De V van Verzamelen (reprise)

Oh wat heb ik warme herinneringen aan tv-programma’s als ‘Showroom’, ‘Het Pakhuis’ of soortgelijke. Het waarom ligt hem in het feit dat ik als verzamelaar en liefhebber van wat ik steeds weer zie als leuk en (be)waardevol daarbij bevestiging vond van mijn gelijk. Het is leuk om er een serieuze hobby op na te houden en ‘later’ zou ik wel zien wat er dan met al dat spul zou gebeuren. De uitstalling van al dat verzamelde spul nam al snel een paar kamers in beslag en daar gingen we altijd vrij slim mee om. Later werd het vooral een kwestie van stapelen en was tussen de diverse kasten en vitrines doorlopen een tamelijk hachelijke onderneming. Maar ook huiskatten zijn een redelijk slechte toevoeging aan in kasten opgestelde modellen. En het begon ooit zo simpel. Een plank boven mijn (opklap)bed in het ouderlijk huis herbergde de eerste zelf gebouwde vliegtuigmodellen. In een aantal kastjes lagen mijn luchtvaartbladen en boeken.

Toen ik ging trouwen en verhuisde naar ons eigen piepkleine woninkje werd er voor de hobbyspullen ook een ruimte gebouwd, in een gangkast bovenaan de toen vrij steile  trap. Maar al snel woonden we ruimer en kregen de liefhebberijen meer ruimte. En begon de grote expansie. Een jaar of tien geleden, voorafgaand aan de verbouwingen in en aan ons huis die extra ruimte moest bieden, had ik de meeste zaken weer eens in de handen. Het was onvoorstelbaar veel. Alleen al het parkeren en opslaan van al die dozen vol mooie zaken bracht een hele logistieke operatie met zich mee. Toen de boel klaar was en de herinrichting begon van vooralsnog alleen mijn hobbymuseum bleek al snel dat het heel lastig zou zijn om alles weer terug te plaatsen. Het paste niet meer zo goed. Een jaar lang heb ik staan passen en meten. Velen om mij heen zuchtten dat het wellicht handiger was om wat zaken te verkopen, dingen weg te doen of me zelfs te specialiseren.

Klinkt leuk, maar wie eenmaal besmet is met een verzamelaarvirus kan dit dus niet. Als ik al zwakten heb zitten in mijn karakter, dan deze wel. We zijn nu een aantal jaren verder, en warempel, het past nog steeds. Veel van de uitgestalde waren zijn goed te bekijken. Het papieren archief heeft een plekje gekregen en zaken die ik niet kwijt kan keurig netjes opgeslagen. Vol is vol, dat is zeker, en ik heb al eens verhaald dat het hier voor enkele bezoekers claustrofobisch aandoet. Maar de ware liefhebber vindt het hier schitterend. En daar gaat het me om. Liever een huis vol hobbyspullen waaraan wij (vrouwlief heeft zo haar eigen verzamelingen) plezier beleven dan een vol geraniums waarachter we ons zouden moeten vervelen. Hoe kom ik nu (weer) op dit onderwerp?

Wel in Oost-Nederland is ooit door een Provinciaal bestuur ruim een miljoen Euro betaald om een collectie van een ‘alles-verzamelaar’ op leeftijd over te nemen die anders dreigde uit elkaar te vallen. De collectie is zo groot dat de man nauwelijks meer kon leven in zijn woonhuis en schuur. Er is dus nog hoop, ik kan gewoon doorgaan met verzamelen, de Provincie of de Gemeente ziet het wellicht straks allemaal als echt museaal en van lokaal of regionaal belang en is er toch nog hoop voor zoonlief. Die dreigde al dat na mijn onverhoopte verscheiden de hele boel in de ‘container’ zou worden gesmeten. Zou wel zonde zijn van al die potentiele waarde natuurlijk. Hoewel de jongere generatie gemakkelijker met geld smijt dan de oudere….Maar een miljoen Euro? Gelukkig is alles hier wel gecatalogiseerd. Dat had die man in het oosten des lands niet gedaan. Ik maak het mijn opvolger(s) ook veel te gemakkelijk en voor de goede orde, het is lang niet zoveel waard!

