Urbanus…

Urbanus…

In het ons als Mokummers omringende Amstelland kom je op korte afstand een viertal katholieke kerkgebouwen tegen met dezelfde naam.

St. Urbanus! En dat is opmerkelijk want een echt bekende figuur in de katholieke (vaderlandse) geschiedenis is dat nu ook weer niet. Zou je zo denken. Kijk, Antonius, Marcus, Petrus, Paulus, allemaal lieden die een belangrijke rol speelden in het oergeloof der Christenen, maar Urbanus? Nou dat ligt toch gevoelig. Urbanus 1 was een Paus uit de Roomse geschiedenis en stuurde de kerk van Christus aan tussen 222-230 na de dood van de naamgever. Echt veel is er over hem niet bekend, meestal gaat het dan om legendes. Hij wordt wel als martelaar voor het geloof vereerd. En in het jaar 700 door een bisschop in de omgeving van Trier heilig verklaard. En daar in die hoek van Europa is hij een belangrijke figuur geworden.

Hij werd er de patroonheilige van de boeren, wijngaarden en de wijn. Op 25 mei viert men in delen van Duitsland nog steeds Urbanstag inclusief processies en zo meer. Een meer bekende figuur dus dan we op het eerste gezicht zouden kunnen bedenken. Terug naar Amstelland. Opmerkelijk dat juist deze kerkelijke figuur zo belangrijk leek dat men er vier kerken naar benoemde. Het zou iets te maken hebben met het feit dat de vroegere Heren van Amstel via allerlei connecties die liepen naar Trier in contact kwamen met het verhaal rond de oude heilige en ergens rond het jaar 1000 Urbanus aannamen tot een soort van patroonheilige. Overigens tot grote afkeer van de Bisschop van Utrecht die toen nog gold als een zeer belangrijke figuur in onze streken. Die had meer op met de bekende St.Maarten (Martinus) die door zijn weggeven van een deel van zijn mantel aan een bedelaar werd gezien als prachtig voorbeeld voor devote christenen. De constante wrevel in Amstelland rond het beleid van die Utrechtse kerkaanvoerder maakte dat men vol devotie achter Urbanus aansjouwde en op enig moment dus die kerken bouwde met diens naam.

De oudste daarvan staat in Ouderkerk aan de Amstel en werd gebouwd door de bekende kerkenbouwer Pierre Cuypers. De grootste kerk met deze naam staat echter in Bovenkerk (Amstelveen), het vroegere Nieuwer-Amstel, en werd onlangs door een enorme brand zeer beschadigd. Gaat het om de kerk met de grootste en meest markante toren, moet je langs de Amstel stroomopwaarts even naar Nes aan de Amstel reizen. Daar staat een voor zo’n dorpje enorm gezichtsbepalend kerkgebouw aan de Amstel die duidelijk maakt dat men die Urbanus veel goeds toedichtte. De vierde kerk in deze regio met die naam (al is die onlangs veranderd in Stationskerk vanwege het nabij gelegen knooppunt van spoor- en metronetwerk) vindt je in Duivendrecht. Die kerk kreeg ook als bijnaam de Dom van Duivendrecht. Twee torens, mooi oud gebouw maar door de opsplitsing van deze woongemeente in de jaren 70/80 ontdaan van veel gelovigen. De kerk in Nes is ook van Cuypers overigens en dat is aan de bouwstijl goed te zien. In het zuiden van ons land is overigens ook nog een kerk met de naam van Urbanus te vinden.

In Belfeld namelijk, niet ver van Venlo, vallend onder het bisdom Roermond. Maar dat Limburg ligt natuurlijk ook 2 uur rijden dichter bij Trier, dus lijkt een logischer keuze… In de kerk van Ouderkerk zouden volgens de verhalen onderdelen van het geraamte van Urbanus zijn bewaard. Maar belangrijker is dat deze oud-katholieke bolwerken intussen beeldbepalend zijn geweest voor de woonomgeving waar ze staan. Alle kerken die typische uitstraling die de katholieke kerken zo eigen is, al was het maar door die befaamde bouwmeesters. Herstel van die zo ernstig beschadigde kerk in Bovenkerk gaat intussen langzaam maar gestaag. Ellendig genoeg was de brandoorzaak terug te voeren naar herstelwerkzaamheden die men daar had uitgevoerd om de kerk weer helemaal bij de tijd te brengen en het unieke orgel te restaureren. Al dat werk werd in een enkele rampzalige avond teniet gedaan. Gelukkig zorgen crowd-funding-acties en geld van het bisdom, opgeteld bij wat subsidies van de gemeente dat de kerk weer in alle ere wordt hersteld. De toren was onbeschadigd en kan nu zelfs weer worden beklommen. Een toren die nog een extra functie bekleedde in het verleden, het was voor sportvliegers die naar/van Schiphol vlogen namelijk een markant meldingspunt, aangeduid met de kreet ‘Point Bravo’ die ook bij de verkeersleiding herkenbaar was en leidde tot verdere instructies. Ik ben er in die soort kistjes vaak overheen gevlogen. En inderdaad ontdekt dat hij zeer herkenbaar was, van grote afstand. Urbanus als baken. Zo zagen die oude katholieken dat graag. (beelden: Archief)

