al is dat meer een folder dan een echte kaart. De gerechten zijn interessant, maar de prijzen ‘stijf’. De grote rijsttafel die wij bestelden was nog wel te doen, maar alles wat je extra bestelde kostte geld. Een fles water (zonder bubbels) zelfs 6 euro. De wijn, van behoorlijke kwaliteit, 22 Euro. Toetjes zijn allemaal 9 Euro. Dat zijn geen budgetprijzen.

Overigens was het eten verfijnd lekker. Je overeet je er overigens niet aan, ons van oudsher bekende Indische restaurant Djago in Amsterdam-Zuid biedt domweg grotere porties, maar de smaak was zeker op hoog niveau. Dat gold niet voor de bediening. Die was (gestoken in uniform van een of ander cateringbedrijf) netjes, efficient, maar weinig persoonlijk. En het geluidsniveau in het restaurant is domweg te hoog. We konden aan de toegewezen tafel met goed fatsoen niet met elkaar praten zonder de stem stevig te verheffen. Dat is in goed gezelschap best een nadeel. Er was door de vriendin uit ons gezelschap die ons had geintroduceerd in het restaurant vooraf bij reserveren aangegeven dat we een jarige in ons midden hadden. ‘Daar zou men iets leuks voor doen’. Nou? Niks! Gewoon niet geregeld. En als je dat dan bij elkaar optelt zie je dat het rapportcijfer niet hoger komt dan 7.5. En dat ligt echt niet aan het eten. Dat was top. Maar er is meer nodig om je een leuke avond in een goed restaurant te bezorgen. En helaas was dat  nu net de zwakke schakel hier.

De bootjes van Bergmann

http://www.beeldbank.amsterdam.nl/beeldbank/weergave/record/layout/widget/tmpl/widget?id=PBKD00200000018&width=640 Indertijd was het op het hoofdstedelijk IJ bijzonder druk. Niet af en toe een beetje druk zoals nu vaak het geval is, maar echt druk. Het oostelijke havengebied was het overslaggebied voor alles wat met zeeschepen werd aangevoerd. Op de kop van die eilanden lagen de grote passagiersschepen die o.a. emigranten vervoerden naar Canada of Australie. Een stuk verderop langs de kaden, de vrachtschepen die over de hele wereld voeren. Vaak met een Nederlandse vlag aan boord. Er was toen nog een druk stuk werkgelegenheid aan de noordkant van het IJ waar de Draka, ADM en NDSM huisden. Werf- en andere industriele bedrijven met ook nog altijd een belangrijke onderhoudsfunctie. Daarbij was er veel verkeer van binnenvaartschepen en lichters. Kortom, achter het Amsterdamse CS was op het water van de haven altijd veel te doen. Het water zelf daardoor meestal in grote beroering, golven van een halve tot hele meter hoog soms, zeker als er een groot vrachtschip voorbij was gevaren. Naast de veelal zeer drukke IJ-veren van het GVB, waarop indertijd ook al het autoverkeer mee moest naar de andere kant, van een IJ-tunnel was wel sprake maar die lag er nog lang niet, was er ook een forenzenveertje dat vertrok vanaf het toenmalige Noord-Zuid-Hollandse Koffiehuis, net als toen gelegen voor het Centraal Station, al was dat dan net even op een andere locatie.

Bootje bergmann 2Die bootjes waren relatief snel, je had er binnen- en buiten zit- of staanplaatsen en de cabine voor de kapitein/stuurman was een beetje hoger gelegen dan de plek waar de (Vaak vele)passagiers werden ondergebracht. Regelmatig voeren die bootjes over het IJ heen en weer, vaak op volle kracht en zo ontweken ze behendig de grote vaart. Maar niet de golven en dat wilde nog wel eens uitpakken in een aardig nat pak door overkomend water voor hen die op het open dek vooraan waren gaan staan. De bootjes kregen de (bij)naam van de rederij, Bergmann. Intussen allang geleden overgenomen door Mokumse rondvaartgrootheid Kooy, maar indertijd een bedrijf met een aardige vloot schepen. Het aardige van die bootjes was ook dat je er mee werd afgezet bij de begin/eindhalte van de trammetjes naar/door Waterland naar Volendam. Dat was handig voor hen die bijvoorbeeld in Ilpendam woonden en in Amsterdam werkten, maar ook voor de nodige toeristen.