Van krekels en mieren…

Mijn tante Hannie, jongere zus van mijn moeder, was een noeste en hardwerkende vrouw. Samen met haar in  mijn ogen volkomen nutteloze man, mijn aangetrouwde Ome Jan, kreeg ze vier kinderen maar was meteen ook hoofdkostwinster. Ze had een grote mond, was stevig van postuur en daardoor meteen zeer geschikt voor een leidinggevende rol op wat lager niveau. Zoals zij op enig moment voorvrouw was bij een schoonmaakbedrijf dat bedrijfsgebouwen elke dag spic-en-span verzorgde. Zij liep daar dan in een witte jas in de rondte en deelde orders uit, controleerde of het werk wel goed werd gedaan en was bij vlagen meedogenloos voor werknemers die er de kantjes vanaf liepen. Ook thuis had zij de wind eronder, al moet ik zeggen dat ze wel buitengewoon vergevingsgezind was voor haar man die echt nergens voor deugde. En man van dertien ambachten en even veel ongelukken. Niets in zijn leven lukte. Of hij nu als vertegenwoordiger aan de slag ging voor van die automatische olifantjes of ander vee dat werkte op een ingeworpen kwartje, horecazaken trachtte te exploiteren of in auto’s handelde. Altijd eindigde het in narigheid en ellende. Oorzaak, anders dan mijn tante was hij te lui om te werken eigenlijk. Hij had wel altijd hele verhalen waarom het hem niet lukte.

Maar wij wisten aan onze kant van de familie wel beter. In de steun leven was een stukje handiger en minder vermoeiend dan altijd maar zoeken naar een stukje inkomen door hard te werken. Dus deed mijn tante het werk. En hoe! Werken was bij ons in de familie een belangrijk onderdeel van het leven. Met werken verkreeg je een stukje welvaart. Denk maar eens aan een nieuwe tv, of je kon zomaar een week op vakantie. Dat maakte je toch vrolijker in die jaren. En dus werkten wij altijd. Dat deed de hele familie. En soms kwamen die zaken bij elkaar. Zo heb ik nog eens een tijdje, samen met mijn oudere broer, voor mijn tante Hannie gewerkt. In de vakantieperiode, gewoon even wat bijverdienen. Nu was ik niet zo geschikt voor het schoonmaak vak zo bleek al snel. Ik ben nogal ‘vies uitgevallen’ en was beter in het met een poetsmachine omgaan om zo de gangen van die gebouwen glimmend te maken dan om vieze prullenbakken van anderen te legen. Nog erger was het om toiletten schoon te maken. Je weet gewoon niet wat je tegenkomt. Gelukkig duurde het voor mij niet zo lang, andere (bij)banen lonkten. Maar ik leerde mijn tante meteen van haar strenge kanten kennen.

Opvallend was dat haar kinderen iets hadden van de een of de andere ouder. Twee leken sprekend op hun moeder, maar hadden het karakter van pa, de andere twee leken op niemand, maar waren qua inzet en werkinstelling precies hun moeder.  Tante Hannie en Ome Jan verschenen nog wel op onze (in het vorige blog benoemde)oorspronkelijke trouwdag, daarna waren ze wat mij betreft buiten beeld verdwenen. Tot ze oud en krakkemikkig geworden af en toe opdoken bij mijn moeder thuis. En we er nog weleens tegen aan liepen. Tante Hannie was een lieve oudere maar ook fysiek vermoeide dame geworden. Niets meer over van haar strenge voorkomen uit de jonge jaren. Voor Ome Jan gold dat die nog steeds niets deed. Het was hem aan te zien. Ze overleden kort na elkaar. En bleken, naar verluid, tot op hoge leeftijd gek op elkaar te zijn gebleven. Het maakt dus niks uit of je hard werkt of niets doet. Daar gaan die persoonlijke emoties aan voorbij…zeker binnen die ouderwetse huwelijken…

Die eerste 50 jaar….

