Voordat ik chronologisch nog even verder ga met beschrijven van al die Skoda’s die mijn leven beheersten (..) wellicht even goed om aan te geven waaraan die eerste auto moest voldoen en wat er zoal mee werd gedaan. Natuurlijk diende hij voor het woon-werkverkeer dat in die dagen nog vooral plaatsvond tussen de nieuwe Amsterdamse wijk Bijlmermeer en mijn werkplek op Schiphol. Maar we deden er flink meer mee. Ritjes naar en in Duitsland waren in die jaren ook al regelmatig aan de orde van de dag, week of maand. We hadden er familie wonen van mijn vrouw en die zetelden allemaal in het Ruhrgebied. Dus we gingen nog al eens op en neer. Maar ook een vakantietripje naar Moezel en Rijnland werd met de rode Tsjech keurig, zuinig en veilig uitgevoerd. Hellingen waren soms best een uitdaging, maar met vier man en een pak bagage kwamen we altijd boven en vertraagden ons op de motor en het gescheiden remsysteem ook weer veilig een weg naar beneden. Ook al was de auto in die jaren gevoelig voor onderhoud, ging er van alles en nog wat aan stuk (niks bijzonders in die dagen, want de meeste wat goedkopere auto’s waren zo in elkaar gestoken dat je bijna constant bij de garage stond..), als het er op aan kwam deed de ‘rode’ wat ik er van verwachtte. (Foto: De gele Skoda S100 die ik gebruikte van 1973-76 was van een heel andere orde dan zijn rode voorganger)
Twee keer stond ik er in de 2,5 jaar gebruik onderweg mee stil. Een keer vlak bij Amstelveen toen een klein palletje van de rotor in het ontstekingssysteem afgebroken was. Precies halverwege werk en thuis. De wegenwacht kwam en repareerde het onderdeeltje met plakband. Ik kwam er mee thuis en de volgende dag naar de dealer. Onderweg in Duitsland staakte op enig moment het gaspedaal elke functie. De gaskabel (jaja, toen ging dat nog zo..) was precies bij het mechaniek achter het pedaal los geschoten. Met wat moeite en gevloek kon ik dat zelf repareren. Verder deed ik met de rode Skoda nog het een en ander voor het werk. We hadden indertijd nog wel eens wat te doen in Maastricht en dan reed ik met de rode Tsjech even op en neer. Er stond een aardige onkostenvergoeding tegenover, en dan kwam je met die Tsjechische auto’s aardig uit. Met de tweede Skoda, een okergele, die ik vanaf de zomer van 1973 tot mijn beschikking kreeg na inruilen van de rode, ging het eigenlijk precies hetzelfde als bij die eerdere S-100. Met een verschil. Of het nu in de kleur zat of in verbeterde kwaliteitszorg in het Tsjechische Mlada Boleslav, die gele auto was bijna een klasse beter. Hij reed fijner, was absoluut pechvrij, roestte minder en was op een of andere manier veiliger. (Op de foto met de rode Skoda in 1972 samen met de opa van mijn vrouw met wie ik een prima band had. Samen in Bottrop (D))
Toch ging ook hierbij de kilometerstand vrij hard omhoog, zodanig zelfs dat ik na een jaar of 2,5 weer dacht aan opvolging. Nu moest er maar eens een luxe en snelle versie komen. Skoda had die in huis met de S-110LS, een auto met een 1100cc motor die men wat had opgepept en die extra luxe was uitgerust. In de neus zat o.a. extra verlichting, die vooral goed was om anderen even een signaal te geven dat je er met de Skoda langs wilde. De auto bezat zelfs interval op de ruitenwissers……Kortom, een aantrekkelijk auto voor een Skodafreak zoals ik. Nieuw was hij wel wat boven budget, maar met wat steun van links en rechts uit de familie en het nodige gespaarde eigen geld kwam de nieuwe okergele LS medio 1976 in gebruik. Het was precies een jaar voor de opvolger van deze reeks zou worden verkocht, maar dat wist ik toen nog niet. Met de LS voelde ik me King-of-the-road en gedroeg me ook zo. De auto was vlot genoeg om er mensen mee te jennen die in langzamere modellen voortbewogen en de kleur opvallend genoeg om anderen te irriteren. Toch bleek het een prima wagen, die nog eens extra was uitgerust met een geweldige radio en zelfs bij bestelde mistlampen onder de voorbumper. (Foto: De S110LS uit 1976 was een lekker opgetuigd exemplaar dat buitengewoon goed reed)
