De komst van Prins Percy

We keken er al enige tijd met grote belangstelling en even groot ongeduld naar uit. De komst van onze derde kat(er) die op 5 mei jl. werd geboren. Een soort van raskatje. Een Ragdoll! Niet dat we daar nu per se van zijn, onze nog jonge al in huis verkerende vierpotige huisgenoten waren meer van de normale kattensoort, maar we wilden gewoon iets anders toevoegen. Naast twee zwarte nu eens iets grijs of blonds. Via een lieve vriendin die ons hier over tipte kwamen we terecht bij een dame die met haar gezin een huis bewoonde waar wij ooit drie nummers verder op in de straat onze Almeerse jaren sleten. Het nestje was juist ingericht, de kittens nog een soort blinde molletjes op zoek naar de melk die moederpoes nogal gemakkelijk verstrekte. Twee echt blonde kittens en twee iets donkerder van kleur. Om praktische redenen wilden we een katertje. Dat werd dus afwachten. Want voor je het geslacht kunt bepalen bij een kitten ben je wel een paar weken verder. En bij de vrij harige soort waar wij nu voor gingen is dat extra lastig.

Overigens is onze poes nummer 2, Punkie, als ‘vrouwtje’ bij ons binnengekomen met de daarbij behorende naam en garantie. Maar het asiel waar we deze lieverd vandaan haalden had niet goed gekeken en bij de eerste controle van de d.a. die we hiervoor in de arm namen bleek het toch echt een katertje te zijn. Nou ja zeg….. Maar eenmaal in huis verandert het geslacht niets al is de ingreep ter castratie een heel andere dan die waarbij een vrouwtje moet worden gesteriliseerd. Hoe dan ook, pas onlangs werd duidelijk dat het nestje van 4 kittens een enkel mannetje had voortgebracht, die werd voor ons. En deze kleine schavuit haalden we in de derde week van juli op. Goed op gewicht, zindelijk, lekker gezond, brutaal als de beul en schitterend van kleur en haardracht. Prins Percy. Een naam die klinkt als een klok, een paar dagen lang uitgedacht, omdat wij nu eenmaal sinds de jaren 70 de principes huldigen dat onze huisgenoten een naam moeten krijgen die met een P begint.

Ach, laat ons, het is gewoon een leuke traditie. En deze bijna koninklijke gast kreeg de toevoeging Prins omdat ik dat extra leuk vind. Hoe dan ook, ‘gewoon volk’ mag hem Percy noemen. Een prinsje van de soort die ons direct om de harige vinger wond. De hele rit naar zijn nieuwe huis niet mekkeren of miauwen maar gewoon lekker slapen. Thuis ging dat wel over. Hij blijkt een kwekkerd. Overal waar hij loopt laat hij zich horen. Als hij iets van ons wil, miauwen! De bak opzoeken of zijn huisgenoten, idem dito. Het gewenningsproces met die twee hier al enige tijd verkerende jongvolwassenen had wat voeten in de aarde. Geblaas over en weer was niet van de lucht. Maar na twee dagen begonnen de verhoudingen te ontdooien. Percy werd steeds beter geaccepteerd. Met name zijn grote ‘voorbeeld’ Pixel begon hem echt leuk te vinden en liep al snel te dollen. Dat kwam en komt dus wel goed in poezenland. Nu is hij nog klein en genieten we van het typerende kittengedrag. Gaat snel zat. Zijn pa was na een jaar al een kilo of zeven en uitgegroeid tot een heel stevige kater. Ook dat zal wennen worden voor de andere twee. Pixel is een meer dan stevige en gespierde kater, die redt het wel, maar onze Punkie is een soort van zielige kneus. En groeit niet meer. Dus die krijgt het wellicht lastig in de toekomst. Maar ja, die wil ook niet echt een liefdesrelatie met de nieuwkomer. Is wellicht een voorbode…

Werk en vriendschap

Een van mijn verhalen onlangs leidde er ook toe dat er een reactie op de sociale media langs kwam die inhield dat ik vermoedelijk weinig vrienden had overgehouden aan mijn zakelijke carriere. Dat is opmerkelijk genoeg niet zo. Ik geef meteen toe dat het aantal ‘kennissen’ wel per branche verschilde en ook dat na mijn vertrek uit een bepaalde branche zekere contacten vervaagden zoals ik al opmerkte in dat eerdere schrijfsel. Maar de vriendschappen die er nu toe doen en zeker ook worden gekoesterd zijn vaak ontstaan doordat we eerst als collega’s met elkaar omgingen. Mijn oudste nog bestaande vriendschap is met een man die me ooit als 14-jarige inwerkte op mijn nieuwe plek bij een bank waar ik toen als kuiken zonder al te veel ervaring binnen stapte. Hij zelf is een jaartje ouder, had de fase van ‘jongste bediende’ afgesloten en mocht mij toen de les leren. Wij deelden veel, vooral de liefhebberij voor de vliegerij was een gedeelde passie en we waren (achteraf gezien) best wijs voor onze leeftijd.

