Notabele voorvader…

Jaja, uw meninggever is voorzien van een voorvader die echt iets in de melk te brokkelen had. Een man (1816-1900)die notabel was, burgemeester zelfs van twee Nederlandse steden, en zorgde dat zijn nakomelingen door hun uitzwerven in ons land o.a. veroorzaakten dat ik het levenslicht zag. Hoe ik aan deze wijsheid kwam? Nou simpel, door vroegere medeblogster Pia die van genealogie een bijna professionele passie heeft gemaakt. Via Facebook doet zij vaak verslag van de meest ingewikkelde zoektochten naar mensen uit haar eigen familiegeschiedenis en elk lijntje dat zij tegenkomt zoekt zij dan nauwgezet uit. Bij mij is de zoektocht een stuk ingewikkelder. Allereerst omdat ik geen geduld bezit om allerlei archieven uit te pluizen als je nauwelijks weet wat of waar je moet zoeken. Mijn familiegeschiedenis in de generatie boven mij is al verstoord door scheiding en andere perikelen. Ik liep al snel vast toen ik het wel eens probeerde. Kwam voor mijn familienaam in een joodse lijn terecht of een van de Mormonen. Maar dat zijn echt de verkeerde verbindingen. Wist ik zeker.

Ik schatte ook de leeftijd van mijn natuurlijke vader wat verkeerd in. Wist wel ongeveer zijn overlijdensdatum, maar niet die van zijn geboorte. Thuis werd er niet zoveel over de man gepraat en door omstandigheden als….dan…negatief. Kortom een lastige zoektocht. Van mijn moeders kant was de situatie niet zoveel positiever. Ook daar een vervelende scheiding bij de grootouders, ver voor de oorlog. Wel wist ik dat er aan die familiekant lijnen liepen naar Hoofddorp en Scheveningen. Maar verder? Ik legde het onlangs weer eens neer bij Pia. ‘Hoe doe jij dat toch? Ik snap er geen moer van….’. Zij beloofde eens voor mij te zoeken als ik wel wat basisinformatie had. Die kon ik net aan leveren. En dus…..Twee dagen later was ze al zes generaties boven mij uitgekomen. En keek ik naar een overzicht waarbij die burgemeester passeerde maar ook de man die onze familie in Nederland zijn naam gaf, een uit Duitsland afkomstige huursoldaat die zich ooit (1765) in Nijmegen vestigde. En dat uit dat geslacht (met een Duitse H tussen de naamletters) ook een Groningse tak ontstond. Dus verre familie. Ik werd er helemaal blij en opgewonden van. Immers in onze huidige generatie en die voor of na ons, ligt Duitsland (en Tsjechie) na aan het hart. Dat bleek ook te gelden voor mijn vader en grootvader.

We vinden kennelijk het land fijn, het eten, de mensen. Nooit echt geweten waar het vandaan kwam. Nu wel….stukje familieband. En dat stemt toch in zekere mate vrolijk. Pia vertelde me nog waar ik op moest letten, dat bepaalde huizen uit die tijd nog bestaan en te bezoeken, en dat je bij allerlei archieven terecht kunt voor nog meer informatie. Nou, ik heb er weer een hobby bij. En vrouwlief wil uiteraard ook dat ik voor haar ga zoeken. Want opmerkelijk genoeg kent die vanuit een van haar grootouders net als ik een even onbekende maar wel vastgelegde link naar Nijmegen. Straks waren onze voorouders ook al met elkaar verbonden. Verborgen verledens…..Het blijft leuk allemaal! Zelf ook wel eens op zoek geweest? En? Gevonden??? (Beelden: Yellowbird archief/Zelhem/Wiki)

Half Amsterdam door op 1 enkel kaartje…

ANE49 - Blauw tram 454 - met aanhanger Amstelveen - 050792 - Scan10122Hoewel ik uit een gezin stam waar de auto vrijwel altijd centraal stond, al was het maar omdat mijn leasevader daarin handelde op zijn manier, was het gebruik van tram, trein en pont ons niet onbekend. Met ons bedoel ik dan mijn moeder, broer en ik. Met de ‘Blauwe’ tram naar Zandvoort, of in het ‘Bootje van Bergman’ naar de overkant van het IJ en dan op de NZH-tram naar Volendam Marken en zo meer. In de stad zelf maakten we vaak gebruik van de trams van het GVB. Prima verbindingen, wij hadden twee tramlijnen echt om de hoek van ons woonadres beschikbaar, en betaalbaar. Als puber maakte ik er veel gebruik van. Ik zat in Amsterdam-West op de middelbare school, gevolg van de katholieke opvoeding, en daar kon je het beste maar met de tram naartoe reizen. Wat ik keurig deed. Met de toenmalige lijn 3 naar de Rozengracht, daar over op Lijn 13. Die bracht je dan tot de toenmalige grenzen van de stad. Daar zat mijn school, op een toen nog open liggende zandvlakte.

