Zomerse spottersgeneugten…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onlangs trakteerde ik mijzelf weer eens op een paar dagjes met genoegens die van doen hebben met de vliegende vrienden die de verschillende Nederlandse vliegvelden frequenteren. Ik was weer even hobbyist, in het jargon, spotter! En dat beviel goed mensen! Bij mooi weer en druk verkeer is het voor mij een soort genot om me in die sferen te bewegen. Veel te lang niet gedaan. ‘Moeten we meer doen’ het voornemen. Al laat de soms drukke agenda dat toch minder toe dan ik wel eens zou willen. Daarbij zijn de plekken waar je nog echt lekker kunt spotten beperkt geworden. De veiligheid en het terrorisme maken dat luchthavens hun gebieden afschermen voor al te opdringerige lieden met camera’s en notitieboekjes. Je moet van goeden huize komen om dwars door parkeerverboden en andere beperkingen heen te dringen om zo je hobby te kunnen beoefenen.

Leo Foto (3)En dat maakt mijn plezier in de achterliggende jaren toch een stuk minder groot. Ooit, in een grijs en ver weg gelegen verleden, begon ik met deze liefhebberij door op de fiets vanuit mijn woonhuis of school naar het toenmalige Schiphol te fietsen en daar dan over de heg te kijken naar die startende en landende vliegtuigen. Dat werd later weer wat anders. Zomer en winter, warm of koud, altijd een paar uurtjes per week zitten op een van de toenmalige terrassen met een bakkie warme chocolademelk en dan maar kijken naar al die vertrekkende en aankomende vliegtuigen. De meeste daarvan nog voorzien van zuigermotoren en propellers. De eerste jets maakten het de oren in die tijd best wel eens lastig. Want die kisten van toen waren nog niet van de milieuvriendelijke soort. Met de brommer later ook wel eens naar de andere vliegvelden die vanuit Amsterdam binnen redelijke tijd bereikbaar waren. Hilversum, Soesterberg, Rotterdam-Zestienhoven. Zag je weer eens iets anders dan het standaardwerk. Wist ik veel in die tijd.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Later voegde ik heel wat trips naar het buitenland toe aan mijn zoekprogramma. Begon te fotograferen, later dia’s te maken, zelfs te filmen. Het is materiaal waar men later wellicht nog eens met belangstelling naar zal willen kijken. Sinds begin deze eeuw werd het minder allemaal. Te druk, te weinig zin, te veel beperkingen. Hooguit twee, drie keer in het jaar nog maar. Met de auto. De nodige catering aan boord, mijn apparatuur, de luchtvaartradio aan, en dan maar genieten. Maar in de zomer toch wat meer dan in de wintertijd. De ontberingen zijn me vreemd geworden. Watjesgedrag…. Als ik terug reken beoefen ik deze hobby nu iets van een 54-55 jaar. Best lang eigenlijk. En na de recente plezierige ervaringen wil ik er nog niet aan  om er mee te stoppen. Het intrigeert me nog steeds, het interesseert me ook, motiveert me, en ik haal er inspiratie uit. Kortom het is net zoals anderen zullen voelen bij bezoeken aan voetbalwedstrijden of musea. Die laatste categorie doe ik er uiteraard ook even bij. En als er dan een uitspringt die ook aandacht heeft voor de luchtvaart kan mijn dag niet meer stuk. Binnenkort weer naar het Amsterdam-Museum, i.v.m. expositie ‘100 jaar Schiphol’. Waarvan ik qua geschiedenis meer dan de helft zelf heb meegemaakt. Een echte oude kn..uh spotter…..

 

 

