Het genot van echte boeken

WP_20150626_002Al eerder hield ik een vurig pleidooi voor het lezen van boeken. Gewone boeken, gemaakt van papier, voorzien van een kaft en niet afhankelijk van een al dan niet werkende batterij of wifiverbinding. Ik ben er mee opgegroeid. Wat ik ook ten nadele van opvoeding of opleiding kan aanvoeren, het lezen van boeken werd me in beide situaties gepropageerd en ik heb er heel wat plezierige momenten aan mogen en kunnen ontlenen. Dat de wereld is veranderd geloof ik wel. Maar het papieren boek moet wat mij betreft gewoon blijven. Heerlijk dat bladeren, die lucht van drukinkt, van plaatjes kijken bij meer documentair ingerichte naslagwerken. Nog steeds koop ik boeken bij. Voor als ik weer eens tijd heb….. Soms weet ik bijna zeker dat ik vermoedelijk niet zal toekomen aan het echt lezen er van, maar dan nog kan ik me niet beheersen als ik weer iets tegenkom wat de moeite van dat lezen waard zou kunnen zijn. En ik lees best veel en in hoog tempo.

Boek Donkervoort...Sommige van die werken doe ik na het lezen wel weer weg. Alles vasthouden voor nog later is weinig zinvol. Alleen die hobby-gerelateerde boeken blijven vaak plakken. Omdat ik nog wel eens iets wil nakijken. Gevolg is wel dat ik omringd ben met kasten vol van dat papieren spul. Best een logistiek probleem. Vrouwlief is ook al zo’n lezeres, al is zij meer van de fictie dan non-fictie zoals ik. Mannen lezen die laatste soort boeken het liefst begreep ik, zal het gebrek aan fantasie zijn dat ons Marsbewoners zo typeert. Vrouwen dromen graag over prinsen of doctoren die vallen voor de charmes van dat simpele kantoormeisje dat haar ridder vooral op een wit paard zoekt maar niet in het ziekenhuis. Of ze zijn bezig met het uitvogelen waarom ridder Hildebrand van Rododendron werd vermoord door zijn pages.

WP_20150623_011Nee, voor mij is een biografie van een echt interessant persoon leuker. Pas nog een aardig boek gevonden over Frits Koolhoven, de tweede vliegtuigbouwer van Nederland, die voor de oorlog met Fokker concurreerde op de luchtvaartmarkt. En niet onverdienstelijk ook nog. Gaat me weer een hoop plezier verschaffen. Weet ik zeker. Kortom, ik ben een lezer, een verzamelaar, een boekengek. En kom me nu niet aan met allerlei argumenten waarom een digitale lezer zoveel leuker zou zijn. Dat is prediken voor de heidenen. Ik zie er (nog) niks in. Eerst maar eens die stapels wegwerken….

Amateur-journalisme

AMM - Kraanongeluk Alphen - NOSHet blijft toch een bijzonder fenomeen. Mensen die alles filmen wat voor hun ogen voorbij komt. Zeker als het gaat om incidenten, ongelukken of zelfs rampen, altijd is er wel iemand te vinden die zijn camera of smartphone op dat onderwerp richt en begint te filmen of fotograferen. Omdat men dit doet is hulpverlening aan slachtoffers ineens secundair. Net als het in veiligheid brengen van zichzelf kennelijk, want er wordt nauwelijks gelet op het eigen lijf of dat van de mensen met wie de filmer onderweg is. Kennelijk moeten we alles vast leggen, desnoods ten koste van alles. Zijn we dan zulke ego’s dat dit moet? Op de fiets, in de auto, bij het werk, thuis, in bed, bad, al wandelend, overal worden camera’s aangezet en kijkt men kennelijk met een groot gevoel van zelfbevrediging naar de beelden die zijn geschoten. Onlangs nog, bij dat enorme incident in Alphen A.D. Rijn waarbij twee kranen en een brugdeel op huizen knalden en de boel daar verpletterden, stonden er direct mensen te filmen. Onder het uitkraaien van allerlei kreten, of een soort van commentaar speelde men journalistje of redacteurtje. Die beelden kwamen uiteindelijk via, via op televisie terecht en dat zal de bewuste filmer vast grote bevrediging hebben geschonken. Mijn eerste instinct had geweest om mensen in die getroffen huizen trachten te helpen.