De vriendschap ontstond en bleef. Tot op de dag van vandaag. En de dames die we beiden oppikten en ons leven inkleurden vonden elkaar ook aardig wat de vriendschap nog eens versterkte. Uit latere werkkringen kwamen ook mensen voort die ik nu tot mijn vriendenkring reken en die jaren later nog worden gekoesterd. Maar er vielen er ook heel wat af. Men had iets van me nodig, men accepteerde (..) mijn manier van werken of handelen. Zwart of wit, ‘eens zien wat we voor mekaar kunnen betekenen’. Het heeft me vaak weinig gebracht. En die mensen verdwijnen dan via een zijdeur uit je persoonlijke geschiedenis. Een andere leuk verhaal is de ontmoeting in Beieren die zou leiden tot een geweldige vriendschap die ook nu nog bestaat.

Al rijdend naar het thuisland van onze Tsjech in een tijdperk dat dit land nog anders heette en achter een IJzeren Gordijn verkeerde maakten we een plasstop langs de snelweg vlakbij Neurenberg. Op de parkeerplaats ontmoetten we een echtpaar dat in een soortgelijke auto ook vanuit Nederland op weg was naar die eindbestemming. En naar bleek behoorde bij het dealergezelschap dat door de importeur was uitgenodigd rijdend richting fabriek te komen. We reden later achter mekaar aan, hadden de grootste lol in dat prachtige (maar toen zo grijze) land Tsjecho-Slowakije en bleven vrienden voor het leven. Intussen alweer 39 jaar. Dat vieren we uiteraard en we genieten van de lol die we nog steeds samen hebben. Door dik en dun, bij hoogte- of dieptepunten. Dat is vriendschap ook volgens mij, onbevooroordeeld, zonder al te stroperig te hoeven zijn. Niet eens elke week elkaar ziende, misschien juist wel niet. In de meest recente fase bleek het www een bron van mooie en gewaardeerde contacten. Vriendschappen die passen als een handschoen en net zo worden gewaardeerd als die oudere en fysiek bevestigde. En zo heeft elke levensfase zijn eigen vrienden opgeleverd en waarderen we die ieder op zich en op de eigen wijze. Het valt dus nogal mee. Alleen die luchtvaartwereld, die bracht niet zoveel. Wellicht te vluchtig van karakter of zo….

Bevalt het?

‘En’ vroeg mijn buurman toen hij mij met mijn voor Schipholse dagen ingerichte bagage richting de Tsjechische lastezel zag lopen, ‘went het al dat pensioen?’. ‘Ja hoor!’ gaf ik eerlijk als ik ben aan. En zo is het ook. Na 1,5 jaar geleden de deur van het ondernemerschap te hebben afgesloten en ik meer dan een halve eeuw had gezorgd voor brood en beleg plus nog wat luxe was het mooi geweest. En duurde het even om aan het ‘nietsdoen’ te wennen. Nu is niets in dat opzicht nog wat relatief. Elke dag schrijf ik mijn verhalen nog op het internet, maakte ik mijn derde boek af en reizen we door Nederland en Duitsland op zoek naar leuke dingen of mooie plekken. Van groeiende geraniums heb ik geen last. Zo lang het nog kan genieten we met volle teugen. Voor mijn buurman is dat besluit en besef pas geleden genomen en gekomen. Ook hij werkte al enige tijd als onafhankelijk adviseur en hij verdiende daar aardig zijn brood mee.

