Utrecht

wp_20160921_012Utrecht, een stad waar ik alleen al door de politieke kleur van de bestuurders geen goed gevoel bij had. Het afsluiten van de binnenstad voor het autoverkeer is daar tot norm verheven. De autobezitter als onbewezen hoofdverdachte voor alle milieuvervuiling die over die stad heen wordt gestort. Maar dit terzijde. Ik kom er vaker met de trein doorheen dan dat ik er echt neer strijk, maar dat deden we op de eerste herfstdag samen met vriendjes toch een keer. En…dat viel me niet tegen. Zeker niet zelfs. Het vernieuwde Centraal Station van Utrecht mag gezien worden en dwars door de verbouwingen van Hoog-Catharijne heen zie je wel dan men ook daar de oubolligheid die er jarenlang een hoofdrol speelde wil vervangen door grootschalige moderniteit. Het is hoopgevend. Al zijn de gebouwen in dit gebied me over het algemeen net iets te hoog. Zeker in vergelijking met de toch lieflijke oude binnenstad met zijn leuke grachtjes en de geweldige horeca.

wp_20160921_011Utrecht heeft voldoende winkels om het leuk te maken om in dat centrum rond te hobbelen. En terrasjes voldoende om even bij te komen als het zo uitkomt. De studenten die deze stad maken tot de vrolijke die hij is, zorgen soms wel voor levensgevaarlijke situaties als wandel- en fietsverkeer elkaars pad kruizen. Want net als in onze eigen hoofdstad zijn regels er voor een ander, niet voor hen die het betreft. Opvallend in Utrecht, de bussen van het lokale OV-bedrijf zien er nieuw en glanzend uit. Daar kunnen andere ov-bedrijven in het land nog een voorbeeld aan nemen. De Domkerk, toch maar eens bezocht nu we er waren, is fantastisch. Als je ergens wilt zien wat de idiote beeldenstorm van een paar eeuwen geleden heeft veroorzaakt, dan hier. Kaalslag en ellende, door de barbaren die hun godsdienst gekke woede ooit koelden op de beelden van de katholieke kathedraal die hier stond.

wp_20160921_036Nog wat later in de geschiedenis woei een stuk kerk gewoon om tijdens een zeer zware storm en kwam de Domtoren los te staan van de rest van het gebouw. Indrukwekkend. We aten langs de Oude Gracht, op een leuk terrasje waar het eten betaalbaar en heel lekker was. Bootjes op het water en mensen op de terrassen maakten het extra gezellig. Ik was verbaasd. Het blijkt wel uit mijn verslagje. Utrecht is bij mooi weer een leuke bestemming. En je kunt hier goed parkeren op een P&R parkeerplaats. Met aansluitend busvervoer naar het centrum. Scheelt je geld en stress. Het is dat deze stad zulke mallotige bestuurders heeft, maar anders was het plaatje ideaal. NU bijna! En het wordt gezien de bouwactiviteiten nog beter ook! Leuk stad! Gezellige inwoners.

Tommie krak….

Tom Tom Start START_UI_LargeHet moderne wegverkeer kan niet meer zonder even moderne navigatie en meer. Zo lijkt het althans. De tijd van Shell-boeken en soortgelijke kaarten is wel wat voorbij. Een beetje auto heeft dat spul allemaal standaard ingebouwd aan boord of het is via de optielijst eenvoudig bij te bestellen. Voor de rest is er de losse navigatieapparatuur van bijvoorbeeld Tom Tom. Handig, en als je even de weg kwijt bent in het woud van files en omleidingen helpt deze apparatuur je snel weer op de juiste route. Mijn eerste navigatie/apparaat was van de simpele soort. Zoonlief kocht hem voor me en dat leerde me dat je zonder die dingen maar wat zit te klooien al ben ik dan zelf nog wel in staat om ook zonder dat een geografisch redelijk juiste koers in te leggen om bij bepaalde plekken te komen. De Mio kende maar een groot probleem, zonder verbinding met de accu in de auto deed hij weinig meer en updates kon je er niet voor kopen. Dus kocht ik mij twee auto’s geleden alweer een TomTom. Aardig ding, sneller dan de Mio en in handzaam formaat. Keurig in een hoesje zodat hij niet kon beschadigen. Hij bracht me tijdens onze Nederlandse of Europese trips overal en nergens. Kostte niet zo veel, maar bood opnieuw geen updates. Althans na het eerste gebruiksjaar niet meer.