AMM - Airplane incidentMaar dit soort lieden doet dat niet, die zien zich als de vervangers van Willebrord Frequin in hun streven de ellende van anderen vast te leggen. Maar zij waren of zijn niet de enigen. Ook elders in de wereld is dit schering en inslag. Nog niet zo lang geleden zag ik ergens beelden van een vliegtuig dat een landingsincident meemaakte doordat een deel van het landingsgestel niet functioneerde. Het vliegtuigen landde op een vleugel, werd neergekwakt door die enorme weerstand en vloog bij die vleugel in de brand. Passagiers verlieten het vliegtuig in allerijl, met dank aan de bemanning die buitengewoon bekwaam reageerde. Maar opmerkelijk, de lieden die naar buiten kwamen, draaiden zich vaak om en begonnen te filmen. Kennelijk om dat brandende avontuur op de sociale media te kunnen delen. Niks vrouwen en kinderen eerst, maar gewoon beelden maken! Hoe die andere passagiers en de crew naar buiten moesten komen was kennelijk niet van belang. Filmen! Heel YouTube staat er vol mee, en wie dat interessant vindt moet daar vooral eens gaan kijken.

AMM - AmbulanceWellicht leer je dan nog iets van de nieuwe denkwijze van mensen die met een digitale camera in de hand rond gaan in het hele land. Overal en altijd gefilmd worden, alles vastleggen. Wat was het mooi geweest als we in de geschiedenis wat beelden zouden kunnen oproepen. Zou er geen tijdmachine bestaan om al die filmers even mee terug te flitsen naar toen? Ben best benieuwd naar die Adam en Eva of de splijting van de Rode Zee door die Mozes. Dan krijg je pas leuke beelden en zien we ook meteen of al die verhalen kloppen. Een beetje amateur-journalist moet daar toch wel een droge mond bij krijgen zou ik denken. Dus…..wat let je?

Terugkijken….

IMG_0128Oud blogster Thamara was onlangs actief met het terughalen van haar oude blogverhalen. Er bestaat een site die dat mogelijk maakt en daaruit bleek ook meteen dat alles wat je ooit schreef en op internet plaatste terug te halen valt. Ook al staat het allang niet meer online. Dat blijft toch opzienbarend. Immers, als je vroeger iets in de prullenbak mikte, door de shredder haalde of verbrandde was het weg, over, uit, afgelopen, maar digitaal ligt dat een stuk lastiger. Aardig was ook dat zij voor mij, ik kijk zelden terug naar die begintijd van het bloggen, ook de nodige dingen terug wist te halen. Bijvoorbeeld de linklijst van een jaar of tien geleden. Stonden namen op van mensen die ik ergens onderweg al dan niet bewust ben kwijt geraakt en/of nu allang niet meer actief bloggen. Dat bloggen was toch een beetje de voorloper van de moderne sociale media en iedereen die ook maar iets wilde vertellen over zichzelf of de wereld waarin men leefde, kon ineens hele verhalen kwijt. Voor mij was het een logische doortrekking van wat ik daarvoor ook altijd deed. Schrijven!

wm S'dam 31 juli 2010 007Aardig bij die bloggers was dat er vrijwel geen een was die met een eigen naam die dingen deed die hen tot bloggers maakten. Ze hadden de meest wonderlijke schuilnamen en soms moest je diep gaan om er achter te komen dat iemand Jan of Kees heette. Er waren mensen bij die heel intieme zaken deelden. Over ziekte, liefde, seks, sport, en uiteraard de bekende huis-tuin-en keukenonderwerpen. Een hechte club ook, zeker in het begin. Ik weet nog dat we de eerste blogmeetings meemaakten. Zag je ineens wie achter een bepaald blog stak. De een viel mee, de ander toch wat tegen. Omgekeerd vast ook. En zo spoelden sommigen weg en bleven anderen plakken. Mensen staakten die schrijverij, gingen vaak iets anders doen.