Morgen vieren vrouwlief en ik dat we samen officieel 50 jaar een stel vormen. Als we daar de jaren bij op tellen dat we mekaar kennen is die periode in ons leven nog langer. Ongekend bijna in de moderne tijd waarin mensen vaak pas later een echte band smeden die via gemeentehuis, ringen en feest wordt bevestigd. Tegenwoordig nemen jonge mensen vaak veel langer de tijd om elkaar te doorgronden dan wij deden. Daarbij oefenen ze meestal vooraf met wat verschillende dates om zo te zien wat ze van hun gedroomde partner al dan niet mogen verwachten. Wij moesten dat allemaal in de praktijk van alle dag ervaren. Maar als ik terugkijk denk ik dat wij op dat punt voor onze jeugdige leeftijd bijna ‘ouwelijk’ waren in ons denken en doen. Verantwoordelijk ook. We moesten alles zelf uitvogelen. De tijd dat je een heel pakket goede adviezen mee kreeg voor een huwelijk was nog niet aangebroken, maar gelukkig hadden we zelf al het nodige aan beginnerservaring opgedaan. Het eerste huis was in feite niet veel groter dan een van onze huidige slaapkamers. Maar wat waren we trots! Een eigen onafhankelijk leven! Samen werken en bouwen aan wat voor ons lag. Diverse hobbels moesten we nemen. Niet alles is nu eenmaal altijd rozengeur en maneschijn.

Zoals dat binnen huwelijken nu eenmaal gaat. Wie meent dat altijd alles over die bekende rozen moet hobbelen snapt het niet helemaal. Elastiek rekt vaak aardig mee, soms knapt het. Dat van ons hield het zelfs onder spanning aardig vol. Kameraadschap en liefde hield ons samen. Dat tweede gevoel zit meestal diep. Zorgt ook voor respect. Kameraadschap is dat je dingen ‘samen’ doet, ook al zijn ze dan verschillend van karakter of inrichting. Wat wij samen vooral altijd goed hebben gekund is praten. Over van alles en niks. Kwekkerdekwek. Dat zat voor dat het officiële karakter van onze band werd gesmeed al goed. Hele wandelingen maakten we als jeugdige a.s. partners en praatten of filosofeerden dan flink wat af.

Er was in die periode ook al veel te bepraten. De jeugdjaren waren niet bepaald rimpelloos in beider levens en dat gaf veel stof tot…. Vandaar ook het besluit om vroeg te kiezen voor die onafhankelijkheid. Wat indertijd weer leidde tot extra complicaties. Families die uit elkaar zijn gerukt door vroegere breuken maakten toestemming vragen voor dat huwelijk (zo ging dat indertijd) ingewikkeld en dat leidde dan weer tot nieuwe verwikkelingen. Vandaar dat ik zo blij was dat onze trouwdag achter de rug was en we het toegangsluik van ons huisje met de partijspoorten op de vierde etage van een oud herenhuis aan de Amsterdamse Amstel met een klap dicht gooiden. Afgesloten dat oude leven, op naar het nieuwe. Vijftig jaar volgehouden! Knap toch? We vieren het in bescheidenheid. Passend bij onze manier van leven. Maar het gaat niet zomaar voorbij uiteraard. Vandaar ook dit blogje. Om duidelijk te maken dat we bezig zijn er nog eens 50 jaar achteraan te gooien. U wish! Maar mocht u me missen op die 4e, want dat is de officiële trouwdatum, dan weet u waarom! En intussen feliciteer ik vrouwlief uiteraard met de bijzondere trouwdag en die partner die haar leven zo gelukkig maakte…….

 

Dappertje Dip…

Onlangs las ik ergens dat een slechte zomer als bijeffect heeft dat veel mensen in de daaropvolgende winter een dip ervaren. Niet zo maar een dip, een echte depressie zelfs. Zon te kort gekomen, te weinig kunnen genieten van de zomerse ontspanning. Dat is best opmerkelijk. Zeker in ons klimaat is de kans op een slechte zomer redelijk groot. Kijk nu eens naar wat we dit jaar meemaakten? Het was pas laat een beetje warm, daarna heet en droog, maar we werden getrakteerd op de koudste en natste september ooit. Als dit dan maar goed gaat in de komende koude maanden. Maar het is ook echt Hollands. Wij zitten nu eenmaal in een zeeklimaat en als de wind in de zomer een beetje verkeerd staat zit je constant in een aanvoer van slecht weer. Ben je dan niet van het in de zon zitten kom je dat dus later op dat punt te kort. Fysiek schijnt dat wel bewijsbaar.