garmin_010_01532_06_drive_50_lmt_navigation_1216069Als ik hem alsnog wel wilde updaten moest ik meneer TomTom elke keer 40 Euri betalen. Best veel geld bij een apparaat dat nieuw indertijd net aan 100 euro kostte. ‘Toch eens kijken naar een andere’ was nog weleens de opmerking die ik maakte tegen vrouwlief als we weer op een weg reden die de TomTom niet herkende. Maar het kwam er nooit echt van. Tot de Tom door ongelukkig toeval onlangs zijn einde vond. Wij waren onderweg in het zuiden. En af en toe ook met twee mensen extra aan boord van de Blue Angel. Daarvoor verschoven we de voorste stoelen even wat naar voren. Op de laatste dag, op weg naar huis, nog even hier en daar gekeken. Tommie ging tussen de voorste stoelen waar hij niet werd gebruikt. Maar omdat we weer met zijn tweetjes verder zouden rijden schoof ik de stoel van vrouwlief naar achteren. O jee, de Tommie zat samen met een Cd van een van onze favoriete Amsterdamse zangers (..) knel. Snel weer naar voren die stoel. Maar het was al te laat. Tommie had een paar kerven in zijn tot dan gladde vingertiphuidje. Niet dat dit optisch erg was, maar de werking werd ineens heel anders.

garmin-drive-50-lmt-eu_360x360Hij deed eigenlijk plotseling gewoon waar hij zin in had. Bestemmingen opzoeken was er daar niet een van. Einde oefening! We kochten onlangs zijn opvolger. Een ander merk, met levenslange updates op de kaarten voor heel Europa. Met een brok informatie die ik nog niet kende. Zelfs de straatnamen worden uitgesproken, ik word gewezen op tankstations en evt. parkeerplekken. Onderliggend zit een menu met ongekend veel aanvullende informatie. En het scherm is twee keer zo breed als bij Tommie. Die gaat in een elektronisch graf. Garmin is mijn nieuwe merk. En de gegeven informatie door de vriendelijke verkoper bij Media Markt in Hoorn deed de rest. Wat een aardige lui daar. Nu eens zien of ik al jullie adressen er weer in kan krijgen. Wel zo handig.

Vakantie

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

In mijn jeugd was vakantie vooral de periode die in de zomermaanden bepaalde dat je niet naar school hoefde. Van verre reizen of comfortabel vervoer was echt geen sprake. In de woonwijk waar ik opgroeide was werken het devies en de ouders hadden niet zoals nu zoveel of vaak vrij dat ze wel een weekje of drie naar Spanje konden afreizen. Nee, een week was al lang. Ook bij ons thuis. Mijn leasevader handelde in vierwielers en sleutelde waar hij kon bij familieleden aan scheepsmotoren of auto’s en kwam dan vaak met een aardig weekbedrag naar huis. Niet dat we daar veel aan overhielden hoor. Hij maakte in zijn handelsjaren ook wel eens missers mee en kon ook erg aardig ‘innemen’. Een euvel dat hij deelde met meer ouders van jongens in mijn leeftijdsgroep. Die ouders hadden de oorlog mee gemaakt en ergens waren ze daardoor soms wat van het geestelijk rechte paadje af. Neemt niet weg dat wij voor de vakantie altijd ergens geld genoeg hadden en dat we dan wat je noemt ‘luxe’ op stap gingen. Met de auto. En die kwam dan vrijwel steevast uit de handelsvoorraad van ‘pa’. Een Amerikaanse of Britse Ford, Skoda, IFA of soms een DKW. Omdat mijn moeder een ingebakken afkeer had van tenten en kamperen, werd dan gekozen voor een redelijk luxe hotel of even comfortabel familiepension, liefst ergens in of bij het toen nog redelijk rustige Limburgse Valkenburg.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Mijn moeder had iets met die omgeving, vermoedelijk omdat het zo dicht bij het buitenland lag, waar zij telkens van droomde om er nog eens te komen. Maar ja, een paspoort hadden we niet en mijn ‘pa’ liet zich liever van de Vaalserberg afgooien dan dat hij ook maar een stap in Duitsland zette. ‘Teveel meegemaakt met die Moffen’. Als we na een lange rit dan eindelijk in het  hotel van bestemming waren aangekomen werd er uitgepakt. Niet alleen letterlijk, ook figuurlijk. Het mocht iets kosten. We dronken thee met taartjes, bier (voor pa) en een wijntje met wat pinda’s in een of ander etablissement en ‘s-avonds een goed diner in het hotel. Geld speelde dan even geen rol. Ik had altijd het idee dat andere kinderen uit mijn straat of school hetzelfde meemaakten tijdens die weken afwezigheid, maar dat viel meestal vies tegen. De meesten bleven in de straat hangen waar ze woonden, bezochten een dagje het Pretpark Oud-Valkeveen aan de rand van Gooi en als hun vader een auto had wellicht de Veluwe. Maar echt ver ging men in die jaren vijftig niet. Onze soort vakanties was dus best uitzonderlijk. Dat we soms drie weken na terugkomst weinig beleg op brood hadden speelde een minder opvallende rol.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het geld vloeide waar het niet gaan kon. Maar plezier hadden we wel. En ik leerde er zo het zelf ook het Valkenburgse vermaak kennen. Net als de Vaalser omgeving en kleine stukjes Belgie. Want illegaal die grens over vonden mijn ouders indertijd best spannend. Soms pakte dat best wel verkeerd uit, want als gezegd, een paspoort hadden ze niet, zelfs geen groene kaart of zo. Maar goed, avontuur moest er zijn. Op de terugweg naar huis waren we altijd extra lang onderweg. We stopten dan in Roermond waar we ergens een maaltijd namen van friet en knakworst. Zalig! En in Utrecht nog even stoppen voor een drankje en een hard stuk metworst of zoiets. Elk jaar weer een feest. Toen ik zelf voor het eerst op vakantie ging, samen met mijn huidige vrouw, toen nog mijn verloofde, mag je raden waar we heen gingen. Juist. Maar de ware magie en passie kwamen nu van ons zelf en niet van de omgeving. Maar dat paste ook goed bij de leeftijd. Of ik toen veel heb gezien van die zelfde omgeving? Ik geloof het niet. Maar dat haalden we later nog wel in. Ben er sindsdien nog vaak geweest. Leuke bestemming, al is er intussen veel veranderd. En niet allemaal ten goede.

