De mislukte lobby voor elektrische auto’s…

Er is maar een manier om de ‘doorbraak’ van elektrische auto’s te bewerkstelligen! Een totaal verbod voor auto’s die niet elektrische rijden. Want nergens in Europa, Noorwegen uitgezonderd waar men dat verbod voor normale auto’s wel heeft aangekondigd, worden die wagens anders goed verkocht. Het waarom zit in de dagelijkse praktijk. De auto is een vervoermiddel waarmee de gemiddelde bestuurder zonder na te denken zijn eigen vrijheden of doelstellingen wil of kan bereiken zonder dat hij het risico loopt onderweg te stranden met een lege tank. Of je moet wel erg slecht op je metertjes kijken. Bij een elektrische auto is dat totaal iets anders. De actieradius is en blijft voorlopig een zwak punt. Maar ook de prijs van die wagens is veel te hoog. Het zit vooral in de gebruikte techniek. Die is net als die van de benzine- en dieselauto, een eeuw oud, maar nauwelijks doorontwikkeld. Een kleine auto, toch wat de gemiddelde mens zelf uitkiest voor zijn/haar vervoer, brengt je als je geluk hebt 200km ver.

Daarna moeten de accu”s weer opgeladen worden, een karweitje dat tussen de 4-8 uur kan duren als je een volle lading behoeft. Niet erg als je altijd in de stad rondtuft, van werk naar huis en omgekeerd, maar eenmaal op reis, vakantie of wat ook, ligt dat toch wel een stuk gevoeliger. Een tussenstop op vakantiereis die zo’n lange tijd duurt is iets voor mensen die gewend zijn aan reizen per postkoets of trekschuit, maar niets voor de moderne automobilist die wil doorrijden. Een beetje diesel geeft je een non-stop-actieradius van 650-800km. Tanken duurt een minuut of vijf en je kunt weer verder. Gaat je niet lukken met een elektrische auto. Sterker nog, leasebedrijven die zichzelf soms zien als zelf beoemde groene profeten (..) zetten deze wagens bij hun klanten in met de garantie dat als de berijder op vakantie wil een ‘gewone auto’ beschikbaar wordt gesteld. Alles voor het slagen van die vakanties. Kortom, in de toelatingscijfers spelen die EV’s geen enkele rol. En percentuele stijgingen van registraties zeggen niet veel over daadwerkelijke aantallen. Daarbij gaan de meeste van die auto’s naar leaserijders of overheidsdiensten die politiek correct gedrag willen uitstralen!

Particulieren kijken liever naar een zuinig rijdende benzineauto of een diesel die op dat punt nog altijd het meest efficient zal blijken. Ondanks alle propaganda zal het dus nog wel even duren voor we allemaal op batterijen in de rondte rijden. Logisch gevolg van de eerder genoemde argumenten. In Duitsland is de situatie niet anders. Daar subsidieert de overheid de aankopen van EV’s met flinke bedragen. Maar zet dat zoden aan de dijk? Nee hoor! Percentueel t.o.v. het totaal stelt het niets voor, en als je dan ziet welke auto’s het meest geliefd zijn zie je wel dat de Teslarijders in Duitsland zeldzamer zijn dan diezelfde lieden in ons land.

Men koopt elektrische smarts, de Renault Zoe en BMW’s i3. Auto’s met een gemiddelde actieradius van 150/200km. Leuk voor de stad en zo zien die Duitsers dat ook. Voor gebruik op de snelwegen blijft men zweren bij diesels. Daarbij werd onlangs de Tesla Model 3 getest. Een auto waarop in ons land een deel van de Zuidas zegt te wachten. Omdat je dan voor 40 mille elektrisch kunt rijden in een middenklasser. Helaas blijkt Tesla niet te kunnen leveren. En wat men dan al levert is voorzien van een zwaar accupakket en wat opties die de auto al snel opstuwen naar een prijsniveau van 80 mille!

Veel geld voor een auto die ook nog eens slecht rijdt, matig remt (1,5 keer zo lange remweg als een vergelijkbare BMW!) en in de praktijk net niet aan de 400km ver komt. (Theorie 650km). Kortom, alle positieve verhalen zijn vooral propaganda en wensdroomdenken van lieden die dit soort auto’s van hun baas mogen/moeten rijden. Maar wie echt nadenkt wacht nog een jaar of wat. Zoals ik. En voor de goede orde; ik mocht al in 1993 een elektrische auto van mijn toenmalige merk tentoonstellen. Gewone familieauto met behoorlijke prestaties en een actieradius van 150km/u. Hoeveel zijn we intussen opgeschoten?! Nou?? Dat bedoel ik!

Amstelpark

WP_20151102_007Ooit, naar ik meen in 1973 of zo, werd hier de eerste Floriade gehouden in de hoofdstedelijke regio. Het terrein dat er indertijd voor beschikbaar werd gesteld was gesitueerd tussen de oude Ringspoordijk bij de oude Zuidelijke Wandelweg en de molen die het einde van de toen nog  nieuwe wijk Buitenveldert aanduidde. Amsterdam nam het park na het stoppen van de land/tuinbouwshow indertijd over en ontwikkelde er een erg aantrekkelijk park dat voor inwoners van het stadsdeel maar ook van daar buiten het nodige te bieden heeft. Gek genoeg lieten wij het jaren lang links liggen. We bezochten het ooit een keer met onze Purdy, maar toen die op zijn nog jonge leeftijd achter de los lopende kippen aan joeg en met een bek vol veren terugkwam lieten we het park voor wat het was. Ten onrechte. Zo ontdekten we recentelijk weer eens toen we er een wandeling maakten.