Maar soms zijn er omstandigheden die je niet kunt bevechten en dus staakte ook hij zijn professioneel geraas. Zorg voor vrouw, kinderen en kleinkinderen nam de plaats in van afspraken met relaties of zoeken naar opdrachten. Net zoals het mij verging. Hij gaf eerlijk aan dat hij nog moest wennen aan die situatie. Ik glimlachte hem toe en stelde ‘dat het echt zal komen dat besef’. Waarbij ik uit ervaring weet dat het afbreken van je professionele netwerk doordat je hebt besloten daar niets meer in te doen het meest pijnlijke aanvoelt. Nu was ik in mijn carrière een paar maal eerder van de hak op de tak gesprongen, ambitie vraagt soms om stappen opzij om dan daarna weer omhoog te kunnen. En dan nam ik afscheid van een wereld die ik zelf goed kende en lieden die ook mij om mijn professionalisme waardeerden.

Maar eenmaal weg werd je outcast. Je behoorde er niet meer bij, je had een andere weg gekozen. Vervelend, maar het was en is niet anders. Nieuwe kansen en ook nieuwe mensen kwamen ervoor in de plaats. En ook dat wende snel. Jarenlang heb ik professioneel gediend op Schiphol en Maastricht Airport, nu kijk ik er naar de vliegtuigen en voel niets meer met de plekken waar ik vroeger ‘achter het hek’ actief was. Geldt ook voor de autowereld. Langere carrière gehad, maar ik kijk er nu objectief naar en bij mijn dealer als ‘klant’. Zijn allemaal processen waar je mee te maken krijgt. Ook als gepensioneerde harde werker. En ik tel mijn knopen op dit gebied. Zoveel mensen haalden hun pensioen niet eens, of konden daar veel te kort van genieten. Dat zal nooit wennen. En dat zal mijn buurman ook wel ontdekken. (beeld: Internet)

Boekdromen…

Ik merk dat ik bij het schrijven van het (derde)boek te maken krijg met herinneringen die kennelijk toch soms een randje van mijn gevoelens beroeren en me dan daarna in de slaap overvallen. Emoties die ik had weggestopt komen terug, gevoelens van boosheid, frustratie vertroebelen dan de rechte lijnen die mij overdag zo bevallen. De slaap als smaakmaker voor het leven, de droom als uiting van fantasie, gekoppeld aan werkelijkheid. Het is en blijft een vreemde verschijning. En dat verschijnen doet zich soms bijna letterlijk voor. Als mensen een rol spelen waarvan ik weet dat ze al een tijdje hemelen. Kortom een mix die kan zorgen voor hijgerig wakker worden. Niet omdat het allemaal zo ‘spannend’ is,  maar wel inspannend. Soms ben ik de dromen zo vergeten, op andere momenten blijven ze een paar uur na wakker worden in de bol zitten en zoek ik de diepere betekenis van wat ik al rennend en vliegend meemaakte.

Nu ben ik altijd wel letterlijk een aardig verhalende dromer geweest, maar dan wist ik wel waardoor e.e.a. werd opgewerkt. Algemeenheden, angsten, zaken die me raakten in de huidige of zeer recente geschiedenis. Vertaald naar een verhaal waar ik zelf een rol in speelde. Maar als die dromen de echte geschiedenis gaan vertellen, waarbij mijn carrièremoves een rol spelen, wordt het toch wel vervelend. Ik sloot sommige van die tijdperken af door iets compleet anders te gaan doen en de vorige fase te vergeten of mee te nemen als aardige leerschool. Wat ze meestal ook waren. Ook als ik zelf een paar negatieve beslissingen nam in zo’n tijdperk, dan nog leer je er als mens van. Als het goed is en je in staat bent over je eigen feilen heen te kijken. Dat laatste is niet iedereen gegund heb ik wel ontdekt en juist die mensen kom ik dan altijd weer tegen als ik met die dromen bezig ben. Malloten, nikskunners, allesweters, jaloerse lieden, misgunners, wraakzuchtigen, roddelaars, kortom het bekende rijtje types die je in het echte leven zo dwars kunnen zitten als jouw weg van zwart naar wit loopt of van helder naar eerlijk.

Ze maakten kennelijk veel indruk. Althans voldoende om me dwars te zitten in de slaap. Terwijl de mensen waar je echt iets aan had, waar je veel van leerde, die aardig liefdevol en vriendelijk waren en soms zelfs dat niet eens, geen hoofdrol krijgen aangeboden in dat snurkende verhaal dat alleen in de eigen geest wordt verfilmd. Nee, dat boek maakte meer los dan me soms lief is. Als dat nu net zo gaat met de inhoud is het goed. En voor wie daar interesse in heeft, ja, de laatste ronde correcties nadert zijn einde. Het moet dit jaar gaan lukken om het in druk richting lezers te krijgen. Wellicht dat die dan met mij mee kunnen dromen over een wereld die bijna niet meer bestaat maar zoveel invloed had op mijn persoonlijke ontwikkeling. Toch iets waard….al is het maar een reeks bijzondere dromen.  En jullie beste lezers? Hoe zit het met jullie dromen???

