Onbekend katholiek juweel om de hoek…

Open Monumenten Dagen gaan vaak aan mij voorbij. We zien normaal al zo regelmatig bijzondere gebouwen en objecten door een jaar heen dat we nooit zo direct de behoefte voelden om ook dat speciale weekend daartoe te benutten. Maar dit jaar was dat anders. We togen alsnog naar het fraai aan de Amstel gelegen Ouderkerk waar men diverse objecten ter bezichtiging had open gesteld. Waaronder de als een pareltje te beschouwen Sint-Urbanuskerk. Een kerk die werd gebouwd in de 19e eeuw door Pierre Cuypers, de bekende katholieke bouwmeester en architect. Het gebouw staat in het oudste deel van het dorp aan de naamgevende rivier, niet ver van de plek waar ooit de oudste kerk van dit gebied heeft gestaan, aangeduid als de Amstel Kerk. Want hoe vreemd dit ook moge klinken, Ouderkerk bestaan al flink langer dan Amsterdam zelf en het bisdom van lang geleden gaf Ouderkerk voorrang bij de bouw van een stevige kerk voor de vissers en boeren van toen die van heinde en verre kwamen om hun katholieke geloof in die kerk te belijden.

Voor Amsterdam werd later een subkerk gebouwd in het hart van het toenmalige centrum van de stad en die grote kerk heet nog steeds de Oude Kerk (eerder over geschreven) en kent in zijn geschiedenis een directe band met dat gebouw in het 8km verderop gelegen dorp. Hoe dan ook, de reformatie en wat branden maakten dat voor de katholieken geen plek meer was in het intussen door protestanten overgenomen Amstellands gebied. Dat kwam pas een beetje terug in de 19e eeuw en toen pakten die katholieken dan ook meteen stevig uit. St. Hubertus werd de naamgever. Een Paus uit de oude tijden waaraan de gelovigen in dit gebied meer belang hechtten dan aan de vooral op macht uit zijnde Bisschop van Utrecht die in Amstelland naar verluid niet zo lekker lag.

Cuypers pakte bij ontwerp en bouw echt uit. Niet alleen maakte hij een zgn. Kruiskerk, met een stevige toren, maar ook een prachtige pastorie en hij ontwierp zelfs het fraaie orgel. Bij recente renovatie van het gebouw haalde men achter witgekalkte panelen schitterende afbeeldingen tevoorschijn die in het oorspronkelijke ontwerp de parochianen al zullen hebben geïmponeerd. Ook de prachtige tegeltableaus waarop de laatste gang van Christus richting de kruisiging, zijn een culturele lust voor het oog. Men heeft de Urbanuskerk aangepast aan de moderne tijd. Het altaar is gedraaid, de biechtstoelen deels opgedoekt en er is geen verhoogd spreekgestoelte meer voor de pastor die hier zijn werk doet.

Maar verder ademt deze kerk echt de sfeer van het rijke Roomse leven. Overigens kent deze omgeving maar liefst vier Sint-Urbanuskerken. Een in Duivendrecht, een in Bovenkerk, onlangs nog zo jammerlijk door een grote brand deels verwoest en een ook erg fraaie en opvallende in Nes aan de Amstel. Dat je die naam Urbanus elders niet tegen zult komen geeft wel goed aan dat men hier in deze polderachtige veenomgeving niet hield van machtsbeluste bestuurders in het verleden. En dat doet men nu nog niet. De kerken met die naam maken duidelijk waarom niet. Fraai, sfeervol en met gedreven mensen achter de schermen. (Beelden: Yellowbird photo)

Langdurige verbintenis…

Het aantal jaren dat wij intussen getrouwd zijn is, zo bleek vorig jaar, reden voor de burgemeester of een van de wethouders om ons een bosje bloemen te komen brengen. Niet omdat wij nu echt zo oud zijn, al is het kuikendons intussen wel verdwenen, nee, we waren er gewoon vroeg bij. Indertijd een schokkend besluit, maar voor ons beiden toch het beste. Het gaf ons gelegenheid de eigen vleugels eens te benutten zonder dat we beknot werden in de richting waarheen we wilden fladderen. Jong, relatief onbedorven, maar met een grote mate van zelfstandigheid in de genen gingen we het avontuur aan. Met als geluk dat we een piepklein appartementje mochten inrichten in het vrij grote toenmalige woonhuis van de ouders van mijn echtgenote. Zo’n appartement zou nu al snel iets van een ton of drie-en-een-half kosten, indertijd was het voor ons min of meer gratis maar konden we ons via een luik afzonderen van de rest van het huis. Toch wel handig als je zo jong bent.

