Als een echte leeuw…

Maar liefst dertien pausen droegen ook mijn naam en dus zal er wel een link te vinden zijn naar de katholieke kerk bij het verkrijgen van die naam na mijn geboorte. Best logisch als ik naar mijn achtergrond kijk, al zie ik ook wel dat ik deze naam vooral toch te danken heb aan vernoeming naar mijn biologische vader die hem ook al droeg. Zo ging dat indertijd, vernoeming was een soort eer voor degene wiens naam werd gebruikt voor de nakomeling. En dus bepaalt die naam ook vaak de periode waarin je bent geboren. Ik denk dat mijn naam maar weinig meer voor komt in de moderne lijst van namen voor jongens anno 2017. Nee, ik ben echt een kind van mijn tijd. Maakt me niet minder trots hoor. Die naam heeft een uitleg die er zijn mag. ‘Leeuw’ de meer normale vertaling, maar er is ook een verwijzing naar ‘sterk door genade’. Of dat laatste nu echt een karaktereigenschap is die ik bezit is zeer de vraag.

Maar ik laat het me uiteraard graag aanleunen. De wijsheid die ik hiervoor oreerde komt uit een boek over voornamen dat ik onlangs in nieuwstaat vond bij een kringloopwinkel voor een prikkie. Redelijk recent uitgegeven, en met uitleg over ongeveer elke voornaam die je maar denken kunt. Mooie inspiratiebron voor hen die geen benul hebben hoe ze hun kind over een paar maanden gaan (be)noemen en er ook nog iets origineels aan toe willen voegen. Dat was in mijn tijd wel anders. Nog los van al die Latijnse namen die je eigen roepnaam iets chiques moesten geven, maar die vooral door het aangehangen geloof van de ouders werden ingegeven. En voor elke gelegenheid kwam er wel iets bij. Een katholieke vormnaam of zoiets. Door de jaren heen zijn we op het gebied van namen vrijer geworden. En zoeken het in de bijzondere thema’s. Jan, Piet, Klaas, Henk, Joop, het is allemaal voor het verleden gereserveerd. Modern en aansprekend moet het zijn en dat houdt in dat je over een jaar of veertig wellicht een naam draagt waarvan niemand snapt waarom je die ooit kreeg.

De vernoeming naar voetbal- of andere sterren is er zo een. Los van Johan Cruyff zijn er maar weinig sporters die na een halve eeuw nog door het leven gaan als halve afgoden. In mijn specifieke situatie zie je ook dat de godsdienst geen echte invloed meer heeft en dus dat die typische naam geverij die daarbij hoorde niet meer wordt toegepast. Dat doet men dan in andere stromingen toch wat anders. Bedenk maar eens dat er heel wat Mohammeds worden geboren, als verwijzing naar de profeet van dat relatief nieuwe geloof. In de Christelijke kerken is men gek op de naam Jezus maar is vernoeming toch een beetje heiligschennis. Nee, dan is Johannes (naar De Doper) beter. Maar dat leidt dan weer in de praktijk tot Jan of Joop en omdat die namen zo ouderwets aan doen zoeken we het meer in moderner equivalenten. Of je daar dan net zo trots op zult zijn als ik ben op mijn naam is de vraag. Een echte Leeuw kan dat, ook al ben je dan qua sterrenbeeld gewoon een Steenbok….

Dwalende geest….

Soms lees je weleens een boek wat je qua inhoud raakt. Iets mee geeft, of gewoon doet nadenken. Een zo’n boek was het onlangs uitgelezen verhaal ‘De Nachtmoeder’. Carel Donck de auteur, een man die de nodige scenario’s schreef voor Tv-series en films. Los van het verhaal wat ik verder niet zal verklappen is het onderwerp wat hij aansnijdt wel intrigerend. Het gaat over iemand die tracht na haar dood invloed te houden op het leven van de achtergeblevenen. En die kans ook krijgt. Ik moest daar wel even over nadenken. Zou het kunnen, wil ik dat als hert zo ver is gekomen dan ook? Dat hangt natuurlijk af van wat ik zoal zou zien vanaf de wolk waarop ik dan zal verkeren. Vraag is ook of je eenmaal opgenomen in dat wolkenrijk nog enige interesse zou hebben in Aardse zaken. Best iets om eens over na te denken. Wij mensen denken individueel. We zijn op ons zelf ingesteld, domweg omdat we ons niet of nauwelijks in anderen kunnen verplaatsen.

