Het genoegen van kussen…of gekust worden..

Als we dan al vol tederheid en liefde naar elkaar kijken overvalt ons soms de behoefte om de ander te kussen. Dat is binnen een relatie vaak een gewenste en zelfs noodzakelijke reflex en kan daarbij allerlei gevoelens opwekken. Of het nu mannen of vrouwen betreft, een kus is een uiting van een of andere emotie. Kussen kan ook gebruikt worden om iemand te begroeten of gedag te zeggen. Meestal is het daarbij niet de bedoeling dat je dan meteen je tong in iemands keel ramt. Bij die liefdevolle kussen kan dat nog net wel. In sommige culturen is het heel normaal dat mannen elkaar stevig op de wang kussen bij begroeting, ik zelf ben daar niet zo van…. Maar dat is persoonlijk. En er is de Judaskus natuurlijk, waarbij de verrader van Jezus in dat trieste verhaal van het einde van zijn leven op aarde een hoofdrol speelde. Mede door dat gekus op de wang van zijn meester werd het lijdend voorwerp overgeleverd aan de Romeinen.

Alles bij elkaar dus wisselende emoties bij het begrip en die daad. Een meer negatief kantje van al dat gekus is dat het een ideale overbrenger is van allerlei ziekten. Hoe intiemer mensen zijn hoe sneller een of andere microbe of parasiet overspringt om zijn ziekteverwekkers bij de ander naar binnen te brengen. Griep of Herpes gaan zo als een lopend vuurtje door de wereld. Een mondkapje is handiger. Toch pleit ik wel voor het benutten van kussen om al die emoties gestalte te geven hoor. We zijn het zo gewend en dat moet maar zo blijven. Mits ik niet iedereen meteen om mijn nek moet laten hangen. Drie kussen geven aan mensen die ik nauwelijks ken vind ik soms al een beste opgave. Ik ben toch teveel opgevoed met handen schudden en afstand bewaren. Dat past me toch meer.

Behalve bij aardige of mooie en sexy dames natuurlijk, maar dat mag in mijn geval voor zichzelf spreken. Maar enige terughoudendheid is mij ook op dit punt niet vreemd. Ik weet niet hoe het jullie vergaat op dit punt maar dat hoor of lees ik graag. Zijn jullie fervente kussers of juist niet? En maakt het niet uit wie of wat je zou moeten kussen, man of vrouw, vriend of kennis? Ben benieuwd of mijn vragen op dit punt ook voor jullie, beste lezers, gelden. Dank bij voorbaat…

Minder leuke kunst….

Eens in de zoveel jaar wordt in het chique Amsterdam-Zuid een kunsttentoonstelling op straat georganiseerd die van heinde en verre bezoekers trekt. Het gaat niet om een paar schilderijen of zo, maar meestal om grote objecten die men dan plaatst in de plantsoenen van het woongebied vol miljoenen kostende woningen eromheen. Vanaf het station WTC tot pakweg de Beethovenstraat staan de chique lanen dan vol met bijzonder kunstzinnig werk. Art Zuid heet het fenomeen en we zijn er vanaf moment een dat men er mee startte elke keer te gast. Zo ook dit jaar. Vol verwachting. Nou dat viel wat tegen.

Men heeft dit jaar gekozen voor moderne lineaire kunst. Obstakels, kunstwerken kan ik het niet eens noemen, die bestonden uit een mislukt hekwerk met een liggende metalen paal erop, een ingepakte boomstronk, een in het grind begraven kiepwagen. Allemaal zaken waar je zelfs vanaf het tekstplaatje dat keurig aan gaf wat de kunstenaar er zelf in zag, niets kon herkennen. We liepen de route af en kwamen tot de slotsom dat deze editie aan ons voorbij zou gaan qua enthousiasme. Deze editie is bepaald niet de beste, al zullen ware kunstliefhebbers er heel anders over denken. Ik ben toch meer van de zaken waar je in kunt verdwijnen, op kunt klauteren, die zelfstandig bewegen, of waar je om moet lachen.