Oudewater…

Oudewater…

Alleen al om de historische betekenis, maar zeker ook omdat het om die reden ook al wat door mysteries omgeven leek was ik al tientallen jaren al van plan een keer naar het stadje Oudewater af te reizen.

Maar het kwam er nooit echt van. Tot we onlangs even in Woerden te gast besloten door te rijden en dan eindelijk eens te zien of er boven dat stadje aan de Lange Linschoten (Hollandse IJssel) echt heksen door de lucht vlogen. Nou dat viel nogal mee (of tegen). Het is een prachtig oud stadje met honderden historische pandjes en een gezellig centrum waar niet voor niets te beeltenis van Joop Doderer in zijn gedaante van Swiebertje te vinden is. Qua sfeer paste juist Oudewater prima bij de TV-serie met die naam die vele jaren geleden furore maakte. Oudewater kent een paar enorme kerken, waarvan de Sint Franciscuskerk er een is uit de school van Cuypers maar gebouwd door zijn leerling Margry. Oudewater kent een godsvruchtige hoeveelheid inwoners. Men is er behoudend gelovig al wonen er ook wat allochtonen tussen de overwegend christelijke bevolking.

Het stadje zelf verkreeg haar rechten al in 1265 en is daarmee de oudste stad van het (overigens prachtige) Groene Hart van Holland en Utrecht. De stad diende door de ligging in het grensgebied tussen de vroegere Graafschappen Holland en Utrecht als stevige vesting en hielp bij het evenwicht van macht indertijd die zich toch zoals blijkt uit onze vaderlandse geschiedenis lokaal/regionaal afspeelde. Oudewater speelde ook een belangrijke rol bij de Vrije Statenvergadering in Dordrecht die leidde tot de Nederlandse Republiek onder Willem van Oranje. Daarna begon de ellende voor ons land en de diverse steden die zich achter de Oranjes hadden geschaard.

De Spanjaarden vermoordden als represaille de bevolking van Oudewater na een korte belegering en dat feit weet men zelfs nu nog wel te herdenken. Slechts drie inwoners ontkwamen toen aan die slachting en aangestoken branden die het gevolg waren van het Spaanse geweld. Touw werd later een belangrijk ambachtelijk product van het stadje in de daarop volgende eeuwen en om dat te herdenken is er een waar touwmuseum te vinden in een van de oude zijstraatjes die het centrum rijk is. Later verloor men haar positie op de landkaart toen ook de Fransen het stadje innamen maar de netten- en touwfabricage zorgde intussen wel gewoon voor het nodige inkomen. Was Oudewater ooit sterk en verankerd katholiek, later werd het protestantse geloof dominant en Oudewater is nu toch echt te vinden in de gelovige bijbelgordel die Nederland kent. In al die geloofsbeleving kunnen we niet voorbij aan de heksenprocessen die hier plaatsvonden en men nu nog gedenkt via het erg aardige en informatieve museum de Heksenwaag. Daar zie je nog hoe men indertijd met anders denkenden om ging. Daarover later in een blog meer.

De horeca was omvangrijk, veel terrassen, het is er druk, de fiets het favoriete vervoermiddel voor de talrijke dagjesmensen die Oudewater bezoeken. Opbrekingen in de straten rond het centrum maakten tijdens ons bezoek het binnenrijden van de stad nog wel te doen, er uit komen bleek een crime. Maar dat zal wellicht over enkele maanden heel anders zijn. Let wel op, want voor een deel van de binnenstad is betaald parkeren de norm en controle streng. Maar verder….een aanrader! (Beelden: eigen archief)

Kasteel aan de Angstel…

Kasteel aan de Angstel…

Bij een toevallige rit via via naar onze thuisbasis onlangs, ontdekten we onderweg ineens een kasteel waarvan wij het bestaan al die jaren nooit eerder hadden ontdekt.

