BMW’s wederopstanding in de jaren zestig..

Het zat BMW niet mee in de jaren voorafgaand aan de introductie van de achteraf gezien zo succesvolle 1500-1600-1800-2000-serie. Het Beierse bedrijf had zich een decennium lang slechts kunnen handhaven door vooral kleine, goedkope en zuinige auto’s te produceren die soms ook nog van een bedenkelijke kwaliteit op het gebied van veiligheid en wegligging bleken. Maar met de 1500 die in 1961 verscheen en tot en met 1966 werd gebouwd kreeg het bedrijf weer wat vat op de steeds groter groeiende consumentenmarkt. Met een 1500cc motor die 75 pk leverde en een top haalde van 150km/u was BMW in een keer weer het merk dat voor de tweede wereldoorlog zo’n grote naam en faam had opgebouwd. Nu was het ook weer niet zo dat BMW indertijd slechts dwergautootjes bouwde. Men had ook nog een grote auto in productie, de 1800, die met zijn vlotte vormgeving en fikse prestaties vooral in het thuisland razend populair was.

Maar met een nieuwprijs van ver boven de (omgerekend) € 5.500,- was dat best een dure bak voor de gemiddelde Nederlandse autokoper in die tijd. Toch zette die auto qua lijnvoering en motorisering wel de toon voor de nieuwe lijn kleinere sedans die het merk in 1964 op de markt bracht. Was de grote broer een vierdeurs sedan, de kleinere modellen waren over het algemeen tweedeurs uitgevoerd en hadden een beperkte ruimte voor de achterpassagiers. Maar met een top van 150-160km/u (ook sterkere motoren kwamen het gamma versterken)was die BMW  echt iets voor de verwende automobilist. In de relatief grote sedan, hij was 4.50mtr lang en 1.71mtr breed, was ruimte genoeg en er kon ook nog een sloot bagage in mee. De motoren waren wel kwetsbaar voor mishandeling door de berijders en ze wilden dan nog wel eens wat gaan pluimen door overmatig olieverbruik. In 1966 kwam er een tweeliter motor beschikbaar met 100pk bij 5500tpm.

Die haalde al ruim 170km/u en zette de toon voor toekomstige modellen. Een paar jaar later kwam er ook nog een nieuwe 1800cc motor in het programma die de oude motor met om en nabij de zelfde inhoud verving. De nieuwe 1800cc was 12 pk minder krachtig dan zijn voorganger en maakte het onderscheid met de tweeliter ook iets logischer. In 1971 was het over voor de eerste moderne BMW van na de oorlog. De inmiddels razend populaire ‘kleinere’ BMW’s als de 1600 en 2002Ti namen de vlag over als boegbeeld voor de technologische ontwikkelingen die het Duitse sportieve merk inmiddels had doorgemaakt. De 2000 werd opgevolgd door de moderner ogende en nog wat grotere 2500 en 2800. Auto’s die werden uitgerust met een stevige 6-in-lijn. Maar dat is een heel ander verhaal. Overigens zag je de 1800-2000 bij de oosterburen heel vaak in gebruik bij de landelijke en gemeentelijke politiekorpsen. De ruimte en vooral ook de snelheid maakten de auto’s populair. Ze deden nog heel lang dienst en in oudere krimi’s wilden ze nog wel eens te zien zijn in hun groenwitte uitmonstering. Op het dak toen nog een keurige blauwe zwaailamp en tijdens het uitrukken met een wat ouderwets aandoende tweetonige hoorn. Maar een BMW was toch heel andere koek dan de bij ons in die jaren gebruikte Volkswagen kevers………(Beelden: Internet)

 

Werk en vriendschap

Een van mijn verhalen onlangs leidde er ook toe dat er een reactie op de sociale media langs kwam die inhield dat ik vermoedelijk weinig vrienden had overgehouden aan mijn zakelijke carriere. Dat is opmerkelijk genoeg niet zo. Ik geef meteen toe dat het aantal ‘kennissen’ wel per branche verschilde en ook dat na mijn vertrek uit een bepaalde branche zekere contacten vervaagden zoals ik al opmerkte in dat eerdere schrijfsel. Maar de vriendschappen die er nu toe doen en zeker ook worden gekoesterd zijn vaak ontstaan doordat we eerst als collega’s met elkaar omgingen. Mijn oudste nog bestaande vriendschap is met een man die me ooit als 14-jarige inwerkte op mijn nieuwe plek bij een bank waar ik toen als kuiken zonder al te veel ervaring binnen stapte. Hij zelf is een jaartje ouder, had de fase van ‘jongste bediende’ afgesloten en mocht mij toen de les leren. Wij deelden veel, vooral de liefhebberij voor de vliegerij was een gedeelde passie en we waren (achteraf gezien) best wijs voor onze leeftijd.

De vriendschap ontstond en bleef. Tot op de dag van vandaag. En de dames die we beiden oppikten en ons leven inkleurden vonden elkaar ook aardig wat de vriendschap nog eens versterkte. Uit latere werkkringen kwamen ook mensen voort die ik nu tot mijn vriendenkring reken en die jaren later nog worden gekoesterd. Maar er vielen er ook heel wat af. Men had iets van me nodig, men accepteerde (..) mijn manier van werken of handelen. Zwart of wit, ‘eens zien wat we voor mekaar kunnen betekenen’. Het heeft me vaak weinig gebracht. En die mensen verdwijnen dan via een zijdeur uit je persoonlijke geschiedenis. Een andere leuk verhaal is de ontmoeting in Beieren die zou leiden tot een geweldige vriendschap die ook nu nog bestaat.

Al rijdend naar het thuisland van onze Tsjech in een tijdperk dat dit land nog anders heette en achter een IJzeren Gordijn verkeerde maakten we een plasstop langs de snelweg vlakbij Neurenberg. Op de parkeerplaats ontmoetten we een echtpaar dat in een soortgelijke auto ook vanuit Nederland op weg was naar die eindbestemming. En naar bleek behoorde bij het dealergezelschap dat door de importeur was uitgenodigd rijdend richting fabriek te komen. We reden later achter mekaar aan, hadden de grootste lol in dat prachtige (maar toen zo grijze) land Tsjecho-Slowakije en bleven vrienden voor het leven. Intussen alweer 39 jaar. Dat vieren we uiteraard en we genieten van de lol die we nog steeds samen hebben. Door dik en dun, bij hoogte- of dieptepunten. Dat is vriendschap ook volgens mij, onbevooroordeeld, zonder al te stroperig te hoeven zijn. Niet eens elke week elkaar ziende, misschien juist wel niet. In de meest recente fase bleek het www een bron van mooie en gewaardeerde contacten. Vriendschappen die passen als een handschoen en net zo worden gewaardeerd als die oudere en fysiek bevestigde. En zo heeft elke levensfase zijn eigen vrienden opgeleverd en waarderen we die ieder op zich en op de eigen wijze. Het valt dus nogal mee. Alleen die luchtvaartwereld, die bracht niet zoveel. Wellicht te vluchtig van karakter of zo….