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Atelier Blogger Kees 2009

Er waren er die de liefde van hun leven vonden, anderen weer juist vriendschappen voor dat zelfde leven. Toen Facebook en Twitter aan het firmament verschenen stapten er heel wat over. En die komen elkaar nu in die wereld regelmatig tegen. Er is weer sprake van een reünie, van oud-bloggers, maar ook van Facebookers die al een jaar of wat met elkaar lief en leed delen. Of het er van komt? Geen idee. Maar onze Thamara speelt een centrale rol. Heeft zelfs een boek besteld waarin haar oude blogverhalen zijn gebundeld. Voor bij de eigen open haard. En als ze er ooit mee klaar is, wellicht voor er in. Toch wel leuk om nog even terug te kijken. Ook al denk ik wel vaak aan de debacles met aanbieders die niet wilden deugen, die de zaken niet voor elkaar hadden en die echte bloggers lieten barsten. Die frustratie zit me nog steeds hoog. Gelukkig dat er sinds een paar jaar weer gewoon kan worden gewerkt zonder al dat gedoe. Al kost het me nu meer aan licenties dan voorheen. De lezer kan zelf beoordelen of het de moeite waard is. Zo niet? Dan zien we wel weer…….:)

Van grijs naar blauw

WP_20150729_002Toen we aan het einde van 2012 besloten dat het wat ons betreft schluss was met het (relatief dure) diesel rijden en we bij ons eigen merk goed terecht konden voor een compacte zuinigheidskoning met alles er op en aan besloten we nog maar eens voor een nieuwe auto te gaan. De aanbieding waar we voor vielen was echt compleet, bedenk het en het zat op de kleine zilvergrijs metallic gekleurde flitser en de inruilprijs voor de Turbodiesel die we terug brachten als deelbetaling was meer dan mooi. Ik schreef er indertijd al het e.e.a. over. Begin 2013 stapten we dus in de nieuwe flitser en genoten van het comfort en de luxe. Maar ook van de relatief mooie verbruikscijfers. Een ding bleek echter wel een nadeel, de wagen was driedeurs en dat hield in dat zij die mee wilden (of moesten) rijden achterin plaats moesten nemen via een soort slangenbeweging langs de naar voren geklapte voorstoelen. Maar ja, wie betaalt mag het zeggen, dus graag geen gezeur…. De kleine zilveren auto met het bekende logo van de vliegende pijl op zijn neus en achterklep deed alles vanaf de eerste rit zonder een moment van gezeur.

WP_000442Hij bracht ons naar Duitse en Nederlandse bestemmingen, kon meer dan goed mee op de snelwegen, had door zijn verlaagde onderstel wel veel last van al te hoge verkeersdrempels en hield niet zo van de stad. Opmerkelijk als je bedenkt dat het concept juist uitgaat van dat soort gebruik. Hoe dan ook, al snel reed er in de vriendenkring om ons heen een tweede en daarna derde exemplaar in de rondte. Goed voorbeeld doet volgen en zo. Intussen zijn er van dit drielingmodel (niet meteen het zelfde merk) vijf in onze brede kring in omloop. Onze zilveren vriend was op enig moment de 50.000 km’s voorbij. In ruim 2 jaar best veel. Dat was ook indertijd de bedoeling niet. De garantietermijn was intussen verlengd, daar zat het hem niet, maar al dat gerij komt de (voor)banden niet ten goede. En die stonden op de nominatie vernieuwd te moeten worden. Omdat ook bevriende merkrijders (wel loyaal aan ons merk…) na een flinke kilometrage overstapten van een driedeurs op een vijfdeurs-versie kwam die gedachte ook bij ons boven.

I will survive!!!

De zilveren flitser in zwaar weer….

Drie deuren bleek(f) toch een beperking, vijf deuren waren we al die jaren daarvoor gewend geweest. En toen kwam die aanbieding van de dealer in Rouveen. ‘Kom langs en geniet van meer dan hoge inruilwaarde’’ etc. Het bezoek wat wij brachten aan die actieve dealer vlakbij Zwolle was vruchtbaar. Zo scherp als zij zelf schreven te zullen zijn konden ze met ons niet door de bocht. Logisch, immers, er was meer met de compacte Tsjech gereden dan zij hadden ingeschat. Maar de prijs die uiteindelijk op tafel moest voor een vergelijkbaar luxe en erg fraaie zuinigheidskoning met vijf deurtjes was zodanig aantrekkelijk dat we overstag gingen. Onlangs opgehaald. Nieuw, zuinig, ruim en met een andere kleur. Blauw metallic. Wennen, ik geef het toe. Maar dat is bij alles zo wat je nieuw haalt. Voorlopig kunnen we er weer even tegen. Nieuw is leuk, het ruikt lekker en heeft weer wat aangepaste zaken die net weer slimmer zijn dan bij de vorige nog het geval was. Maar missen doen we die wel. Want een heerlijke auto met een hoop mee. Maar dat schrijf ik vast over een jaar of wat ook over deze blauwe…..