Al dat licht in een keer aanzetten was niet zo handig, want dan stotterde de motor onderweg…..Werd later trouwens keurig door de dealer opgelost. Die had ook op voorhand de startmotor voorzien van een andere (Bosch)bendix, waardoor uitval van die dingen niet meer kon plaatsvinden. Een euvel dat ik bij beide voorgangers wel had meegemaakt en kennelijk een echte Skoda-typische storing was in die periode. Het was een genoegen om met de LS op de Duitse Autobahnen of Franse snelwegen te rijden, plankgas reed je de wijzer zowat uit de teller en dan wees dat ding echt iets van 170km/u aan. In het echt zal het wel iets minder snel zijn geweest, maar voor een Skoda uit die dagen was het supersnel. Jammer was wel dat de ook extra ingebouwde oliekoeler telkens zorgde voor flinke lekkages. Op een ritje naar Parijs raakte het blok zowat compleet leeg. Werd de motor warm liep het smeerspul zo langs de afdichtingen…Werd later afgekoppeld, probleem opgelost! Wordt vervolgd. (Beelden: Yellowbird archief – Alle teksten zijn eigendom van de auteur)

Morgen, 4 mei, herdenken we! Maar dat wordt wel steeds lastiger nu een hele generatie Nederlanders begint te verdwijnen die alle leed van de oorlog die woedde tussen 1940-45 daadwerkelijk meemaakte. Nu is er gelukkig nog een generatie die na de oorlog werd geboren en die niet meteen dat leed en die ontberingen van een oorlog meemaakte. Maar er wel op werd gewezen door de ouders en grootouders die de ellende van een oorlog of terreur wel moesten ondergaan. Wie een beetje oplette op school of tijdens de vertelde verhalen weet dus dat tijdens die oorlogsjaren hele groepen Nederlanders zijn afgevoerd naar Duitsland en verder. Een groot deel daarvan kwam nooit meer terug. Vernietigd door de Nazi’s. Maar ook in het vroegere Nederlands-Indië hebben mensen enorm geleden door de Japanse terreur. Wie daar in een kamp zat wist ook meteen dat het leven niet alleen maar rechten kende, maar vooral de plicht tot overleven. Wat voor veel mensen een wanhopig makende oefening bleek.
En wat daarna gebeurde was natuurlijk ook niet meteen een positieve bijdrage aan de geschiedschrijving van ons land. Je sprak niet over die ellende. Verwrongen (lees: gekwetste) geesten waren het resultaat. Leed, verdriet, soms totale wanhoop geeft een andere soort leven dan comfort, veiligheid en voldoende eten tot je erbij neervalt. Maar het ergst is toch wel dat je verwanten, familie, vrienden, kinderen of wie ook voor altijd kwijt bent geraakt. Voor sommige families was dat een pijnlijke constatering na een vrijwel totale uitroeiing. Joodse mensen kunnen ons op dat punt nog steeds bijpraten. Ongekend! Maar ook soldaten die krijgsgevangen werden gehouden, dwangarbeiders, communisten, homoseksuelen, enz. enz. mochten vrezen voor hun leven als de Duitsers of Japanners hen te grazen namen. Dat was dus geen rooskleurig beeld. Al die doden, ook die onder de Nederlandse strijdkrachten die een volkomen hopeloze maar ook heldhaftige strijd voerden tegen de invasiemachten van die terreurlanden die indertijd de As vormden. Heel wat jongens sneuvelden in de eerste dagen van de oorlog.