Stilte…

Wie mij kent of wel eens heeft meegemaakt weet dat ik een kwekker kan zijn. Komt door mijn behoefte gehoord te worden. Zeker! Maar ook omdat ik nu eenmaal dat talent heb meegekregen van de Schepper of mijn natuurlijke verwekkers. Verhalenverteller, observator, verkoper, mens met vele interesses en uiteraard ook een (stevige)mening. Ik kan me dus niet voorstellen dat je in een situatie terecht komt waarin ik zelf zou zwijgen. En dan niet even uit respect voor mede-aanwezigen, maar langdurig, als onderdeel van het sleurvolle leven. Kijk, af en toe even een momentje van rust is niet erg, soms goed voor de relatie met partner, collega, familie of vrienden. Vooral als er een situatie van onmin is ontstaan, maar als zelfbenoemde kletsmajoor kan ik dat toch niet goed volhouden. Veel minder goed in ieder geval dan een familielid van mij die bij dit soort conflicten in staat bleek zijn toenmalige partner drie weken communicatief op water en brood te zetten. Dat is ondenkbaar voor mij.

Toch observeer ik vaak hoe vooral stellen die al een paar jaar samen zijn, de sleet er aardig in hebben zitten. Die niet meer delen, praten, of desnoods discussieren. Waar stilte aan tafel gewoon is en het grootste genoegen vermoedelijk bestaat uit het borreltje bij de TV van de zaterdagavond. Stilte, niks meer te zeggen, en dat elke dag weer. Geen belangstelling voor het welzijn van de ander, nooit eens een blik, knipoog of aai. Want ook dat kan net als een knuffel aardig bemoedigend werken. Maar vooral dat ontbreken van het gesprek lijkt mij fnuikend. Gezellig bij vrienden en dan zwijgend naar elkaar kijken….. Zie je het voor je? Nou, waarom komt dat tussen partners binnen een relatie of huwelijk dan zo vaak voor? Is dat de compleet ingesleten sleur? Zie je de ander dan niet meer als serieus te nemen menstype? Dan heb ik maar een enkel advies; ga scheiden! Ga uit elkaar en zoek iets waar je gelukkiger van wordt.

Zelfs na tientallen jaren is biljarten in de kroeg wellicht nog leuker dan een ingeslapen relatie zonder woorden. En dan snap ik heus wel dat de vonken er nu ook niet meteen altijd van af hoeven te vliegen, maar een beetje vuur is best leuk toch? Wellicht zie ik bij toeval altijd die stille mensen. Vooral in gelegenheden waar je even koffie kunt drinken, al dan niet met iets lekkers er bij, en waar meer paren hetzelfde doen, valt me dit stilzwijgende fenomeen op. Men kijkt elkaar niet aan, zegt niets, drinkt in stilzwijgen het bestelde en kauwt machinaal op de evt. bestelde hapjes. Waarom ga je dan naar binnen denk ik wel eens. Dat je niet de hele dag hoeft te kwekken snap ik ook wel (niet voor mijzelf maar voor anderen..), maar die stilte omlijst vaak meer passiviteit. Zoals het gebrek aan aandacht voor die ander, geen ridderlijke acties, denk aan het in de jas helpen of de stoel opzij of naar achteren schuiven en ga zo maar door. Het zit in sommige mensen, ik weet het, maar ik kan er niet tegen. Wie met pek omgaat wordt er mee besmet. Dus kwekken wij in onze langjarige relatie heel wat af. We zien allebei van alles wat de moeite waard is en ook werk of hobby kan inspiratie genoeg geven voor aardige gesprekken. We mijden de politiek, geloof als het even kan, en nog zo wat zaken die zouden kunnen leiden tot een vonkenregen. Maar verder? Geen gezwijg in huize Meninggever. Je heet nu eenmaal zo, of niet….En hoe zit dat bij jullie lieve lezers? Stilzwijgend of toch nog vokaal actief?

