Schilder zonder perspectief…

Het feit dat je de buurman/vrouw bent van een bekende kunstenaar of musicus maakt jou zelf per definitie ook niet meteen tot een bekende of beroemde persoon in dat genre. Zo overdacht ik op een bankje voor het Amersfoortse stadsmuseum Flehite onlangs de expositie over Gerard Hordijk. Een schilder die leefde en werkte in de periode van de De Stijl. Een stroming binnen de Nederlandse schilderkunst. Hordijk was de buurman van Piet Mondriaan en samen zochten ze hun weg richting beroemdheid met de schilderskwasten in de hand. Kijkend naar de werken van Hordijk vraag ik me wel af of de keuze voor deze man de juiste was.

Weinig van zijn tot moment van bezoek expositie onbekende schilderijen of andere uitingen overtuigen door hun kwaliteit. Zijn figuren en portretten zijn qua perspectief echt niet correct uitgevallen en zijn kleurgebruik is voor mij ook niet overtuigend genoeg. Opvallend is dat Hordijk in zijn tijd zeer succesvol was en dat Mondriaan vaak bij hem moest aankloppen voor geldelijke ondersteuning. Anno 2017 is dat helemaal omgekeerd. Had ik deze expositie niet gezien zou ik nooit geweten hebben dat die Hordijk ooit schilderde. Eigenlijk stond hij ook in de slagschaduw van zijn nu zo beroemde buurman.  Pas in 2006 is Hordijk weer op de agenda gezet door een kunsthandelaar die wel iets zag in deze schilder.

En die er ook voor zorgde dat een deel van zijn werken nu in dat verder fraaie en interessante Amersfoortse museum zichtbaar is geworden. Het mag van mij hoor, maar ik ben niet zo overtuigd van ’s-mans kwaliteiten. Mondriaan kan intrigeren, dat beeld krijg ik bij Hordijk niet. Al was het maar omdat hij zelfs blote dames niet in perspectief krijgt. Er mankeert altijd wel iets aan een figuur wat hij in the nude tekende of schilderde. Kortom, voor mij hoeft het niet, maar ik vrees dat ik nu enorm vloek in de kunstkerk. Wie het toch wil bekijken, in Museum Flehite aan de Westsingel 50 in Amersfoort draait die expositie nog tot en met 22 oktober a.s. Naast deze expositie hebben ze nog veel meer te bieden hoor, al was het maar de geweldig leuke vaste tentoonstelling over Eysink, het motorenmerk uit Amersfoort, en een indrukwekkende expositie over de Tweede W.O. De locatie is geweldig en de kostprijs goed te doen. Museumjaarkaart zorgt voor gratis toegang.

Tuinen van Appeltern

Wie mij een beetje volgt door de loop der tijd weet dat ik met tuinen en groen niet zo heel veel heb. Nou ja, wel om in te zitten en te genieten, maar niet om er ddw iets aan te doen om al dat groen te verzorgen. Eens per jaar scheer ik de heg, ik trek wat onkruid uit de grond als vrouwlief me het verschil uitlegt tussen wat moet blijven en gaan, maar daar houdt het wel op. Zowel voor als achter het huis zit ik graag in de open ruimte waar wij over beschikken, maar dan vooral om te lezen of iets te drinken. En tegelijkertijd kijken naar de overvliegende metalen vogels. Het was dus een grote verrassing toen ik tegen de lieve vriendjes die me uitnodigden om mee te gaan naar De Tuinen van Appeltern, gelegen in het land van Maas en Waal, bevestigend antwoordde. Ach, je moet iets doen voor het onderhoud van die vriendschappen….

Maar ik kom op mijn evt. scepsis van vooraf graag terug. Die Tuinen zijn prachtig en de bestemming meer dan de moeite waard. Ook als je zoals ik niets hebt met groene vingers of zo. Los van al dat groen of de gekleurde variantie van de begroeiing in de vorm van fraaie bloemen, zijn er ruim 200 tuinpartijen met huisjes, kunst, steenformaties, watervallen etc. Je loopt je een kriek, maar je weet soms echt niet waar je kijken moet. Volgens verklaring van het bedrijf zelf is het Europa’s mooiste en grootste tuinexpositie en ik geloof dat direct. Men heeft ook aan de kinderen gedacht, er is een soort speeltuintje, open velden met ‘wilde vogels’, een zelf te bedienen pontveer, je kunt er op twee locaties lekker eten en drinken en er is een shop voor hen die kruiden willen gaan telen of bijvoorbeeld boeken over tuinieren mee naar huis willen nemen.

