Spoedkliniek – tegen een prijs…

Als je echt op zoek gaat (of moet) naar een spoedkliniek voor dieren kom je zonder het te willen letterlijk en figuurlijk in een wat andere wereld terecht. Een wereld waarin je maar weinig van die voorzieningen zult vinden. Wij mogen blij zijn dat in onze omgeving een tweetal van deze klinieken te vinden is. Een daarvan benutten we net aan het begin van de corona-ellende voor een probleem met onze grote en trotse maar nog zo jonge kater Presley. Doorgestuurd door de dierenarts die er geen heil in zag zelf echt onderzoek te doen. Het kostte ons uiteindelijk 700 Euro om het diertje te kunnen laten behandelen, maar de uitkomst was dat men eigenlijk niet wist wat er loos was. Dier knapte op, we namen ons verlies en gingen verder met ons leven. Gelukkig deed Presley dat ook. Een andere kliniek zit in Amsterdam-Sloterdijk. Zat vroeger aan de Weesperzijde in onze stad en heeft een aantal ‘experts’ in huis op diverse terreinen.

Komt de gewone dierenarts er niet uit, of wordt jouw dier net ziek in het weekend dat de jou bekende dierartsenkliniek niet open is, ‘mag je’ naar de spoedkliniek. En dan is het te hopen dat je saldo op de rekening toereikend is. Zo niet? Jammer maar helaas. Onlangs maakten wij iets soortgelijks mee met een kat van een familielid. In de nacht ziek geworden, de dierenarts pas om 9 uur beschikbaar voor een afspraak (ben je nog niet binnen want afspraak maken) dus verwezen naar de dierenkliniek in Amsterdam. De woonplaats van het familielid is Almere, je zou toch verwachten dat men daar ook zo’n voorziening heeft intussen, maar nee, dus ik diende als spoedambulance in de vroege ochtend die door alle perikelen in het verkeer (Almere en files, het blijft een dingetje) lang deed over de weg heen en weer naar de hoofdstad. Eenmaal daar werd het dier aangenomen, een rapportje opgemaakt over de conditie van het (jonge) diertje en de kat meegenomen.

De baasjes mochten door de corona-protocollen niet mee naar binnen. Maar hopen dat men goed had begrepen wat er loos was. Wij konden vertrekken. In de middag belde een internist. Moest nog aan het onderzoek begonnen en wilde even weten wat er loos was. Geen rapport gelezen. Leek wel een mensenziekenhuis. Lang verhaal kort, volgende dag (diertje moest overblijven) mocht de trotse kater weer worden opgehaald. Men had van alles en nog wat gedaan, maar een echte conclusie over oorzaak en gevolg bleef uit. De hoogte van de rekening zodanig dat je daar een aardige tweedehandsauto van kunt kopen, zij het zonder garantie. Geen persoonlijk gesprek, vragen stellen moet via mail.

Dat laatste was nodig, omdat het dier eigenlijk nog steeds het euvel vertoonde waarvoor hij eerder al eens bij deze kliniek was geweest. Maar de mailvragen bleven lang onbeantwoord. Ach…voor dat geld… Het is jammer dat er zo weinig van deze klinieken bestaan. Ook dat dit allemaal zo peperduur moet zijn. Want laten we wel zijn, niet iedereen is bij machte deze goede vorm van zorg voor huisdieren te betalen. En zal wellicht besluiten om een ziek dier dan maar niet te laten nakijken met alle gevolgen van dien. Maar een gemiddeld maandsalaris besteden aan een kat, hond of ander klein huisdier is best een beslissing. En omdat er weinig van deze klinieken bestaan is er ook geen concurrentie. Kortom, het was even een dingetje allemaal. En iets om goed over na te denken. Wellicht dat dierenartsen zelf de boel eens wat kunnen opwaarderen en niet alleen meer onderzoeken zelf gaan doen, maar ook de openingstijden wat kunnen verbreden waardoor je als ‘baasje’ van huisdieren niet meteen wordt veroordeeld door de gang naar zo’n duur en exclusief instituut. Zelf ook ervaringen op dit punt? Ik ben benieuwd. (Beelden: Yellowbird archief)

Presenteren doet soms begeren…

De meeste uitvinders kunnen niet verkopen. De techneuten of goede koks onder ons ook zelden of nooit. Het zijn twee verschillende disciplines. Een enkeling kan dit combineren. En maken hun business tot succes. Wil je weten hoe dat al dan niet moet? Kijk dan (terug) naar het erg aardige programma van WNL, Dragons Den. Daarin moeten mensen met een nieuw bedrijf of product zien dat ze bij soms steenrijke investeerders geld los kunnen krijgen om hun zaken in de toekomst enig houvast te geven in de desbetreffende markten. Daartoe dienen zij naast hun nieuwe producten of diensten ook cijfers te overleggen, maar vooral te brengen. En wat je zo vaak ziet bij bedrijven van dit kaliber, velen zijn geroepen maar slechts weinigen uitverkoren. Kaf en koren worden meteen gescheiden door de beroepsinvesteerders in dit programma die in het verleden door slim zaken doen en steeds weer opnieuw goochelen en durven grote kapitalen vergaarden die ze nu (met een enkele uitzondering..) inzetten t.b.v. anderen. Het kaf komt overigens het meeste voor bij die presentaties.