Bootje Bergmann 4Een uitstapje naar Volendam was best een heel dagje. En nog leuk ook. Mijn moeder nam ons als kinderen nog wel eens mee. Het meest spannende toch het varen met dat bootje van Bergmann. Vanwege die golfslag. En je hoorde dan ineens tot die schepen die daar allemaal voorbij voeren. Hetzelfde gevoel had ik vorig jaar toen we met een veerpontje overstaken van Noord naar het CS tijdens Sail. Tussen die enorme drukte van passerende jachtjes en af en toe toeteren als er weer een kano of half gezonken plezierscheepje voor die grote pont langs trachtte te komen. Maar toch wel heel anders dan in mijn jeugdjaren en aan boord van die Bergmannbootjes. Al was het maar door die golven. Of zijn die in je jeugd gewoon hoger omdat je zelf kleiner bent? Zou zo maar kunnen. Maar het is een herinnering die me niet zo snel los laat. En dat is voor mij al heel bijzonder…net als die bootjes zelf!  (Beelden: Historisch archief/Bakker archief/Binnenvaart)

Pampus…

Pampus 1280px-Pampus-aanzichtOnlangs zag ik een documentaire over de VOC-schepen en Amsterdam. Was best aardig om te zien hoe die enorme schepen (van toen), na een lange reis naar verre en exotische oorden aan de oostkant van de Amsterdamse haven in die tijd bij laag water niet over de daar aanwezige zandbanken heen konden komen. Die ondiepten waren ontstaan in het zuidwestelijk gebied van de Zuiderzee. Daardoor was het met die schuiten vaak niet mogelijk om bij de veelal ook nog heersende zuidwestenwinden die hindernissen voor de haven van Amsterdam, te nemen en binnen te zeilen. Er bleef niet veel meer over dan bij Pampus voor anker te gaan. Voor Pampus liggen stond gelijk aan geen kant meer op kunnen en dus waren de bemanningen van die schepen na hun lange reizen min of meer gedwongen stil te zitten of te hangen. Voor Pampus liggen kreeg zo een eigen plekje in de Nederlandse taal. Mijn pa gebruikte nog een andere uitdrukking; als we, kind dat we waren, nieuwsgierig vroegen wat hij of wij zouden gaan doen, antwoordde hij steevast: ‘Naar Pampus pap eten’. Oftewel, een niets zeggend antwoord dat gelijk stond aan ‘gaat je niks aan’. Pampus was dus in de Amsterdamse taal vervat, maar wat was het eigenlijk?

Pampus eiland lokatiekaartje...Pas op school leerde ik van een eilandje dat aan de oostkant van de stad, tussen Amsterdam en Muiden net boven het water uitstak van het intussen IJsselmeer, niet ver van de Oranjesluizen. Het forteiland Pampus werd (slim) vanaf eind 19e eeuw gebouwd op het zgn. Muiderzand, onderheid met  4000 palen van 11 meter lang. Het fort bedoeld als onderdeel van de zgn. Ring rond Amsterdam, ook Fort Amsterdam genoemd. Men dacht in die tijd nog dat je met dit soort fortificaties de vijand buiten de deur kon houden. De kanonnen die men monteerde zouden Amsterdam afdoende kunnen beschermen. Toen het eiland en fort eenmaal klaar waren, bleek die hele ring van forten rond de hoofdstad overbodig geworden. De vijand was intussen gemotoriseerd en een paar jaar later vloog hij gewoon over die forten heen. Wat bleef was een uniek verdedigingssysteem dat in de jaren twintig nog werd voorzien van luchtafweergeschut. Maar in 1933, toch slechts een paar jaar voor de Tweede W.O. sloot men de boel, trok de soldaten terug en liet het fort het fort.

