Overweging….

Overweging….

Onlangs stond in de agenda een datum die me deed terugdenken aan mijn vroegere leasepa. Een man waaraan ik vooral mixed-emotions kan verbinden. Hoewel hij me op het spoor zette van dat merk waaraan ik mijn hart heb verpand en een deel van mijn carriere besteedde was het ook iemand die leefde als God in Frankrijk en redelijk vaak maling had aan de mensen om zich heen. Tuurlijk, de oorlog meegemaakt, geleden, van de leg geraakt, gefrustreerd, maar wat daarop volgde was niet meteen een voorbeeld van hoe een ouder zou moeten optreden. Hij werd trouwens bejubeld om zijn technische kennis.

Als hij zich normaal gedroeg was hij vriendelijk, aardig, een beetje conservatief, maar zeker ook een baken. Helaas ging dat baken veel te vaak uit en ontstond een beeld dat je als kind beter niet op je netvlies wilt laten branden. Wij als kinderen bekeken de man daardoor op enig moment toch met een blik vol dedain en soms verdriet omdat hij het precies op momenten van groot belang in ons leven liet afweten. Helaas voor hem was een lang leven de man niet beschoren. 64 jaar oud werd hij en zijn lijden op het eind was verschrikkelijk.

En toch voelden we indertijd als nazaten onder een andere naam op dat moment weinig mededogen. Achteraf is dat spijtig natuurlijk. De hoofdrolspelers van toen zijn allemaal verdwenen. Ik ben ‘the last man standing’ en dat is best even een overweging waard. Anno januari 2024 was hij 100 jaar oud geweest. Niet gehaald. Ik zelf kom nu in de leeftijden dat ik er over na denk om dat eeuwfeest toch maar eens in te plannen. Duurt nog even maar toch. Best een aardig idee. Alleen wie nodig je dan uit. En heb ik zelf een historie waarin mensen zitten die me wel kunnen schieten (los van wat verwaande linkse gasten of zakenrelaties die het niet zo troffen met mijn inzichten of acties…) en zijn die er dan nog bij? Als je ziet hoe snel de wereld om ons heen verandert en hoeveel bekenden, familie, vrienden en zo meer intussen zijn gaan hemelen wordt het wel een rustig partijtje. Is het dan nog de moeite waard om de slingers op te hangen. Doen de nazaten dat dan? Ik vrees voor enige bescheidenheid tegen die tijd. En het is ook aanmatigend om er vanuit te gaan dat je die eeuw gewoon gaat halen. Dan moeten alle seinen wel op groen blijven staan. Nou, dan moet ik maar aan de slag. Intussen ben ik benieuwd hoe jullie daar naar kijken, of je zelf ook de 100 of meer wilt gaan halen of dat je denkt dat het op die of die leeftijd wel klaar is en mooi geweest. Intussen doe ik even wat aan de conditie en lees later…… (beelden: archief/internet)

De pessimist….

De pessimist….

Soms denk je wel eens dat je door bepaalde elektronische handelingen af bent van mensen die maar een enkel doel in hun leven lijken te hebben, in discussie met jou trachten om jouw denkwijze af te schilderen als ‘rechtsextreem’ ‘klimaatontkenner’ of ’islamofoob’. Vanuit een ander perspectief bekeken is het vaak zo dat deze lieden afkomstig zijn uit de extreemlinkse kringen van Extinction Rebellion of erger. Omdat ik bij een daarvan het gezeur zat was, nog ben en inhoudelijke discussies met dez types zelden goed te voeren zijn, besluit ik dan meestal om een blokkade op te werpen en deze lieden nergens meer toegang te geven tot mijn blog of andere sociale media.