Zo zijn moslima’s die zich naar cultuur en geloof onderwerpen aan de kledingvoorschriften uit het oorspronkelijke thuisland, bekend om hun vitamine D-gebrek en dat leidt al snel tot ellende. Het bedekken van het lijf zorgt voor veel ellende en klachten. Omgekeerd zijn blootlopers weliswaar mooi bruin maar moeten die opletten dat ze geen akelige gezwellen aan of op de huid oplopen. Maar dit terzijde. Vrolijk zijn die blote mensen meestal wel weer en dat zegt toch ook iets. Zelf ben ik zeker ook gevoelig voor dipjes. Gewoon een dag dat je het even niet ziet zitten. Je ‘moet van alles’ en doet uiteindelijk niks. Het komt niet uit de vingers. Dan kan ik mijzelf wel slaan (wat ik nooit doe hoor….te pijnlijk). Maar is dat niet iets wat iedereen weleens heeft?! Bij een tegenslag of zo. Of als je weer eens niet begrepen wordt, geen werk kunt vinden, of als je zorgen hebt om dit of dat?

Een depressie is wel van een andere orde. Zelf heb ik af en toe last van migraine. Heel vervelend. Ik schreef er al eens eerder over. Sluipmoordenaar die toeslaat als ik het niet verwacht. Al weet ik achteraf altijd wel dat ik een dag of twee eerder last had van een dip. Een op een met elkaar verbonden? Ik ben blij dat ik deze zomer genoten heb van het mooie weer wat er ook regelmatig was. Wellicht helpt het de komende wintermaanden redelijk door te komen. En als dat niet voldoende is dan neem ik wel een vitamine-D-pil. Die helpen ook. En hoe zit dat met jullie Bloggers en meelezers? Last van dips, depressies of iets dergelijks? En komt dat dan door de donkere wintermaanden of toch meer door invloeden van buiten of binnen? Laat eens weten als je wilt…..(Beelden: FlickR/Yellowbird)

Reizen zonder geld…

En terwijl het in het vorige blogje nog ging over Fokker en haar rol in de wereldluchtvaart, dit keer wil ik het hebben over een min of meer verwant onderwerp; reizen. Want uit een recent onderzoek van de ING-Bank onder 8000 Nederlanders bleek dat tijdens de afgelopen vakantie mensen die een vakantie boekten in eerste instantie in meerderheid eerst keken naar een bestemming, daartoe besloten onderweg te gaan en pas later keken of ze wel een toereikend budget hadden voor die trips. Pas veel later keek men ook hoe lang men eigenlijk weg wilde blijven. Dat houdt in dat veel mensen min of meer ‘als een kip zonder kop’ een reis boekten. ‘Maakt niet uit wat het kost, ik wil op vakantie en graag ver weg’. Kan niet schelen wat de prijs is voor dat tripje, gaan met die banaan.

Dit gedrag staat zover af van mijn eigen idee over vakantie, dat ik het opmerkelijk genoeg vond om er even een verhaaltje over te dichten. Immers, ik geef toch even meer aandacht aan het besteedbare budget dan aan wat ik eigenlijk zou willen. Nooit schulden maken voor grote uitgaven zit er nogal in gebeiteld bij me, en dat zorgt nog steeds voor grote terughoudendheid als het even niet uitkomt. Liever sparen en genieten dan lenen en lange tijd moeten bloeden voor iets wat je al snel vergeten bent. OK, lijkt ouderwets, maar zo zijn wij opgevoed. Met als voorbeeld ouders die vaak de eindjes bij elkaar moesten leggen om uiteindelijk van vakanties te kunnen genieten. Bij ons thuis ging dat zeker zo. Al waren het dan geen verre bestemmingen, dan nog. Een week volpension in Limburg was het ultieme dat de soms zo hardwerkende ouders voor mekaar konden brengen. Maar dan moest het geld er wel zijn. Want als we gingen dan bezuinigde men niet. Hapjes, drankjes, uitstapjes, het moest allemaal gedaan worden. En die tripjes zitten nog aardig in de bol.