Zou dat anders zijn als geest en lichaam van elkaar gescheiden raken? Komen we terecht in een grote poel van verwante zielen die samen een grote graal vol gedachten vormen? Of blijft die geest zichzelf tot hij rijp wordt geacht ergens anders weer in een lichaam gestopt te worden dat opnieuw tot leven komt? Reïncarnatie en recycling pur-sang. Maar is dat ook iets wat je mag verwachten? Het bewustzijn is zo des levens, het denken van ons mensen ook. Dieren zijn veel instinctmatiger dan wij. Beesten schrijven geen boeken, bedrijven geen politiek, zoeken de grote ruimte niet op, voorspellen het weer niet en ontwikkelen geen technologie. Veel dieren moeten elke dag zien dat ze overleven. Meer zit er niet in. Wij mensen hebben op dat punt een luxe bestaan. Maar hoe komt dat. Waarom ontwikkelden we zaken als geloof?

Toch ergens dat verhevene aanhangen wat we nog steeds niet begrijpen. Het begrip dood en wat er dan met onze geest en denkvermogen gebeurt. De een ziet het als een definitief einde, de ander als een tussenstap op weg naar iets hogers. Dat laatst zorgt trouwens wel voor files in het hiernamaals want er komen wat zielen los van hun lichamen als je dat wilt aannemen. Elke dag weer. En in welke vorm verkeert die ziel dan. Is dat die ziel van een 86-jarige die na een lang en rijk leven ineens niet meer verder leefde, of wordt de teller teruggezet naar een naïeve leeftijd van voor het ‘zeker weten’? Vragen, vragen. Maar het blijft intrigerend om na te denken over hoe je de boel zou kunnen beïnvloeden als je daar de kans toe kreeg. Het boek deed me op dat punt huiveren. Niet vanwege de spanning hoor. Maar omdat ik mezelf al zag draaien aan allerlei radertjes die ik nu als normaal levend en wel denkend mens niet kan bereiken….. Hoe denk jij daarover medeblogger en lezer?

 

De K van Kopen….

Ik ken sommige mensen die zijn zonder enige twijfel koopverslaafd. Ze kopen om het kopen, niet omdat ze iets echt nodig hebben. Dat is overigens iets wat anderen weer een gruwel is. Die beschreef ik al eens onder de G van Gierig. Maar die kooplustigen zijn precies het tegenovergestelde. Geld moet rollen en het genoegen van iets nieuws scoren is gelijkwaardig aan andere vormen van genot. Helaas duurt dat koopgenot vaak kort. Dat delen overigens al die genotsvormen met elkaar. Kijk maar eens naar een moment in je leven dat je echt naar iets verlangde. Je wilt het heel graag, je spaart of regelt op een of andere wijze dat je aan dat geliefde object kunt komen. Bezit je het dan, neemt het genoegen evenredig snel af. Handig om te weten en zeker reden genoeg om er dan geen leningen voor af te sluiten. Want schuld maken om iets te kopen wat eigenlijk buiten je bereik is, duurt qua gevolg vaak heel wat langer en zorgt ook voor allerlei vervelende bijverschijnselen.

Zo zijn die gratis (..) telefoons bij diverse aanbieders zelden gratis, integendeel, je financiert in feite het gebruik en blijkt achteraf bezien vaak datzelfde toestel dik te hebben betaald. Als iets te mooi lijkt om waar te zijn, is het dat vaak ook. Ben ik zelf vrij van die gevoelens rond de ‘heb’? Nee hoor. Ook ik ken dat gevoel van verlangen naar…, al ben ik dan meer een spaarder en zeker geen lener. Soms kan ik echt uitkijken naar een nieuwe aanvulling op mijn collectie. Groot is de opwinding vooraf, of het nu een boek, model of wat ook betreft. Ik lees alles vooraf over het begeerde object, kijk nog eens en bestel of koop het dan als het beschikbaar blijkt. Bij ontvangst is de opwinding nog steeds groot. Maar ook ik ontdek dat na een tijdje dat nieuwe en opwindende er af is. Het wordt wel een zeer gewaardeerd onderdeel van de totale collectie.