Overal wordt informatie verstrekt, er bestaat een mogelijkheid om bij de kassa draagbare apparatuur mee te nemen die je bij elke uitstalling informatie geven over de planten en gebruikte materialen. Dat inspreken gebeurde op fluisterniveau, je veroorzaakt er geen last mee bij de medebezoekers. Een handige plattegrond helpt je de weg te vinden in dit doolhof vol fraais, en je moet een beetje aardig ter been zijn om alles te kunnen bekijken. Dat je nog wat zitplekken kunt vinden, zelfs koffieautomaten en water-tappunten is allemaal een pre.

Ook toiletten voldoende, niemand hoeft de route met gekruiste knietjes af te lopen. Ik was ervan onder de indruk. En dat wil iets zeggen. Geen liefhebber en toch….. Ben je gek op groen, bloemen en tuinen is dit een must. Je weet dan niet wat je ziet en het geeft je vast veel inspiratie. Entree is officieel E. 13,50 voor volwassenen, met drie Euro korting als je boven de 65 jaar oud bent. Maar er zijn ook allerlei kortingkaarten of acties te vinden als je even je best doet. Parkeren, wel op enige afstand van de ingang, kost je 3 euro per auto. Maar echt, je krijgt er iets voor terug en de echte liefhebbers zijn hier een hele dag zoet. Wij niet, wij reisden door. Maar dat hadden we dan ook van tevoren zo afgesproken. Vanuit Amsterdam was het 1u15minuten rijden om in Appeltern te komen. Goed te doen voor een leuk dagje uit.

De Romanovs aan de Amstel…

Weet je wat ik meestal vervelend vind? Nee? Nou dat je op voorhand al weet wat het einde van een verhaal is als je er nog aan moet beginnen. Geldt voor tv-series, films, boeken of exposities. Exposities zal je denken? Ja, uitstallingen van zaken die met een verhaal van doen hebben. Een zo’n expositie bezocht ik onlangs. In de hoofdstedelijke afdeling van de Russische Hermitage waar het altijd goed toeven is als men weer eens een of meerdere tentoonstellingen voor het publiek heeft georganiseerd. Onlangs ging een daarvan over de familie Romanov. Dat was de tsarenfamilie in het Rusland van tot pakweg 100 jaar geleden. Machtige heersers die vooral aan de macht kwamen doordat ze die zichzelf hadden toebedacht en deze macht kostte wat het kost wilden vasthouden.

Met alle gevolgen van dien. Rijkdom corrumpeert en het volk leed in die tijd onder extreme armoede, gebrek aan scholing en/of enige vorm van medische zorg. De Russische adel had het goed, heel goed en de Romanov’s waren zelfs zo rijk dat de meeste van hun paleizen ver uit torenden boven die van de grootste vorsten in de rest van Europa. De afstand tot het volk was derhalve zo groot dat men geen idee had van alles wat afwijkend was of revolutionair en als men daar al iets van wist werd het opgeruimd. De straffen waren meedogenloos en streng. Daarbij hadden de tsaar en zijn familie meestal helemaal geen tijd om zich met het volk te bemoeien. Zelfs grote rampen namen zij ter kennisgeving aan, het te organiseren bal ter ere van het een of ander ging altijd voor.

Deze afstand werd de familie uiteindelijk fataal. Zeker toen de Eerste Wereldoorlog door gebrek aan inzicht voor de Russen zeer slecht verliep, kregen de revolutionairen vat op de samenleving en wisten ze hele groepen mensen aan zich te binden. Marx, Lenin, en hun trawanten kregen het vuurtje brandend, niet in de laatste plaats doordat de tsaar volkomen verkeerd reageerde op de ontwikkelingen. Uiteindelijk werd hij met zachte dwang aan de kant geschoven en namen de bolsjewieken de macht in Rusland over. Het lot van de familie Romanov was daarmee bezegeld. Op een kwade dag in 1918 werd deze afgeslacht. De haat was zo groot dat zelfs de hondjes werden vermoord. Nog steeds is dit een schandvlek op het blazoen van het Rusland van toen. Maar wat daarna zou volgen onder verantwoording van de volgers van Lenin of Stalin was zelfs met de minst kritische benadering van de doctrine die het tsarisme opvolgde, niet te bevatten.

