Stop met mekkeren….en verhuis desnoods…

Weet je wat ik nou echt vervelend vind? Nou?? Mensen die gaan klagen over hun leefomgeving terwijl ze er zelf bewust voor hebben gekozen om daar te gaan wonen. Of werken, net hoe het uitkomt. Bedenk maar eens mensen die in onze trotse en mooie stad komen wonen en dan beginnen met mekkeren over de grote drukte of nog erger, het verkeer! Dat snap ik echt niet. Weet je toch van tevoren? Blijf dan in dat dorp waar je vandaan komt maar verhuis niet naar een grote stad. Mijn tante H woonde ooit in Amsterdam Oost. Vlak voor haar huis lag de spoordijk die het Muiderpoort- met het Amstel Station verbond. Elke paar minuten denderde daar, ook toen al, een trein voorbij. De ramen trilden. Maar zij merkte het nauwelijks meer op. Wij woonden in een straat waar veel bedrijvigheid was. Garages, middenstanders, altijd drukte. Het ontging ons min of meer, gewend als we er aan waren. Kwesite van instelling en acceptatie. Zo zit het naar mijn idee ook met de krankzinnige discussies die momenteel lopen over het al dan niet toelaten van ‘vervuilende’ auto’s in de steden.

Of het beperken van het luchtverkeer. Of het wegwerken van de economische kracht van een havengebied naar halverwege de Noordzee. Vaak wordt dit gedaan door mensen die omdat ze geen andere argumenten meer kunnen verzinnen het milieu erbij halen of het woongenot van inwoners van straten en buurten waar zij zelf ook graag verkeren. Vaak kennen ze de geschiedenis van die ‘vervuilers’ of ‘lawaaimakers’ helemaal niet. En waren ze dat in hun oude woonomgeving ook niet gewoon. Neem nu Schiphol. Dat werd ooit, 100 jaar geleden, opgezet op een fikse afstand van de stadsgrenzen van Amsterdam. Je moest echt een aardig stukje reizen om er te komen. Dat vliegveld lag er vijftig jaar geleden nog steeds. Op precies dezelfde plek. Maar de stad was intussen met enorme snelheid richting dat vliegveld opgeschoven. En dat gold ook voor randgemeenten als Amstelveen, Badhoevedorp of Zwanenburg. Toen Schiphol onder druk van de omstandigheden doorontwikkelde en met nieuwe start- en landingsbanen trachtte bij te blijven in de vaart der volkeren kregen die nieuwe buurten last van de geluiden die startende en landende vliegtuigen nu eenmaal veroorzaken. En moest Schiphol maar weg…..

Mensen die je nu aantreft bij GroenLinks en D66 gilden het hardst. Dat zo’n vliegveld goed was voor meer dan 200.000 directe banen speelde geen rol. Men wilde rust! Net zoals men dat wil langs de drukke wegen en straten waar men het liefst elke automobilist direct een boete zou geven voor zijn of haar moed om dat ding überhaupt in beweging te zetten. En intussen bouwt men maar door. De steden groeien naar elkaar toe, de grote Randstad lijkt een economische eenheid met wat specifieke hoogtepunten ertussenin. Door het steeds meer bebouwen van alle beschikbare groen wordt de lucht steeds vuiler, mits je alle onderzoeken op dat punt zou willen geloven. Zelfs als we alle gemotoriseerde vervoer aan banden zouden leggen, we onze huizen niet meer zouden verlichten of verwarmen, en zouden leven als in de Middeleeuwen gebruikelijk, bleef die vervuiling groot. Gevolg van globalisering en een steeds maar groter wordende wereldbevolking die overal en nergens neerstrijkt met het idee dat alle natuurlijke en kunstmatige bronnen moeten worden gedeeld. Hoe leuk dat laatste ook is, daardoor krijg je ook dat we de boel niet meer schoon zullen krijgen. Dat lukt pas als we eens stoppen met expansie van ons denken. En niet blijven bouwen op plekken die bij oplevering al zorgen voor veel overlast door omgevingsfactoren. Walletje en schuurtje, gewoon realisme. En stop nou eens met dat gemekker. JIJ bent híér of DAAR gaan wonen. Had je maar onderzoek moeten doen vooraf….