Vaak slecht voorbereid, cijfers zonder onderbouwing, en een product dat meestal binnen een half jaar in China van de band rolt en daardoor elke exclusiviteit mankeert. Daarbij vergat men nog wel eens een patent aan te vragen (kosten) maar bleek men ook gewoon niet in staat om het ‘unieke’ concept te verkopen. Eigenlijk wil men het liefst zelf een beetje doorklooien en van het geinvesteerde bedrag een verkoper aan trekken om de boel in de markt te zetten. Nou, uit ervaring weet ik dat veel verkopers bepaald niet geschikt zijn voor het vak dat ze beoefenen en in veel gevallen zelf liever lui dan moe zijn. ‘Bent u geinteresseerd in ons unieke aanbod, neem dan contact op met…’. In autoland heb ik er te veel meegemaakt of op training gehad waarvan je echt zuchtend afvroeg waarom ze dat vak kozen. En als ik op Linkedin kijk wat daar allemaal wordt aangeboden zie ik vooral veel pro-passiviteit. Echte verkopers gaan er op uit, werken met sociale media, bellen, mailen en doen hun best om orders binnen te trekken.

Ze bouwen een netwerk op en weten dat ze na een tijdje klanten weer eens moeten opzoeken om dat contact warm te houden. Als die verkopers dat al niet hebben, wat moet je dan als niet commerciele ondernemer wel niet beheersen om je producten in de markt te krijgen., Nou de Dragons uit dat programma maken er veelal gehakt van. Pas als er een geweldige presentatie uitrolt met perspectief, rollen ook de centjes. En wil men zelf actief bijdragen met advies hoe het nog beter kan. Dat presenteren doet dus begeren, net als solliciteren. Wie dat goed doet kan veelal rekenen op een nieuwe baan. Wie dat niet lukt komt veelal achteraan in de rij. Het is een vak, je kunt er voor trainen, het is bij te leren. Maar niet in de genen? Vergeet het maar. Dan moet je iemand zoeken met passie die deze kunst wel verstaat. En neem van mij aan, na al die jaren ervaring in verschillende vakgebieden, het zijn de uitzonderingen die de regel bevestigen. Maar een goede voorbereiding is het halve werk. Als je zelfs dat niet beheerst, presenteer dan maar niets. Zeker niet bij investeerders als de Dragons Den.

Een huis als thuis…

Als iets ons tijdens de Corona-crisis en de daarbij behorende ‘ophokplicht’ heeft geleerd van ons aller huis te houden,  dan toch ook wel het besef dat we geen andere keuze hadden. ‘Blijft thuis’ was het regime en dan moet je voor ons allen hopen dat een huis ook voldoende leefruimte biedt voor eenieder die onder hetzelfde dak moet verkeren. Voor mij en vrouwlief is dat best te doen. We hebben onze eigen ruimten naast de gezamenlijke en kunnen prima met of zonder elkaar leven in dezelfde ruimte. Mits niet te lang natuurlijk. Voor mij moet een huis mijn thuis zijn, de veilige haven waar je altijd kunt binnenvaren als er ‘buiten’ weer eens een storm woedt. Tot nu toe heb ik de nodige huizen meegemaakt waar ik dat thuisgevoel kon bereiken. Vaak ook omdat we het inrichtten naar eigen smaak en idee. Dat is voor alle mensen anders uiteraard. Smaak is nu eenmaal persoonlijk. Ik ben net als vrouwlief van de liefhebberijen, maar ook van de dieren, katten in dit geval, en we schromen niet om een deel van de bibliotheek of videotheek zichtbaar in huis uit te stallen.

Ik ben door de jaren heen bij veel mensen op bezoek of visite geweest en soms voel je meteen een ‘klik’ als het om die inrichting gaat. Bij anderen verkeer je zowat in een showroom van een meubeltoonzaal. Alles op zijn plek, geen huisdieren, dus nooit haren of speeltjes over de vloer. Mooi hoor, schoon ook, maar is dat je thuisgevoel versterkend? Een bijpassende oorzaak is ook mijn gebrek aan klustalent. Ik schilder echt alleen als het niet anders meer kan. Zeker niet omdat ineens de mode vraagt om een net afwijkende tint beige op de muren of zo. Werken deed ik al vele jaren lang en intens genoeg om er na mijn (eindelijk) pensioen alsnog voor te gaan. Tuurlijk doe ik het noodzakelijke. Zo heb ik onlangs de tuinbank voorzien van een nieuwe laklaag. Die is nu zo dik dat hij nog 25 jaar mee kan. Maar dan heb je ook de kleur van deuren en kozijnen te pakken. Duurde even, maar past bij het thuisgevoel. Rond mijn geliefde zitplek liggen altijd boeken of bladen. Anders voel ik me zo leeg of kaal. Lezen is een van de passies en er is altijd wel iets wat me nader interesseert. Zie ik op TV iets wat me bevalt of vraagtekens oproept zoek ik het even na.