Oase

Bosplan - trimbaan fotoserie 150907 div. 007Aan de zuidkant van de grote stad waar ik woon, werk en leef, bevindt zich een paar enorm uitgebreide groene zones die bij mensen van buiten onze stad nauwelijks bekend zijn. Zoals het Amsterdamse Bos dat in basis werd opgezet om niet alleen bleekneusjes uit de grote stad van de jaren twintig/dertig in de vorige eeuw van wat frisse lucht te voorzien, maar ook om de massale werkloosheid die toen heerste te helpen onderdrukken. Ergens in 1932 werd het project in fase 1 afgerond, daarna kwamen er nog wat stukken bij en zelfs na de oorlog legde men een nieuw deel aan ten zuidwesten van de toenmalige verbindingsweg tussen Amstelveen en Schiphol. Het Amsterdamse Bos is intussen verworden tot een flink groot woud vol spontane of aangestuurde natuur. Er zijn vennen en grote waterplassen te vinden, strandjes, wandelpaden en fietswegen, je kunt er via de zgn. Bosbaanweg met de auto in en wij zijn er dan ook al vele jaren lang regelmatig te vinden. Heerlijk wandelen bij het geluid van de vogels, het ritselen van de bladeren en het geblaf van de altijd in dubbele zin van het begrip uitgelaten honden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onze eigen Purdy was er ooit ook zo verzot op. Rennen en scharrelen, en als het even kon zwemmen in een van de poeltjes. Zij gilde het dan uit van plezier en zwom als een vis. Lijkt alweer zo lang geleden allemaal. Ik heb er persoonlijk nog wel wat meer herinneringen liggen. Maar die zijn meer voor een andere keer. Het Amsterdamse Bos werd bij de Amsterdammer bekend als het Bosplan. Naar het gemeentelijke plan dat tot dit bos zou leiden. En wat was dat plan eigenlijk goed. In de omgeving van toen lagen indertijd wat landerijen,  de nodige moerasachtige gebieden en verder wat ‘rommelgrond’. Men bouwde eind jaren twintig in het midden van het gebied een aanzienlijke heuvel van afval, wat goedkoop bouwmateriaal was, en stortte daarover heen aarde en plantte er bomen en struiken op. Het terrein werd zo wat glooiend en golvend. Het bos ruikt vooral in de zomer heerlijk. Zoals een bos hoort te ruiken. Heerlijk voor iedereen die zoekt naar wat rust.

WP_20160125_003En wie houdt van dynamiek, kom dan bij stevige westenwind eens langs, dan landen de vliegtuigen op de zgn. Buitenveldertbaan en dan lijkt het wel of ze midden in het bos de landing willen inzetten. Ik kijk er als liefhebber altijd met veel plezier naar. Stukje verderop, aan de rand van de chique wijk Buitenveldert en begrenst door de Amstel ligt nog een prachtig gebied. Ik beschreef het al eens eerder. Het Amstelpark. Ooit onderdeel van de opzet voor de begin jaren zeventig gehouden Floriade-expositie. Die tentoonstelling verdween, het park bleef. Prachtig, rustig en interessant. Voor hen die er oog voor hebben. Beide groengebieden zijn voor ons simpel te bereiken. Met de auto, fiets of als het moet lopend. Je kunt er heerlijk vertoeven en waant je zeker niet in de grote stad. En wellicht maakt dat Amsterdam wel extra zo’n aantrekkelijke stad om in te wonen. Of voor toeristen om te bezoeken. Niet allemaal komen ze voor de Wallen, musea of Coffeeshops. Als ik de talen hoor die hier in die bos- en parkgebieden worden gesproken heeft het nieuws over al dat groen ook mensen van elders bereikt. En dat is goed. In de winter is het allemaal weer voor de Amsterdammers. En voor hen is het natuurlijk ooit bedoeld geweest. Als Oase in de drukke omgeving van een enorme stad. De hoofdstad!

Declareren of improviseren…

33158 - MDC C-47 PH-DAA KLM at old Spl Scan10003Toen ik aan het einde van het jaar 1965 mijn eerste stappen zette op het pad van de beroepsverandering waren dat ook meteen heel heftige. Ik was tot dan gewend aan het beschermde van de bankinstelling waar ik voordien i n hartje Amsterdam had gewerkt en waaraan ik ook voor een deel mijn avondstudies dankte die ik op dat moment nog volop volgde. Maar mijn karakter paste niet bij de discipline van een bank. Daarbij, de luchtvaart trok me. De vliegtuigen en de bijbehorende dynamiek. De eerste baan die op mijn pad kwam was die van expediënt op Schiphol bij een wat je nu zou noemen logistiek bedrijf. In het verleden schreef ik daar al eens wat zinnen over in oudere blogs. Toen ik dan ook aan het prille begin van het daaropvolgende jaar mijn plek innam aan de andere kant van het enige bureau bij het bedrijf waar ik in dienst was gekomen besefte ik me na twee weken of zo dat dit soort bedrijven bestond uit twee werelden. Die van de import en de export. De exportmensen waren vrije denkers, creatief zoals ik zelf was en nog ben, en met talent voor de juiste contacten.

Schiphol - oud beeld..Scan10213Immers die exportlading moest vervoerd worden met luchtvaartmaatschappijen op de juiste momenten, met in acht neming van alle geldende regels, maar ook voor een interessant tarief. Ondanks het nodige papierwerk voelde ik me in die voor mij nieuwe rol buitengewoon goed. Maar er was een schaduwkant (..) aan het beroep, bij al die papieren voor de luchtvaartmaatschappijen behoorden ook douaneverklaringen. Wat voerden we uit, welke statistieknummers voor het CBS omschreven de goederen het beste, was het een Nederlands product of iets van doorvoer uit andere landen etc. Voor die uitvoerpapieren had je speciale wetboeken nodig, met alleen maar nummers en beschrijvingen van goederen. Voor mij lang Chinees, maar mijn toenmalige chef was er helemaal in thuis. Die was declarant van huis uit en dat was een apart beroep. Die lieden voerden voor hun klanten juist spullen in en gaven ze aan bij de douane op zodanige wijze dat de douane of inspectie Invoerrechten en Accijnzen geen aanleiding zag om het spul te visiteren of zelfs te blokkeren.