Het leven kende haar hobbels. Op en neer hoort er bij. Praten ook. Samen verving ieder voor zich en god voor ons allen. We werkten hard, kregen veel steun van de schoonouders, genoten toch van die vrijheid en ontwikkelden een samenlevingsvorm die ons paste. Een huwelijk is niet alleen maar een zaak van jouw wensen en verlangens er door duwen ten koste van de ander. Nee, het overleg- of poldermodel werkte behoorlijk goed in ons geval. En wij waren ook ooit getrouwd omdat we nooit om gesprekken verlegen zaten. Veel interesses deelden we en waar we verschilden maakte dat het juist weer interessant. Mijn liefhebberijen verhuisden mee, de hare werden verder ontwikkeld. Na een paar jaar verhuisden we. Naar de nieuwe woonwijk waar zoveel Amsterdammers hun zinnen op hadden gezet. De splinternieuwe Bijlmermeer! Met haar comfortabele flatwoningen die eigenlijk best aan de prijs waren. Maar ook nieuw en goed verwarmd. Ook daar ging ons leven door zoals we dat kenden. Al ondergingen we emotioneel ook daar grote dieptepunten. Het leven is nu eenmaal niet alleen maar lol maken en dromen. De neus moest soms stevig op de feiten van dat leven.

Een zoon bekroonde ons leven van toen in die wijk vol grote flats en jonge gezinnen. En zo ging dat maar door. Verhuizen van hier naar daar en van daar weer naar hier. Mensen verdwenen uit ons leven, soms door verhuizing, in andere gevallen doordat ze het tijdelijke voor het eeuwige verwisselden. Van de mensen die op onze trouwfoto’s staan zijn er heel wat intussen gaan hemelen. Anderen zijn net als wij een dagje ouder geworden. Want jong blijf je niet. Dat is een illusie! Jong van geest wellicht, dat wel. Ondanks dat kraakt en piept en wel eens iets. De ‘onkwetsbaarheid’ en glans van de jeugd verdwijnen. Dat gevoel voor mekaar niet. Dat maakt ook sterk, dat is de basis. Vandaag vieren we weer een keer dat we heel lang geleden precies op Dierendag ‘ja’ zeiden tegen elkaar en er voor gingen. Nu eens zien dat we daar nog eens een paar tientallen jaren aan toe kunnen voegen. Zou mooi zijn als we niet zozeer de burgemeester als wel de premier van dit land langs krijgen met een bosje tulpen. Of Maxima….Maar dat leidt vermoedelijk tot ellende. En dat is niet handig na al die jaren…..En o ja, vieren doen we het zelf ook natuurlijk….:)

tHuis aan de Amstel – nog flink oefenen…

De locatie is meer dan geweldig. Langs de boorden van de Amstel, net voor de grote bocht van de voormalige naamgevende rivier de stad in. Waar tot en met 1965 een gasfabriek de wijken in de omgeving voorzag van energie. Die gasfabriek was tot de komst van de zgn. Utrechtsebrug die Amsterdam-Zuid met de nieuwe A2 verbond, bereikbaar met een Gemeentepont. Kortom historische grond. Een van de nog bestaande panden van die gesloopte fabriek was het zgn. ‘Ingenieurshuis’ dat werd bewoond door de directie van de er achter staande gasfabriek. Daarna werd de woning in gebruik genomen door een kunstenaar die het historische pand tot en met 2008 bewoonde. Daarna kreeg het een andere bestemming, de meest recente een fraai en klassiek ingericht restaurant. Met de bijpassende naam tHuis aan de Amstel.