Net als burgers die slachtoffer werden van bombardementen op steden als Rotterdam of Den Helder. Dat zijn de ware slachtoffers. (Nederland kende 181.000 doden in wo2) En die moeten we blijven herdenken. Omdat die Tweede Wereldoorlog ongekend was in zijn heftige moordzucht. Ons landje was dat niet gewend, zeker, want in WO1 deden we niet mee. Waren we neutraal. Maar dat trucje lukte niet in WO2. We werden gewoon overlopen door Duitse en Japanse horden. Tegenwoordig zien we dat veel zaken worden toegevoegd om die herdenking voor jongere generaties al dan niet hier geboren Nederlanders acceptabel te maken. Maar geen daarvan kan zich qua ellende meten met het leed dat ons land in WO2 werd aangedaan. En om daaraan te denken houden we op die 4e mei 2 minuten stilte in acht. Twee minuten! Een evenement dat we nog jaren zullen moeten koesteren. Opdat we snappen wat het is om zoveel mensen te verliezen als we indertijd deden. Ook al zullen er wel weer lieden zijn die ergens een of ander stukje vervalsing van de geschiedenis toepassen om hun eigen frustraties om te zetten in semiwetenschappelijke onderbouwing van de eigen stelling. Maar die horen niet bij wat we op 4 en 5 mei herdenken. Al moet je zelfs die malloten rond de viering op de 5e mei hun mening laten uiten. Opdat ook de vrijheid van anderen die we nu nog koesteren niet verloren zal gaan. En we ook waakzaam blijven ten aanzien van het nieuwe anti-semitisme wat nu weer de kop op steekt, net als homohaat en afkeer van andersdenkenden. Gedenken mag dus best nog wat dieper gaan. Waarbij we onze normen en waarden beschermen als heilig en niet laten verdwijnen omdat door frustraties en slecht onderwijs minderheden menen dat zij de geschiedschrijving kunnen of mogen veranderen. Feiten zijn feiten! Toch iets anders dan een in vrijheid uit te spreken mening. Mits niet geschreeuwd natuurlijk…
In de jaren na de Tweede Wereldoorlog lagen de meeste Duitse industriele complexen in puin en moesten met name de autofabrikanten helemaal opnieuw beginnen. Daarnaast waren de vliegtuigbouwers die de hele oorlogsmachinerie van de nazi’s hadden helpen opbouwen, opgezadeld met een probleem. Ze mochten van de toenmalige bezetters geen vliegtuigen meer produceren. Maar hadden nog wel een aardige staf personeel. Gezien de chaos en armoede in die periode besloten veel fabrikanten om zich dan maar te storten op de bouw van vervoermiddelen die zouden kunnen voldoen aan een verwachte vraag in de jaren van de heropbouw. En zo zag je ineens driewielige voertuigen voor mkb-ers op de markt komen als de Goliath en Tempo, maar ook een hele reeks piepkleine personenwagens. Vrijwel steevast uitgerust met een tweetaktblokje van een beperkt vermogen, veelal ontwikkeld vanuit motorfietsmotoren.
Ondanks de nogal kleine buitenafmetingen waren die wagentjes mateloos populair en prestaties deden er vrijwel niet toe. De fabrikanten die wel grote auto’s gingen bouwen als BMW en Mercedes kwamen er al snel achter dat slechts zij die bij de overheid werkten of ergens nog wat zwart geld hadden liggen in staat waren hun wagens af te nemen. De gemiddelde Duitser moest het doen met zo’n dwergauto. Zundapp heetten die, Trojan, Messerschmitt, Heinkel, Goggomobil of Isetta. Als we met onze huidige ogen naar die karretjes kijken moeten we vaak toch wat glimlachen. Hoezo veiligheid? Hoezo uitstootwaarden? Nee, daar deed men in die jaren niet aan. Bij sommige van die wagens was de voorkant van de carrosserie ook meteen de toegangsdeur.