De verder gaande migraine-ellende…

Ooit heb ik er nog eens het een en ander over geschreven hier, migraine! Aanvallen die mij sinds pakweg een jaar of twintig geleden achtervolgen als een man met een pistool waarin een kogel die hij bij wijze van spreken als een soort Russische roulette op mijn bol zet. Indertijd wist ik niet wat het was en maakte me grote zorgen over mijn welzijn. Van het ene op het andere moment veranderde mijn leven. Vreemde lichtflitsen, een dicht trekkend beeldveld en daarna heftige hoofdpijnen. Ik verkeerde in een van de drukste fasen in mijn werkzame leven. Had de tijd niet voor die ‘onzin’ en reed of werkte soms gewoon door. Buitengewoon onverstandig want dan volgde meteen een volgende aanval, nog heftiger dan die eerdere. Ik heb wat liggen rollen. Opvallend genoeg vond de toenmalige huisarts het niet zo vreemd dat me dat overkwam. Immers ik had een stressvol bestaan en dat wilde wel eens leiden tot….Daarbij was ik blond van haar, blauw van ogen en had de leeftijd om. Alleen miste ik een voorwaarde om aan het ideale patientenbeeld van toen te voldoen; ik was geen vrouw. Dat maakte het wel wat bijzonder.

Kennelijk hebben vrouwen van die leeftijd en met de uiterlijkheden die ik vertoon qua haar en oogkleur een grotere kans op migraine dan zij die behoren tot andere bevolkingsgroepen. Intussen slikte ik heel wat medicatie tegen die aanvallen die kwamen en gingen op momenten dat ik er niet op zat te wachten. Nadat ik werktechnisch in ander vaarwater was terechtgekomen zakte de frequentie. Was het dan toch (ook) frustratie over falend leiderschap bij het bedrijf waar ik daarvoor had gewerkt? Je zou het bijna denken. Nou, tot zover de theorie. In de praktijk bleven de aanvallen nu langer weg, dat was zeker zo, maar helemaal verdwenen ze niet. En dat is in die twintig jaren waarin het fenomeen zich voor doet ook nooit gebeurd. Ook dit jaar ben ik al een paar maal slachtoffer (..) geworden. Buitengewoon vervelend en altijd onverwacht.

Niks met stress van doen, niets met herkenbaar eten of drinken. Patroon nog steeds gelijk, opkomende flitsen in de ogen, last van geluid en licht. Een beeldscherm bekijken is ondenkbaar als het eenmaal aan de gang is en daarna als de duvel zelve pijnstillers nemen en rust. Al is het maar een paar uurtjes. Nadat de hoofdpijn (met alle bijverschijnselen) is verdwenen moet ik nog even rustig aan doen. Voel me dan net of ik een kater heb van de drank, maar 24 uur later is het verdwenen als sneeuw voor de zon. Hoezo migraine? Nou, vertel het me maar, waardoor het nu nog steeds een rol speelt. En waarom ik dat als blondharige, blauwogige Vikingman kreeg toen ik de al wat ouder was dan de glanzende tienerleeftijd. Zat het in de genen? Niet dat ik weet of wist, vroeger thuis nooit mee te maken gehad. Maar misschien werd dat wel buiten beeld gehouden, al kon mijn moeder best wel eens mekkeren of lichamelijke kwalen. Deze hoofdpijnen werden niet benoemd. Dus het fenomeen heeft me zomaar uitverkoren om me te pesten. Hoe dan ook, ik wens het niemand toe. Akelig kwaaltje. Maar het kan altijd erger denk ik dan…en dat is natuurlijk zo. Je hoeft er maar even op Google de informatie over migraine op na te slaan. Mensen raken er soms compleet door geveld. Dat heb ik dan wat minder. Gelukkig maar….

Koningsdag

Zullen we met mekaar afspreken dat we het vandaag gewoon leuk houden samen?! Dat we niemand kwaad doen, geen aanslagen plegen, elkaar het geluk gunnen en dat we juist vandaag een zijn in onze oranje gekleurde outfit?! In veel landen om ons heen is het begrip veiligheid relatief geworden nu we zelfs auto’s kunnen gebruiken als bewuste wapens. Wapens van de haat! En juist op deze Koningsdag moeten we dat buiten de deur zien te houden. Niet het zwart van de afkeer, maar het oranje van de lol moet domineren. En dat geldt voor iedereen die zich een echte vaderlander voelt en meer voelt voor ons koningshuis dan voor een of andere malloot van een leider in het buitenland. Ook ik trek oranje aan vandaag. Niet omdat ik nu zo van die koningshuizen ben hoor, blauw bloed en zo zegt me weinig tot niets. Maar ik prefereer Willem-Alexander veruit boven een niet democratisch gekozen leider met een afkeer van oppositie.