Een onderdeel van de keuken bevindt zich in het hokje van de vroegere portiers, het hek om het terras doet ook historische links vermoeden. Kortom, met die lokatie is weinig mis. Maar waar het bij horecazaken om gaat is toch ook de service, ofwel de bediening. En die was tijdens ons bezoek op een zonnige junidag buitengewoon ineffecient. Een man van een jaar of 45 en een jonge dame bedienden de (vele) gasten op de diverse terrassen. Dat je dan even geduld moet hebben is logisch, maar exact 15 minuten wachten op iemand die een bestelling op komt nemen?? Daarna bleek dat de betreffende man niet goed had geluisterd, zelfs diverse malen op en neer moest lopen om correcties uit te voeren op zijn oorspronkelijke werk. Jeminee, je moet wel vergevingsgezind zijn om daar een goed cijfer op los te laten. De jongedame (zijn collega) bleek daarbij flink slimmer.

Die deed alles met een (zoals dat tegenwoordig gaat) mobiel computertje en liep ook echt een teentje sneller. Al met al geen beste eerste indruk. Maar dat uitzicht, de sfeer, het idee dat je hier buiten zit maar toch ook gewoon binnen de Ring. Een lokatie die je alleen daarom al met een 10 zou moeten beoordelen. Maar door die gebrekkige bediening niet boven de 7 uitkomt. Daar doen de klassiek ingerichte toiletten (brandschoon) niets aan af of voegen er helaas niets aan toe. Want als ik slechts voor het pand zou komen zou ik eerder naar een museum gaan. Nog even oefenen daar aan de Amsteloever, maar een aanrader is het wel…Zeker voor mensen die even een zakelijke meet-and-greet willen organiseren of op het gemakkie willen werken aan een rapport dat morgen klaar moet zonder gedoe met collega’s. Daar heeft men in dit fraaie pand meer dan voldoende ruimten voor beschikbaar. En je hoeft niet bang te zijn dat men je snel weg zal werken. Dat lukt hier gewoon niet.,..(Foto’s: Yellowbird/Photo)

Amsterdam – het blijft mooi….

Hoewel ik soms wellicht de indruk wek dat de stad Amsterdam minder mooi is dan ik hem echt dagelijks voor ogen heb, ik blijf er toch zeer van houden. Daar helpt geen rood/groen afbraakbeleid tegen. En toch wandelen we vaker door een stad als pakweg Weesp of Sassenheim dan door de eigen geboorteplaats. Dat anti-autobeleid van de huidige linkse stadsbestuurders is daar zeker debet aan. Want om nu een harinkje te halen bij de favoriete visboer en dan daarvoor eerst tussen de 4 en 7 euro te betalen aan parkeergeld is me echt te overdreven. En zo verlegden we in het verleden onze winkel- en wandeltochten naar plekken buiten de eigen mooie stad. Maar soms trekt het toch te erg en doen we precies wat de milieufreaks graag van ons zien, we gaan per metro naar het centrum van Mokum en lopen vandaar uit dwars door de stad heen in redelijk marstempo en intussen toch lekker ontspannen terug naar het oorspronkelijke uitgangspunt.

Dat kan soms een afstand zijn van vijf, acht of tien of meer kilometers. Uiteraard met een camera om de nek of een smartphone in de hand en ook genietend van alle mooie plekjes die Amsterdam nu eenmaal te bieden heeft. Net als toeristen, maar dan met de wetenschap en kennis rond alle straten, stegen en buurten die een Amsterdammer nu eenmaal heeft. Om telkens weer te ontdekken dat er grote culturele verschillen zijn tussen Nieuw-Zuid, Oud-West of Oost. Zeker veroorzaakt door de verschillende culturen die zich in de afgelopen decennia in Amsterdam vestigden en daarmee een stempel zetten op de wijze van leven en de uitmonstering van o.a. winkels. Als je probeert om de grote en bijna onherstelbare schade door de megalomane bouwprojecten te vermijden, is er nog heel veel stadschoon te zien in mijn stad aan de Amstel.