Kort. networking employees-togetherWant o wee als je iets verkeerds aangaf en zo mogelijk de staat benadeelde. Invoerrechten waren toen nog van toepassing, net als omzetbelasting. Pas na een rondgang langs alle loketten van de douane kreeg je voldoende stempels om het spul uit de KLM-loodsen te halen en in je bestel- of vrachtauto te laden voor vervoer richting klant. In- of uitklaren heette dat. De gemiddelde declarant was veel meer van de cijfers, van de kennis van het wetboek, met fantasie hadden ze vaak niet veel en dat merkte je ook op de kantoren waar die twee takken van sport bij elkaar zaten. Heel wat discussies meegemaakt. Export was snelle handel, de douane een obstakel waar je het liefst omheen zeilde, import meer van de rust, het nadenken, en zorgen dat de Nederlandse klant zijn spullen weliswaar op tijd kreeg, maar ook dat de relatie met de overheden niet op de proef werd gesteld. Ik vraag me nu, een halve eeuw later, wel af hoe die beroepen nu worden uitgeoefend. Immers, computers, internet, grenzeloos Europa en TTip op komst. Andere omstandigheden en vast ook andere regels. Ik leerde er in die periode toen creatief omgaan met de mogelijkheden. Een geweldige leerschool. Waar je snel moest inspelen op een probleem, soms hands-on moest bijspringen om een vlucht niet te vertragen. Maar van dat wetboek rond die I&OB heb ik nooit veel opgestoken. Vast een karaktertrekje, ook al veroorzaakt door die beroepskeuze van zoveel jaren geleden. Zou er trouwens nog net zoveel worden gestempeld door die douanemensen als indertijd? Ben nog benieuwd ook…..(Beelden: LPAC Collectie)

Maarse en Kroon

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Leyland Tiger bus Maarse en Kroon…

Het was in die tijd best lastig om vanuit mijn woonstek in hartje Amsterdam, naar het toenmalige Schiphol te komen waar ik in die jaren werkte. Met de fiets of de brommer was het een kilometer of tien enkele reis wat in de meer lenteachtige of zomerse maanden niet zo’n probleem was, maar in de winter? Nee, dan moest ik maar met het openbaar vervoer. En dat was indertijd best anders georganiseerd dan nu het geval is. In de stad reed het Amsterdamse GVB, maar er waren ook consessies voor busbedrijven van buiten de stad. Een daarvan was het uit Aalsmeer afkomstige bedrijf Maarse en Kroon. Die hadden de vergunning om naar/van Schiphol te rijden en deden dat vanuit diverse omliggende plekken, ook Amsterdam. En hun buslijnen startten dan bij het Centraal Station. Maar wel op een plek die ver weg lag van de opstapplekken voor tram en bus van het GVB. Vast bewust gedaan denk ik. Hoe dan ook, ik moest dan met de tram (lijn 4)van mijn/ons woonadres naar het CS en daar dan het hele stationsplein oversteken om bij die bus van Maarse en Kroon te komen. Lijn 9 was de dienst die me naar Schiphol zou brengen. Nu had je er een die onder dat nummer direct doorreed naar Schiphol. In Amsterdam zelf zonder haltes (want men mocht geen mensen vervoeren binnen de stad) zodra we over de grens met Amstelveen kwamen stopte hij regelmatig.