Overigens niks mis met een leuke discussie hoor, maar dan wel met wederzijds respect en ook toegeven dat die ander misschien best wel een punt kan hebben. Maar dat is deze veelal zeer linkse types niet gegeven. In hun bubbel bestaat slechts die ene waarheid, afkomstig van Marx en Lenin of recentelijk zelfs die van de Islam. Want extreemlinks heeft zich grootschalig gemeld als minnaar van alles wat uit die best agressieve cultuur over ons heen wordt gestort. En als je dan toch niks anders te doen hebt dan je vastplakken aan een snelweg, bedrijf of een vliegveld bestormen, moet een heel (joods)volk stigmatiseren een fluitje van een cent zijn.

En inderdaad, daarbij gedraagt deze groep zich als de Nazi’s voor WO2. Het schandalige wordt niet gezien bij dit gedrag. Het doel heiligt kennelijk de middelen…. Die echte pessimistische stalker weet zich trouwens uit frustratie via andere contacten in mijn blog alsnog naar voren te tijgeren om bij mensen die daar niet om vragen pessimistische verhalen neer te zetten die mij o.a. in een negatief daglicht moeten zetten en meteen een wereldbeeld te schetsen dat kommer en kwel uitstraalt en wederom doet vrezen voor diens eigen geestelijk welzijn. Een overstroming is nooit het gevolg van smeltende sneeuw in de bergen maar uiteraard direct toe te wijzen aan de klimaatverandering die ons allen zal overvallen en van de Aarde verdrijven.

De conflicten tussen Arabieren en Israel niet het gevolg van wantrouwen tussen culturen, religies of terrorisme van een enkele kant, maar wordt volgens de Marxisten als de man die ik als voorbeeld nam, direct veroorzaakt door de koloniale wapenindustrie die haar spullen wil blijven leveren om met name de islam van de aarde te vegen. Ik lees het met walging en ga uit respect voor degene bij wie deze drek wordt geuit niet in op de figuren die dit neerzetten. Pessimisme dat bij elke wolk die overdrijft meent dat het bewijs voor het einde der tijden is geleverd. Terwijl ik er naar kijk en denk, over een uurtje is het droog en zonnig en als we de terreur van deze aarde verdrijven het leven weer vredig en goed wordt. Moet je wel aan werken. Net als aan die bescherming tegen 1.5 mm verhoging van het zeeniveau in 10 toekomstige jaren of meer. Hogere dijken werken dan, net als niet bouwen in gebieden die ver onder waterniveau steken. Dat is onhandig. Maar dat is massale import van immigranten ook. Gezien de druk op de huisvesting, subsidieregelingen, zorg etc. Maar rara wie daar nu net wel voor is? Precies….die pessimist en zijn Marxistisch/Maoistische vrienden. Alleen daarom verdient dit volk al een ban voor het leven. Maar dat zal wel niet lukken. Of ben ik dan zelf te pessimistisch?? (Beelden:Archief)

Goede voornemens…

Goede voornemens…

Nadat ik alle medebloggers en lezers bij deze mijn goede en wel gemeende wensen voor 2024 heb doen toekomen ga ik over op dat wat veel mensen allemaal op een lijstje hebben gezet als goed voornemen voor dit nieuwe jaar. Alsof we van de ene op de andere dag een knop kunnen omzetten waardoor we ineens gezonder gaan leven, anders gaan denken of gedrag vertonen dat eergisteren nog compleet anders was. Je moet wel een idealist zijn wil je daarin kunnen geloven.

Ik ben zo niet. Realisme is me niet vreemd en ik weet dat er na een paar dagen al sleet zit in die voornemens. Als je echt iets wilt veranderen doe het dan op 1 juli of zo. Grote kans dat het dan wel lukt. We zitten nu nog in de flow. We eten de restjes op van de afgelopen feestdagen, vinden het zonde om die open flessen met een halve liter van dit of dat weg te gooien, en of we nu vandaag of morgen beginnen in de sportschool…..whatever!