Half Amsterdam door op 1 enkel kaartje…

ANE49 - Blauw tram 454 - met aanhanger Amstelveen - 050792 - Scan10122Hoewel ik uit een gezin stam waar de auto vrijwel altijd centraal stond, al was het maar omdat mijn leasevader daarin handelde op zijn manier, was het gebruik van tram, trein en pont ons niet onbekend. Met ons bedoel ik dan mijn moeder, broer en ik. Met de ‘Blauwe’ tram naar Zandvoort, of in het ‘Bootje van Bergman’ naar de overkant van het IJ en dan op de NZH-tram naar Volendam Marken en zo meer. In de stad zelf maakten we vaak gebruik van de trams van het GVB. Prima verbindingen, wij hadden twee tramlijnen echt om de hoek van ons woonadres beschikbaar, en betaalbaar. Als puber maakte ik er veel gebruik van. Ik zat in Amsterdam-West op de middelbare school, gevolg van de katholieke opvoeding, en daar kon je het beste maar met de tram naartoe reizen. Wat ik keurig deed. Met de toenmalige lijn 3 naar de Rozengracht, daar over op Lijn 13. Die bracht je dan tot de toenmalige grenzen van de stad. Daar zat mijn school, op een toen nog open liggende zandvlakte.

Lijn 4 938Later ontdekte ik dat je ook met de tramlijn 4 naar het CS kon reizen en daar over op diezelfde 13. Dan kon je tenminste zitten. Immers, die lijn 13 begon daar. Vooral in de winter van groot belang. Veel van die trams waren nog van het heel ouderwetse type. Twee-assers met een losse aanhanger. Later ook nog wel drieassers met hun gesloten balkons. Ik reed zo vaak in die trams mee dat ik ook precies doorhad hoe je met dat ene gestempelde kaartje de halve stad door kon. Was dat belangrijk? Wel als je ook interesse had in de trams, de types en de nummering van die dingen. Had ik net zoveel interesse in als in de vliegtuigen die mijn latere interessesfeer zouden beheersen en de auto’s die ons leven thuis soms zo interessant maakten. Ik wist op enig moment precies welke trams werden ingezet op lijn 4. En op die ook door mij gefrequenteerde lijn 13 reden soms afwijkende tramtypen.