Amsterdam - Van Woustraat met tram 4 552Van die lijn 9 was ook nog een afgeleide, de 9K. Die reed een iets andere route, via de Karsselaan. Scheelde iets van tien minuten. Was ik dik op tijd maakte het niet uit, was je al wat laat (in de winter hadden ook de trams van het GVB moeite met sneeuw en ijs) nam je liever niet die 9K lijn. Toch zorgde Maarse en Kroon met haar creme/blauw gespoten bussen in de meeste gevallen wel dat ik redelijk comfortabel en op tijd bij mijn werkstek aankwam. Dan moest ik nog wel van het busplein naast de ingang van het toenmalige Schiphol dwars over het platform heen lopen, wat met veel sneeuw ook weer ietsjes minder was, maar dan nog. Het waren avonturentochten in die jaren. Dat eindigde toen ik mijn rijbewijs haalde en de toenmalige werkgever een VW busje kocht voor vervoer van de spullen van onze klanten. Die mocht ik dan als ‘verst wonende’ mee naar huis nemen als de dienst er op zat. Was het busje pas laat ‘thuis’ stapte ik alsnog op de bus en liet me naar huis vervoeren. Maarse en Kroon bleef nog een paar jaar actief, fuseerde later met een hele reeks andere bedrijven en is nu volkomen verdwenen in R-Net van Connection. Nog steeds met geweldige verbindingen van/naar de luchthaven. Want die erfenis nemen ze die niet af. Alleen is bus 9 er niet meer. Die is bijgeschreven in de geschiedenisboeken. Waarvan ik er onlangs eentje kocht…..

Inconsequent geklaag

Schiphol - oud beeld..Scan10213Terwijl ook ik aandacht gaf aan het eeuwfeest voor onze nationale luchthaven wil ik een aspect van een luchthaven als deze van enorme omvang toch niet onvermeld laten; geluid en de eventuele overlast die deze bezorgt aan hen die er niet ver vandaan wonen. Daarbij is het van groot belang te bedenken wat lawaai eigenlijk is en waarom sommigen mensen er wel en anderen geen last van hebben. Kijk, ik zelf vind het geluid van vliegtuigen geen enkel probleem. Logisch, ik koos immers zelf voor een woonomgeving die niet zo gek ver van die luchthaven af ligt. Altijd al in stedelijk gebied gewoond, en dat was dus nooit echt stil. In mijn buurt worden veel huizen verkocht aan nieuwe bewoners. De oudere trekken weg, gaan in appartementen wonen elders in de stad of wellicht daarbuiten. De nieuwe bewoners doen er alles aan om hun net verworven onderkomens te voorzien van voldoende isolatie.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

En wie dat niet doet kijkt weleens boos naar boven. Als er weer een vliegtuig of politie-heli voorbijkomt. ‘Al dat lawaai…’. Dat is opmerkelijk want wie in deze omgeving verkiest te wonen heeft altijd wel lawaai om zich heen. En moet dan niet gaan klagen. Je ziet hetzelfde bij mensen die ervoor kozen vlakbij de uitvalswegen van een stad te gaan wonen of niet te ver af van doorgaande snelwegen. Die klagen als ze thuis zitten over dat verkeerslawaai, maar maken wel gebruik van diezelfde wegen om er hun zakelijke of sociale leven mee op gang te houden. Geldt ook voor spoorwegen, of zelfs voor het wonen aan een kanaal of rivier waar schepen voorbijkomen. Wel eens langs gezeten? Als het een beetje druk is hoor je heel wat gestamp van motoren of geklots van de (boeg)golven. Klagen zit veel mensen in het bloed en Nederlanders klagen al over het weer dat het een lieve lust is.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daarbij snap ik niet dat overheden en ontwikkelaars in het verleden wel in staat zijn gesteld om bebouwing toe te staan in de omgeving van lawaai of andere overlast producerende bedrijven of infrastructuur om daarna via allerlei procedures weer bezig te gaan om die overlast te beteugelen. Bouw er dan niet zou ik denken. Overigens zijn er natuurlijk ook woonbuurten waar diezelfde overheid snelwegen, treinenbanen of wat ook vlakbij aanlegde waardoor een voorheen stille buurt ineens barst van het lawaai of de stank. Dat je dan protesteert snap ik eerder dan in die eerdergenoemde situatie. Dat er dan ook nog wat vage en soms leugenachtige actiegroepen of zelfs politieke partijen streven naar een wereld zonder lawaai, het liefst een zonder tastbare economie, maakt het probleem niet kleiner. Ooit hadden wij hier buren die stemden op GroenLinks. Opvallend waren de posters bij hen aan de ramen, tegen Schiphol en de lawaaiproductie, maar beiden maakten zowel zakelijk als privé wereldreizen naar mooie oorden of plekken waar arbeid weinig hoefde te kosten. En dat meerdere malen per jaar. Kijk, tegen zoveel inconsequentie kon zelfs ik niet op. Maar vrienden werden we nooit. Al was het maar omdat ze er ook nog twee auto’s op nahielden van de aardig vervuilende soort. Kortom, van die steen en vrij zijn van zonden speelt dan ook een rol. Zelf wel last van overlast? Zin om daar iets over te schrijven in dit verband? Kom maar op!

