De N van Naaktheid – Onlangs was er in Londen net als in onze stad een ‘Naked Bike ride’ voor een of ander doel. Vaak georganiseerd vanuit de milieuvriendelijke gedachte dat het naakte bestaan wordt bedreigd door alles wat riekt naar moderniteit. Zal vast iets in zitten, maar om nu naakt door een stad heen te rijden op een fiets waarvan je weet dat het zadel bepaalde delen zal voorzien van blaren en littekens die nooit meer weggaan lijkt mij helemaal niks. Nu was 85% van de deelnemers van mijn leeftijd en man, de rest bewoog zich in de hoek van de dames en jongeren. Naaktheid is echt iets geworden voor de ouderen. Ook nudistencampings merken dat aan hun ledenbestand (..). Jongeren zijn preutser dan ooit geworden. Het strand is het bewijs. Niks topless meer, geen strings als bedekking. Nee, bikini’s van enige degelijkheid zijn de norm en de zwembroeken van de mannen zijn tegenwoordig tot op de knie uitgezakt.
De vroegere Speedo’s zijn voorbehouden aan gewichtsheffers en zangers van twijfelachtig allooi. Het waarom van de afzwering van de naaktheid zit deels in de nieuwe samenleving. Vrouwen willen geen ‘prooi’ zijn van allerlei types die menen dat zij in het Paradijs zijn gedropt en elke vrouw als Eva mag worden gezien of beetgepakt. Waarbij zij zelf de rol van onuitgenodigde Adam willen spelen. Gewend als ze zijn aan van top tot teen ingepakte vrouwelijke wezens, is naaktheid voor hen een teken van duivelse invloeden, maar wel een die lekker smaakt. Wat je ook ziet is dat de jongere generatie überhaupt minder heeft met naaktheid, al leeft men wel met sociale media waar dit fenomeen met dragline-scheppen wordt aangeboden. Kennelijk is dat interessanter dan het echte werk. Nu is naaktheid heerlijk. Als je dat doet op plekken waar het kan of past. Onlangs las ik dat nu ook in de sauna 45% van de mensen daar kleding aanhoudt onder druk van de omstandigheden. Ook kleedkamers van sportclubs kennen het fenomeen.
De douche wordt niet meer gebruikt zoals ooit bedoeld, maar daar zijn geklede zichzelf wassers heel normaal geworden. De norm is dus vertrutting, en als je ook maar een beetje progressief bent in je denken moet dat toch een gruwel zijn. Natuurlijk, alles gaat op en neer in de geschiedenis. Vroegere Romeinen gingen naast elkaar op een plank zitten ontlasten. En bespraken in die omstandigheden de dingen van de dag. Ik moet er niet aan denken, maar het geeft wel aan dat wij onder druk van de omstandigheden van preuts naar naakt gingen en nu weer in de omgekeerde richting aan het bewegen zijn. We verhullen niet alleen in de politieke arena bepaalde zaken met de mantel der liefde. Dat doen we ook in ons eigen lijf en leven. En daardoor wordt de maatschappij zoals we hem wellicht niet willen ervaren. Wie dat wel wil moet alles eens laten vallen. Naaktheid is geweldig denk ik, maar niet op de fiets. Wie daar anders over denkt mag het me uiteraard hier of elders even melden.

Vooral in linkse politieke kring bestaat het idee dat je alles kunt veranderen wat ‘is’ en nu niet goed lijkt. Vooral als het proces zelf wordt betaald door anderen (lees de belastingbetaler) is veel mogelijk. Toch is de grootste verandering die onze maatschappij recent meemaakte vooral die waarbij het kapitalisme en neo-liberalisme de overhand kregen en de sociaal-democratie volkomen aan invloed en waarde verloor. Een beeld dat je in veel landen om ons heen ook ziet. We gaan ‘participeren’ en verschuiven de sociale druk naar de private sector. Ooit begonnen met het onzalige plan om de ziektekostenverzekering onder te brengen bij de verzekeraars in ons land die daar goede zaken mee konden doen. De overheid doet stappen terug, verschuift de verantwoording naar een lagere sector zoals de gemeenten die dan met een kwart minder aan voorheen beschikbaar budget maar moeten zien dat ze dezelfde vormen van ondersteuning en zorg bieden die voorheen in ons sociale paradijsje kwam van de centrale overheid. We hebben in een paar jaar tijd de arbeidswetten vrijwel volledig gesloopt, het ontslagrecht compleet ontmanteld.
