Amsterdam – het blijft mooi….

Hoewel ik soms wellicht de indruk wek dat de stad Amsterdam minder mooi is dan ik hem echt dagelijks voor ogen heb, ik blijf er toch zeer van houden. Daar helpt geen rood/groen afbraakbeleid tegen. En toch wandelen we vaker door een stad als pakweg Weesp of Sassenheim dan door de eigen geboorteplaats. Dat anti-autobeleid van de huidige linkse stadsbestuurders is daar zeker debet aan. Want om nu een harinkje te halen bij de favoriete visboer en dan daarvoor eerst tussen de 4 en 7 euro te betalen aan parkeergeld is me echt te overdreven. En zo verlegden we in het verleden onze winkel- en wandeltochten naar plekken buiten de eigen mooie stad. Maar soms trekt het toch te erg en doen we precies wat de milieufreaks graag van ons zien, we gaan per metro naar het centrum van Mokum en lopen vandaar uit dwars door de stad heen in redelijk marstempo en intussen toch lekker ontspannen terug naar het oorspronkelijke uitgangspunt.

Dat kan soms een afstand zijn van vijf, acht of tien of meer kilometers. Uiteraard met een camera om de nek of een smartphone in de hand en ook genietend van alle mooie plekjes die Amsterdam nu eenmaal te bieden heeft. Net als toeristen, maar dan met de wetenschap en kennis rond alle straten, stegen en buurten die een Amsterdammer nu eenmaal heeft. Om telkens weer te ontdekken dat er grote culturele verschillen zijn tussen Nieuw-Zuid, Oud-West of Oost. Zeker veroorzaakt door de verschillende culturen die zich in de afgelopen decennia in Amsterdam vestigden en daarmee een stempel zetten op de wijze van leven en de uitmonstering van o.a. winkels. Als je probeert om de grote en bijna onherstelbare schade door de megalomane bouwprojecten te vermijden, is er nog heel veel stadschoon te zien in mijn stad aan de Amstel.

En we hebben in de loop van de jaren ook heel wat vriendjes meegenomen en soms blaren op de voeten bezorgd als het weer eens te lang wandelen was voor hen. Als de gelegenheid zich voordoet gaan we zelf elke week wel een keer aan de wandel. Niet voor de boodschappen, maar gewoon voor het genieten. Bij redelijk wandelweer en met het plan om weer dwars door de stad heen te snijden om te zien wat er nu weer is veranderd, of wellicht nog leuker werd. Of hetzelfde is gebleven als je het vergelijkt met vroeger. De Westermarkt, Jordaan, Leidseplein, P.C. Hooft, Zuid, De Pijp, Amstel, Oost. Want wat men in het Kremlin aan de Amstel ook met die mooie stad aan IJ en Amstel uitspookt, hij blijft ons trekken als nostalgische katalysator van herinneringen. Daarbij, echte Amsterdammers zijn leuk in de omgang en het taaltje dat men bezigt uiterst herkenbaar. Als je de goede plekjes maar weet te vinden. Binnenkort dus weer op zoek…..genieten!!

Wandelen door Zuid…

Het oude Stadhuis van Nieuwer Amstel werd uiteindelijk het Gemeente-archief Amsterdam.

Als ik wel eens mensen te gast had of heb die Amsterdam willen zien en dan niet specifiek de bekende plekken als Dam, musea of de P.C. Hooftkoopgoot, laat ik ze vaak bepaalde routes lopen. En stevig ook. Dan wandelen we bijvoorbeeld in redelijke tempo langs de Amstel, toch de naam gevende stroom water die de stad in feite vormde, richting het oude centrum. En dan komen we steevast langs ofwel de Amsteldijk dan wel Weesperzijde voor onze toeristische route met uitleg. Want die route laat goed zien hoe de stad ooit door de eeuwen heen over de eigen grenzen heen bleef uitbreiden. En dat doet Amsterdam nog steeds. Heel wat vroegere buurgemeenten werden zo opgeslokt of men kocht land van die buren om daar stadsuitbreiding ruimte te geven. Tijdens onze wandelingen laat ik ook de diverse schillen zien die de eeuwen verbeelden waarin dit zich allemaal afspeelde. Het grappige is dat de grote expansie eigenlijk plaats vond in de 19e eeuw. De grote stad trok mensen aan vanuit heel wat verre streken, al was dat dan wel in Nederland zelf. Friezen, Zeeuwen, Limburgers, bedenk het en men kwam zich omwille van de economische dynamiek in Amsterdam settelen.

Aan de Weesperzijde staan fraai versierde panden…peperduur tegenwoordig.