100 jaar Schiphol

213237 - Schiphol vanaf de verkeerstoren - 1180 Scan10114Het zal er vast mee van doen hebben dat ik mijn leven lang in de buurt heb gewoond, maar Schiphol was en is een vast onderdeel in mijn leven. Het dit jaar precies 100 jaar bestaande vliegveld startte ooit in 1916 als een ‘vliegweide’ waar de eerste pioniers in ons land zich de lucht in waagden met hun fragiele bouwsels die deels afkomstig waren uit oorlogsbuit. Nederland was in dat jaar niet betrokken bij de Eerste Wereldoorlog die toen in de landen om ons heen woedde, maar onze strijdmacht wilde wel op moderne wijze (..) meedoen met de ontwikkelingen. Soms werd ons dat aangedragen via in ons land neergekomen vliegers wiens vliegende kratten snel door de Nederlandse soldaten werden opgelapt en ingezet voor eigen gebruik. De vliegweide Schiphol was dan ook een militaire basis. Paar loodsen, drassig grasveld en vliegen maar.

Oud Schiphol in tje 60-s - 211520Overigens dankt Schiphol haar naam aan de vele schepen die in deze hoek van de Haarlemmermeerpolder ten onder waren gegaan toen die polder nog een enorm meer was. De heersende winden zorgden voor veel onheil en ellende en deze hoek van het meer kreeg al snel de naam ‘Scheepshol’. De verbastering naar de latere naam voor het vliegveld is een logische. Pas toen Plesman met zijn KLM op Schiphol neerstreek en de eerste luchtlijnen startten kreeg Schiphol enige naam en allure. Overigens wilde Plesman het liefst op een andere plek een groter vliegveld, maar door steun en enthousiasme van de Amsterdamse bestuurders bleef Schiphol waar het was en groeide het uit tot wat het nu is.

EHAM in de sneeuw. foto van dia CJvR Scan10765Het is een enorme oppervlakte geworden die in niets meer lijkt op dat oude vliegveld dat tot 1967 dienst deed maar al snel veel te klein was geworden voor de toenmalige vliegtuigen en stromen passagiers. Schiphol werd Schiphol-Centrum en Schiphol Centrum veranderde zodanig dat men nu van Schiphol City spreekt. Het vliegveld is een 24-uursbedrijf geworden, met winkels, treinstation, busverbindingen naar vele uithoeken en dagelijks luchtlijnen naar de meeste uithoeken van onze planeet. Overstappunt voor heel veel passagiers die de faciliteiten waarderen en de strakke organisatie die men op Schiphol al zo lang koestert en aanbiedt. Niet voor niets wordt het vliegveld internationaal gewaardeerd, al zakken we (..) wel steeds verder weg. De bouwactiviteiten met bijpassend ongemak laten hun sporen na. En de concurrentie slaapt niet. Schiphol is ook druk geworden, heel druk.

16245 - EHAM - 030184 - Vrachtplatform Scan10064Er moet verlichting komen van die druk. Dat zocht en vond men op Lelystad Airport waar over niet al te lange tijd vakantievluchten zullen gaan en komen. Waardoor op Schiphol zelf ruimte ontstaat voor vluchten met nog apartere bestemmingen als uitgangspunt. Het vliegveld bouwt hiertoe een nieuwe terminal, het oude vrachtgebouw en kantoorflat, waar ik zelf nog eens 12 jaar werkte, wordt  afgebroken, nieuwe platforms aangelegd. Schiphol groeit en bloeit. En dat tegen de stromen in die zowel in het weer en de politiek altijd over het vliegveld zijn heengetrokken. Ondenkbaar om Schiphol op te heffen of te verplaatsen. Tientallen miljarden Euro’s voor nodig, en 200.000 banen op de tocht. Nee, beter om in de omgeving aanpassingen te doen. Niet te dichtbij bouwen en zo meer. Maar ook dat is de afgelopen 100 jaar weinig veranderd. 100 jaar Schiphol. Het wordt gevierd. Diverse exposities (net een geopend in Hoofddorp, v.a. September a.s. in Amsterdam Museum) een paar boekwerken, en dit blog. Schiphol verdient het. En ik ben blij dat ik heel wat jaren heb liggen op en rond die trots makende nationale luchthaven.

De goede oude Wester…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onlangs kwam het even ter sprake; iemand snapte niet zo goed waarom ik altijd zo liefdevol sprak of schreef over de Westertoren in onze stad, als symbool voor mijn affectie voor mijn geboorteplek. Ik had er immers altijd ver vandaan gewoond. Feitelijk een onjuiste bewering, maar dat heb ik hem direct vergeven. Als je elkaar niet in de ogen kijkt en elkaars echte levensverhaal niet kent is het lastig inschatten hoe mensen in elkaar steken. Maar neem van mij maar aan dat ik die stad toen ik er niet echt middenin woonde, altijd in grote regelmaat heb opgezocht. Zoals we er nu nog steeds elke week een keer dwars doorheen lopen. Gewoon omdat een grote stad met al zijn veel gekleurde wijken, meer heeft te bieden dan alleen maar de Dam of de coffieshops waar de toeristen voor komen.