Daarbij heeft die Willem-Alexander een geweldige smaak qua koninginnenkeuze, dus kan hij bij mij eigenlijk niet meer stuk. Onze stad hult zich vandaag traditioneel in het oranje en de feesten zijn per wijk of straat niet van de lucht. Elk koningsdag een beetje meer, al kan het weer nog wel eens een vervelende spelbreker zijn. Wie mij kent weet dat ik al vroeg onderweg ben om ‘mijn slag te slaan’ en het wel gek moet gaan wil dat niet lukken. Ik sla zelden of nooit over. Slechts in 1992 gebeurde dat toen ik vanuit de werkgever van toen werd geacht een cursus te volgen in het verre Praag. Daar had men van de toen nog als Koninginnedag bekende vrije dag nog nooit gehoord en kon ik niet rondscharrelen in mijn eigen woonstad of Amsterdam waar ik in die periode nog een kilometer of 35 vandaan zetelde. Maar sindsdien is het me niet meer overkomen. We lopen tot we moe worden, komen terug thuis, drinken koffie, lossen de evt. eerste aankopen, gaan weer op weg, komen weer terug en zo meer.

Tot de vroege avond. Dan is het mooi geweest en houden we het voor gezien. Voor een vol jaar weer. Zolang we dat nog kunnen. Zoals wij de dag besteden maken we alles mee van zo’n dag, zien diverse buurten en genieten van de sfeer. En die sfeer wordt ook bepaald doordat echt iedereen met elkaar viert. De azijnzeikers of revolutionairen uitgezonderd wellicht. Of die mensen die moeten werken van hun baas. Maar die doen dan in gedachten mee. Geloof ik vast. Hoe dan ook, ik wens u allen een heel leuke Koningsdag toe. Straks nemen we een klein glaasje oranjebitter heffen het en toasten op onze Max. En op haar man Willem natuurlijk. Maar dan wel voor de vorm….

Rommelmarkten en mensenkennis…

Ja mensen, ik kom er soms best graag, rommelmarkten, door het hele land heen. Veelal slechts als bezoeker en evt. koper van voor mij interessante zaken. Maar soms ook een beetje als ondersteuning voor de vrouwen in mijn leven die er qua verkoop wel hun roeping van lijken te hebben gemaakt. Die kunnen dan dagen van te voren al vol spanning dozen vullen met spullen die in beider levens overbodig zijn, net niet rijp voor de kringloop en soms zelfs nog in buitengewoon goede staat. Mijn bijdrage aan het geheel is vervoer en algemeen vermaak. Het waarom leg ik u graag in de komende zinnen van dit verhaal uit. Aan de verkopende kant krijg ik zelf vaak moordneigingen. Dat is een slechte eigenschap voor een verkoper, maar het komt door het gedrag van sommige mensen aan de kopende kant. Die regelmatig in staat zijn splinternieuwe zaken (met de kaartjes er nog aan) op te pakken, vol interesse te bekijken, te vragen naar de prijs (als we die er als service al niet op hebben gezet) en daarna te beginnen met bieden op een manier die aan het gezonde verstand van betrokkenen doen twijfelen. Of aan de wil om echt een zaak te doen. Ooit verkocht ik zelf auto’s. Simpel verhaal. Je had echte kopers, mensen met een serieuze wens tot aanschaf van een nieuw of ander vervoermiddel, je had ook mensen die alleen maar langs kwamen om hun eigen tweedehands vehikel te laten taxeren en je had de ‘zeikerds’. Ik noem ze even zo omdat dit de mensen waren die kennelijk te veel vrije tijd en te weinig hobby’s hadden.

Vaak laat in de middag nog even binnenstappend, zaken te oreren die ze net uit de meest recente uitgave van AutoVisie hadden gehaald over een van jouw merken, maar waar je verder niet zoveel mee kon. Behalve veel tijd aan vuil maken. Wat ik op het laatst niet meer deed. ‘Ga even naar huis man, denk er nog even na en kom terug als je serieus bent’. Maar dan verpakt in keurig nette diplomatieke termen. Slechts een enkele keer mikte ik echt iemand fysiek de deur uit. Die ging voorafgaand aan mijn verwijdering onder een van de opgestelde auto’s liggen en begon het het hele ding luidkeels en onder gehoor van andere showroomgasten af te breken op basis van wat hij de avond er voor van iemand bij de TROS-Autoredactie had gehoord. Toen kon ik me niet beheersen en mikte de man de deur uit. Dat zelfde gevoel krijg ik bij hen die op rommelmarkten menen dat de verkoper niet goed snik is als hij bijvoorbeeld een hele euro durft te vragen voor een artikel dat zelfs bij de goedkoopste discounter nog voor een tientje moet worden aangeschaft in mindere kwaliteit. Vrouwlief is er onverwacht goed in. Die kan er tegen. Al begint ze haar grenzen van geduld ook te verleggen als er weer eens een allochtoon voorbij komt die zelfs op die ene euro nog 90 cent wil afdingen. ‘Gewoon laten liggen, niks voor u’ is de zin die nu tegen haar gehemelte kleeft als er weer eens iemand alles op pakt en alleen maar bezig is met de handel verpesten.