En we hebben in de loop van de jaren ook heel wat vriendjes meegenomen en soms blaren op de voeten bezorgd als het weer eens te lang wandelen was voor hen. Als de gelegenheid zich voordoet gaan we zelf elke week wel een keer aan de wandel. Niet voor de boodschappen, maar gewoon voor het genieten. Bij redelijk wandelweer en met het plan om weer dwars door de stad heen te snijden om te zien wat er nu weer is veranderd, of wellicht nog leuker werd. Of hetzelfde is gebleven als je het vergelijkt met vroeger. De Westermarkt, Jordaan, Leidseplein, P.C. Hooft, Zuid, De Pijp, Amstel, Oost. Want wat men in het Kremlin aan de Amstel ook met die mooie stad aan IJ en Amstel uitspookt, hij blijft ons trekken als nostalgische katalysator van herinneringen. Daarbij, echte Amsterdammers zijn leuk in de omgang en het taaltje dat men bezigt uiterst herkenbaar. Als je de goede plekjes maar weet te vinden. Binnenkort dus weer op zoek…..genieten!!

Over bruggen vliegen…

Mijn leasevader was een bijzonder mens. Hij had meerdere karaktertrekken die je nu toch het beste als te negatief of wellicht speels zou kunnen omschrijven dan dat je er veel baat van had als hij trachtte ‘wijze levenslessen’ over te brengen aan ons zijn beide ‘’stiefzonen’. Hij kwam uit een gezin waar men in ‘goeden doen’ was toen hij het huis uit trok. De grootouders van die kant waren woonachtig in een chic huis aan de Amsterdamse Amsteldijk en hadden naast een auto ook een eigen boot. Overgehouden aan een ondernemend leven in beide vervoersvormen. Mijn stiefpa was dus van huis uit een automens. Ik heb het elders al eens vermeld, maar dit keer wil ik het vooral hebben over zijn uiterst bijzondere rijstijl. Gedurfd is een zwakke uitdrukking, sportief ook. Hij reed zonder te remmen bij ons de straat uit, immers hij kwam ‘van rechts’ en nam dan ook zijn voorrang als hem dat paste. Hij reed in of op alles wat maar gemotoriseerd was. Een fiets heb ik heb nooit zien gebruiken. Nee, motoren, auto’s, vrachtwagens, alles wat een motor had en een stuur werd door hem benut. Vanaf de prille jeugd herinner ik me die wagens ook. En als hij tussen door weleens bij een bedrijf werkte met een ‘vloot’ nam hij altijd een auto mee naar huis voor zijn eigen of gezinsbehoeften. Excuus was dat er even iets ‘getest’ moest worden.

Nu was dat bij luxewagens nog niet zo erg, het werd pas link als hij een truckje meenam. Zoals daar waren indertijd de Ford Thames Traders, Renault Gallions of een Commer of Leyland. Hij kon overigens echt goed rijden, al wilde hij nog wel eens onvoorzichtig zijn als het weer eens gezellig (..) was geweest in de buurtkroeg waar hij vaak zijn klantjes zocht en vond voor zijn ook al goed lopende autohandeltje.  Toen ik mijn huidige partner en echtgenote leerde kennen kwam die als jong meisje af en toe op bezoek bij ons thuis. Na ‘aangenaam verpozen’ wat in die tijd echt niet zoveel inhield hoor, was stiefpa dan wel bereid om haar even thuis te brengen in de auto. Zou je nu niet meer doen bij gebrek aan parkeerruimte in de van vergunningen en betaalpalen wemelende hoofdstad, maar toen kon dat nog. En dan stapten we met zijn drieën in de Renault, Ford of wat ook en lieten ons vervoeren. Steevast koos hij dan voor de route langs de Amstel die in dat oude centrum liep richting haar woonadres via een viertal erg hoge bruggen over dwarsliggende grachten.