Een paar jaar verder weet je hooguit nog hoe zeer je naar de aanschaf of het bezit verlangde. Maar die opwinding is weg. En dat geldt feitelijk voor alles waar wij mensen mee te maken krijgen. Misschien met uitzondering van levende have of partners. Omdat die meestal investeren in hun relatie met jou en jij omgekeerd met hen blijft dat als het goed is nog een soort van leuk en opwindend. Maar bij spullen is dat toch anders. Kijk maar eens naar jouw eigen leven en de spullen die je ooit zo zeer begeerde dat je er bij wijze van spreken ‘alles voor over had om het te kunnen kopen’. En wie me niet geloven wil. De Kringloopwinkels, matjes op rommelmarkten, Marktplaats.NL etc staan helemaal vol met spullen die ooit met die zelfde opwinding en lust werden aangeschaft. En waar mensen toch op enig moment tegen elk aannemelijk bod of zelfs gratis vanaf willen. Dat laatste vind ik nog steeds lastig. Ik hecht nogal aan die zaken en heb bij elk object wel een verhaal. En die laatste verstrek ik meestal gratis. Die hoef je dus niet te kopen. Zie maar naar dit blogje….

Egocentrisch of a-typisch….

WP_20151010_002Veel zo niet alle mensen zijn in feite vrij egocentrisch ingesteld. Of ze nu bloggen, Facebooken, Twitteren of wat ook. Ze stellen zichzelf centraal in het leven en nemen anderen mee als decor voor hun eigen al dan niet interessante bestaan. Wie meent dat dit niet zo is moet toch maar eens gaan kijken in de wereld om zich heen. Mensen zijn juist tegenwoordig heel erg bezig met zichzelf. Misschien nog wel meer dan een paar decennia geleden. Ons spiegelbeeld bepaalt hoe we ons voelen. We steken massaal de Selfiesticks in de lucht om niet (alleen) de omgeving vast te leggen met foto- of filmcamera dan wel de Smartphone, maar vooral ons zelf. Ik moest vroeger altijd enorm lachen als ik Japanse toeristen tegenkwam. Die renden door Europa, deden soms zeven dagen over zo’n toer en kwamen dan thuis met zichzelf voor alle vrijwel alle bezochte belangrijke plekken. Ingebakken in die cultuur. En het begint ook bij ons al vroeg.

202814522_91baa6fdb9_mDe Selfiecultuur is in opmars. Bloggen om de tekst, werd Vloggen om het beeld. En bij 9 op de 10 vloggers staan ze zelf prominent in beeld en imiteren de journalist of nieuwslezers van de TV. En dat leidt weer tot volgers die het leuk vinden wat ze zien en direct ook dromen van een eigen carrière als zodanig. Ik zelf ben niet zo van de foto’s en plaatjes waar ik zelf op sta. Hooguit als ze oud zijn en ik in niets meer lijk op dat figuur dat mij voorstelt in het grijze verleden. Mij gaat het dan toch wat meer om de bredere inhoud. Als ik filmpjes plaatste op bijvoorbeeld YouTube dan ging het over een onderwerp, nooit over mijzelf. Op de sociale media mijd ik als het even kan mijn eigen imagobeeld. Niks aan. Niet interessant voor anderen. Bescheidenheid troef. Al slaat dat dus niet op de mening schrijverij van de afgelopen jaren. Die inhoud vind ik veel belangrijker dan hoe ik (of iemand anders) er uit ziet. Ik wil ook niet figureren bij anderen in hun accounts.