Wie nu wil gaan werken krijgt vermoedelijk nooit meer een vast contract. Werkgevers maken meer winst dan ooit, werknemers hebben weinig zicht op loonsverhogingen. Daarbij zie je een ontmanteling van de ouderenzorg, worden leerkrachten opgezadeld met een overdaad aan regels die niets met de eigenlijk opleiding van leerlingen van doen hebben en worden zaken als lichamelijke opvoeding en zwemmen afgeschaft. De resultaten zien we elke dag terug. Want onze maatschappij is niet maakbaar zoals de socialisten geloofden, hij is onderdeel van een evolutie. En in die evolutie wordt ook ons landje overspoeld door mensen van buiten die afkomen op de sociale voorzieningen die wij in het verleden opbouwden en daar gretig gebruik van maken. Al is het slechts bed, brood, en bad, dan nog is het meer dan je krijgt in een kansloze positie op het Afrikaanse platteland. Vraag is wel wie die kosten draagt voor deze onverwachte opvang.
Want naast de Afrikaanse immigratie is er ook de vluchtelingenstroom (…) uit veelal islamitische landen, gezinsherenigingen en zo meer. Elke jaar schrijven zich 80-100.000 nieuwe mensen zich in als inwoner van dit land. Daardoor stijgt het aantal inwoners (te)snel en raken zaken in de samenleving uit balans. De gevolgen zien we elke dag in de media. Oproer, onrust, populisme van links en rechts, een lastig te vormen coalitie. En sociale media die soms ontploffen en bepaald geen voorbeeld zijn van een maakbare maatschappij met begrip voor het ene of andere standpunt. Ik denk ook dat de politiek nog steeds niets heeft geleerd van bewegingen die onder Fortuyn en later Wilders zijn ontstaan en gegroeid.
Men beslist nog steeds het liefst over de hoofden van bewoners van land en stad of dorp heen en vindt het vreemd dat steeds beter opgeleide burgers een andere mening verkondigen. Weg zetten als islamofoob of racist is dan een onfatsoenlijke benadering van de discussie. Maakbaar is een maatschappij waarin je zaken erkent, benoemt, maar ook waar je zorgt dat zaken die niet deugen worden opgelost. Met zalvende woorden alleen kom je er niet. En als iemand zijn oma uit een verzorgingshuis wordt geknikkerd vanwege de bezuinigingen en in een of ander tuinhuisje haar laatste participatiedagen moet slijten is het bouwen van nieuwe huizen voor asielzoekers wel wrang. Dat vraagt uitleg, fatsoen, begrip en wellicht ook het inzicht dat niet alles maakbaar is en dat je soms rekening moet houden met mensen die anders aankijken tegen de gevolgen van massa-immigratie of globalisering. En dat onbegrip is een gevolg van het falen bij de sociaal-democratie in mijn ogen. Had men daar meer opgelet was dat maakbare gewoon gebleven. En de splijting der geesten niet zo diep geworteld geraakt. Want dat brengt niks. Daarbij, toegeven moet geen eenzijdig proces zijn, maar van twee kanten komen. Pas dan wordt die maatschappij weer een beetje maakbaar…
Een van mijn verhalen onlangs leidde er ook toe dat er een reactie op de sociale media langs kwam die inhield dat ik vermoedelijk weinig vrienden had overgehouden aan mijn zakelijke carriere. Dat is opmerkelijk genoeg niet zo. Ik geef meteen toe dat het aantal ‘kennissen’ wel per branche verschilde en ook dat na mijn vertrek uit een bepaalde branche zekere contacten vervaagden zoals ik al opmerkte in dat eerdere schrijfsel. Maar de vriendschappen die er nu toe doen en zeker ook worden gekoesterd zijn vaak ontstaan doordat we eerst als collega’s met elkaar omgingen. Mijn oudste nog bestaande vriendschap is met een man die me ooit als 14-jarige inwerkte op mijn nieuwe plek bij een bank waar ik toen als kuiken zonder al te veel ervaring binnen stapte. Hij zelf is een jaartje ouder, had de fase van ‘jongste bediende’ afgesloten en mocht mij toen de les leren. Wij deelden veel, vooral de liefhebberij voor de vliegerij was een gedeelde passie en we waren (achteraf gezien) best wijs voor onze leeftijd.