Inclusief meescharnierend stuurwiel. Bij de Messerschmitt Kabinenroller kreeg je een opzij klappende plastic kap, zoals bij een vliegtuig uit die tijd. Soms bood men auto’s aan met bankjes die ruggelings tegen elkaar aan waren geplaatst. Een op het oog ‘echt autootje’ kwam bij Goggomobil vandaan. Dat zag er uit als een normale auto, maar dan te heet gewassen. Het piepkleine motortje hing achterin. Hij was taai en tegenwoordig als klassieker nog gevraagd ook. Het ding bleef van 1954 tot en met 1969 in productie. Directeur Hans Glas was wel zo slim om er een paar varianten op te bouwen, zoals een aardig ogende Coupe die weer een eigen doelgroep bediende.
BMW nam op enig moment de licentierechten op zich van de wonderlijke Italiaanse Isetta en redde daarmee haar eigen voortbestaan. Het kleine ding kwam in 1951 bij de Beierse fabrikant in de verkoop en bleef dat tot en met 1962. Twee mensen konden er in mee, plus een klein koffertje. De toegangsdeur zat ook hier voorin en de aandrijving was even bescheiden als bij de concurrentie. Met 12 pk haalde je net de 85km/u. Maar bedenk maar eens dat hele volksstammen er mee werden bediend. Ook in ons land zag je ze regelmatig rijden. Wagens die mensen kochten om niet afhankelijk te zijn van een bromfiets of scooter. Je zat droog en kwam ook op je vakantiebestemming. Toen het in Duitsland en ook in Nederland steeds beter ging kochten mensen grotere auto’s als de VW Kever, de Opel Olympia of Skoda Octavia. Wagens die stuk voor stuk overtuigden met meer rijcomfort en dynamiek, maar vooral ruimte. De dwergauto’s verdwenen. Enkele exemplaren bleven bewaard, anderen gingen verloren in de loop van de tijd. Maar ik denk dat heel wat mensen er met nostalgische gevoelens naar zullen kijken. Vandaar dit verhaaltje…(Beelden: Internet/Yellowbird)
Elk jaar gaan we met onze Soester vriendjes even op en neer naar een van de Duitse kerstmarkten. We hebben er intussen al een hele reeks bezocht. Düsseldorf (2x), Duisburg, Essen, en dit jaar voor het eerst met hen samen naar Aken. Deze oude keizerstad is een van mijn favoriete steden geworden en in de afgelopen jaren zijn vrouwlief en ik er diverse malen heen gereden. Al dan niet i.c.m. een overnachting daar. Dit jaar was het zelfs onze tweede keer dat we daar waren. De vorige maal was in het warme voorjaar, deze maal was het er buitengewoon koud. En dat is bij zo’n bezoek aan een kerstmarkt eigenlijk wel lekker. Want huiverend van de kou een Gluhweintje wegwerken heeft wel iets. De stad is leuk verlicht, de kerstmarkt, het Ratthaus en de Dom zeker ook en de sfeer is daar gezellig.
De Kerstmarkt op zich is niet de grootste onder de Duitse steden maar door het compacte karakter is hij wel heel overzichtelijk en goed te behappen. De omliggende winkels en horeca doen de rest. Mijn vaste adresje daar is de winkel van Hunerbein. Voor trein- en modelliefhebbers een must. Je weet echt niet waar je kijken moet en de mensen zijn er aardig en hulpvaardig. De Mayerische Buchhandlung is er ook zo een. Lekkere zaak is ook de Galleria Kaufhoff waar je zo heerlijk een stukje taart met een warm drankje kunt halen in het warme en fraai versierde restaurant. Het nieuwe winkelcentrum (aan de andere kant van het centrum, als je het bekijkt vanuit het oude stadhuis) is een aanwinst. Vier enorme etages winkels en horeca, inclusief toiletten en zo meer. Het heeft de stad echt verrijkt.