Daarbij is het vast slecht weer dus komt van hard lopen ook niks en als de fiets nat wordt gaat hij roesten. Nee, gewoon doen wat je altijd al deed en bij jezelf blijven. Toch het beste…. Maar ja, de idealist vindt dat niet natuurlijk. Die wil de wereld van vooral anderen veranderen. Die kocht nieuwe lijm om zich (als het wat beter weer is…) vast te plakken aan de snelweg, eet geen vlees meer maar gras, vindt dat het democratisch proces ondergeschikt is aan de persoonlijke wens (eis) om te komen tot een maatschappij naar Maoistisch model. Tja, ook dat kunnen ‘goede voornemens’ zijn, al vind ik ze dan abject of idioot. Ieder zijn ding, mits ik er geen last van heb. Zelf ga ik voor een voortgang van dat wat me interesseert, opdat het leven niet saai verloopt. Altijd hetzelfde is ook niet alles. Daarbij gewoon door met hen die om me geven en ik om hen. Dat hoeft echt niet anders. De wereld kan ik niet verbeteren. De levenservaring heeft me dat wel geleerd. Dus maak ik me daar niet zo druk over. Tot het me persoonlijk raakt of dwars zit. Dan kom ook ik in actie. Of dat dan een goed voornemen is?? We gaan het zien…. Tot verder in dit nieuwe jaar mensen….we houden blogcontact……. (Beelden: archief)

30 jaar alweer…

30 jaar alweer…

Het was niet met al te veel enthousiasme dat wij indertijd het nieuwe land en die polderstad waar we veel mensen om ons heen wisten waarmee we het plezierig hadden, verlieten en terug verhuisden naar het oude land. In de periferie van de hoofdstad vonden we onze nieuwe woonstek. Dat had best nog wat voeten in de aarde. Want een oekaze vanuit het toenmalige bedrijf waar ik mijn managementtaken verrichtte vond de afstand tussen Almere en Voorschoten, mijn toenmalige werkplek, echt te groot en door de vele files ook veel te stressvol.

Nu was het zo dat net in die periode dat ik daar woonde en elders werkte allerlei werkzaamheden aan de verbindende wegen zorgden voor dagelijkse enorme files wat inderdaad leidde tot grote rijstress. Daarnaast was de forenzen-kilometrage voor de toenmalige directeur van het bedrijf reden om te bedingen dat ik echt binnen een jaar moest zien dichter bij kantoor te komen wonen. In de arbeidsovereenkomst stond dat ook letterlijk zwart op wit. Onze zoektochten van toen om echt te verhuizen deden we echter op een laag pitje.

We hadden indertijd een groot huis beschikbaar, een redelijk leuke omgeving, met buren, vrienden en familie om ons heen. Maar toen dat jaar zijn einde vond en de druk werd opgevoerd om nu toch echt eens werk te maken van die verhuizing namen we een besluit om er dan serieus naar te kijken. Een goede vriendin van ons gaf de doorslag. Een collega van haar moest ook gedwongen verhuizen toen het bedrijf waar zij werkten besloten had naar Oost-Nederland te verkassen. En ook die man moest mee. Zijn huis kwam aldus te koop, en zij, onze lieve vriendin, bedong dat wij prioriteit kregen bij het bekijken van en eventueel overgaan tot aankoop. Dat moest dus in rap tempo. Wij kwamen, zagen, en overwonnen.

De prijs werd afgemaakt, de hypotheek geregeld (toen met 8.2% effectieve rente) en in de laatste week van december de overdracht geregeld. Wij waren ineens huiseigenaar. December 1993. Precies 30 jaar geleden. Toen wij een dikke maand later echt verhuisden merkten we dat het huis toch ietsjes kleiner was dan we eerder hadden ingeschat, we moesten passen en meten om alles kwijt te kunnen, maar uiteindelijk kwam dat alles toch op zijn plek terecht. En dat bleef het tot op de dag van vandaag. Het huis werd een echt thuis. We trokken het b.w.v.s. ‘aan’. We deden de nodige aanpassingen door de jaren heen en voelen ons er nog steeds senang. Net buiten de drukte van het centrum, een dorp in stedelijke omgeving en met het OV zijn we in 20 minuten op de Dam, hartje centrum. We weten wat we hebben, niet wat we eventueel nog kunnen krijgen. Maar wie weet. 30 jaar is lang, persoonlijk heb ik zelf nog nooit zo lang ergens gewoond. Dat zegt veel. Wellicht alles. Ik vraag mij in dat kader wel af, hoe vergaat het jullie op dat punt? Zelf ook een regelmatige verhuizer of juist een ‘plakker’ voor wie het thuis precies dat biedt wat je als mens zoekt?? Laat maar weten. Intussen zitten wij aan de bubbels met taart, want 30 jaar is natuurlijk niet niks….(Beelden: Prive)