Neemt niet weg dat de expositie in de Hermitage er een is van groot belang, veel interesse, en je daar zaken ziet die je niet voor mogelijk houdt. Een van de zalen van het oude gebouw aan de Amstel is omgevormd tot een kopie van de befaamde Passage in St. Petersburg, inclusief winkelruiten waarachter spullen uit die periode. Hoe bloederig het einde, het verhaal van de tsarenfamilie moet je toch even gaan bekijken. De expositie staat nog tot 17 september dit jaar in de Hermitage ter beschikking. Daarna moet je afreizen naar Rusland om bepaalde onderdelen ervan te kunnen bekijken. Maar, dit is echt een aanrader! Doen. Heb je een MJK? Neem dan een combikaart en maak gebruik van de kans om drie exposities in een keer mee te nemen en een audiotour. Meerprijs is dan E. 2,50. Meer dan de moeite waard! En die afkeer van het einde kennen verdween als sneeuw voor de zon.

De Fundatie

wp_20161115_008Vrouwlief wilde er graag een keer heen. Het Zwolse Museum De Fundatie. Aan de buitenkant van het centrum gelegen, niet ver van het station daar. Direct herkenbaar aan de ‘tulband’ die dient als bovenste deel van een verder prachtig en stijlvol gebouw. Regionaal museum voor kunst en cultuur. Vol kamers en zalen en in die tulband bij mooi weer een aardig uitzicht over de oude provinciehoofdstad Zwolle. Onlangs waren we daar dus, de trein bracht ons er in een uurtje reistijd. Het was heel erg nat buiten, het zicht beperkt tot pakweg 100 meter en dat niet zozeer door mist maar door een constant vallende motregen. Zwolle glom, niet van trots. Wel van de nattigheid. Het museum bood uiteindelijk warm onderdak. Er liep een expositie rond het ‘Zie de mens – 100 jaar, 100 gezichten’ thema. Op zich interessant, maar uiteindelijk niet zo aan ons besteed. Het was mij zeker te somber allemaal en wat ik zag van beroemde kunstenaarsnamen deed me huiveren bij het idee dat daar door liefhebbers en musea grof geld was betaald.

wp_20161115_022Ik zou het niet in de kamer willen hebben staan of hangen. Het was er ondanks dat aardig druk. Leek wel of half (bejaard) Zwolle was uitgelopen voor deze expositie. Even de bordjes lezen bij de verschillende objecten bleek vrijwel onmogelijk. Nou ja, het zorgde wat ons betreft voor een snelle rondgang. We beklommen de vele trappen in het museum om boven in die tulband nog even te zien wat daar zoal was uitgestald. Het was vrij modern allemaal en zeker qua onderwerpen onherkenbaar. Leuk voor de liefhebber, maar wederom niet voor mij of vrouwlief. Omdat ook het uitzicht op de stad door de regen werd verpest, namen we al snel het besluit om het museum maar te verlaten. We hebben het nu tenminste gezien. We weten waar het ligt en wat je in die tulband kunt bekijken. Niet echt onze smaak. Gelukkig was het centrum vlakbij en vermaakten we ons nog even in de schitterende boekhandel Wanders en bij de bekende banketbakker van Orsouw aan de Grote Markt. Daarna namen we de trein en reden terug naar het westen. Waar het nog net zo nat en grauw was als in Zwolle. Geen weer om in te lijsten. Maar ja, herfst!