Geeft veel denkwerk en dat is goed voor de ouder wordende geest…. Hoe dan ook, ik ben benieuwd hoe mensen leven en wonen. In een villa? Of toch een gewone etage dan wel flat. En hoe zij het thuisgevoel ervoeren of ervaren. Gesprekken met vrienden leveren een duidelijk beeld op, bij veel familie kom ik bijna spiegelbeelden tegen van ons eigen gevoel van inrichten en genieten. Maar bij veel anderen is dat toch totaal anders. Wellicht dat men daarom ook zo graag naar buiten gaat en plezier zoekt op alle plekken behalve die specifieke thuisplek. Benieuwd hoe mijn lezers/essen zich profileren op dit punt. Brandt gerust los! Een oordeel zal ik er niet over geven…hooguit mijn mening. (Beelden: Yellowbird)

Leven met de Vliegende Pijl – 63 – Nawoord en afsluiting!

Wat wel weer opmerkelijk is tijdens het vertellen van dit verhaal, waar het einde nu echt van in zicht komt, dan toch wel het feit dat van de veel in alle afleveringen genoemde hoofdrolspelers nog maar heel weinig, misschien niet meer dan 1% nog betrokken zijn bij het zo gekoesterde merk Skoda. Of het nu gaat om mensen van de importeur, de vroegere dealers of ook de managers die ik leerde kennen bij de Skoda-fabrieken. De oude vaderlandse Skoda-organisatie is min of meer opgerold. Ondanks alle weerstanden die men daar zelf tegen had in die jaren dat de grote schoolmaak dringend nodig was. Een klein deel van die dealers kreeg de status service dealer en heeft nog steeds een officieel bord aan de gevel. Anderen ver k o c h t e n de boel en gingen iets anders doen of stopten de bedrijfsvoering helemaal. De verkoop van Skoda’s werd meer en meer ondergebracht bij merkclusterdealers van Pon zelf. Naast VW, Audi en Seat kreeg Skoda een aparte maar ook gewaarderde plek in die organisatie. Logisch als je kijkt naar de wens om volume te draaien en vooral die geplande aantallen in de toekomst zonder morrelen aan marges en zo meer te behalen.

Bij die grotere units is dat simpeler dan werken met onafhankelijke dealer-ondernemers die het maar lastig blijven vinden als een fabrikant of importeur de dienst bij ze uit komt maken. Bij Pon Mobiel zelf was het al niet anders. Die organisatie integreerde compleet in die van Pon’s Automobielhandel. Kostenbesparend en efficient. Medewerkers uit ‘mijn tijd’ bij Pon verdwenen. Een enkeling overleefde alle wijzigingen. Maar van de hoofdrolspelers die ik indertijd meemaakte is het grootste deel elders werkzaam. En men heeft wellicht nog wel herinnering aan dat werken voor Skoda maar meer ook niet. Rijden in het merk is kennelijk ook teveel gevraagd. Van de mensen die ik bij de fabriek leerde kennen in de loop van de jaren is echt nog maar een enkeling terug te vinden in het thuisland van Skoda. De rest vloog uit.

Werkten bij VW in China, Mexico, Canada of Duitsland. Anderen stapten over naar andere automerken of zochten nieuwe uitdagingen. Collega-importeurs die ik leerde kennen zijn sinds ik uit de organisatie stapte deels ook vervangen of verdwenen. Opmerkelijke lieden uit Belgie, Frankrijk of Israel gingen via de zijdeur af en werden vervangen door keurige managers van nieuwe en vaak grotere bedrijven die hetzelfde als hun voogangers beter moesten doen. Skoda-managers wilden domweg een betere samenwerking die top-down zou verlopen in plaats van op gelijk niveau. Wij konden indertijd nog onderhandelen met het mes op tafel, dat hoef je nu niet meer te proberen. Lastige mensen moesten weg, en slechts grote loyaliteit kon rekenen op waardering, zeker als dat samen ging of gaat met positieve resultaten. Voor wat mij zelf betreft, het blijft aardig om te zien dat ook uit mijn dealerdagen toch belangrijke mensen nu geen enkele rol van betekenis meer spelen. Zelfs het toen zo lastige en voor het dealerbedrijf waar ik werkte belangrijke merk Daihatsu is totaal van de markt verdwenen. En dat dealerbedrijf werd daarna een gewoon garagebedrijf met verkoop van tweedehands auto’s.