WP_005187Geen beelden van mij plaatsen zonder mijn toestemming s.v.p. en die toestemming geef ik in 99% van de gevallen echt niet. Opgevoed in typische Nederlandse stijl van ‘doe maar gewoon, dat is al gek genoeg’ mijd ik egocentrische beelden. Maar zie wel om me heen dat ik eerder de uitzondering dan de regel vertegenwoordig. Mensen zien meestal zichzelf erg graag. Ik herken daar niets in. Al loop ik echt als de Klokkenluider van de Nottre Dame in de rondte, er zijn miljoenen mensen die wel in beeld moeten komen. Maar ik niet. Toen ik het vorige boek opleverde, over de familie Pon, besloten wij als auteurs om twee wat kolderieke tekeningen te laten maken die ons geen echt recht deden, maar ook zorgden voor een zekere onherkenbaarheid. Het lelijke van elk gezicht uitgemeten in een schets die vertelde hoe wij het onderwerp als veel belangrijker zagen dan de auteurs. Ook al vreemd gedrag, want veel auteurs zijn juist graag in beeld. Kortom, ik gedraag me in veel opzichten atypisch. Zal wel een afwijking zijn dan. Toch eens laten nakijken. Als ze dan maar niet beginnen met het maken van een foto, want dan ben ik meteen weg…

Goed gesprek op een bankje…

WP_001362Het bankje waar wij even wilden zitten in de zon, was gevestigd tegen de muur van het museum dat wij zojuist hadden bezocht. We zouden er met ons groepje van vier mensen met wat inschikken van billen of heupen net aan kunnen zitten, als dit bankje niet was ingenomen door een dame die haar bezittingen om zich heen had uitgestald. Nadat de vrouwen uit ons gezelschap naast haar neerploften trok zij wat van haar spullen naar zich toe en begon te praten over het weer. Nu was het lekker zonnig, uit de wind was het heerlijk. Zij zat met haar gezicht omhoog een volkomen donkere zonnebril bedekte haar ogen. Toen ze zag dat wij mannen moesten blijven staan zette ze haar tassen op de grond en schoof nog een stukje verder opzij. Ze trok haar lederen jack nog wat strakker om zich heen en maakte duidelijk dat ik best naast haar ‘mocht’ zitten. Dat deed ik. En dat was wellicht niet zo’n slimme zet. Ze keek me met haar donkere bril aan en zag kennelijk een soort biechtvader in mij. Nu ben ik veel, maar voor dat ambt van vergevingsgezinde priester ben ik minder in de wieg gelegd. Neemt niet weg dat ze op zachte maar goed hoorbare toon haar verhaal afdraaide. Ze woonde in Amsterdam-Oost, tussen de junks, de buitenlanders en ander schorem, dat haar het leven zuur maakte. Ze was overspannen, had tot vijf weken geleden nog gedronken als een ketter, was gestopt met roken, dus ook met haar stickies. Ze leefde nu gezond, maar het werd haar niet gegund om een leuk leven te leiden. Ze wilde graag verhuizen maar kreeg geen kans. De Gemeente werkte niet mee, en haar sociaal werkster had haar vanuit een onbewoonbaar verklaarde benedenetage weg gehaald en in die gribus gebracht waar ze nu nog woonde. Waar die junks haar belaagden, haar adres gebruikten om pakjes etc. naar toe te laten komen en haar dan te laten betalen, waar ze niks tegen kon doen, en de politie niet eens aangifte voor wilde opnemen. Haar verhaal rolde over me heen als een sneltrein die niet te stoppen leek. Mijn gezelschap naast me at intussen een boterham en dronk wat, ik durfde dat niet. Het verhaal van de vrouw deed me iets, aan de andere kant weet ik als Mokumer dat van dit soort verhalen elke dag tientallen keren worden verteld. Gemiste kansen, verkeerde beslissingen, verloren in de drank en geen steun waar hulp dringend nodig is. De vrouw vroeg mij op enig moment waar ik zelf woonde. Ik hield het wat op de vlakte. Gaf een indicatie. ‘O, daar zou ik ook graag willen wonen, in alle rust…’. Ik snapte dat. Maar het begon me nu toch wat te kriebelen. Verhalen zijn leuk, medelijden ook, maar het moest niet in de buurt komen. Met wat diplomatieke drukmiddelen richting mijn eigen gezelschap kon ik hen bewegen in de benen te komen. Ik nam afscheid van de dame met haar problemen. Zij bedankte me voor het ‘fijne gesprek’. Zwaaide nog eens, en zette toen haar tassen weer op de plek waar ik had gezeten. Haar hoofd richtte ze weer op de zon. Haar dag was toch weer een stukje fijner dan daarvoor en ik had weer een stukje Amsterdams klein leed mogen aanhoren. Later, op een mooi terras op het Rembrandtplein hoorde ik heel andere verhalen. Over ‘versieren’ en hoe snel een Porsche wel niet reed. Zo heeft ieder zijn eigen sores…..