Tuinen van Appeltern

Wie mij een beetje volgt door de loop der tijd weet dat ik met tuinen en groen niet zo heel veel heb. Nou ja, wel om in te zitten en te genieten, maar niet om er ddw iets aan te doen om al dat groen te verzorgen. Eens per jaar scheer ik de heg, ik trek wat onkruid uit de grond als vrouwlief me het verschil uitlegt tussen wat moet blijven en gaan, maar daar houdt het wel op. Zowel voor als achter het huis zit ik graag in de open ruimte waar wij over beschikken, maar dan vooral om te lezen of iets te drinken. En tegelijkertijd kijken naar de overvliegende metalen vogels. Het was dus een grote verrassing toen ik tegen de lieve vriendjes die me uitnodigden om mee te gaan naar De Tuinen van Appeltern, gelegen in het land van Maas en Waal, bevestigend antwoordde. Ach, je moet iets doen voor het onderhoud van die vriendschappen….

Maar ik kom op mijn evt. scepsis van vooraf graag terug. Die Tuinen zijn prachtig en de bestemming meer dan de moeite waard. Ook als je zoals ik niets hebt met groene vingers of zo. Los van al dat groen of de gekleurde variantie van de begroeiing in de vorm van fraaie bloemen, zijn er ruim 200 tuinpartijen met huisjes, kunst, steenformaties, watervallen etc. Je loopt je een kriek, maar je weet soms echt niet waar je kijken moet. Volgens verklaring van het bedrijf zelf is het Europa’s mooiste en grootste tuinexpositie en ik geloof dat direct. Men heeft ook aan de kinderen gedacht, er is een soort speeltuintje, open velden met ‘wilde vogels’, een zelf te bedienen pontveer, je kunt er op twee locaties lekker eten en drinken en er is een shop voor hen die kruiden willen gaan telen of bijvoorbeeld boeken over tuinieren mee naar huis willen nemen.

Overal wordt informatie verstrekt, er bestaat een mogelijkheid om bij de kassa draagbare apparatuur mee te nemen die je bij elke uitstalling informatie geven over de planten en gebruikte materialen. Dat inspreken gebeurde op fluisterniveau, je veroorzaakt er geen last mee bij de medebezoekers. Een handige plattegrond helpt je de weg te vinden in dit doolhof vol fraais, en je moet een beetje aardig ter been zijn om alles te kunnen bekijken. Dat je nog wat zitplekken kunt vinden, zelfs koffieautomaten en water-tappunten is allemaal een pre.

Ook toiletten voldoende, niemand hoeft de route met gekruiste knietjes af te lopen. Ik was ervan onder de indruk. En dat wil iets zeggen. Geen liefhebber en toch….. Ben je gek op groen, bloemen en tuinen is dit een must. Je weet dan niet wat je ziet en het geeft je vast veel inspiratie. Entree is officieel E. 13,50 voor volwassenen, met drie Euro korting als je boven de 65 jaar oud bent. Maar er zijn ook allerlei kortingkaarten of acties te vinden als je even je best doet. Parkeren, wel op enige afstand van de ingang, kost je 3 euro per auto. Maar echt, je krijgt er iets voor terug en de echte liefhebbers zijn hier een hele dag zoet. Wij niet, wij reisden door. Maar dat hadden we dan ook van tevoren zo afgesproken. Vanuit Amsterdam was het 1u15minuten rijden om in Appeltern te komen. Goed te doen voor een leuk dagje uit.

Anarchie – Al 150 jaar gevaar….

Wat we nu zien aan terreur was een eeuw eerder vooral het werk van anarchisten. Mensen met een afkeer van het burgerlijke en wettelijke of democratische. Zij zetten zich af met soortgelijke terreurdaden als we in onze dagen zien, al was of is de achtergrond van de daders dan anders. Het geestelijk welzijn van die daders is wel vergelijkbaar. Vaak mensen die bewust niet nadenken over de gevolgen van hun daden voor de slachtoffers omdat ze die zien als onderdeel van de gehate maatschappij die zij zelf willen veranderen. Bij die anarchisten, voortgekomen uit de revolutie van de socialisten of communisten, ging het om een totale ontkenning van de centrale macht. Of dat nu een regering betrof, een geloof of een Partij zoals de communistische. In basis stamde het idee van die anarchie uit de 19e eeuw toen bepaalde stromingen zich verzetten tegen het idee dat kapitaal, productiemiddelen en bijvoorbeeld bodemschatten in een beperkt aantal handen verkeerde en de grote massa daar niet voldoende van zou profiteren.