Amy

AM-2Was ik een fan? Nee! Niet meteen. Ik vind dat ze aardig zong en sommige van haar hits zing ik nog wel mee ook, maar ze was van een generatie of twee na mij en dan begint het gevoel voor moderne smaak toch iets te tanen. Opvallen deed ze overigens wel. Haar stem heel anders dan bij die riedeltjeszangeressen van tegenwoordig die zonder adlips schijnbaar niet kunnen functioneren. ‘Mens, zing toch eens rechtuit…’ zeg ik dan vaak. Amy Winehouse was van een andere orde. Als dat strotje open ging wist je wat ze wilde vertellen. En een uiterlijk zoals je bij weinig andere dames van de microfoon zag. Wonderlijk getoupeerd haar, een scherpe neus, onder de tattoo’s en in haar latere levensfase bijster mager. Amy leed aan een minderwaardigheidscomplex en verbloemde dat met haar talent, maar voor de echte verdoving zocht ze die in alcohol en drugs. En dodelijke cocktail. Maar het meisje was gedreven door haar echte talent. Amy_Winehouse_f4962007_crop

Zingen, af en toe wat acteren, het leidde tot vijf Grammy Awards! Dochter van een taxichauffeur en apothekersvrouw. Joods van herkomst, met lijnen naar het oude Rusland waar haar grootouders vandaan waren gekomen. Ze leerde slecht, alleen muziek had haar aandacht. Ze studeerde ook nog voor haar chauffeursdiploma zodat ze in het geval van mislukken van haar carriere nog de taxi van haar vader kon overnemen. Het werd niks. Ze was geen studiehoofd. Opvallend, grappig in het begin, en als ze zong werd je er stil van. Ze schreef haar eigen songs, richtte een eigen platenlabel op, trad op voor de groten der Aarde en had steeds weer top-40 hits. Helaas kreeg ze steeds meer last van haar drank- en drugsgebruik. Soms stond ze stomdronken op het podium en was geen schaduw meer van de succesvolle artieste die het wellicht had moeten zijn.

AM-1Ze schreef een nummer over die verslaving en hoe mensen haar wilden laten afkicken, wat ze nooit deed. ‘Rehab’ heette dat nummer en werd een grote hit. Maar als artieste bleek ze ook onbetrouwbaar door dat wangedrag. Haar angst voor de grote boze wereld maakte dat ze steeds meer ging gebruiken, al dan niet geholpen door haar vriendjes van het moment. Het richtte haar uiteindelijk ten gronde. Op 27-jarige leeftijd was het over en uit. Ze overleed op 23 juli 2011. Zeven jaar later reist een tentoonstelling over haar leven de wereld rond. Onlangs was die in Amsterdam te zien, bij het Joods Historisch Museum. Mooi gemaakt, lekkere muziek, mooi opnamen. Zonde van dat talent. Maar een mooi eerbetoon. Zelfs ik kon er van genieten. En dat op mijn leeftijd…… (Foto’s: Wikipedia/internet)

De schitterende St. Jan in Den Bosch…

WP_20160810_007Ik geef direct toe dat ik ergens nog wel een restantje katholicisme in me heb zitten. Niet zo zeer voor wat betreft de godsdienstinhoud, maar wel met sommige uiterlijkheden van het instituut. Gek op kerken gebleven. Prachtige historische gebouwen vaak. En de beleving van het enige ware geloof (..) is natuurlijk omgeven door veel optische verfraaiing die mij wel bekoort. Als het dan toch moet, dan maar zo. En niet anders! Hoe dan ook, een kerk die al een flinke tijd op het verlanglijstje stond om nog eens vanbinnen te bekijken was de St. Jans-basiliek in Den Bosch. Een van de bezienswaardigheden van die verder ook zo gezellige stad. Maar de keren dat wij er voorheen waren was er telkens een reden om het gebouw niet te bezoeken. Steigers in verband met een verbouwing of restauratie, een toegangsprijs die men vroeg om erin te mogen (doen wij principieel niet aan mee) of lange files voor de ingang. Toen we dan ook onlangs weer eens in Den Bosch verkeerden en we er zo maar zonder enig probleem in mochten, dachten we: ‘Kijk, dit is onze kans’ en we liepen er vol verbazing in rond. Dit is geen kerk, dit is geen kathedraal, dit is een basiliek. Brabantse gotiek, prachtige ornamenten, dito gebrandschilderde ramen. Van oorsprong daterend uit 1366 werd de kerk door de loop van de jaren heen uitgebouwd tot een kathedraal en in 1929 gekroond tot basiliek.