En dan wisten we na enige tijd dat wat we ook vroegen of zeiden niet zou leiden tot een rustige rijstijl. Nee plankgas die brug op en dan bovenop de bolling ontdekken dat er twee voorwielen loskwamen. Hij gierde het dan uit van de pret en vond ons maar chagrijnen dat wij de lol er niet zo van in zagen. In een tijdperk zonder riemen op de stoelen van die wagens was het ook niet meteen groot vermaak voor ons. Nee, eerder angstwekkend. Toch leerde ik wel nadenken voor ik zelf kon rijden. Zo moest het dus niet. En dat heb ik wel altijd goed nageleefd zonder al te tuttig of voorzichtig te zijn geworden hoor. Ook ‘leuk’ was zijn avonturenzucht in Limburg. Weggentjes oprijden die normaal alleen met een beetje tractor te bereiken waren en dan maar zien hoever de Skoda, DKW of Hansa kwamen als je gewoon over het weiland van de boeren daar door bleef klimmen tegen hellingen van 10-15%…Tot de banden op de steile hellingen doorsloegen en we teruggleden naar het uitgangspunt. Mijn moeder vond het niks, maar sloeg stom van ellende als hij dat weer eens uitvrat. Ging het altijd goed? Nee natuurlijk. Heel wat schade was ons deel. En soms de werkgevers… Die er niet zo om konden lachen als hij zelf wel deed. Soms als ik weleens terugkijk in een oud album van toen zie ik zijn grijns en de blik die mij verwijt dat ik het niet zo snapte. Had ie gelijk in. We hadden duidelijk niet dezelfde genen…Maar daarover later nog eens meer. (Foto’s: Internet/Model-car-world.uk/Yellowbird)

Van burgers en bovenlui…

De grote rijkdom van onze geschiedenis is dat we nu o.a. mogen terugkijken naar een wereld waarin ‘Holland’ een belangrijke speler was in de wereld van toen. Niet in de laatste plaats omdat Nederlanders, en met name Amsterdammers, slim waren in de handel. En die steeds rijker wordende handelaren waren niet alleen gek op goud en zilver, ze richtten ook fraaie panden op om hun rijkdom mee te kunnen showen. De hele grachtengordel van Amsterdam staat er nog vol mee. En de musea in ons land maar zeker ook in Amsterdam hangen vol met kunstwerken waarop niet alleen leuke stadsgezichten worden geshowd, maar ook selfies in de vorm van portretten van al die toen zo belangrijke (of zichzelf zo aanduidende) lieden. Die zijn dan ook veel gemaakt. En niet door de minsten. Kunstenaars als Rembrandt verdienden er een aardige boterham mee.

Regenten, bovenlui, zakenlieden, doctoren (chirurgijnen) en soms de geestelijkheid waren dankbare onderwerpen voor de penselen van de ‘Hollandse Meesters’ die al snel ook elders in het toenmalige land wat nu Nederland is hun opdrachten verwierven. En dat deden ze zo goed dat het eigenlijk ging om een culturele industrie die met flink wat geld werd geolied. Veel van die schilderijen kwamen in de eeuwen die volgden via, via in musea of private collecties terecht en worden nu gekoesterd. O.a. de Amsterdamse Hermitage heeft een deel van haar gebouw ingericht vol enorme werken met daarom grote of kleine groepen mensen van een paar honderd jaar terug. Mensen die in onze huidige ogen eigenlijk een beetje boertig, soms zelfs lelijk waren. En dan kijk je er nog alleen maar naar, en ruik je ze niet. Als we dat fenomeen zouden toepassen ging er wellicht geen kip meer naar die exposities.

En dat is jammer want die ‘Hollandse Meesters’ is een aan te raden tentoonstelling. Je kijkt terug naar een tijd waarin rijkdom nog mocht worden geshowd en aandacht voor geld verdienen nog niet negatief was. Het was de tijd van de Baltische reizen, de trips naar het verre Indië, de jaren van de Handelsbeurs. Maar ook van de godsdiensttwisten tussen protestanten en katholieken. Je ziet de zuinigheid, maar aan de andere kant de graag geshowde welvaart. In hoeverre het allemaal mooier is gemaakt? Geen idee. Maar het zal vast wel. Net zoals wij onze foto’s met allerlei bewerkingssoftware verbeteren. In die zin is er weinig veranderd in de loop van de tijd. Al denk ik niet dat we nog samen met de politie op de foto gaan staan, of naast de dominee of pastoor. Neemt niet weg dat de expositie een mooi portret geeft van de Gouden Eeuw en haar toenmalige burgerij. Ik zou je aanraden dat gebouw aan de Amstel toch eens te bezoeken en ervan te genieten.