Men zal er tevreden mee zijn, het zou zeker niet hebben gepast bij mijn ambities of merktrouw. Overigens zorgt dat bij mij niet voor een grotere vergevingsgezindheid. Integendeel. Als ik terug kijk valt er wellicht vast wel het e.e.a. aan te merken op mijn eigen optreden toen, maar er werd me ook wel erg weinig ruimte geboden om datgene te doen wat goed had geweest voor het merk of bedrijf. Maar goed, we zijn bijna dertig jaar verder en moeten vooruit. Dat persoonlijke karakter speelde trouwens wel vaker een rol als het ging om zwart of wit, links of rechts, het een of het ander. Ik was (ben) niet zo van de gedachte dat iemand zonder talent de kans moest krijgen om in het Concertgebouw een riedeltje te spelen. Het moest passen bij mijn visie rond het merk en wat daarmee te doen. Mijn besluit om vanuit Schiphol ooit in de autobranche te gaan opereren werd tenslotte niet zo maar genomen.

Het had een doel, een visie, een manier om het merk daar te brengen waar ik vond dat het hoorde. Dwars door de mening van anderen heen als het moest. Het vermarkten van auto’s is trouwens een vak en niet een veredelde hobby. Ik ben dan ook nooit te vies geweest van bijleren en cursussen volgen. Het gaf me inzichten die ik kon gebruiken om succesvol te opereren. Een merk als Skoda, maar ook die anderen die de revue passeerden, hadden dat nodig. Professionalisme! Dat wholesale zoals Pon dit doet een heel andere discipline is als retail bedrijven zoals ik dat 13 jaar lang zelf had gedaan voor ik bij Pon kwam werken, was ook een leerschool. Net als het geven van coachings of het adviseren op het gebied van marketing en reclame. Je doet dat niet even, er zit iets onder. En voor mij hield dat elke dag in dat er weer bijgeleerd moest worden en practische zaken omgezet worden naar een theoretische onderbouwing van wat er zoal werd uitgedragen. De drive die ik daarbij had zal velen een doorn in het oog zijn geweest. Ik kan er achteraf niets meer aan doen, veel schade voor het merk heeft het zeker niet gedaan. Integendeel. En daarmee eindigt mijn verhaal over mijn leven en werken voor dat merk met de Vliegende Pijl. Van mijn jeugd tot nu toe in mijn leven gebleven. En ik ben daar trots op. Vandaar dat ik de lezer daar even verslag van deed. In 63 afleveringen. Een digitaal boekwerkje. Dank voor uw leesgeduld, de reacties en observaties. Het is op zondag weer tijd voor iets anders!

Aansprakelijkheid 

De auteur heeft de nodige zorgvuldigheid betracht bij het verwerken van allerlei naspeuringen die hij tijdens het onderzoek gepleegd heeft om tot de samenstelling van dit vervolgverhaal te komen. De auteur is zich bewust van de taak een betrouwbaar verhaal te verzorgen. Niettemin kan hij geen aansprakelijkheid aanvaarden voor evt. in deze uitgave voorkomende onjuistheden.

Niets van deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toe stemming van de auteur.

 

DANKWOORD

Mijn dank gaat uit naar mijn echtgenote die al die professionele jaren trouw achter me aan hobbelde als ik weer eens (te veel) bezig was met het verkopen en promoten van het merk Skoda en nu dit boekwerk.
Ook dank aan Jaap van Rij voor zijn niet geringe enthousiasme en steun bij het tot stand komen van dit vervolgverhaal, maar zeker ook voor de moed mij indertijd de kans te geven bij Pon Mobiel mijn carriere verder te ontwikkelen en de leerschool die ik daarbij mocht doorlopen.
Maar zeker ook de in sommige gevallen geweldige teamleden bij Skoda-Auto waar ik zoveel mooie momenten door mocht beleven en wiens producten ik nog steeds gebruik en daarvan geniet, ook al betaal ik de nota’s nu gewoon zelf…

Dat handige internet…

Ik hoefde alleen maar even in te loggen en een kruisje te zetten op een bepaalde zinsnede die op die speciale website te vinden was. Zo kon onze tussenpersoon dan ook in de toekomst ons dossier behandelen of onze gegevens beheren. Simpele vraag rond de hypotheekverstrekker die op basis van nieuwe wetgeving de privacy-doelstellingen van deze Sleepwetregering moest volgen. De eerste mail met het verzoek dat kruisje te zetten had ik niet gelezen of gezien. De herinnering kort daarop wel. Dus maar even de link aangeklikt en getracht op de website dat kruisje te vinden. Mooi niet. Ik kwam er niet in. Inloggegevens deugden niet. En aanmelden als nieuwe accounthouder kon ook niet of ik moest dat doen via een systeem waarbij mijn bank toestemming moest geven en een appje op mijn iPhone moest plaatsen. ‘Ja zeg, zijn we nu geschuffeld of zo?’.