De vriendschap ontstond en bleef. Tot op de dag van vandaag. En de dames die we beiden oppikten en ons leven inkleurden vonden elkaar ook aardig wat de vriendschap nog eens versterkte. Uit latere werkkringen kwamen ook mensen voort die ik nu tot mijn vriendenkring reken en die jaren later nog worden gekoesterd. Maar er vielen er ook heel wat af. Men had iets van me nodig, men accepteerde (..) mijn manier van werken of handelen. Zwart of wit, ‘eens zien wat we voor mekaar kunnen betekenen’. Het heeft me vaak weinig gebracht. En die mensen verdwijnen dan via een zijdeur uit je persoonlijke geschiedenis. Een andere leuk verhaal is de ontmoeting in Beieren die zou leiden tot een geweldige vriendschap die ook nu nog bestaat.
Al rijdend naar het thuisland van onze Tsjech in een tijdperk dat dit land nog anders heette en achter een IJzeren Gordijn verkeerde maakten we een plasstop langs de snelweg vlakbij Neurenberg. Op de parkeerplaats ontmoetten we een echtpaar dat in een soortgelijke auto ook vanuit Nederland op weg was naar die eindbestemming. En naar bleek behoorde bij het dealergezelschap dat door de importeur was uitgenodigd rijdend richting fabriek te komen. We reden later achter mekaar aan, hadden de grootste lol in dat prachtige (maar toen zo grijze) land Tsjecho-Slowakije en bleven vrienden voor het leven. Intussen alweer 39 jaar. Dat vieren we uiteraard en we genieten van de lol die we nog steeds samen hebben. Door dik en dun, bij hoogte- of dieptepunten. Dat is vriendschap ook volgens mij, onbevooroordeeld, zonder al te stroperig te hoeven zijn. Niet eens elke week elkaar ziende, misschien juist wel niet. In de meest recente fase bleek het www een bron van mooie en gewaardeerde contacten. Vriendschappen die passen als een handschoen en net zo worden gewaardeerd als die oudere en fysiek bevestigde. En zo heeft elke levensfase zijn eigen vrienden opgeleverd en waarderen we die ieder op zich en op de eigen wijze. Het valt dus nogal mee. Alleen die luchtvaartwereld, die bracht niet zoveel. Wellicht te vluchtig van karakter of zo….
Wat we nu zien aan terreur was een eeuw eerder vooral het werk van anarchisten. Mensen met een afkeer van het burgerlijke en wettelijke of democratische. Zij zetten zich af met soortgelijke terreurdaden als we in onze dagen zien, al was of is de achtergrond van de daders dan anders. Het geestelijk welzijn van die daders is wel vergelijkbaar. Vaak mensen die bewust niet nadenken over de gevolgen van hun daden voor de slachtoffers omdat ze die zien als onderdeel van de gehate maatschappij die zij zelf willen veranderen. Bij die anarchisten, voortgekomen uit de revolutie van de socialisten of communisten, ging het om een totale ontkenning van de centrale macht. Of dat nu een regering betrof, een geloof of een Partij zoals de communistische. In basis stamde het idee van die anarchie uit de 19e eeuw toen bepaalde stromingen zich verzetten tegen het idee dat kapitaal, productiemiddelen en bijvoorbeeld bodemschatten in een beperkt aantal handen verkeerde en de grote massa daar niet voldoende van zou profiteren.