Geldt ook voor de plekken waar ik zelf in de loop der jaren heen ging. Altijd comfortabel, beetje shoppen, cultuur, reizen per vliegtuig of een snelle trein, soms met de auto. Maar nooit op de bonnefooi of op basis van geleend kapitaal. Het past me niet, ik zou er kriebelig van worden. En als ik dit onderzoek dan lees weet ik zeker dat ik van een andere generatie begin te worden. We lenen weer wat af tegenwoordig en alles moet kunnen. Van de grootste auto (als die niet van de zaak is), tot het meest luxe huis, de nieuwste smartphone en/of computer, en natuurlijk een paar keer per jaar op vakantie. Logisch, want ‘we werken er hard voor’. Alsof ik dat ook niet deed. Maar goed, andere discussie. Ben wel benieuwd hoe jullie hier nu naar kijken. En o ja, die reisduur…..ik denk aan mijn drie vierpotige huisgenoten en vind direct twee dagen weg al lang. Dat mag je die beesten niet aan doen toch???

Afscheid van Fokker

Fokker 70 PH-KVI

Medio oktober dit jaar eindigt een tijdperk in ons land. Het tijdperk-Fokker. Dan namelijk gaan de laatste Fokker 70’s uit dienst bij KLM’s dochter CityHopper. Opgevolgd door Braziliaanse regionale vliegtuigen. Met dank aan een D66-minister (Hans Wyers)die ooit de bekende vliegtuigfabrikant Fokker de nek om draaide en de toekomst van de Nederlandse luchtvaartindustrie gelijk vermoordde. Bij gebrek aan inzicht. Inzicht wat Fokker altijd wel heeft gehad. Precies de juiste vliegtuigen bouwend voor een alsmaar groeiende markt. Dat deed de ondernemer Anthony Fokker al ver voor de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de eerste variant van die wereldbrand koos hij opportunistisch voor de Duitse zijde en zette daar vele honderden van zijn befaamde jachtvliegtuigen af. Toen de oorlog voor de Duitsers verkeerd afliep was hij zo slim om zijn hele productielijn op de trein te zetten en onder te brengen in het neutrale Nederland. Waarmee ook onze luchtmacht ineens beschikte over hypermoderne jachtvliegtuigen en verkenners.

Alsof we ineens zouden kunnen beschikken over de JSF zonder aan de ontwikkeling mee te hoeven betalen. De door Albert Plesman opgezette KLM had snel behoefte aan betrouwbare vliegtuigen. Fokker sprong in dat gat. En KLM kocht ongeveer elk ontwerp van de slimme Fokker. Die overigens nog veel meer successen boekte in de Verenigde Staten. Maar een ding zag hij over het hoofd. De komst van metalen vliegtuigen. Fokker bouwde toen nog met hout, aluminium en linnen. Dus toen KLM alsnog koos voor de ‘blikken Douglas’ DC-2 leek Fokker naast de flinke orders van de nationale carrier te vissen. Maar slim zakenman als Fokker was, hij verkreeg de licentierechten voor zowel de DC-2 als de grotere DC-3 en werd zo opnieuw een grote leverancier van moderne vliegtuigen. Zelf zou hij de groei van zijn bedrijf niet meer meemaken.

Net voor de 2e Wereldoorlog overleed hij. Zijn bedrijf kwam tijdens de oorlog in handen van de Duitsers en bouwde voor de bezetter onder dwang Duitse vliegtuigen. Na de oorlog werd het bedrijf snel opnieuw heringericht en startte men met de bouw van trainers, zoals de fameuze S-11, bouwde men een sportvliegtuig (de Promotor) dat helaas geen echt succes kende maar kwam men ook met de Fokker F-27 Friendship. Een verkeersvliegtuig dat werd opgebouwd met een hoogdekker-constructie, gelijmde metalen delen en twee Britse Rolls-Royce turboprops. Het toestel werd een enorm succes, meer dan 700 verkocht en dat wereldwijd. Een straalopvolger werd de Fokker F-28 Fellowship uit de jaren zestig. Ook dat toestel werd een groot succes. In de jaren tachtig kregen die ontwerpen modernere zusjes in de Fokker 50, 100 en de latere 70.