Westertoren Foto's Tru Juli-aug.2007 035Ik merk ook dat naarmate mijn leeftijd zorgt voor steeds meer kaarsjes op de al dan niet in huis gehaald of zelf gebakken taart rond mijn jaardagen, ik die stad meer koester. Die grachten, de oude panden, de straatjes met hun winkeltjes, de vele eethuizen. Mijmerend staar ik wel eens over het IJ waar vroeger de oude zeeschepen voorbij kwamen en het een levendige toestand was. Ik mis nog wel eens die oude gierende blauwe trams, de oer-Amsterdamse gezelligheid. Een koffiehuisje waar je naar binnen kon voor echte koffie met een Moezelientje of Kano. Ik mis het platte Amsterdams. Wat je tegenwoordig hoort is vaak een mengeling van alle landaarden die deze stad lijken te hebben geannexeerd. De ware Amsterdammer trok zich steeds meer terug. Verspreidde zich richting Noord-Holland, Flevoland of Haarlemmermeer.

WP_20150511_046Wilde een echt huis met tuin en een min of meer witte school voor zijn kinderen. Het haalde soms de kern uit een bepaalde buurt, maar legt ook vingers op zere plekken. De echte Amsterdammer is niet gespeend van humor, en dan ook nog van de wat ironische soort. Soms met een vleugje joods verleden. En dat is nodig als je ziet wie deze stad zoal menen te moeten veranderen. Een paar decennia falend stadsbestuur, megalomane stadsdeelbestuurders, provinciale amateurs die op politieke stromen een functie krijgen in de grootste stad van ons land en dat het liefste zien veranderen in een groot toeristisch dorp. Het liet allemaal haar sporen na. Kijk naar het chaotische verkeer, de anarchie van krakers, fietsers en scooters, het gebrek aan overzicht. En toch, mensen, ik blijf het een lekkere stad vinden. Kom ik dan nooit ergens anders? Natuurlijk wel. Veel en vaak. En daar zitten ook plekken tussen die ik best leuk vind. Maar daar hangt dan uiteindelijk toch niet die sfeer die Amsterdam zo leuk maakt. Want veelkleurigheid kent ook haar pluspunten.

Amsterdamse beelden 030807 004Ik ben de laatste die dat niet wil erkennen. Voorbeelden zat van ontwikkelingen die bijdragen aan het fijne karakter van die stad. Wonen deed ik er lang, tot we besloten om na een Bijlmer-avontuur de grote tocht oostwaarts te maken en in Almere neer te strijken. Met een wijk vol andere Amsterdammers. Begin jaren tachtig. Eindelijk geen verloedering meer en ook geen criminaliteit. Ruim tien jaar later verhuisden we weer terug. Naar de zuidkant van de stad, waar het nog goed toeven was en is. En we het stadshart op loopafstand hebben liggen. Zo fijn, zo warm, en zo bekend. Kortom, ik ben een Amsterdammer in hart en nieren. En ik zal dat nooit onder stoelen of banken steken….

100 Jaar Schiphol

Verkeerstoren van toenDit jaar – 19 september a.s. om precies te zijn – is het honderd jaar geleden dat het eerste vliegtuig landde op een drooggemalen, drassig stukje grond in de Haarlemmermeer. Een stukje grond dat later bekend zou worden als Schiphol. Die plek markeert een bijzondere geschiedenis waarvan je inmiddels al het nodige bij mij hebt kunnen lezen. Schiphol is in die 100 jaar uitgegroeid tot een mainport in de luchtvaartwereld die jaarlijks ruim 58,2 miljoen reizigers ontvangt, waar 1,6 miljoen ton vracht passeert en waar 65.000 mensen direct hun brood verdienen. Schiphol verbindt Nederland met de rest van de wereld. Reizigers, zakenmensen en goederen bereiken via Schiphol ons land of gaan vanaf hier op wereldreis. Dit verrijkt ons land niet alleen in economisch opzicht maar ook emotioneel. Door Schiphol komen we contact met andere wereldburgers, het is een start- of eindpunt van onvergetelijke ervaringen en mooie herinneringen. Herinneringen die ook mij niet vreemd zijn. Immers voor een beetje hoofdstedeling was Schiphol heel lang in feite het vliegveld in de ‘achtertuin’.