Kunst moet naar mijn mening niet alleen de kunstenaar zelf dienen, maar ook de toeschouwers. Wij liepen erlangs en keken ernaar. Maar dat was het wel. Op enig moment sloegen we een zijstraat in en keken dan nog liever naar de fraaie bomen die we langs een mooie hoofdstedelijke gracht zagen staan, dan naar die wonderlijke bouwsels met kunstzinnige achtergrond. Waarom men koos voor deze richting is me niet duidelijk. Art Zuid communiceert veel over de editie van dit jaar en laat ook heel andere dingen zien dan wij op straat zagen staan. In ieder geval langs de ons bekende route.

Wellicht dat we zaken hebben gemist, maar wat we zagen hadden we ook best kunnen missen. En dat gaf geen goed gevoel. Maakte de dag er overigens niet minder om want we knoopten er een stevige wandeling aan vast. En die was wel leuk.

Het beeldje – 1

Nee, hij had er nooit veel achter gezocht. Dat beeldje wat hij vond bij die kleine kringloopwinkel in het oosten van het land. Op doortocht van a naar b had hij wat adressen opgezocht van dit soort winkels. Je wist maar nooit. Een bijzonder boek, of weer eens een prent van de een of andere wat onderschatte schilder of fotograaf. Voor weinig wilde hij dat dan wel meenemen. Ineens had hij het kleine ding zien staan. In een hoek vol meuk. Het had hem bijna aangekeken, al kon dat natuurlijk niet, maar hij had absoluut de andere kant op staan kijken toen hij een blik in zijn rug voelde prikken. En om keek. Dat bezorgde hem rillingen. Het was een vrouwenfiguur, naakt, maar wel aangetast door de tijd. Gemaakt van een een soort marmer of albast, mooi van vorm maar men een gezichtje dat bepaald niet leek op dat van Barbie-poppen of zo. Hij pakte het op. Het voelde heel vreemd aan.. Volkomen glad, maar ook warm. Dat kon niet zo dacht hij nog bij zichzelf, maar toch leek het zo te zijn. Hij keek op haar rug en onder haar voeten of hij een prijsje kon vinden. Maar niks. Daar hield hij al niet van. Maar goed, mee in zijn mandje waarmee hij had lopen sprokkelen. Die twee oorlogsboeken en dit beeldje maakte de stop bij deze winkel al de moeite waard. Bij het afrekenen werd er maar een fancy prijs gevraagd voor het beeldje. Men riep maar wat en hij vond die prijs voor zo’n aardig vrouwenbeeld best goed te doen. Ze ging mee naar zijn huis. Eens zien wat het was, opzoeken op internet of zo. Opvallend was dat zijn auto vanaf het moment dat hij instapte en wegreed stotterde en stootte. ‘Huh’ dacht hij nog even, nooit last van gehad, wat is dat nu ineens? Maar na wat geploeter schoot de wagen ineens vooruit en deed het verder voortreffelijk. Thuis gekomen pakte hij de diverse spullen uit die hij had ingeslagen. Zette het beeldje op een vensterbank waar hij wel meer prullaria op plaatste en vergat dat hij het had verkocht. Hij moest nog koken en zo. Morgen zou zijn vriendin komen en dan moest er het een en ander worden voorbereid. Toen hij na een uurtje ging zitten in de kamer en nog eens naar het beeldje keek ging er een schok door hem heen. Ze leek wel verkleurd. Ze had nu een soort huidkleur, en op de wangen van het minuscule gezichtje zat een blos. Kon niet, dit was pure fantasie en hij zette de tv aan. Even naar het journaal kijken. Maar op een of andere manier kreeg hij geen beeld. ‘Dat verrekte kabelbedrijf’. Hij bleef nog even proberen, maar gaf het toen op. Dan maar ff kijken op internet. Maar dat was ook uit de lucht. Dat krijg je nu van al die all-in pakketten bedacht hij zich nog. En pakte een boek. Als je dan niks kon doen met die verrekte elektronica dan maar lezen. En al snel was hij volkomen bezig met het verhaal dat hem plezier schonk. Een Scandinavische thriller. Altijd goed. Wat hij niet zag was dat het beeldje van plek was gewisseld met dat kleine paardje dat hij ooit eens van zijn ouders had gekregen. Zij stond nu dichterbij hem dan eerst. Hij zag het niet. Sukkelde wat boven zijn boek. En hoorde ook niet dat er zachtjes tegen hem werd gepraat….. (Wordt vervolgd)