Golven in de tijd

Woestijn in debuurtAls ik af en toe even in mijn agenda kijk, ik geef toe dat ik elke dag keurig vastleg wat ik allemaal moet doen, of juist deed, handig voor later, zie ik bepaalde patronen die terugkerend zijn en bewijzen dat niets is zoals het lijkt. Zo zag ik bijvoorbeeld onlangs dat het drie jaar op rij op een bepaalde datum na een warme periode ineens ging regenen en onweren. Soms op een bijna overdreven niveau van heftigheid. Dan is geen sprake meer van toeval, dan hoort het bij het seizoen. De Nederlandse zomers zijn nu eenmaal grillig en kennelijk zijn de verschijnselen daarvan jaarlijks terug te vinden. Kom me dus niet aan met zaken als geleidelijke opwarming van de aarde of zo, het patroon is gewoon zoals dat in Nederland moet zijn. Daarbij in ons land is het gebruikelijk dat over al dit soort zaken al dan niet regelmatig wordt geklaagd. De boeren doen dat als het te droog is naar hun zin, of te nat naar gelang die zomers mee- of tegenvallen.

10-02-2008 003Burgers, de gemiddelde echte Nederlander is bij 20-22 graden en een beetje zon het meest in zijn/haar element, klagen ook heel wat af. Het regent te veel of het is al dan niet te warm. Maar het Nederlandse klimaat, ik heb het er al eens eerder over gehad, is nu eenmaal zoals het is. Geen vaste regelmaat in te ontdekken. Nou ja, als je de agenda’s er eens op naslaat wel degelijk, maar dat willen we niet zien. Nee, want oma Jansen of vader Pietersen kan zich heel andere zomers (of winters) herinneren waarin het allemaal veel beter was en de sneeuw in de zomer tot de raamkozijnen kwam en de zon de temperaturen in januari 1942 tot 80 graden op joeg. Statistieken over wat was of is liegen niet. Dus doe ik daar zelf maar aan mee en verricht op microniveau wat op enig onderzoek lijkt. Zo hoor ik in de media over enorme buien die ons in de toekomst grote zorgen gaan baren.

Rheinpromenade 01_01Maar hoe zat het ook alweer met die enorme regenval van 20 jaar geleden toen ik in Uithoorn op bezoek ging bij mensen waar de Amstel de boel blank had gezet na buien die boven de 50mm binnen een kwartier waren uitgekomen? Uitzondering? Niks hoor, kwam ook toen al eens voor. Maar vaak was het dan maanden lang droog geweest en ook mooi weer. Zo droog dat de dijken soms opzij werden geschoven zoals indertijd in Mijdrecht. Hele woonwijk onder gelopen. Niet door de regen, maar door de droogte. Uitzonderingen bevestigen de regel. Nederland heeft een zeeklimaat en wij hebben dus te maken met eb en vloed in de atmosfeer. Dat maakt ook dat we zo’n leuk land zijn geworden, zoveel cultuur en techniek hebben ontwikkeld en wij een van de weinige volken ter wereld zijn die altijd maar mekkeren over dat weer. En voor de statistieken; vorig jaar op 2 augustus was het aardig heet, zonnig en zat ik te miauwen over het feit dat er weinig anders te doen was dan buiten zitten in de tuin. Zou dat dit jaar ook weer zo zijn? Ben benieuwd….

Brief naar 1965

9)Leo op Puch 1967 10014Onlangs schreef ik een bericht aan iemand die ik heel goed heb leren kennen in de loop van de jaren. Ik zal het jullie niet onthouden. ‘Beste Mening gever anno zo lang geleden! Wat ben je nog een levendig mens. Wat denk je toch dat je de wereld om je heen kent en de wijsheid al in pacht. Wat rijdt je toch onvoorzichtig op die tweewieler van je en waarom moest je zo nodig ook nog op die cross- en speedwaymotor laten zien hoe geweldig je bent? Je zoekt naar een uitweg uit je thuissituatie, je wilt erkenning voor wie je bent en wat je al bereikt hebt. Maar door iedereen tegen je in het harnas te jagen op je werk gaat het niet lukken allemaal. Maar goed dat je dat lieve meisje bent tegen gekomen met wie je voldoende overeenkomsten hebt uitgewerkt om een gezamenlijke toekomst uit te stippelen. Je deed er goed aan om dat met haar te delen. Zij wilde die zekerheid en liet je gaan toen je nog op zoektocht was. Er ligt nog een lange weg voor je. Maar die gaan jullie samen beleven. Tot op de dag van vandaag waarop ik deze brief schrijf.