Afhalers….

Afhalers….

Neem van mij maar aan dat ik mijn weg op onze nationale Luchthaven Schiphol normaal gesproken wel aardig kan vinden. Maar ik geef toe, in het gebied rond de aankomst/vertrekhallen kom ik meestal liever niet. Zeker niet met de auto. Wij zijn hier waar wij wonen voorzien van een prima busverbinding met Schiphol en als het echt moet kan het ook met de trein nog wel, dus dan laat ik de auto voor reizen naar/van Schiphol liever thuis. Die gebruik ik uiteraard wel weer als ik in de periferie van het vliegveld langs een van de startbanen mijn geliefde spotters/fotowerk wil doen. Hoe dan ook, vrouwlief was op reis tijdens die vorige maand en die trip was ver weg en duurde vele dagen. Samen met een van onze kinderen. Ze genoten, maar werden daar beide ook flink verkouden in dat verre land. De berichten per app (wat is dat toch een geweldige uitvinding) waren zodanig dat ik besloot om hen alsnog per auto op te pikken zodat ze met de bagage niet hoefden te sjouwen.

Daarbij, Code Geel was in onze streken weer eens afgekondigd, hevige regen en wind teisterden huis en haard. De grote blauwe Boeing waarmee zij reisden kwam desondanks keurig op tijd aan. Een uur later stonden ze met de koffers in de aankomsthal. Ik kon komen. Dat deed ik. En reed dus mijn automatische ritje naar de Aankomsthal. De borden verwezen me op enig moment ‘linksaf’. Waar ik voor gesloten spoorbomen zonder spoor stond. Ingang van een parkeergarage waar ik tegen een giga tarief per uur de auto kon neerzetten. ‘Dacht het niet’ zei ik nog tegen mijzelf.

Dus terug naar af, weer een ronde over die luchthaven en dan maar via een andere (mij bekende) weg naar die aankomsthal waar de dames intussen ongeduldig en snotterend wachtten. Maar wat ik ook deed, ik kwam niet bij die hal van bestemming. Uiteindelijk een allochtone bewaker van dienst maar even gevraagd. ‘Neeee mag niet, andere auto volgen…..naar Vertrekhal…daar parkeren’ was wat ik begreep uit zijn woorden. Dus, gas op de plank, weer helemaal rond en dan de borden Vertrekhal volgen. Eenmaal daar in een kluwen van vertrekkende en aankomende passagiers de auto zien te parkeren en de dames waarschuwen. ‘Je moet naar boven want die klojo’s van Schiphol willen niet dat ik jullie beneden op pik’. En aldus geschiedde. Na een kwartier sjouwen met hun tassen en koffers vonden zij mijn fraaie Tsjech met mij er naast in regen en wind en kon ik de geliefde passagiers met lading inladen. Dwars door de drukte weer terug naar de snelweg….. Een erg slechte beurt van de luchthaven. Echt, ik snap niet dat je dit zo regelt. Klantonvriendelijk is nog een te fraaie term hiervoor. En volgende keer neem ik wel weer de bus, moeten we onderweg maar overstappen in de auto waar het wel gaat. Gelukkig bleek die reis de moeite waard, net als de voor mij meegebrachte souvenirs. Dat maakte toch wel veel goed….. Maar dat lag niet aan Schiphol. Integendeel…(beelden: Archief Yellowbird)