WP_20151102_040Prachtige natuur, deelparken (Japanse tuin of thematuinen met bepaalde soort bloemen of planten), kunst, vijvers, bijzondere dieren. Een speeltuin voor de kleintjes is hier ook gesitueerd en een kunstgalerie en een restaurant maken het beeld compleet. Het zgn. Amstelpark ligt ook tegen de Amstel aan de ene kant en het drukke verkeer van de A10 en die eerder genoemde woonwijk aan. Rust in een best hectische omgeving. Voor velen een toevluchtsoord, het park wordt behoorlijk bezocht, met name Japanse inwoners van het vlakbij gelegen Amstelveen kom je hier regelmatig tegen. Ongekend voor Amsterdam is het feit dat je op bepaalde plekken kunt parkeren met de blauwe schijf. Je mag dan twee uur blijven staan. Voor een eerste verkenning genoeg.

WP_20151102_019Wil je alle bloemen, dieren en kunstobjecten die hier te zien en te beleven zijn echt bestuderen zou ik die gok niet nemen. Parkeren is in Amsterdam een romige bron van inkomsten voor de stad en de controles op ‘fout staan’ zijn stevig. Neemt niet weg dat dit park een aanrader is voor iedereen die in de buurt is. Groot voordeel ten opzichte van bijvoorbeeld het veel bekendere Vondelpark is dat je hier niet wordt plat gereden door fietsende of zelfs brommende medemensen en dat joggers hier nog niet echt te vinden zijn. Geeft een groot stuk rust. Net of je in de natuur bent ergens. En zo was het al die jaren geleden al bedoeld toen men hier die tentoonstelling hield.

Van grijs naar blauw

WP_20150729_002Toen we aan het einde van 2012 besloten dat het wat ons betreft schluss was met het (relatief dure) diesel rijden en we bij ons eigen merk goed terecht konden voor een compacte zuinigheidskoning met alles er op en aan besloten we nog maar eens voor een nieuwe auto te gaan. De aanbieding waar we voor vielen was echt compleet, bedenk het en het zat op de kleine zilvergrijs metallic gekleurde flitser en de inruilprijs voor de Turbodiesel die we terug brachten als deelbetaling was meer dan mooi. Ik schreef er indertijd al het e.e.a. over. Begin 2013 stapten we dus in de nieuwe flitser en genoten van het comfort en de luxe. Maar ook van de relatief mooie verbruikscijfers. Een ding bleek echter wel een nadeel, de wagen was driedeurs en dat hield in dat zij die mee wilden (of moesten) rijden achterin plaats moesten nemen via een soort slangenbeweging langs de naar voren geklapte voorstoelen. Maar ja, wie betaalt mag het zeggen, dus graag geen gezeur…. De kleine zilveren auto met het bekende logo van de vliegende pijl op zijn neus en achterklep deed alles vanaf de eerste rit zonder een moment van gezeur.

WP_000442Hij bracht ons naar Duitse en Nederlandse bestemmingen, kon meer dan goed mee op de snelwegen, had door zijn verlaagde onderstel wel veel last van al te hoge verkeersdrempels en hield niet zo van de stad. Opmerkelijk als je bedenkt dat het concept juist uitgaat van dat soort gebruik. Hoe dan ook, al snel reed er in de vriendenkring om ons heen een tweede en daarna derde exemplaar in de rondte. Goed voorbeeld doet volgen en zo. Intussen zijn er van dit drielingmodel (niet meteen het zelfde merk) vijf in onze brede kring in omloop. Onze zilveren vriend was op enig moment de 50.000 km’s voorbij. In ruim 2 jaar best veel. Dat was ook indertijd de bedoeling niet. De garantietermijn was intussen verlengd, daar zat het hem niet, maar al dat gerij komt de (voor)banden niet ten goede. En die stonden op de nominatie vernieuwd te moeten worden. Omdat ook bevriende merkrijders (wel loyaal aan ons merk…) na een flinke kilometrage overstapten van een driedeurs op een vijfdeurs-versie kwam die gedachte ook bij ons boven.

I will survive!!!

De zilveren flitser in zwaar weer….

Drie deuren bleek(f) toch een beperking, vijf deuren waren we al die jaren daarvoor gewend geweest. En toen kwam die aanbieding van de dealer in Rouveen. ‘Kom langs en geniet van meer dan hoge inruilwaarde’’ etc. Het bezoek wat wij brachten aan die actieve dealer vlakbij Zwolle was vruchtbaar. Zo scherp als zij zelf schreven te zullen zijn konden ze met ons niet door de bocht. Logisch, immers, er was meer met de compacte Tsjech gereden dan zij hadden ingeschat. Maar de prijs die uiteindelijk op tafel moest voor een vergelijkbaar luxe en erg fraaie zuinigheidskoning met vijf deurtjes was zodanig aantrekkelijk dat we overstag gingen. Onlangs opgehaald. Nieuw, zuinig, ruim en met een andere kleur. Blauw metallic. Wennen, ik geef het toe. Maar dat is bij alles zo wat je nieuw haalt. Voorlopig kunnen we er weer even tegen. Nieuw is leuk, het ruikt lekker en heeft weer wat aangepaste zaken die net weer slimmer zijn dan bij de vorige nog het geval was. Maar missen doen we die wel. Want een heerlijke auto met een hoop mee. Maar dat schrijf ik vast over een jaar of wat ook over deze blauwe…..