altAgDqfeyIhwf8-ihtPciacYC53__iOFwtFTFBtE4rY8C1Maak die studies eerst maar even af. Komt je later nog goed van pas. En door je leergierigheid kom je samen met die kenmerkende Amsterdamse bluf nog best een eind. Dat je nooit meer armoede wilt meemaken is een goed uitgangspunt. Ik weet nu dat je dat is gelukt en dat je dus niet zo nerveus moet worden bij het idee dat het geluk je in de steek laat. Je denkt nog niet na over militaire dienstplicht. Dat hoeft ook niet, je zult er aan ontkomen. Maar bereidt je wel voor, je moet daarvoor in de plaats wel een paar jaren dienen bij de zgn. Bescherming Bevolking. Maar dan zijn wel al weer een eind in jouw toekomst bezig. Nu is het nog genieten. Je carrière gaat een andere wending nemen, ik weet nu al dat dit zal gebeuren, en die stappen die je nu zo onstuimig ontwijkt, het meisje en zo, komen echt op je af. Je gaat je hobby met een carrière verbinden.

Leo, hard werkend op MST 1975 Scan10034En ik kan je nu al voorspellen dat je heel hard zult moeten gaan werken. Tot diep in de nacht soms, maar ongekend, wat ga je daar veel van en door leren. Van een saaie kantoorbaan is geen sprake als je deze stap neemt. Als bankjongen die je nu nog bent moet je daar straks op Schiphol en later in de auto’s gewoon het voorbeeld blijven geven. Anders krijg je niks gedaan. En die vrienden die je nu zo koestert, ik ga je nu al voorspellen dat je 99% daarvan later nooit meer zult willen kennen. Dan ben je veel te druk met andere dingen. En ja jongen, je wordt gelukkig, ook al voelt dat niet altijd zo. Blijf vooral leren, zoek uitdagingen, let op je portemonnee, maar geniet ook. Dan wordt je echt volwassen en schrijf je over 50 jaar naar jezelf om al dit soort adviezen nog eens te delen. Doe er mee wat je wilt, je kunt je lot nooit helemaal ontlopen. Veel succes jongen, want je bent eigenlijk gewoon dezelfde vent als ik nu. Jouw eigen meninggever’

Gulzige gidsen…

WP_005605Jaha….ik weet het wel! Het is een uitdrukking die ik nogal eens gebruik als ik weer eens wordt gewezen op het feit dat ik over een bepaald onderwerp de nodige kennis sta door te geven. Ik had onderwijzer moeten worden, wordt me nog wel eens verteld. Ik geeft toe dat ik over bepaalde zaken overenthousiast kan oreren. Zeker als ze me interesseren. Dus als er iemand is die kan beoordelen of iemand (te)veel bijdraagt aan het kennisniveau of de acceptatie bij anderen, ben ik het. Een gids of wat daar voor doorgaat moet veelal goed op de hoogte zijn van de onderwerpen waarover hij/zij praat, maar nooit all te veel uitdragen bij een meer algemeen publiek. Overdaad schaadt en dan gaan de oren dicht, sluiten de luiken en nemen mensen het niet meer op. Onlangs overkwam het ons. De eerder beschreven Museumboerderij kende een paar vrijwilligers die als gids dienst deden. Een daarvan was ‘Henk’. Ik noem hem maar zo, om het geheel een gezicht te geven. Aardige man, die zich voorstelde aan het gezelschap dat de rondgang door de museale boerderij zou gaan maken.