63…

63…

Ja ja, een verjaardag…opnieuw…maar niet de mijne…Wel een die een grote invloed had op mijn verder leven en functioneren. Op 20 december 1960 besloot ik dat ik op ‘volwassen’ manier om moest gaan met mijn liefhebberijen, die toen net als nu bestonden uit de wereld van de luchtvaart en die van de automobielen. Ik dacht dat ik met die stap ook zelf echt volwassen werd. Ach, wat wist ik eigenlijk nog, een melkmuiltje met een grote bek, maar ook zeker van zijn toekomst. Een toekomst die een carriere in zou houden die weliswaar iets anders verliep dan toen bedacht maar toch langs bepaalde lijnen deed uitkomen wat ik als zeer jong mens al voor me zag.

Terugkijkend verbaast het me nog steeds dat ik met een vloot Dinky Toys en plastic vliegtuigjes al zodanig bezig was met een ‘eigen bedrijf’ dat ik langs die lijnen ook de volwassen toekomst in kon reizen. Bij vrienden uit de straat of naaste familieleden kon ik bij die keuze slechts rekenen op een glimlach of (pak weg) enig begrip, maar men vond me vooral ook een bijzonder menstype.

Veel leuker om maar te zien hoe die toekomst op je af zou komen was het credo voor de meesten toen. Bij de een lukte dat beter dan bij de ander overigens. Ik volgde het pad dat ik zelf in de bol had geprogrammeerd en werkte me op tot ik directeur was van een bedrijf en later zelfs zelfstandig ondernemer om zo mijn eigen bureau te bestieren dat de naam droeg van dat miniatuurbedrijf wat ik lang geleden op een tafel in de eetkamer had opgezet. Die datum en verjaardag zijn symbolisch natuurlijk, maar wat volgde had toch zijn weerslag op wie ik nu bent en wat ik zoal aan ervaringen op deed. Bij die ervaringen ook teleurstellingen uiteraard.

Soms moet je accepteren dat je een geweldige manager kunt zijn maar een wat mindere ondernemer. Dat je meer creatief bent dan economisch ingesteld. Dat je bedreigingen minder moet leren zien dan uitdagingen. Door ervaring leert men. En je leert ook dat niet iedere zakenpartner of klant per definitie te vertrouwen is of dat opdrachtgevers en/of afnemers je soms laten zitten met een aardige financiele opduvel. Alles meegemaakt en dat had dat ventje van toen nog niet helemaal door. Geen ondernemers in de familie, wel veel vrijgevochten types. Ik was en werd dat nooit. Zat en zit toch niet in de genen. Dat ‘bedrijfje’ van toen werd een echte onderneming en is nu de Geuzennaam voor mijn collectie. En dan mag je het vieren toch? Nou dat doen we…taartje, drankje….maar wel morgen. Want een traditie moet instant gehouden worden….Proost…..op mij… (beelden: Prive)

Pijnlijke relativering..

Pijnlijke relativering..

Onlangs kreeg ik weer een klap met een stevige hamer op de kaal geschoren bol. Figuurlijk, niet minder pijnlijk. Ik kwam op die klap eerder al terug terwijl de mixed feelings nu nog maar nauwelijks zijn bedaard. Maar het bracht me meteen ook aan het denken over hoe je langzaam maar zeker afscheid blijft nemen van mensen met wie je toch een al dan niet behoorlijk stuk van je leven bent opgetrokken. In mijn verleden zitten er heel wat met wie ik de nodige avonturen beleefde, die uitzonderlijk waren op hun eigen wijze en soms met een totaal andere levenswijze dan ik die bezat of bezit, maar daardoor juist zo aardig of interessant bleken.