En die anarchie hield het niet bij woorden alleen. Ook al waren er stromingen binnen de anarchie die geweld verafschuwden namen sommige van die lieden het recht in eigen hand. Zij plaatsen bommen en vermoordden mensen omdat ze vonden dat die hun kijk op de wereld in de weg stonden. Ook in onze dagen kennen we deze lieden nog steeds. Veelal nog steeds aan de extreme linkerkant van het politieke spectrum. Veelal zitten ze nu in de hoek van de ecoanarchisten, mensen die het milieu willen beschermen en daarvoor alles in zullen zetten om hun doelen te bereiken. Ze steken fokkerijen in brand en blokkeren kolencentrales of soortgelijke acties. Dat dit kan leiden tot veel ernstiger zaken bewees de moordenaar van Pim Fortuyn. Heeft maling aan de samenleving en gaat door roeien en ruiten om zijn onaangepaste instelling te verdedigen. De anarchie is gericht op het doen vervangen van wat nu normaal is door een samenleving waarin het communistische denken tot in de laatste letter wordt uitgevoerd en alles van iedereen is en niemand meer macht heeft over de ander.

Een aardig idee, maar meteen ook levensgevaarlijk natuurlijk. Hoe dan ook, de anarchie met zijn geweldsuitspattingen kende zijn hoogtepunt voor W.O. 1. Daarna verdween het wat naar een donker gebied aan de linkerkant van onze samenleving. Waar het nog steeds te vinden is. Veel kraker zijn in feite anarchistisch in hun denken en doen. En opvallend is hun afkeer van alles wat rechts is en wellicht een verstoring van hun ideale wereldbeeld zou kunnen opleveren. En dat we dit gevaar niet moeten veronachtzamen heeft o.a. de Rote Armee Fraktion laten zien. Kortom, gevaar komt niet alleen van ultrarechts of uit moslimextremisme. Het zit ook elders en het vraagt van onze bestuurders een grote wijsheid om ook daar goed op te letten en op te treden als er weer eens een escalatie dreigt. Want geweld is geweld. Voor de slachtoffers maakt het allemaal maar weinig verschil. Toch? (Beelden: Internet)

Oase

Bosplan - trimbaan fotoserie 150907 div. 007Aan de zuidkant van de grote stad waar ik woon, werk en leef, bevindt zich een paar enorm uitgebreide groene zones die bij mensen van buiten onze stad nauwelijks bekend zijn. Zoals het Amsterdamse Bos dat in basis werd opgezet om niet alleen bleekneusjes uit de grote stad van de jaren twintig/dertig in de vorige eeuw van wat frisse lucht te voorzien, maar ook om de massale werkloosheid die toen heerste te helpen onderdrukken. Ergens in 1932 werd het project in fase 1 afgerond, daarna kwamen er nog wat stukken bij en zelfs na de oorlog legde men een nieuw deel aan ten zuidwesten van de toenmalige verbindingsweg tussen Amstelveen en Schiphol. Het Amsterdamse Bos is intussen verworden tot een flink groot woud vol spontane of aangestuurde natuur. Er zijn vennen en grote waterplassen te vinden, strandjes, wandelpaden en fietswegen, je kunt er via de zgn. Bosbaanweg met de auto in en wij zijn er dan ook al vele jaren lang regelmatig te vinden. Heerlijk wandelen bij het geluid van de vogels, het ritselen van de bladeren en het geblaf van de altijd in dubbele zin van het begrip uitgelaten honden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onze eigen Purdy was er ooit ook zo verzot op. Rennen en scharrelen, en als het even kon zwemmen in een van de poeltjes. Zij gilde het dan uit van plezier en zwom als een vis. Lijkt alweer zo lang geleden allemaal. Ik heb er persoonlijk nog wel wat meer herinneringen liggen. Maar die zijn meer voor een andere keer. Het Amsterdamse Bos werd bij de Amsterdammer bekend als het Bosplan. Naar het gemeentelijke plan dat tot dit bos zou leiden. En wat was dat plan eigenlijk goed. In de omgeving van toen lagen indertijd wat landerijen,  de nodige moerasachtige gebieden en verder wat ‘rommelgrond’. Men bouwde eind jaren twintig in het midden van het gebied een aanzienlijke heuvel van afval, wat goedkoop bouwmateriaal was, en stortte daarover heen aarde en plantte er bomen en struiken op. Het terrein werd zo wat glooiend en golvend. Het bos ruikt vooral in de zomer heerlijk. Zoals een bos hoort te ruiken. Heerlijk voor iedereen die zoekt naar wat rust.