OK, het ligt wat verscholen, het kent geen grote militaire geschiedenis wellicht zoals die meestal in de vaderlandse boeken op dat gebied werd opgetekend, maar toch de moeite van het vermelden waard. Kasteel Loenersloot gaat dit blog over. Prachtig gelegen aan de op dat punt vrij smalle Angstel, de verbinding tussen Amstel en Vecht, werd dat kasteel al in de 13e eeuw op de kaart van onze historie ingetekend. In eerste instantie bouwde men slechts een verdedigingstoren, in de loop van de eeuwen die volgden werden diverse families eigenaar van die toren en bijbehorende gebouwen, maar pas in de 19e eeuw voorzag men de toren van kantelen en werd het aanpalende kasteel tot wat het nu is. Met de bossen er omheen werd het geheel een prachtige buitenplaats waar je als bezoeker ook deels in mag wandelen.

De adelijke familie die het kasteel ooit als laatste bewoonde droeg het in 1985 over aan een Stichting die het beheer van slot en omgeving op zich zou nemen. Sinds 2011 is het beheer van dat hele spulletje in handen van de Stichting Utrechts Landschap welke haar taken gezien de staat waarin alles verkeert zeer serieus neemt. Zo is het Kasteel intussen een beschermd monument en mag je er op gezette tijden even een kijkje nemen, uiteraard met een gids als begeleiding. Over de eventuele militaire geschiedenis van het Kasteel kon ik niet zoveel vinden. Het lag ooit aan die toch best belangrijke vaarweg tussen Amsterdam en Utrecht, als je nu in de omgeving kijkt zie je alleen maar provinciale en snelwegen in de omgeving.

Het Kasteel ligt ook op steenworp afstand van de spoorlijn tussen die twee grote steden en het Amsterdam-Rijnkanaal ligt op ongeveer dezelfde afstand ten oosten van het landgoed. Juist dat maakt het Kasteel dat wij nu ontdekten tot zoiets bijzonders. Omsloten door bomen en struiken is het in de zomer vrijwel niet te zien vanaf de weg of het water, al hebben de bootbezitters die de Angstel afvaren (niet te grote plezierscheepjes kunnen met passen en meten onder de voor het kasteel gelegen ophaalbruggetje door) wellicht een net even beter zicht op het perceel. Hoe dan ook, een mij tot recent onbekend Kasteel dat ik met veel plezier bekeek en daarna in een blogverslagje hier neerzette. Het ligt aan de Rijksstraatweg in Loenersloot, niet te ver van de Provinciale Weg N201 Hilversum-Haarlem. (beelden: eigen archief)

Hoezo integratie??

Stel je deze situatie eens voor. Uw meninggever, toch een geboren en getogen Amsterdammer besluit om hem moverende redenen naar Rotterdam te verhuizen. Een op zichzelf ondenkbare en wonderlijke gedachte maar voor dit verhaal wellicht aardig illustratief. En als hij dit dan heeft gedaan en een half jaartje aan de Nieuwe Maas zetelt hangt hij de Ajax-vlag buiten en begint af te geven op de Rotterdamse samenleving. Dit deugt volgens hem niet en dat ook niet. Hij wil dat men in supermarkten Amsterdamse uitjes gaat verkopen en ook dat Johnnie Jordaan meer aandacht krijgt bij TV West. Ik denk dat ik dan op zijn minst met afkeer wordt bejegend als het al niet verder gaat in die stad van meer daden dan woorden. Als omgekeerd een Rotterdammer Amsterdam beledigt levert dat uiteraard ook allerlei strijd op. Nederlanders blijken dan best lange tenen te bezitten. Nu neem ik u als ander voorbeeld mee over de grenzen. Ik ga naar Turkije en vestig me daar. (ook ondenkbaar uiteraard…) Wat ik daar van meet af aan wil is dat mijn woonomgeving wordt aangepast opdat ik daar een katholieke kerkdienst kan bijwonen en dat mijn buren mijn taal moeten gaan spreken.