Maar de wereldmarkt was intussen aardig veranderd. Veel kleinere fabrikanten legden het loodje, verkochten hun toestellen met flinke verliezen of werden opgeslokt door bedrijven als Boeing, Airbus of British Aerospace. Fokker leverde ook weer aan de KLM en uit die periode stammen ook die Fokker 70’s die nu verdwijnen. Vliegtuigen die ideaal bleken voor de regionale lijnvluchten bij KLM en haar dochter CityHopper. Maar in oktober is het voorbij. Geen Fokkers meer en de kans dat er ooit nog nieuwe vliegtuigen met die naam zullen verschijnen is verspeeld. De Nederlandse overheid heeft er geen geld voor over en de maatschappijen van nu kiezen voor vliegtuigen van de plank. Boeings, Airbussen, Embraers of Bombardiers. Fokker wees de weg, maar kon en mocht niet verder. Blijft jammer. Gelukkig staan er heel wat van deze fameuze vliegtuigen in diverse musea. En zo hoort het ook. Want deze naam mogen wij eigenlijk nooit vergeten. Ik doe dat zeker niet. Heb ik heel wat Fokkers mogen meevliegen en dat was een waar genoegen. Maar nu wordt dat pure nostalgie. Vandaar dit blogje…(Beelden: Yellowbird collectie)

De U van Uitverkoop!

Ik ben in mijn hart nog van de ouderwetse uitverkoop. Van die acties bij winkelbedrijven waar de suggestie werd gewekt dat je met enorme voordelen op de gekochte artikelen de deur uitwandelde. Zo was er niet ver van ons vroegere woonhuis, ik refereer nu aan een periode uit mijn eerste jeugdjaren, een lampenwinkel in de belendende winkelstraat op de hoek waar vroeger mijn kleuterschool te vinden was. ‘Het Lampenpaleis’ heette die winkel. Normaal kon je daar het hele jaar door lampen en armaturen kopen tegen modale of bovenmodale prijzen, maar een keer per jaar hielden ze een super-uitverkoop. Lampen voor 1 gulden of zo. Wie het eerste kwam had de grootste kans zijn slag te slaan. En dat deden de mensen uit de buurt met liefde. Ze stonden halverwege de nacht al voor de deur. Het succes was groot. Maar op enig moment werd de concurrentie dat ook en was het gedaan met die lampenzaak. Failliet! Zo verging het V&D onlangs ook. Ondanks acties als het Prijzencircus en zo meer was het bedrijf niet in staat haar klantenkring vast te houden. De redenen vast bekend.

Een van die redenen het bestaan van zgn. ‘kortingsketens’ die met constante lage prijzen in staat blijken hele stromen klanten aan zich te binden. Denk maar eens aan de Action en soortgelijke bedrijven. Daarnaast zie je dat die uitverkoop niet meer zo is geregeld dat het een of twee keer per jaar plaatsvindt. Nee, bij sommige bedrijven is het een kwestie van altijd uitverkopen van die overbodige spullen en sommige ketens noemen dat dan ‘outlet’winkels. Altijd voordeel. Altijd uitverkoop. Het romantische overnachten voor de deur van een zaak is nu voorbehouden aan de verkooppunten van mobiele telefoons of Games. Daar wil men nog wel wat moeite voor doen, zeker als er iets nieuws verschijnt. Voor de rest is het een kwestie van uitzitten. Uitverkoop is het overal en kennelijk altijd. Van/voor. Maar wel goed opletten wat de oorspronkelijke prijs ook al weer was. Want als je soms goed kijkt zie je dat die bruto/verkoopprijs gewoon wordt opgeschroefd en dan daarna weer met een kortingspercentage afgewaardeerd.