212733 -m Schipol-East view ligth a.c. 0480 Scan10167Hemelbreed lag het iets van 12 kilometer van mijn geboortehuis vandaan en door de toenmalige positie van platform en banenstelsel werden wij regelmatig geconfronteerd met die bijzondere buurman. Vliegtuigen kwamen over onze straat heen, ik zag ze uit de ramen van mijn school en later uit die van het kantoor waar ik in het centrum van de stad werkte. Het virus van de luchtvaartgekte heeft zich vast in die periode in mij genesteld. Leuk hoor, die baan op kantoor bij een bankinstelling, Schiphol trok me toch meer. Van mijn jongste jeugd af was ik gefascineerd door wat zich daar allemaal afspeelde en op mijn 12e dreinde ik al zo lang tot mijn ‘pa’ mee ging naar de KLM Technische Dienst waar ik graag wilde gaan werken. Voor de luchtvaart was het een zegen dat men daar adviseerde dat ik nog beter even kon doorleren. Mijn technisch inzicht bleek om en nabij het nulpunt te bewegen, zou voor de veiligheid van die vliegtuigen weinig hebben bijgedragen. Eind 1965 was het dan zo ver. Na een korte stage bij Martinair stapte ik binnen bij een luchtvrachtkantoor op het aloude Schiphol en werd aangenomen. De rest is ook hier al eens verhaald. Historie! Schiphol bleef sindsdien in het bloed.

KLM aircraft at EHAMAls spotter, als werknemer, als passagier, auteur van diverse uitgaven, altijd was er die luchtvaart. Ik weet nog dat wij verhuisden naar de polder. Ik ontdekte dat het veel te ver weg was van Amsterdam en Schiphol. Ik hoorde de vliegtuigen niet meer. Dat vond ik vreselijk, erger nog, mijn luchtvaartradio waarmee ik het ‘verkeer’ tussen de toren op Schiphol en de vliegtuigen altijd volgde, werkte niet meer. Wat een geluk toen ik door andere omstandigheden ineens weer dichtbij de luchthaven kwam te wonen. Alles werd weer normaal, ik genoot weer als voorheen. En dat doe ik nog. Vliegtuigen hoor ik, zie ik, en als ik er behoefte aan heb ga ik even langs om ze van dichtbij te bekijken. Het Schiphol van nu is onvergelijkbaar veranderd. Was het vroeger een open ruimte waar je nog lekker kon genieten van al die zaken die een vliegveld leuk maken, tegenwoordig is Schiphol nog strenger beveiligd dan vroeger Soesterberg. Maar dat komt door de veranderde tijden. Na kapingen door Palestijnen, 9/11 en de verder gaande expansie van het veld zelf, worden eisen gesteld aan de omgeving die het voor malloten zoals ik lastig maken om ouderwets te genieten. En toch blijf ik vervangend trots op het fenomeen Schiphol. Lawaai? Hoezo? We eten er ook allemaal van hoor. Die luchtvaartsector rond en op de luchthaven zorgt voor 200.000 banen. Denk die maar eens weg. Kortom, ik vind het een felicitatie waard. En zie ook meteen dat ik een dagje ouder ben geworden. Want ik praat nu net zo over vroeger als de generaties voor mij die Plesman en de modder van vroeger nog hadden gekend. Al bladerend door mijn oude fotoalbums komt er weer veel terug. Daar stop ik nu mee, net als met dit blogverhaal………U wilt vast ook nog wel iets kwijt over Schiphol….toch?

 

 

Spotten

WP_20151126_005 (2)Onlangs trakteerde ik mijzelf weer eens op een ‘mannendagje’ zoals ik het zelf noem. Dan gaat een mens als ik niet naar een of ander stadion om daar naar voetballende lieden te kijken hoor. Nee, ik vertrek dan naar het grote vliegveld in mijn achtertuin, dat bij de meeste mensen bekend is als Schiphol. Die wereldluchthaven ligt zo dicht bij onze woonstek dat ik er dagelijks mee geconfronteerd word. Maar ooit ben ik besmet geraakt met het spottersvirus en dat ben ik jarenlang intensief wezen uitzieken. Gewapend met een camera, een opschrijfboekje, en in die latere jaren een luchtvaartontvanger en verrekijker. Heerlijk om dat weer eens te doen. Het komt er domweg te weinig van. In mijn jeugdjaren werd ik al getrokken door dat bekijken van vliegtuigen. Die dingen kwamen indertijd nog wel eens recht over de stad heen als ze gingen landen of juist waren opgestegen en het geluid trok mij als jong mens richting de basis waar al dat spul opereerde. Ik ging eerst op de fiets die kant op.