WP_20150715_010Dat lukte allemaal prima, maar wellicht omdat er ook kinderen in het gezelschap zaten, kreeg ik de indruk dat hij tot in het kleinste detail elk werktuig, elke kaars, elke vierkante centimeter van die boerderij wilde verklaren. Soms was dat leuk, maar als je gaat uitleggen wat een kinderwagen was (is) of hoe je bepaalde zaken moet ‘wekken’ in potten, dat wordt het wat te veel van het goede. Hij was dolenthousiast, dat wel hoor, maar hij spuide zoveel informatie dat zelfs ik me afsloot en even buiten ging staan. Daar kwam net een tweede gids aanlopen, en die bleek van een heel andere soort. Vertelde zaken kort en bondig, ter aanvulling op Henk, en bleek een verademing omdat hij ook ruimte gaf aan vragenstellers of opmerkingen van het gezelschap. Niets ten nadele van de man die zo enthousiast was over het leven op de boerderij, maar soms moet je echt de turbo even uitschakelen. Tijdens ons bezoek aan de St. Hubertuskrk in Helmond liepen we ook aan tegen een paar doldrieste gidsen.

WP_20141003_078Binnen de kortste keren kregen we zoveel informatie aangeboden dat we even een andere kant opliepen. Het was een waterval aan feiten en katholieke geloofsmeningen. Met een tandje minder had het nog teveel geweest. Maar goed, je gaat niet ongeinformeerd weg natuurlijk. Ook iets waard. Een dagje later liepen we in het Oorlogs- en verzetmuseum van Overloon. Mijn derde keer in korte tijd. En nu was ik zelf een soort van gids. Betrapte me op een groot enthousiasme, maar zweeg toch toen ik ontdekte dat ik mijn polderzus stond uit te leggen hoe een radiaalmotor in een truck of vliegtuig werkt en wat er gebeurde als je die dingen opstartte. Ik ben net zo, moet dus oppassen met oreren. Nou ja, dat schreef ik al…..Dus mocht u willen dat ik het wat rustiger aan doe, laat maar weten hoor….. Eens in de week is misschien ook een aardig schema en dan kan ik wellicht nog wat meer in details treden….:)

Helmondse geneugten….

WP_20150716_001Met onze poldervriendjes maken we nog wel eens een tripje. Niet echt gepland, behalve de data voor dat weg gaan zelf weten we niks, want we boeken dan een Mystery Hotel. Ergens in Nederland. Waarbij je dan wel een streek of provincie mag aangeven. Maar het blijft tot het laatste moment een vraagteken waar je terecht komt. Het  meest recente uitje bracht ons in Helmond. Een plaatsje dat ik nooit eerder op mijn verlanglijstje had gezet maar daar nu door deze oefening ineens op kwam te staan. Helmond, wat moet je er mee, wat gaat dat brengen? Die gedachten kwamen toch even voorbij. We logeerden in een prachtig hotel recht in hartje centrum. Prachtige moderne kamers, veel luxe, en op 100 meter van de ingang van dat centrum. Met rechts van ons hotel het in Helmond bekende Kasteel waarin zich het Gemeentemuseum bevindt. Terrassen te over en een stadscentrum dat meer dan gezien mag worden. Veel winkels, overdekt en in normale straten. En die straten zijn keurig verzorgd, relatief schoon en toen wij er waren uitstalplek voor een beeldenexpositie.

WP_20150715_036Prachtige uitingen van kunst soms, waar ik de camera veelvuldig liet klikken. Helmond dankt haar relatief verzorgde en wat chique uiterlijk aan de dames en heren ondernemers die hier in de IJzeren eeuw neerstreken toen de Zuid-Willemsvaart werd aangelegd en industrie en handel een vestigingsplekje nodig hadden. Sindsdien is het ongetwijfeld ook een overloopplaats geworden voor Eindhoven en andere stekken in de omgeving. Het verkeer is in redelijke banen geleid, een deel van het centrum autovrij en toen wij er waren, ik schreef er hiervoor al over, stond er een stevige kermis. Maakte de stad gezellig en ook wat lawaaiig, maar dat is voor de kniesoor om op te letten. Helmond kent de nodige industriegebieden waar heel wat bedrijven te vinden zijn. Het lijkt mij prima voor de lokale werkgelegenheid. Bij de winkels viel me op dat er relatief weinig leegstand te vinden was. Altijd een goed teken. Maar misschien is dat in sommige buitenwijken wel anders hoor. In het centrum was het in ieder geval goed toeven en de woningen die we zagen oogden mooi.