Waardoor je uiteindelijk de normale prijs betaalt. Met een uitzondering. De Prijzenmepper. Dat is een keten die als een soort pop-up-store verschijnt in de winkelstraten door het hele land en dan uitverkoopt wat o.a. bij Kruidvat en Trekpleister in de schappen bleef liggen. Tegen ramprijzen. Waarover je aan de kassa nog eens korting krijgt. Is men eenmaal leeg verkocht is het weer over en uit en verdwijnt de winkel weer naar elders. Leuke formule. En toch…ik mis dat Lampenpaleis. Vast een nostalgisch trekje van me. (Foto’s: Internet/FlickR)

 

 

Meten met twee maten…

Stel je de situatie eens voor. Op een of andere wijze weten angstige Noord-Koreaanse burgers te vluchten uit dat akelige land en zetten via-via koers naar onze streken. Ze worden hier mt open armen opgevangen en krijgen net als zovele andere immigranten alle kansen om zich te ontplooien en tevens om zich te uiten. Als dat het geval is blijkt dat zij de leer van hun grote Leider toch met verve uitdragen en deze nog steeds vereren. Zodanig zelfs dat zij afdwingen dat wij onze toon t.o.v. hun oude thuisland matigen, dat wij alles wat in Noord-Korea verboden wordt ook hier in de ban doen en dat zij in het publieke verkeer gewoon hun traditionele klederdracht willen blijven dragen. Wat buitengewoon onpraktisch is en ook stigmatiserend. Waarom zouden wij daar tegen in actie komen? Wat zou ons bezwaar zijn? Als ik zie hoe wij omgaan met de uitingen van de dominante islam in onze streken doen we vermoedelijk niets en vinden alles goed.

Zelfs de bouw van speciale Noord-Koreaanse scholen waar het onderwijs wordt aangepast zodat de dictatoriale leer van Kim-Jong-Un kan worden uitgedragen. We zouden ook de oprichting van enorme beelden toestaan waar de voormalige inwoners van dat zo door de dictatuur van het communisme beheerste land hun Leider kunnen aanbidden! Waarom? Omdat dit past in onze democratie. Alles is geoorloofd als er een cultureel/godsdienstig sausje overheen gegooid kan worden. Ik heb wel eens geopperd dat we wel heel meebuigend zijn als het om geloof gaat of godsdienst. Zouden we net zo enthousiast reageren op actieve vertegenwoordigers van het Naturisten als die hun recht op gelijke behandeling zouden bepleiten als we nu doen op een geloof waar precies het omgekeerde van ons vrije westerlingen wordt verlangd? Wat is dat toch met ons dat we elke vorm van kritiek op dat wonderlijke vertrutten van de samenleving meteen afdoen als ‘abject’, nationalistisch of (de bekende dooddoener) ‘extreemrechts’?

Vanuit mijn gewoon realisme kijk ik naar een samenleving die haar eigen vrijheden wil inleveren als daardoor een kleine minderheid zich beter voelt. In dat kader hoef ik maar te wijzen op de vast dit najaar weer oplaaiende Zwarte-Pietendiscussie. Met valse argumenten gevoerd, en met ingegraven meningen van voor- en tegenstanders tot gevolg. Onlangs las ik in een bekend zakenreisblad dat de Saudische luchtvaartmaatschappij alle vrouwelijke passagiers opdraagt hun lijf te bedekken. Anders worden ze niet meer meegenomen aan boord. Hun haren hoeven (nog)niet bedekt te worden, maar men heeft wel allerlei wetten en regels voor stewardessen aan boord bij vliegtuigen van bijvoorbeeld KLM. Niet van boord zonder hoofddoek. Onze vrijheden, ingeleverd omwille van een onbewezen geloof. Nu zou ik nooit met een dergelijke carrier willen vliegen noch naar een land dat mensenrechten met de voeten treedt, maar er zijn voldoende westerlingen die dat wel doen. Al was het maar in opdracht van hun bedrijf. En die worden dan geknecht, qua vrijheden ingeperkt, en als ze niet doen wat wordt verlangd, opgesloten. Blijft toch opmerkelijk dat we die wonderlijke godsdienstige wetgeving ook hier gewoon willen toestaan. Is dat nu een vorm van politiek correct masochisme? Vast. Dus begin ik maar met het ophangen van het portret van de Grote Leider. Ben ik daar alvast op tijd bij. Want die roert zich momenteel met verve. En heeft een ding mee! Hij en zijn doctrine zijn tastbaar. Hoe akelig ook. Kan van de meeste godsdiensten niet worden gezegd. (Foto’s: Internet/Flickr)