Decennia geleden alweer startte de opbouw van mijn sociale netwerk aan familie en vrienden waarmee ik o.a. in de sfeer van interesses of beroep heel wat van die leuke zaken beleefde. Op oude beelden komen er veel van voor. Maar net als ik werden of worden ook die nu wat ouder en verliezen soms de nodige glans. Mankementen, ziekten, zelfs de dood bleven hen niet bespaard en ook veranderde soms hun leven door verlies van een partner of het samenkomen met een nieuwe die net even anders in het leven staat of stond.

Hoe dan ook heeft en had dat gevolgen voor de kring om ons (mij) heen. Van sommigen had ik het idee dat die straks na mijn eventuele verscheiden een rol zouden spelen bij de verdeling van mijn hobby-gerelateerde boedel aan museale collecties (deels al opgeslagen). Maar het lot maakt soms dat al die plannen vermoedelijk totaal moeten worden aangepast. En dat komt binnen. Zelfs bij mij. Ik ben door de jeugd uitgerust met een aardig pantser dat zo nodig de negatieve emoties buiten de deur houdt en waar dat niet lukt kakel ik het van me af bij of met mensen die dat aankunnen. Maar onder dat pantser knagen die emoties toch ook aan mijn optimisme en zelfvertrouwen. En dat bleek onlangs weer aardig pijnlijk toen die mokerslag van een heftig verlies me trof. Mijn zekerheden onderuit, mijn plannen verstoord, mijn controle even kwijt. Daar kon mijn ingebouwde creativiteit voor een paar momenten niet tegenop. Oude foto’s bewezen opnieuw hoeveel van de toenmalige groep lieden uit de tijden van Miniatuur Luchtvaart Wereld, de Stichting ter promotie van de Luchtvaart (Fidimo), dat aardige luchtvaartblad (Stabilo) dat we toch maar liefst 25 jaar uitbrachten, en zo meer, allemaal zijn gaan hemelen. Soms helemaal niet zo oud geworden als ik dat zou wensen. Anderen op wat hogere leeftijd. Stuk voor stuk lieden waarmee het goed vertoeven was. En waarmee ik soms ook de nodige vlieguurtjes door bracht. In binnen- en buitenland. Allemaal verdwenen. Net als die familieleden die je niet kwijt wilt maar toch uit je leven vertrokken met niet eens een gevulde koffer bij zich. Het leert relativeren. De mens wikt, de natuur beschikt. Maar dat maakt het niet leuker of acceptabeler….Integendeel.(beelden: prive)

Cees….

Cees….

Ik had gelukkig nog net de tijd om afscheid van hem te nemen. Ook al hield hij daarbij zelf vol dat hij nog van alles moest regelen. De notaris, zijn collectie en wat dies meer zij. Maar het mocht niet zo zijn. Cees is overleden. Gisteren, zijn lijf gaf het op. Binnen vier weken van een eerste doktersconsult naar het definitieve einde. En dat geeft een knock-out gevoel. Immers, ik kende hem vele decennia. Ooit begonnen op een bankinstelling waar hij door mijn jeugdige komst daar een plekje opschoof in de toen heersende hierarchie. We deelden onze passie, vliegtuigen, en er ontstond een vriendschap. We deden van alles om aan die hobby tegemoet te komen. We bouwden vliegvelden, vliegtuigen, maar zetten ook een aantal bladtitels op, waarbij Cees zijn creaviteit op tekengebied benutte. Want dat kon hij. Van vliegtuigen tot logo’s. Onze vrouwen kwamen, en die mochten elkaar ook dus die vriendschap werd ook uitgebouwd. Kinderen, verhuizen naar andere oorden. De afstand werd wel groter, maar als we mekaar zagen of spraken was het goed. Niks mis mee. Cees ging na de bank via via naar de overheid. Bouwde zich een carriere bij de Rijks Luchtvaart Dienst op Schiphol, terwijl ik daar zelf een gebouw verderop mijn weg zocht en vond in de commerciele en operationele kant van het logistieke wereldje. Zagen we mekaar weer regelmatig….