En die anarchie hield het niet bij woorden alleen. Ook al waren er stromingen binnen de anarchie die geweld verafschuwden namen sommige van die lieden het recht in eigen hand. Zij plaatsen bommen en vermoordden mensen omdat ze vonden dat die hun kijk op de wereld in de weg stonden. Ook in onze dagen kennen we deze lieden nog steeds. Veelal nog steeds aan de extreme linkerkant van het politieke spectrum. Veelal zitten ze nu in de hoek van de ecoanarchisten, mensen die het milieu willen beschermen en daarvoor alles in zullen zetten om hun doelen te bereiken. Ze steken fokkerijen in brand en blokkeren kolencentrales of soortgelijke acties. Dat dit kan leiden tot veel ernstiger zaken bewees de moordenaar van Pim Fortuyn. Heeft maling aan de samenleving en gaat door roeien en ruiten om zijn onaangepaste instelling te verdedigen. De anarchie is gericht op het doen vervangen van wat nu normaal is door een samenleving waarin het communistische denken tot in de laatste letter wordt uitgevoerd en alles van iedereen is en niemand meer macht heeft over de ander.
Een aardig idee, maar meteen ook levensgevaarlijk natuurlijk. Hoe dan ook, de anarchie met zijn geweldsuitspattingen kende zijn hoogtepunt voor W.O. 1. Daarna verdween het wat naar een donker gebied aan de linkerkant van onze samenleving. Waar het nog steeds te vinden is. Veel kraker zijn in feite anarchistisch in hun denken en doen. En opvallend is hun afkeer van alles wat rechts is en wellicht een verstoring van hun ideale wereldbeeld zou kunnen opleveren. En dat we dit gevaar niet moeten veronachtzamen heeft o.a. de Rote Armee Fraktion laten zien. Kortom, gevaar komt niet alleen van ultrarechts of uit moslimextremisme. Het zit ook elders en het vraagt van onze bestuurders een grote wijsheid om ook daar goed op te letten en op te treden als er weer eens een escalatie dreigt. Want geweld is geweld. Voor de slachtoffers maakt het allemaal maar weinig verschil. Toch? (Beelden: Internet)
Eens in de zoveel jaar wordt in het chique Amsterdam-Zuid een kunsttentoonstelling op straat georganiseerd die van heinde en verre bezoekers trekt. Het gaat niet om een paar schilderijen of zo, maar meestal om grote objecten die men dan plaatst in de plantsoenen van het woongebied vol miljoenen kostende woningen eromheen. Vanaf het station WTC tot pakweg de Beethovenstraat staan de chique lanen dan vol met bijzonder kunstzinnig werk. Art Zuid heet het fenomeen en we zijn er vanaf moment een dat men er mee startte elke keer te gast. Zo ook dit jaar. Vol verwachting. Nou dat viel wat tegen.
Men heeft dit jaar gekozen voor moderne lineaire kunst. Obstakels, kunstwerken kan ik het niet eens noemen, die bestonden uit een mislukt hekwerk met een liggende metalen paal erop, een ingepakte boomstronk, een in het grind begraven kiepwagen. Allemaal zaken waar je zelfs vanaf het tekstplaatje dat keurig aan gaf wat de kunstenaar er zelf in zag, niets kon herkennen. We liepen de route af en kwamen tot de slotsom dat deze editie aan ons voorbij zou gaan qua enthousiasme. Deze editie is bepaald niet de beste, al zullen ware kunstliefhebbers er heel anders over denken. Ik ben toch meer van de zaken waar je in kunt verdwijnen, op kunt klauteren, die zelfstandig bewegen, of waar je om moet lachen.