Een lichte irritatie was mijn deel. Ik mailde de tussenpersoon dus maar even terug en uitte mijn ervaringen. Van mij mogen jullie echt met die gegevens verder die je toch al in dossier hebt. Maar dat was buiten de waard gerekend. De hypotheekverstrekker wilde dat rechtstreeks van mij vernemen. Dus nogmaals het verzoek, doe het even via de website. Dag twee; goede moed, nog een keer geprobeerd. Lukte weer niet. @#$%^&*$#@ mijn geduld raakte op! En ik kreeg een waarschuwing van de website, bij vier pogingen werd ik geblokkeerd. Hoezo geblokkeerd? Ik kom er helemaal niet in!! Weer gemeld bij die tussenpersoon. Die bleef volhouden. Gaf me een instructie hoe te handelen, maar ook dat er een helpdesk bestond en als dat niet werkte een telefoonnummer. Dus, dag drie, opnieuw met goede moed. En u raadt het als lezers al…..ging opnieuw niet!

Dan maar die helpdesk proberen. Dat liep via een soort DM-systeem. De man die me hielp snapte het probleem niet. Maar ook niet wat ik nou precies wilde aankruizen. ‘Als u niet wilt dat uw tussenpersoon uw gegevens beheert doet u dat toch gewoon niet?!’. De stoom kwam intussen uit de oren. Waar ben ik in terecht gekomen? Franz Kafka kan het niet beter beschrijven. Dan maar even bellen…. en wat denk je? Storingstoon. Drie keer zelfs. Dat nummer deugde niet of was intussen uit de lucht. Ik legde het maar weer voor bij die tussenpersoon. In bewoordingen die er niet om logen. Drie dagen bezig om een kruisje gezet te krijgen dat hen moest helpen om mijn gegevens te beheren was wel wat veel gevraagd toch? Men bleef kalm….legde het probleem nu maar eens voor bij de aanbieder. En die zou me gaan bellen. Immers, dan moest ik eerst een account aanmaken en dat kon pas als ik bij de bank……… Pfffff. Ik gaf het op. Internet is geweldig, maar jammer dat er mensen mee werken die niks snappen van hoe het klanten simpeler kan worden gemaakt. 99% van wat ik doe gaat al jaren via het www. Maar mijn ergernissen over die ene procent….die zijn zo groot dat ik ze maar even met de lezers hier deel. En wie er iets over wil melden moet dat maar even doen bij dat beruchte kruisje….

Onderzoek wijst uit; vliegen op de 22e december zeer stressvol!

Een organisatie die zich bezig houdt met de belangen van passagiers in de luchtvaart (AirHelp) heeft eens uitgezocht op welke dagen je al dan niet zou moeten vliegen wil je niet volkomen gek van de stress richting je beoogde bestemming kunnen komen. Wie geen of minder stress wil ervaren moet vrijdag de 22e december a.s. maar vergeten. Op die dag worden naar verwachting de meeste vluchten vertraagd of geannuleerd. AirHelp raadt passagiers zelfs af om op die dag te reizen. Men baseert zich daarbij op ervaringen uit vorige jaren. Laten we wel zijn, bijna 50.000 mensen werden vorige kerstperiodes slachtoffer van gedoe op de luchthavens of door maatschappijen die geacht werden ons te vervoeren. Geanuleerde of vertraagde vluchten (meer dan 3 uur!) waren in die periode van het jaar aan de orde van de dag. Zij die vliegen op woensdagen of op zondag maken de minste kans op vertraging. Dan gaat alles naar schema en kom je op tijd aan. Maar ja, je zult maar net je tripje zo hebben gepland dat je op die bewuste vrijdag moet vliegen. Bereidt je dan maar voor. In de afgelopen jaren waren de meeste verstoringen van het vliegverkeer te vinden richting Lissabon, Londen Heathrow, Londen Gatwick (twee jaar op rij), Dublin, Manchester, Londen City, Geneve en Parijs Charles de Gaulle.

Wil je nog een beetje slim zijn op dit punt, boek dan een vroege of latere vlucht. Midden op de dag blijken de meeste vluchten vertraagd of geannuleerd te worden. Vaak heeft dit van doen met beschikbaarheid van een vliegtuig. Die vroege kisten gaan nl. naar een bepaalde plek toe en ontkomen wellicht daar ter plekke niet aan grote drukte of slecht weer. Ze lopen dan vertraging op of komen zelfs vast te staan. Komen dus niet op tijd of helemaal niet terug op onze Nederlandse luchthavens en je hebt een probleem met de volgende vlucht die voor dat vliegtuig is ingepland. Veel maatschappijen hebben ergens nog wel een reservetoestel staan, maar als het bijvoorbeeld slecht weer is in een deel van Europa, raken ook die snel op. Resultaat is ontwrichting van het vliegverkeer. Ik maakte zelf in het verleden vaak mee dat een vlucht uitviel. Zoals die dag dat ik voor een zakelijke meeting naar Berlijn moest en al heel vroeg op Schiphol was ingecheckt.

