Afhalers….

Afhalers….

Neem van mij maar aan dat ik mijn weg op onze nationale Luchthaven Schiphol normaal gesproken wel aardig kan vinden. Maar ik geef toe, in het gebied rond de aankomst/vertrekhallen kom ik meestal liever niet. Zeker niet met de auto. Wij zijn hier waar wij wonen voorzien van een prima busverbinding met Schiphol en als het echt moet kan het ook met de trein nog wel, dus dan laat ik de auto voor reizen naar/van Schiphol liever thuis. Die gebruik ik uiteraard wel weer als ik in de periferie van het vliegveld langs een van de startbanen mijn geliefde spotters/fotowerk wil doen. Hoe dan ook, vrouwlief was op reis tijdens die vorige maand en die trip was ver weg en duurde vele dagen. Samen met een van onze kinderen. Ze genoten, maar werden daar beide ook flink verkouden in dat verre land. De berichten per app (wat is dat toch een geweldige uitvinding) waren zodanig dat ik besloot om hen alsnog per auto op te pikken zodat ze met de bagage niet hoefden te sjouwen.

Daarbij, Code Geel was in onze streken weer eens afgekondigd, hevige regen en wind teisterden huis en haard. De grote blauwe Boeing waarmee zij reisden kwam desondanks keurig op tijd aan. Een uur later stonden ze met de koffers in de aankomsthal. Ik kon komen. Dat deed ik. En reed dus mijn automatische ritje naar de Aankomsthal. De borden verwezen me op enig moment ‘linksaf’. Waar ik voor gesloten spoorbomen zonder spoor stond. Ingang van een parkeergarage waar ik tegen een giga tarief per uur de auto kon neerzetten. ‘Dacht het niet’ zei ik nog tegen mijzelf.

Dus terug naar af, weer een ronde over die luchthaven en dan maar via een andere (mij bekende) weg naar die aankomsthal waar de dames intussen ongeduldig en snotterend wachtten. Maar wat ik ook deed, ik kwam niet bij die hal van bestemming. Uiteindelijk een allochtone bewaker van dienst maar even gevraagd. ‘Neeee mag niet, andere auto volgen…..naar Vertrekhal…daar parkeren’ was wat ik begreep uit zijn woorden. Dus, gas op de plank, weer helemaal rond en dan de borden Vertrekhal volgen. Eenmaal daar in een kluwen van vertrekkende en aankomende passagiers de auto zien te parkeren en de dames waarschuwen. ‘Je moet naar boven want die klojo’s van Schiphol willen niet dat ik jullie beneden op pik’. En aldus geschiedde. Na een kwartier sjouwen met hun tassen en koffers vonden zij mijn fraaie Tsjech met mij er naast in regen en wind en kon ik de geliefde passagiers met lading inladen. Dwars door de drukte weer terug naar de snelweg….. Een erg slechte beurt van de luchthaven. Echt, ik snap niet dat je dit zo regelt. Klantonvriendelijk is nog een te fraaie term hiervoor. En volgende keer neem ik wel weer de bus, moeten we onderweg maar overstappen in de auto waar het wel gaat. Gelukkig bleek die reis de moeite waard, net als de voor mij meegebrachte souvenirs. Dat maakte toch wel veel goed….. Maar dat lag niet aan Schiphol. Integendeel…(beelden: Archief Yellowbird)

63…

63…

Ja ja, een verjaardag…opnieuw…maar niet de mijne…Wel een die een grote invloed had op mijn verder leven en functioneren. Op 20 december 1960 besloot ik dat ik op ‘volwassen’ manier om moest gaan met mijn liefhebberijen, die toen net als nu bestonden uit de wereld van de luchtvaart en die van de automobielen. Ik dacht dat ik met die stap ook zelf echt volwassen werd. Ach, wat wist ik eigenlijk nog, een melkmuiltje met een grote bek, maar ook zeker van zijn toekomst. Een toekomst die een carriere in zou houden die weliswaar iets anders verliep dan toen bedacht maar toch langs bepaalde lijnen deed uitkomen wat ik als zeer jong mens al voor me zag.