WP_20150715_056Net als de kerken. We bezochten de St. Hubertus, in de Kerkstraat, hartje centrum. Dat is een kerk uit de beste Roomse tradities. Prachtig van opzet, schitterende gebrandschilderde ramen, maar een beetje somber van kleur. Uit aanvullende informatie bleek dat men op ‘drukke’ dagen (zondag) ongeveer 50 gelovigen in de kerk heeft zitten. Dus het geld is een probleem en achterstallig onderhoud is dat ook. Maar dat komt goed, er is een vorm van crowd-funding bedacht die samen met scholingsprojecten zal zorgen de de oude luister in het gebouw weer terug zal komen. Op andere plekken kwamen we de nodige kerken tegen die hun functie waren verloren. Er zetelden instituten in, appartementen of zelfs een supermarkt. Het kan verkeren in gelovig Nederland, ook in het zuiden. Neemt niet weg dat dit een aangenaam verblijf was in een stad die we normaal nooit zouden hebben uitgezocht. City marketing kan op dit punt wonderen verrichten….Zou ik doen als ik de Gemeente Helmond was. Want Helmond heeft echt voldoende te bieden om het mensen naar de zin te maken en je bent zo in Eindhoven of Noord-Limburg.

Kermis

WP_20150715_089Bij toeval kwamen we onlangs tijdens een uitje in het Brabantse land een fikse kermis tegen. Nu zie ik die ‘hier’ ook wel eens, maar vaak zijn ze dan beperkt van omvang. Deze Brabantse kende een aantal onderdelen die over de hele stad waar we bivakkeerden verspreid lagen. De meest vreselijke martelwerktuigen waren er te zien. Van een soort bakjes die werden opgehangen aan elastiek en dan omhoog geschoten. Door die opgaande beweging kwam het ding in een soort ritme terecht dat je mocht vergelijken met ruimtevaarders-oefeningen. Het jonge volk dat er in stapte raakte er helemaal verheerlijkt van. En beneden werden ze opgevangen door in strakke broekjes en shirtjes verpakte jonge dames die zich hadden opgedirkt of ze vanavond nog aan de man moesten worden gebracht. Zelfde beeld, een plein verderop. Daar stond een twee-armig apparaat dat denk ik 30-40 meter hoog reikte, in ieder geval uitstak boven alle aanpalende gebouwen, en waar aan elk uiteinde een open gordel was gemonteerd die naar schatting twintig man kon bevatten. Die gondels zorgden er via beugels en andere veiligheidsvoorzieningen voor dat de passagiers (..) niet naar beneden konden kieperen. Geen overbodige luxe want die armen gingen draaien en zwaaien en de gondels draaiden ook nog eens over de kop. Je kreeg waar voor je geld, want het leek er op dat men slechts bewusteloze passagiers wilde veroorzaken bij de exploitant van dit marteltuig. Duizelingwekkend was de snelheid en als je dan helemaal gek gedraaid was in de ‘vooruit’ schakelde het ding in de achteruit. Kregen zij die eerst achter zaten ineens de ervaring van hun ‘buren’. Er werd gegild, maar dat verstomde na enige tijd.

WP_20150715_090Ik ben na het stoppen van deze draaimolen na weer een ‘ritje’ toch eens gaan praten met een van de zeer jeugdige meiden die wat wankel uit het apparaat stapte. Of ze het leuk had gevonden en niet misselijk was? Ja, misselijk was ze wel, maar het was ook spannend. ‘U kunt er best zelf ook in hoor’ zei ze lief met bloed doorlopen ogen. Ik liet het advies aan me voorbij gaan. Als oudere jongere moet je niet alles willen bekennen na afloop van zo’n tripje. Overal om ons heen zagen we soortgelijke apparaten en daar stond de jeugd voor in de rij. Bij de botsauto’s, toch best een leuk element van een kermis uit mijn eigen kermisverleden, was het nauwelijks druk. De meeste van deze autootjes stonden aan de kant. De jeugd wil kennelijk uniekere ervaringen meemaken, en niet zoiets dufs als een botsauto. Ik vond vroeger de ‘auto-scooters’ het leukst. Dat waren een soort botsauto’s annex skelters, met een stevige tweetaktmotor er in waarmee je op een baan kon racen. Kom er  nu maar eens om. Maar ik leerde wel rijden en vooral snijden en bochten nemen. Wat je in die nagemaakte ruimtevaartapparatuur opsteekt is mij een raadsel. Of het moet het idee zijn dat die smachtende jonge dames beneden vallen op die stoere gasten die met een wit bekkie uit zo’n ding stappen en dan zeggen dat ze weliswaar misselijk zijn maar toch best houden van spanning…..