Bij de gate aangekomen op het nog stille Schiphol bleek de vlucht eerst flink vertraagd. Vervelend, maar ja, dan maar even een bakkie doen. Daarna verviel hij helemaal. Het was slecht weer in Berlijn en KLM besloot niet te gaan. Ik moest mijn aanwezigheid bij die meeting cancellen. Later bleek dat Berlijn leed onder een sneeuw- en ijsstorm. Had ik wel kunnen vliegen zou ik gegarandeerd vast zijn blijven zitten daar. Kortom, geluk bij een ongeluk. Ook op Geneve Airport heb ik veel met vertragingen te maken gehad. Maakte niet uit of je vloog met KLM, Swissair of EasyJet. Altijd vertragingen op de terugweg. Door laat aankomen van het vliegtuig vanuit Amsterdam. Heel vervelend, want op Geneve draaien ze rond 8 uur de lichten uit en doen de winkels dicht. Zit je dan in een steeds leger wordende vertrekhal achter de douane… Kortom, ik zou de tips serieus nemen van die eerder genoemde organisatie. En mocht je dan alsnog stevig in de vertraging terecht komen of zelfs een annulering meemaken, kan die club je wellicht helpen met een schadeclaim. Wordt het wellicht toch nog een leuke Kerst.

De verder gaande migraine-ellende…

Ooit heb ik er nog eens het een en ander over geschreven hier, migraine! Aanvallen die mij sinds pakweg een jaar of twintig geleden achtervolgen als een man met een pistool waarin een kogel die hij bij wijze van spreken als een soort Russische roulette op mijn bol zet. Indertijd wist ik niet wat het was en maakte me grote zorgen over mijn welzijn. Van het ene op het andere moment veranderde mijn leven. Vreemde lichtflitsen, een dicht trekkend beeldveld en daarna heftige hoofdpijnen. Ik verkeerde in een van de drukste fasen in mijn werkzame leven. Had de tijd niet voor die ‘onzin’ en reed of werkte soms gewoon door. Buitengewoon onverstandig want dan volgde meteen een volgende aanval, nog heftiger dan die eerdere. Ik heb wat liggen rollen. Opvallend genoeg vond de toenmalige huisarts het niet zo vreemd dat me dat overkwam. Immers ik had een stressvol bestaan en dat wilde wel eens leiden tot….Daarbij was ik blond van haar, blauw van ogen en had de leeftijd om. Alleen miste ik een voorwaarde om aan het ideale patientenbeeld van toen te voldoen; ik was geen vrouw. Dat maakte het wel wat bijzonder.

Kennelijk hebben vrouwen van die leeftijd en met de uiterlijkheden die ik vertoon qua haar en oogkleur een grotere kans op migraine dan zij die behoren tot andere bevolkingsgroepen. Intussen slikte ik heel wat medicatie tegen die aanvallen die kwamen en gingen op momenten dat ik er niet op zat te wachten. Nadat ik werktechnisch in ander vaarwater was terechtgekomen zakte de frequentie. Was het dan toch (ook) frustratie over falend leiderschap bij het bedrijf waar ik daarvoor had gewerkt? Je zou het bijna denken. Nou, tot zover de theorie. In de praktijk bleven de aanvallen nu langer weg, dat was zeker zo, maar helemaal verdwenen ze niet. En dat is in die twintig jaren waarin het fenomeen zich voor doet ook nooit gebeurd. Ook dit jaar ben ik al een paar maal slachtoffer (..) geworden. Buitengewoon vervelend en altijd onverwacht.

Niks met stress van doen, niets met herkenbaar eten of drinken. Patroon nog steeds gelijk, opkomende flitsen in de ogen, last van geluid en licht. Een beeldscherm bekijken is ondenkbaar als het eenmaal aan de gang is en daarna als de duvel zelve pijnstillers nemen en rust. Al is het maar een paar uurtjes. Nadat de hoofdpijn (met alle bijverschijnselen) is verdwenen moet ik nog even rustig aan doen. Voel me dan net of ik een kater heb van de drank, maar 24 uur later is het verdwenen als sneeuw voor de zon. Hoezo migraine? Nou, vertel het me maar, waardoor het nu nog steeds een rol speelt. En waarom ik dat als blondharige, blauwogige Vikingman kreeg toen ik de al wat ouder was dan de glanzende tienerleeftijd. Zat het in de genen? Niet dat ik weet of wist, vroeger thuis nooit mee te maken gehad. Maar misschien werd dat wel buiten beeld gehouden, al kon mijn moeder best wel eens mekkeren of lichamelijke kwalen. Deze hoofdpijnen werden niet benoemd. Dus het fenomeen heeft me zomaar uitverkoren om me te pesten. Hoe dan ook, ik wens het niemand toe. Akelig kwaaltje. Maar het kan altijd erger denk ik dan…en dat is natuurlijk zo. Je hoeft er maar even op Google de informatie over migraine op na te slaan. Mensen raken er soms compleet door geveld. Dat heb ik dan wat minder. Gelukkig maar….