L10 - Dubbelgelede '706' Marnixstraat geel - 0175 Scan10230Omdat je op  de Rozengracht heel bijzondere rails had liggen die zorgden dat vooral die oudere trams aardig heen en weer slingerden hadden die de voorkeur boven die logge drieassers uit die periode of de schitterende gelede trams die de GVB vanaf eind jaren vijftig toevoegde aan haar gamma. De tijden van de oude ‘blauwen’ waren geteld. Ik maakte nog net die overgang mee. Voordeel van die blauwe trams was trouwens dat ze open balkons hadden waar je met een sprintje zo op kon springen. Had je dan geluk stond de conducteur net aan de voorkant van die wagens en kon je een paar haltes gratis mee. Hij stempelde je kaartje met een rittijdstip. Hoe verder je kwam, hoe later die tijd en hoe verder je kon rondreizen in Amsterdam. Wat ik soms graag deed. Gewoon overstappen van de ene op de andere lijn en dan zien welke trams men nu weer op lijn 16 of 24 gebruikte. Maar die oude puntige tweeassers bleven mijn favoriete tramwagentype.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En dat zijn ze nu nog. Al weet ik uiteraard dat er weinig van die oorspronkelijk trams bewaard zijn gebleven. Ze hobbelen in de zomermaanden nog op een museumlijntje langs het Amsterdamse Bos. Maar dat is toch iets anders al heb ik uiteraard als oudere jongere nog wel eens in die trammetjes daar gezeten. Voor een vaste prijs! Want van voordeel was en is geen sprake meer. En van voordelig overstappen van de ene op de nadere lijn ook niet. Trams zijn zakelijke en wat onpersooonlijke vervoersdingen geworden. En dat kaartje werd een OV-Chipkaart. Niks aan. Maar wel zo comfortabel. (Foto’s: Yellowbird/internet)

Inconsequent geklaag

Schiphol - oud beeld..Scan10213Terwijl ook ik aandacht gaf aan het eeuwfeest voor onze nationale luchthaven wil ik een aspect van een luchthaven als deze van enorme omvang toch niet onvermeld laten; geluid en de eventuele overlast die deze bezorgt aan hen die er niet ver vandaan wonen. Daarbij is het van groot belang te bedenken wat lawaai eigenlijk is en waarom sommigen mensen er wel en anderen geen last van hebben. Kijk, ik zelf vind het geluid van vliegtuigen geen enkel probleem. Logisch, ik koos immers zelf voor een woonomgeving die niet zo gek ver van die luchthaven af ligt. Altijd al in stedelijk gebied gewoond, en dat was dus nooit echt stil. In mijn buurt worden veel huizen verkocht aan nieuwe bewoners. De oudere trekken weg, gaan in appartementen wonen elders in de stad of wellicht daarbuiten. De nieuwe bewoners doen er alles aan om hun net verworven onderkomens te voorzien van voldoende isolatie.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En wie dat niet doet kijkt weleens boos naar boven. Als er weer een vliegtuig of politie-heli voorbijkomt. ‘Al dat lawaai…’. Dat is opmerkelijk want wie in deze omgeving verkiest te wonen heeft altijd wel lawaai om zich heen. En moet dan niet gaan klagen. Je ziet hetzelfde bij mensen die ervoor kozen vlakbij de uitvalswegen van een stad te gaan wonen of niet te ver af van doorgaande snelwegen. Die klagen als ze thuis zitten over dat verkeerslawaai, maar maken wel gebruik van diezelfde wegen om er hun zakelijke of sociale leven mee op gang te houden. Geldt ook voor spoorwegen, of zelfs voor het wonen aan een kanaal of rivier waar schepen voorbijkomen. Wel eens langs gezeten? Als het een beetje druk is hoor je heel wat gestamp van motoren of geklots van de (boeg)golven. Klagen zit veel mensen in het bloed en Nederlanders klagen al over het weer dat het een lieve lust is.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daarbij snap ik niet dat overheden en ontwikkelaars in het verleden wel in staat zijn gesteld om bebouwing toe te staan in de omgeving van lawaai of andere overlast producerende bedrijven of infrastructuur om daarna via allerlei procedures weer bezig te gaan om die overlast te beteugelen. Bouw er dan niet zou ik denken. Overigens zijn er natuurlijk ook woonbuurten waar diezelfde overheid snelwegen, treinenbanen of wat ook vlakbij aanlegde waardoor een voorheen stille buurt ineens barst van het lawaai of de stank. Dat je dan protesteert snap ik eerder dan in die eerdergenoemde situatie. Dat er dan ook nog wat vage en soms leugenachtige actiegroepen of zelfs politieke partijen streven naar een wereld zonder lawaai, het liefst een zonder tastbare economie, maakt het probleem niet kleiner. Ooit hadden wij hier buren die stemden op GroenLinks. Opvallend waren de posters bij hen aan de ramen, tegen Schiphol en de lawaaiproductie, maar beiden maakten zowel zakelijk als privé wereldreizen naar mooie oorden of plekken waar arbeid weinig hoefde te kosten. En dat meerdere malen per jaar. Kijk, tegen zoveel inconsequentie kon zelfs ik niet op. Maar vrienden werden we nooit. Al was het maar omdat ze er ook nog twee auto’s op nahielden van de aardig vervuilende soort. Kortom, van die steen en vrij zijn van zonden speelt dan ook een rol. Zelf wel last van overlast? Zin om daar iets over te schrijven in dit verband? Kom maar op!