Terugkijkend verbaast het me nog steeds dat ik met een vloot Dinky Toys en plastic vliegtuigjes al zodanig bezig was met een ‘eigen bedrijf’ dat ik langs die lijnen ook de volwassen toekomst in kon reizen. Bij vrienden uit de straat of naaste familieleden kon ik bij die keuze slechts rekenen op een glimlach of (pak weg) enig begrip, maar men vond me vooral ook een bijzonder menstype.

Veel leuker om maar te zien hoe die toekomst op je af zou komen was het credo voor de meesten toen. Bij de een lukte dat beter dan bij de ander overigens. Ik volgde het pad dat ik zelf in de bol had geprogrammeerd en werkte me op tot ik directeur was van een bedrijf en later zelfs zelfstandig ondernemer om zo mijn eigen bureau te bestieren dat de naam droeg van dat miniatuurbedrijf wat ik lang geleden op een tafel in de eetkamer had opgezet. Die datum en verjaardag zijn symbolisch natuurlijk, maar wat volgde had toch zijn weerslag op wie ik nu bent en wat ik zoal aan ervaringen op deed. Bij die ervaringen ook teleurstellingen uiteraard.

Soms moet je accepteren dat je een geweldige manager kunt zijn maar een wat mindere ondernemer. Dat je meer creatief bent dan economisch ingesteld. Dat je bedreigingen minder moet leren zien dan uitdagingen. Door ervaring leert men. En je leert ook dat niet iedere zakenpartner of klant per definitie te vertrouwen is of dat opdrachtgevers en/of afnemers je soms laten zitten met een aardige financiele opduvel. Alles meegemaakt en dat had dat ventje van toen nog niet helemaal door. Geen ondernemers in de familie, wel veel vrijgevochten types. Ik was en werd dat nooit. Zat en zit toch niet in de genen. Dat ‘bedrijfje’ van toen werd een echte onderneming en is nu de Geuzennaam voor mijn collectie. En dan mag je het vieren toch? Nou dat doen we…taartje, drankje….maar wel morgen. Want een traditie moet instant gehouden worden….Proost…..op mij… (beelden: Prive)

Pijnlijke relativering..

Pijnlijke relativering..

Onlangs kreeg ik weer een klap met een stevige hamer op de kaal geschoren bol. Figuurlijk, niet minder pijnlijk. Ik kwam op die klap eerder al terug terwijl de mixed feelings nu nog maar nauwelijks zijn bedaard. Maar het bracht me meteen ook aan het denken over hoe je langzaam maar zeker afscheid blijft nemen van mensen met wie je toch een al dan niet behoorlijk stuk van je leven bent opgetrokken. In mijn verleden zitten er heel wat met wie ik de nodige avonturen beleefde, die uitzonderlijk waren op hun eigen wijze en soms met een totaal andere levenswijze dan ik die bezat of bezit, maar daardoor juist zo aardig of interessant bleken.

Decennia geleden alweer startte de opbouw van mijn sociale netwerk aan familie en vrienden waarmee ik o.a. in de sfeer van interesses of beroep heel wat van die leuke zaken beleefde. Op oude beelden komen er veel van voor. Maar net als ik werden of worden ook die nu wat ouder en verliezen soms de nodige glans. Mankementen, ziekten, zelfs de dood bleven hen niet bespaard en ook veranderde soms hun leven door verlies van een partner of het samenkomen met een nieuwe die net even anders in het leven staat of stond.