De stekker er uit…na 25 jaar…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het was in het jaar 1991 dat ik de stap zette om ‘iets’ voor mij zelf op te zetten. Een adviesbureau moest het worden, marketing/reclame/PR als disciplines. Het eerste diploma op dat gebied zat net in de binnenzak en ach, kwaad kon het niet. De fase waarin ik mij toen bevond stond toe om eens goed rond te kijken naar wat er nog meer voor mogelijkheden bestonden. De naam haalde ik uit mijn hobbybeleving van voorheen. En inspireerde o.a. doordat het een vrije vogel gevoel gaf en wat mogelijkheden om de kleurstelling van de huisstijl af te laten wijken van alles wat in dat wereldje van reclame en marketing toen gebruikelijk was. Ik ben niet zo van de afkortingen, maar achter de naam van het bedrijfje kwam alsnog A.S.A. te staan, waarmee ik mijn Advertising and Sales Agency een internationaal tintje gaf. En dat was niet zo gek als je zag dat mijn eerste klant een bedrijf was in ‘Office Supplies’ en de tweede een Aziatische ‘Airline’.

bos-en-lommer-beelden-141107-003De startstappen waren gezet en door de jaren heen zou ik er met wisselend succes een stukje omzet en (extra)inkomen uit kunnen peuren. Dit jaar op 1 april bestond de naam officieel 25 jaar. Best een tijd. Maar dat vierde ik toch maar niet echt. De beslissing was al gevallen om de stekker er wat betreft het advies geven uit te trekken. Genoeg van het gewerk, het gelobby, het zoeken naar klanten. De wereld is veranderd. Mensen bij bedrijven doen veel dingen zelf. En voor de echte communicatieve vaardigheden zoeken ze hulp bij een gratis stagehulp of het neefje van het nichtje in de familie die ook een printer heeft. Daarbij is het maken van een website voor velen een fluitje van een cent geworden. Blijft de creativiteit, de kennis op het gebied van klantentevredenheid/vriendelijkheid en de tekstuele vaardigheden. Dus blijf ik schrijfactief. Maar vanuit het reclamevak worden die zelden meer gevraagd. Malaise in de bladenwereld mocht ik in al die jaren trouwens ook nog ervaren. Print raakte uit, digitaal in. Dat kon ik aardig bijbenen gelukkig.

yellowbird-chainToch menen veel mensen zelf wel een tekstje te kunnen bedenken. Je ziet het overal om je heen, die zelfwerkzaamheid. Niks mis mee, als het goed gebeurt. Hoe dan ook, ik stopte met het bureau. Vanaf 8 oktober is het bedrijfje uitgeschreven bij de KvK. De domeinnaam blijft bestaan, de mailadressen, de kennis, de schrijverij maar niet meer de wil om overal soms tegen beter weten in achteraan te hollen. En de herinneringen aan een kwart eeuw leuk werk waar ik het nodige plezier aan beleefde. Maar het is ook mooi geweest. De reddingsboot van 1991 is nu opgeborgen. Bijgeschreven in de herinnering en het digitale archief. Nu nog even die papieren dossiers opruimen. Want die staan me intussen aardig in de weg…..

 

Zaanse rommelmarkt; vergeefse en dure moeite!

WP_20150214_004Onlangs waren we weer eens onderweg voor de zoveelste zoektocht naar dat ultieme vindersgeluk als in een blog hiervoor al eerder beschreven. Via Google kwamen we er achter dat er juist dat weekend een Rommelmarkt werd gehouden in Zaandam, redelijk op rij-afstand van onze woonstede. Omdat er in de aanduiding ook werd vermeld dat er een ‘Foodcourt’ en een kunstafdeling te zien zouden zijn waagden wij de stap en reden naar de Zaanse locatie aan de Hemkade, tegen het indrukwekkende Noordzeekanaal gelegen. De parkeerplekken waren schaars, maar we vonden er met behulp van de aanwezige verkeersregelaars toch een. Naar binnen. Entree was maar liefst vier euro p.p. Best veel geld. De rommelmarkthal was groot, er stonden iets van 150 stallen. Warm was het er overigens niet. Het aanbod kwam van over het hele land weg.

WP_20150214_002Mensen uit Zwolle, Rotterdam, zelfs het zuiden. Kennelijk rijden deze handelaren (..) het hele land af om hun spullen te kunnen verkopen. Maar wat ik vooral zag was veel te duur spul met een overmatige claim op het uniek zijn van het gebodene. Dat was jammer, want ouwe meuk blijft ouwe meuk, zelfs als je er zelf een verguld randje aan wilt hangen. De handelaren waren ook per definitie niet aardig. Of dat nu zat in de ambiance, het koperspubliek, maar de combinatie maakte dat we niet echt gelukkig werden van wat er zoal geboden werd. Het Foodcourt bleek te bestaan uit een paar stallen met snacks en frisdranken die in een tochtige tussenhal probeerden hun handel te slijten. De toiletten, keurig netjes overigens, kostten 50 cent p.p. Ook dat nog. Uiteindelijk waren we 9 euro verder en hadden helemaal niets gevonden naar onze zin. Dat doen we bij de andere beurzen waar we nog wel eens langs hobbelen beter.