Pampus situatiekaartjeTijdens de hongerwinter staken veel mensen over het ijs richting het oude fort en namen alles wat brandbaar was mee naar huis. Het verval sloeg toe. Na de oorlog heeft de Mijnopruimingsdienst er nog wat explosieven tot ontploffing gebracht, maar verder bleef het een eenzaam plekje in dit grote watergebied tussen Amsterdam en het (tegenwoordige) Flevoland. Intussen woont er een enkel paar mensen dat het hele jaar door gasten ontvangt, rondleidingen geeft en het fort plus eiland wat onderhouden. Er varen in de zomermaanden wat pontjes op en neer tussen Amsterdam en Pampus en de watersporttoerist weet het haventje ook wel te waarderen als plek in de luwte bij zwaar weer. Intussen is er ook een baken voor de luchtvaart geplaatst waarop overvliegende toestellen kunnen navigeren op hun routes naar of van hun bestemming. Een stipje in het IJsselmeer dus. Nu onderdeel van de Gemeente Muiden. En in de winter buitengewoon stil. Dan kan je dus echt voor het gelijknamige eiland gaan liggen als je wilt en zelfs wat pap eten. Maar voor de gezelligheid hoef je het niet te doen. (Foto’s: Internet)

Weer…

Het heelalTerwijl we ons door een van de koudste oktoberweken van de afgelopen 25 jaar heen worstelden kon ik toch niet anders dan denken aan al die lieden die maar blijven beweren dat we te maken hebben met een door mensen veroorzaakte opwarming van de aarde. En mijn twijfels daarover. Immers, in de hele wereld is te zien dat we van doen hebben met al dan niet langdurige extreme omstandigheden. Maar ook met meteorologen en oceanografen die melden dat het gevreesde ‘El ninjo’ effect daarvoor schuld draagt. Dat El Ninjo-effect doet zich voor in de Stille Oceaan ten oosten van Afrika en werkt door in alle andere oceanen. Het gaat om een plotselinge draaiing van de normale koude- en warme golfstromen. Daardoor wordt de atmosfeer beinvloed en veranderen patronen ven jarenlang min of meer gemiddeld weer. Was altijd al zo, werd ontdekt in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Indertijd wist men het ook zeker; de aarde werd kouder en kwam een kleine of grote ijstijd aan en dat zou zeker leiden tot enorme economische schade in het minst erge geval, maar tot uitroeiing van de mensen en dieren als schepselen ‘gods’ in het ergste. Maar het ijs kwam niet.

20061001110700_flashesWe kregen een paar jaar later te horen dat de verzuurde regen ons allen tot een voortijdig einde zou brengen. Weer een fase in de ontwikkeling verder waren het de gaten in de ozonlaag en weer later de smeltende gletsjers en polen. Kortom, elk tijdperk kent zijn eigen voorspellingen, zijn onheilsprofeten en door de ontwikkelingen van media en nieuws, zijn eigen dynamiek. Opvallend vaak (b)lijken de politieke oplossingen hetzelfde. Men doet niets aan de mogelijke gevolgen van al dat onheil. Nee hoor, als het water of het ijs komt dan zien we wel, maar verhoogt wel de milieubelastingen om zo de kas te vullen voor leukere dingen. ALS het water dus met meters zou stijgen laat men op basis van die schatkisten de bevolking gewoon verdrinken?! Nee natuurlijk. Het zijn argumenten om de eigen bevolking te laten opdraaien voor beleid dat  nu al decennia lang verkeerd is als je echt denkt dat de mensen en niet de natuurlijke fenomenen schuld dragen voor wat er qua weer en verandering in milieu aan de gang is. Wie niet horen wil moet maar voelen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