Daarvoor had men huizen nodig. En omdat de meeste nieuwe bewoners vaak leefden van een laag inkomen mocht dat weinig kosten. En zo ontstonden de nu nog bekende arbeiderswijken als De Pijp. Waarvan een groot deel werd gebouwd op het grondgebied van Nieuwe-Amstel dat een zeer behoorlijk gebied van haar gemeente in die periode over deed aan de grote buurman. Inclusief het oude Gemeentehuis. Dat vindt je nu nog langs de Amsteldijk, ter hoogte van de zgn. Tolstraat. En die dankt zijn naam weer aan de oude tolhuizen die daar ooit hebben gestaan. Amsterdam dempte sloten, en bouwde in feite op dezelfde wijze als die waterwegen de nieuwe straten. Zat ergens een bocht in een sloot zit die dus ook in de straat. Overigens heette dat deel van de stad waarover ik het heb ooit gewoon Amsterdam-Zuid.

Het plan Zuid en Oud-Zuid links op deze foto. De Amstel is hier op haar breedst..

Toen achter de waterstroom dat we nu kennen als de Jozef Israelkade het Plan Zuid van Berlage werd gebouwd was die nieuwe buurt Nieuw-Zuid en noemde de gemeente Amsterdam het oudere deel Oud-Zuid. Latere stadsbestuurders gaven er weer andere benamingen aan, alles moest met de tijd mee. En wat voor Zuid gold was ook van toepassing op de uitbreidingen aan de westkant van de stad of het oostelijke stadsdeel. Kenmerkende eigenschappen, revolutiebouw, lange rechte straten en veel gelijkvormigheid. Al snel werden de huizen door de beoogde huurders ingenomen, en soms door de jaren heen compleet uitgewoond. Nog niet zo lang geleden zijn veel oudere woningen opgeknapt en onderdeel geworden van de yuppenbuurten die Amsterdam er nu zo veel telt. Waarbij veel van die oude huurvoorraad in de particuliere verkoop werd gedaan.

De Rijnstraat was ooit de belangrijkste toegangsweg vanuit Utrecht richting het centrum..

Opvallend detail is ook dat langs die eerdergenoemde waterweg, de Amstel, de huizen aan beide zijden relatief duur en chique waren of zijn. Bedoeld voor de beter gesitueerden van toen. Versieringen, luxe, uitzicht op het water, het mocht wat kosten. En als je over die wandelwegen met me mee loopt zie je ook niets van die vroegere armenwijken maar slechts de chique van vroeger. Zo wilde de stedelijke bestuurders het ook graag zien. Eveneens mooi, aan die eerdergenoemde Tolstraat lag ook de diamantslijperij van de familie Asscher. Een groot gebouw dat zorgde voor flink wat werkgelegenheid.

Amsterdam kent heel wat groenzones….

De veelal joodse werknemers kregen een piepklein huisje van de firma in een buurtje dat wat verscholen ligt tussen de veel hogere huizenblokken waar de elders werkenden woonachtig waren. Je moet er eens doorheen lopen om te zien hoe armoedig dat vroeger allemaal zal zijn geweest. De term bloeddiamanten past ook best bij deze benadering vanuit de grote heren die flink verdienden aan de handel in dit harde edelstenenspul. Maar ook dit wijkje is intussen gerenoveerd en wordt bewoond door heel andere lieden. Kortom, een dorpje in de stad. En de moeite waard om te bezoeken. Mocht je eens in de buurt zijn…Maar wel de wandelschoenen aan. Een beetje wandeling is toch al snel 10-12 km lang. Oefenen is noodzaak….

Minder leuke kunst….

Eens in de zoveel jaar wordt in het chique Amsterdam-Zuid een kunsttentoonstelling op straat georganiseerd die van heinde en verre bezoekers trekt. Het gaat niet om een paar schilderijen of zo, maar meestal om grote objecten die men dan plaatst in de plantsoenen van het woongebied vol miljoenen kostende woningen eromheen. Vanaf het station WTC tot pakweg de Beethovenstraat staan de chique lanen dan vol met bijzonder kunstzinnig werk. Art Zuid heet het fenomeen en we zijn er vanaf moment een dat men er mee startte elke keer te gast. Zo ook dit jaar. Vol verwachting. Nou dat viel wat tegen.