Ik verwacht dan ook nog dat mijn gedrag respect krijgt van de lokale bevolking. Zie je het voor je? Wonderlijk genoeg is dit in ons land wel het geval bij veel nieuwkomers. Zoals ik onlangs weer mocht zien en horen bij de revival van het aardige programma over de Akbarstraat in Amsterdam-West. Waar een ‘deskundige’ uitgebreid de tijd krijgt om uit te leggen dat de voor 85% uit allochtonen bestaande wijk vooral was mislukt omdat de Nederlanders geen moeite deden zich aan te passen. Huh?? Opvallend was ook dat allerlei sociale aspecten werden opgevoerd als oorzaak en reden, maar dat men het dominante islamitische geloof en alle culturele aspecten daarmee verbonden volledig buiten beeld hield. Mensen die daar woonden spraken na soms 40-50 jaar hier wonen de taal nog steeds niet. Je wordt er echt moedeloos van. Wat is Nederlanderschap dan precies? Nou dat wat is opgebouwd in de loop van de geschiedenis, bevochten soms. Een liberale, vrijzinnige maar soms ook wat kleinzielige gemeenschap waarin iedereen samen wel het gevoel heeft Nederlander (of specifieke stedeling) te zijn. Waarin we soms met respect met elkaar omgaan en de kerk 50 jaar geleden als culturele hoofdstroming buiten de deur hebben gemikt.

We zijn blank, zwart, licht getint, geel, rood, Europees, Chinees, Afrikaans of wat ook, maar toch vooral samen Nederlands. Mits je maar integreert. En dat kan alleen als je de taal leert, de geschiedenis respecteert en een bijdrage levert aan de samenleving die jou opnam. Gek genoeg namen we (willekeurige volgorde) Molukkers op, Indische Nederlanders, Spanjaarden, Italianen, Fransen, Russen, Polen, Tsjechen, Hongaren, Iraniërs enz. enz. Vaak volledig opgegaan in die Nederlandse samenleving. Maar juist met bepaalde groepen wil dat maar niet lukken. Het waarom zit hem vast ergens in de wil om er iets van te bakken hier. Die wil is er wel, maar integratie is ook trouwen en kinderen krijgen. Over en weer zonder geloofsgedoe. En daar gaat het fout. Dus kan integratie niet van twee kanten. Of je moet bedoelen dat wij Nederlanders allemaal de islam gaan aanhangen. Kijk, en dat is een stapje te ver. Kortom…Er is veel werk te verrichten nog….En daarbij zijn uitgestoken handen nodig. En verlaging van opgeworpen drempels. Pas dan is sprake van succesvolle integratie….toch?

 

Onbekend katholiek juweel om de hoek…

Open Monumenten Dagen gaan vaak aan mij voorbij. We zien normaal al zo regelmatig bijzondere gebouwen en objecten door een jaar heen dat we nooit zo direct de behoefte voelden om ook dat speciale weekend daartoe te benutten. Maar dit jaar was dat anders. We togen alsnog naar het fraai aan de Amstel gelegen Ouderkerk waar men diverse objecten ter bezichtiging had open gesteld. Waaronder de als een pareltje te beschouwen Sint-Urbanuskerk. Een kerk die werd gebouwd in de 19e eeuw door Pierre Cuypers, de bekende katholieke bouwmeester en architect. Het gebouw staat in het oudste deel van het dorp aan de naamgevende rivier, niet ver van de plek waar ooit de oudste kerk van dit gebied heeft gestaan, aangeduid als de Amstel Kerk. Want hoe vreemd dit ook moge klinken, Ouderkerk bestaan al flink langer dan Amsterdam zelf en het bisdom van lang geleden gaf Ouderkerk voorrang bij de bouw van een stevige kerk voor de vissers en boeren van toen die van heinde en verre kwamen om hun katholieke geloof in die kerk te belijden.

Voor Amsterdam werd later een subkerk gebouwd in het hart van het toenmalige centrum van de stad en die grote kerk heet nog steeds de Oude Kerk (eerder over geschreven) en kent in zijn geschiedenis een directe band met dat gebouw in het 8km verderop gelegen dorp. Hoe dan ook, de reformatie en wat branden maakten dat voor de katholieken geen plek meer was in het intussen door protestanten overgenomen Amstellands gebied. Dat kwam pas een beetje terug in de 19e eeuw en toen pakten die katholieken dan ook meteen stevig uit. St. Hubertus werd de naamgever. Een Paus uit de oude tijden waaraan de gelovigen in dit gebied meer belang hechtten dan aan de vooral op macht uit zijnde Bisschop van Utrecht die in Amstelland naar verluid niet zo lekker lag.