Kunst moet naar mijn mening niet alleen de kunstenaar zelf dienen, maar ook de toeschouwers. Wij liepen erlangs en keken ernaar. Maar dat was het wel. Op enig moment sloegen we een zijstraat in en keken dan nog liever naar de fraaie bomen die we langs een mooie hoofdstedelijke gracht zagen staan, dan naar die wonderlijke bouwsels met kunstzinnige achtergrond. Waarom men koos voor deze richting is me niet duidelijk. Art Zuid communiceert veel over de editie van dit jaar en laat ook heel andere dingen zien dan wij op straat zagen staan. In ieder geval langs de ons bekende route.
Wellicht dat we zaken hebben gemist, maar wat we zagen hadden we ook best kunnen missen. En dat gaf geen goed gevoel. Maakte de dag er overigens niet minder om want we knoopten er een stevige wandeling aan vast. En die was wel leuk.
Terwijl ik dit tik is het zweten geblazen. Warm! Juni is echt zomers begonnen en zet ook zo door. Het maakt de dagen plezieriger, de kansen om ergens heen te gaan om daar nieuwe zaken te ontdekken, groter en de lol van de lange dagen groter. Zomers weer maakt mensen ook vrolijker. Je ziet dat in de manier waarop ze zich kleden, gedragen, praten. Al ben ik dan weer niet zo enthousiast over al die barbecue-fans die zorgen dat je soms de tuindeuren moet sluiten omdat anders jouw huis blauw van de rook staat zonder dat je er om hebt gevraagd. Minder leuk is ook dat mensen tot diep in de nacht in de tuin of op hun tuinbankjes voor de deur gaan zitten kleppen. Ik misgun uiteraard niemand iets, maar laat me wel slapen als mijn fysiek daarom vraagt. Maar als ik het af zet tegen de zonnewarmte en het genoegen van zomerse taferelen ben ik zelfs op dat punt van die nadelen, mild. Je moet het maar accepteren. Zien dat we er mee leven.
Ik merk ook ik in de zon zitten nog leuk vind ook. Nou ja, een minuutje of tien. Als het me te heet op de botten wordt vlucht ik naar de schaduw, maar toch. Ik was nooit zo’n zonaanbidder en eigenlijk is dat nog zo. Ooit, in het zuiden van Portugal, daar genoot ik er wel van en werd zo bruin als een Portugese Adonis. Maar daar hadden we dan ook zo’n fijne bungalow met dakterras en zwembad voor gasten en een volstrekt leeg strand op 100 meter afstand van het complex waar we zaten. We wandelden er in Adam-kostuum de zee in en werden zo egaal bruin zonder verbranden. Hetzelfde trucje een paar jaar later op Cran Canaria zorgde voor brandwonden van de redelijk ernstige soort. Dus nee, dat beviel niet. Maar zo’n Nederlandse zomer is echt iets voor me. Af en toe even een graad of 20 met wat wolken, wellicht een buitje en dan de volgende dagen weer lekker zonnig. Zo is het lekker. En ik hoop dat we er met zijn allen nog een tijdje van mogen genieten. (Beeld: Internet)
‘En’ vroeg mijn buurman toen hij mij met mijn voor Schipholse dagen ingerichte bagage richting de Tsjechische lastezel zag lopen, ‘went het al dat pensioen?’. ‘Ja hoor!’ gaf ik eerlijk als ik ben aan. En zo is het ook. Na 1,5 jaar geleden de deur van het ondernemerschap te hebben afgesloten en ik meer dan een halve eeuw had gezorgd voor brood en beleg plus nog wat luxe was het mooi geweest. En duurde het even om aan het ‘nietsdoen’ te wennen. Nu is niets in dat opzicht nog wat relatief. Elke dag schrijf ik mijn verhalen nog op het internet, maakte ik mijn derde boek af en reizen we door Nederland en Duitsland op zoek naar leuke dingen of mooie plekken. Van groeiende geraniums heb ik geen last. Zo lang het nog kan genieten we met volle teugen. Voor mijn buurman is dat besluit en besef pas geleden genomen en gekomen. Ook hij werkte al enige tijd als onafhankelijk adviseur en hij verdiende daar aardig zijn brood mee.