Onlangs waren we weer eens op een (grote en drukke) rommelmarkt, van de kofferbaksoort. Het was mooi weer, veel mensen, enorm breed aanbod aan handel. En het patroon was gelijk aan het hiervoor geschetste. Mijn dames gezelschap was druk. Ik hield de boel  wat in de gaten. En observeerde. Van mijn eigen meegenomen spullen werd maar liefst voor E. 1,50 verkocht. Alles was te duur, niet interessant, elders goedkoper of wat ook. De spullen van de dames gingen gelukkig wel lekker de dozen uit. Maar ik snapte soms het geduld niet. Toen ik zelf een paar keer rond liep hoorde ik overal hetzelfde. De verkopers klaagden over het publiek en de biedingen, de kopers hadden tassen vol spul en pochten over bedongen koopprijzen. Is dat nu de typische lol van rommelmarkten? Ik kijk zelf naar een prijs als ik iets zie wat leuk is, lijkt het mij wat betaal ik die prijs. Klaar! Beter wat te duur dan niet te koop toch? Wat ik zelf die bewuste keer aanbood heb ik elders nergens gezien. Dus was leuk, goed van prijs en aardig van aanbod. De volgende die zegt dat het anders is komt in aanmerking voor wurging ter plekke…. In Mei de volgende sessie…..Op een voor ons bekendere locatie. Eens zien hoe het daar gaat…

De I van Informatie

Wellicht denkt de gemiddelde lezer nu aan de wereld waarin wij leven. Waarin informatie bijna probleemloos en ongevraagd tot ons komt. Al dan niet gestuurd door (semi)commerciele marktpartijen die ons overladen met zaken waar we meestal niets mee kunnen. Maar is dat informatie die ik bedoel? Nee, ik zoek het meer daar waar we om informatie gillen maar die niet krijgen. Of waar door de afzender een eigen ‘twist’ aan is gegeven. Zoiets zou je als censuur kunnen omschrijven. Of manipulatie. Informatie hoort in veel gevallen zuiver te zijn. Zwart of wit en niet een beetje grijs omdat dit voor de buhne beter uit komt. En heus ik weet als adviseur in het veld van marketing en PR echt wel hoe de hazen lopen, daar zit het hem niet in. Maar wellicht wil ik juist daarom wel dat informatie klopt. Door de jaren heen heb ik me heel wat zitten verbazen of ergeren aan ofwel het gebrek aan informatie aan de ene kant, of de totaal verwrongen afgifte ervan aan de andere.

Die informatie is toch normaal gesproken gewoon feitelijk. Het is mooi weer, of niet. Maar er zijn mensen die van een simpel feit als mooi weer een heel gedoe weten te maken. ‘Ja maar het kan in een uiterst puntje van Noord-Nederland mogelijk nog gaan regenen, dus is het niet overal mooi weer’. Een beetje dat denken…. Dat bespeurde ik laatst ook bij een wetsvoorstel van demissionair staatssecretaris Sander Dekker. Die heeft de NPO opgedragen om positiever te berichten over allochtonen in onze samenleving. Een beetje DENK/Artikel1-denken in het kwadraat. Het negatieve nieuws is er wel, maar we noemen het niet meer, dan is het net of onze samenleving bestaat uit mensen die het hier prima naar de zin hebben en geen enkele kans schuwen om zich aan te passen aan wat hier gebruikelijk is. Op de dag dat dit nieuws naar buiten kwam stonden de media net bol van een mishandeling door allochtone jongeren van twee homoheren die het waagden in hun eigen stad hand in hand te lopen. Met een betonschaar werden die slachtoffers bewerkt. Moet je dat nieuws dan maar niet meer brengen? Liepen die homo’s in de weg van mensen die hun stageplaatsen niet gegarandeerd zagen?