Cuypers pakte bij ontwerp en bouw echt uit. Niet alleen maakte hij een zgn. Kruiskerk, met een stevige toren, maar ook een prachtige pastorie en hij ontwierp zelfs het fraaie orgel. Bij recente renovatie van het gebouw haalde men achter witgekalkte panelen schitterende afbeeldingen tevoorschijn die in het oorspronkelijke ontwerp de parochianen al zullen hebben geïmponeerd. Ook de prachtige tegeltableaus waarop de laatste gang van Christus richting de kruisiging, zijn een culturele lust voor het oog. Men heeft de Urbanuskerk aangepast aan de moderne tijd. Het altaar is gedraaid, de biechtstoelen deels opgedoekt en er is geen verhoogd spreekgestoelte meer voor de pastor die hier zijn werk doet.

Maar verder ademt deze kerk echt de sfeer van het rijke Roomse leven. Overigens kent deze omgeving maar liefst vier Sint-Urbanuskerken. Een in Duivendrecht, een in Bovenkerk, onlangs nog zo jammerlijk door een grote brand deels verwoest en een ook erg fraaie en opvallende in Nes aan de Amstel. Dat je die naam Urbanus elders niet tegen zult komen geeft wel goed aan dat men hier in deze polderachtige veenomgeving niet hield van machtsbeluste bestuurders in het verleden. En dat doet men nu nog niet. De kerken met die naam maken duidelijk waarom niet. Fraai, sfeervol en met gedreven mensen achter de schermen. (Beelden: Yellowbird photo)

Brug naar Utrecht…

Wie vroeger vanuit onze stad naar Utrecht wilde rijden deed dat meestal via een vrij lange en kronkelige route. Voor je de stad uit was en langs rivieren of vaarten via de provinciale weg richting de Domstad reed was je al een half uur tot drie kwartier verder. Maar in 1956 veranderde dit op slag. De nieuwe snelweg A2 werd aangelegd. Rechtstreekse verbinding tussen de hoofdstad en Utrecht. En om dit goed te regelen kreeg Amsterdam-Zuid een nieuwe brug. Die verving voor het snelverkeer van toen de bekende Berlagebrug die veel dichter bij de oude stad lag. De nieuwe A2 mondde uit in de Rijnstraat en die brug was de nieuwe verbinding over de Amstel richting het zuidoosten. Voor het toenmalige verkeer een ongekend modern fenomeen. Kijken we met de ogen van nu was het allemaal nog best primitief.

Die A2-gebruiker kwam onderweg niet alleen deze brug tegen, maar ook diverse andere obstakels zoals een de snelweg kruisende spoorbaan vlak voor Breukelen. Langs de weg was weinig meer te zien dan wat boerderijen en een enkel tankstation maar je kon tenminste een beetje doorrijden. Anno 1956 niet iedereen gegeven, uit mijn vervolgverhaal valt al op te maken dat deze ritten voor veel gemiddelde mensen niet waren weggelegd. Daarbij kenden we in 1956 nog een benzinecrisis omdat de oorlog tussen Engeland, Frankrijk, Israel en de Arabische Staten zorgde voor een blokkade van het Suezkanaal waardoor tankschepen om Zuid-Afrika heen moesten varen om de westerse markten te bereiken. Hielp allemaal niet echt mee. Maar die nieuwe weg zorgde toch al snel voor een sterk verhoogd verkeersaanbod in de doorgaande straten van onze buurt. De Rijnstraat was de eerste opvang voor hen die van de snelweg kwamen.

Daarna was dat de in het verlengde gelegen Van Woustraat en die sloot zelf dan bij het Frederiksplein min of meer aan op de straten die naar het oude centrum van de stad leidden. Extra drukte was het gevolg. Ook al omdat er veel vrachtverkeer gebruik maakte van deze route. De A2 werd steeds drukker, uiteindelijk breder, en kreeg nieuwe aansluitpunten op het onderliggende wegennet. De Ringweg van Amsterdam werd (veel later)aangelegd op het ooit voor een ringtram bedacht trace ronde de stad en veel verkeer dat aan de andere kant van de hoofdstad moest zijn hoefde niet meer door de stedelijke straten heen. Dat laatste stuk A2 voor Amsterdam en over die Utrechtsebrug werd steeds rustiger. Een paar jaar terug versmalde men de weg. Je moet bijna je best doen om er op te komen (of er af).