In hoeverre horen wij dan niet? Nou, als je de GroenLinkse propaganda zou blijven volgen moet het hele verkeer worden lam gelegd, is reizen uit den boze, behalve per zeilschip, moeten forenzen maar op de fiets en zou de stadsverwarming moeten draaien op door windmolens opgewekte energie. Alle andere vormen van gebruik van energie zijn uit den boze en dienen extra te worden belast. Net als geluk of plezier. GroenLinks denken is gebaseerd op alles beter weten voor het volk. Ook wanneer en op welk moment dat volk mag lachen of wanneer het moet huilen. Een filosofie die gelukkig door 90% van de burgerij niet wordt onderschreven. Ben ik dan voor het blijven potverteren van grondstoffen die ons aan dat geluk kunnen helpen? Nee natuurlijk! Maar zolang we niet in staat zijn om tien jaar vooruit te kijken v.w.b. ontwikkelingen op het gebied van wat ik hiervoor beschreef zie ik niks in verder steeds maar hoger belasten van gebruik. Zoek nu eens naar alternatieven die geen kapitalen aan subsidies kosten. Zoals windmolens. Daarvan draait er echt geen een zonder subsidie en die dingen zijn vreselijk voor het landschappelijke uitzicht. Maar wellicht is dat ook wel een bijna ouderwets inzicht. Anno 2015 zijn die dingen lelijk. Over tien jaar vinden we ze mogelijkerwijs prachtig! Niet te voorspellen, net zo min als het weer. Kijk eens naar buiten en bedenk dan eens dat diezelfde blik van 40 jaar geleden had kunnen inhouden dat we nu tot het dak in het ijs hadden kunnen zitten. Niets is zeker, dus zeker niet die voorspellingen van onheilsprofeten!

Grote getallen

9)Leo op Puch 1967 10014Je wordt iets ouder als je ontdekt dat bepaalde jubilea ineens vallen onder de wet van de grote getallen. Als verjaardagen bijna genante leeftijden beginnen te vertonen en je het moment dat je elkaar voor het eerst ontmoette bijna uit het zicht begint te verliezen. In mijn persoonlijke verhaal zitten momenteel dit soort data achter elkaar aan. We spreken ineens niet meer over jaren, maar over halve eeuwen….Best veel en ook iets om toch over na te denken. Koek en ei is een illusie, respect en liefde komen in de plaats van verliefdheid en ongebreideld verlangen. Is dit logisch? Ja toch? Wij kennen elkaar binnen het Meninggeverhuwelijk al buitengewoon lang. Dat de verbondenheid volgens de wet daar later een datum aan toevoegde is prachtig natuurlijk, maar dat kennen baseerde zich ook helemaal aan het begin al op veel praten. Elkaar vertellen wat er speelde, wat we dachten, voelden. En dat was in die jaren net zo veel als nu nog. Nee, echte momenten van stilte kan ik me niet herinneren. ‘Bankstel’ als we indertijd waren bleken we veel met elkaar te delen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERADe jeugdjaren, de buurten waarin we opgroeiden, het toen nog zo wakkere geloof. Natuurlijk waren er ook grote verschillen, maar die streken we er in de loop van de jaren wel uit. Je gaat in zo’n relatie ook een beetje in elkaar op. Ik denk dat het volhouden ook te maken heeft met de wens het leuk te hebben. En dat ook de ander te gunnen. Ik heb in de loop van de jaren genoeg lieden leren kennen die het zelf geweldig leuk hadden. Meer dan dat. Hun ego werd elke dag gestreeld en die handelingen lieten ze zich thuis ook graag welgevallen door een partner die er slechts was om de ander te pleasen. Dat kan heel leuk zijn, aantrekkelijk ook, maar soms wil je als je een beetje man bent ook een gesprek kunnen voeren over wat andere zaken dan de meer basale des levens. Als je het met elkaar eens bent over hoe het verder moet in de loop van de jaren, doe je uiteraard wat water bij de zelf geschonken wijn. En accepteer je dat je samenleeft en niet alleen met een logee die bij toeval ook in jouw bed is beland. En dat samenleven vraagt inbinden, toegeven, maar ook samen genieten.