Hoe dan ook heeft en had dat gevolgen voor de kring om ons (mij) heen. Van sommigen had ik het idee dat die straks na mijn eventuele verscheiden een rol zouden spelen bij de verdeling van mijn hobby-gerelateerde boedel aan museale collecties (deels al opgeslagen). Maar het lot maakt soms dat al die plannen vermoedelijk totaal moeten worden aangepast. En dat komt binnen. Zelfs bij mij. Ik ben door de jeugd uitgerust met een aardig pantser dat zo nodig de negatieve emoties buiten de deur houdt en waar dat niet lukt kakel ik het van me af bij of met mensen die dat aankunnen. Maar onder dat pantser knagen die emoties toch ook aan mijn optimisme en zelfvertrouwen. En dat bleek onlangs weer aardig pijnlijk toen die mokerslag van een heftig verlies me trof. Mijn zekerheden onderuit, mijn plannen verstoord, mijn controle even kwijt. Daar kon mijn ingebouwde creativiteit voor een paar momenten niet tegenop. Oude foto’s bewezen opnieuw hoeveel van de toenmalige groep lieden uit de tijden van Miniatuur Luchtvaart Wereld, de Stichting ter promotie van de Luchtvaart (Fidimo), dat aardige luchtvaartblad (Stabilo) dat we toch maar liefst 25 jaar uitbrachten, en zo meer, allemaal zijn gaan hemelen. Soms helemaal niet zo oud geworden als ik dat zou wensen. Anderen op wat hogere leeftijd. Stuk voor stuk lieden waarmee het goed vertoeven was. En waarmee ik soms ook de nodige vlieguurtjes door bracht. In binnen- en buitenland. Allemaal verdwenen. Net als die familieleden die je niet kwijt wilt maar toch uit je leven vertrokken met niet eens een gevulde koffer bij zich. Het leert relativeren. De mens wikt, de natuur beschikt. Maar dat maakt het niet leuker of acceptabeler….Integendeel.(beelden: prive)

Cees….

Cees….

Ik had gelukkig nog net de tijd om afscheid van hem te nemen. Ook al hield hij daarbij zelf vol dat hij nog van alles moest regelen. De notaris, zijn collectie en wat dies meer zij. Maar het mocht niet zo zijn. Cees is overleden. Gisteren, zijn lijf gaf het op. Binnen vier weken van een eerste doktersconsult naar het definitieve einde. En dat geeft een knock-out gevoel. Immers, ik kende hem vele decennia. Ooit begonnen op een bankinstelling waar hij door mijn jeugdige komst daar een plekje opschoof in de toen heersende hierarchie. We deelden onze passie, vliegtuigen, en er ontstond een vriendschap. We deden van alles om aan die hobby tegemoet te komen. We bouwden vliegvelden, vliegtuigen, maar zetten ook een aantal bladtitels op, waarbij Cees zijn creaviteit op tekengebied benutte. Want dat kon hij. Van vliegtuigen tot logo’s. Onze vrouwen kwamen, en die mochten elkaar ook dus die vriendschap werd ook uitgebouwd. Kinderen, verhuizen naar andere oorden. De afstand werd wel groter, maar als we mekaar zagen of spraken was het goed. Niks mis mee. Cees ging na de bank via via naar de overheid. Bouwde zich een carriere bij de Rijks Luchtvaart Dienst op Schiphol, terwijl ik daar zelf een gebouw verderop mijn weg zocht en vond in de commerciele en operationele kant van het logistieke wereldje. Zagen we mekaar weer regelmatig….

We deelden samen ook een rol in een Stichting die luchtvaart promotie bedreef, inclusief een uitgave die we van de eerste teksten tot de distributie zelf regelden. Exposities voor eerst een paar honderd mensen, later voor duizenden. Cees wist altijd wel iets speciaals te regelen als we dat nodig hadden. Of hij stond een stuk van de op te bouwen stand te schilderen. Maar hij vergat nooit dat hij ook nog een partner of familie had, kinderen, ooms, tantes, vrienden, buren. Als ergens een crisis dreigde of ontstond, Cees stond voor ze klaar en regelde van alles en nog wat. Hij werd later, na zijn werkende leven aangesteld als beheerder van een speciaal op de RLD gericht museum. Weer wat later, toen die rijksdienst een zgn. geprivatiseerd leven moest leiden, regelde hij opnieuw dat onderdelen van de museale collectie werd gedeeld met het Aviodrome op Lelystad waar dat spul nog steeds uitgestald staat. Een week of vier geleden ging er iets mis. Hij voelde zich niet lekker. Doktersbezoeken en analyses maakten duidelijk dat het goed ‘mis’ was. De realisatie was verbijsterend. Ook voor mij. Cees staat in mijn testament. Hij kon goed regelen dus zou dat bij mijn verscheiden vast ook doen. Nu is het omgekeerd, en dat was niet de afspraak. Een goed en mooi mens verdween van onze Aarde. Wellicht dat hij nu boven de wolken de andere inmiddels definitief opgestegen lieden uit de actieve luchtvaartclubs waartoe wij beiden ook behoorden tegen zal komen. Ik hoop het oprecht. En als het na nu ineens mooi weer wordt, wellicht tegen de verwachting in, dan is Cees ook boven actief. Zoals we hem kennen. Voor de nabestaanden rest een woord van sterkte en hopen dat het gemis een plekje krijgt. Maar dat zal lang gaan duren. Als dat voor mij al geldt…. (beeld: Cees bij een DC-2 in het Nederlands Transport Museum)

Smullen bij de Witte Bergen..