Maar er zijn nu verder gaande plannen om de A2 tussen pakweg Amsterdam en Ouder-Amstel om te buigen richting de daar voor nieuwbouw geplande wijken en de weg de status van een doorgaande stadsstraat te geven. Via een nieuwe aansluiting op de Ringweg en de intussen naar vijf rijstroken verbrede A2 mag je dan door naar Utrecht. Bij Utrecht zelf is overigens ook veel veranderd. Het verkeer zo druk geworden dat het een wonder is als je daar niet in de file terecht komt op een doordeweekse dag. Kortom, er is veel veranderd. Amsterdam maakte van die oude doorgaande straten onder invloed van de linkse stadsbestuurders ook steeds smallere rijroutes. Men dwingt het verkeer dat de stad zo in wil om te rijden. De nieuwe bewoners klagen over stank en lawaai. Deden wij vroeger nooit. Het leefde toen nog in die buurten, maar men houdt tegenwoordig niet meer zo van dat soort leven. En zo krijgt de Utrechtsebrug uit 1956 een totaal andere, meer symbolische functie. Net zoals de Berlagebrug voordien. Mooie staaltjes van Hollands en Mokums bouwvernuft, maar ingehaald door de moderne tijd. En over 100 jaar wellicht gezien als een voorbeeld van hoe ‘dat vroeger ging’. Ik zal het niet meer meemaken. En u, de lezer vermoedelijk ook niet. Want 100 jaar is best een eind als je nu in staat bent om dit nostalische blogje nog of al te lezen…..(Beelden: Archief Amsterdam/Yellowbird Photo/Internet)

Amersfoort, erg fraaie binnenstad!

Onlangs waren we met goede vriendjes in de fraaie binnenstad van Amersfoort. Nu zal dit misschien bij een aantal mensen niet meteen leiden tot rinkelende bellen maar wie er eenmaal geweest is en goed heeft rondgekeken zal moeten toegeven dat dit een van de fraaiste oude binnensteden is van ons land. Veel panden stammen nog uit de Middeleeuwen en de grachten zijn ooit als verdedigingslinie opgezet tegen allerlei vijanden die deze toen strategisch gelegen stad graag wilden innemen. Een deel van de oorspronkelijke verdedigingswallen is later gebruikt om huizen te bouwen en die ogen ook echt indrukwekkend historisch. Die grachten lopen rond, de straten binnen het centrum vaak ook.

De buitenring is een en al moderniteit en lijdt wat onder de architectuur van de jaren 80 toen men helemaal geen koppelingen wilde met dat oude centrum, maar eenmaal in die historie ondergedompeld val je van de ene verbazing in de andere. Ga ook eens varen met een rondvaartbootje. Dat kost je een paar Euro, de vloot wordt samen met de toeristentreintjes op straat bemand door vrijwilligers en die geven dolenthousiast hun kennis aan je door. Zeker bij mooi weer is zo’n rondvaart een aanrader. De tocht in westelijke richting duurt pakweg drie kwartier, die in oostelijke richting een uur. Moet je onderweg nog een stukje lopen ook en overstappen van de ene in de andere boot. Maakt het extra aantrekkelijk allemaal. Amersfoort barst het naast een reeks leuke winkelstraten ook van de horeca. Overal en nergens zijn cafés, bars, restaurants en zo meer te vinden en er is altijd plek.

Zelfs op drukke dagen. Bij toeval waren er allerlei optredens tijdens ons bezoek en dat gaf de sfeer een extra push. Wat ik persoonlijk heel plezierig vond, buiten de bekende plekken in de stad zijn er heel wat straatjes en grachtjes waar je vrijwel niemand tegenkomt. Dat geeft je even rust als je daar behoefte aan hebt. Anders dan in Amsterdam waar je echt je best moet doen om in het centrum toerisme te vermijden lukt dit in Amersfoort prima. Het is ook vooral lokaal en regionaal volk wat je daar tegenkomt. Internationaal toerisme is zeldzaam. Maar dat is niet terecht. Ik zou buitenlandse gasten en relaties graag meenemen die kant op. Want waar zie je het historische Nederland nog zo goed bewaard als daar? Wellicht ook in Hoorn of Enkhuizen en nog wat andere plaatsen, maar Amersfoort heeft zijn eigen dynamiek en charme. Nu een paar maal ervaren en met veel plezier.