WP_20160810_014Wat je ziet is prachtig. Er zijn overal afbeeldingen te zien die te maken hebben met de katholieke leer door de jaren heen. Het orgel is een prachtig ding dat al stamt uit 1617 maar waaraan een heel verhaal kleeft voor wat betreft de bouw en afstemming van het geluid. Pas in de 18e eeuw kwam het ding echt op toon. Best lang voor een orgel. Maar dan heb je oog wat. De St. Jan is 115mtr lang, 62 meter breed, het koepelgewelf in het midden is 41 meter hoog. De hoogste toren kent een lengte van slechts 73 meter. Dichter bij God kon men indertijd niet komen kennelijk. Maar vanuit diens troon ‘in den hemel’ zal hij dit eerbetoon aan zijn bestaan vast niet kunnen missen. Terwijl de St. Jan best een indrukwekkend complex is, blijkt dat in de omgeving weinig tot niets lijkt op de bouwstijl van deze kerk. Dat zie je op andere plekken weleens anders. Hij lijkt in veel opzichten op andere kerken in het Brabantse, maar heeft weer niets van de majestueuze kerken die door bouwmeester Kuypers zijn neergezet. En ja, ook deze kerk viel ooit in handen van de hervormden. In 1629 werd de eerste dienst van die stroming gehouden in de St. Jan. Pas in 1810 kregen de katholieke gelovigen met dank aan Napoleon hun eigen kerk en bisdom weer terug.

WP_20160810_013 Een paar jaar later vloog de westertoren (nee niet die in de hoofdstad…) in brand. Twaalf jaar later was de schade pas hersteld. Maar toen was er meteen een heel klokkenspel in gehangen, een oude wens van de katholieke gemeenschap. U ziet, ik heb mijn huiswerk gedaan. Tijdens ons bezoek zagen we nog een expositie over de Lijkwade van Turijn. Interessante expositie over een van de meest bediscussieerde zaken uit de katholieke geschiedenis. Maar hoogst interessant ook. Na al die jaren dus toch bezocht. En weer het e.e.a. bijgeleerd. Ook dat is nuttig. Want wie niets meer (bij) leert is klaar om er definitief mee op te houden. En dat was ik niet van plan. Maar dat waren al die ‘belangrijke en rijke lieden’ die in de St. Jan begraven liggen ook niet. Geeft te denken…..

Terug naar de oudheid…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Al eerder, een tijdje terug alweer,  kwam hier een verslagje voorbij rond een bezoek aan het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Een van de museale trekpleisters van deze universiteitsstad waar het verder ook zo lekker toeven is. Zoals wij onlangs weer eens deden met lieve Soester vriendjes van ons. We zouden een Egyptische expositie bezoeken. Na een wat ingewikkelde treinreis (in ons land is reizen per trein soms per definitie ingewikkeld) vonden we elkaar op het CS en togen richting het Leidse Rapenburg waar dit museum is gevestigd. Nadat we door het toegangspoortje heen waren bleek de Egyptische afdeling gesloten. Dat was toch wel even een domper. Men was aan het verbouwen of verhuizen. Bleek lastig te definieren. Nou ja, dan maar de trappen opgesjouwd naar de rest van de toonzalen. En daar verveelt een mens met enige waardering voor de eigen geschiedenis zich echt niet. Vooral de expositie over opgravingen in eigen land is de moeite waard. Romeinen, oertijd, een stukje geloofsinvloed, alles is terug te vinden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Een etage lager bleken twee los van elkaar staande exposities onze aandacht waard. Een kleine over Egypte was gelukkig alsnog te bezoeken. Goed zo, gerechtigheid. Heerlijk dolen tussen en langs die fraaie cultuur die duizenden jaren voor Christus’ jaartelling de dienst uitmaakte in het toenmalige midden-oosten. Een andere expositie ging over de geschiedenis van het mes en het zwaard. Ging ook ver terug. Van oeroude bronzen exemplaren tot het erezwaard van Willem de 1e dat door diens achter-achter-achter kleinzoon Willem Alexander nauwelijks te tillen bleek. Ook een drakendoder van een meter of twee lang lag uitgestald. Je weet niet wat je ziet. Aandacht ook voor de kromzwaarden van de roverhoofdmannen die ooit het Heilige Land Palestina bezetten.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Kromzwaard tegen het bekende kruisvormige exemplaar van de toenmalige voor het christendom reizende en vechtende ridders die dat geboorteland van Christus wilden ontdoen van hun Barbaarse overheersers, nu een jaar of 1000 geleden. Indrukwekkend! Het OHK Museum is altijd een bezoekje waard. Voor kinderen heeft men de nodige activiteiten uitgewerkt, van de hal beneden tot bij elke expositie. Daar kan men een gezin redelijk mee zoet houden. En dit is ook een betaalbaar museum. Met een koffiehoek waar je nog wat kunt eten en drinken, een uitgebreide museale winkel en voldoende beveiliging om je er prettig te voelen. Mocht je eens in Leiden zijn, ga er dan heen. Wellicht is dan ook die befaamde Egyptische collectie weer in vol ornaat te zien. Want dat is toch wel de kers op de pudding, de slagroom op de taart. Die moesten we nu node buiten de deur van het museum zien te vinden. Wat nog gelukt is ook. Het bleef nog lang gezellig langs de Leidse grachten.