Onbezorgd gezond…

WP_20151210_001 (2)Natuurlijk, ook ik ben jong geweest en kan me dus nog goed herinneren hoe ik toen omging met een simpel gegeven als gezondheid. We waren gezond al hadden we als kinderen in onze familie best last van de ziektes die de leeftijd zo typeerden. Ze kwamen allemaal voorbij. Al was het maar omdat ik met een oudere broer zowat alles van hem erfde als hij net klaar was met uitzieken. Maar echt ellendige zaken kwamen niet voorbij. En indertijd werd er bij ons thuis gerookt als een ketter, ging de drank nog weleens rond en was dit gedrag wat bij veel van mijn toenmalige vrienden thuis te bespeuren viel. Je leed ook kou soms. Immers een CV was niet voorbehouden voor veel kinderen in de jaren vijftig. Een kolenkachel was al best comfortabel, maar in onze slaapkamer stonden bij vorst de ‘bloemen’ op de ramen. Toch groeide je vrijwel zorgeloos op. Ik moest twee keer worden geopereerd aan een ingegroeide teennagel. Niet fijn, maar na een paar dagen kon het verband er af en liep ik weer als een kievit. In mijn pubertijd viel ik nog wel eens op mijn snavel door onbesuisd brommer rijden.

Leo in de blauwe Citigo IMG-20150904-WA0001Schaaf- en brandwonden waren mijn deel, maar altijd knapte ik er aardig snel van op. Reden om nog harder te rijden, nog minder te letten op de rest van het verkeer. In mijn werk dacht ik ook niet echt na over risico’s, er werd gesjouwd en getild en op enig moment werden zelfs auto’s beetgepakt en opzij geduwd als dat zo uitkwam. Ergens zat daar wel een keerpunt in dat onbeschadigde fysieke imago. Want op een dag bleef ik tijdens dat tillen krom gebogen staan. Er was iets verrekt in de rug. En de pijn was wel zo heftig dat ik best een paar dagen was uitgeteld. Later velde deze kwaal me nog meerdere malen. ´Je wordt ouder pappa´…..jaja. Naarmate ik langer mijn levensjaren kon tellen kwamen er best wel wat kwaaltjes bij. Links, rechts, boven en onder. Het ene wat vervelender dan het andere. Maar toch. En om mij heen zag ik de voorheen jongelieden en meiden die ik al zo lang kende hetzelfde lot ondergaan.

HPIM1253aOf soms zelfs wegvallen. Dan waren ze geveld door een ziekte waar niet tegen te vechten viel. Dat blijft best heftig en onbegrijpelijk. De onkwetsbaarheid maakte plaats voor realiteitszin en relativeringsvermogen. Gezondheid is niet vanzelfsprekend. Onlangs maakten we het weer mee bij de liefste vrienden denkbaar. Euforie over de geboorte van een kind die omsloeg in diep verdriet toen bleek dat gezondheid niet zomaar komt of mag worden gezien als iets dat erbij hoort. Soms moet je er heel erg hard voor knokken. Zeer verdrietig makend. En ook weer even goed om over na te denken als je weer eens denkt dat jou nooit iets zal overkomen. Want dat denken vrijwel alle mensen op deze aarde, zeker als ze net als ik op jonge leeftijd maar weinig hebben meegemaakt. Zij die vanaf de jeugd moesten knokken weten precies wat de prijs is die je betaalt als je niet zo gezond bent vanaf de start of kansarm als het leven cadeautjes uitdeelt. Ik wilde het toch maar eens gezegd hebben……Hoe kijk jij aan tegen dit onderwerp? Gezegend geweest of altijd moeten knokken??