Le Connaisseur in Utrecht – slimme meiden!

wp_20160921_041We moesten even zoeken, horeca in Utrecht is er genoeg, maar zoals zo vaak in grote steden zijn de prijskaartjes daar vaak net even te hoog. Maar gelukkig was mijn slimme ‘zus uit de polder’ zo gis om toch nog even door te lopen waar ik er al snel genoeg van had. En vonden we een erg aardig adresje waar het terras gelegen aan het water van de Oudegracht mooi combineerde met een aantrekkelijk aanbod van eet- en drinkbare zaken. Men bood namelijk een drie-gangen-menu met allerlei keuzemogelijkheden voor net geen tientje p.p. Wat mag je daarvoor nog verwachten zou je denken, nou dat viel bepaald niet tegen. Van voorgerecht tot toetje, men maakte er werk van en omdat we in gezelschap van vier personen ook wat verschillende keuzes maakten, was goed te zien dat het restaurant zichzelf niet voor niets Grand noemt. Dat slaat ook op de totale omvang van deze zaak. Het buitenterras is pakweg 20 stoelen groot, in Utrecht is dat wellicht klein, maar binnen kunnen zo op het oog ruim 100 mensen heerlijk eten. De toiletruimte is netjes maar wat klein voor al die mensen zou ik denken, maar nu was het restaurant niet vol bezet, dus prima te doen. Meer dan prima was de bediening. Heel klantgerichte jonge meiden die vriendelijk lachend de boel onder controle hielden en mensen ook echt stuurden als ze iets anders wilden dan zij zelf in hun bol hadden. Zo mocht een echtpaar niet gaan zitten aan een tafel voor vier personen, wat op zich logisch lijkt, maar je zelden tegen komt. Het eten was zeer warm tot heet, daar houd ik zelf erg van. Goede keuze en een mooi cijfer 8,5 voor Grand Restaurant Le Connaisseur aan de Oudegracht 59 in Utrecht. En een extra compliment voor die meiden in de bediening.

Utrecht

wp_20160921_012Utrecht, een stad waar ik alleen al door de politieke kleur van de bestuurders geen goed gevoel bij had. Het afsluiten van de binnenstad voor het autoverkeer is daar tot norm verheven. De autobezitter als onbewezen hoofdverdachte voor alle milieuvervuiling die over die stad heen wordt gestort. Maar dit terzijde. Ik kom er vaker met de trein doorheen dan dat ik er echt neer strijk, maar dat deden we op de eerste herfstdag samen met vriendjes toch een keer. En…dat viel me niet tegen. Zeker niet zelfs. Het vernieuwde Centraal Station van Utrecht mag gezien worden en dwars door de verbouwingen van Hoog-Catharijne heen zie je wel dan men ook daar de oubolligheid die er jarenlang een hoofdrol speelde wil vervangen door grootschalige moderniteit. Het is hoopgevend. Al zijn de gebouwen in dit gebied me over het algemeen net iets te hoog. Zeker in vergelijking met de toch lieflijke oude binnenstad met zijn leuke grachtjes en de geweldige horeca.

wp_20160921_011Utrecht heeft voldoende winkels om het leuk te maken om in dat centrum rond te hobbelen. En terrasjes voldoende om even bij te komen als het zo uitkomt. De studenten die deze stad maken tot de vrolijke die hij is, zorgen soms wel voor levensgevaarlijke situaties als wandel- en fietsverkeer elkaars pad kruizen. Want net als in onze eigen hoofdstad zijn regels er voor een ander, niet voor hen die het betreft. Opvallend in Utrecht, de bussen van het lokale OV-bedrijf zien er nieuw en glanzend uit. Daar kunnen andere ov-bedrijven in het land nog een voorbeeld aan nemen. De Domkerk, toch maar eens bezocht nu we er waren, is fantastisch. Als je ergens wilt zien wat de idiote beeldenstorm van een paar eeuwen geleden heeft veroorzaakt, dan hier. Kaalslag en ellende, door de barbaren die hun godsdienst gekke woede ooit koelden op de beelden van de katholieke kathedraal die hier stond.

wp_20160921_036Nog wat later in de geschiedenis woei een stuk kerk gewoon om tijdens een zeer zware storm en kwam de Domtoren los te staan van de rest van het gebouw. Indrukwekkend. We aten langs de Oude Gracht, op een leuk terrasje waar het eten betaalbaar en heel lekker was. Bootjes op het water en mensen op de terrassen maakten het extra gezellig. Ik was verbaasd. Het blijkt wel uit mijn verslagje. Utrecht is bij mooi weer een leuke bestemming. En je kunt hier goed parkeren op een P&R parkeerplaats. Met aansluitend busvervoer naar het centrum. Scheelt je geld en stress. Het is dat deze stad zulke mallotige bestuurders heeft, maar anders was het plaatje ideaal. NU bijna! En het wordt gezien de bouwactiviteiten nog beter ook! Leuk stad! Gezellige inwoners.

