
Een opvallend nieuwtje in de afgelopen dagen was het feit dat in bepaalde landen een zekere handel is ontstaan rond het klonen van huisdieren. Moppie is naar het hiernamaals maar je kunt hem/haar niet missen en laat hem via wetenschappelijke procedures gewoon voortleven. Het kan, dus doen we het. In China lijkt het al gewoon te zijn onder de rijken der Aarde in dat land. Duizendje of 6 en kat of hond lopen weer zo goed als nieuw rond. Je hoeft zelfs de van naamplaatjes voorziene etensbakjes niet aan te passen. Wij kijken daar in onze westerse en door Woke en Cancel gedomineerde maatschappij wellicht wat vreemd naar, maar wie weet hoe snel dit allemaal op ons af komt, ook hier. Omdat het mogelijk is en sommigen een heel dierbare band hebben met hun huisdieren. Het eindige van het leven niet willen accepteren een van de drijfveren natuurlijk.

De techniek al eerder toegepast in de agrarische sector. Schapen, stieren en wie weet wat nog meer werden door deze kloontechnieken al gemaakt tot exacte kopie-dieren van hun oermoeder of vader. Nou als het daarbij kan waarom niet bij die andere dieren? En o ja, en-passant was er ook nog het nieuws dat we in staat blijken met het dna van dinosauriers en wat verwant materiaal van nu nog bestaande oersoorten nieuw leven te verwekken. Ook al zijn die oerdieren van toen al duizenden eeuwen uitgestorven. Het kan, dus we doen het. Blijft natuurlijk de kans over dat we mensen kunnen of willen klonen. Nou reken maar dat bij dictatoriaal bestuurde landen en systemen echt al gewerkt wordt met die techniek. Wat zou het mooi zijn als je hele legers kon opbouwen van volstrekt gelijke soldaten die wellicht ook nog het zelfde gedrag vertonen. Star Wars in de praktijk op Aarde. En denk niet dat het niet gaat gebeuren.

Zelfs in de Nazi-tijden van 80 jaar geleden werd er al mee ge-experimenteerd al deed men dat toen met volstrekt andere uitgangspunten. Naar verluid zouden er in Zuid-Amerika nog nazaten leven van wat en met wie Doktor Mengele van alles en nog wat had uitgespookt in zijn duistere laboratoria. Vraag blijft of we dit moeten willen natuurlijk. Willen we mensen die ons na aan het hart lagen of liggen klonen? En hoe komen die dan weer terug? Als baby? Of in de vorm van een volwassene die alles weer moet worden bijgebracht wat hem maakte tot wat hij/zij voor geliefden of familie was. Als we in een duistere toekomst zover gaan komen dat we nieuwe mensen op deze wijze gaan reproduceren nemen we wellicht ook afscheid van dat toch uiterst plezierige proces van het maken van nieuw leven op de meer natuurlijke manier. Het kan verkeren. Het is aan de lezer om zelf conclusies te trekken en te bedenken wie of wat het klonen waard zouden zijn. Wellicht dat je dan ontdekt dat je eigen morele grenzen eigenlijk helemaal niet zo hoog zijn opgebouwd om dit niet te willen of te wensen. Want er blijft altijd iets wringen als het gaat om behouden of houden van…Zeg het maar hoe jij er naar kijkt.. Ik ben benieuwd….(beelden: Archief)
















