We deelden samen ook een rol in een Stichting die luchtvaart promotie bedreef, inclusief een uitgave die we van de eerste teksten tot de distributie zelf regelden. Exposities voor eerst een paar honderd mensen, later voor duizenden. Cees wist altijd wel iets speciaals te regelen als we dat nodig hadden. Of hij stond een stuk van de op te bouwen stand te schilderen. Maar hij vergat nooit dat hij ook nog een partner of familie had, kinderen, ooms, tantes, vrienden, buren. Als ergens een crisis dreigde of ontstond, Cees stond voor ze klaar en regelde van alles en nog wat. Hij werd later, na zijn werkende leven aangesteld als beheerder van een speciaal op de RLD gericht museum. Weer wat later, toen die rijksdienst een zgn. geprivatiseerd leven moest leiden, regelde hij opnieuw dat onderdelen van de museale collectie werd gedeeld met het Aviodrome op Lelystad waar dat spul nog steeds uitgestald staat. Een week of vier geleden ging er iets mis. Hij voelde zich niet lekker. Doktersbezoeken en analyses maakten duidelijk dat het goed ‘mis’ was. De realisatie was verbijsterend. Ook voor mij. Cees staat in mijn testament. Hij kon goed regelen dus zou dat bij mijn verscheiden vast ook doen. Nu is het omgekeerd, en dat was niet de afspraak. Een goed en mooi mens verdween van onze Aarde. Wellicht dat hij nu boven de wolken de andere inmiddels definitief opgestegen lieden uit de actieve luchtvaartclubs waartoe wij beiden ook behoorden tegen zal komen. Ik hoop het oprecht. En als het na nu ineens mooi weer wordt, wellicht tegen de verwachting in, dan is Cees ook boven actief. Zoals we hem kennen. Voor de nabestaanden rest een woord van sterkte en hopen dat het gemis een plekje krijgt. Maar dat zal lang gaan duren. Als dat voor mij al geldt…. (beeld: Cees bij een DC-2 in het Nederlands Transport Museum)

Smullen bij de Witte Bergen..

Smullen bij de Witte Bergen..

Ik neem de lezer graag even terug naar de Dierendag van vorige maand. Die dag vieren wij meestal buiten de deur, zonder de dieren thuis verder iets te kort te doen. Op die datum namelijk, lang geleden alweer, trouwden wij en dat vieren we samen veelal in alle bescheidenheid. Grote feesten zijn aan ons niet besteed, we doen dat graag even samen. Dus reden we die dag begin oktober rond in het Gooi. Wandelden over de hei, rommelden wat in onderweg tegenkomende winkels, bekeken leuke plaatsjes en besloten een lekkere lunch te nemen in Hotel-Restaurant de Witte Bergen. Een onderdeel van de Van der Valkketen, wat inhoudt dat wat je eet vaak lekker is en redelijk betaalbaar. Dit filiaal van de Toekanfamilie ligt sinds jaar en dag aan de snelweg A1 bij Hilversum.

Het was er bij ons bezoek als altijd druk, zakenmensen ontmoeten elkaar hier, er wordt door de mediawereld nog wel eens wat vergaderd en mensen met een goede band op welk terrein ook vinden elkaar in de anonimiteit van de drukte. Druk is het vooral ook op het parkeerterrein naast het spulletje. Maar eenmaal de auto veilig weg gezet is het binnenshuis redelijk goed mogelijk om een tafel te scoren die voldoet aan de verwachtingen. Wij zaten aan het raam, de A1 loopt er vlak langs en dat is best een aardig verzetje als je elkaar niks meer te vertellen hebt. Nu komt dat bij ons vrijwel nooit voor hoor, wij kakelen ons wel door de dag heen, maar toch…. De bediening werd verzorgd door een stevige dame op enige leeftijd, maar die deed dat met verve en humor. Bij zo’n gelegenheid net de juiste toon voor ons. We kozen een Twaalfuurtje, lekker drankje er bij, niet te veel, maar net vet genoeg om er extra van te genieten.