Reizen in een sardienenblik…

WP_20160531_021We zouden onlangs weer eens voordelig gaan treinen. Niets zo leuk als je laten rijden en dan nog naar een plek waar het leuk toeven is en je nog gastvrij wordt ontvangen. Voor ons zijn veel van die plaatsen in het zuiden van ons land te vinden. Dus op naar het station waar we de rechtstreekse trein naar Maastricht/Heerlen konden nemen. Op zich ging dat prima, ware het niet dat de trein te laat arriveerde. Net als de treinen naar Nijmegen/Arnhem, ons alternatief qua bestemmingen. Als de een te laat is komt de volgende in het NS-schema er achteraan en loopt dus ook vertraging op. Het treintype dat ons uiteindelijk vervoerde was een zgn. koploper. Dat zijn wat oudere treinen met enkele etage, waardoor je al snel het gevoel hebt dat je het warm krijgt en dat die gele rups wel erg over de rails heen en weer slingert. Bij een auto zou ik denken aan doorgesleten spoorstangen of slechte schokdempers. Vanaf Utrecht reden we intussen soms stapvoets naar Den Bosch. Geen uitleg van het personeel, maar we stopten zelfs op het station Culemborg, waar de deuren dicht bleven, dus dat was vast niet gepland. Wat we wel hoorden was dat het achterste deel van de trein in Eindhoven zou blijven staan, de voorste rijtuigen gingen door naar Heerlen.

WP_20160531_009Voor ons geen probleem. Wij zaten voorin, en dat bewuste treindeel passeerde onze bestemming, Roermond. Maar niet ver van Eindhoven kwam via de intercom een akelige mededeling. De hele trein bleef voorlopig hangen in Eindhoven. Er was een aanrijding geweest achter of net voor Weert en dat hield in, geen treinverkeer voorlopig. Tja. Wat dan? Bussen? Ook niks! Dus uitstappen dan maar. Eindhoven bekijken. Gelukkig was er markt, anders is het daar toch een kale toestand voor het station. De Bijenkorf bood soelaas. Een lelijk gebouw van buiten, maar prachtig vanbinnen en een geweldig aardig team. Zelden zo meegemaakt. Heerlijk gezeten met een keur aan bladen en kranten en een heerlijk stukje gebak bij de koffie/thee. Maar verder is dat Eindhoven toch niet onze stad. Terug naar Den Bosch dan maar. Gezelliger, warmer (ook letterlijk) en met een leuk centrum.

WP_20160531_026We gebruikten er de lunch op een gezellig terras, ik bezocht er een van mijn lokale favoriete winkels en we zagen dat de St. Jan nog steeds in de steigers staat. Na een paar uurtjes daar, toch maar weer op weg. Voor de spits in de trein. Ervaring leert dat je dan tot de hoofdstad kunt blijven zitten. Nou dat ging maar net aan goed. Volle en vooral korte trein stond ter beschikking op de lijn naar Schiphol. Mensen met koffers versperden overal in- en uitgangen en ook zitplekken. Handig! Hoe dan ook, we zaten en boemelden (anders kan ik het niet noemen als je soms 5km/uur rijdt) richting Utrecht. Daar stonden zoveel mensen te wachten dat het leek of we alsnog in de spits aan kwamen. Maar dat was toch echt niet zo. Alles vulde zich als een sardienenblik. Staande mensen, half op leuningen zittend, de portalen propvol. Japanse toestanden! Het werd een benauwd ritje in die Intercity. Bij het uitstappen was het een genot om de geur van de buitenlucht in te kunnen ademen. Wat een gebrek aan comfort bij die NS. Als je forens bent hou je het vast snel voor gezien. Nee, dit was niet het meest succesvolle tripje dat we ooit maakten. De bestemming niet bereikt, opgepropt in een te kleine trein en ook nog vertraging. Volgende keer gaan we toch maar weer met de auto. Dan maar een glas wijn minder…..