Maar soms zijn er omstandigheden die je niet kunt bevechten en dus staakte ook hij zijn professioneel geraas. Zorg voor vrouw, kinderen en kleinkinderen nam de plaats in van afspraken met relaties of zoeken naar opdrachten. Net zoals het mij verging. Hij gaf eerlijk aan dat hij nog moest wennen aan die situatie. Ik glimlachte hem toe en stelde ‘dat het echt zal komen dat besef’. Waarbij ik uit ervaring weet dat het afbreken van je professionele netwerk doordat je hebt besloten daar niets meer in te doen het meest pijnlijke aanvoelt. Nu was ik in mijn carrière een paar maal eerder van de hak op de tak gesprongen, ambitie vraagt soms om stappen opzij om dan daarna weer omhoog te kunnen. En dan nam ik afscheid van een wereld die ik zelf goed kende en lieden die ook mij om mijn professionalisme waardeerden.
Maar eenmaal weg werd je outcast. Je behoorde er niet meer bij, je had een andere weg gekozen. Vervelend, maar het was en is niet anders. Nieuwe kansen en ook nieuwe mensen kwamen ervoor in de plaats. En ook dat wende snel. Jarenlang heb ik professioneel gediend op Schiphol en Maastricht Airport, nu kijk ik er naar de vliegtuigen en voel niets meer met de plekken waar ik vroeger ‘achter het hek’ actief was. Geldt ook voor de autowereld. Langere carrière gehad, maar ik kijk er nu objectief naar en bij mijn dealer als ‘klant’. Zijn allemaal processen waar je mee te maken krijgt. Ook als gepensioneerde harde werker. En ik tel mijn knopen op dit gebied. Zoveel mensen haalden hun pensioen niet eens, of konden daar veel te kort van genieten. Dat zal nooit wennen. En dat zal mijn buurman ook wel ontdekken. (beeld: Internet)
We aten onlangs met lieve vrienden weer eens op een bijzondere locatie. Voldoende bijzonder om er even een verhaaltje aan op te hangen. Niet zo maar een horecagevalletje voor een standaard recensie maar in dit geval een school waar men jonge mensen het schone vak van restaurateur, hotelier of manager in een soortgelijk bedrijf bijbrengt. Op VMBO-niveau, maar wel zodanig dat men kan doorstromen naar het HBO op dit gebied. Het instituut achter die school heet Hubertus & Berkhoff en zetelt in een fraai nieuwbouwpand in een straat tegenover het RAI-complex in Amsterdam-Zuid. Een plek waar je in een tot restaurant (met bar) omgetoverde ruimte van de school wordt ontvangen alsof je bij een veel-sterren-zaak gaat eten. Uiteraard hadden we ver van te voren gereserveerd, het loopt hier niet onverwacht, storm! De ons toegewezen tafel werd bediend door een jonge dame die in de derde klas van haar opleiding zat en dit jaar richting eindexamen zou gaan. Deze avond was een vuurproef voor haar en dan meteen vier van die ‘oudjes’ aan tafel die nog lastige vragen stelden ook.