Omgang met barbaren

Woestijn in debuurtWat moet een mens in onze moderne tijd wel niet hebben uitgehaald wil hij of zij er de doodstraf mee verdienen? In ons eigen Nederland mag je zelfs als een soort massamoordenaar je brood verdienen, of hebben verdiend, met een paar jaar gevangenisstraf zit het na oppakken en berechten wel wel zo’n beetje op. En als je dan roept dat het komt door stemmen in je hoofd krijg je er een paar jaar TBS bij of voor in de plaats. Maar er zijn landen waar men anders denkt over de ultieme straf. Zo is een economisch delict al voldoende reden om in China mensen met een AK47 op de markt en plain publique te vermoorden. Hetzelfde lot wacht je in Noord-Korea. Een woord van kritiek op de ultieme leider en je gaat in een kooi met wilde honden en weet dat je einde in stukken zal verlopen. Drugshandel komt je in Singapore als je pech hebt ook te staan op de doodstraf, en voor sommige gevangenen die zich proberen in leven te houden in allerlei wonderlijke oorden van onze aardkloot, zou de doodstraf een oplossing kunnen zijn voor de hel waarin zij worden vastgehouden.

gets_away_with_a_bundleOog om oog, tand om tand is een beetje het principe dat achter die ultieme strafmaat steekt. Als je ziet dat we hier in ons land soms jarenlang kunnen procederen voordat er überhaupt ooit een besluit wordt genomen rond een persoon of dader, die eindeloos in beroep blijft gaan tegen zijn vonnis, ben je elders snel veroordeeld tot de doodstraf en voert men vaak het vonnis al binnen twee maanden uit. Geen lange procedures meer, en het recht kreeg zijn loop. Barbaars natuurlijk, en vooral vreselijk. Vooral als je weet dat in sommige landen en culturen de rechtspraak buitengewoon partijdig verloopt en het simpele feit dat je vrouw bent of ‘politieke tegenstander’ al voldoende reden kan zijn om je van deze wereld te doen verdwijnen. Het ophangen van een genaturaliseerde Nederlands/Iraanse vrouw een aantal jaren geleden geeft wel aan met welk soort lui we in dat volstrekt achterlijke land waar deze executie plaatsvond te maken hebben. Maar ja, ergens twijfelde ik zelfs nog  toen ik onze toenmalige minister van buitenlandse zaken hoorde praten over dat Barbaarse regime in Teheran. Zijn opvolger anno 2015 de arrogante Koenders, wil graag zaken doen met Teheran.

SpuitEn dus trekken we de diplomatieke touwtjes weer aan.  Verbreken zou beter zijn denk ik, maar dat is dan weer niet goed voor de belangen van Shell of Philips. Het wordt pas echt ingewikkeld als je die normen van wat nu Barbaars is of niet ook zou toepassen op de Verenigde Staten van Amerika. Want laten we wel zijn, een land dat zich zo voorstaat op democratie en vrijheden van mensen zou zich toch heel erg diep moeten schamen voor het simpele feit dat daar in veel staten ook nog steeds doodvonnissen worden uitgesproken en uitgevoerd. Ondanks protesten, men ziet het net als die malloten in Teheran als een interne aangelegenheid. Waarmee je alles kunt afdekken. Dat doen dictatoriale regimes, noem het een interne kwestie en je ruimt even de straten op qua tegenstanders, drugshandelaren en ander gespuis. En als je het niet via de rechter kunt spelen laat je het door je veiligheidsdiensten regelen. Daar doen zelfs zgn. geciviliseerde landen als Turkije van de enge dictator Erdogan vrolijk aan mee. En toch, wij maken onderscheid tussen al die barbarij. Omdat de ene Barbaar de andere niet is. Het is maar net hoe de wind staat. In 1940 was voor de tiende mei van dat jaar Adolf Hitler ook een ‘bevriend staatshoofd’ toch??? Het boter druipt de vele politici nog altijd langs de oren….

Asielzoeker thuis…

WP_20150912_034Al eerder meldde ik het verhaal van de kleine asielzoeker die in ons huis een warm onderdak verkreeg. Gevonden op straat, geholpen door goed willende mensen, en bij het Amstelveense asielcentrum weer opgeknapt. Toen wij hem aantroffen was nog sprake van een ‘haar’. Immers ze stond als ‘vrouw’ ingeschreven, maar bleek bij de eerst medische check-up toch echt voorzien van een paar kennelijke onderdelen die onmiskenbaar toebehoren aan een man van dezelfde soort. Vanaf moment een hebben we de asielzoeker behandeld als een eigen kind. Hij eet als een bootwerker. En springt knorrend op schoot om zo sympathie op te wekken voor zijn voorheen zo kansarme positie. Minder geslaagd is de ontvangst door de tot dan autochtone jong volwassene die sinds moeder overste is gaan hemelen hier de dienst uitmaakte. Protestacties die eerst vooral vocaal werden geuit leidden later tot fikse schermutselingen.