Expositie met een toeslag…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Wij hebben een Museumjaarkaart. Al een reeks van jaren! En dat op zich bevalt goed hoor.  Al wordt die kaart met het jaar duurder, een gevolg van het grote succes in ons land. Je betaalt een vast bedrag en kunt in principe 70% van de landelijke musea verder gratis naar binnen. Bij sommige musea hanteert men zelfs een voorkeursbehandeling ten aanzien van mensen met zo’n kaartje. Je hoeft dan niet in de wachtrijen te gaan staan. Musea, sommige althans, zijn zeer in trek geraakt en dat zorgt soms voor enorm lange rijen. Ook de Hermitage in de hoofdstad bezoeken we graag, ik deed daar al wat keren verslag van. Nu lopen er op dit moment maar liefst drie losse exposities, een met Hollandse, de andere met Spaanse meesters. En er is nog iets met buitenkunst. Omdat die exposities met die meesters in mei afloopt was het onlangs weer eens nodig het gebouw aan de Amstel te bezoeken. Samen met hele groepen binnen- en buitenlandse bezoekers zo bleek al snel bij de ingang.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Was het voorheen een kwestie van je kaartje bij een automaat houden en dan een geprint toegangsbewijs ontvangen waarvan de barcode zorgt voor openen van de glazen toegangsdeuren, in dit geval was dat niet mogelijk. Nee, we moesten aansluiten in de rijen. Dat duurde even, tot vrouwlief, altijd goed in het ontdekken van een kassa met minder aanbod van klungelende mensen, bij de kassa stond. Wat zij niet, ik wel had gelezen, voor die exposities die men nu hield was een toeslag vereist van 2,50E p.p. p.e. Kijk, en dat is wel wat erg duur als je ook al rekent wat die MJK al kost. We besloten de expositie te laten voor wat het was. Het moet niet te gek worden natuurlijk. Minder service, meer betalen? Nee, dat bevalt ons niet. Gaat ook om het principe. Maar dat kan ook aan ons liggen natuurlijk.

Organiseren; het is en blijft een kunst!

Korterink - veel publiek bij Auris-intro HPIM1161 (2)Kijk, als je iets als een evenement of opening organiseert moet je altijd in de gaten houden dat je dit doet om bepaalde doelen te bereiken, om mensen te vermaken of zelfs om iets te verkopen. Nodig je dan ook nog jou onbekende gasten uit mag je die niet zo maar aan hun lot overlaten of het gevoel geven dat je dit doet. Nu is het organiseren van dit soort zaken niet iedereen gegeven. Ik maakte dat zelf vele malen mee. Goed bedoeld, maar weinig effectief. Bij zo’n gelegenheid is het handig iemand aan te wijzen die met een checklist in de hand andere mensen op taken zet die ze geacht worden uit te voeren en niet het eigen initiatief los te laten op wat men zelf wel zou willen doen. Als de gasten dan arriveren zorg dan voor aanwijzingen richting evt. parkeerplekken, ontvang zelf die bezoekers als gastheer of vrouw, en laat niets aan het toeval over. Wijs mensen de weg naar de garderobe of desnoods de toiletten, maar laat ze niet zelf op zoektocht moeten gaan. Zorg voor een hapje en drankje om de tijd te doden, stop ze een programma in de handen en maak dat men zich ergens een plekje kan vinden om even rustig rond te neuzen dan wel andere (bekenden) te leren kennen of ontmoeten.