Daarmee gas geven leidt tot de acceleratie alsof je in een sneltrein zit, of een straaljager met naverbrander in de staart. Topsnelheden van ver boven de 300km/u zijn geen theorie en dat in een auto die toch heel veel chique uitstraalt. Bentley werd gek genoeg daardoor alleen al het domein voor kopers uit het Midden-Oosten met te veel geld of mensen in onze streken die houden van kunst en kitsch. Zo was het merk ooit niet bedoeld. Het waren van huis uit toch wat meer auto’s voor de rijke adel en elite van het Verenigd Koninkrijk, mensen die weliswaar Rolls Royce zouden kunnen, maar niet wilden rijden.
Het mocht wel een tandje sportiever in hun ogen en de ware liefhebber trok een tweet kostuum aan zette zijn geruite pet achterstevoren op de bol en ging van start als een coureur over de toenmalige smalle wegen. Luid gebrul uit de adelijke uitlaten vermengden zich met de kreten van plezier van hen die aan het enorme stuurwiel plaatsnamen. Uiteraard waren er ook keurig nette auto’s voor mensen uit de Upper-Class, soms met de chauffeur nog in de open lucht terwijl de opdrachtgever in het pluche en met een kachel beschermd tegen het slechte weer genoot van een ritje over het eigen landgoed.
Een tijdlang waren Rolls en Bentley ook min of meer zusjes. De modellen uit die periode leken zelfs op elkaar. Al was het voor kenners wel te zien wat een Rolls was en wat een Bentley. Tegenwoordig behoort Rolls Royce tot BMW en Bentley dus bij Volkswagen. Het kan verkeren. Maar bedenk ook maar dat iemand die tegenwoordig in zo’n merk rijdt meer BPM betaalt dan de gemiddelde Mercedes-bezitter betaalt voor zijn hele auto. En dat mensen die daarmee rijden niet zo zeer bezig zijn met de brandstofprijzen. Zal ze een worst zijn. Maar je rijdt wel Bentley en laat meteen zien dat jij het je kunt veroorloven. Of dat meteen een aanbeveling is weet ik niet, maar een bijzonder merk is het wel. Niet meer typisch Brits, wel door de Duitse techniek zeker een slag beter dan voorheen. Klassieke Bentley’s zijn meestal duurder dan ze ooit nieuw kostten. Dat is ook iets waard natuurlijk. Kortom, een liefhebbersmerk….(Beelden: Bentley/Pon/Yellowbird)
Tegenwoordig een merk voor mensen die houden van geavanceerde techniek, bijzondere vormgeving en hoge prestaties. En dat mag dan wat kosten; Audi! Ooit in een ver verleden opgericht door August Horch. Man van de gelijknamige autofabriek in het oosten van Duitsland die na ruzie met nieuwe aandeelhouders uit zijn eigen bedrijf moest stappen en besloot dan maar een concurrerend merk op te zetten. Dat Audi was de vertaling van zijn naam, omdat hij die eigen naam niet meer kon of mocht gebruiken. Audi maakte erg aardige auto’s voor de Tweede W.O., allemaal uitgerust met een zescilindermotor die rustig liep en aardige prestaties bood.
Maar na 1940 was het over en uit met de pret en verdween Audi achter de facades van het fusiemerk Auto-Union waartoe ook Wanderer en DKW behoorden. Dat Auto-Union kenden we eigenlijk nauwelijks, al stond het dan wel op de DKW’s van na WO2 als toegevoegde waarde. Toen dat fusiemerk via een korte periode onder de vleugels van Mercedes uiteindelijk tot Volkswagen ging behoren haalde men in Wolfsburg de naam Audi van stal en liet die van DKW een stille dood sterven. En grappig genoeg was de eerste Audi, gewoon een DKW-type uitgerust met een viertaktmotor ipv een rokende en pruttelende tweetakt. VW zag Audi als een soort luxe pedant van haar eigen programma en heeft dit ook altijd zo gepositioneerd.
In eerste instantie met niet zo heel veel succes. Met de Audi 100 deed men een gooi naar het segment waar Mercedes sterk was, het vroeg even tijd om daar nieuwe klanten te vinden. De Audi’s waren weliswaar altijd wat goedkoper dan een auto van het sterrenmerk, maar veel potten brak men niet. Voor de gewone man was een Audi net te duur, voor de chiquere zakenman iets te goedkoop. Bijzonder fraai was de 100 Coupe S uit 1969, die je al een topsnelheid bood van 185km/u.
VW deed slimme dingen toen men de eerste Audi 80 uitbracht. Een auto met veel ruimte, conventioneel van opzet, maar wel goed rijdend. Het zustermodel van VW, de Passat verkocht duidelijk beter, maar dat zat ook in de prijs. Een soortgelijke situatie ontstond met de compacte Audi 50.
Een leuk driedeurs wagentje dat we later ook via VW leerden kennen als de Polo. Die laatste verkocht duidelijk beter, ook al omdat veel particulieren toch op de centjes letten. En ach, met die Polo was op zich ook weinig mis. Audi zette daarop in op bijzondere technieken. Vijfcilindermotoren bijvoorbeeld en Quattro-aandrijving. De eerste auto met die naam deed het buitengewoon goed in rallies en was op de weg 220km/u snel. Daar kwam je met je VW niet aan. En zo ontwikkelde Audi zich in de vaart der volkeren. Met de nieuwe 80-reeks van eind jaren 80 kreeg Audi het zakelijk zegment in de greep. Auto’s met een fraai rond uiterlijk, behoorlijke prestaties en zeker als Break (Avant) een wagen met de nodige ruimte. Een bepaalde groep kopers voelde zich aangesproken door het type. En dat gold ook voor de nieuwe 100. De kleine 50 was intussen verdwenen. Latere succesmodellen waren de A4 (opvolger van de 80), A6 (opvolger voor de 100) en de nieuwe A8. Die laatste volledig verzinkt en waar het kon gebouwd op lichtmetalen delen.