Smullen bij de Witte Bergen..

Ik neem de lezer graag even terug naar de Dierendag van vorige maand. Die dag vieren wij meestal buiten de deur, zonder de dieren thuis verder iets te kort te doen. Op die datum namelijk, lang geleden alweer, trouwden wij en dat vieren we samen veelal in alle bescheidenheid. Grote feesten zijn aan ons niet besteed, we doen dat graag even samen. Dus reden we die dag begin oktober rond in het Gooi. Wandelden over de hei, rommelden wat in onderweg tegenkomende winkels, bekeken leuke plaatsjes en besloten een lekkere lunch te nemen in Hotel-Restaurant de Witte Bergen. Een onderdeel van de Van der Valkketen, wat inhoudt dat wat je eet vaak lekker is en redelijk betaalbaar. Dit filiaal van de Toekanfamilie ligt sinds jaar en dag aan de snelweg A1 bij Hilversum.

Het was er bij ons bezoek als altijd druk, zakenmensen ontmoeten elkaar hier, er wordt door de mediawereld nog wel eens wat vergaderd en mensen met een goede band op welk terrein ook vinden elkaar in de anonimiteit van de drukte. Druk is het vooral ook op het parkeerterrein naast het spulletje. Maar eenmaal de auto veilig weg gezet is het binnenshuis redelijk goed mogelijk om een tafel te scoren die voldoet aan de verwachtingen. Wij zaten aan het raam, de A1 loopt er vlak langs en dat is best een aardig verzetje als je elkaar niks meer te vertellen hebt. Nu komt dat bij ons vrijwel nooit voor hoor, wij kakelen ons wel door de dag heen, maar toch…. De bediening werd verzorgd door een stevige dame op enige leeftijd, maar die deed dat met verve en humor. Bij zo’n gelegenheid net de juiste toon voor ons. We kozen een Twaalfuurtje, lekker drankje er bij, niet te veel, maar net vet genoeg om er extra van te genieten.

De wachttijd op het bestelde eten was niet te lang, we luisterden intussen deels mee met de gesprekken om ons heen. Van de miljoenendeals die over tafel vlogen bij de twee zakenmannen links van ons tot de verhalen over Tante Jo en haar nieuwe lover achter ons. Blijft leuk bij Van der Valk die diversiteit. Grappig genoeg was duidelijk dat toen wij eenmaal waren uitgegeten het restaurant intussen half leeg was gelopen. De lunchgasten verdwenen. Rust weergekeerd. Dus nog maar een bakkie…. De dame bracht het met een glimlach en veel snelheid. Zij kon er wat van. Na afrekenen nog even de toiletten bezocht. Die bevinden zich in een onder-etage naast de lobby van dit bekende hotel. Keurig netjes, zoals je verwacht. Niks mis mee. Kortom, een plezierig bezoek aan een van oudsher bekend adres. Het was voldoende voor onze stemming van die dag. Groots vieren gaat aan ons voorbij zoals gezegd en samen is een blijft toch wel overeind. Van der Valk krijgt van ons een prima 9 voor wat we hier hebben ervaren. Prijs/kwaliteit klopt, ambiance druk maar eigenlijk ook wel gezellig. Alleen dat parkeerterrein, dat is wel een dingetje. Want als ik geen parkeerplek had kunnen vinden was ik hier wel doorgereden. Maar goed… (Beelden: Internet/prive)

Fladderen…

Fladderen…

Intussen honderden vlieguren verder moest ik onlangs bij het zien van een oude foto ineens terugdenken aan die eerste keer dat ik samen met vrouwlief (toen nog lieve vriendin..) het luchtruim koos in een piepkleine Piper TriPacer. We praten dan over heel lang geleden. Ik had net zelf twee keer gevlogen in een rondvluchttoestel van Martin’s Air Charter boven Amsterdam en had dus al de nodige vliegervaring (..) maar de liefde voor al dat vliegende spul maakte dat ik graag meeging in de uitnodiging van iemand van de bankinstelling waar wij toen werkten die zijn uurtjes met dit sportkistje wilde onderhouden.