Men heeft dit jaar gekozen voor moderne lineaire kunst. Obstakels, kunstwerken kan ik het niet eens noemen, die bestonden uit een mislukt hekwerk met een liggende metalen paal erop, een ingepakte boomstronk, een in het grind begraven kiepwagen. Allemaal zaken waar je zelfs vanaf het tekstplaatje dat keurig aan gaf wat de kunstenaar er zelf in zag, niets kon herkennen. We liepen de route af en kwamen tot de slotsom dat deze editie aan ons voorbij zou gaan qua enthousiasme. Deze editie is bepaald niet de beste, al zullen ware kunstliefhebbers er heel anders over denken. Ik ben toch meer van de zaken waar je in kunt verdwijnen, op kunt klauteren, die zelfstandig bewegen, of waar je om moet lachen.

Kunst moet naar mijn mening niet alleen de kunstenaar zelf dienen, maar ook de toeschouwers. Wij liepen erlangs en keken ernaar. Maar dat was het wel. Op enig moment sloegen we een zijstraat in en keken dan nog liever naar de fraaie bomen die we langs een mooie hoofdstedelijke gracht zagen staan, dan naar die wonderlijke bouwsels met kunstzinnige achtergrond. Waarom men koos voor deze richting is me niet duidelijk. Art Zuid communiceert veel over de editie van dit jaar en laat ook heel andere dingen zien dan wij op straat zagen staan. In ieder geval langs de ons bekende route.

Wellicht dat we zaken hebben gemist, maar wat we zagen hadden we ook best kunnen missen. En dat gaf geen goed gevoel. Maakte de dag er overigens niet minder om want we knoopten er een stevige wandeling aan vast. En die was wel leuk.

Herfst

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Om ons heen in de wijk waar we wonen, zien we bomen langzaam aan van groen naar geel en later bruin van kleur veranderen. De heftst volgt op een best wel bijzondere maar ook niet al te slechte zomer. Het blijft mooi om te zien hoe de natuur de seizoenen volgt. Gek genoeg is dat bij ons in het westen van Nederland een stuk heftiger zichtbaar dan bijvoorbeeld op 1,5 uur rijden naar het oosten waar we bij toeval de vorige week even te gast waren. Daar zag je nog geen geel of bruin, wel donkerder tinten groen in de bomen en struiken, maar ook maar weinig blad op straat. Kan liggen aan de bomen of struikensoort of wellicht zelfs de grond daar. Die herfst is altijd reden om het bos weer eens te bezoeken. Er liggen wat van die percelen in onze omgeving, althans op 15-25 minuten rijden van hier. Heerlijk die geur om op te snuiven en de beukennootjes te zien die de kastanjes opvolgen als vallend voedsel. Als je goed luistert hoor je die dingen links en rechts naast je vallen, bij pech voel je het. ‘Pok’……toch pijnlijk.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het bos dat in de zomer zo druk werd bezocht door dagjesmensen van overal en nergens wordt in de herfst domein van hondenliefhebbers, wandelaars, en natuurfreaks. Er is veel te zien als je er maar ook voor hebt. Die kleuren zijn prachtig, en de sfeer relaxed. De neus wordt er vaak echt fris van en de modder aan de schoenen neem je op de koop toe. De herfst leidt natuurlijk steevast tot een winterperiode die weer andere gezichten geeft aan het landschap. Zelfs als stadsmens kan ik de schoonheid daarvan goed inzien. En geef ik toe dat het best lekker is om de boel even leeg te wandelen als het seizoen dat toelaat. Opvallend is ook dat je in de herfst veel minder bosdieren ziet dan bijvoorbeeld in een gemiddelde zomer. En als ik er dan al eentje zien  is het vaak niks bijzonders. Vogels die ik bijzonder vind zijn dat meestal helemaal niet. Sommige mensen kunnen me dat vaak fijntjes mededelen. Je mag dan wel verstand hebben van alles wat vliegt en rijdt, maar dan moet het wel van metaal of kunststof zijn, in de natuur kan ik niet zo goed meekomen…. Kwestie van opvoeding natuurlijk. Ik ben al blij als ik een huismus in de tuin zie, laten we wel zijn, dat is bij ons een exoot.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En dan duurt het allemaal niet zo lang meer tot we richting winter gaan. Paar weekjes en we zitten er midden in. Met al die rare weersomstandigheden in de wereld kon dat wel eens een stevigerd worden. Ik heb de thermo-kleding alvast maar klaar gelegd. De centrale-verwarming ontlucht, de bruine bonenschotel ingeslagen. En natuurlijk de eerste fles Gluhwein. Het zal maar echt koud worden. Maar als dat zo is, zullen we goed uitgedost, zeker ook het bos weer bezoeken. De auto heeft aangepaste banden, we komen er wel, zelfs bij veel sneeuw of ijs. En dat laatste mag er van mij ook komen, want niets zo mooi als een grachtentocht op de schaats. Alleen jammer dat ik ook nooit heb leren omgaan met die ijzers. Anders….