Informatie is ook onderdeel van ons onderwijssysteem. 1 en 1 is twee en niet drie omdat dit wellicht beter is gezien de samenstelling van de klas. Groningen ligt toch ook niet op Texel of zo? Maar ook binnen bedrijven zie je dat vaak informatie wordt achtergehouden om een ander zo in verlegenheid te brengen. Informatie is cruciaal. Wie denkt dat dit niet zo is moet toch eens kijken naar de inspanningen die worden verricht om alles over ons te weten te komen. Of wat landen en doctrines doen om overal en nergens informatie vandaan te halen. Dat houdt dus echt niet op bij jouw of mijn huisdeur. En vandaar dat het ook van belang is om al die informatie op juiste wijze te interpreteren. Hoe vermoeiend dat soms ook is. Zelfs in een of andere uithoek van de wereld is tegenwoordig internet en dringen de signalen van radio en tv gewoon door. Kortom informatiestilte is geen optie. Laten we dan maar zorgen dat die informatie zuiver is. En niet gekleurd.

F van Feestelijk…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Feest, een feestje, festiviteiten, ben ik er wel echt van? Als ik in mijn hart laat kijken, eigenlijk niet. Nou ja, een beetje verwennen met de verjaardag, een ander de eer doen toekomen die hen bevalt door aanwezig te zijn bij een georganiseerd feest(je), ik doe het, maar echt van harte gaat het vaak niet. Zal ook komen omdat ik niet zo van ‘hoeperdepoep’ ben, maar meer van het goede gesprek. Een op een en zo. Mijn eigen verjaardag vier ik al jaren niet meer zo intens als het vroeger wel werd gedaan. Ik spreid de gasten wat, opdat ze allemaal dezelfde aandacht krijgen en je aan het einde van de avond (of dag) het gevoel hebt echt te hebben genoten van de aanwezigheid. Nu stel ik het wellicht wat zwart/wit hoor, maar echt in de genen zit het niet. Hoewel mijn ouders er vroeger enorm van hielden om elke gelegenheid aan te grijpen ergens een feestje van te maken. Maar dat waren ook andere tijden. Hoogtepunten in een bestaan dat vooral bestond uit veel en lang werken, en dan was een verjaardag al genoeg reden om de hele familie bijeen te halen en aan te vullen met de omvangrijke vriendenschaar die ze indertijd bezaten.

kort-three-musicians-1930Het mocht wat kosten en de lekkerste hapjes en drankjes stonden op tafels, alle stoelen er omheen en ook de nodige rookwaar. Want dat had je toen, men rookte als een ketter en je was een slecht gastheer/vrouw als je die zaken niet verzorgde. Oma kreeg een advocaatje met slagroom en  de grammofoon zorgde voor de nodige muziekjes om de sfeer er in te houden. In het begin van mijn eigen onafhankelijkheid deed ik dit in de ware spirit van de afkomst ook nog even zo, maar daar was ik toch al snel klaar mee. Die mensen die je een of twee keer per jaar zag omdat het zo hoorde, maar verder niets van zich lieten horen, waren niet mijn meest ideale gasten. Nee, stoppen maar met die flauwekul. En dat beviel heel lang goed. Langzaam aan werden we ouder en kwamen de grote data. De verjaardagen zagen kroonjaren passeren, een daarvan werd met een surprise-party een paar jaar terug nog enorm verrassend en leuk. Alle vrienden en wat familie bijeen om te vieren dat ik zover was gekomen. Nog steeds in dank herinnerd. Men kwam van heinde en verre!

wp_20161130_004Overigens geldt mijn hier wat aangedikte afkeer van die feestjes niet zozeer de zakelijke festiviteiten hoor., Open huizen, openingen, introducties, shows etc. Dat diende een doel! Onze trouwdagen, en ook die lopen qua jaartallen aardig op nu, vieren we meestal in eigen kring. Gewoon met zijn tweetjes. Je doet het immers allemaal samen. Maar we gaan dit jaar weer voor een kroonjaar en dat vraagt overwegingen over hoe we wat en waar vieren. Klein, of net iets meer dan dat. Groots wordt het zeker niet. Past niet bij ons, de bescheidenheid zelve. Maar wat we doen zullen we vast, ook hier, delen. De eerste gedachten delen we nu al. Feestelijk….. Met een hoedje en een toeter en een vrolijk snoetje….