Wat leuk blijft is ook dat in het centrum een paar oude kerken te vinden is die de katholieke sfeer van deze omgeving nog even benadrukken. Jammer dat je voor de oude Domkerk moet betalen om erin te mogen. Dat is voor mij tegen de principes. Doe ik niet. Een kerk moet gratis toegankelijk zijn! Maar goed dat is voor de kniesoren. Verder is er keuze genoeg als je even in alle rust wilt nadenken over hen die even geen plezier in hun leven hebben nu of grote zorgen uiten over hun gezondheid. Ons hotel (Mercure Europa Platz) was van de degelijke, goede soort. Comfortabel bed, puike douche, heerlijk ontbijt en een geweldige staf maakten de overnachting tot een genoegen.
We hadden op de weerradarapp gezien dat onze terugreis wel eens ‘avontuurlijk’ kon worden. Twee enorme fronten met hagel en sneeuw kwamen recht op ons af, dus het werd een kwestie van goed timen. De eerste rit ging naar het noorden door het Duitse land naar Heinsberg. Dat ligt ter hoogte van Roermond en heeft zelf nog wel een aardige reeks winkels waar je even kunt zorgen voor aanvulling van de Duitse boodschappen. Daarna staken we de grens over en kwamen terecht in heftige sneeuwval en felle wind tegen. Best avontuurlijk. Maar alles opgeteld was het wel weer een lekker bezoekje aan deze fijne Duitse stad. Mooie traditie en de dank aan de vriendjes is dan ook groot. Want die dragen elk jaar toch bij aan de sfeer. En zo worden deze trips tot zeer gewaardeerde tradties.😊


Elk jaar kijk ik graag een beetje terug naar wat we zoal deden in zo’n kalenderjaar als het huidige. Omdat een mens zoals ik dat ben, zoveel onderweg is en niet schroomt om dan even een paar uurtjes rond te rijden in ons land of daar buiten. Het ene jaar reiken of reizen we dan soms verder dan in het andere. Door de jaren heen hebben we zo heel wat plekken leren kennen die we normaal nooit zouden hebben gezien of bezocht. Je moet er iets voor over hebben, maar dan leer je de leukste plekken in binnen- en buitenland goed kennen. Dat doen we overigens ook per trein, bus, fiets of gewoon lopend hoor. De auto is er voor de andere stekjes die we op de agenda zetten. Ik zet ze toch eens achter elkaar. Geteld tot eind medio november dit jaar…
Duivendrecht, Mijdrecht, Haarlem, Aalsmeer, Weesp, Wormer, Purmerend, Volendam, Amstelveen, Naarden, Uithoorn, Almere, Diemen, Sassenheim, Noordwijk, Katwijk, Rijnsburg, Goudswaard, Roosendaal, Oud-Beijerland, Hoofddorp, Soest, Hilversum, Baarn, Bunschoten/Spakenburg, Soesterberg, Eemnes, Leiden, Schiphol, Kleve, Hoorn, Breukelen, Dongen, Eindhoven, Vught, Zuid-Beijerland, Zierikzee, Abcoude, Heinsberg, Amstelhoek, Woerden, Ter Aar, Oude Meer, Waddinxveen, Zwanenburg, Bocholt, Deventer, Twello, Teuge, Voorthuizen, Den Bosch, Utrecht, Bilthoven, Lelystad, Harderwijk, Hardenberg, Nordhorn, Denekamp, Scharendijke, Ouddorp, Valkenburg (ZH), Rosmalen, Wijk en Aalburg, Heusden, Woudrichem, Gorinchem, Leerdam, Edam, Beek (GLD), Hendrik-Ido-Ambacht, Nieuw-Lekkerland, Zeewolde, Driemond, Aken, Heerlen, Herzogenrath, Geldern, Zwolle, Laten, Lage en Hoge Vuursche….