Lijn 4 938Later ontdekte ik dat je ook met de tramlijn 4 naar het CS kon reizen en daar over op diezelfde 13. Dan kon je tenminste zitten. Immers, die lijn 13 begon daar. Vooral in de winter van groot belang. Veel van die trams waren nog van het heel ouderwetse type. Twee-assers met een losse aanhanger. Later ook nog wel drieassers met hun gesloten balkons. Ik reed zo vaak in die trams mee dat ik ook precies doorhad hoe je met dat ene gestempelde kaartje de halve stad door kon. Was dat belangrijk? Wel als je ook interesse had in de trams, de types en de nummering van die dingen. Had ik net zoveel interesse in als in de vliegtuigen die mijn latere interessesfeer zouden beheersen en de auto’s die ons leven thuis soms zo interessant maakten. Ik wist op enig moment precies welke trams werden ingezet op lijn 4. En op die ook door mij gefrequenteerde lijn 13 reden soms afwijkende tramtypen.

L10 - Dubbelgelede '706' Marnixstraat geel - 0175 Scan10230Omdat je op  de Rozengracht heel bijzondere rails had liggen die zorgden dat vooral die oudere trams aardig heen en weer slingerden hadden die de voorkeur boven die logge drieassers uit die periode of de schitterende gelede trams die de GVB vanaf eind jaren vijftig toevoegde aan haar gamma. De tijden van de oude ‘blauwen’ waren geteld. Ik maakte nog net die overgang mee. Voordeel van die blauwe trams was trouwens dat ze open balkons hadden waar je met een sprintje zo op kon springen. Had je dan geluk stond de conducteur net aan de voorkant van die wagens en kon je een paar haltes gratis mee. Hij stempelde je kaartje met een rittijdstip. Hoe verder je kwam, hoe later die tijd en hoe verder je kon rondreizen in Amsterdam. Wat ik soms graag deed. Gewoon overstappen van de ene op de andere lijn en dan zien welke trams men nu weer op lijn 16 of 24 gebruikte. Maar die oude puntige tweeassers bleven mijn favoriete tramwagentype.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En dat zijn ze nu nog. Al weet ik uiteraard dat er weinig van die oorspronkelijk trams bewaard zijn gebleven. Ze hobbelen in de zomermaanden nog op een museumlijntje langs het Amsterdamse Bos. Maar dat is toch iets anders al heb ik uiteraard als oudere jongere nog wel eens in die trammetjes daar gezeten. Voor een vaste prijs! Want van voordeel was en is geen sprake meer. En van voordelig overstappen van de ene op de nadere lijn ook niet. Trams zijn zakelijke en wat onpersooonlijke vervoersdingen geworden. En dat kaartje werd een OV-Chipkaart. Niks aan. Maar wel zo comfortabel. (Foto’s: Yellowbird/internet)

Planmatig lijnen…

1414344+s(120!x120!)Ook al hoorde ik heel lang dat mijn ‘buik best mee viel’ en ik niet de indruk maakte op anderen al te dik te zijn besloot ik onlangs toch maar om wat af te vallen. Gewoon door minder lekkernijen tot me te nemen. Samen met vrouwlief, die altijd vraagt om solidariteit om haar eigen gevecht tegen de overmatige kilo’s te voeren. Zodra ik niet mee doe, is het voor haar een schier onmogelijke opgave. En ach, kwaad kan het zeker niet. Dus zijn we nu een week of drie bezig met restrictief eten en drinken. Weinig tot geen suikers, vetten, tussendoortjes, hapjes, drankjes etc. Ik snoep zelfs niet uit de TumTumpot die hier naast mijn toetsenbord staat. En, het zal niet verbazen, het heeft zijn effecten. Na twee weken twee kilo kwijt en ik moet bij veel broekriemen gaatjes extra prikken om die broeken niet van de toch al niet te omvangrijke billen te laten glijden. Dat geeft wel hoop. Daarbij voel ik me beter, fitter ook. Al was die fitheid nooit echt een probleem.

altAjHi5y_BrGOmfVsHmqDnsAnFJfpKG6JEzQJ0pPp8Oyc9Gaan we wandelen doe ik vrolijk mee in hoog tempo en neem zelden of nooit de roltrap, maar altijd de treden van de trappen per twee tegelijk. Dat ik niet meer al te veel fitheid in de gewrichten bespeur is onderdeel van de volgende ronde, qua planning althans. Moet toch weer eens aan de oefeningen op dat gebied, dat helpt ook om de buikomvang te doen afnemen. Vraag twee is natuurlijk wel, is het allemaal gezelliger geworden? Nou voor de leveranciers van alle lekkers vast niet. We waren vaste gasten in de Bijenkorf (thee met tompouce) en Kwekkeboom (broodje kroket). Daar lopen we nu aan voorbij. De maaltijden zijn minder omvangrijk, een enkel bord volstaat. In plaats van vier, twee boterhammen tussen de middag en als we s ’avonds trek krijgen nemen we een stukje appel of peer.

WP_005205 Nog goed voor de spijsvertering ook. Het kan dus wel en als je er eenmaal aan gewend bent geraakt is er niet veel meer aan. Doorzetten is de boodschap, dat wel. Alleen die rimpels overal….is dat ook een gevolg van? Of is het verval zodanig snel ingezet als de herfst in het bos soms al doet in augustus? Jemig, dat belooft dan nog wat. Maar door een beetje te lijnen houd ik de winter nog maar even bij me vandaan. Jammer van die dromen. Die gaan toch vaak over heftige schnitzels met frietjes en talloze glaasjes heerlijke wijn op een terras aan de Rijn en zo meer….