De Romanovs aan de Amstel…

Weet je wat ik meestal vervelend vind? Nee? Nou dat je op voorhand al weet wat het einde van een verhaal is als je er nog aan moet beginnen. Geldt voor tv-series, films, boeken of exposities. Exposities zal je denken? Ja, uitstallingen van zaken die met een verhaal van doen hebben. Een zo’n expositie bezocht ik onlangs. In de hoofdstedelijke afdeling van de Russische Hermitage waar het altijd goed toeven is als men weer eens een of meerdere tentoonstellingen voor het publiek heeft georganiseerd. Onlangs ging een daarvan over de familie Romanov. Dat was de tsarenfamilie in het Rusland van tot pakweg 100 jaar geleden. Machtige heersers die vooral aan de macht kwamen doordat ze die zichzelf hadden toebedacht en deze macht kostte wat het kost wilden vasthouden.

Met alle gevolgen van dien. Rijkdom corrumpeert en het volk leed in die tijd onder extreme armoede, gebrek aan scholing en/of enige vorm van medische zorg. De Russische adel had het goed, heel goed en de Romanov’s waren zelfs zo rijk dat de meeste van hun paleizen ver uit torenden boven die van de grootste vorsten in de rest van Europa. De afstand tot het volk was derhalve zo groot dat men geen idee had van alles wat afwijkend was of revolutionair en als men daar al iets van wist werd het opgeruimd. De straffen waren meedogenloos en streng. Daarbij hadden de tsaar en zijn familie meestal helemaal geen tijd om zich met het volk te bemoeien. Zelfs grote rampen namen zij ter kennisgeving aan, het te organiseren bal ter ere van het een of ander ging altijd voor.

Deze afstand werd de familie uiteindelijk fataal. Zeker toen de Eerste Wereldoorlog door gebrek aan inzicht voor de Russen zeer slecht verliep, kregen de revolutionairen vat op de samenleving en wisten ze hele groepen mensen aan zich te binden. Marx, Lenin, en hun trawanten kregen het vuurtje brandend, niet in de laatste plaats doordat de tsaar volkomen verkeerd reageerde op de ontwikkelingen. Uiteindelijk werd hij met zachte dwang aan de kant geschoven en namen de bolsjewieken de macht in Rusland over. Het lot van de familie Romanov was daarmee bezegeld. Op een kwade dag in 1918 werd deze afgeslacht. De haat was zo groot dat zelfs de hondjes werden vermoord. Nog steeds is dit een schandvlek op het blazoen van het Rusland van toen. Maar wat daarna zou volgen onder verantwoording van de volgers van Lenin of Stalin was zelfs met de minst kritische benadering van de doctrine die het tsarisme opvolgde, niet te bevatten.

Neemt niet weg dat de expositie in de Hermitage er een is van groot belang, veel interesse, en je daar zaken ziet die je niet voor mogelijk houdt. Een van de zalen van het oude gebouw aan de Amstel is omgevormd tot een kopie van de befaamde Passage in St. Petersburg, inclusief winkelruiten waarachter spullen uit die periode. Hoe bloederig het einde, het verhaal van de tsarenfamilie moet je toch even gaan bekijken. De expositie staat nog tot 17 september dit jaar in de Hermitage ter beschikking. Daarna moet je afreizen naar Rusland om bepaalde onderdelen ervan te kunnen bekijken. Maar, dit is echt een aanrader! Doen. Heb je een MJK? Neem dan een combikaart en maak gebruik van de kans om drie exposities in een keer mee te nemen en een audiotour. Meerprijs is dan E. 2,50. Meer dan de moeite waard! En die afkeer van het einde kennen verdween als sneeuw voor de zon.