Natuurlijk hebben we soms echte en serieuze redenen om die plekken te bezoeken. Een markt, vrienden, familie, musea, speciale winkels, bedenk het maar. Soms kwamen we er ook zo maar toevallig langs en besloten er dan toch maar even een kijkje te nemen. Het is ook slechts een aardige doorsnede van onze reislustigheid in deze vaderlandse streken of net achter de grens. Sommige plaatsen bezochten we diverse malen, andere slechts een enkele keer. Kan volgend jaar zo maar anders zijn. En de score van dit jaar wijkt weer voor 50% af van die in vorige jaren. Daarbij, vrouwlief en ik reizen soms ook nog wel eens apart ergens heen. Ook dat moet kunnen. Hoe dan ook, we zijn op onze manier lekker druk en dat is ook een oorzaak voor soms wat minder aandacht voor het geschrevene op dit en uw blogs. U wilt mij wel vergeven mag ik hopen? De auto wacht al weer….een volgende bestemming lonkt…
Wie mij de afgelopen tien jaar heeft gevolgd als lezende blog fan zal het niet zijn ontgaan dat ik voor mijn (steden)trips graag richting het Duitse land afreis. Dat is vaak gevolg van de combinatie; land, steden, winkels, eten, gastvrijheid en bereikbaarheid. Met een beetje geluk rijd ik binnen twee uur de meeste van de ons geliefde bestemmingen zo aan vanuit onze Hoofdstad. Halverwege september dus weer eens naar Aken. De oude Karelstad ondergaat een metamorfose. Men pakt de oude binnenstad flink aan en volgt daarbij de trends uit de andere grote Duitse steden op het gebied van winkelfaciliteiten. Eind vorig jaar ging een nieuw overdekt winkelcentrum open dat een enorme aanwinst is voor de stad die de laatste jaren wel wat kraakte in de economische jas door de crisis etc. Wij zagen door de loop van de jaren heel wat van oudsher bekende winkels verdwijnen en de lege panden niet meer opgevuld worden. Zo raakte je dan bekende namen kwijt zonder dat er veel voor terug kwam. Maar met de komst van dat nieuwe centrum is dat in een klap opgelost.
Prachtig gebouwd (men deed er ook een paar jaar over) en voorzien van etages vol winkelplezier, maar ook een breed aanbod van horecazaken. Waar je terecht kunt voor allerlei voedsel uit de hele wereld. Wij aten er heerlijk Indiaas, maar dat had ook Chinees, Turks of Japans kunnen zijn. Bedenk het en het wordt aangeboden. Betaalbaar en zeer smakelijk. Er is (logisch) veel bewaking aanwezig en ook de schoonmaakploeg doet haar best alles tiptop in orde te houden. Toiletten zijn er ook, jammer dat je daarvoor tenminste 50 cent per persoon moet betalen aan een (buitenlandse) chagrijnige dame. Maar het moet gezegd, verder is dit winkelcentrum een aanwinst. Aken pakte ook uit met allerlei culturele evenementen. Men was even hoofdstad voor allerlei digitale congressen en er liep een zomers festival vol muziek en speciale markten.
Voor ons trouwens minder interessant. Wij waren meer bezig met onze vaste adresjes op het gebied van liefhebberij en kleding. Maar het totaalpakket is zo plezierig dat je er graag terugkomt. Aken is een leuke en mooie stad. We kennen hem door de vele bezoekjes in voorgaande jaren en dat helpt bij het vinden van de juiste plekken. Parkeren deden we in een Parkhaus onder een groot hotel. Hele dag voor zeven hele Euro’s. Ook dat is aantrekkelijk i.v.m. andere steden. U snapt het wel, we genoten. En dat komt dus mede doordat het aanbod van winkels nu flink groter is dan het ooit was. Oud werd ingeruild voor nieuw. Maar wie zijn weg kent zal verslaafd raken aan deze stad. Die nu al druk is, want er komen veel (Limburgse) Nederlanders en Belgen die de stad ook waarderen om zijn gastvrije manier van bezoekers verwennen. Er zijn helaas ook wel heel wat zwervers te vinden. Bescheiden zittend bij hun hoedje of petje. Meer dan ik me van vroeger kan herinneren. Maar dat is een verschijnsel dat je in Duitsland wel meer ziet. Wir Schaffen Dass heeft kennelijk ook zo haar schaduwkanten.