15g3srcBedenk dat mensen die jouw locatie of bedrijf niet kennen, soms even wat informatie willen ontvangen, laat ze dan niet met vraagtekens rond hobbelen. Maak het programma voor je evenement of opening ook van dusdanig niveau dat je mensen er mee boeit. Matige muziek, te luid of te zacht, dito artiesten of sprekers zonder boodschap zijn uit den boze. Mensen willen vermaakt worden, ze komen vaak van heinde en verre om aan jouw uitnodiging gehoor te geven. Erken dat door ze te verwennen. Een positieve indruk zorgt voor een lage drempel ten aanzien van de acceptatie voor hetgeen je wilt overbrengen of verkopen. Waartoe dienen al deze adviezen zal de lezer van dit meningblogje denken? Nou, wij maakten onlangs mee dat een organisatie die ons uitnodigde voor de opening van een op zich aardige expositie al deze dingen fout deed.

Actie B en L zondat 220407 007 (2)En het aantal gasten was te groot om te denken dat men geen behoefte had aan dit bezoek. Maar het was echt droevig. Zeker wanneer je als professional rond loopt en kijkt wat er zoal beter had gekund. Ik weet wel, geld, vrijwilligers, oudgedienden, het zal allemaal wel. Maar dit was best een aanfluiting. En dat kan echt veel beter. In mijn auto-relatiesfeer zitten heel wat ondernemers die dit vanuit hun genen goed doen. Vaak meegemaakt. Huur desnoods iemand in die KAN organiseren. Maar laat niets aan het toeval over. Wellicht dat ook ik dan volgende keer op de uitnodiging in zal gaan. Dat doe ik nu voorlopig niet meer. En dat kan toch niet de bedoeling zijn geweest….toch?!

 

Made in Amsterdam

WP_20160317_008Over Amsterdam en mijn liefde voor die stad heb ik in mijn vorige verhaal al eens stevig uitgepakt. En die liefde kan best met een dubbel gevoel gepaard gaan hoor. Door de jaren heen is de stad niet altijd ten positieve ontwikkeld. Maar hij leefde en leeft wel en dat is ook door kunstenaars in die perioden vastgelegd. Schilders, schrijvers, fotografen, filmers. Allemaal vielen ze voor deze stad en zijn inwoners en er is ongekend veel werk gemaakt dat deels in de schappen bij musea is opgeslagen. Het Amsterdam Museum, ik schreef er in voorkomende gevallen al eens eerder iets over, exposeert momenteel werk van juist die kunstenaars. De stad centraal gesteld, maar meteen ook een mooi overzicht van de geschiedenis. Onder de naam MADE IN AMSTERDAM loopt deze expositie van 11 maart tot en met 31 juli a.s. in dat erg aardige museum dat je vindt aan de Kalverstraat 92 in Amsterdam. WP_20160317_021

Je komt er werken tegen van De Smet, Karel Appel, Breitner, maar ook meer hedendaagse kunstenaars die allemaal hun stempel zetten op een typisch stukje Amsterdamse aantrekkelijkheid. Soms moet je drie keer kijken om te zien of je als bezoeker met een tekening of een foto van doen hebt, in andere gevallen is er geen twijfel mogelijk. Voor ieder wat wils, en je ziet ook welke rol Amsterdam speelde voor die kunstwereld. Wij bezochten deze expositie onlangs, samen met vriendjes uit de provincie Utrecht en genoten van het gebodene.

WP_20160317_014Nu is dat museum op zich al een genoegen, waar je snel leert waarom Amsterdam zo uitgroeide tot de stad die het nu nog steeds is, maar door de ogen van deze kunstenaars komen er dan weer wat andere zaken naar boven dan de bekende beelden van havens, schepen en mooie panden. De gewone mens is in Amsterdam natuurlijk van het grootste belang geweest en die krijg je bij deze tentoonstelling goed in beeld. De toegangsprijs voor het museum is E.12,50, kinderen tussen 5/18 betalen E.6,50, voor jongere kids is de toegang gratis. Je kunt er in tussen 10/17.00u, ook op zondag. Er zijn liften en op elke etage toiletten en zitplekken. Kortom, geen excuses om niet te gaan. Zeker niet met een Museumjaarkaart….