Tegen een geringe vergoeding konden we op een wat kille aprildag mee vanaf het grasvliegveld bij Hilversum. Mijn oudere broer Rob nam ik ook mee, net als een collega uit die tijd zodat de piloot twee vluchtjes kon maken en wij op dat vliegveld konden genieten van de sfeer en wat er zoal in de hangar van dat veldje stond opgeslagen. De Piper Tripacer was een piepklein toestel, je kon er net met drie man inzitten en met het wat iele motortje voorin was het een wonder dat hij zich op enig moment los maakte van het altijd wat drassige vliegterrein.

We vlogen o.a. boven Loosdrecht en Hilversum en het was een hele ervaring om te zien hoe de piloot op heel andere wijze dan ik, ‘ervaren vlieger’…, van Schiphol kende. Het vliegen in een dergelijk toestel had meer weg van fladderen dan echt vliegen maar wat was ik er gelukkig mee. Weer een vliegervaring er bij en dat sterkte alleen maar mijn verlangen om overal en altijd heen te vliegen om meer ervaringen op te doen. Nou dat deed ik. Ik schreef al die vluchten op in een soort logboek en sta achteraf versteld hoeveel keren ik heb kunnen en mogen vliegen. Van klein tot groot, want ook qua omvang kon het nog kleiner, zoals in een tweezits Piper Super Cub of Cessna 150. Maar toen was ik natuurlijk wel door de wol geverfd en wist wat me te wachten stond. Dat was indertijd tijdens die eerste keer op Hilversum wel anders. Ik weet nog goed dat we heel tevreden instapten in de auto van mijn broer Rob. Want hoewel ik nu een ‘ervaren vlieger’ was, een rijbewijs bezat ik nog niet. Dat kwam pas later. Maar daarover berichtte ik al eerder… (Beelden: archief)

Opruiming….

Opruiming….

Wie mij hier al een tijdje volgt weet dat ik mijn interesse/werkwereld aardig breed heb gemaakt. Zo breed dat zaken soms door elkaar heen liepen. Zo maakte ik van mijn passie voor de luchtvaart mijn werk om dat later nog eens te doen met de wereld van automotive. Daarna werd het de communicatie/trainingswereld die me beetpakte en zo bouwde ik naast mijn hobby-bibliotheek en andere zaken ook een aardig groot zakelijk archief op. Indertijd belangrijk genoeg om alles te bewaren al was het maar omdat de wetgever je dat verplicht, maar ik ben nu toch zo ver dat ik aan het opruimen ben geslagen.

Confronterend werkje soms. Omdat je dan ineens ook weer allerlei zaken tegen komt die indertijd vroegen om veel tijd of aandacht. Ik zie terug hoeveel werk ik maakte van aansturing en communicatie met betrokken mensen of organisaties maar ook hoe creatief ik sommige acties voor derden in elkaar stak. Soms zelfs helemaal vergeten….Maar papier liegt niet. En dan bewaar ik maar weer de nodige uitingen die wellicht later een beeld geven van een creatief mens die zijn leven lang keihard heeft gewerkt om te bereiken wat hij deed, enige vorm van welvaart, erkenning en succes.

Maar ook in al die jaren die veel zag en meemaakte, niet altijd en overal zijn stempel op kon drukken, maar wel voldoende om daar een zekere trots vandaan te halen. En dit concluderend stel ik dan maar vast dat het dit keer maar om een deel van de administratie gaat uit de afgelopen 20 jaar. Wat daar voor zat heb ik al eens beschreven hier en zal ik niet herhalen. Naast de schoenen lopen is in tijden van opruiming en overdenking niet zo handig…ahum.