Ego-ouders en hun kinderen

WP_20160201_006Als ik dan toch aan het mekkeren ben….laat ik het dan maar eens hebben over het gedrag van ouders die met de auto hun kinderen halen en brengen van/naar school. Een landelijk probleem dat steeds idiotere vormen aanneemt. Kijk, ik snap wel dat je die kleine schapen niet alleen wilt laten in een wereld waarin juist kinderen prooi zijn voor allerlei engerds of waar ze wegen tegen komen die door mafkezen worden benut om hun autovermogens te testen. Maar dat je eenmaal bij of voor die school zelf verandert in een wezen zonder normaal denkproces…nee, dat snap ik niet. En wie wel eens langs een schoolgebouw komt waar die instelling net de poorten opent voor die kleine vermeende prinsjes of prinsesjes, weet wat er dan verkeerstechnisch ontstaat. Chaos! Immers, niet de straat en wat daar beweegt telt meer, nee, dat kind dat moet worden afgezet of opgehaald. Desnoods driedubbel geparkeerd en liefst op zodanige afstand van die school dat er niemand meer langs kan. Bij mijn schoonma is onlangs een nieuwe school gebouwd. Prachtig ding, leuke hekjes en bosjes er omheen, maar de parkeerruimte in de buurt werd niet aangepast. En dat parkeergebied, ik schreef er al eerder iets over, is van de betaalde soort.

Maar dat geldt kennelijk niet voor die autorijdende ouders. Die parkeren waar ze willen, en hen wordt geen stroobreed in de weg gelegd. Men parkeert ook voor de flatingang van het gebouw waar mijn familielid resideert. Voor de vuilstortcontainers, op de invalideplekken, het maakt niet uit. WP_20160201_007Als het kleine verwende nest maar niet ver hoeft te lopen. Ik maakte er onlangs toch maar eens wat plaatjes van. Vanaf tien hoog krijg je dan wel een aardig overzicht. Niet dat dit uniek is hoor, bij zowat elke school in ons land is de situatie vrijwel gelijk. Hoe welvarender de woonomgeving, hoe meer verkeer. In de grote stad zie je meer van die verlengde bakfietsen. Niet dat die dingen geen overlast verzorgen hoor. Ook daar zie je dat elke verkeersregel gewoon niet bestaat als het kroost moet worden ingeladen. Of vervoerd. Want dan is het voetpad ineens ook voor de fietsers zo lijkt het en met een vol beladen bakfiets blijkt aangeven van richting niet meer mogelijk. Kortom, er is heel wat aan te merken op het gedrag van ouders en grootouders die bezig zijn met het verwennen van hun kleine urkies door ze te halen en te brengen van/naar die plekken van culturele bijspijkering. Handhaving zou veel kunnen helpen, maar anders dan in mijn vorig blog aangeroerd, is hier in geen velden of wegen een controleur te vinden. Te veel kans op ellende of weerstanden vermoedelijk. Want ouders met kinderen, het zijn ineens heel andere menssoorten. Daar moet veel voor wijken, zelfs de medemens. Maar asociaal blijft het.

130 jaar auto

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

1e Daimler automobiel

Het zal de meesten van jullie wellicht een worst zijn, maar volgend jaar bestaat de auto zoals we die tot op de dag van vandaag kennen, 130 jaar. Best een leeftijd! En ook al hebben door alle jaren heen heel wat lieden om welke reden ook getracht om die auto van onze straten weg te krijgen, het individuele vervoer heeft zo’n enorme vlucht genomen dat we nog wel even te maken zullen hebben met het fenomeen. Die auto heeft de samenleving stevig veranderd. Mensen kregen er een stukje vrijheid door, ontdekten dat de wereld groter is dan hun eigen straat of erf en zo kwam ook de migratie van hele volksstammen op gang. De wereld werd deels met dank aan de auto ontgonnen. Ik ben, net als veel mensen van mijn en latere generaties, opgegroeid met de auto. Er was altijd wel een auto beschikbaar in mijn jeugd, ‘leenpa deed er in’ dus we reden elk weekend wel ergens heen. Fraaie merken als Chevrolet, Ford, IFA, Skoda, Hansa of Volkswagen passeerden daarbij de revue. De beste vrienden van mijn ouders reden in een Citroen Traction Avant, en ook daarmee werd half Nederland afgereden.