WP_20150701_021Groot tegen klein, David tegen Goliath, waarbij Goliath een ultiem middel in de strijd wierp, zijn lenige jonge lijf en gewicht, maar ook een soort nekbeet die veel van doen heeft met hoe Dracula jonge maagden verleidde zich aan hem over te geven. De kleine asielzoeker beet en krabde van zich af, af en toe heftig krijsend. We zijn intussen een paar weken verder en de gevechten worden kwantitatief minder talrijk. Af en toe wordt er samen gewerkt of zelfs gegeten. De schoot van een van de baasjes wil nog wel eens een twistpunt zijn, maar het lijkt er op dat er een soort gewapende vrede is ontstaan. Nu maakte de Dierenarts waar we die eerste check-up lieten doen redelijk stellig. ‘Gewoon laten gaan, als er geen bloed vloeit gaat het vanzelf een keer goed’. Nou ja, of we het zo ver moeten laten komen. Feit is dat die kleine groeit als kool, poten heeft die doen vermoeden dat hij stevig aan de maat is op volwassen leven, en dat onze zwarte schat, die nu iets van 1,5 jaar hier zorgt voor veel vermaak, dan toch voor zijn welzijn moet vrezen.

WP_20150918_002Al begint die zelf nu te lijken op een zwarte panter met bijpassende souplesse en uitdrukkingen in het even zwarte kopje. Een probleem blijft echter bestaan. Vrouwlief en ik zijn het niet eens over de nieuwe naam voor de asielzoeker die ooit binnenkwam als Pebbels. Maar ja, toen was het nog een meisje. Met een lijst van iets van 60/70 namen beschikbaar komen we er niet zo goed uit. Pico, Paco, Punkie, het komt allemaal voorbij. Nu nog even kijken wat het beste past. Voorlopig luistert hij het beste naar ‘Eten!’. Misschien is dat een aardig compromis?!

Smartphone….

Leo - schaduw voor Kruidvat Weesp WP_004695Het is niet eens zo heel lang geleden dat ik niets moest hebben van het idee om met een smartphone aan de gang te moeten. Laten we toch gewoon zo´n mobiel ding benutten waar het voor bedoeld is, zo was mijn devies. En dat leek mij vooral bellen, of het toen nog gebruikelijke sms-sen… Tot zoonlief me voorzag van mijn eerste smartphone. Een Nokia Windows Phone met een erg aardige Carl Zeiss lens voor het maken van zeer fraaie foto´s. Je kon er alles mee wat ook op een computer of laptop mogelijk was, al was het schermpje dan een stuk kleiner. Binnen de kortste keren kon ik mee lezen en schrijven. En dat laatste deed ik, Facebook, Twitter, blogs, alles kon interactief en via de compacte zakcomputer. Ik was ´om´. Het viel vrouwlief al op dat ik heel wat meer tijd met dat ding in mijn handen zat dan met een boek…. In september vorig jaar ging het mis. Door domme pech viel de Finse zakgenoot op de grond en brak zijn scherm. Maken kan, natuurlijk, maar bleek duur. Gelukkig had zoonlief een nieuwe voor me liggen, nou ja, een half jaartje gebruikt en dus kon ik snel vrij snel schakelen.

Utrecht - Selfie in museum Speeldoos WP_004642Weer wat sneller, flink groter en met een 20MP camera. Het bleek een groot genoegen met het ding onderweg te zijn. Nam ik voorheen de laptop mee op tripjes of zakelijke afspraken, nee, hoeft niet meer. Kan in de Smartphone alles net zo goed en snel en de foto´s zijn beter dan die gemaakt met mijn compacte micro/Japanner. Kortom ik ben een adept. Net als ongeveer ieder ander die ik onderweg tegen kom. We zijn er maar druk mee. Social media, selfies, filmpjes op YouTube. Zelfs mijn afspraken staan er in en worden uren voor de afspraak keurig gemeld. Je moet wel slordig zijn wil je dan een afspraak vergeten. Onlangs las ik een leuk onderzoekje onder zakenreizigers. Men wilde weten hoe veel waarde men hechtte aan bepaalde zaken die een mensenleven tot genoegelijk kunnen maken.