WP_20151126_004 (2)Zette die dan tegen de heg voor de startbaan neer, klom op de stang van het tweewielige ding en keek naar de vliegtuigen die daar vertrokken of landden. Het was een warm bad al was het best wel eens fris. Later ging ik dan met een kaartje richting de promenades langs het toenmalige platform en deed enorm veel indrukken op. Maakte de laatste propellervliegtuigen mee, de eerste jets, genoot van de geluiden, droomde weg bij het idee dat die kisten naar de meest uitheemse bestemmingen vlogen. Teheran, Ceylon, New York, Helsinki en zo meer. Allemaal op de fiets, later bromfiets. Ik was daarmee best een buitenbeentje want zelfs uit de kring vrienden die aangaven gek te zijn op vliegtuigen waren er maar weinigen die zo gek waren om in januari met me mee te gaan naar de luchthaven als daar sneeuw lag. Of tijdens het Gouden huwelijk van Juul en Benno toen heel wat buitenlandse gasten per vliegtuig arriveerden op Schiphol en dat deden met vliegtuigen die je normaal nooit zag.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Jammer dat ik toen geen echt goede camera bezat. Maar ik schreef trouw alles op in mijn notitieboekjes. In de jaren die volgden zorgde ik altijd voor de nodige tijd vrij die ik kon vullen met mijn passie op dit punt. Maar het werd op enig moment minder. Niet door mijn verlies aan interesse hoor, maar de drukte in de toenmalige werkkringen. Ik werkte op enig moment ook een aantal jaren op de luchthaven en dat hielp niet mee bij het beoefenen van de hobby, hoe tegenstrijdig dat ook moge lezen. Nu ik er al lang niet meer werk kan ik er weer als jochie van vroeger van genieten. De camera met telelens klaar, de radio op de torenfrequentie, brood in de tas, verrekijker en notitieblok klaar. Check! En dan maar genieten. Jammer dat het zo vaak slecht weer is….maar dat was het volgens mij vrijwel altijd als ik daar stond.

Vroegah…

5716Het zal aan mij liggen, maar volgens mij is er iets mis met het weer tegenwoordig. We zitten midden in een periode die nog het meeste lijkt op een verlengde nazomer. De afgelopen paar weken maakten we 15-20 graden Celsius mee als overdag-temperatuur en dat is recordhoudend begreep ik. En het is niet de eerste keer dat we deze wonderlijke verschijnselen meemaken. Vrouwlief viert een dezer dagen haar verjaardag. In de tweede helft van de jaren zestig, ik had nog verkering met haar, vierde ze die jaardagen ook. Uiteraard! Grootser dan nu met mensen uit familie- en vriendenkring die indertijd nog een heel andere samenstelling had. Het was koud op die dagen dat die verjaardag gevierd werd. Vaak viel er al sneeuw en rond die datum,  liep het verkeer vast door de enorme ijzeloverlast. Ik was op de Puch gekomen, normaal een ritje van een minuut of tien van/naar het eigen huis in mijn vroegere woonstraat. Maar bij sneeuw en ijzel natuurlijk niet. Spiegelglad, dus stapvoets rijdend.

Auto-s in de sneeuw...En onderweg af en toe slippend, dat hoorde er bij. Het autoverkeer stond praktisch stil, op trottoirs gleden mensen spontaan uit. Voor de Gemeente-Reiniging voldoende had gestrooid waren we weer een uur verder en ik vast al thuis. Het lukte, maar de omstandigheden waren best heftig. Indertijd werkte ik op het (toen nog) oude Schiphol. Vliegtuigen stoppen zelden met vliegen, de handel moest altijd doorgaan, dus je ging gewoon naar je werk. Ook bij gladheid. Met die brommer was dan best een hele oefening. Er was een alternatief. Met de tram naar het Centraal Station in onze hoofdstad en dan over op bus 9K van Maarse en Kroon die aan de overkant van het plein stond te wachten op zijn passagiers. Als je mazzel had. Zo niet stond je te kou kleumen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Je moest dan wel vroeg van huis, want het O.V. was normaal al niet zo snel, bij gladheid en sneeuw reed men net zo voorzichtig als de gemiddelde automobilist. En dat hield in dat je over de korte rit naar Schiphol soms meer dan een uur deed. De werkgever was begripvol, maar wilde dan wel graag dat je die verloren tijd aan het einde van de middag nog even inhaalde. ‘Zo deden we dat vroeger in de haven ook altijd’ was dan het argument. Kortom, vroeger was het weer anders, de omstandigheden meer primitief. Maar wat was het gezellig bij de brandende haard. Vooral als je wist dat je niet op je brommertje naar huis moest en schoonpa het best vond dat ik daar bleef slapen. Blijven mooie herinneringen…..Vroegah!