Het dubbele gezicht van de Tsarina…

wp_20161027_028Het tweede museum dat ik onlangs binnen de periode van twee dagen bezocht was de Hermitage in Amsterdam. Het was de bedoeling om er al eerder heen te gaan, maar dat kwam er om e.o.a. reden steeds niet van. Maar uiteindelijk is het dan toch gelukt. Samen met onze Soester vriendjes op een mooie dag in oktober. ‘Catharine de Groote – Zelfgeslepen diamant’. In de sfeervolle Hermitage, altijd goed voor exposities van kunstzinnig werk uit het grote museum in Sint-Petersburg, Rusland. Tot en met 15 januari 2017 te bekijken, tegen een geringe meerprijs op je normaal gratis MJK-toegang.

wp_20161027_027De werken die men uitstalde zijn soms prachtig, maar de onderwerpen in veel gevallen wat minder fraai. Waren die mensen in die tijd zo lelijk of hadden de schilders hun dag niet? Catherina de Groote was een vrouw met twee gezichten. Eerzuchtig, steenrijk. Machtig, en invloedrijk. Ze kende de andere koningshuizen uit die periode en hield van corresponderen met filosofen als Voltaire en Diderot.

wp_20161027_025Catherina wilde de Pruisische koning Frederik verslaan waar het om kunst verzamelen ging en intussen verborg zij af en toe een minnaar of drie voor de buitenwereld. Of die allemaal tegelijk langs kwamen is de vraag. Maar dat zij dominant zal zijn geweest….het moet wel.  Geslepen en glimmend was de geweldige tsarenkroon die stijf stond van de diamanten en parels. De uitgestalde kroon in de Hermitage is een kopie, stamt uit 2012, en is bedoeld om over de wereld te reizen. Het origineel vermoedelijk zo duur dat je dat risico niet durft te nemen om hem uit te stallen. Catherina is met haar voorkeur voor de kunst en de letteren ook actief geweest om al haar schatten onder dak te krijgen en zo stichtte zij 250 jaar geleden het Hermitage waaraan het Amsterdamse filiaal zijn naam dankt.

wp_20161027_018Erg aardig waren de monitoren met daarop te zien filmfragmenten van bekende sterren die deze in het echt niet al te fraaie vorstin ooit uitbeeldden. Marlène Dietrich, Jeanne Moreau, Catherine Deneuve, Catherine Zeta-Jones en Keira Knightley zetten soms een erg mooie tsarina neer. Mooier dan ze op die oude schilderijen bij de observator overkomt. Want complimenteus is anders. Maar ga zeker kijken als je interesse hebt in dit stukje geschiedenis. Al was het maar omdat je o.a. een kaart te zien krijgt waarop het Europa uit die tijd. Waarbij meteen opvalt hoe verdeeld en klein Duitsland was en hoe verscheurd het huidige Polen. En ook hoe goed die Nederlandse schilders uit de betreffende periode waren. Die hangen hier niet. Dat is meer voor een andere kant van het museum….Waar je zeker ook even heen moet gaan als je er toch bent…

 

Mannengrot…

man-cave-kal_toycollection6Veel vrouwen zijn volgens mij van mening dat 99% van de mannen afkomstig is van Mars en zij zelf van Venus. Mannen zijn vaak grof, snappen niets van emoties, willen maar een ding als het er op aan komt en dat is zeer zeker niet de vuilniszakken buiten zetten. Mannen zelf zien hun leven pas echt ingevuld als ze in huis of daar in de buurt een ruimte hebben waar ze zich kunnen  terug trekken. Nooit veel verder gekomen dan de oermens die in zijn grot levend allerlei handige of wellicht zelfs nutteloze zaken binnensleepte en bewaarde. Mannen met interesses in nog iets anders dan het huishouden, klussen, kinderen of de mooiste aller scheppingen, de vrouwen in ons leven, vullen die ruimten op met alles wat ze leuk of interessant(er) vinden. De een doet dat met zijn motorfiets(en), de ander met in blisters verpakte dames op schaal, stripboeken, tv-schermen om alle sportwedstrijden te volgen, er zijn mensen met museale verzamelingen schaalmodellen, treinenbanen, of wat ook.