Boerderijmuseum

WP_20150715_016Als uit de grootste stad van ons land afkomstig jong mens was een boerderij iets waar koeien rondliepen of hard werkende lieden met een paar stukken gereedschap ons toekomstige voedsel van de akkers haalden. Daarbij kwamen de verhalen van mijn moeder die in de oorlog nog wel eens moet boerenmensen van doen had gehad tijdens strooptochten die iets te eten moesten opleveren. Het totaalbeeld wat ik van dat boerenleven had was nooit al te positief. Nou ja, op de kinderboerderij wellicht. Als kind kon je daar kennismaken met een stel lieve diertjes die zelfs aaibaar waren. Die de nek omdraaien voor een lap vlees kwam in mijn jeugdige bolletje niet op. Vlees of kip kwamen van slager of poelier. Des te opmerkelijk wellicht dat juist ik me onlangs liet overtuigen om eens een kijkje te nemen in een museumboerderij. Dat complex is te vinden in de Meierij, niet ver van het Brabantse gehucht Heeswijk-Dinther.

WP_20150715_007Dat museum is helemaal opgebouwd op, rond en in een oude boerderij en men heeft voor dat doel de kalender stopgezet in 1900. En dat is voor moderne stadsmensen of voor hen die in ieder geval een zekere ontwikkeling kenden in de afgelopen decennia, een confronterende ervaring. De centrale expositie is opgebouwd in een boerderij die tot de jaren zestig nog in gebruik was. Een gemengde boerderij. Kortweg;  veeteelt en landbouw onder een dak. De boerderij zelf is er een van de oude soort met een woonhuis (waar men vaak met een man of tien samenleefde) een voorstal en een achterstal. Veel van de zaken die je krijgt voorgeschoteld zijn, in de tijd bekeken,  inventief en soms zelfs slim. Zoals het vroegere verwarmingssysteem met een centrale houtkachel/open haard die bij gebruik ook meteen het water in de stal warm maakte, maar ook kon worden gebruikt voor roken van worsten. Niets op deze boerderijen ging verloren, alles was bruikbaar en niets werd zo maar weggemikt. De slaapruimten zijn verhalen op zich waard.

WP_20150715_015Bedstee voor 4 kinderen en als het moest een vijfde er dwars tussen in. Boer en boerin half zitten in hun eigen hokje en de baby (je moest toch wat als je vroeg naar bed ging) op een soort plankier er boven. Het vee stond een ruimte verderop. Van koeien tot kippen, van varkens (vooral voor de slacht) tot wat ook. Als het maar bruikbaar en/of eetbaar was. In de achterste ruimte staan de gereedschappen en de wagens. Want kerkelijk (katholiek)was men in die dagen zeker en de kerk moest  op zondag bezocht. Het waren drukke en zware tijden. Werken, werken, werken en op zondag dat uitje naar de kerk. Interessante locatie dit museum, al werd het boerenleven hier en daar wel wat erg  overdreven positief of juist negatief gepresenteerd. Het complex wordt nu onderhouden voor een stichting door 75 vrijwilligers, deels afkomstig van dit soort boerenbedrijven. Die houden ook de tuinen bij (men eet groenten van eigen grond) en geven workshops voor de lokale jeugd.

WP_20150715_023Een erg aardig uitje dat niet de wereld kost, maar je wel even leert relativeren over wat er allemaal moest gebeuren op zo’n boerderij om het voedsel voor de stadsmensen te produceren. Je vindt het museum aan de Meerstraat 28 in Heeswijk-Dinther en de boel is hier open van april-september op dinsdag/woensdag tussen 10-12u of in de weekenden tussen 13-16.00u. Het spul is niet gratis, kost een paar Euri p.p. aan toegang, en je kunt wat bijdragen leveren aan de kas door een bakkie koffie te nemen met een plakje Brabantse cake. Erg leuk voor kinderen, laat ze wel even googlen wat bepaalde zaken kunnen betekenen. Want gerst, vlas, tarwe en zo meer zijn geen alledaagse termen voor kinderen. Zeker niet uit de stad. En die termen worden hier regelmatig gebruikt.