Daarnaast ben ik actief met het inpakken van delen van de collecties bezig. Je kunt na je verscheiden (ik plan 100 te worden…) toch geen chaos achterlaten dus moet gestructureerd gebeuren allemaal. Is dat leuk? Nee! Want ik geniet nog van al die collecties en lectuur die ik door de jaren heen verzamelde. Daarbij komen dan nog de geschriften waaraan ik meewerkte dan wel ze zelf helemaal vulde. Zo maar weggooien is niet relevant. Nee, een museum kan er aardig mee gevuld. Helaas is een van die musea net in een vorm van transitie gesmoord. Moet verhuizen, kan geen nieuw adres vinden, dus dat stokte meteen.

Jammer maar helaas. Maar als….dan heb ik nog wel wat zaken die ze van mij mogen overnemen voor hun museale collecties. Eerst maar eens zien hoe hun businessmodel er uit gaat zien dan. Ooit schonk ik in dat kader een schitterend model van een KLM-DC-8 aan het Aviodome op Schiphol. Nou, daar belandde het zonder aanduiding van de sponsor in een donkere kelder om er op een dag, dik 30 jaar later, in Lelystad weer eens uit te komen. Nog steeds zonder aanduiding over de sponsor van toen. Dat is niet goed voor mijn ego…. Hoe dan ook, ik ben lekker druk. Met niks, en toch….Nuttig….Beter nu dan later….Het fysiek doet het nog….Je weet maar nooit….

En jij, beste lezer(es), ook zo bezig met de grote schoonmaak?? Of doe je daar echt niks aan en laat alles na voor de Zondvloed?? Ben benieuwd… (Beelden: Prive)

Afkeer van ..ismen!

Afkeer van ..ismen!

Toen we begin oktober werden geconfronteerd met opnieuw een beestachtige aanval op een democratie door moslim-terroristen met vele vele honderden doden tot gevolg wist ik het zeker. Ik heb een ingebakken afkeer van ‘ismen’. Moslim-terrorisme, anarchisme , communisme, namaaksocialisme, overtrokken kapitalisme etc. Slechts een enkel isme kan bij mij door de weerstand heen doen breken, maar dat is er dan ook een die meestal het oog streelt en het hart verwarmt. Al die andere (veelal fanatieke) groepen en sektes maken me vaak eerder zeer boos.

Wat moet ik met #iq80-types die aanvallen uitvoeren op de democratie of vrije meningsuiting? Met klimaat-extremisten of mensen die zo’n hekel hebben aan andere stammen dat ze die als het even kan in de pan hakken of verkrachten. Ik bezit sinds de moorden op #pimfortuyn en #theovangogh geen vergevingsgevoelens meer voor de dadergroepen die daar achter zitten. Ben je het ergens niet mee eens? Gewoon in discussie gaan en proberen je gelijk te behalen. Maar wie steelt, verkracht, moordt heeft niets meer te willen of te eisen. Einde oefening, afvoeren richting riool of vuilnisbak.

Tuurlijk, ik weet dat er ook onder mijn lezers mensen zullen zijn die zeggen ‘ja maar…’ en dan met argumenten komen waarom je de ene groep wel mag veroordelen en de andere niet. Iets met ethisch verheven voelen of maling hebben aan feiten die wellicht net even anders liggen dan in de eigen mening verankerd. Zo ging het ook weer na die Hamas-aanval op onschuldige Israelische burgers. Vooral in linkse kringen…’Ja maar…’.

Ook bij de gruwelijke daden van IS in het Midden Oosten waren er nog steeds lieden in ons land die meenden dat er wel verzachtende omstandigheden te vinden waren waarom je andersdenkenden mocht onthoofden of levend verbranden. ‘Ja maar’…het komt er bij mij niet meer in. Sorry. Ik ben opgevoed met de tien geboden waarin er een heel duidelijk naar voren werd gehaald, ‘Gij zult niet doden’. Dus wie dat wel doet vanuit het krankzinnige denken van een of ander zelf bedacht of tot norm verheven ‘isme’ komt wat mij betreft in de Hel. En als dat op Aarde kan, dan graag. Ik zie die zondaars graag lijden. ‘Ja maar….ze hebben ook familie en vrienden toch?’. Wat mij betreft geen argument. Wie moordt en/of martelt heeft geen rechten meer. En ontneemt die ook bij zijn wellicht onschuldige achterban. Kortom….ik sta niet achter het Zionisme voor wie dat zou kunnen denken, ik ben net zo tegen het fundamentalisme. Zeker ook aan de moslim-zijde. Als die geloven eens weg werden gehaald was er allang vrede in die gebieden waar nu alle ellende ontstond en nog bezig is. Beter is het om dat isme te belijden waar ik voor val, ook al doe ik er zelf zelden aan mee, het in vele opzichten bevrijdende nudisme. Allemaal gelijk, flink koud in de winter, maar heerlijk warm en luchtig in de zomer. Ik geef toe dat met je blote billen op een heet asfaltlaagje gaan zitten niet fijn is maar voor de ‘goede zaak’ moet het groen-extremisme (weer een) maar iets over hebben. En groot voordeel, als we allemaal bloot en gelijk zijn is het vast veel plezieriger op Aarde…. Ik wens u een ‘Isme-vrije’ toekomst toe… (Beelden: archief)

