
En voor wie nu denkt dat ik ergens ben wezen eten aan de kust; nee, teleurstelling wellicht, ik heb het over het fraaie duingebied van Soest waar we onlangs met onze vriendjes uit die omgeving op bezoek waren. En na de nodige stappen te hebben gezet in het aangrenzende Soesterberg (zie blog 30-07) namen onze lieve vrienden ons mee voor een wat verlate lunch naar een in het Soester duinengebied wat verscholen restaurant met aangrenzend terras. Je zit er echt midden in de bossen en het zand van de duinen is op pakweg 100 meter lopen te aanschouwen. En wie dat doet zal zich verbazen.
Je verwacht bijna dat er kamelen rondlopen, zoveel zand en heuvels men daar heeft overgehouden aan de oude ijstijden. Maar dit terzijde. Het restaurant (Buiten de Duinen voor eten en drinken) is qua opbouw van het gebouw van de eenvoudige soort wellicht maar de uitbater heeft een meer dan gastvrije aanpak, een prima keuken en een jong maar enthousiast team. Het terras is van de eenvoudige soort, maar biedt de meeste bezoekers voldoende schaduwplekken met parasols als de zon wat al te enthousiast schijnt.

Na wat studeren op het menu gingen we voor de op de kaart te vinden Loaded Frites (wat is er mis met Patat boven de grote rivieren??) met diverse ingredienten plus topping. Nou dat bleek een hele maaltijd waar je de vingers bij op at. Zelf gemaakte patatten die meer dan smakelijk (en warm) bleken. Het was veel meer dan een lichte lunch en dat beviel ons op dat moment bijster goed. Bij de soorten thee die ik bestelde bleek de bekende ontbijt/zwarte thee niet beschikbaar, maar de Earl Grey die ik daarvoor in de plaats in mijn hete water mikte was ook goed te drinken. Het terras werd door hondenliefhebbers met een groot sociaal hart ook te worden gefrequenteerd, maar daar heb je geen last van.

Mensen uit deze omgeving voeden hun dieren kennelijk zodanig op dat ze niet blaffen, knokken of bedelen. Water in bakken op de gronden hield de dorst voor de viervoeters ver weg. Tuurlijk keek ik ook even in de toiletruimte. Keurig netjes, niks op aan te merken. En dus, een prachtige 10 voor dit restaurant. Al was het maar omdat Keep it stupid simple hier met kwaliteit wordt vermengd. En dat is een ideale combinatie in mijn ogen… (Beelden: Prive)


























Dat gedoe met die importeur of haar vertegenwoordigers kenden we niet bij Daihatsu. Maar daar hadden ze weer andere noten op hun zang. De steeds aanwezige concurrentie met concullega v.d. Weiden was er een waar je soms een beetje moe van werd. Hij ruilde auto’s in op een veel ruimere voet dan wij wilden of konden en zo snoepte hij aardig wat Daihatsu-klanten weg. Zeker toen het gamma van Daihatsu zich verbreedde, een andere Cuore, wat busjes, een echte terreinwagen in de vorm van de Rocky en de wat vlottere Feroza, werd duidelijk dat we het met onze twee merken onder een dak binnen korte periode na de opening van het nieuwbouwpand lastig zouden krijgen. Daarbij formuleerde de op dat moment net aangestelde nieuwe en wel erg ambitieuze directie van het Japanse importbedrijf een doelstelling voor de Amsterdamse regio die zelfs met twee goed verkopende dealers niet in te vullen was. Men dreigde dus ineens, wilde in Amsterdam Zuid-Oost een dealerschap geopend zien op of vlakbij de grote autoboulevards daar en onderhandelde achter onze rug met Jo v.d. Weiden over het e.e.a.
Het gaf bij ons een erg ongelukkig gevoel. Een soort Hyundai revival van frustraties dreigde. We wilden graag mee doen aan de expansie, maar het kapitaal was na de nieuwbouw en wat daarop was gevolgd wel een beetje op. Daarbij zat veel geld ook vast in voorraden nieuwe en tweedehands auto’s. We gingen uiteindelijk toch maar, al was het sputterend, op zoek naar mogelijkheden om onze vleugels nog verder uit te slaan en zouden zo ook in staat moeten zijn om het grote probleem van de personele organisatie binnen het bedrijf op te lossen. Een probleem dat vooral werd veroorzaakt door de directeur van de dealertent die langzaam aan was veranderd van aardige hardwerkende en krom pratende ondernemer in een man die vriendjes, familie en oude relaties uitspeelde tegen mensen zoals ik. Enorme interne discussies waren soms het gevolg. Je kon geen besluit meer nemen zonder moeizaam of bijna oraal gewelddadig overleg. Het niveau daarvan werd steeds persoonlijker. Dat werd nog eens extra duidelijk toen hij besloot om zijn oudste zoon, voorheen nog parttime op zaterdagen als verkoper in dienst, full-time aan te nemen om de (Daihatsu)verkopen te stroomlijnen. Voor mij werd dat verkopen veel te zwaar met nog een administratieve/managementstaak die me ook was opgelegd. Alle mannen die een afdeling van het bedrijf leidden, en dat waren er intussen heel wat, kenden een zeker recalcitrant of explosief karakter en de paraplu van een rustig leiderschap ontbrak dus volledig. Expansie richting Amsterdam Zuid-Oost zou dat deels kunnen oplossen. De agenda van de ‘baas’ was echter nog steeds een andere dan de mijne. Maar dat zou later eens te meer nog blijken. Wist ik veel, ik was vooral bezig om Skoda richting te toekomst binnenboord te houden. Wordt vervolgd! (Beelden: Yellowbird archief) 