Precies een jaar geleden reden we met onze nieuwe aanwinst vanuit het Overijsselse Rouveen in de richting van Almere om onze nieuwste rijdende aanwinst in fonkelnagelnieuwe conditie even te laten zien aan onze lieve vriendin daar. Na 2,5 jaar met een zilvergrijze driedeurs was het tijd voor een nieuwe vijfdeurs. Uitvoering qua deuren en kleur met dank aan vrouwlief die bij de vorige nog wat had gezwegen. Die vijfdeurs uitvoering bleek in de praktijk een stuk handiger dan de vorige driedeurs. Ook al deden we daar ook dingen mee die de ontwerpers vast niet voor mogelijk hadden gehouden. Intussen is de kilometrage aardig opgelopen en heeft ook de blauwe er heel wat ritjes opzitten naar verre Duitse of Nederlandse dreven. Tegen een gemiddeld brandstofverbruik van 1:19, wat voor een benzineauto in mijn rijstijl best een groot compliment is. Dat de auto cruise-control heeft blijkt in de praktijk zeer handig. De airco zorgt voor plezierige omstandigheden en het veercomfort is wat beter dan bij de vorige versie die 1,5cm lager op zijn wielen stond.
Dat hield in dat je dan als een slak over verkeersdrempels heen moest, dat is bij de blauwe beter verzorgd. De radio kent ook twee boxen meer dan bij de vorige auto van hetzelfde merk en ook dat werd in dank aanvaard. Jammer is wel dat het merk en haar moederconcern niet in staat is om zelf stootstrips of spatlappen te leveren. Die laatste dingen lijken ouderwets, maar wie weet hoe snel de achterkant van het vlotte karretje aanslaat weet dat je dit met een paar van die rubber beschermplaatjes zonder problemen kunt oplossen. Maar ja, wat niet is kan nog komen. Het onderhoud deden we bij de garage die het dichtste bij onze woonstek is gelegen. Een technische instelling met grote mate aan servicegevoel. Naast het reguliere onderhoud moesten ze me een keer helpen. Omdat ik een voorband lek had. Lek door een schroef die diep in het rubber geboord bleek. Dat moest even opgelost. Intussen is de reparatie daarvan alweer 5000 km geleden.
Het gaat hard, ook met de blauwe, ook al gaat het minder snel qua kilometers dan bij de zilveren voorganger die ook nog deels zakelijk werd benut. Dat scheelde toch flink wat kilometertjes per jaar. Voorlopig kan het nog even, de garantie duurt nog drie jaar (..) en het ding doet al rijdend geen slag verkeerd. Het lijstje bestemmingen waar hij al geweest is groeit. Ik ben zelf altijd verbaasd wat we met die compacte blauwe allemaal hebben bekeken. De zilveren reikte al verder, maar ja, baas boven baas. Ik wilde het maar even memoreren. De jarige kreeg een wasbeurt voor de velgen. Dat moet het maar zijn voorlopig. Zoals mijn jeugdvriend Fons ooit uitlegde bij het wassen van de door zijn vader geexploiteerde huurvloot auto’s die ik mocht helpen (..) schoonmaken, velgen, banden en ramen schoon = auto schoon! En daar houd ik me dan maar aan. En ga verder op de ingeslagen weg….


Zoek maar eens op; het Wartburg-college. Een puur Hollands reformatorisch bolwerkje in een omgeving waar het bijbelse geloof nog deel uitmaakt van de dagelijkse gang er dingen. Reformatorisch in de ware zin des woords. Lange rokken, ongeschoren vrouwenbenen en zeker geen lange broeken voor de meiden-leerlingen. Maar ook gewenst keurige aankleding voor de jongens en een onbesproken gedrag voor de leerkrachten. Onbesproken als in, de ware zin van het daar als basis dienende geloofstrominkje onderschrijven en niet afwijken van de (niet zo heel goed gedocumenteerde)schoolregels. Of zelfs maar de indruk wekken dat te willen doen. Op zich niks mis mee, maar net als bij sommige politieke stromingen (denk aan D66) zijn principes aardig voor de buhne, ze zeggen weinig over hoe mensen zich binnen die doctrine dan gedragen. Barmhartig? Nee! Inlevend? Nee! Christelijk? Nee! Men liegt en bedriegt als het zo uitkomt en zoekt naar wegen om mensen die wellicht 1% van de koers afdwalen tot de orde te roepen of zelfs te ontslaan.