DKW 1000S Coupe 1959Later, toen de gezinnen letterlijk en figuurlijk uitgroeiden reden we achter elkaar aan, twee auto’s vol genietende stadsmensen. Neem van mij aan dat rijden in de jaren vijftig en zestig nog niet zoiets comfortabels was als nu het geval is. Een dagtripje naar de Veluwe was echt een avontuur en als we vakantie vierden in het fraaie Limburgse landschap rond Valkenburg, waren we een dag onderweg om er te komen. De gemiddelde gezinsauto uit die tijd haalde met pijn en moeite 100km/u en de wegen waren bepaald niet van het snelwegtype. Je passeerde onderweg ongeveer elke stad of dorp, maar leerde daardoor ook aardig hoe het land in elkaar stak. Mijn ouders waren gek op avonturen als ze eenmaal buiten de stad verkeerden en dus wilden we nog wel eens illegaal de grens over rijden. Bij Verviers of Eupen. Het mocht niet, niemand had een paspoort, maar toch. Toen pa dat zelfde kunstje eens uithaalde bij de Belgische grens achter Breda werden we op de terugweg naar Nederland in onze DKW Meisterklasse aangehouden. Geen papieren, niets.

Jangled Nerves GmbH, Stuttgart

Skoda Museum…..

Dat was dus een illegale grensoverschrijding, indertijd een aardig vergrijp. Daar kletste pa zich niet zomaar uit. Hoe dan ook, altijd waren er auto’s. Maar in onze hoofdstedelijke woonbuurt was het bezit van een auto nog pure luxe. Brommers en scooters waren al heel wat, een vierwieler alleen iets om van te dromen. En dus werd er heel wat afgehuurd voor in het weekend. Bij ons aan de overkant zat een groot autoverhuurbedrijf met regionale bekendheid. Ik leerde al snel het verschil tussen een Opel van 1955 en een van een jaar later. Dat ging allemaal vanzelf. Zeker omdat de zoon van de eigenaar mijn grote vriend indertijd was. En we zien elkaar nog steeds, ouder, wijzer en nog steeds met een soort van passie voor de auto. Later ben ik er zelfs in gaan werken, van dealer tot importeur, van adviseur tot journalist.

WP_20140906_001En dan te bedenken dat dit allemaal niet had plaatsgevonden als Meneer Daimler op een dag er niet in was geslaagd om een levensgevaarlijk gedrocht te bedenken met een eencilinder benzinemotor die efficiënter moest zijn dan een paard met koets. Nu alweer 130 jaar geleden. En oh ja, nog even een aardig extra weetje, ruim 100 jaar geleden reden de eerste elektrische auto’s al. Ook toen al om dezelfde redenen als nu. Maar ook met hetzelfde probleem. De accu’s waren niet in staat langere ritten mogelijk te maken. Dat is in een eeuw tijd dus helemaal niets veranderd. De rest van de wereld om ons heen wel!

Spotten

WP_20151126_005 (2)Onlangs trakteerde ik mijzelf weer eens op een ‘mannendagje’ zoals ik het zelf noem. Dan gaat een mens als ik niet naar een of ander stadion om daar naar voetballende lieden te kijken hoor. Nee, ik vertrek dan naar het grote vliegveld in mijn achtertuin, dat bij de meeste mensen bekend is als Schiphol. Die wereldluchthaven ligt zo dicht bij onze woonstek dat ik er dagelijks mee geconfronteerd word. Maar ooit ben ik besmet geraakt met het spottersvirus en dat ben ik jarenlang intensief wezen uitzieken. Gewapend met een camera, een opschrijfboekje, en in die latere jaren een luchtvaartontvanger en verrekijker. Heerlijk om dat weer eens te doen. Het komt er domweg te weinig van. In mijn jeugdjaren werd ik al getrokken door dat bekijken van vliegtuigen. Die dingen kwamen indertijd nog wel eens recht over de stad heen als ze gingen landen of juist waren opgestegen en het geluid trok mij als jong mens richting de basis waar al dat spul opereerde. Ik ging eerst op de fiets die kant op.