Armoede…

Armoede…

Ik stam nog uit een tijdperk waarin armoede onder normale Nederlandse gezinnen iets was dat in bepaalde lagen van de bevolking min of meer verscholen toch altijd aanwezig bleek. De na-oorlogse economie was nog niet op stoom en als de ouders niet behoorden tot de van oorsprong rijkere lagen der bevolking moest er heel hard worden gewerkt om alle monden te voeden.

Doordeweeks dus veelal schraalhans keukenmeester, in het weekend een stukje vlees naast de groenten en pudding toe. Een enkele kledingkast waarin alle kleding van de diverse gezinsleden kon worden opgeslagen omdat er niet zoveel viel op te slaan en wassen in de tobbes die in vrijwel elk gezin nog van zink gemaakt terug te vinden waren. Waren we gelukkig? In zekere zin wel. Je wist niet beter en bij de buren was het gras echt niet groener. Beter gesteld, die hadden soms helemaal geen gras. Pas in de jaren zestig begin de welvaart overal door te dringen.

Ik heb juist die periode zeer bewust meegemaakt. Radio en tv in huis, een auto voor de deur, een eigen brommer, voldoende kleding om niet met doorgeschoten spullen onderweg te moeten. Nederland leefde op. Er kwam meer en beter eten op tafel, vakanties werden genoten (wij deden dat ook al in de jaren 50 overigens..) en mensen kregen de kans te verhuizen naar de ‘betere buurten’ in en buiten de stad. Sindsdien zijn hele generaties opgegroeid met welvaart en soms pure luxe.

Totaal andere huizen, nog meer gevarieerder en beter eten, kleding voor elke dag afwisselend en soms met schoenenkasten die uitpuilen van de peperdure sneakers. De laatste nieuwe iPhone moet en als je geen merkkleding draagt wordt je de paria op de scholen waarop je tot je 25e kunt verkeren om een soort van opleiding af te maken. Daarna neem je een jaartje rust en gaat dan eens op zoek naar een baan. Liefst een waar je niet te moe bij wordt en ook nog eens top betaald. De wereld in ontkenning want intussen hebben we in Nederland opnieuw armoede. Zo erg zelfs dat velen van hen die treft terechtkomen in de bijstand, bij voedselbanken of erger.

Het vangnet van de sociale voorzieningen door welke oorzaken ook, compleet uitgerekt of leeg gegeten. Minstens 1 miljoen Neder/medelanders die dit treft. Kinderen soms zonder ontbijt naar school en nogal eens alleen thuis omdat de ouders wanhopig trachten met hard en vies werk alsnog iets te bereiken voor hun kroost. Daar geen luxe en welvaart, maar elke dag de strijd voor het bestaan. En nee, ik heb het hier niet over hen die te beroerd zijn om op te staan omdat ze menen dat zij aan unieke kwalen lijden of liever van die uitkering leven dan dat ze er voor moeten werken. Het gaat mij om hen die kansarm zijn en er echt iets van trachten te maken. Als je dan de rijkdom ziet van anderen, en nee ik ben zelf niet jaloers, is het wel schrijnend om te moeten constateren dat sommigen wel erg in de verdomhoek zitten. Of ze nu wat ouder zijn, eenoudergezinnen overeind houden of wat ook. Het is een schande. En die schande wordt alleen maar groter als ik zie waarop met name linkse stromingen inzetten in de huidige tijd. Die knokken voor heel andere doelen en doelgroepen. Bijna volksvijandig. Met die armoede tot gevolg. Reden om er nooit op te stemmen. Ik kan niet tegen namaaksocialisten. U wilt me wel vergeven. Intussen neem ik een toastje met kaviaar en drink champagne op uw aller welzijn…..:) (beelden: archief)