De stroming zelf moet in stand gehouden worden en die ‘ene’ uitleg van de bijbelse woorden zoals men die daar beleeft telt als de enig ware. Nu ben ik zelf ooit streng katholiek opgevoed. En in die opvoeding zat ook de afwending van hen die zouden of waren gaan dwalen, afvalligen van de enige Heilige Moederkerk. Je speelde niet met protestantse (..) kinderen en heidenen waren helemaal uit den boze. Dit om de interpretatie van de enig juiste woord in perspectief te plaatsen….. Die naam Wartburg komt overigens voort uit het oosten van Duitsland. Voor autoliefhebbers zoals ik is het meer een verwijzing naar een reeks typische Oostblokmodellen met een pruttelende tweetaktmotor die hun naam ook al dankten aan dat kasteel met die naam. Maar die zelfde naam van dat bewuste kasteel kende nog een historisch diepere betekenis en vermoedelijk dankt deze school in het Dordtse zijn naam en faam daar aan. Ooit was er de ketter Maarten Luther. Die was het gedoe in de toenmalige katholieke kerk zat en spijkerde wat stellingen aan een kerk in het Duitse Wittenberg. Hij werd er voor vervolgd door de Roomse inquisitie. Immers, afwijkingen van de leer van de kerk van Petrus, hoe corrupt ook, werden niet op prijs gesteld. Ik druk me daarbij nog mild uit.
Luther moest vluchten en kon uiteindelijk terecht op het kasteel van een hem goed gezinde vorst. Op de Wartburg. Hij verschool zich daar voor zijn verantwoording en ging wat andere zaken doen. Kortom, die naam Wartburg moet alleen daarom al beschermend werken, verwijzend, verwarmend bijna. Nou, niet als je er werkt(e) en van die ene procent van de leer afweek. Dan blijkt dat de nakomelingen van Luther in naam veel lijken op de oude inquisitie en echt elk middel gebruiken om jou te excommuniceren. En dan blijkt ook dat ze de mazen in de wet weten te vinden om je te dumpen. Ik ben dan zelf al snel in staat tot rituele moorden, maar ja, dat mag niet volgens de tien geboden. Maar kruizigen mag wel toch? Laten we wel zijn, dat deden de Farizeeers met Jezus, trouwens, samen met de Romeinen. De Wartburgers deden dat onlangs met iemand die mij na aan het hart ligt. Samen met hun buitengewoon enge jurist. Afgescheept met een financiaeel schijntje, en daar dan ook nog ruim anderhalf jaar over steggelen. Je zou ze ophangen aan hun………
Maar goed. We blijven een soort van fatsoenlijk. Denk bij Wartburg dus maar liever aan die Oostduitse limousines. Die waren stuk voor stuk van een betere kwaliteit dan het schoolbestuur bij dit college. Wil heel wat zeggen. En je kreeg er nog garantie bij ook. Ook dat is in deze bijbelse kringen onbekend. Kortom, eigenlijk gewoon afvalligen, en als het er op aankomt!? Gewoon heidense methoden! Niks christelijks aan te ontdekken! Jezus zou zich diep schamen voor zulke volgelingen. Gelukkig heb ik de echte gelovige christen in het lijdend voorwerp gedurende al die maanden van onzekerheid zonder moeite kunnen ontdekken. En die werkt (gelukkig) niet meer op het Wartburg. Dat is een ballentent! (Mijn mening slaat in dit geval uiteraard op de leiding, de directie, de mensen die daar vroeger de leiding hadden en allen die nu de handen in schijnheilige onschuld wassen….)