Over extra water, welke wijn ze te bieden had en zo meer. Ze had haar lesje echt wel ingestudeerd, maar die extra dingen brachten haar van het stuk. Net zoals de ‘pulletjes’ die andere tafels bedienden. De een met een veel beter verhaal dan de ander, soms een leemte in de kennis invullend met een fraaie uitleg. Die overigens nergens op sloeg, maar dit terzijde. De een heeft het in zich, de ander niet. Hoe dan ook, men bekwaamt zich hier ook in het koken en jongelui die later in de keuken de gevestigde orde van sterrenkoks concurrentie willen aan doen hadden een fraaie opdracht om een viergangendiner voor te schotelen dat ook nog lekker was. En….dat was het. Van een amuse die bestond uit een Komkommer yoghurtsoepje met een crostini met eiersalade, tot een voorgerecht waar we knolselderijsalade met Ardennerham, gerookte kip en longhaas geserveerd kregen.
Hoofdgerecht was geroosterde vis van de dag met pasta en knolselderijpuree, groenten en wat zelf gesneden frietjes. Als dessert gepaneerde chocolade bavaroise met mousse van witte chololade, yoghurt en rood fruit. Buitengewoon smakelijk allemaal en de uiteindelijk gekozen wijnen van uitstekende kwaliteit. Onze hostess had het lastig. Een wijnfles viel om, gelukkig nog niet van kurk ontdaan, ze liet bestek vallen, gooide een glas om, maar loste alles keurig op. Rust is vaak een goede raadgever. We aten lekker, vonden de ambiance prima, het gezelschap was meer dan plezierig en de service goed. Voor 20 Euro per couvert (incl. fooi) was dit een koopje. Als ze weer zoiets bieden gaan we opnieuw kijken of we kunnen reserveren. Een echte aanrader. En bij die jongelui komt het in een aantal gevallen zeker goed. Mits ze dat examen hebben gehaald natuurlijk.
De grote rijkdom van onze geschiedenis is dat we nu o.a. mogen terugkijken naar een wereld waarin ‘Holland’ een belangrijke speler was in de wereld van toen. Niet in de laatste plaats omdat Nederlanders, en met name Amsterdammers, slim waren in de handel. En die steeds rijker wordende handelaren waren niet alleen gek op goud en zilver, ze richtten ook fraaie panden op om hun rijkdom mee te kunnen showen. De hele grachtengordel van Amsterdam staat er nog vol mee. En de musea in ons land maar zeker ook in Amsterdam hangen vol met kunstwerken waarop niet alleen leuke stadsgezichten worden geshowd, maar ook selfies in de vorm van portretten van al die toen zo belangrijke (of zichzelf zo aanduidende) lieden. Die zijn dan ook veel gemaakt. En niet door de minsten. Kunstenaars als Rembrandt verdienden er een aardige boterham mee.
Regenten, bovenlui, zakenlieden, doctoren (chirurgijnen) en soms de geestelijkheid waren dankbare onderwerpen voor de penselen van de ‘Hollandse Meesters’ die al snel ook elders in het toenmalige land wat nu Nederland is hun opdrachten verwierven. En dat deden ze zo goed dat het eigenlijk ging om een culturele industrie die met flink wat geld werd geolied. Veel van die schilderijen kwamen in de eeuwen die volgden via, via in musea of private collecties terecht en worden nu gekoesterd. O.a. de Amsterdamse Hermitage heeft een deel van haar gebouw ingericht vol enorme werken met daarom grote of kleine groepen mensen van een paar honderd jaar terug. Mensen die in onze huidige ogen eigenlijk een beetje boertig, soms zelfs lelijk waren. En dan kijk je er nog alleen maar naar, en ruik je ze niet. Als we dat fenomeen zouden toepassen ging er wellicht geen kip meer naar die exposities.