WP_20151126_004 (2)Zette die dan tegen de heg voor de startbaan neer, klom op de stang van het tweewielige ding en keek naar de vliegtuigen die daar vertrokken of landden. Het was een warm bad al was het best wel eens fris. Later ging ik dan met een kaartje richting de promenades langs het toenmalige platform en deed enorm veel indrukken op. Maakte de laatste propellervliegtuigen mee, de eerste jets, genoot van de geluiden, droomde weg bij het idee dat die kisten naar de meest uitheemse bestemmingen vlogen. Teheran, Ceylon, New York, Helsinki en zo meer. Allemaal op de fiets, later bromfiets. Ik was daarmee best een buitenbeentje want zelfs uit de kring vrienden die aangaven gek te zijn op vliegtuigen waren er maar weinigen die zo gek waren om in januari met me mee te gaan naar de luchthaven als daar sneeuw lag. Of tijdens het Gouden huwelijk van Juul en Benno toen heel wat buitenlandse gasten per vliegtuig arriveerden op Schiphol en dat deden met vliegtuigen die je normaal nooit zag.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Jammer dat ik toen geen echt goede camera bezat. Maar ik schreef trouw alles op in mijn notitieboekjes. In de jaren die volgden zorgde ik altijd voor de nodige tijd vrij die ik kon vullen met mijn passie op dit punt. Maar het werd op enig moment minder. Niet door mijn verlies aan interesse hoor, maar de drukte in de toenmalige werkkringen. Ik werkte op enig moment ook een aantal jaren op de luchthaven en dat hielp niet mee bij het beoefenen van de hobby, hoe tegenstrijdig dat ook moge lezen. Nu ik er al lang niet meer werk kan ik er weer als jochie van vroeger van genieten. De camera met telelens klaar, de radio op de torenfrequentie, brood in de tas, verrekijker en notitieblok klaar. Check! En dan maar genieten. Jammer dat het zo vaak slecht weer is….maar dat was het volgens mij vrijwel altijd als ik daar stond.

Hobbyist

Aankopen Bocholt 131107Wie geen enkele hobby heeft of interesse in zaken om zich heen kan zich meestal nauwelijks of niets voorstellen bij malloten zoals ik die in vrijwel alles geïnteresseerd zijn en overal en nergens speuren naar aanvullende onderdelen of leesvoer voor de diverse collecties. Tuurlijk, het ware handiger geweest als ik me had gespecialiseerd, maar dat heb ik niet gedaan dus dan loopt het optisch wel eens wat uit de hand. Wat is dat toch met die verzamelaars. Als ik er een spreek met een soortgelijke passie is vaak een van de eerste opmerkingen dat hij/zij zo graag een eigen museum zou willen aanleggen voor de collecties van puntenslijpers tot motorjachten. Nu is een museum iets meer dan het neerzetten van wat spullen. Je moet ook uitleg geven over wat er staat, de achtergronden kennen van al die producten en af en toe wisselingen doorvoeren in de uitgestalde zaken. Ik dacht altijd dat ik een relatief grote verzamelaar was tot ik een paar jaar terug nog maar op tv een onderwerp zag over mensen die de inhoud van gelukseieren van Ferrero verzamelden. Meer dan 12.000 items in huis uitgestald. Die reizen heel Europa door om een bepaalde serie figuurtjes bijeen te krijgen en zijn zielsgelukkig als ze weer een boodschappenkar vol met trays van die eieren hebben gescoord.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Die ‘vindopwinding’ herken ik wel. Kortdurend maar altijd weer opnieuw aanwezig. Je loopt ergens en ontdekt een bepaald model, een boek of een foto en die ‘moet’ dan mee. Het overkomt mij bijna wekelijks. En ik kan mij van veel van die aanwinsten nog goed herinneren in welke situatie ik me bevond toen ik die zaken tegenkwam. Zoals die keer in 1992 dat ik in Tsjechië in een klein stadje een wat smoezelige rommelwinkel binnenstapte waar ze tot mijn verbazing een hele verzameling fraaie blikken voertuigen verkochten. Van een stoomwals tot een serie Tatra trucks. Het kostte een luttel bedrag  en ik kocht er een hele stapel van. Het bleek een gouden greep want de kwaliteit was prachtig en het spul is nu ook in Tsjechië zeer gevraagd en duur geworden. Indertijd wilde niemand het hebben, nou ja die toerist met een verzameltik….