De wachttijd op het bestelde eten was niet te lang, we luisterden intussen deels mee met de gesprekken om ons heen. Van de miljoenendeals die over tafel vlogen bij de twee zakenmannen links van ons tot de verhalen over Tante Jo en haar nieuwe lover achter ons. Blijft leuk bij Van der Valk die diversiteit. Grappig genoeg was duidelijk dat toen wij eenmaal waren uitgegeten het restaurant intussen half leeg was gelopen. De lunchgasten verdwenen. Rust weergekeerd. Dus nog maar een bakkie…. De dame bracht het met een glimlach en veel snelheid. Zij kon er wat van. Na afrekenen nog even de toiletten bezocht. Die bevinden zich in een onder-etage naast de lobby van dit bekende hotel. Keurig netjes, zoals je verwacht. Niks mis mee. Kortom, een plezierig bezoek aan een van oudsher bekend adres. Het was voldoende voor onze stemming van die dag. Groots vieren gaat aan ons voorbij zoals gezegd en samen is een blijft toch wel overeind. Van der Valk krijgt van ons een prima 9 voor wat we hier hebben ervaren. Prijs/kwaliteit klopt, ambiance druk maar eigenlijk ook wel gezellig. Alleen dat parkeerterrein, dat is wel een dingetje. Want als ik geen parkeerplek had kunnen vinden was ik hier wel doorgereden. Maar goed… (Beelden: Internet/prive)

Fladderen…

Fladderen…

Intussen honderden vlieguren verder moest ik onlangs bij het zien van een oude foto ineens terugdenken aan die eerste keer dat ik samen met vrouwlief (toen nog lieve vriendin..) het luchtruim koos in een piepkleine Piper TriPacer. We praten dan over heel lang geleden. Ik had net zelf twee keer gevlogen in een rondvluchttoestel van Martin’s Air Charter boven Amsterdam en had dus al de nodige vliegervaring (..) maar de liefde voor al dat vliegende spul maakte dat ik graag meeging in de uitnodiging van iemand van de bankinstelling waar wij toen werkten die zijn uurtjes met dit sportkistje wilde onderhouden.

Tegen een geringe vergoeding konden we op een wat kille aprildag mee vanaf het grasvliegveld bij Hilversum. Mijn oudere broer Rob nam ik ook mee, net als een collega uit die tijd zodat de piloot twee vluchtjes kon maken en wij op dat vliegveld konden genieten van de sfeer en wat er zoal in de hangar van dat veldje stond opgeslagen. De Piper Tripacer was een piepklein toestel, je kon er net met drie man inzitten en met het wat iele motortje voorin was het een wonder dat hij zich op enig moment los maakte van het altijd wat drassige vliegterrein.

We vlogen o.a. boven Loosdrecht en Hilversum en het was een hele ervaring om te zien hoe de piloot op heel andere wijze dan ik, ‘ervaren vlieger’…, van Schiphol kende. Het vliegen in een dergelijk toestel had meer weg van fladderen dan echt vliegen maar wat was ik er gelukkig mee. Weer een vliegervaring er bij en dat sterkte alleen maar mijn verlangen om overal en altijd heen te vliegen om meer ervaringen op te doen. Nou dat deed ik. Ik schreef al die vluchten op in een soort logboek en sta achteraf versteld hoeveel keren ik heb kunnen en mogen vliegen. Van klein tot groot, want ook qua omvang kon het nog kleiner, zoals in een tweezits Piper Super Cub of Cessna 150. Maar toen was ik natuurlijk wel door de wol geverfd en wist wat me te wachten stond. Dat was indertijd tijdens die eerste keer op Hilversum wel anders. Ik weet nog goed dat we heel tevreden instapten in de auto van mijn broer Rob. Want hoewel ik nu een ‘ervaren vlieger’ was, een rijbewijs bezat ik nog niet. Dat kwam pas later. Maar daarover berichtte ik al eerder… (Beelden: archief)