En dat is jammer want die ‘Hollandse Meesters’ is een aan te raden tentoonstelling. Je kijkt terug naar een tijd waarin rijkdom nog mocht worden geshowd en aandacht voor geld verdienen nog niet negatief was. Het was de tijd van de Baltische reizen, de trips naar het verre Indië, de jaren van de Handelsbeurs. Maar ook van de godsdiensttwisten tussen protestanten en katholieken. Je ziet de zuinigheid, maar aan de andere kant de graag geshowde welvaart. In hoeverre het allemaal mooier is gemaakt? Geen idee. Maar het zal vast wel. Net zoals wij onze foto’s met allerlei bewerkingssoftware verbeteren. In die zin is er weinig veranderd in de loop van de tijd. Al denk ik niet dat we nog samen met de politie op de foto gaan staan, of naast de dominee of pastoor. Neemt niet weg dat de expositie een mooi portret geeft van de Gouden Eeuw en haar toenmalige burgerij. Ik zou je aanraden dat gebouw aan de Amstel toch eens te bezoeken en ervan te genieten.
Soms lees je weleens een boek wat je qua inhoud raakt. Iets mee geeft, of gewoon doet nadenken. Een zo’n boek was het onlangs uitgelezen verhaal ‘De Nachtmoeder’. Carel Donck de auteur, een man die de nodige scenario’s schreef voor Tv-series en films. Los van het verhaal wat ik verder niet zal verklappen is het onderwerp wat hij aansnijdt wel intrigerend. Het gaat over iemand die tracht na haar dood invloed te houden op het leven van de achtergeblevenen. En die kans ook krijgt. Ik moest daar wel even over nadenken. Zou het kunnen, wil ik dat als hert zo ver is gekomen dan ook? Dat hangt natuurlijk af van wat ik zoal zou zien vanaf de wolk waarop ik dan zal verkeren. Vraag is ook of je eenmaal opgenomen in dat wolkenrijk nog enige interesse zou hebben in Aardse zaken. Best iets om eens over na te denken. Wij mensen denken individueel. We zijn op ons zelf ingesteld, domweg omdat we ons niet of nauwelijks in anderen kunnen verplaatsen.
Zou dat anders zijn als geest en lichaam van elkaar gescheiden raken? Komen we terecht in een grote poel van verwante zielen die samen een grote graal vol gedachten vormen? Of blijft die geest zichzelf tot hij rijp wordt geacht ergens anders weer in een lichaam gestopt te worden dat opnieuw tot leven komt? Reïncarnatie en recycling pur-sang. Maar is dat ook iets wat je mag verwachten? Het bewustzijn is zo des levens, het denken van ons mensen ook. Dieren zijn veel instinctmatiger dan wij. Beesten schrijven geen boeken, bedrijven geen politiek, zoeken de grote ruimte niet op, voorspellen het weer niet en ontwikkelen geen technologie. Veel dieren moeten elke dag zien dat ze overleven. Meer zit er niet in. Wij mensen hebben op dat punt een luxe bestaan. Maar hoe komt dat. Waarom ontwikkelden we zaken als geloof?
Toch ergens dat verhevene aanhangen wat we nog steeds niet begrijpen. Het begrip dood en wat er dan met onze geest en denkvermogen gebeurt. De een ziet het als een definitief einde, de ander als een tussenstap op weg naar iets hogers. Dat laatst zorgt trouwens wel voor files in het hiernamaals want er komen wat zielen los van hun lichamen als je dat wilt aannemen. Elke dag weer. En in welke vorm verkeert die ziel dan. Is dat die ziel van een 86-jarige die na een lang en rijk leven ineens niet meer verder leefde, of wordt de teller teruggezet naar een naïeve leeftijd van voor het ‘zeker weten’? Vragen, vragen. Maar het blijft intrigerend om na te denken over hoe je de boel zou kunnen beïnvloeden als je daar de kans toe kreeg. Het boek deed me op dat punt huiveren. Niet vanwege de spanning hoor. Maar omdat ik mezelf al zag draaien aan allerlei radertjes die ik nu als normaal levend en wel denkend mens niet kan bereiken….. Hoe denk jij daarover medeblogger en lezer?