Lekker eten bij ’t Kannetje…

Op het grote plein voor de O.L.Vrouwetoren van Amersfoort zitten heel wat horecazaken. Een daarvan was onze keuze voor het afsluitende dinertje met de vriendjes na een prima dagje vertoeven in Amersfoort. Bistro ’t Kannetje zorgde voor onze inwendig mens en deed dit met veel plezier en goede kwaliteit. Buiten op het terras, dat heel wat tafels omvat, net als de omringende horecazaken dat doen. En het was echt de moeite waard om daar de spijzen naar binnen te werken. Betaalbaar ook, zonder overdreven goedkoop te zijn. Maar daar krijg je ook echt lekker eten voor. Zuigbaar vlees in het gerecht wat ik samen met twee anderen uit het gezelschap koos. Met frietjes en salade voor een luttel bedrag. Het voorgerecht uit het altijd door mij gekozen Carpaccio wat in kwaliteit nog weleens wil verschillen. Niet bij ’t Kannetje, gewoon goed. De dames en heren die in verschillende rolverdeling hun ding deden waren allemaal vriendelijk, humorvol en servicegericht. Alles klopte en wat ook lekker was, je hoefde geen uren te wachten op het bestelde, maar men had ook geen haast. Precies zoals je in gezelschap op prijs stelt. Minpuntjes? Ja, het toilet. Dat was echt van een mindere soort. Het stonk er ook en het was niet echt schoon. Dat kan beter. Maar kan ook komen door de grote drukte van deze dag. Hoe dan ook, een rapportcijfer van 8,7 is meer dan verdiend daar in Amersfoort. En we komen er graag nog eens terug.  (foto: Internet)

Amersfoort, erg fraaie binnenstad!

Onlangs waren we met goede vriendjes in de fraaie binnenstad van Amersfoort. Nu zal dit misschien bij een aantal mensen niet meteen leiden tot rinkelende bellen maar wie er eenmaal geweest is en goed heeft rondgekeken zal moeten toegeven dat dit een van de fraaiste oude binnensteden is van ons land. Veel panden stammen nog uit de Middeleeuwen en de grachten zijn ooit als verdedigingslinie opgezet tegen allerlei vijanden die deze toen strategisch gelegen stad graag wilden innemen. Een deel van de oorspronkelijke verdedigingswallen is later gebruikt om huizen te bouwen en die ogen ook echt indrukwekkend historisch. Die grachten lopen rond, de straten binnen het centrum vaak ook.

De buitenring is een en al moderniteit en lijdt wat onder de architectuur van de jaren 80 toen men helemaal geen koppelingen wilde met dat oude centrum, maar eenmaal in die historie ondergedompeld val je van de ene verbazing in de andere. Ga ook eens varen met een rondvaartbootje. Dat kost je een paar Euro, de vloot wordt samen met de toeristentreintjes op straat bemand door vrijwilligers en die geven dolenthousiast hun kennis aan je door. Zeker bij mooi weer is zo’n rondvaart een aanrader. De tocht in westelijke richting duurt pakweg drie kwartier, die in oostelijke richting een uur. Moet je onderweg nog een stukje lopen ook en overstappen van de ene in de andere boot. Maakt het extra aantrekkelijk allemaal. Amersfoort barst het naast een reeks leuke winkelstraten ook van de horeca. Overal en nergens zijn cafés, bars, restaurants en zo meer te vinden en er is altijd plek.

Zelfs op drukke dagen. Bij toeval waren er allerlei optredens tijdens ons bezoek en dat gaf de sfeer een extra push. Wat ik persoonlijk heel plezierig vond, buiten de bekende plekken in de stad zijn er heel wat straatjes en grachtjes waar je vrijwel niemand tegenkomt. Dat geeft je even rust als je daar behoefte aan hebt. Anders dan in Amsterdam waar je echt je best moet doen om in het centrum toerisme te vermijden lukt dit in Amersfoort prima. Het is ook vooral lokaal en regionaal volk wat je daar tegenkomt. Internationaal toerisme is zeldzaam. Maar dat is niet terecht. Ik zou buitenlandse gasten en relaties graag meenemen die kant op. Want waar zie je het historische Nederland nog zo goed bewaard als daar? Wellicht ook in Hoorn of Enkhuizen en nog wat andere plaatsen, maar Amersfoort heeft zijn eigen dynamiek en charme. Nu een paar maal ervaren en met veel plezier.