De eerste schade…

De eerste schade…

Ruim drie maanden reden we intussen met plezier en genoegen in onze huidige fraaie en ruime Tsjechische blauwe combi toen we onlangs op de A1 bij Muiden ineens in het drukke spitsverkeer werden geconfronteerd met een ‘UFO’. Een onverklaarbaar zwart vliegend object. Het leek het meest op een stuk rubberband of zoiets. Het caramboleerde tussen auto’s om ons heen die het zelf ook raakten en schoot daarna alle kanten op. Hoe dan ook het klapte tegen de voorkant van ons blauwtje en vervolgde toen zijn weg richting een volgend slachtoffer.

Omdat ik met 100km/u reed in baan 3 (van de 5 daar) en het verkeer om me heen als op dit imitatie-circuit gebruikelijk ‘goed doorreed’ was direct stoppen geen optie. Thuis gekomen bleek dat de grootste klap was opgevangen door de voorste kentekenplaat. Altijd zonde maar in feite viel het me nog best mee. Maar ja, ik ben ook maar een mens en die eerste schade aan deze auto voelde als pijn in het wezen dat ik toch ben. En ik droomde even terug naar de tijd dat bij elke auto die ik ooit bereed of bezat altijd op een of andere wijze schade er bij leek te horen.

De eerste daarvan altijd de ergste. Bij mijn eerste nieuwe en zelf gespaarde Skoda uit 1971 zat die premiere schade er al na enkele dagen op. Geparkeerd in de toenmalige Bijlmermeer op het zand van die pioniersperode daar, bij gebrek aan nog te bouwen parkeergarages, stond mijn rode glimmer daar ook wel wat kwetsbaar. En dat was kennelijk reden voor een of andere malloot om de auto te voorzien van een kras van voor naar achter over de hele zijkant van de Tsjech. Wordt je echt ziek van. Later kwam het bij andere auto’s in eigen bezit nog wel eens vaker voor maar in de recente geschiedenis zat ook een blauwe compacte Tsjech die echt schades door derden leek uit te lokken.

De eerste liepen we al op in Woerden toen die auto precies vijf dagen oud was. Een of andere fietser was er rechtsachter tegen aan gereden toen we hem geparkeerd hadden achter gelaten, maar liet natuurlijk geen briefje achter. Later werd de zelfde auto in Sassenheim in dezelfde deur (opnieuw gespoten) door iemand die zijn SUV kennelijk met wat geweld wilde verlaten wederom voorzien van een fikse deuk. Opnieuw geen naam of adres en dus zelf opdraaien voor de schade. En die dappere Tsjech werd ook nog eens geraakt door een vrouwelijke dombo die achteruit rijdend de rechtervoorkant raakte en me wilde laten zitten met een schade van 650 euro door gewoon weg te rijden. Ik beschreef ook hier al eens dat ik haar kentekennummer had opgeschreven omdat we toevallig getuige waren van deze verkrachting door een dame die haar no-claim niet in gevaar wilde brengen. De politie maakte er werk van en al snel werd ze gedwongen haar aandeel te betalen. Maar wat koop je er voor. Nu is de huidige blauwe dus het slachtoffer geworden. Niet te groot natuurlijk, maar de nieuwigheid is er toch wat vanaf… Blij dat we niet in Frankrijk wonen want daar neemt men het niet zo nauw met inparkeren en tegen elkaar aan rijden. Horen deuken een beetje bij de machocultuur. Hier niet. En ik vind het doodzonde allemaal…Zeker als je het zelf moet betalen bij gebrek op verhaal….De kentekenplaat is vervangen, het verhaal verteld. Maar hoe gaan mijn lezers om met hetzelfde? Wel eens soortgelijke ervaringen kunnen noteren? Of zelf schade gemaakt waar je nu nog spijt van hebt?? Ben benieuwd…. (beelden: archief)