WP_20150214_003Nee, het bekende organisatiebureau Don’s moet meer werk verrichten en beter verzorgen dat wat er wordt geboden ook echt de moeite van het bekijken of kopen waard is. In de IJhallen houdt men ook nog wel eens een beurs en dat is ondanks de koude in de enorme hallen, een leuke beurs met een veel beter en breder aanbod. Zaandam slaan we voortaan maar over. Niet de stad overigens, maar die rommelmarkt.

Smerige katten…

Poezen maken de dienst uit in huize Pool - 2006 001Zo lang ik me kan herinneren leef ik al met en tussen de huisdieren. Niet van de vreemde of agrarische soort, ik schreef er al eens eerder een stukje over, nee gewoon honden, poezen wat tropische vissen of een verdwaalde parkiet. Allemaal in mijn jeugd meegemaakt en dan krijg je toch iets mee van….ik wil dat ook!  Nu zijn parkieten niet mijn ding en heb ik na een enkele ervaring met tropische vissen in een niet waterdicht aquarium in combinatie met de nodige ziekten dat stukje dierenleven al decennia geleden opgegeven. Het bleef bij diverse katten, poezen en een enkele hond. Dieren die me het leven aangenamer maakten, een huis tot thuis maakten en dat nog steeds doen. Net als wij mensen hebben ook die dieren bepaalde nadelen. De kattenbak is geen genoegen, al is het vrouwlief die zich daarmee het meeste bezighoudt. Dat zo’n diertje af en toe even zijn maaginhoud op tapijt of jouw schoenen deponeert mag ook in het vakje ‘onaangenaam’ worden opgenomen. En de schade die je hebt of krijgt als zo’n dier zijn plek in huis even duidelijk afbakent moet je incalculeren. Doe je dat niet wordt het geen gelukkige samenleving met die viervoeters en zijn beide partijen ongelukkig. Een hond, zo heb ik ervaren, moet gewoon minstens drie keer per dag naar buiten. Of het nu regent, waait, sneeuw of vriest dat het kraakt. Er uit moet je. Valt niet altijd mee.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAJuist onlangs las ik een boek waarin levensvragen over allerlei verschillende facetten daarvan worden beantwoord. (Waarom je kat niet mee naar bed mag – Ellen de Visser – ISBN 978-90-351-3957-2) Zoals ‘is het verstandig de kat in bed toe te laten?’. Nou, dat antwoord viel me nogal tegen. Nee! De poes mag never-nooit in bed liggen, niet eens in de slaapkamer aanwezig zijn en je moet na elke aaibeurt je handen uitgebreid ontsmetten. Het verhaal daar achter zit hem in het feit dat poezen eigenlijk vol zitten met agressieve virussen en bacillen, dat ze hun huid likken met een tong die even daarvoor hun poep en plasinstrumenten hebben schoongemaakt en dat daardoor alleen al duizenden enge ziektekiemen jouw leven kunnen verzieken. Tja! Ik heb er nooit last van gehad, al moet ik zeggen dat de meeste poezen die wij hadden of nog bezitten (al zien poezen dat precies andersom..) meestal in hun eigen mandje of stoel de slaap met ons delen. Slechts de nieuwe Pixel is er een van de geborgenheid en die nestelt zich graag tegen ons aan als hij de kans krijgt. Om daarbij ineens uit te groeien tot een kat van twee meter en een gewicht dat een beetje fikse herdershond niet zou misstaan. De auteur van het boek waarover ik het heb, zou het een ware gruwel zijn.

WP_20140905_001Die wil ook dat je een hond buiten de deur in de kou neerlegt, en niet in huis. Allemaal omwille van de properheid. Al die enge haren en zo. Nu was onze Purdy indertijd gewend om beneden te blijven, hij durfde niet eens de trap op naar de slaapvertrekken, maar dat was dan toch nog in huis. Helemaal fout. Huisdieren horen daar niet, die moet je ver van je af houden. Vraag ik me direct af waarom je ze dan uberhaupt zou moeten willen hebben. Het is ook een beetje een knuffeldier toch? En vanavond, als we met boek en Smart op de bank zitten en beide poezen zich dicht tegen me aan nestelen voelt dat buitengewoon goed. Huis wordt er echt thuis door en dat we eigenlijk in dienst staan van die beesten, so be it! En wat die auteur betreft; die houdt volgens mij niet van dieren. Net echt althans. Want laten we wel zijn, ook mensen zijn verspreiders van de meest enge ziektekiemen en soms buitengewoon viezig in hun gedrag. Moet je daarom je partner uit bed mikken of de vriendenkring opschonen? Nee toch? Nou dan!