WP_000246Een van de vragen was…´Wat zou u opofferen voor een goed glas wijn..´. Het antwoord was echt opvallend. 23% van de ondervraagde zakenreizigers wilde daar wel een week lang de sociale media voor laten, er waren er ook heel wat die vonden dat ze wel een week zonder (vermoedelijk kwalitatief matige) seks konden als ze dat glas wijn maar mochten opdrinken en op 1 met stip, stond dat 29% van de ondervraagde wel een dagje zonder smartphone zouden kunnen voor dat glas. Kijk eens naar de waardebepaling van die drie zaken. Een week seks, of een dag smartphone…. Er gaat toch iets mis met ons mensen. Volgend jaar het volgende onderzoek. Zouden we dan twee weken seks en een uurtje zonder smartphone invullen…ik vraag het me oprecht af….

Het einde van het rekbare leven…

Famous legendsEen van de dingen waar wij mensen maar niet goed mee om weten te gaan is de dood. Nu is de ellende ook dat van alle mensen die ons voor gingen over de drempel van het tijdelijke naar het eeuwige, niemand is terug gekomen om even uit te leggen wat die dood nu precies voor ons allen in petto heeft. En dus gissen we er op los, koesteren ons in een of ander geloof dat het na de fysieke dood nog een tijdje door zal gaan ten bate van onze ziel of vrezen we dat einde omdat we dan niet meer onder dierbaren kunnen verkeren. Feit is dat heel veel mensen bezig zijn om die dood ver van ons te houden. We willen weliswaar allemaal oud worden, liefst in goede conditie en hopen dan op het 100-jarigenschap of nog wat verder, maar het moet wel leuk blijven. Mensen rekken lijf en geest zo ver mogelijk op en door de moderne wetenschap zijn we ook in staat om wat vroeger leidde tot het einde, nu via allerlei kunstgrepen uit te stellen. We bestrijden kwalen, geven onze genen wat extra kunstmest en andere stimulansen mee om langer door te gaan en weten nu al dat de volgende generaties moeiteloos naar de 100 jaar zullen gaan, mogelijk zelfs 120 jaar verder kunnen.

mulisch-portretBedenk daarbij maar eens dat aan het begin van de 20e eeuw die gemiddelde leeftijd eerder bij 60-65 lag dan bij de huidige 78/80. Kortom, het leven is rekbaar, de dood komt uiteindelijk zelfs voor de oudste bewoners van deze aardkloot als een onafwendbare beslissing op ons af. Dan doen we ons best om dat voor hen die het treft zo goed en rustig mogelijk te laten verlopen en herdenken daarna  hen die ons ontvallen. We trachten herinneringen vast te houden en ook via tastbare zaken te zorgen dat de overledenen recht wordt gedaan. Over tien jaar is die herinnering al aardig vervaagd vrees ik. Meestal gaat dit zo en na een paar decennia ben je als mens ook op dat punt verdwenen. Opgegaan in het stof van de vele miljarden mensen die ons voor gingen in die weg naar het einde.

paul_henry_spaakSchilders, schrijvers en componisten maken nog wel eens kans herinnerd te worden, mits talentvol, en een enkele dictator ook nog wel. Maar de gemiddelde mens? Vrees van niet, ook al doen sommige nabestaanden van min of meer bekende mensen nog zo hun best om die nagedachtenis in leven te houden.  Onlangs zag ik een programma over oude toneelspelers. Grote namen uit het verleden bleken bij hen nog te leven, maar bij een jonger publiek, de huidige 30-40-jarige waren die namen compleet onbekend. Opgegaan in het verleden, verdwenen in het grote niets. Net als geldt voor normale mensen. Wellicht dat er over 100 jaar weer eens over wordt nagedacht. Maar de kans daarop is klein. Je moet dus bij leven aan je eigen imago werken en dan genieten van alle loftuitingen die je passen. Want eenmaal over en uit is men je zo vergeten….