Truus en Leo Vaals 0487-AMH14 - Scan10285Kinderen zijn de vrucht van die samenleving als je geluk hebt, en met wat geluk ontdek je dan zaken uit jouw eigen uiterlijk of karakter in die nakomelingen. Als er iets is waar je trots mee kunt zijn, dan dat toch wel. En wij zijn dat! Dit hele verhaal dient een jaarlijks doel uiteraard. We waren even onderweg. Paar daagjes er uit. Genieten en nadenken over hoe we het pure geluk hebben gehad zo lang bij en met elkaar te kunnen vertoeven. In mijn geval nu al 51 jaar. Best een lange periode. En geen moment verveeld. Maar dat kan ook komen door alle interesses die we er op nahouden natuurlijk. Dat helpt ook om de geest scherp te houden. En dat scherpe is dan weer nodig om de relatie fris en fruitig te maken….

De grote leegten in ons achterland

WP_005544Het is bij stom toeval dat wij onlangs weer eens opnieuw ontdekten hoe leeg Nederland op sommige plekken eigenlijk is. Wie beweert dat ons land ‘vol’ is bedoelt vast iets anders dan: ‘er wonen overal te veel mensen’. Neem van mij aan dat je plekken tegenkomt in ons landje waar je als inwoner echt denkt in Canada te verkeren of zo. Als ik naar mijn relaties rijd in de Zwolse regio doe ik dat vanuit de hoofdstad bij voorkeur via de IJsselmeerpolders. Daar groeien de windmolens tegenwoordig redelijk spontaan en de horizon is er met dank aan ons milieuvriendelijke denken aardig door verpest. Maar voorbij Lelystad verandert het landschap ook qua bebouwing. Mijn route loopt steevast dwars door de Noordoostpolder richting Vollenhove en Zwartsluis. Water, landerijen zo ver als het oog reikt en heel weinig menselijke beschaving is dan mijn deel. Onlangs, ik moest er weer eens heen, bleek mijn voorkeursroute afgesloten en moest ik omrijden via Giethoorn. Kom je langs de Beulaker Wijde en Belter Wijde. Enorme plassen water met vooral groene bomen en struiken er langs. Heel rustig, heel stil, maar vooral bijster leeg.

????????????????????????????????????????Later op die dag maakten wij van de gelegenheid gebruik om het plaatsje Zwartsluis nog even op de agenda te zetten. Een soort kruispunt van waterwegen met naar het noorden de vaargelegenheid richting Meppel en Assen (of noordelijker) en naar het zuiden het Zwarte Water en dito genoemd meer. Dat laatste vroeger als onderdeel van de Zuiderzee en die hield nog wel eens huis in deze omgeving. Men gelooft hier ferm in de Heer en diens daden of beslissingen en hield wellicht daardoor extra goed vol. In weer en wind, of de kerk intussen nu afbrandde of niet. Mooi plaatsje dus waar men oud en nieuw met elkaar verenigt al lijkt het er op dat nieuw langzaam aan van oud wint. Mooie sluizen, een aardig aantal gezellige terrassen (niet al te prijzig) en wat winkels maken het tot een leuk plaatsje waar je best eens tijd voor mag vrijmaken. In de omgeving vindt je Meppel, met een gezellig centrum, maar  dat heb ik in mijn Meningblog al eens eerder benoemd.

WP_005540

Zwartsluis – haven

Mocht je willen weten hoe leeg Nederland is, kom dan eens naar deze kant van het land en kijk je ogen uit. Of je nu met de auto, motor of boot komt, zelfs op de fiets is het hier prachtig, je weet niet wat je ziet. Het westen is druk, daar in deze omgeving is het vrijwel leeg en rustig. Geeft soms ook wel eens het gevoel dat we met betere spreiding van mensen soms een hoop zouden kunnen bereiken. Maar dat vraagt weer inzicht van onze volksvertegenwoordigers in  Den Haag. En  ik twijfel echt wel eens of die wel weten hoe mooi ons land nog steeds is en ook zou moeten blijven.