WP_20160125_003En wie houdt van dynamiek, kom dan bij stevige westenwind eens langs, dan landen de vliegtuigen op de zgn. Buitenveldertbaan en dan lijkt het wel of ze midden in het bos de landing willen inzetten. Ik kijk er als liefhebber altijd met veel plezier naar. Stukje verderop, aan de rand van de chique wijk Buitenveldert en begrenst door de Amstel ligt nog een prachtig gebied. Ik beschreef het al eens eerder. Het Amstelpark. Ooit onderdeel van de opzet voor de begin jaren zeventig gehouden Floriade-expositie. Die tentoonstelling verdween, het park bleef. Prachtig, rustig en interessant. Voor hen die er oog voor hebben. Beide groengebieden zijn voor ons simpel te bereiken. Met de auto, fiets of als het moet lopend. Je kunt er heerlijk vertoeven en waant je zeker niet in de grote stad. En wellicht maakt dat Amsterdam wel extra zo’n aantrekkelijke stad om in te wonen. Of voor toeristen om te bezoeken. Niet allemaal komen ze voor de Wallen, musea of Coffeeshops. Als ik de talen hoor die hier in die bos- en parkgebieden worden gesproken heeft het nieuws over al dat groen ook mensen van elders bereikt. En dat is goed. In de winter is het allemaal weer voor de Amsterdammers. En voor hen is het natuurlijk ooit bedoeld geweest. Als Oase in de drukke omgeving van een enorme stad. De hoofdstad!

Chique kunst

WP_20150618_012Eens in de paar jaar wordt het chique Amsterdam-Zuid omgetoverd tot een soort open kunstcentrum. Bepaalde straten en lanen worden dan voorzien van vaak enorme kunstwerken die door diverse creatieve lieden zijn gemaakt en door een commissie van wijze mannen en vrouwen uitgezocht om te mogen worden getoond tijdens een paar zomerse maanden. Het idee kwam een paar jaar geleden ineens omhoog toen omwonenden van de mooie boulevards en aangelegen woonstraten meenden dat het allemaal wel wat leuker of spannender zou kunnen. En men na lang studeren en vergaderen in staat bleek de eerste editie van ‘Art Zuid’ op poten te krijgen. Daarna volgden er meer. En hoe succesvol wil je het hebben. Van Amsterdammer tot toerist, van mensen uit de provincie tot wie ook, eenmaal hier langs gelopen ben je verslaafd. Mits je iets hebt met kunst natuurlijk. Wat het plezier groot maakt is dat de soms enorme grote kunstwerken staan in een erg rustige ambiance, waardoor hun evt. grandeur nog beter uitkomt.

WP_20150618_028Ook dit jaar is er weer een editie van Art Zuid en wij bezochten deze een week geleden samen met aangenomen blogzuster Thamara. Die ook vorige edities met ons bezocht en intussen ook kenner is geworden van het genre. Dit jaar misten we de vaak wat humoristische kunstwerken. Het is wat strakker en zakelijker allemaal, geen bewegende beelden ook, maar statische. Wel veel glitter en zwart. Enorme Micky Mouse achtige beelden, soms met een ondeugende twist, maar ook op afstand zichtbaar. We liepen er langs, fotografeerden de boel en genoten van wat Art Zuid in wezen is. Een enorm leuke gratis expositie in een van de mooiste buurten van onze hoofdstad. Aardig is dat je aan het einde van de route relatief simpel af kunt buigen en via het oudere deel van Zuid richting Amsterdam-Centrum kunt lopen.

WP_20150618_016Je kunt dan richting de bekende musea, de Albert Cuypmarkt als je dat leuk vindt, of op de tram stappen die je daar brengt waar je heen wilt. Art Zuid is verslavend en ik vind het persoonlijk een van de beste initiatieven die in deze stad ooit zijn genomen op kunstgebied. Laten we wel zijn, laagdrempelig kunst bekijken, aanraken, inschatten ‘wat het is’ als de kunstenaar zelf ‘geen titel’ vermeldt op het bijbehorende bordje, dan snap je als organisatie hoe je met kunst moet omgaan. Los van wat kleine vernielingen (barbaren zijn overal) heeft Art Zuid weinig te lijden van lieden die er niks van snappen. Dat geeft hoop. Want een volk dat geen echte kunst meer waardeert is in feite verloren. Zolang Art Zuid blijft bestaan heb ik het idee dat we in dit land soms nog op enig niveau functioneren. Aanrader van jewelste. Je kunt de kunstroute ook met de Metro of trein benaderen. Via Station Zuid. En dan loop je richting Hilton Hotel aan de Apollolaan. Kom je het vanzelf allemaal tegen.