50s-diner-man-cave1Leuk om in te vertoeven, liefst met vrienden voor het ‘Amstelbier-gevoel’. Niks voor vrouwen. Die vinden dat vaak kinderachtig. Wat die mannen dan weer niet begrijpen en daarop reageren met nog meer terugtrekkende bewegingen. In feite zouden veel mannen wel twee huizen willen bezitten. Een voor het gezin, waar ze dan zeker een keer het vlees komen snijden per week, en die eigen omgeving waar niets hoeft, veel mag en geen kritiek bestaat op het eigen gedrag. Die zgn. ‘Man-Caves’ zijn een internationaal fenomeen. Ik lijd er zelf ook aan hoor. Geen nood, de laatste die dat niet zal toegeven. Omgeven door de dingen die van belang zijn geniet ik van vroeger en nu, en ook de toekomst. Ik schrijf er o.a. deze blogs en ben dan ook extra gestimuleerd door wat ik zie of wat voor het grijpen ligt.

man-caveLukt je echt niet als je in de huiskamer het gesprek gaande moet houden of naar tv-programma’s moet kijken die je feitelijk niet echt interesseren. Vrouwen hebben veelal heel andere interesses. Niet bevooroordelend bedoeld hoor. Maar het is niet anders. Onlangs was ik weer eens op bezoek bij iemand die zo’n enorme ‘Man-Cave’ helemaal voor zichzelf had. Vol met een museum waar hij alles over wist, wat andere collecties (tot op het toilet hing het vol met vitrines en schaalmodellen). Zijn vrouw kwam er naar zijn zeggen twee keer per jaar langs. Als de caravan er werd gestald en als dat ding er begin van het zomerseizoen weer uit werd gehaald. Zijn passies deelde ze niet. Ook dat is een typische vrouwelijk trekje. Geen interesse tonen voor wat manlief zoal uitspookt. Daarbij drinken ze zelden bier en kunnen ook geen echt grote verhalen opdissen. Daarin zijn wij mannen uniek. Vandaar dat we ons zo graag onder vrienden terugtrekken. Proost mannen! En als je nog geen mannengrot bezit, wacht niet te lang er een te bouwen of in te richten. Echt waar, het redt je relatie. Mits je op tijd ook die vuilniszakken buiten zit of de hond even een rondje laat maken. Dan is alles top op Venus en kun jij snel afreizen naar Mars!

Expositie met een toeslag…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Wij hebben een Museumjaarkaart. Al een reeks van jaren! En dat op zich bevalt goed hoor.  Al wordt die kaart met het jaar duurder, een gevolg van het grote succes in ons land. Je betaalt een vast bedrag en kunt in principe 70% van de landelijke musea verder gratis naar binnen. Bij sommige musea hanteert men zelfs een voorkeursbehandeling ten aanzien van mensen met zo’n kaartje. Je hoeft dan niet in de wachtrijen te gaan staan. Musea, sommige althans, zijn zeer in trek geraakt en dat zorgt soms voor enorm lange rijen. Ook de Hermitage in de hoofdstad bezoeken we graag, ik deed daar al wat keren verslag van. Nu lopen er op dit moment maar liefst drie losse exposities, een met Hollandse, de andere met Spaanse meesters. En er is nog iets met buitenkunst. Omdat die exposities met die meesters in mei afloopt was het onlangs weer eens nodig het gebouw aan de Amstel te bezoeken. Samen met hele groepen binnen- en buitenlandse bezoekers zo bleek al snel bij de ingang.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Was het voorheen een kwestie van je kaartje bij een automaat houden en dan een geprint toegangsbewijs ontvangen waarvan de barcode zorgt voor openen van de glazen toegangsdeuren, in dit geval was dat niet mogelijk. Nee, we moesten aansluiten in de rijen. Dat duurde even, tot vrouwlief, altijd goed in het ontdekken van een kassa met minder aanbod van klungelende mensen, bij de kassa stond. Wat zij niet, ik wel had gelezen, voor die exposities die men nu hield was een toeslag vereist van 2,50E p.p. p.e. Kijk, en dat is wel wat erg duur als je ook al rekent wat die MJK al kost. We besloten de expositie te laten voor wat het was. Het moet niet te gek worden natuurlijk. Minder service, meer betalen? Nee, dat bevalt ons niet. Gaat ook om het principe. Maar dat kan ook aan ons liggen natuurlijk.