Het is pas echt leuk als het model een vraagstelling opwerpt. Bijvoorbeeld wie was de fabrikant van het origineel? Of wie produceerde het bewuste model? Bij een aantal modellen vind ik relatief eenvoudig het antwoord uit mijn behoorlijk goed gevulde kasten met gerelateerde boeken, een andere keer via het Internet. Maar er blijven altijd vragen open. Zo heb ik nooit iets zinnigs kunnen vinden over een auto die mij meteen vanaf het moment dat ik het model aanschafte voor zoonlief in diens kinderjaren.

HPIM1506_editedHet gaat om een duidelijke sportwagen van het fraaie merk Osi, aangeduid als Bisiluro uit 1974. De schaal is 1:43, de modelfabrikant Polistil en de vormgeving futuristisch, zelfs nu nog. De auto zou volgens het model zeer geprononceerde dubbele rompen hebben gehad met een centraal geplaatst inzittendendeel. Het model voelt zeer zwaar en degelijk aan en werd na een speelperiode een aantal jaren na de aanschaf in mijn collectie opgenomen. Sindsdien doe ik speurwerk. Niet elke dag, maar toch. Het laat me niet los. Het automerk Osi heb ik kunnen vinden, meer een ontwerpbedrijf dan een serieuze autofabrikant, maar die Bisiluro? Niks van kunnen vinden. Intrigerend! En dan is er het kiepautootje van Meiler, de brandweerauto van Solido (bleek uiteindelijk een Spaanse Simcatruck), en de vliegende auto van Corgi Toys (komt uit een James Bond serie). Allemaal aanwinsten met een verhaal. En dan ben ik nog niet eens bezig over mijn luchtvaartcollectie. Kortom, elke dag is een nieuwe voor deze verzamelaar, het intrigeert, het zorgt voor veel plezier en afleiding en ik ben nog niet toe aan het afstoten van al die zaken. Wel aan het afstoffen, want na een half jaar in de nieuwe kasten en vitrines ligt er toch al weer een behoorlijk laag grijs over sommige deelcollecties…..dat is dan wel weer een nadeel!(2008/1/05)

En jij, medelog(st)ger, ook een passie? Of heb je er helemaal niks mee…….Laat me eens weten als je wilt. IK ben er oprecht benieuwd naar……    

Alweer oktober…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Herfst leidt richting feestdagen…

Net als vorig jaar is het ineens oktober. Al vaker haalde ik aan dat de tijd wel erg snel gaat tegenwoordig (..). Maar dat zeiden we vorig jaar ook al en tien jaar geleden om maar iets te noemen. Het weer is prachtig, de herfst komt op een feestelijk versierde wagen, getrokken door zon en maan en met de fraaiste uitingen van natuurlijk gedrag in bos en veld. Kortom, oktober is net zo als vorig jaar onderweg. Ik keek eens terug naar een jaartje eerder en zag dat ook toen het weer fraai was, al begonnen de dagen dan wat meer met mist dan nu het geval is. En was ik vorig jaar onderweg voor een tripje. Dat zit er nu niet in. De poezen vragen toch aandacht en om die jonge dieren nu al aan hun lot over te laten gaat echt te ver. Dat niet weg hoeven heeft een bijkomend voordeel. Als ik weg ga moeten er op de lopende dagen gewoon blogs worden gepubliceerd. Dus schrijf ik dan vooruit. Dat is bij algemene onderwerpen vaak niet zo’n probleem, maar bij de autonieuwtjes moet ik dan niet alleen opzoeken, sprokkelen soms, maar ook nadenken wat actueel is op de geplande publicatiedagen.

WP_20141101_011Nu zijn wij niet zo van de heel lange trips, ook dat is geen geheim, een week is echt het maximum, maar vijf dagen vooruit werken houdt dan in dat ik er toch een stuk of 30 verhalen uit moet persen. Valt niet mee en is soms een zware last. Zeker in de tijden dat er weinig te melden valt. Gelukkig is dat nu niet het geval. De vluchtelingen, VW-affaire, politiek Den Haag, ga zo maar door. Er is dus altijd wel iets te bedenken. Is ook het leuke van die bloggerij. Je bent schrijver of je bent het niet natuurlijk en plaatsen van verhalen aan de stand verplicht. Ook als je er even niet bent. Maar dat speelt nu niet, ik ben er gewoon en verbaas me dus maar over die kalender die alweer zijn blaadjes verliest in een tempo dat de herfst eer aan doet. Met twee knorrende poezen om me heen, groet ik u lezers en medebloggers van harte en wens u allen een mooie oktobermaand toe.